CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS308544 Beantwoording SV Betreurenswaardige aanpak gemeente bij slachtoffers van valpartijen

Commissie Leefomgeving 6 juli 2021, gemeente Den HaagBij agendapunt: Ingekomen bestuurlijke stukken2.011 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Datum

BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE

29 juni 2021

VRAGEN

Onderwerp

Ons kenmerk

Antwoord van het college op de vragen van de raadsleden de heer Oudshoorn en mevrouw Roopram, luidend: ‘Betreurenswaardige aanpak gemeente bij slachtoffers van valpartijen door scheefliggende stoeptegels’

DPZ/10106417 RIS308544

De raadsleden de heer Oudshoorn en mevrouw Roopram hebben op 16 april 2021 een brief met daarin veertien vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht. Overeenkomstig artikel 30 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt. Een val over een scheefliggende stoeptegel kan flink letsel tot gevolg hebben, maar de gemeente keert zelden een schadevergoeding uit naar aanleiding van achterstallig onderhoud. In een *artikel van het AD werd een ernstige situatie omschreven van een vrouw van 92 jaar die gestruikeld was over een scheefliggende stoeptegel in Kraayenstein en hierdoor haar arm brak op drie plekken. De gemeente gaf 500 euro schadevergoeding uit piëteit. 1.

Wat vindt het college van het artikel in het *AD met als koptekst ‘Vrouw (92) struikelt over stoeptegel en breekt arm op drie plekken: ‘Gemeente gaf slechts 500 euro schadevergoeding?

Het college leeft mee met de vrouw in kwestie en haar zoon. Het college betreurt iedere valpartij, zeker daar waar er ook sprake is van letselschade. Zoals ook vermeld in de in april verzonden commissiebrief (RIS308428) zet het college, samen met de Stedelijke Ouderencommissie (SOC), in op een aanpak van struikelpunten en het voorkomen van valpartijen. Mocht er helaas toch sprake zijn van letselschade wordt iedere schadeclaim/aansprakelijkstelling afzonderlijk beoordeeld. Om recht te doen aan de situatie wordt op basis van de geldende wet- en regelgeving een afweging gemaakt. 2.

In het artikel wordt aangegeven dat het bedrag van 500 euro uit piëteit werd overgeboekt, niet omdat de gemeente nalatig was. Is dit de normale gang van zaken hoe de gemeente omgaat met dit soort schrijnende situaties? Zo neen, hoe had de gemeente dan wel moeten handelen?

De gemeente beoordeelt elke aansprakelijkstelling waarbij verzocht wordt om materiële schade te vergoeden afzonderlijk op basis van beschikbare informatie. De beoordeling daarvan vindt zoals hiervoor aangegeven plaats op basis van de feiten behorende bij het specifieke geval en de geldende wet- en regelgeving. Wanneer nalatigheid cq aansprakelijkheid niet kan worden aangetoond is de gemeente niet gehouden aan het geven van een vergoeding. Dit laat onverlet dat de gemeente slachtoffers van een valpartij, ongeacht de aansprakelijkheid van de gemeente, altijd op een behulpzame wijze tegemoet zal treden. Klachten worden altijd serieus genomen.

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DPZ/10106417

3.

Kan het college aangeven waarom de scheefliggende stoeptegels in de Karperdaal niet direct waren recht gelegd na meldingen van bewoners ondanks de toezegging van de gemeente dat de melding direct aangepakt zou worden?

Het college herkent zich niet in bovengenoemde vraag. De wegbeheerder heeft contact gehad met de melder en de betreffende tegel is recht gelegd. (1) https://www.ad.nl/binnenland/vrouw-92-struikelt-over-stoeptegel-en-breekt-arm-op-drie-plekken-gemeente-gaf-slechts-500-euroschadevergoeding~a7ded6d8/

4.

Van 61 schadeclaims, vanwege een val na slecht onderhoud van een stoep, zijn er zes toegewezen. Kan het college aangeven waarom er maar zes schadeclaims zijn toegewezen?

Zie de beantwoording bij vraag 1. 5.

Volgens de Stedelijke Ouderen Commissie (SOC) moet er een arbitragecommissie komen die klachten over achterstallig onderhoud in de openbare ruimte objectief beoordeelt. Nu worden claims alleen gewogen door de gemeente. Wat vindt het college hiervan en staat het college hier open voor?

Het college betrekt haar inwoners op diverse manier bij de aanpak van de buitenruimte. Denk hierbij aan participatie bij (her)inrichtingsprojecten of het opstellen van wijkagenda’s. De formele bevoegdheid tot uitvoering ligt uiteindelijk wel bij het college. Klachten over achterstallig onderhoud kunnen bij de gemeente altijd via de gebruikelijke kanalen worden ingediend. Dat kan via de website, via de melding openbare ruimte, via 14070 en met gebruikmaking van de BuitenBeterapp. De inwoner, cq melder, wordt betrokken bij de afhandeling en/of ontvangt een terugkoppeling dat de melding is opgelost. Aansprakelijkstellingen dienen door de gemeente zelf beoordeeld te worden op de wijze zoals eerder aangegeven. Indien een dergelijke claim wordt afgewezen kan degene die de claim heeft ingediend zich tot de rechtbank wenden om de juistheid hiervan te betwisten. Klachten over de afdoening van claims kunnen worden ingediend bij de Gemeentelijke Ombudsman. De Ombudsman is laagdrempelig waardoor burgers/bedrijven op een eenvoudige wijze hun klachten kenbaar kunnen maken. In de brief van het college, aanpak struikelpunten (RIS308428) wordt er een structurele gemeentelijke aanpak omschreven. In het verbeteren van de meldingsprocedure is aangegeven door de SOC dat er meer transparantie moet zijn over de opvolging en de stand van zaken van meldingen.

Via het Verbeterprogramma Meldingen Openbare Ruimte (MOR) worden nog voor de zomer verbeteringen in het meldingssysteem doorgevoerd voor wat betreft de meldingen in de keten Schoon (meldingen over afval, zwerfvuil, e.d.). Het college geeft aan dat het de bedoeling is dat deze extra functionaliteiten in de tweede helft van 2021 ook worden toegepast op de meldingen voor struikelpunten. Tot die tijd is binnen alle stadsdelen een vaste contactpersoon voor de SOC aangewezen voor vragen over meldingen over struikelpunten. 6.

Prima dat een vaste contactpersoon voor de SOC is aangewezen binnen alle stadsdelen. Maar hoe zit het met de spoedmeldingen die nu binnenkomen bij 14070 en bij de BuitenBeter app, die tevens niet is benoemd?

Meldingen over de openbare ruimte worden geregistreerd en ter afhandeling direct doorgestuurd naar een afdeling zoals bijvoorbeeld Vegen en Straten die de melding oppakt en ter plekke het gevaar wegneemt.

2/4

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DPZ/10106417

7.

Deelt het college de mening van Hart voor Den Haag / Groep de Mos dat vanwege het ontbreken van de digitale vaardigheid de BuitenBeter app niet wordt gebruikt door ouderen?

Niet iedereen beschikt over de digitale vaardigheden voor het gebruik van een app. Daarom blijft het ook mogelijk om meldingen te doen via de website van de gemeente of via het telefoonnummer 14070. 8.

Kan het college aangeven hoe vaak er gebruikgemaakt wordt van de BuitenBeter app?

De eerste vier maanden in 2021 zijn in totaal meer dan 11.000 MOR-meldingen gedaan via de BuitenBeterapp. Het totaalaantal MOR-meldingen in dezelfde periode was 147.200 (bron: KCC). 9.

Kan het college concreet en stapsgewijs aangegeven hoe de gevaarlijke struikelpunten nu in behandeling worden genomen en wat er precies aangepast zal worden?

Elke bewoner van Den Haag kan via het Meldingen Openbare Ruimte-systeem aangeven om wat voor melding het gaat. Deze wordt op basis van urgentie (gevaarzetting) afgehandeld. Bij groot gevaar voor de omgeving wordt er direct gehandeld, dit gebeurt ook buiten kantooruren. 10.

Kan het college aangeven op wat voor manier de valpreventietrainingen worden ingezet en op wat voor manier zal de bekendmaking van deze trainingen overgebracht worden aan de inwoners?

De valpreventie trainingen worden zowel één op één als in groepsverband aangeboden. De één op één trainingen zijn op 1 april jl. gestart. Senioren worden thuis bezocht door getrainde beweegcoaches en krijgen de zogenoemde ’In balans-cursus van Veiligheid NL’. Senioren worden bewust gemaakt van risicofactoren en verbetering van balans, mobiliteit en toename van zelfvertrouwen en ontspanning. Hierbij een korte impressievideo: https://www.youtube.com/watch?app=desktop&v=iXt9B9LClcY De groepsinterventies worden gestart zodra de maatregelen rond het Covid-virus dat toelaten. Inmiddels zijn voorbereidingen gestart zoals het vastleggen van locaties en samenstellen van groepen. De bekendmaking van valpreventie trainingen vindt plaats door directe en indirecte werving: via online (facebook) en offlinekanalen (advertenties in o.a. wijkkranten, het verspreiden van flyers, posters en beeldmateriaal (video’s). Ook worden promotieactiviteiten ingezet, bij buurthuizen, (super)markten en winkelcentra, om senioren bewust te maken van valpreventie en hen te stimuleren om deel te nemen aan de training. Studenten Social Work en jongeren die zich vrijwillig inzetten (via het Maatschappelijke Dienst Tijd-project The Real Social) gaan op huisbezoek bij ouderen en motiveren hen tot deelname.

Daarnaast verwijzen verschillende samenwerkingspartners (Lijn1, Haags Ontmoeten, Beter Thuis Wonen, Wijkberaden, Beter thuis Loosduinen, Tim fysio, Voor Welzijn, etc.) de mensen door naar de training. 11.

Voorkomen is beter dan genezen, is het college het ermee eens dat een valpreventietraining niet kan voorkomen dat ouderen kunnen vallen over een scheefliggende stoeptegel en dat dus de openbare ruimte toegankelijk moet zijn en blijven voor ouderen, mensen met een beperking en alle inwoners?

De openbare ruimte dient toegankelijk te zijn en blijven voor alle bewoners. Valpreventietraining heeft als doel het risico op valongevallen te verminderen zowel binnens- als buitenshuis. Zoals u wellicht bekend is, heeft de Stichting Ouderen Commissie (SOC) een stoeptegel-meldpunt in het leven geroepen. Bewoners kunnen plekken waar de bestrating slecht en gevaarlijk is melden. Alle stadsdelen anticiperen op deze meldingen en hebben hiervoor één aanspreekpunt aangewezen. Momenteel wordt er gewerkt aan de aanpak van de meldingen uit het struikelmeldpunt van de Stedelijke ouderencommissie. Nagenoeg alle van de 400 meldingen zijn inmiddels aangepakt.

3/4

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DPZ/10106417

12. Hart voor Den Haag/Groep de Mos heeft meerdere malen in commissies en middels schriftelijke vragen de aandacht gevraagd voor de inzet van de heupairbag. Uit verschillende ***onderzoeken is gebleken dat de heupairbag succesvol is. Waarom maakt het college dan toch de keuze om ondanks de onderzoeken een pilot (3) te starten? (2) zie bijlage (3) https://www.ad.nl/den-haag/zelfdenkende-broek-blaast-op-bij-vallen-deze-heupairbag-moet-breuken-bij-ouderen-voorkomenã4237cb2b

De effectiviteit van de heupairbag in een extramurale omgeving is nog onbekend. Daarom is een pilot nodig om te kunnen valideren of en dat het werkt”. Eerdere onderzoeken zijn gedaan naar de effectiviteit van de WOLK in een intramurale omgeving bij verzorgings- en verpleeghuizen. Deze onderzoeken kunnen helaas niet één op één worden vertaald naar een omgeving met zelfstandig wonende personen. Intramuraal is bijvoorbeeld veel meer sprake van een homogene gecontroleerde omgeving waarin ouderen sneller een airbag gebruiken, aanhouden en zich laten volgen. Bij zelfstandig wonende ouderen is er sprake van meer variabele factoren, zoals hun woonomgeving, mobiliteit en mate van zelfstandigheid. Hoewel de resultaten van eerdere onderzoeken succesvol waren, tot minder breuken leidden, en tot samenwerking met de verzekeraar CZ hebben geleid, zijn er geen gegevens bekend over de inzet van de heupairbag in extramurale setting. Hierbij gaat het vooral om vragen als: Hoeveel cliënten in de thuiszorg komen in aanmerking voor en willen de heupairbag dragen? Welke ondersteuning is er nodig vanuit thuiszorgmedewerkers bij het juist gebruik van de heupairbag? Hoe ervaren gebruikers de heupairbag? etc. Om die reden zijn we een pilot gestart om uiteindelijk via een business case aan te kunnen tonen dat de heupairbag ook effectief is bij zelfstandig wonende ouderen.

Deze business case is ook onderdeel van GGDH waarin we samenwerken met partijen zoals de verzekeraar, huisartsen en ziekenhuizen. Als gemeente nemen we het initiatief voor deze pilot zodat de WOLK in samenwerking ingezet kan worden. 13. Hoeveel meldingen zijn er in 2020 en 2021 bij de gemeente binnen gekomen over losliggende toeptegels, hoeveel zijn daarvan opgelost en wat was de gemiddelde tijd tussen de melding en de oplossing? Er zijn in 2020 3229 meldingen geweest over losliggende stoeptegels hiervan zijn er 2681 snel opgelost, de gemiddelde tijd hiervoor was 9 dagen. De overige meldingen zijn veelal onderdeel van een grotere benodigde aanpak (meer dan 20m2) of worden meegenomen in reeds gepland onderhoud. Hier wordt de burger over geïnformeerd. Er zijn in 2021 tot medio mei 1396 meldingen geweest over losliggende stoeptegels hiervan zijn er 1299 snel opgelost, de gemiddelde tijd hiervoor is 1 dag. Dankzij extra gemeentelijke inzet is de gemiddelde tijd aanzienlijk ingelopen ten opzichte van 2020. 14. Wat is het jaarlijks budget van de gemeente voor het onderhoud van het trottoir? Het totale budget onderhoud Straten, Wegen en Pleinen voor 2021 bedraagt € 23.325.000. Er is een verdeling tussen groot onderhoud en calamiteiten onderhoud (€ 880.000). Calamiteiten onderhoud is bedoeld voor het afhandelen van MOR meldingen, deze zijn per stadsdeel verdeeld op basis van areaal.

Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx

Jan van Zanen

4/4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10342641/1