CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS308614 Afdoening motie Eerlijk speelveld bij bouwprojecten

Gemeenteraad 9 februari 2022, gemeente Den HaagBij agendapunt: Eerlijk speelveld bij bouwprojecten (RIS308614)643 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Typ tekstTyp tekstTyp tekst

040

Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag

Ons kenmerk

Aan: de Gemeenteraad

DSO/10134909 RIS308614 Contactpersoon

Fatma Yalcin Dienst

Dienst Stedelijke Ontwikkeling Afdeling

Directie Projecten Den Haag Telefoonnummer

14070 Datum

E-mailadres

28 oktober 2021

fatma.yalcin@denhaag.nl

Onderwerp

Afdoening motie 'Eerlijk speelveld bij bouwprojecten'

Uw raad heeft bij de bespreking van de brief van de wethouder FS, de heer Mulder inzake het Actieplan projectontwikkeling, -beheersing en verantwoording (RIS307365) op 15 april 2021 de door het raadslid de heer Barker ingediende motie 'Eerlijk speelveld bij bouwprojecten' (RIS308614) aangenomen. Hierbij informeert het college de raad over de afdoening van de motie: De motie luid als volgt: Overwegende dat: het betrekken van belanghebbenden bij overheidsbesluiten een belangrijk onderdeel is van projectaansturing en de projectontwikkelaar hier niet in haar eentje verantwoordelijk voor is; bij het vastleggen van een PUK of NvU het college zich committeert om publiekrechtelijke medewerking te verlenen; bij een dergelijk besluit de gemeente in haar publieke rol verschillende partijen gelijkwaardig zou moeten behandelen; over het algemeen voor de vaststelling van dit soort documenten de gemeente niet actief het contact zoekt met andere belanghebbenden, maar slechts aanwezig is bij informatiebijeenkomsten van de ontwikkelaar; de gemeente wel talloze keren afzonderlijk met de ontwikkelaar spreekt en aan het voorlopige documenten voorlegt; hierdoor bewoners een minder gelijkwaardige positie krijgen en de belangen van de bewoners minder bekend zijn en betrokken kunnen worden bij gemeentelijke besluitvorming.

Verzoekt het college: bij PUK’s en NVU’s een moment in te bouwen waarin andere betrokkenen rechtstreeks input kunnen geven op deze concept documenten alvorens het college deze vaststelt; in de vastgestelde documenten standaard in te gaan op welke inbreng is verkregen en wat er al niet mee is gedaan.

Gemeente Den Haag

Spui 70 Den Haag

Postbus 12600 2500 DJ Den Haag

T 14070 www.denhaag.nl

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10134909

Het college geeft op de volgende manier antwoord op deze uitspraak van de raad: Bij het opstellen van PUK’s is het aan de projectontwikkelaar om uitvoering te geven aan participatie. De rol van de gemeente is daarin beperkt. Het gaat immers om een plan dat op eigen terrein van de ontwikkelaar wordt ontwikkeld. De gemeente ziet er echter wel op toe dat ontwikkelaars participatie zorgvuldig oppakken. Zo toetst de gemeente de inzet van de ontwikkelende partijen. De gemeente neemt bovendien deel aan de participatiebijeenkomsten om vragen die betrekking hebben, op daar waar de gemeente over gaat, te beantwoorden. Uiteraard is de gemeente te allen tijde betrokken, waarbij de ontwikkelende partij actief gewezen wordt op de leidraad en uitgangspunten voor goede participatie. Bij NvU’s is de rol van de gemeente groter. De gemeente kiest voor het maken van een NvU als er sprake is van planontwikkeling op gemeentegrond. In die gevallen vervult de gemeente een trekkende rol bij participatie. Als al een ontwikkelaar bekend is, dan wordt deze gevraagd hierin actief mee te doen. Ook wordt er bij ontwikkelaars op aangedrongen om voor de participatiebijeenkomsten de belanghebbenden in de omgeving uit te nodigen en daarbij breder te kijken dan alleen de omgeving direct grenzend aan de ontwikkeling. De gemeente ziet er op toe dat dit gebeurt.

Voorafgaand aan het vaststellen van een PUK door het college wordt de input van deze belanghebbenden door de ontwikkelende partij opgehaald en verwerkt in de concept documenten. In de vastgestelde documenten zal worden ingegaan op de inbreng van de belanghebbenden. Tevens zal het college duidelijk maken wat met de inbreng is gedaan. Het college werkt aan nieuw beleid waarbij de gemeente meer gaat sturen op de participatie in grote gebiedsontwikkelingen, binnen de mogelijkheden die de omgevingswet daarvoor bied. In de nu voorliggende begroting wordt hiervoor meer budget vrijgemaakt. Het college beschouwt de motie hiermee als afgedaan. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx

Jan van Zanen

2/2

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10713804/1