CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS308191 Beantwoording SV Opheldering van de burgemeester n.a.v. demonstratie Malieveld

Commissie Bestuur 1 september 2021, gemeente Den HaagBij agendapunt: Ingekomen bestuurlijke stukken1.084 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Datum

BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE

18 mei 2021

VRAGEN

Onderwerp

Ons kenmerk

Antwoord van het college op schriftelijke vragen van het raadslid de heer De Mos luidend: ‘Opheldering van de burgemeester n.a.v. van demonstratie Malieveld’

BSD/10092063 RIS308191

Het raadslid de heer De Mos heeft op 14 maart 2021 een brief met daarin vier vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht. Overeenkomstig artikel 30 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt. 1.

Kan het college een feitenrelaas geven over de uit de hand gelopen demonstratie op het Malieveld d.d. 14 maart 2021?

2.

Het Malieveld biedt veel meer ruimte dan voor 200 personen; waarom heeft het college gekozen deze limiet te stellen?

Antwoord op de vragen 1 en 2 Het recht op betoging is een grondrecht en daarmee een groot goed voor onze democratische rechtstaat. Den Haag heeft een ruimhartig demonstratiebeleid, dat is gericht op mogelijk maken en niet op beperken. Nergens in Nederland worden zoveel demonstaties gefaciliteerd als in Den Haag. De inzet van de politie en de gemeente is er altijd op gericht om te zorgen dat demonstranten veilig hun grondrecht kunnen uitoefenen. Voor wat betreft demonstraties is de burgemeester op grond van de Wet openbare manifestaties (Wom) het bevoegd gezag. Conform de Wom worden demonstraties alleen beperkt indien dat nodig is ter voorkoming van wanordelijkheden, ter bescherming van de gezondheid of in het belang van het verkeer. Voor zondag 14 maart jl. waren meerdere demonstraties aangemeld, waaronder een klimaatdemonstratie op de Koekamp en een demonstratie tegen het regeringsbeleid op het Malieveld. Gelet op de ernst van de coronapandemie was het voornemen beide demonstraties, op basis van adviezen van de GGD en de politie en eerdere ervaringen met grotere demonstaties (ook in andere steden), ter bescherming van de gezondheid, te beperken tot een maximum aantal deelnemers van 100. Deze beperking gold sinds januari en alle demonstaties in de periode januari – half maart hebben conform deze lijn zonder problemen plaatsgevonden.

Na de aangenomen motie “Minder beperking aantal demonstranten” (RIS308065) is dit maximumaantal verdubbeld naar 200. De klimaatdemonstratie op 14 maart is over het geheel genomen goed verlopen. De organisator van de demonstratie op het Malieveld heeft, na te zijn geïnformeerd over het maximumaantal demonstranten, de kennisgeving ingetrokken. Desondanks verzamelden zich op 14 maart op verschillende plekken in Den Haag meerdere groepen mensen voor een onaangekondigde demonstratie. Alhoewel de demonstratie was geannuleerd, is conform het beleid om in beginsel ook niet-aangemelde demonstraties te faciliteren, op het Malieveld alsnog gelegenheid geboden voor een demonstratie met maximaal 200 personen, met inachtneming van de geldende regelgeving.

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

BSD/10092063

Het aantal demonstranten bedroeg al snel echter meer dan 200 en de coronaregels werden massaal genegeerd, evenals de aanwijzingen en vorderingen van de politie. Om te voorkomen dat nog meer mensen zich bij de demonstratie zouden aansluiten en zich richting Malieveld of binnenstad zouden begeven is een noodbevel uitgevaardigd. Aan dit noodbevel werd door velen geen gehoor gegeven. Teneinde wanordelijkheden in de binnenstad te voorkomen – zoals die zich recent in andere steden hadden voorgedaan - zijn de groepen demonstranten, die zich op andere locaties in de stad hadden verzameld, op het Malieveld toegelaten. Deze demonstranten zijn ordelijk naar het Malieveld begeleid. Na ontbinding van de demonstratie op het Malieveld werden de voortdurend herhaalde oproepen om het Malieveld te verlaten genegeerd. Een aanzienlijke groep bleef op het Malieveld achter, ook na herhaaldelijk afgegeven waarschuwingen dat geweld zou worden toegepast. Een kleine twee uur nadat de demonstratie was ontbonden, is de ME ingezet ten behoeve van het ontruimen van het Malieveld. Politiemensen hebben hierbij fors geweld moeten incasseren. Zij zijn door demonstranten met onder meer stenen, zwaar vuurwerk en andere voorwerpen bekogeld en belaagd. Dat men deze voorwerpen had meegevoerd, wijst erop dat een deel van de aanwezigen uit was op een confrontatie.

Zoals uit het vorenstaande blijkt, zijn tijdens de demonstratie meerdere in de driehoek vastgestelde tolerantiegrenzen herhaaldelijk overschreden, waaronder het dreigen met geweld, het gebruiken van geweld tegen de hulpdiensten, het meevoeren van voorwerpen die kennelijk het doel hebben het politieoptreden te hinderen, het persoonlijk beledigen van politiepersoneel, het gooien van (o.a.) stenen en het fysiek of verbaal belemmeren en verstoren van de werkzaamheden van de hulpdiensten. De inzet van verbaal en fysiek geweld tegen hulpverleners is te allen tijde onacceptabel. Tegelijkertijd dient het politieoptreden, zeker wanneer sprake is van het gebruik van geweld, zorgvuldig en proportioneel te zijn. In het geval dat politiemensen geweld moeten inzetten, leggen zij hier altijd verantwoording over af. In dit geval heeft het politieoptreden tegen bovengenoemd gedrag gefaseerd plaatsgevonden. De politie heeft duidelijk en veelvuldig de demonstranten aangesproken op hun gedrag en hen gewaarschuwd dat geweld zou moeten worden toegepast, indien zij geen gehoor zouden blijven geven aan de instructies van de politie. Helaas werd geen gehoor gegeven aan de instructies van de politie, waardoor de politie genoodzaakt was op te treden en uiteindelijk geweld te gebruiken.

Politiegeweld is aan strenge voorwaarden gebonden en wordt altijd getoetst door de politie en eventueel door de Ombudsman, het Openbaar Ministerie en uiteindelijk de rechter. Dat gebeurt ook nu. De burgemeester noch het college heeft hierbij een rol. 3.

De beelden laten een vreedzame en vrolijke demonstratie zien: waarom heeft het college besloten met harde hand in te grijpen, in plaats van te de-escaleren, zoals u bij eerdere demonstraties deed?

De burgemeester is verantwoordelijk voor besluiten ten aanzien van demonstraties. De uitgangspunten worden afgestemd in de Driehoek (Hoofdofficier van Justitie, Eenheidschef politie en burgemeester). De-escalerend optreden bij demonstraties is één van de standaard uitgangpunten. Zoals hierboven beschreven, was ook bij deze demonstratie nadrukkelijk sprake van de-escalerend optreden. Omdat een aantal mensen, ondanks alle vorderingen en bevelen, weigerde te vertrekken en de coronavoorschriften bleef overtreden, was optreden noodzakelijk. Het college kwalificeert het gedrag van de demonstranten die de coronaregels overtraden, (nood)bevelen en vorderingen negeerden en de (gewelddadige) confrontatie met de politie zochten, niet als vrolijk en vreedzaam.

2/3

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

BSD/10092063

4.

Wat doet het college aan de beeldvorming die ontstaat, dat het onderwerp waarover gedemonstreerd wordt, bepalend is voor de reactie van het bevoegd gezag?

Het Haagse demonstratiebeleid noch de feitelijke uitvoering daarvan geeft enige aanleiding te veronderstellen dat de inhoud van een demonstratie bepalend is voor de aanpak. Personen of organisaties die anders suggereren zijn hiervoor zelf verantwoordelijk. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx

Jan van Zanen

3/3

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10151676/1