CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS309253 Bijlage Evaluatie Puntensysteem groen- en natuurinclusief bouwen Den Haag

Commissie Ruimte 7 juli 2021, gemeente Den HaagBij agendapunt: Ingekomen bestuurlijke stukken6.312 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Evaluatie Puntensysteem groen- en natuurinclusief bouwen Den Haag

Evaluatie Puntensysteem groen- en natuurinclusief bouwen Den Haag

1/20

Evaluatie Puntensysteem groen- en natuurinclusief bouwen Den Haag

Inhoudsopgave

1

Inleiding

2

Besluit maart 2019

3

Inhoudelijke aspecten

4

Procesmatige aspecten

5

Resultaten

6

Haags puntensysteem in Nederland

7

Samenvatting en aanbevelingen

2/20

Evaluatie Puntensysteem groen- en natuurinclusief bouwen Den Haag

1. Inleiding Natuurinclusief bouwen heeft als doel bij te dragen aan een biodiverse, gezonde, leefbare stad. In 2019 heeft het Haagse college ingestemd met de toepassing van het instrument ‘Puntensysteem groen- en natuurinclusief bouwen’ (hierna genoemd: ‘puntensysteem’). Met de vaststelling van het puntensysteem in 2019 is besloten in 2020 een evaluatie te doen. In 2016 is met de beantwoording van motie 58 over ‘natuurinclusief bouwen’ vastgesteld dat het college natuurinclusief bouwen in de stad wil bevorderen (RIS 288182): … “Door de verdere stedelijke verdichting die door de verwachte bevolkingsgroei zal plaatsvinden is deze opgave extra actueel. Daarom willen we aandacht voor het toevoegen van groen (met natuurwaarden) op en aan gebouwen, op binnenterreinen en in de openbare ruimte.” Het Puntensysteem van Den Haag, dat in 2018 door de gemeente in samenwerking met ingenieursbureau Arcadis ontwikkeld is, was een primeur in Nederland. Geen enkele gemeente had een dergelijk concreet instrument. Veel gemeenten hebben Den Haag geraadpleegd over dit instrument. Een aantal gemeenten is inmiddels bezig met onderzoek naar de mogelijkheid tot invoering van een vergelijkbaar puntensysteem. Het Ministerie van LNV doet momenteel onderzoek naar de mogelijkheden naar een wettelijke verankering van de toepassing van natuurinclusief bouwen.

Het Haagse instrument wordt daarbij in beschouwing genomen. Zie ook hoofdstuk 6. De aandachtspunten en bevindingen in deze evaluatie komen voort uit gesprekken en workshops met ambtenaren, bouwers, gemeenten en betrokkenen uit diverse netwerken, een aantal interviews met bouwers en een aantal interviews met bij bouwprojecten betrokken ecologen. Deze evaluatie behandelt achtereenvolgens: 1. Besluit maart 2019 Wat houdt het besluit uit 2019 ook alweer in? 2. Inhoudelijke aspecten Wat zijn de ervaringen met de inhoudelijke aspecten van het puntensysteem? Welke verbeterpunten zien we? 3. Procesmatige aspecten Wat zijn de ervaringen in het proces van de toepassing van het puntensysteem? Welke verbeterpunten zien we? 4. Resultaten Kan er al iets worden gezegd over het succes van het puntensysteem? Zijn er interessante voorbeelden uit Den Haag te benoemen? 5. Haags puntensysteem in Nederland Hoe verhoudt het puntensysteem van Den Haag zich tot landelijke ontwikkelingen in natuurinclusief bouwen? 6. Samenvatting voorstellen en aanbevelingen Dit hoofdstuk bevat een samenvatting en de aanbevelingen voor inhoud en proces van het puntensysteem.

3/20

Evaluatie Puntensysteem groen- en natuurinclusief bouwen Den Haag

Binnenlands bestuur 6 2020: ‘een paar weken eerder heeft De Jonge (directeur Heijmans vastgoed) uitgelegd waarom het bouwbedrijf zich hard maakt voor natuurinclusief bouwen. Onze visie voor 2023 is het creëren van gezonde leefomgevingen… natuurinclusief bouwen is er niet alleen om klimaatverandering te temperen. Gezondheid is een belangrijk element, zowel de impact die groen heeft op je geestelijke gesteldheid, maar ook fysieke gezondheid’.

2. Besluit maart 2019 Het instrument puntensysteem richt zich op nieuwbouw. De toepassing van het puntensysteem is verplicht bij grootschalige bouwontwikkelingen, gedefinieerd als: groter dan 2000m2 en/of hoger dan 30 meter. Het puntensysteem wordt opgenomen in de planuitwerkingskaders en nota’s van uitgangspunten. Contractueel wordt de toepassing van het puntensysteem vervolgens vastgelegd in de gronduitgifteovereenkomst en/of het tenderdocument. In het omgevingsplan wordt het puntensysteem publiekrechtelijk (in de planregels) verankerd. Dit wordt in de Binckhorst al op deze manier toegepast. Bij een project moeten in drie categorieën maatregelen toegepast worden. Dat zijn: a. Maatregelen voor verblijf/ nestkasten b. (Biodivers) groen op daken of aan gevels c. (Biodivers) groen in de directe omgeving van een gebouw. Een initiatiefnemer van een bouwproject maakt een keuze uit de maatregelen in de door de gemeente verstrekte puntentabel en moet daarmee een vastgesteld aantal punten scoren om te voldoen aan het ambitieniveau voor een groen- en natuurinclusief gebouw. Magazine van Biind, 25 april 2019: “De stadsstedenbouwer heeft als opdracht na te denken over de toekomst en kwaliteit van de stad. Natuur speelt daar een belangrijke rol in, want wij (gemeente Den Haag, red.) hebben gekozen om te verdichten en dus níet uit te breiden naar onbebouwde buitengebieden.

Dat heeft consequenties voor de stad: door de verstedelijking komt het groen in de stad onder druk te staan. Dat willen we niet laten leiden tot verstening, dus dan kom je al gauw op natuurinclusief bouwen uit.”

3. Inhoudelijke aspecten In dit deel van de evaluatie gaat het om inhoudelijke aspecten die betrekking hebben op de effectiviteit van het puntensysteem groen- en natuurinclusief bouwen. Ecologische expertise bij bouwproces vanaf initiatieffase In het puntensysteem is als aanbeveling opgenomen: Samenwerking met een ecoloog en/of landschapsarchitect gedurende het hele bouw(plan)proces. Dit is (slechts) een aanbeveling in de nota. Uit de gevoerde gesprekken blijkt dat het inschakelen van ecologische expertise een belangrijke factor is bij een succesvol ontwerp. Daarbij is het belangrijk deze expertise vanaf de initiatieffase bij het ontwerpproces te betrekken. Natuurinclusiviteit is niet een groen sausje dat je over het eindontwerp van een gebouw

4/20

Evaluatie Puntensysteem groen- en natuurinclusief bouwen Den Haag

giet, maar een manier van denken die vanaf de initiatieffase in het proces ingebed moet zijn. Ook in praktische zin kan dit belangrijk zijn, bijvoorbeeld als er speciale bouwproducten gefabriceerd moeten worden. Eric Pleijster (landschapsarchitect bureau LOLA): ‘Om een voorbeeld te geven: als je betonstenen met een bepaalde structuur wil toepassen die gunstig is voor natuurinclusiviteit dan is het nodig dat in het begin van het bouwproces bekend is, want de fabricage van een aparte bouwsteen moet ook vroeg geregeld worden’. Hoewel we bij voorkeur maatregelen niet verplichtend opleggen, willen we dat op dit punt wel doen, omdat we verwachten dat dit meerwaarde oplevert. Veel ontwikkelaars zijn nu nog bezig expertise over natuurinclusief bouwen te verwerven. Sommigen hebben (al) ecologen in dienst. Bij anderen staat natuurinclusief bouwen nog helemaal niet op het netvlies. Het is mogelijk dat over enkele jaren de kennis en inzichten met betrekking tot natuurinclusief bouwen gemeengoed is. Aanbeveling: • Verplicht stellen van inzet van expertise van een ecoloog (eventueel aangevuld met een landschapsarchitect en/of gespecialiseerde hovenier) vanaf de initiatieffase van een grootschalig* bouwproject. Puntentabellen Er zijn in het puntensysteem vier stadszones onderscheiden met ieder een eigen lijst van maatregelen.

De lijst die hoort bij de stadszone ‘woonwijk’ is langer dan die van de stadszone ‘hoogstedelijk gebied’. En de ‘nestkast voor slechtvalk’ staat wel bij de stadszone ‘hoogstedelijk gebied’ en niet bij ‘woonwijk’. In de praktijk blijkt het echter heel goed mogelijk om één samengestelde lijst te hanteren. Het hanteren van één lijst maakt het systeem (nog) eenvoudiger. Aanbeveling: • Eén tabel hanteren in plaats van vier. Grootschalige bouwplannen Het puntensysteem onderscheidt kleine, middelgrote en grootschalige bouwplannen. Bij elke grootteklasse hoort een eigen puntenscore (ambitieniveau). Echter alleen bij grootschalige projecten hebben we het puntensysteem verplicht gesteld. Bij kleine en middelgrote projecten zullen we weliswaar stimuleren dat er met het puntensysteem gewerkt wordt, maar is er geen verplichting. Grootschalige projecten zijn gedefinieerd als groter dan groter dan 2000m2 footprint en/of hoger dan 30 meter. In de raadsvergadering van 25 maart 2021 is dit bij de behandeling van het initiatiefvoorstel ‘Haagse daken kleuren groen’ aangepast naar en/of hoger dan 25 meter (RIS305633). Dit zullen we aanpassen in de nieuwe regeling. Categorie ‘groen dak/ groene gevel’ In de categorie maatregelen ‘groen dak/ groene gevel’ is er een keuzemogelijkheid tussen verschillende typen groene daken, gebaseerd op dikte van de leeflaag en typen beplanting.

Om de vereiste zes punten te behalen, is bij grootschalige bouwplannen de aanleg van een groen dak nodig. In de huidige tabel staat een percentage dakgroen

5/20

Evaluatie Puntensysteem groen- en natuurinclusief bouwen Den Haag

van minimaal 30% en bij hoogbouw 40% (conform de Nota ‘Eyeline Skyline’). Vanwege de eenduidigheid bevelen we aan om overal 40% groen dak te hanteren. Aanbeveling • Puntentelling voor groene daken wordt als volgt: 1 Gevel /dak Groen dak met sedum (> 5 - 7 cm) > 40% 2 Gevel /dak Groen dak met sedum, grassen, kruiden (7 - 15 cm) > 40% 3 Gevel /dak Groen dak met (sedum), grassen, kruiden, dwergheesters (15 - 30 cm) > 40% 4 Gevel /dak Groen dak met (grassen), kruiden, dwergheesters en struiken (30 - 50 cm) > 40% 5 Gevel /dak Groen dak met kruiden, dwergheesters, struiken en bomen (> 50 cm) > 40% Slechtvalk Er is één maatregel die we uit de tabel willen schrappen: de nestkast voor de slechtvalk. Het territorium/foerageergebied van de slechtvalk is zo groot dat een stad als Den Haag maar enkele slechtvalkparen kan ‘huisvesten’. Op dit moment bevinden zich in Den Haag ongeveer 3 slechtvalkterritoria en daarmee kan Den Haag als ‘vol’ worden beschouwd. Extra nestkasten voor de slechtvalk plaatsen heeft geen toegevoegde waarde. Aanbeveling: • Maatregel ‘nestkast slechtvalk’ uit de puntentabel verwijderen. ‘Bonuspunten’ Er is ook een (maat)regel die we willen toevoegen. Dat is -op verzoek van enkele architecten- de mogelijkheid om een punt te verdienen met een maatregel die (nog) niet in onze puntentabel voorkomt, maar die wel bijdraagt aan het doel van natuurinclusiviteit.

Aanbeveling: • In de puntentabel opnemen dat een punt gescoord kan worden met een niet in de tabel genoemde natuurinclusieve maatregel. De drie categorieën en de bijbehorende puntenscore Voor het (laten) ontstaan van natuurwaarden is het realiseren van samenhang belangrijk. De vijf V’s voor een ecosysteem -verblijfplaats, voedsel, verbinding, veiligheid en variatie- kunnen hierbij een leidraad zijn. De variatie aan maatregelen die in de puntentabel zijn opgenomen, zijn mede hierop gebaseerd. Er zijn drie categorieën maatregelen onderscheiden: voorzieningen voor verblijf, groene muren/daken en omgevingsmaatregelen. Doordat in elke categorie punten gescoord moeten worden, is variatie bij de toepassing van maatregelen geborgd. Het betrekken van een ecoloog bij de toepassing van het puntensysteem biedt een verdere waarborg voor een relevante keuze uit de maatregelen in de tabel. Het gevaar dat het puntensysteem als een afvinklijstje gebruikt wordt zonder samenhang in de maatregelen, is hiermee klein. Het huidige ambitieniveau bij grootschalige projecten is:

6/20

Evaluatie Puntensysteem groen- en natuurinclusief bouwen Den Haag

6 punten te scoren in de categorie: ‘daken en gevels’ 4 punten te scoren in de categorie: ‘verblijf/ nestkasten’ 6 punten te scoren in de categorie: ‘directe omgeving van het gebouw’ Deze indeling en dit ambitieniveau blijkt goed te werken. Architecten/ontwikkelaars worden hierdoor gestimuleerd om op verschillende aspecten van natuurinclusief bouwen te letten. Door het betrekken van een ecoloog wordt ook de juiste toepassing van de maatregelen en de samenhang van de maatregelen bevorderd. De gewenste samenhang in maatregelen om te komen tot werkzame ecologische relaties kan maar moeilijk bereikt worden als niet ook in de buitenruimte in de omgeving van het gebouw in natuurmaatregelen wordt geïnvesteerd. Het behalen van het ambitieniveau bij de categorie ‘maatregelen in de directe omgeving van het gebouw’ levert echter soms problemen op. Dit komt doordat voor veel (vooral hoogstedelijke) bouwplannen percelen gedefinieerd worden waarbij tot op de rooilijn gebouwd mag worden (terwijl een strook van 1 meter breed al van grote betekenis kan zijn doordat hier robuuste muurbeplanting of een haag geplant kan worden). Bij hoogbouw in de vorm van torens is de aanleg van een binnentuin vaak óók niet mogelijk. In de praktijk hebben we daarom plannen moeten accorderen die niet voldoende omgevingsmaatregelen hebben toegepast.

Er zijn verschillende mogelijkheden om hier in de toekomst mee om te gaan. We zouden deze categorie facultatief kunnen maken, maar daarmee verliest het puntensysteem veel van zijn betekenis. We kunnen compensatie vragen bij andere categorieën maatregelen, maar dit is soms niet mogelijk. Ook kunnen we compensatie buiten het eigen perceel vragen. We bevelen aan om, indien initiatiefnemer aangeeft dat het perceel ontoereikend is om voldoende ‘maatregelen in de directe omgeving van het gebouw’ te realiseren, eerst te kijken of de bouwgrens aangepast kan worden. Mocht dat niet kunnen, dan zetten we in op compensatie door punten in andere categorieën te realiseren. Een andere mogelijkheid is om groene maatregelen in de openbare ruimte te laten realiseren (en deze in een anterieure overeenkomst vast te leggen). Pas in een uiterste geval, als niets mogelijk is, kunnen we deze eis laten vervallen. Daarnaast is het van belang dat we zelf -als gemeente- bij het definiëren van bouwgrenzen in nieuwe stedenbouwkundige plannen, meer aandacht besteden aan het creëren van buitenruimte (bijvoorbeeld ruimte voor een pocketpark) en de positionering van rooilijnen ten behoeve van (groene) maatregelen in de buitenruimte. Aanbevelingen: • Het ambitieniveau van 6, 4, 6 punten in beginsel te handhaven.

• Indien initiatiefnemer aantoont dat het perceel ontoereikend is om voldoende ‘maatregelen in de directe omgeving van het gebouw’ te realiseren, in te zetten op: 1. Ruimte maken voor omgevingsmaatregelen door het aanpassen van bouwgrenzen. En als dat niet kan: 2. Compensatie door het realiseren van meer punten in categorie ‘groen dak/groene muur’. En als dat niet kan: 3. Compensatie door groene maatregelen in de openbare ruimte te realiseren (en deze in een anterieure overeenkomst vast te leggen). 4. Pas in een uiterste geval als niets mogelijk is, laten we deze eis vervallen.

7/20

Evaluatie Puntensysteem groen- en natuurinclusief bouwen Den Haag

•

Bij het maken van stedenbouwkundige plannen meer aandacht besteden aan het creëren van buitenruimte (bijvoorbeeld ruimte voor een pocketpark) en aan de positionering van rooilijnen, ten behoeve van het mogelijk maken van de aanleg van kleinschalige (groene) maatregelen in de buitenruimte.

Voorbeeld van een project (Blokpoelsschool Twickelstraat) waarbij toepassing van het puntensysteem wat betreft de categorie omgevingsmaatregelen wel lukt.

Voorbeeld van een project (woontoren Slachthuislaan) waarbij toepassing van het puntensysteem wat betreft de categorie omgevingsmaatregelen niet lukt. Nieuwbouw, renovatie en gemeentelijke projecten Het puntensysteem is van toepassing op grootschalige bouwprojecten. In een motie van de PvdD (RIS305134, 16 april 2020) is het college verzocht ‘voor alle volgende grootschalige renovatie of nieuwbouw van gemeentelijke gebouwen natuurinclusief bouwen als uitgangspunt vast te leggen’. In de beantwoording is aangegeven dat dit bij de evaluatie wordt meegenomen.

8/20

Evaluatie Puntensysteem groen- en natuurinclusief bouwen Den Haag

Bij de vaststelling van het puntensysteem is gekozen voor die projecten die in tenders worden uitgezet en waarbij gronduitgifteovereenkomsten gesloten worden. Hiervoor is gekozen omdat op deze manier de eis tot natuurinclusief bouwen kan worden vastgelegd. In bestemmingsplannen (publiekrechtelijk) kan dit niet. Bij plannen die passen in een bestemmingsplan heeft de gemeente geen instrument om natuurinclusief bouwen te verplichten. We hebben bij de vaststelling van het puntensysteem dus gezocht naar manieren om de verplichting vast te leggen. Gemeentelijke projecten zijn hierbij niet specifiek genoemd. De toepassing van het puntensysteem bij grootschalige nieuwbouwprojecten die de gemeente zelf ontwikkelt, ligt echter voor de hand. Het is niet goed uit te leggen waarom de gemeente het niet zou toepassen bij eigen projecten. Sterker nog, de gemeente moet een voorbeeldfunctie hebben. Bij renovatie van gebouwen zijn er ook mogelijkheden om dit zodanig te doen dat natuurinclusiviteit wordt bereikt. Bij renovatie zijn er echter ook beperkingen, omdat belangrijke onderdelen van de constructie van een gebouw veelal gehandhaafd blijven, waardoor bijvoorbeeld de aanleg van een groen dak niet mogelijk is. Ook kan het lastig zijn als zonnepanelen, groene daken en andere voorzieningen om ruimte op het dak strijden.

Het voorstel is daarom om bij grootschalige renovatie per geval te bekijken welke maatregelen haalbaar zijn en dit pakket aan maatregelen in een (anterieure) overeenkomst te verplichten. Aanbeveling: • Voorstel: het puntensysteem ook van toepassing verklaren bij grootschalige* gemeentelijke projecten. * footprint groter dan 2000m2 en/of hoger dan 25 meter. •

Bij grootschalige renovatie per geval te bekijken welke maatregelen haalbaar zijn en dit pakket aan maatregelen in een (anterieure) overeenkomst te verplichten.

Natuurinclusieve openbare ruimte Het puntensysteem groen- en natuurinclusief bouwen is ontworpen voor toepassing bij bouwwerken. Dit zijn projecten waarvoor de gemeente in de meeste gevallen niet zelf de opdrachtgever is. De gemeente is echter wel opdrachtgever voor beleid voor en inrichting van de openbare ruimte en heeft daarbij een taak om Den Haag natuurinclusiever te maken. Als groene/ natuurinclusieve gebouwen ingebed worden in een omgeving waar bij de openbare ruimte ook natuurinclusief wordt ontworpen, wordt de impact van de maatregelen groter. Deze vergrootte impact geldt voor alle functies van groen in de stad en meer specifiek voor de ecologie. Bij de inrichting van de openbare ruimte wordt op dit moment echter niet altijd voldoende aandacht besteed aan deze mogelijkheden. De nota stadsnatuur zet een grote stap in de goede richting. Deze nota gaat vooral over (aanpassing van) groenbeheer. Maar ook bij de (her)inrichting van straten en pleinen en bij de aanleg van kunstwerken zijn er mogelijkheden om de impact op de biodiversiteit te bevorderen. Analoog aan het puntensysteem voor gebouwen zou een puntensysteem voor werken in de openbare ruimte gemaakt kunnen worden. Dit kan in vervolgens in het Handboek Openbare Ruimte opgenomen worden.

Hiermee kunnen gemeentelijke opdrachtgevers en ontwerpers, bij het ontwerpen van openbare ruimte, de score op de mate van natuurinclusiviteit van de inrichting inzichtelijk maken.

9/20

Evaluatie Puntensysteem groen- en natuurinclusief bouwen Den Haag

Aanbeveling: • Onderzoek te doen naar (de toepasbaarheid van) een puntensysteem voor openbare ruimte-projecten en bij gebleken geschiktheid dit op te nemen in het Handboek Openbare Ruimte.

4. Procesmatige aspecten Planologische en contractuele borging Bij het ontwerp van het puntensysteem is de manier van borging en de mate van afdwingbaarheid van meet af aan een bespreekpunt geweest. Het planologischjuridisch instrumentarium (lees: de bestemmingsplannen) biedt onvoldoende mogelijkheden voor het regelen van de afdwingbaarheid van natuurinclusieve maatregelen. Bij de vaststelling van het puntensysteem in maart 2019 zijn over de manier van borging dan ook duidelijke afspraken gemaakt: het puntensysteem natuurinclusief bouwen wordt als eis opgenomen in tenderdocumenten en gronduitgifteovereenkomsten (voor grootschalige* bouwplannen). Dit zijn documenten met een juridische status die voldoende waarborg bieden voor het afdwingen van de maatregelen. Wel kan het puntensysteem na vaststelling van de omgevingswet (in 2022 of later) opgenomen worden in het omgevingsplan voor Den Haag, hetgeen in het besluit in maart 2019 overigens ook al is benoemd. Indien het puntensysteem wordt opgenomen in het omgevingsplan kan via de reguliere toezichts- en handhavingsmiddelen op de naleving worden toegezien. Het omgevingsplan is een juridisch-planologisch instrument dat voor de borging van het puntensysteem geschikt is.

Dan kan het puntensysteem verplicht worden voor alle grootschalige projecten, dus niet alleen bij tenders en projecten waar een gronduitgifte-overeenkomst gemaakt wordt. Een nadeel is dat het nog wel enige jaren kan duren voor er een gemeentebreed omgevingsplan is vastgesteld. We passen het puntensysteem echter nu al toe in het bestemmingsplan met verbrede reikwijdte (ofwel een ‘pilot-omgevingsplan’) voor de Binckhorst. Hier is de toepassing van het puntensysteem in de planregels opgenomen. In andere gebieden waar we de planfiguur van ‘bestemmingsplan met verbrede reikwijdte’, kunnen toepassen, zoals in het Central Innovation District, bevelen we aan om de toepassing van het puntensysteem (voor grootschalige* bouwplannen) ook in de planregels op te nemen. Er is echter nog een tweede juridisch-planologische mogelijkheid om het puntensysteem te borgen. Bij bouwplannen waarbij het noodzakelijk is dat de gemeente meewerkt aan een wijziging van het bestemmingsplan om een ontwikkeling mogelijk te maken, kan het college voorwaarden stellen. Het college kan bij zo’n ontwikkeling de voorwaarde stellen dat het puntensysteem natuurinclusief bouwen wordt toegepast.

10/20

Evaluatie Puntensysteem groen- en natuurinclusief bouwen Den Haag

Aanbevelingen: • Het puntensysteem groen- en natuurinclusief bouwen te zijner tijd op te nemen in het omgevingsplan voor Den Haag als kader voor natuurinclusief bouwen. En zolang dat nog niet het geval is: •

Bij ‘bestemmingsplannen met verbrede reikwijdte’ de toepassing van het puntensysteem voor grootschalige bouwplannen* in de planregels op te nemen.

•

Ten behoeve van (grootschalige) bouwplannen medewerking aan een wijziging van het bestemmingsplan te verlenen onder de voorwaarde dat wordt voldaan aan het puntensysteem. * footprint groter dan 2000m2 en/of hoger dan 25 meter.

Binnenlands Bestuur 6 2020 Of Heijmans met zijn aanpak van natuurinclusief bouwen geholpen zou zijn met normen- nu zijn die er nog niet- vindt de directeur lastig te beantwoorden. ‘Als je alles gaat normeren, dan komen we alleen in regels terecht. Aan de andere kant kunnen normen er wel toe leiden dat je een level playing field hebt. Maar normen moeten niet de creativiteit van de markt belemmeren, maar juist stimuleren’. Toetsing en vergunningverlening Op verschillende momenten, zoals bij de stedenbouwkundige overleggen, omgevingstafels en het duurzaamheidsoverleg worden bouwplannen bekeken op toepassing van het puntensysteem. We hebben geconstateerd dat dit nog niet structureel gebeurt en dat het proces met betrekking tot deze toetsing en advisering verbetering behoeft. Dit geldt overigens ook voor andere bovenwettelijke eisen die de gemeente in haar duurzaamheidsbeleid hanteert. De finale toetsing van bouwplannen vindt plaats bij de afdeling Vergunningverlening en Toezicht (V&T). Omdat het puntensysteem groen- en natuurinclusief bouwen niet opgenomen is in het Bouwbesluit en ook niet in de bestemmingsplannen, toetst de afdeling Vergunningverlening en Toezicht (V&T) een vergunningaanvraag voor een bouwplan niet op de toepassing van het puntensysteem. Dat doet zij alleen bij de plannen voor de Binckhorst omdat dit plan een verbrede reikwijdte (‘pilotomgevingsplan’) heeft.

Op het moment dat de gemeente een gemeentebreed omgevingsplan heeft, waarin natuurinclusief bouwen is opgenomen, is de toetsing door V&T onderdeel van hun taak. Dit kan echter nog enkele jaren duren. Tot die tijd is het van belang dat de stroomlijning van het interne proces van toetsing en advisering van bouwplannen met betrekking tot natuurinclusief bouwen vanaf de initiatieffase tot en met de fase van vergunningverlening van groot belang. Aanbeveling: • Zorgdragen voor verbetering en stroomlijning van het proces van toetsing en advisering van bouwplannen met betrekking tot natuurinclusief bouwen vanaf de initiatieffase tot en met de fase van vergunningverlening. De toetsing van bouwplannen op het halen van de ambitie voor groen- en natuurinclusief bouwen blijkt gemakkelijker als de ontwikkelaar de puntentabel zelf invult en daarbij de genomen maatregelen omschrijft. Bij een aantal bouwplannen heeft de ontwikkelaar dit gedaan. Hierdoor was het gesprek over de voorgestelde

11/20

Evaluatie Puntensysteem groen- en natuurinclusief bouwen Den Haag

maatregelen heel productief en de toetsing van het ambitieniveau eenvoudig. Voorgesteld wordt om het door de ontwikkelaar aanleveren van de ‘bewijslast’ op te nemen in de puntentabel als verplichting. Aanbeveling: • In de puntentabel een regel op te nemen dat de ontwikkelaar een tabel aanlevert met de puntenscore per maatregel. Besluit puntensysteem groen- en natuurinclusief bouwen (RIS 301953, 5 maart 2019): ‘Den Haag is de eerste gemeente die groen- en natuurinclusief bouwen middels een puntensysteem wil aanpakken. Het puntensysteem biedt het voordeel dat het zowel concreet is als aanpasbaar aan nieuwe inzichten. Op termijn is het puntensysteem wellicht niet meer nodig’. Borging na oplevering gebouw Onderhoud van de toegepaste maatregelen is essentieel. Er is natuurlijk verschil in onderhoud van een mussensteen of een daktuin. In het huidige puntensysteem is als aanbeveling voor de ontwikkelaar opgenomen om een plan voor meerjarig beheer en onderhoud op te stellen en te zorgen voor borging van behoud van het groen bij de verkoop van het pand. Een belangrijke vraag bij dit aspect is: wie zorgt uiteindelijk voor het onderhoud van het groen? Zijn dat de individuele bewoners, zijn dat door de VVE ingehuurde hoveniers, is dat de projectontwikkelaar of een andere partij? Een goed voorbeeld is het project Linck in de Binck.

De projectontwikkelaar zorgt hier de eerste 3 jaar voor het onderhoud. Daarna neemt de VVE de verantwoordelijkheid hiervoor over. De kosten (in dit geval begroot op 20 euro per maand) worden door de bewoners gedragen. Een ingehuurde hovenier voert het werk uit. Een ander optie is dat bewoners zelf een stukje groen onderhouden. Bewoners vinden dit (soms) leuk, het geeft binding. Belangrijk is dat met de bewoners overleg plaats vindt over welke optie hun voorkeur heeft. Dit hangt mede af van het type maatregelen die zijn toegepast. Minituintjes in een binnentuin kunnen prima onder bewoners verdeeld worden; een dakpark kun je beter door een ervaren groendakspecialist laten onderhouden. Een ander aspect dat een rol speelt in de kansen voor goed onderhoud na oplevering is het type woningbouw. Huurwoningen kennen vaak een grotere doorloop van bewoners en een minder hoog gevoel van eigenaarschap voor het gebouw en omgeving. Terwijl bij koopwoningen geldt dat de waarde van de woningen gebaat is bij een goed onderhouden gebouw en omgeving. Aanbeveling: • Het opstellen van een meerjarig beheer- en onderhoudsplan verplicht te stellen en vast te laten leggen wie daarvoor verantwoordelijk is en wie de kosten draagt.

Tot slot is het van belang dat er een document gemaakt wordt waarin de naar aanleiding van deze evaluatie door het college ondersteunde wijzigingen in het puntensysteem verwerkt zijn en dat het document zo compact mogelijk is. Aanbeveling: • Een verbeterde compacte versie van het rapport ‘Puntensysteem groen- en natuurinclusief bouwen’ maken waarin bovenstaande wijzigingen zijn opgenomen en deze in het RIS op te nemen.

12/20

Evaluatie Puntensysteem groen- en natuurinclusief bouwen Den Haag

5. Resultaten In april 2019 is het instrument puntensysteem vastgesteld. Vanaf dat tijdstip is voor bouwplannen, die onder de definitie van grootschalig bouwplan vallen, het puntensysteem opgenomen in de planuitwerkingskaders. Een kwantitatieve evaluatie over de concrete toepassing van natuurinclusieve maatregelen is op dit moment te vroeg omdat het puntensysteem pas in maart 2019 is ingevoerd en de plannen zich sindsdien nog in de ontwerpfase bevinden. Wel kunnen we vaststellen dat veel ontwikkelaars en architecten er aandacht aan besteden, gezien het grote aantal plannen waarin de gemeente ontwikkelaars en architecten adviseert over de toepassing van het puntensysteem. Het puntensysteem blijkt een doeltreffend instrument te zijn om natuurinclusief bouwen te bevorderen. Met name de Binckhorst lijkt een voorloper te worden in de toepassing van natuurinclusief bouwen in Den Haag. Voorbeelden van bouwplannen waarin natuurinclusief bouwen een prominente plek heeft gekregen zijn: Linck in de Binck en Binck Blox. Onderstaand worden projecten getoond waarbij het puntensysteem groen- en natuurinclusief bouwen is gebruikt om een groen- en natuurinclusief plan te maken. Het betreft projecten die nog niet gebouwd zijn.

The Blox Ontwikkelaar: VORM. Architect: LEVS i.s.m. FLUX landschapsarchitecten. De toren kent gestapelde ‘districts’. Alle districts hebben hun eigen karakteristieke gezamenlijke plek, zoals een dakpark, een speelstraat of stadsbalkon. De groene tuinen en daktuinen worden zó ingericht dat er een relatie wordt gecreëerd met de biodiversiteit in de omgeving; in de lagere regionen zijn de tuinen geschikt voor vlinders en insecten, in de hogere regionen worden de tuinen geschikt gemaakt voor de gierzwaluw, vleermuis en slechtvalk.

13/20

Evaluatie Puntensysteem groen- en natuurinclusief bouwen Den Haag

Linck in de Binck Ontwikkelaar: ERA contour; Architect: Jaakko van ’t Spijker. Linck is zo ontworpen dat ook de natuur hierin een plek krijgt. Je ziet dat onder andere aan de balkontuinen aan de buitenkant van Linck, maar ook aan de binnentuinen in het atrium. De beplanting in, op en naast het gebouw maken het een aantrekkelijke, gezonde omgeving voor mens, flora en fauna.

Blokpoelsschool Twickelstraat Opdrachtgever: De Haagse Scholen; Architect: Theo Kupers Architecten BV Deze school is onderdeel van het stedelijk vernieuwingsproces van de wederopbouwwijk Moerwijk-Oost. Het speelplein is omzoomd met een dikke groene haag en sluit aan bij het groene karakter van deze wijk. Naast daken met PV-panelen zijn groene daken toegepast.

14/20

Evaluatie Puntensysteem groen- en natuurinclusief bouwen Den Haag

Politiebureau Binckhorst Architect CEPEZED i.s.m. Buiting Advies, Bureau Sant en Co

Park Bloemendaal Parnassia Groep; Architect: Vollmer en Partners Woningen zonder private tuinen in een ruim opgezette natuurlijke omgeving; bebouwing aangepast op ecologische verbanden; ruimte gemaakt voor mantel en zoomvegetatie.

15/20

Evaluatie Puntensysteem groen- en natuurinclusief bouwen Den Haag

Assumburgweg Levels; HVE Architecten en AAArchitecten Aanleg van een groot groen dak, groene muren en nestvoorzieningen voor vleermuizen, gierzwaluwen en huismussen.

Om inzicht te krijgen in de voortgang van de toepassing van het puntensysteem bevelen we aan om in 2023 een volgende evaluatie uit te voeren. Vragen die in deze evaluatie aan de orde moeten komen zijn onder meer: Moeten de maatregelen in de tabel uitgebreid, beperkt of aangescherpt worden? Moet het ambitieniveau (aantal te scoren punten) naar boven of beneden bijgesteld worden? Is het zinvol het puntensysteem uit te breiden met (maatregelen voor) meer thema’s zoals klimaatadaptatie? Aanbeveling: • In 2023 een volgende evaluatie uitvoeren. Aspecten die in deze evaluatie aan de orde moeten komen zijn (eventuele) aanpassing van de maatregelen, van het ambitieniveau en van de wijze van borging van de eisen. Daarnaast is het goed om te verkennen of het puntensysteem kan worden uitgebreid met (maatregelen voor) klimaatadaptatie.

6. Haags puntensysteem in Nederland Primeur en navolging Het Puntensysteem van Den Haag, dat in 2018 door de gemeente in samenwerking met ingenieursbureau Arcadis ontwikkeld is, was een primeur in Nederland. Geen enkele gemeente had een dergelijk concreet instrument. Eén van de gevolgen hiervan is geweest dat Den Haag de afgelopen jaren door gemeenten en andere organisaties gevraagd is een presentatie over het puntensysteem te geven. Ook in de media is veel aandacht besteed aan de Haagse aanpak voor natuurinclusief bouwen.

16/20

Evaluatie Puntensysteem groen- en natuurinclusief bouwen Den Haag

Enkele links naar berichten over Haags Puntensysteem https://stadszaken.nl/artikel/2113/haags-puntensysteem-borgt-groenbehoefte-verdichtestad https://www.dearchitect.nl/architectuur/nieuws/2019/03/den-haag-gaat-eenvoudigpuntensysteem-hanteren-om-groener-te-bouwen-101207755 https://www.binnenlandsbestuur.nl/ruimte-en-milieu/kennispartners/arcadis/den-haaggaat-eenvoudig-puntensysteem-hanteren-om.9613364.lynkx https://dagblad010.nl/Algemeen/d66-wil-adoptie-haagse-groenpuntensysteem https://www.bngbank.nl/bg/Pages/2019-06-Punten-in-Den-Haag-voor-natuurinclusiefbouwen.aspx https://architectura.be/nl/nieuws/43223/belgian-architects-declare---puntensysteemgroen--en-natuurinclusief-bouwen-van-den-haag-conix-rdbm-architects https://specials.publiekdenken.nl/special-duurzaam-bouwen/natuurinclusief-bouwen/ Natuurinclusief bouwen - Natuur in de gemeente 1-2019 (delynx.nl) Veel gemeenten hebben in deze periode ook gewerkt aan het opzetten van beleid, het maken van voorbeeldboeken en het realiseren van natuurinclusieve projecten. Amsterdam, Utrecht en Eindhoven hebben spraakmakende groen- en natuurinclusieve projecten ontwikkeld. Nijmegen, Tilburg en Groningen en vele anderen hebben in de gemeenteraden expliciet gesproken over het belang van natuurinclusiviteit.

Deze inzet op onderzoek, beleid en projecten op het gebied van natuurinclusiviteit heeft ook geleid tot samenwerkingsverbanden en communities of practice, zoals ‘Duurzaam Door’ van het ministerie van LNV. We hebben op bijeenkomsten veel partijen geïnspireerd met de Haagse aanpak. Omgekeerd hebben wij veel inspiratie gehaald uit de discussies met gemeenten, provincies, ontwikkelaars, architecten en burgers. Een aantal gemeenten heeft expliciet gevraagd of zij het Haagse puntensysteem mocht ‘gebruiken’. Uiteraard is dat toegestaan. Zo bouwen we ook gezamenlijk kennis op over de toepassing ervan. Deze informatie kunnen we bij een volgende evaluatie benutten. Ministerie van LNV en BZK Verder is door een coalitie van wetenschappers, natuurorganisaties en spelers in de bouw en groenvoorziening in november 2019 een oproep aan het kabinet gedaan om natuurinclusief bouwen tot norm te maken. De minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit antwoordt als volgt: “De brief over natuurinclusief bouwen geeft een krachtig signaal: de natuur verdient beter. Ten eerste vanwege de verontrustende staat waarin de Nederlandse natuur verkeert, en ten tweede omdat investeren in natuur op de lange termijn een blijvende meerwaarde oplevert. (…) De voorstellen die de briefschrijvers doen op het gebied van normstelling en regelgeving ten aanzien van natuurinclusief bouwen, vind ik interessant.

Er zijn verschillende gemeenten en partijen die al experimenteren met puntensystemen, waarin plannen voor nieuwe huizen of gebouwen in de stad die niet tot meer

17/20

Evaluatie Puntensysteem groen- en natuurinclusief bouwen Den Haag

biodiversiteit leiden, niet meer worden toegestaan (…) Om meer inzicht te krijgen in wat nodig is, ga ik daarom samen met de minister van BZK, decentrale overheden en sectorpartijen de knelpunten voor wat betreft natuurinclusief bouwen in stedelijk gebied in de praktijk inventariseren en vervolgens analyseren of en in welk (juridisch) instrumentarium er gezocht moet worden voor het wegnemen van deze knelpunten. Ik wil de lessen uit bovengenoemde initiatieven daarbij betrekken.” Het Ministerie van Binnenlandse zaken schrijft in een brief als reactie op een artikel in NRC artikel 'Natuurvoorzieningen horen standaard in bouwbesluiten' d.d. 27 oktober 2020 het volgende: “Zoals aangegeven in de NOVI zijn voor het Rijk natuurinclusief bouwen en een natuurinclusieve ontwikkeling van de stedelijke regio’s het uitgangspunt voor de verdere verstedelijking. Ik onderstreep dan ook het belang van het betrekken van biodiversiteit bij bouwactiviteiten.” Aanbevelingen: • (Pas) op het moment dat van Rijkswege een norm vastgelegd wordt voor natuurinclusief bouwen, te bekijken of ons eigen puntensysteem hierop aangepast moet worden. • Een actieve bijdrage te leveren aan de onderzoeken van het Rijk (LNV, BZK, EZ) door ervaringen met het puntensysteem Den Haag te delen.

7. Samenvatting en aanbevelingen Het puntensysteem blijkt een doeltreffend instrument te zijn om natuurinclusief bouwen te bevorderen. Het puntensysteem is in maart 2019 van toepassing verklaard. Daardoor zijn er nog geen projecten te bezoeken en in de praktijk te beoordelen. We constateren dat - in vergelijking met de jaren vóór 2019 - natuurinclusief bouwen bij grootschalige bouwplannen structureel wordt toegepast. In de praktijk schakelen veel ontwikkelaars een ecoloog in bij het ontwerp. Dit ervaren we als een cruciale succesfactor. Er zit een aantal mooie projecten in de pijplijn, die zich nu nog in de ontwerpfase of vergunningsaanvraagfase bevinden. Het Haagse puntensysteem staat in de belangstelling. De afgelopen drie jaar hebben we op veel symposia en bijeenkomsten een toelichting mogen geven op het puntensysteem. Natuurinclusief bouwen in het algemeen staat in de belangstelling. Veel gemeenten hebben beleid en/of instrumenten voor natuurinclusief bouwen ontwikkeld, of zijn daar mee bezig. Spraakmakende gebouwen zijn opgeleverd of in ontwikkeling, bijvoorbeeld in Amsterdam (‘Vertical’), Eindhoven (‘Trudotoren’) en Utrecht (‘Wonderwoods’). De Minister wordt door bouwbedrijven, gemeenten en onderzoeksinstituten aangemoedigd om natuurinclusief bouwen tot norm te verheffen. Het vastgelegde ambitieniveau van het puntensysteem voldoet.

Op één categorie maatregelen doet zich bij een bepaald type projecten regelmatig een probleem voor. Het zijn de hoge slanke torens die op een in grootte beperkte kavel gebouwd worden. Bij deze projecten is de score in de categorie ‘maatregelen in de omgeving van het gebouw’ lastig te realiseren. Met natuurinclusief bouwen bijdragen aan een biodiverse, gezonde, leefbare stad blijft een belangrijk doel. Zeker in onze stad waar de bouwopgave groot is en de komende tijd veel grootschalige bouwplannen te verwachten zijn.

Uit deze evaluatie komen de volgende aanbevelingen naar voren:

18/20

Evaluatie Puntensysteem groen- en natuurinclusief bouwen Den Haag

1. Het instrument ‘Puntensysteem groen- en natuurinclusief bouwen’ te blijven hanteren, met de hierna genoemde aanpassingen. 2. Verplicht stellen van inzet van expertise van een ecoloog (eventueel aangevuld met een landschapsarchitect en/of gespecialiseerde hovenier) vanaf de initiatieffase van een grootschalig* bouwproject. 3. Eén tabel hanteren in plaats van vier. 4. Puntentelling voor groen daken wordt als volgt: 1 Gevel /dak Groen dak met sedum (> 5 - 7 cm) > 40% 2 Gevel /dak Groen dak met sedum, grassen, kruiden (7 - 15 cm) > 40% 3 Gevel /dak Groen dak met (sedum), grassen, kruiden, dwergheesters (15 - 30 cm) > 40% 4 Gevel /dak Groen dak met (grassen), kruiden, dwergheesters en struiken (30 - 50 cm) > 40% 5 Gevel /dak Groen dak met kruiden, dwergheesters, struiken en bomen (> 50 cm) > 40% 5. Maatregel ‘nestkast slechtvalk’ uit de puntentabel verwijderen. 6. In de puntentabel opnemen dat een punt gescoord kan worden met een niet in de tabel genoemde natuurinclusieve maatregel. 7. Het ambitieniveau van 6, 4, 6 punten in beginsel te handhaven. 8. Indien initiatiefnemer aantoont dat het perceel ontoereikend is om voldoende ‘maatregelen in de directe omgeving van het gebouw’ te realiseren, in te zetten op: a. Ruimte maken voor omgevingsmaatregelen door het aanpassen van bouwgrenzen. En als dat niet kan: b.

Compensatie door het realiseren van meer punten in categorie ‘groen dak/groene muur’. En als dat niet kan: c. Compensatie door groene maatregelen in de openbare ruimte te realiseren (en deze in een anterieure overeenkomst vast te leggen). d. Pas in een uiterste geval als niets mogelijk is, laten we deze eis vervallen. 9. Bij het maken van stedenbouwkundige plannen meer aandacht besteden aan het creëren van buitenruimte (bijvoorbeeld ruimte voor een pocketpark) en aan de positionering van rooilijnen, ten behoeve van het mogelijk maken van de aanleg van kleinschalige (groene) maatregelen in de buitenruimte. 10. Het puntensysteem ook van toepassing verklaren bij grootschalige* gemeentelijke projecten. 11. Bij grootschalige renovatie per geval te bekijken welke maatregelen haalbaar zijn en dit pakket aan maatregelen in een (anterieure) overeenkomst te verplichten.

19/20

Evaluatie Puntensysteem groen- en natuurinclusief bouwen Den Haag

12. Onderzoek te doen naar (de toepasbaarheid van) een puntensysteem voor openbare ruimte-projecten en bij gebleken geschiktheid dit op te nemen in het Handboek Openbare Ruimte. 13. Het puntensysteem groen- en natuurinclusief bouwen te zijner tijd op te nemen in het omgevingsplan voor Den Haag als kader voor natuurinclusief bouwen. En zolang dat nog niet het geval is: 14. Bij ‘bestemmingsplannen met verbrede reikwijdte’ de toepassing van het puntensysteem voor grootschalige bouwplannen* in de planregels op te nemen. 15. Bij grootschalige bouwplannen* waarbij het noodzakelijk is dat de gemeente meewerkt aan een wijziging van het bestemmingsplan, de voorwaarde te stellen dat natuurinclusief gebouwd wordt conform het puntensysteem. * footprint groter dan 2000m2 en/of hoger dan 25 meter. 16. Zorgdragen voor verbetering en stroomlijning van het proces van toetsing en advisering van bouwplannen met betrekking tot natuurinclusief bouwen vanaf de initiatieffase tot en met de fase van vergunningverlening. 17. In de puntentabel een regel op te nemen dat de ontwikkelaar een tabel aanlevert met de puntenscore per maatregel. 18. Het opstellen van een meerjarig beheer- en onderhoudsplan verplicht te stellen en vast te laten leggen wie daarvoor verantwoordelijk is en wie de kosten draagt. 19.

Een verbeterde compacte versie van het rapport ‘Puntensysteem groen- en natuurinclusief bouwen’ maken waarin bovenstaande wijzigingen zijn opgenomen en deze in het RIS op te nemen. 20. In 2023 een volgende evaluatie uitvoeren. Aspecten die in deze evaluatie aan de orde moeten komen zijn (eventuele) aanpassing van de maatregelen, van het ambitieniveau en van de wijze van borging van de eisen. Daarnaast is het goed om te verkennen of het puntensysteem kan worden uitgebreid met (maatregelen voor) klimaatadaptatie. 21. Pas op het moment dat van Rijkswege een norm vastgelegd wordt voor natuurinclusief bouwen, te bekijken of ons eigen puntensysteem hierop aangepast moet worden. 22. Een actieve bijdrage te leveren aan de onderzoeken van het Rijk (LNV, BZK, EZ) door ervaringen met het puntensysteem Den Haag te delen.

20/20

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10321327/1