RIS308771 Tussenbericht m.b.t. demonstratie 14 maaart 2021
Tekst van het document
Typ tekstTyp tekstTyp tekst
Jan van Zanen Burgemeester
001
Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag
Ons kenmerk
Aan de voorzitter van de commissie Bestuur
BSD/10115808 RIS308771 Contactpersoon
R. Alkema Dienst
Bestuursdienst Afdeling
Directie Veiligheid Telefoonnummer
14070 Datum
Bijlage
18 mei 2021
1
Onderwerp
Tussenbericht m.b.t. demonstratie 14 maart 2021
Geachte voorzitter, In de vergadering van uw commissie van 17 maart jl. heb ik u toegezegd u te informeren over de onderzoeken door de politie en het Openbaar Ministerie (OM) ten aanzien van de inzet van de ME tijdens de demonstratie van 14 maart jl. op het Malieveld. In dit verband heeft de Politiechef van de Eenheid Den Haag mij schriftelijk geïnformeerd over de actuele stand van zaken met betrekking tot de diverse processen die naar aanleiding van de demonstratie zijn opgestart. De brief van de Politiechef vindt u bijgevoegd. Als burgemeester ben ik verantwoordelijk voor de handhaving van de openbare orde. Net als velen van u, heb ik de – soms heftige - beelden gezien. Zoals te doen gebruikelijk, is de demonstratie besproken in de driehoek en heb ik in samenspraak met de driehoek de inzet bepaald. Hieronder ga ik achtereenvolgens in op de voorbereiding van de demonstratie, het verloop van de demonstratie en op de voorlopige stand van zaken van de processen die naar aanleiding van de demonstratie zijn opgestart. Voorbereiding demonstratie De demonstratie van ‘Nederland in Verzet’ werd aangemeld voor het Malieveld en ging uit van deelname van 2.000 personen. Zoals bij elke demonstratie met veel deelnemers, of waarbij mogelijk wanordelijkheden kunnen plaatsvinden, is deze demonstratie grondig besproken in de driehoek.
Verder is de GGD Haaglanden/GHOR Haaglanden om advies gevraagd. Naar aanleiding van de bespreking in de driehoek, het advies van de GGD Haaglanden/GHOR Haaglanden en uw motie (RIS308065) waarin werd gevraagd deelnemersaantallen te verruimen, is uiteindelijk besloten de demonstratie in omvang te beperken tot maximaal 200 deelnemers. In reactie op deze beperking heeft de organisator de demonstratie geannuleerd. Hij heeft hierbij aangegeven op 14 maart “op persoonlijke titel koffie te gaan drinken in Den Haag”. Elders in Nederland hebben meerdere (onaangekondigde) demonstraties onder de noemer ‘koffie drinken’ plaatsgevonden welke helaas zijn geëscaleerd. Er was daarom voorzien dat er mensen naar Den Haag zouden komen en dat daarvoor de aanwezigheid van de politie nodig was.
Gemeente Den Haag
Spui 70 Den Haag
Postbus 12600 2500 DJ Den Haag
Telefoonnummer 14070 www.denhaag.nl
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
BSD/10115808
Als grootschalig politieoptreden is voorzien, worden in de driehoek altijd beleidsuitgangspunten en tolerantiegrenzen vastgesteld. Dat is belangrijk, omdat beleidsuitgangspunten en tolerantiegrenzen de politieagenten houvast geven bij wat zij kunnen toestaan en hoe ze moeten optreden. Ook in dit geval zijn in de driehoek beleidsuitgangspunten en tolerantiegrenzen vastgesteld. In mijn brief aan u van 26 januari jl. (RIS307623) staat uitgebreid beschreven welke verschillende interventies kunnen worden gepleegd wanneer de tolerantiegrenzen overschreden worden en/of er sprake is van strafbare gedragingen. Zoals uit het demonstratiebeleid van de gemeente Den Haag (RIS298038) en voormelde brief van 26 januari jl. blijkt, geldt als uitgangspunt dat eventueel politieoptreden zoveel mogelijk een deescalerend en gefaseerd karakter heeft. Bij ongeregeldheden is het streven erop gericht eerst politieeenheden in te zetten in de vorm van een paraat peloton (het zogenaamde ‘vredestenue’). Indien wanordelijkheden aanhouden dan wel grootschalig worden, kan de mobiele eenheid van de politie (in zogenaamd ‘hard tenue’) optreden. Gefaseerd optreden houdt in dat de politie personen probeert te blijven aanspreken op hun gedrag en dat er steeds wordt getracht terug te keren naar de voorgaande fase.
Het beleid is er verder op gericht in een zo vroeg mogelijk stadium te komen tot isolering en aanhouding van de ordeverstoorders. Als dit door omstandigheden niet mogelijk is, wordt er naar gestreefd de ordeverstoorders van bepaalde plaatsen te verwijderen of te verspreiden. De intentie is aanhoudingen zoveel mogelijk te laten plaatsvinden op het meest geschikte moment. Strafrechtelijk optreden door de politie vindt altijd onder gezag van de Officier van Justitie plaats. Vanzelfsprekend golden voormelde uitgangspunten ook in dit geval. Verloop van de demonstratie In bijgaande brief heeft de Politiechef van de Eenheid Den Haag het verloop van de demonstratie uiteengezet. Zoals uit de brief van de Politiechef blijkt, verzamelden zich op 14 maart op verschillende plekken in Den Haag meerdere groepen mensen voor een onaangekondigde demonstratie. Alhoewel de demonstratie was geannuleerd, is conform het beleid om in beginsel ook niet-aangemelde demonstraties te faciliteren, op het Malieveld alsnog gelegenheid geboden voor een demonstratie met maximaal 200 personen, met inachtneming van de geldende regelgeving. Het aantal demonstranten bedroeg al snel echter meer dan 200 en de coronaregels werden massaal genegeerd, evenals de aanwijzingen en vorderingen van de politie.
Om te voorkomen dat nog meer mensen zich bij de demonstratie zouden aansluiten en zich richting Malieveld of binnenstad zouden begeven is een noodbevel uitgevaardigd. Aan dit noodbevel werd door velen geen gehoor gegeven. Teneinde wanordelijkheden in de binnenstad te voorkomen – zoals die zich recent in andere steden hadden voorgedaan - zijn de groepen demonstranten, die zich op andere locaties in de stad hadden verzameld, op het Malieveld toegelaten. Deze demonstranten zijn ordelijk naar het Malieveld begeleid. Na ontbinding van de demonstratie op het Malieveld werden de voortdurend herhaalde oproepen om het Malieveld te verlaten genegeerd. Een aanzienlijke groep bleef op het Malieveld achter, ook na herhaaldelijk afgegeven waarschuwingen dat geweld zou worden toegepast. Een kleine twee uur nadat de demonstratie was ontbonden, is de ME ingezet ten behoeve van het ontruimen van het Malieveld.
2/4
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
BSD/10115808
Politiemensen hebben hierbij fors geweld moeten incasseren. Zij zijn door demonstranten met onder meer stenen, zwaar vuurwerk en andere voorwerpen bekogeld en belaagd. Dat men deze voorwerpen had meegevoerd, wijst erop dat een deel van de aanwezigen uit was op een confrontatie. Zoals uit het vorenstaande blijkt, zijn tijdens de demonstratie meerdere vastgestelde tolerantiegrenzen herhaaldelijk overschreden, waaronder het dreigen met geweld, het gebruiken van geweld tegen de hulpdiensten, het meevoeren van voorwerpen die kennelijk het doel hebben het politieoptreden te hinderen, het persoonlijk beledigen van politiepersoneel, het gooien van (o.a.) stenen en het fysiek of verbaal belemmeren en verstoren van de werkzaamheden van de hulpdiensten. De inzet van verbaal en fysiek geweld tegen hulpverleners is te allen tijde onacceptabel. Tijdens de demonstratie op het Malieveld werd de politie geconfronteerd met fors georganiseerd geweld door defend groepen. Dit georganiseerd geweld door defend groepen is ook in andere steden ingezet, waaronder in Amsterdam en Barneveld. Ter bescherming van de openbare orde en veiligheid en ter bescherming van de eigen politiefunctionarissen heeft de politie hier fors politieoptreden tegenover moeten stellen. Tegelijkertijd dient het politieoptreden, zeker wanneer sprake is van het gebruik van geweld, zorgvuldig en proportioneel te zijn.
In het geval dat politiemensen geweld moeten inzetten, leggen zij hier altijd verantwoording over af. In dit geval heeft het politieoptreden tegen bovengenoemd gedrag gefaseerd plaatsgevonden. De politie heeft duidelijk en veelvuldig de demonstranten aangesproken op hun gedrag en hen gewaarschuwd dat geweld zou moeten worden toegepast, indien zij geen gehoor zouden blijven geven aan de instructies van de politie. Helaas werd geen gehoor gegeven aan de instructies van de politie, waardoor de politie genoodzaakt was op te treden en uiteindelijk geweld te gebruiken. Voorlopige stand van zaken processen na demonstratie De Politiechef gaat in zijn brief uitgebreid in op de verschillende processen die naar aanleiding van de demonstratie van 14 maart zijn opgestart, te weten: 1. Het toetsingsproces met betrekking tot het toegepaste geweld in het kader van het Stelsel Geweldsaanwending. 2. De afhandeling van aangiften: a. met betrekking tot het politieoptreden; b. van geweld tegen politieambtenaren. 3. Het afhandelen van klachten over het politieoptreden. 4. Het afhandelen van de tijdens de demonstratie aangehouden verdachten. Zoals uit de brief van de Politiechef blijkt, heeft de Commissie Geweldsaanwending inmiddels 16 dossiers beoordeeld. Deze commissie toetst de geweldsaanwending op de professionaliteit daarvan.
De commissie bestaat uit zowel interne (zijnde politieambtenaren) als externe leden (zijnde nietpolitieambtenaren). De externe leden worden benoemd, herbenoemd en ontslagen door de Minister van Justitie en Veiligheid, op voordracht van de Korpschef. In de Commissie Geweldsaanwending in de politie eenheid Den Haag hebben 4 externe leden zitting. De commissie beoordeelt in hoeverre het toegepaste geweld voldeed aan de wettelijke eisen en aan de eisen van vakmanschap. Op basis van deze toetsing komt de commissie tot een advies. Hierbij kan gedacht worden aan een aanbeveling of advies gericht op de versterking van kennis en/of vaardigheden (individueel of collectief), de wijze waarop lering kan worden getrokken uit de toegepaste geweldsaanwending en in- en/of externe communicatie.
3/4
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
BSD/10115808
Een geweldsaanwending kan volgens het wettelijk kader zijn uitgevoerd, maar desondanks in strijd zijn met eisen van vakmanschap en daardoor niet professioneel. In dit proces staat het leereffect dus centraal. De commissie brengt advies uit aan de Politiechef. De commissie is in 2 van de 16 gevallen tot het oordeel gekomen dat een deel van het optreden niet professioneel was. In de overige 14 gevallen heeft de commissie het optreden wel als professioneel beoordeeld. De Politiechef heeft de adviezen van de commissie overgenomen. De aangiften, zowel met betrekking tot het politieoptreden, als ten aanzien van het geweld tegen politieambtenaren, worden beoordeeld door het Openbaar Ministerie (OM). Ook de afhandeling van de 38 aangehouden verdachten vindt plaats onder gezag van het OM. De politie heeft inmiddels meer dan 200 klachten afgedaan. Het overgrote deel van de klachten kon niet in behandeling worden genomen, omdat de klagers geen direct belang hadden. Deze klagers waren bijvoorbeeld niet aanwezig bij de demonstratie. De politie heeft nog negen klachten in behandeling. Elf klagers zijn doorverwezen voor het doen van aangifte. Ik stel vast dat de verschillende processen zorgvuldig worden opgepakt. Ik hecht hier zeer aan. Alleen op die manier kan draagvlak voor overheidsbeleid blijven bestaan.
De overheid dient haar eigen optreden daarom altijd kritisch te blijven beschouwen, vragen en klachten over haar optreden serieus te nemen en, waar van toepassing, lering te trekken uit zaken die beter hadden gekund. De processen zijn bovendien met de nodige waarborgen omkleed. Zo kunnen klagers die eventueel toch niet tevreden zijn over de afhandeling van hun klacht door de politie hun klacht nog voorleggen aan de Nationale Ombudsman. Een aantal mensen heeft reeds een klacht ingediend bij de Nationale Ombudsman over het politieoptreden. Ofschoon ik geen rol heb binnen deze processen, zal ik u over de uitkomsten informeren. Ten slotte merk ik op dat er ook bij de gemeente vragen en klachten zijn binnengekomen over de demonstratie van 14 maart. Op basis van de beschikbare informatie zullen deze vragen en klachten zorgvuldig worden afgedaan. Ook hier geldt dat deze procedure met waarborgen is omkleed. Als iemand vindt dat de gemeente een klacht niet goed heeft afgehandeld dan kan deze persoon de klacht voorleggen aan de Gemeentelijke Ombudsman. Ook voor de Gemeentelijk Ombudsman geldt dat zij inmiddels klachten heeft ontvangen over het politieoptreden. Ook hier zal ik u, ondanks dat ik geen rol heb in de processen, informeren over de uitkomsten. Ik vertrouw erop u hiermee voor dit moment voldoende te hebben geïnformeerd.
Tijdens de jaarlijkse werkbespreking Veiligheid, gepland voor woensdag 23 juni, zal de Politiechef u bijpraten over de stand van zaken op dat moment. Met vriendelijke groet, Jan van Zanen
4/4