RIS308690 Beantwoording SV 4 en 5 mei niet vertroebelen door inclusiviteitsgekte
Tekst van het document
Datum
BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE
29 juni 2021
VRAGEN
Onderwerp
Ons kenmerk
Antwoord van het college op de vragen van het raadslid mevrouw Davituliani, luidend: ‘4 en 5 mei niet vertroebelen door inclusiviteitsgekte’
BSD/142977 RIS308690
Het raadslid mevrouw Davituliani heeft op 7 mei 2021 een brief met daarin zeven vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht. Overeenkomstig artikel 30 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt. 1.
Is het college bekend met het artikel: “4 en 5 mei nog meer verbreed”*?
Ja. 2. Hoe beoordeelt het college het bovengenoemde artikel? Graag een gemotiveerd antwoord. Het artikel betreft een persoonlijke meningsuiting van journalist/historicus Bas Kromhout. Het college ziet dit als journalistieke vrijheid. Het is niet aan het college om daarover inhoudelijk te oordelen. 3.
Is het college met Hart voor Den Haag/Groep de Mos van mening dat de verschrikkingen van de Tweede Wereldoorlog nooit vergeten mogen worden? Is het college tevens met ons van mening dat de herdenking van de oorlogsslachtoffers en de bevrijding van ons land nooit op de achtergrond mogen raken? Zo ja, op welke manier(en) gaat het college zich inspannen om de verwatering van de herdenking van de slachtoffers van WW2 en de bevrijding tegen te gaan? Graag een toelichting
Het college is van mening dat de oorlogsslachtoffers en slachtoffers van de oorlog in Den Haag nooit vergeten mogen worden. Om die reden zal het college zich altijd blijven inspannen om de vele oorlogsherdenkingen te faciliteren die gedurende het jaar in de stad plaatsvinden. Het college ziet het als een vanzelfsprekendheid om jaarlijks te herdenken en aandacht te besteden aan de verschrikkingen die tijdens de Tweede Wereldoorlog hebben plaatsgevonden. Gedurende de coronacrisis en de maatregelen die daarmee samenhangen is er altijd actief gezocht naar mogelijkheden om herdenkingen te faciliteren en op een waardige manier hieraan aandacht aan te besteden. Dit onderstreept de vanzelfsprekendheid die hoort bij de aandacht voor de verschrikkelijke gebeurtenissen tijdens de Tweede Wereldoorlog. 4.
Is het college bereid om namens Den Haag het signaal uit te zenden dat wij de nieuwe lijn van het Comité 4 en 5 mei niet accepteren en dat nieuwkomers door middel van goede inburgering kennismoeten nemen van de betekenis van 4 en 5 mei? Zo nee, waarom niet?
Het college vertrouwt erop dat het Nationaal Comité 4 & 5 mei haar plannen en visie zorgvuldig heeft afgewogen. Het college voelt geen urgentie om het Nationaal Comité 4 & 5 mei te wijzen op de inhoud van hun beleidsplan. Het Nationaal Comité 4 & 5 mei is een zelfstandige entiteit die mede door het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport wordt gedragen.
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
BSD/142977
Daarnaast is de informatie waarin het Nationaal Comité 4 & 5 mei in voorziet slechts bedoeld als algemene richtlijn en dient ter inspiratie voor organiserende comités voor invulling van hun eigen herdenkingen en vieringen. Organisatoren kunnen te allen tijde hun eigen afwegingen maken qua invulling, vormgeving en aandachtsgebied van een herdenking of viering. Binnen het inburgeringsstelsel is ‘Kennis van de Nederlandse Maatschappij’ een verplicht onderdeel. Hierin staan geografie en geschiedenis over Nederland centraal. Een vast onderwerp bij de behandeling van de geschiedenis vormen de gebeurtenissen tijdens de Tweede Wereldoorlog en de effecten daarvan op het dagelijks leven. In de examinering moet de inburgeraar kunnen toelichten wat er op 4 mei wordt herdacht en op 5 mei wordt gevierd en welke gebruiken hierbij horen. 5.
Is het college bereid om bij het Comité 4 en 5 mei erop aan te dringen om de focus op de oorlogsslachtoffers en Holocaust juist te vergroten? Zo nee, waarom niet?
Zie antwoorden onder 3 en 4. Daarnaast onderstrepen de volgende acties de betrokkenheid van het college bij het onderwerp: actieve aandacht voor het onderwerp mede door het onlangs aangenomen initiatiefvoorstel ‘Waardeer Joods erfgoed, weer antisemitisme’ (RIS304440). Naar verwachting zal de gemeente in de loop van dit jaar, in het kader van de Regeling Joods moreel rechtsherstel - en zoals in 2017 met de diverse Joodse maatschappelijke organisaties besproken - een bedrag van enkele miljoenen euro’s overmaken aan de Stichting Joods Leven, ter financiële ondersteuning van initiatieven tot het versterken van het Joodse leven in Den Haag in al zijn facetten. Te denken valt hierbij aan tentoonstellingen, onderwijsprogramma’s, herdenkingen en dergelijke. 6.
Hoe gaat het college ervoor zorgen dat het onderwijs betere ondersteuning gaat krijgen bij lessen die spanningen oproepen in de klas, zoals bijvoorbeeld over de Holocaust, homoseksualiteit, de vrijheid van meningsuiting en burgerschap? Graag een toelichting, met daarbij een inventarisatie hoe binnen het Haagse onderwijs de status is van burgerschapsonderwijs alsmede een feitenrelaas over welke spanningen leraren ondervinden bij het geven van lessen over onderwerpen zoals de Holocaust, homoseksualiteit en de vrijheid van meningsuiting.
Juist omdat het college het belang van dit onderwerp onderschrijft, kunnen scholen gemeentelijke subsidie aanvragen voor sociale veiligheid en burgerschap. Als de school behoefte heeft aan ondersteuning bij lessen die spanningen oproepen, kan zij deze subsidie hiervoor aanwenden. De verantwoordelijkheid voor ondersteuning aan docenten die lessen verzorgen over mogelijk ‘gevoelige’ onderwerpen ligt bij de scholen zelf. Het aanbieden van burgerschapsonderwijs door scholen is wettelijk verplicht. Recent is deze wettelijke plicht voor burgerschapsonderwijs aangescherpt en is een nieuwe wet aangenomen. Deze nieuwe wet gaat in vanaf 1 augustus 2021 en heeft als doel dat alle scholen leerlingen kennis en respect bijbrengen over de basiswaarden van de democratische rechtsstaat (vrijheid, gelijkwaardigheid en solidariteit). Daarbij horen thema’s, zoals gelijke behandeling, het verbod op discriminatie en vrijheid van meningsuiting. Zoals toegezegd (RIS307138) is het college in gesprek gegaan met Haagse schoolbesturen over hoe zij potentieel ‘gevoelige’ onderwerpen op school bespreken en hoe zij hun burgerschapsonderwijs waarborgen. De raad wordt binnenkort geïnformeerd over de uitkomsten.
2/3
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
BSD/142977
Scholen worden daarnaast ondersteund door verschillende instellingen, zoals het COC Haaglanden, om voorlichting te bieden en gastlessen te verzorgen. 7.
Op voorspraak van Hart voor Den Haag/Groep de Mos is er een start gemaakt met excursies richting Auschwitz. Krijgen nu alle Haagse middelbare scholieren deze excursie aangeboden? Zo neen, wil het college bewerkstelligen dat dit gaat gebeuren? Graag een toelichting.
Lessen op scholen in het kader van onze geschiedenis 1940-1945 en specifiek de vervolging van joden, zigeuners, homoseksuelen, verstandelijk gehandicapten en andersdenkenden zijn in het curriculum van het onderwijs verankerd, zodat leerlingen kennisnemen van deze tijd en de vervolging die toen heeft plaatsgevonden. Scholen bepalen zelf welke locaties zij bezoeken, al zijn op dit moment de mogelijkheden voor dergelijke reizen door de coronacrisis nog beperkt. De reis naar Auschwitz is een eenmalig initiatief geweest met een gemeentelijke financiële bijdrage waaraan een select gezelschap van leerlingen en docenten in het kader van 75 jaar vrijheid een bezoek hebben gebracht. Eén van de doelen van het bezoek aan Auschwitz met een beperkt gezelschap was dat zij hun ervaringen zouden delen met een grotere groep op zo een manier dat andere kinderen kennis kunnen nemen van de gebeurtenissen en zich hiermee kunnen associëren. Wat betreft het college is het daarom niet nodig dat alle kinderen in Den Haag dezelfde excursie maken. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx
Jan van Zanen
3/3