RIS308963 Beantwoording SV Oplossing 'vernietigd' buurtcafé 't Nesjuh
Tekst van het document
Datum
BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE
22 juni 2021
VRAGEN
Onderwerp
Ons kenmerk
Antwoord van het college op de vragen van het raadslid de heer Sluijs, luidend: ‘Oplossing ‘vernietigd’ buurtcafé ’t Nesjuh’
OCW/10129863 RIS308963
Het raadslid de heer Sluijs heeft op 28 mei 2021 een brief met daarin zes vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht. Overeenkomstig artikel 30 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt. 1.
Is het college bekend met het bericht over het buurtcafé in zwembad de Blinkerd? (1)
Ja, het college is hiermee bekend. 2.
Kan het college duiden wat hier gebeurd is in september 2020?
In oktober 2020 meldde de huurder van de horecavoorziening in sportcentrum de Blinkerd aan de gemeente dat zij asbestverdacht materiaal zou hebben aangetroffen in de technische ruimten van de horecavoorziening. De gemeente heeft hierop een asbestinventarisatie laten uitvoeren waarbij asbestverdacht materiaal is aangetroffen. Het betreft niet-hechtgebonden asbest. Deze vorm van asbest dient te worden gesaneerd. De gemeente heeft, met instemming van de huurder, op 17 december 2020 opdracht gegeven aan een gecertificeerd bedrijf om de niet-hechtgebonden asbest en de met niet-hechtgebonden asbest in aanraking gekomen inventaris in de technische ruimten professioneel te verwijderen. Voorafgaand aan deze sanering heeft de gemeente, op verzoek van de huurder, een simulatiemeting laten uitvoeren die los staat van de sanering en zorgde voor uitstel van de sanering. 3.
Is het college zich bewust van de belangrijke sociale functie van het sportcafé voor de wijk?
Ja, het college is zich hiervan bewust. 4.
Is het juist dat de gemeente eerder op de hoogte was van de aanwezigheid van asbest dan de uitbaters? Zo ja, wanneer wist de gemeente dit en waarom zijn de uitbaters niet direct op de hoogte gesteld?
Bij het aangaan van de huurovereenkomst, op 1 november 2018, was niet bekend dat er niethechtgebonden asbest aanwezig was. Zoals aangegeven in de beantwoording van vraag 1 is na het onderzoek in 2020 niet-hechtgebonden asbest aangetroffen, met de huurder besproken en is dit gesaneerd.
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
OCW/10129863
5.
Welke afspraken zijn er gemaakt over het vergoeden van de schade?
In een eerste reactie is aan de huurder aangegeven dat de gemeente eraan werkt om tot een oplossing te komen. In de huurovereenkomst was aangegeven dat de verhuurder niet aansprakelijk is voor gevolgschade. Vervolgens heeft de gemeente aangeboden met de huurder in overleg te willen om te kijken naar een oplossing. Het is gebruikelijk dat een ondernemer zich verzekert voor schade aan inboedel. De huurder bleek echter onverzekerd te zijn voor deze schade. De gemeente heeft de huurder verzocht de relevante facturen aan te leveren. De gemeente heeft de aangeleverde stukken zorgvuldig bekeken. Op basis van deze stukken heeft de gemeente, na overleg met de advocaat van de huurder, eind mei 2021, zonder erkenning van schuld, een bedrag overgemaakt, waarvan de gemeente meent dat huurder de exploitatie kan hervatten. 6.
Is het college bereid om in gesprek te gaan met de uitbaters, met als insteek er op een goede en nette manier uit te komen, de gemaakte afspraken gestand te doen en de ondernemers een goede basis te bieden om door te kunnen gaan? Zo nee, waarom niet?
De gemeente heeft, zoals in de beantwoording van vraag 5 is aangegeven, reeds een bedrag overgemaakt waarmee de huurder de exploitatie kan hervatten. Het college beschouwt hiermee deze zaak als afgehandeld en ziet geen reden om hierover nieuwe afspraken te maken. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx
Jan van Zanen
(*) zie bijlage
2/2