RIS308772 Bijlage 2a Programma-actieplan Jan Luykenlaan van Baerlestraat 2021-2022
Tekst van het document
Bijlage bij raadsvoorstel ‘Aanpak prioritaire gebieden’, 20 april 2021
Programma-actieplan Jan Luykenlaan/ Van Baerlestraat 2021-2022 Een actieplan als onderdeel van het programma prioritaire gebieden
20 april 2021
1
2
Inhoudsopgave 1. Aanleiding en context 1.1 Over het programma prioritaire gebieden in het algemeen 1.2 Over de Jan Luykenlaan/ Van Baerlestraat
4 4 5
2. Doel, focus en aanpak van het programma van de Jan Luykenlaan/ Van Baerlestraat
6
3. Organisatie van het programma Jan Luykenlaan/ Van Baerlestraat 3.1 Sturing en besluitvorming 3.2 Relatie met andere gemeentelijke programma’s 3.3 Evalueren en monitoren 3.4 Borgen van de integrale aanpak Jan Luykenlaan/ Van Baerlestraat 3.5 Communicatie
7 7 8 8 9 9
4. Begroting programma- actieplan Jan Luykenlaan/ Van Baerlestraat 2021-2022
10
5. Randvoorwaarden en risico’s
10
Bijlagen 1. Sturing en besluitvorming programma prioritaire gebieden 2. Wijkagenda Moerwijk
11 12
Bijlage I Schema met uitwerking begroting programma-actieplan Jan Luykenlaan/ Van Baerlestraat 2021-2022 Speerpunten, doelen, acties, planning en geraamde kosten met een eerste tussenstand op hoofdlijnen
Bijlage II Schema met sturing en besluitvorming van de gemeentebrede integrale aanpak prioritaire gebieden (I en II zijn als aparte bijlagen in A3-schema bij dit programma-actieplan toegevoegd)
3
1
Aanleiding en context
1.1
Over het programma prioritaire gebieden in het algemeen
Het programma prioritaire gebieden gaat over vier gebieden in Den Haag waar de leefbaarheid en veiligheid flink onder druk staan. Het gaat om de Jan Luykenlaan/ Van Baerlestraat, Kaapseplein, Weimarstraat/Beeklaan/Zevensprong en Duindorp. De keuze voor deze gebieden komt niet uit de lucht vallen. Er loopt al lange tijd overleg met en over deze gebieden en lopen ook al sinds jaar en dag allerlei activiteiten die wel tot tijdelijke verlichting hebben geleid maar niet tot duurzaam herstel. De aanwijzing van deze gebieden in het coalitieakkoord ‘Samen voor de stad ‘is de bevestiging van het breed gedeelde besef dat er nu dringend ingrijpende veranderingen nodig zijn. Met het programma prioritaire gebieden wordt gewerkt aan een gerichte, robuuste meerjarige integrale aanpak die zich niet beperkt tot symptoombestrijding maar ook de oorzaken van de problematiek aanpakt. Een aanpak die criminele structuren afbreekt maar ook investeert in een veerkrachtige sociale en economische infrastructuur die past bij de gebieden en hun bewoners, hun weerbaarheid vergroot en hun talenten ontwikkelt. Die focus op de langere termijn is een belangrijk verschil tussen de nu voorgestelde aanpak en eerdere aanpakken in deze gebieden, die vooral waren gericht op snel zichtbare resultaten. Bij die interventies stond vermindering van de overlast en soms ook het opknappen van de buitenruimte centraal.
Dat hielp vaak maar voor een tijdje, al snel verdampten de resultaten weer en kwamen dezelfde problemen weer terug. Het kwam onvoldoende tot een fundamentele aanpak van de oorzaken van onveiligheid: multiproblematiek, armoede, taalachterstand, afstand tot de arbeidsmarkt. In deze aanpak van nu ligt het accent ook meer op het bouwen van een duurzame coalitie met vertegenwoordigers van bewoners en maatschappelijke partners om vanuit partnerschap te werken aan de problemen en knelpunten die de bewoners belangrijk vinden. Bij alle vier gebieden is het van groot belang dat er wordt gebouwd en geïnvesteerd in een wederzijds vertrouwen. Met het Haags Samenspel wordt ingezet op het verbeteren van de kwaliteit van de participatie in deze vier gebieden. Het mag duidelijk zijn dat het in dit programma gaat om een proces en inzet van een lange adem, waarbij met vallen en opstaan nu ook echt de ruimte en middelen worden geboden om op een andere manier te gaan werken: minder verkokerd, flexibeler en interactiever. Minder vanuit het standaardaanbod en de standaard werkwijze en meer gericht op coproductie. Dat is makkelijker gezegd dan gedaan. Veel afstemmings- en aansluitingsproblemen houden verband met te weinig structuur en te weinig tijd.
Maar er is ook een cultuurveranderingsproces nodig, waarin professionals leren om flexibeler te werken, synergie te zoeken met collega's van andere organisaties en samen te werken met bewoners. Dit proces vraagt om een goede innovatie-gerichte sturing en begeleiding. Voor alle vier gebieden geldt het met elkaar op orde brengen van de sociale basis en sociale herovering - om vervolgens - een sociale stijging per gebied te realiseren.1 Sociale basis en - herovering gaan over het aanpakken van de ongewenste situaties in de gebieden, sociale stijging gaat over de vraag hoe gewenste situatie wel te bereiken? Fysiek, sociaal, veiligheid en economie komen in deze integrale aanpak samen hetgeen moet leiden tot een duurzaam fundament voor een blijvende keer ten goede. Maatwerk, onorthodoxe oplossingen met ruimte voor innovatie zijn noodzakelijk en maken onderdeel uit van deze
1 Wijk in Zicht: Kwalitatief onderzoek naar de dynamiek van leefbaarheid in kwetsbare wijken, maart 2020 Sociale basis: Het aanpakken en wegwerken van acute leefbaarheids- en veiligheidsproblemen op een manier die leidt tot duurzame resultaten. Sociale herovering: Het realiseren van een breed draagvlak en samenwerkingsverband waarin meerdere partijen aan een gezamenlijk doel werken. Sociale stijging: Het samen met o.a. bewoners en ondernemers ontwikkelen van de visie op het gebied.
4
integrale aanpak.2 Nieuwe interventies worden waar mogelijk in co-creatie 3 en zo nodig met cofinanciering ontwikkeld. Het ontwikkelen en borgen van een integrale aanpak en werkwijze voor zowel de gemeentelijke organisatie als vanuit partnerschap voor de bewoners en maatschappelijke partners in de vier prioritaire gebieden betekent dat elk betrokken vakdienst en prioritair gebied een substantiële bijdrage levert aan het op zowel gemeentelijk- als prioritair gebiedsniveau: • (door) ontwikkelen van het integraal werken; • verbeteren en toegankelijker maken van benodigde (sturings)informatie; • vergroten van handelingsalternatieven. Een op te richten kennis- en leer- en ontwikkelplatform wordt straks het vertrekpunt waaruit verschillende samenwerkpartners (o.a. de vier gebiedsteams, de vakdiensten met hun integrale gebiedsprogramma’s, het Haags Samenspel, de Haagse Hogeschool en Platform 31) hun kennis, expertise en opgedane ervaringen delen om zo met elkaar te onderzoeken welke gezamenlijk leer- en ontwikkelpunten er zijn voor zowel de gemeentelijke organisatie en de verschillende partners in de vier prioritaire gebieden.
Dit programma-actieplan Jan Luykenlaan/ Van Baerlestraat 2021-2002 is mede gebaseerd op de volgende vastgestelde bestuurlijke besluiten: • Op 17 juli 2020 is de raad geïnformeerd over de aanpak prioritaire gebieden in aansluiting op de ambities uit het coalitieakkoord 2019-2022 “Samen voor de stad” (RIS305826). • Met de raadsmededeling ‘Aanpak prioritaire gebieden’ (RIS307114) van 1 december 2020 is een verdere uitwerking gepresenteerd van het totale programma prioritaire gebieden. De raadsmededeling en commissiebrief worden op 31 maart 2021 besproken in de commissie Bestuur.
1.2
Over de Jan Luykenlaan/ Van Baerlestraat
De Jan Luykenlaan en de Van Baerlestraat liggen in de wijk Moerwijk stadsdeel Escamp, een wijk met voornamelijk naoorlogse woningen. Een deel van deze woningen is opgeknapt door de woningbouwvereniging. Kenmerkend voor de woningen aan de Jan Luykenlaan zijn de “winkelplinten”, die niet allemaal meer gevuld zijn met winkels. Dat vraagt om een andere bestemming. Zo zit ook het activiteitencentrum Jan Luykenlaan in een winkelplint. De Van Baerlestraat is een echt bedrijvenstraatje en wordt gekenmerkt door de vele bedrijfsunits die aan de woningen zijn gekoppeld. De bebouwing is hier voor 100% in particulier bezit. Daar waar eigenaren de woning verhuren is sprake van huurders die aangewezen zijn op de particuliere markt. Soms gaat het daarbij om mensen die om moverende redenen worden geweerd uit de sociale sector. Dit bepaalt mede het imago van het gebied. De meeste bewoners zijn in de leeftijd 20-64 jaar (63,4%). 79,7% van de bewoners heeft een migratie achtergrond. Opvallend is het grote aantal een persoonshuishoudens: 52,6 % ten opzichte van 12,4% samenwonenden zonder kinderen, 14,4 % is samenwonend met kinderen en 20,5% eenoudergezinnen. Iets meer dan de helft van de bewoners (58,4) is na 2010 op dit adres gaan wonen.
2 De kern van aanpak laat zich samenvatten in een aantal trefwoorden: integraal, langdurig, robuust, samen met strategische
partners, gericht op versterking van de fysieke èn de sociale kwaliteit, niet beperkt tot symptoombestrijding maar gericht op het aanpakken van de oorzaken, vraaggericht, een organisatie met korte lijnen naar het bestuur en frontlijnmedewerkers met mandaat. 3 Co-creatie is een vorm van samenwerking, waarbij alle deelnemers invloed hebben op het proces en het resultaat van dit
proces, zoals een plan, advies of product. Kenmerken van co-creatie zijn dialoog, 'common ground', enthousiasme, daadkracht en focus op resultaat.
5
Rond de Jan Luykenlaan en de Van Baerlestraat is al lange tijd sprake van een opeenstapeling van problemen: criminaliteit bestaande uit onder andere (vermoedens van) illegaal gokken, handel in verdovende middelen, illegale sigarettenhandel, bedreiging/ intimidatie, mishandeling en mogelijke witwaspraktijken. Daarnaast heerst er een slecht (verziekt) ondernemersklimaat, ingegeven door de genoemde criminele activiteiten waarvan het sterke vermoeden bestaat dat die in de verschillende winkelpanden en horecagelegenheden plaatsvinden/ hun oorsprong kennen. Diverse bewoners klagen over voortdurende (geluids-) overlast in met name de nachtelijke uren die door de klanten en personeel van de verschillende winkel- en horecapanden wordt veroorzaakt. Politiemensen en medewerkers van de verschillende handhavingsorganisaties worden tijdens controles en gedurende hun reguliere werk in de wijk met regelmaat intimiderend bejegend door winkeliers, horeca-uitbaters en klanten. Tevens is sprake van verloedering van de openbare ruimte en de binnenterreinen, overschrijding van de sluitingstijden, veel problemen achter de voordeur, armoede en andere voor de bewoners overlastgevende situaties. De geconstateerde problematiek op hoofdlijnen in de Jan Luykenlaan/ Van Baerlestraat : 1. Er is een gebrek aan vertrouwen in overheid en partners 2. Er is sprake van (sociale) problematiek achter de voordeur 3.
Criminaliteit en ondermijning komt veel voor 4. Jongeren zorgen voor overlast 5. De fysieke omgeving, inclusief de woningvoorraad is verloederd Voor de Jan Luykenlaan/ Van Baerlestraat is gekozen voor een integrale aanpak langs zes speerpunten: 1. Onderzoek, cijfers en monitoring 2. Dialoog, herstel van vertrouwen tussen bewoners en overheid en bewoners onderling 3. Aanpak multiproblematiek 4. Specifieke aandacht voor de jeugd en hun toekomst 5. Openbare orde, handhaving en veiligheid 6. De inrichting van de openbare ruimte en wonen Bovenstaande speerpunten zijn gebaseerd op de ervaringen van het stadsdeel en de gesprekken met bewoners(organisaties) en ondernemers in dit gebied.
2
Doel, focus en aanpak in de Jan Luykenlaan/ Van Baerlestraat
Het doel van het programma is de leefbaarheid en veiligheid van de bewoners van de Jan Luykenlaan/ Van Baerlestraat verbeteren samen met de bewoners, ondernemers en maatschappelijke partners. Met de verschillende (actieve) partners in Moerwijk, waaronder Mooi Welzijn, AC Jan Luykenlaan (Meion), Kinderwinkel/ STEK, politiebureau Zuiderpark, Vestia, Haag Wonen, Marcuskerk, buurtsportcoach, bewonersorganisatie Mijn Moerwijk en de ondernemers, gaat de gemeente (integraal) samen met de bewoners van de Jan Luykenlaan/ Van Baerlestraat aan de slag met deze meerjarige aanpak. Een aanpak waarin het mogelijk wordt om weer een vertrouwensrelatie op te bouwen met de bewoners van de Jan Luykenlaan/ Van Baerlestraat en waarin gezorgd wordt dat de diverse uitdagingen van de Jan Luykenlaan/ Van Baerlestraat een positieve draai gaan krijgen. Integraal, op alle niveaus en vooral samen. In een aparte bijlage I, behorende bij dit programma-actieplan zijn de speerpunten, doelen, acties, planning en de kosten voor de Jan Luykenlaan/ Van Baerlestraat in één overzicht gezet met daarbij ook een eerste stand van zaken van de acties t/m 18 maart 2021.
6
Toelichting op enkele acties uit de speerpunten •
In het activiteitencentrum Jan Luykenlaan worden activiteiten georganiseerd voor ontmoeting, ondersteuning, ontwikkeling en ontspanning. De inzet van een buurtconciërge/ projectleider ondermijning zal gaan bijdragen aan het verbeteren van de sociale veiligheid, het aanjagen van burgerinitiatieven, het verhogen van de meldingsbereidheid en het verbeteren van het ondernemersklimaat.
•
De partners Vestia, Mooi Welzijn en Parnassia gaan bankgesprekken voeren waarin thema’s als wonen en psychosociale problemen besproken kunnen worden. Hierdoor wordt participatie bevorderd en kunnen bewoners eventuele hulp of voorzieningen krijgen.
•
Voor jongeren wordt ingezet op maatschappelijke diensttijd en alternatieven om op een gezonde manier geld te verdienen. Ook gaat het servicepunt arbeid een pilot starten om vanuit activiteitencentrum Jan Luykenlaan jongeren te begeleiden bij het vinden van een geschikte opleiding of arbeid.
•
De inzet van een jeugd BOA, waarmee de overlast van jongeren wordt aangepakt.
•
In navolging van de Weimarstaat/ Beeklaan, wordt in het gebied Jan Luykenlaan/ Van Baerlestraat de mogelijkheden onderzocht voor invoering van de vergunningsplicht voor ondernemers worde.
•
Extra controles van de Haagse Pandbrigade.
Het succes voor de Jan Luykenlaan/Van Baerlestraat zit in de integrale en langjarige aanpak van de problematiek. Naast de realisatie van bovenstaande acties in de komende twee jaar wordt in april 2021 gestart met het ontwikkelen van een wenkend perspectief (een toekomstbeeld voor 8-10 jaar) voor de Jan Luykenlaan/ Van Baerlestraat. Dit gebeurt integraal en in nauwe samenspraak tussen de verschillende vakdiensten (DSO, DSB, BSD, OCW, SZW en DPZ) en de maatschappelijke partners en bewoners van de Jan Luykenlaan/ Van Baerlestraat.
3
Organisatie van het programma voor de Jan Luykenlaan/ Van Baerlestraat
3.1
Sturing en besluitvorming
De sturing en besluitvorming voor het programma is voor elk gebied éénduidig ingericht (zie bijlage 1 en bijlage II). De besluitvorming over de integrale aanpak van de vier gebieden ligt bij het college. Gebiedsstuurgroep de Jan Luykenlaan/ Van Baerlestraat De gebiedsstuurgroep bestaat uit de stadsdeelwethouder Escamp, de stadsdeel-directeur Escamp, de wijkmanager, de projectmanager programma prioritaire gebieden en de programmamanager programma prioritaire gebieden. Besloten is om, afhankelijk van de agenda, de deelname aan de gebiedsstuurgroep uit te breiden met vertegenwoordigers vanuit de woningcorporatie, welzijn, bewonersorganisatie en de teamchef politie Zuiderpark4. De gebiedsstuurgroep komt één keer in de zes tot acht weken bij elkaar om de voortgang op het programma te bespreken.
4 In de gebiedsstuurgroep worden geen besluiten genomen over gewenste politieoptreden en inzet.
Deze besluiten worden genomen in de Driehoek
7
Gebiedsteam Jan Luykenlaan/ Van Baerlestraat Voor de Jan Luykenlaan/ Van Baerlestraat is gekozen om te werken met een gebiedsteam bestaande uit de partners die met elkaar de gewenste verandering kunnen vormgeven. Het gebiedsteam bestaat uit vertegenwoordigers van de Dienst Stadsbeheer, Dienst Stedelijke Ontwikkelingen, Dienst Onderwijs Cultuur en Welzijn, Dienst Sociale Zaken en Werkgelegenheid, Bestuursdienst, de projectmanager prioritaire gebieden en Dienst Publiekszaken- stadsdeel Escamp, team Moerwijk. Gedurende de looptijd van dit programma-actieplan kan de opzet, de samenstelling en de verschillende vertegenwoordigers nog wijzigen of worden uitgebreid met partners buiten de gemeente. Het gebiedsteam komt gemiddeld twee keer per maand bijeen om de voortgang de acties te bespreken. De samenstelling van het gebiedsteam Jan Luykenlaan, Van Baerlestraat per 20 april 2021 is: Speerpunten Jan Luykenlaan en Van Baerlestraat
Onderzoek Cijfers en monitoring Dialoog, vertrouwen overheid en bewoners onderling Multiproblematiek Jeugd Openbare orde, handhaving leefbaarheid, veiligheid en ondermijning
Intrichting openbare ruimte en wonen
3.2
Vertegenwoordigers in het gebiedsteam vanuit de gemeentelijke vakdiensten die hun bijdrage leveren aan één of meerdere genoemde acties in bijlage I
• Teammanager (OCW-JMO) • Accounthouder Veiligheid (BSD) • Teammanager Handhaving leefbaarheid (DSB) • Senior-beleidsmedewerker (DSB) • Communicatiemedewerker (BSD) • Manager servicepunten arbeid (SZW) • Projectleider Haagse Pandbrigade (DSO) • Gebiedsregisseur (DSO) • Wijkmanager en team Moerwijk (DPZ) Beleidsmedewerker Wonen (DSO) • Beleidsmedewerker Economie (DSO) • Bestuurlijk beleidsmedewerker Veiligheid (BSD) • Manager SJD & krediet (SZW) • Teammanager Jeugdhulp (OCW)
In samenwerking met vertegenwoordigers vanuit de (maatschappelijk) partners Jan Luykenlaan/Van Baerlestraat
• Mooi Welzijn • AC Jan Luykenlaan/ Meion • Kinderwinkel/ STEK • Politie bureau Zuiderpark • Vestia • Haag Wonen • Marcuskerk • Buurtsportcoach • Bewonersorganisatie Mijn Moerwijk • Ondernemers
Relatie met andere gemeentelijke programma’s
Het programma-actieplan Jan Luykenlaan/ Van Baerlestraat 2021-2022 sluit waar zinvol aan op de Regiodeal Zuidwest en de programma’s Wijkagenda, Haags Samenspel, Herstructurering Welzijnswerk, Ondermijning en de Omgevingsvisie.
3.3
Evalueren en monitoren
Met de eerste voortgangsrapportage van het programma prioritaire gebieden in oktober/november 2021 wordt de opzet voor het monitoren en evalueren voor zowel het gehele programma als het programma-actieplan Jan Luykenlaan/ Van Baerlestraat 20212022 gepresenteerd aan de raad. Met Platform 31, de Haagse Hogeschool en onderzoekers van de gemeente wordt momenteel gewerkt aan de opzet hoe dit te gaan doen. Op basis van de speerpunten en doelen worden indicatoren gekozen die medebepalend zijn of het monitoren en evalueren gebeurt op project-dan wel op activiteitenniveau. Dit betekent dat met alle bij het project betrokken partners gekeken wordt naar de betekenis en meerwaarde van het project of activiteit voor gebied en de bijdrage die het heeft geleverd aan de 8
ambities. Eén van de conclusies uit het rapport van het Sociaal Cultureel Planbureau; Werk aan de Wijk (2015) is dat de maatschappelijke effecten van het specifieke krachtwijkenbeleid niet geïsoleerd van de context van de staande beleidsprogramma’s en op een wetenschappelijke verantwoorde wijze gemeten kan worden. De causaliteit valt niet exact vast te stellen. Immers, er worden voor de stad en dus ook voor de prioritaire gebieden vanuit de verschillende afzonderlijke beleidsprogramma’s bijdragen geleverd op het terrein van onderwijs, zorg, welzijn, wonen en veiligheid e.d. Daarnaast treden effecten veelal pas na verloop van meerdere jaren zichtbaar op en wijzigt de samenstelling van de wijken gedurende de tijd. Ook externe factoren zoals economische crisis of Rijksbezuinigingen hebben invloed op effecten van gedane inspanningen. Met deze nuancering wordt rekening gehouden bij de monitoring en de evaluatie. Belangrijker dan de cijfers is het verhaal van de bewoners, ondernemers en de partners van de Jan Luykenlaan/ Van Baerlestraat; wat heeft het hen opgeleverd?
3.4
Borgen van de integrale aanpak
De stadsdeelwethouder, stadsdeeldirecteur en wijkmanager zijn het gezicht voor het programma-actieplan Jan Luykenlaan/ Van Baerlestraat. Zij vervullen namelijk de belangrijkste rol in deze aanpak en zijn het eerste aanspreekpunt voor inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties. Het programmateam programma prioritaire gebieden is het gezicht voor de betrokken vakdiensten, bestuurlijke portefeuillehouders en de externe partners met specifieke expertise. Het programmateam faciliteert de gemeentebrede integrale aanpak prioritaire gebieden, jaagt aan en stuurt op zowel het gewenste maatschappelijk effect als de integrale aanpak in de gemeentelijke organisatie. Met het oog op toekomstige integrale opgaven moet het gebiedsgericht werken binnen alle gemeentelijke diensten een structurele plaats krijgen en zich ontwikkelen tot een meer vanzelfsprekende manier van werken. Een advies over het borgen van het gebiedsgericht werken in de gemeentelijke organisatie en in de vier gebieden in de stadsdelen maakt onderdeel uit van dit programma. Dit advies wordt gebaseerd op de ervaringen en verkregen inzichten opgehaald uit het kennis- en leer- en ontwikkelplatform (zie ook 1.1.)
3.5
Communicatie
Voor zowel het gehele programma als per prioritair gebied komt een communicatieplan. De communicatie over het programma vindt plaats op het niveau van: Jan Luykenlaan/ Van Baerlestraat Op Zuid West op zijn best, een website voor Zuidwest Den Haag wordt regelmatig over de voortgang gerapporteerd. Met de communicatiemedewerker van het stadsdeel Escamp wordt besproken hoe communicatie verder vorm te geven voor dit programma. Gebiedsstuurgroep en Gebiedsteam Met de overleggen van de gebiedsstuurgroep en het gebiedsteam worden de leden geïnformeerd over de voortgang van het programma. Aan de leden wordt een bijdrage verwacht aan de communicatie aan de bewoners van de Jan Luykenlaan/ Van Baerlestraat, het college, de raad, het gemeentelijke managementteam, de programmaraad prioritaire gebieden en de directie en management dan de diensten. De wijze waarop wordt uitgewerkt in het communicatieplan, mede op basis van een krachtenveld analyse van alle betrokken stakeholders van de Jan Luykenlaan/ Van Baerlestraat. Gemeentelijke Management Team, Programmaraad prioritaire gebieden en directie en management van de diensten • Afgesproken is dat het GMT gemiddeld drie keer per jaar over de voortgang wordt geïnformeerd dan wel dat een specifiek thema worden besproken. 9
•
•
De programmaraad prioritaire gebieden komt gemiddeld zes tot zeven keer per jaar bijeen. Op verzoek van de betrokken directeuren is wel maandelijks een overleg ingepland waar verschillende programma’s besproken kunnen worden. Afhankelijk van de agenda worden de betreffende directieleden uitgenodigd. Het gaat om de programma’s Prioritaire Gebieden, Wijkagenda, Haags Samenspel en Ondermijning. Het informeren van de directies en management van de diensten over het programma, de voortgang en inzichten gebeurt o.a. via presentaties in de directieteams, nieuwsbrieven en bijeenkomsten.
College en Raad • Het college wordt gemiddeld drie keer per jaar geïnformeerd over de voortgang op het programma. Ook hierin kan specifiek een thema worden behandeld. • Afgesproken is dat de raad jaarlijks wordt geïnformeerd over de voortgang en wel één jaar na de start. Dit betekent oktober 2021 en 2022. • Het programma prioritaire gebieden ressorteert onder programma 14 Stadsdelen, Integratie en Dienstverlening waarbij de verantwoording ervan meeloopt met de planning en control cyclus van programma 14.
4
Begroting programma- actieplan Jan Luykenlaan/ Van Baerlestraat 2021-2022
In de begroting heeft het college aangekondigd € 6.000.000, - beschikbaar te stellen. Deze € 6.000.000, - wordt gedekt uit de lopende begroting. Een bedrag van € 2.000.000, wordt gedekt door de middelen uit de verschillende beleidsvelden en portefeuilles. Dit naast de overige € 4.000.000, - die voorzien was in de besluitvorming over de risicovoorziening Rotterdamse Baan. De begroting van het programma-actieplan Jan Luykenlaan/Van Baerlestraat 2021-2022 maakt onderdeel uit van de begroting programma prioritaire gebieden.Voor de dekking van alle acties wordt een totaalbedrag gereserveerd van € 775.000, -(inclusief € 65.000, - onvoorzien). In de al eerdergenoemde aparte bijlage I “Uitwerking begroting programma-actieplan Jan Luykenlaan Van Baerlestraat 2021-2022 ” behorende bij dit programma-actieplan, zijn de totaalkosten en toedeling ervan inzichtelijk gemaakt.
5
Randvoorwaarden en risico’s
Voor de realisatie van het programma-actieplan zijn onderstaande randvoorwaarden en risico’s van invloed op de realisatie. 1. Het mandaat, de bevoegdheden en verantwoordelijkheden van alle betrokkenen zijn bekend en vastgelegd (waaronder: GMT, opdrachtgever namens GMT, programmaraad, programmateam, gebiedsstuurgroep, gebiedsteam). 2. Het tijdig beschikbaar stellen van medewerkers met de juiste expertise uit de betrokken vakdiensten, die gedurende de looptijd van het programma-actieplan een bijdrage leveren aan de uitvoering van de acties, het gebiedsteam, het wenkend perspectief en het kennis- en leer- en ontwikkelplatform. 3. De mogelijkheid tot inzet van de expertise via o.a. Haagse Hogeschool, Platform 31, Universiteiten op relevante onderdelen. 4. Een open en transparante werkwijze, met de mogelijkheid om met respect gevraagd en ongevraagd te adviseren over de gewenste (lerende) organisatie en de hierbij behorende houding en gedrag van betrokkenen. 5. Het tijdig en in voldoende mate beschikbaar hebben van expertise op het gebied van communicatie (zowel programmaniveau als voor de vier gebieden), data gestuurd werken, juridische zaken, organisatie- en veranderkunde en bewonersparticipatie. 6. Een blijvende focus op deze bestuurlijke prioriteit door alle betrokkenen. 7.
Een versoepeling van de COVID-19 maatregelen (afhankelijk van landelijke maatregelen) zodat de uitvoering niet wordt belemmerd. 10
Bijlage 1 Sturing en besluitvorming programma prioritaire gebieden De sturing en besluitvorming voor het programma is op 2 december 2020 door het college in een nota portefeuillehouder vastgesteld. In een aparte bijlage II is op A3-formaat onderstaande lijn schematisch afgebeeld. College van burgemeester en wethouders • De voorgenomen integraliteit maakt dat bijna alle collegeleden in meer of mindere mate betrokkenheid hebben. Het college treedt als geheel op als bestuurlijk opdrachtgever van het totale programma in de vier gebieden. Het college besluit over het actieprogramma per gebied, inclusief de daaraan gekoppelde financiële inzet. • Periodiek wordt de voortgang en - indien van toepassing - grote wijzigingen in een actieprogramma aan het college voorgelegd. • Het actieprogramma per gebied, inclusief de daaraan gekoppelde financiële inzet, wordt door het college ter vaststelling voorgelegd aan de gemeenteraad. • Jaarlijks en daar waar de actualiteit daar om vraagt vindt ook voortgangsrapportage aan de Raad plaats. Gemeentelijk Management Team, Programmaraad en Programmateam • Het GMT geeft als ambtelijke regiegroep op hoofdlijnen sturing aan de gewenste richting van de strategische agenda.
• Om betrokkenheid en eigenaarschap binnen de diensten en portefeuilles te creëren wordt een programmaraad van beleidsdirecteuren ingesteld die als taak heeft het programma binnen de organisatie te dragen, de inhoudelijke koers te bewaken, de inzet van de diensten te leveren, het leer- en ontwikkelprogramma vorm te geven en in gezamenlijkheid verantwoordelijkheid te nemen voor de integrale programmaresultaten. • Onder de directe aansturing van de sectordirecteur Stadsdelen en Wijken van de Dienst Publiekszaken komt een programmateam prioritaire gebieden. Dit om de gemeentebrede integrale aanpak prioritaire gebieden te faciliteren aan te jagen en aan te sturen op zowel het gewenste maatschappelijk effect als de integrale aanpak in de gemeentelijke organisatie’. Het programmateam bestaat uit één programmamanager en twee projectmanagers. De programmaondersteuning is belegd bij de directie ondersteuning en de managementondersteuning op stadsdeelniveau. Gebiedsstuurgroep Per gebied komt er een gebiedsstuurgroep. Die is voor de bewoners, de ondernemers en maatschappelijke organisaties in het gebied het aanspreekpunt en bestaat uit de stadsdeelwethouder als voorzitter, de stadsdeeldirecteur en de programmamanager en/of projectleider.
Deze stuurgroep is verantwoordelijk voor de betrokkenheid en participatie van het gebied bij de vormgeving en uitvoering van het programma-actieplan en het wenkend perspectief (periode 5-7 jaar). De gebiedsstuurgroep volgt de uitvoering van het programma, haalt inzichten vanuit de wijk op, signaleert en agendeert nieuwe ontwikkelingen en wensen binnen het gebied en is het eerste aanspreekpunt voor de bewoners, organisaties en ondernemers. Gebiedsteam Per gebied komt er een gebiedsteam. Dit team bestaat uit vertegenwoordigers van de verschillende gemeentelijke vakdiensten en externe partners. Zij levert in opdracht van de gebiedsstuurgroep een bijdrage aan de realisatie van de wenkend perspectief (periode 5-7 jaar), het programma-actieplan en de uitvoering, het monitoren voortgang en het evalueren van de impact van de acties en maatregelen in het gebied. 11
Bijlage 2
12