RIS309408 Afdoening motie Gezinsappartementen in het CID
Tekst van het document
Typ tekstTyp tekstTyp tekst
040
Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag
Ons kenmerk
Aan: de Gemeenteraad
DSO/10192733 RIS309408 Contactpersoon
J.P. van Soest Dienst
Dienst Stedelijke Ontwikkeling Afdeling
Wonen Telefoonnummer
14070 Datum
E-mailadres
19 april 2023
joris.vansoest@denhaag.nl
Onderwerp
Afdoening motie: ‘Gezinsappartementen in het CID’
Uw raad heeft bij de bespreking van het gewijzigd voorstel van het college inzake structuurvisie Central Innovation District (RIS307135) op 1 juli 2021 de door het raadslid de heer Pluimgraaff ingediende motie ‘Gezinsappartementen in het CID’ (RIS309408) aangenomen. Hierbij informeert het college de raad over de afdoening van de motie. De motie luidt als volgt: Constaterende, dat: • in de Woonagenda en in de structuurvisie CID normen worden gehanteerd als het gaat om de betaalbaarheid van woningen, namelijk minimaal 30% sociale huur en 20% middeldure huur; • er geen normen zijn vastgelegd over woninggrootte, behalve een maximum aan hele kleine woningen (tot 40 m2); Overwegende, dat: • de marktwaarde op dit moment veelal bepalend is voor de woninggrootte van vrije sector huurwoningen; • de gemeente Amsterdam het actieplan ‘Meer middeldure huur 2017-2025’ heeft opgesteld waarin zij concrete voorstellen doet voor het realiseren van meer gezinswoningen in het middeldure huursegment door o.a.
randvoorwaarden te stellen aan de grootte van woningen; • deze gemeentelijke randvoorwaarden worden meegewogen in de bepaling van de residuele grondwaarde, welke daardoor lager uit zal vallen; Verzoekt het college: • met betrekking tot het CID afspraken te maken over de woninggrootte van middeldure huurwoningen, hierbij te zorgen voor voldoende grotere woningen voor gezinnen en dit op te nemen in bestemmingsplannen, PUK’s en NvU’s,
Gemeente Den Haag
Spui 70 Den Haag
Postbus 12600 2500 DJ Den Haag
T 14070 www.denhaag.nl
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10192733
Hierbij informeert het college de raad over de afdoening van deze motie: De gemeente streeft ernaar om voor het CID, per deelgebied, tot een goede mix te komen van woningen. Zo geldt er een maximaal percentage van 20 voor woningen onder de 40 m2 gbo. Dit om diversiteit in het woningbouwprogramma te bereiken. De inzet van de gemeente is er op gericht om – aanvullend op de Woonagenda – afspraken over een minimaal percentage ruimere woningen te maken. Dit om te zorgen dat er ook ruimte is voor grotere gezinnen. Dit is altijd een samenspel tussen gemeente en de marktpartijen. Een woning die geschikt is voor een gezin, heeft over het algemeen een groter oppervlakte. Dat maakt dat de marktconforme huurprijs in de regel ruim boven de middeldure huurgrens ligt. We kunnen niet afdwingen dat een commerciële verhuurder een woning onder de marktconforme huurprijs verhuurt. Voor de eigen grondposities zal de gemeente voor nieuwe PUK’s, NVU’s en gebiedsvisies inventariseren of er gezinswoningen in de middeldure huur kunnen worden gerealiseerd, en wat hiervan de consequenties zijn.
We zullen de raad als onderdeel van nieuwe PUK’s, NVU’s en gebiedsvisies informeren over in hoeverre we afspraken kunnen maken over het realiseren van middeldure gezinswoningen binnen particuliere plannen en in hoeverre we deze woningen kunnen realiseren op eigen grondposities, en wat daarvan de financiële consequenties zijn. Voor het gebied Laakhavens is in de Ontwikkelvisie (RIS311821) opgenomen dat we ook bouwen voor stedelijke gezinnen. In de nog op te stellen Ontwikkelstrategie informeren we u over in hoeverre we binnen Laakhavens afspraken kunnen maken over het realiseren van sociale huur en middeldure gezinswoningen. Het college beschouwt de motie hiermee als afgedaan. Het college van burgemeester en wethouders, de locosecretaris, de burgemeester, René van Kuilenburg
Jan van Zanen
2/2