RIS308173 Bijlage 1
Tekst van het document
Memo Aan:
Gemeente Den Haag
Van:
RIGO, Jan Scheele-Goedhart & Michelle Hu
Onderwerp:
Actualisatie kamerbewoning 2021
Project:
42750 Actualisatie cijfers kamerbewoning Den Haag
Datum:
2 maart 2021
Inleiding De gemeenteraad van Den Haag heeft in juli 2020 een initiatiefvoorstel aangenomen om kamerbewoning in Haagse wijken te beperken 1. Twee belangrijke punten uit dit voorstel zijn:
Het terugbrengen van het aantal personen dat zonder vergunning kamergewijs een woning mag bewonen van drie naar twee;
Het beperken van kamerbewoning tot maximaal 5% van te woningvoorraad per wijk.
In de Nota Voorraadbeleid 2020 heeft de gemeente deze punten uit het initiatiefvoorstel verwerkt: “Om een evenwichtige samenstelling van de woningvoorraad in wijken te behouden, wordt een normpercentage gehanteerd van maximaal 5% kamerbewoning (vanaf drie personen) in de woningvoorraad, zoals geregistreerd in de BAG. Boven dit normpercentage wordt geen kamerbewoning meer toegestaan Om te bepalen of het quotum wordt overschreden, wordt gebruik gemaakt van een combinatie van data over vergunde kamerbewoning en beschikbare data van het CBS die een inschatting geeft van niet vergunde kamerbewoning door drie of meer personen. Begin 2021 wordt een actualisatie gemaakt van wijken waar deze 5% norm wordt overschreden. Een overzicht wordt gepubliceerd op de website van de gemeente Den Haag. Kamerbewoning is dynamisch en daarom is monitoring noodzakelijk, zodat het normpercentage in wijken niet wordt overschreden. Na de ‘nulmeting’ begin 2021 is door het nieuwe vergunningensysteem nauwkeurig de ontwikkeling per wijk bij te houden. Bij de monitoring zal eventueel ook andere beschikbare data (zoals van het CBS) worden benut, om een nauwkeurige weergave van kamerbewoning in relatie tot het quotum te creëren. ” (p. 12).
Deze notitie beschrijft op basis van geactualiseerde cijfers hoeveel resterende ruimte voor kamerbewoning er in de verschillende Haagse wijken is, op grond van de berekeningswijze die in de Nota Voorraadbeleid is vastgesteld. We volgen daarbij de berekeningswijze die ook aan de rapportages over kamerbewoning in 2017 en 2019 ten grondslag li gt. Dat doen we op basis van geactualiseerde cijfers per 1 januari 2020 2.
1
Initiatiefvoorstel ‘Laat ’t leefbaar, Verminder Verkamering’, d.d. 13 juli 2020. RIS-nummer 303999.
2
De cijfers zijn gebaseerd op de registraties tot en met 31 december van het voorgaande jaar. Een deel van de cijfers is nog niet tot 31 december 2020 bekend; daarom kan per ultimo 2020 wel een voorlopi ge schatting berekend worden, maar geen definitief resultaat.
Pagina 1 van 8
Vooraf is het goed om op hoofdlijnen inzichtelijk te maken welke stappen we in het onderzoek volgen. De basis is dat we het CBS-bestand 3 van de huishoudens in Den Haag koppelen aan de registratie van adressen. Volgens de Haagse definitie van kamerbewoning is er sprake van kamerbewoning waar meer dan één huishouden op een woonadres woont. Dat betekent dat we per adres ook moeten bepalen of het gaat om een woning of om een ander object ; er zijn in de praktijk ook bewoonde kantoren, of bedrijfsruimtes, of andere objecten. Omdat deze niet onder de definitie van kamerbewoning in het Haagse beleid vallen, laten we de bewoonde niet woningen buiten beschouwing. Daarnaast zijn er ook woningen die door institutionele huishoudens (zoals woongroepen voor begeleid wonen) worden bewoond; ook deze laten we buiten beschouwing. Daarbij moet bedacht worden dat het onderzoek alleen uitspraken kan doen over adressen die formeel bewoond zijn. Over adressen waar niemand staat ingeschreven kunnen we op grond van dit onderzoek geen uitspraak doen, ook niet wanneer deze adressen formeel wel bewoond zijn. In Den Haag gaat het daarbij om een relatief groot aantal adressen, omdat Den Haag een concentratie heeft van geprivilegieerden, die zich vanwege hun juridische status niet in de Basisregistratie Personen (BRP) hoeven in te schrijven.
Vermoedelijk is in een deel van deze woningen ook sprake van kamerbewoning, maar daarover kunnen we geen uitspraken doen. Figuur 1 geeft het bovenstaande schematisch weer. Tot slot: in navolging van het initiatiefvoorstel van de raad stelt de nota voorraadbeleid dat het aantal adressen waar kamerbewoning in een wijk is toegestaan, gebaseerd moet worden op een percentage van de woningvoorraad. Daarom berekenen we op grond van de cijfers over kamerbewoning in de bewoonde voorraad het percentage per wijk, en passen dat toe op de totale voorraad, om zo de ruimte voor kamerbewoning per wijk te ramen. Figuur 1
Schematische weergave bewoonde objecten
niet-woningen
A: door één huishouden bewoonde nietwoningen
woningen
C: door één huishouden bewoonde woningen
D: institutioneel bewoonde woningen B: door meer dan één huishouden bewoonde nietwoningen
3
E: door meer dan één huishouden bewoonde woningen: KAMERBEWONING
F: leegstaande woningen (in de praktijk is er vaak wel sprake van bewoning, bijvoorbeeld van geprivilegieerden, maar die zijn niet geregistreerd. Vermoedelijk woont in een deel van deze woningen ook meer dan één huishouden, maar dat is niet te achterhalen)
Strikt genomen is er geen volledige registratie van huishoudens. Het CBS leidt een bestand van huishoudens af uit gegevens over huwelijken en geregistreerde partnerschappen, belastinggegeven s en adresgegevens. Huishoudens die niet op deze manier bepaald kunnen worden, worden door het CBS geschat.
Ontwikkeling kamerbewoning op stedelijk niveau In tabel 1 zijn de cijfers over kamerbewoning in de gemeente Den Haag weergegeven. Dat zijn allereerst de cijfers over kamerbewoning die ook in het rapport over kamerbewoning uit 2020 zijn opgenomen. Vervolgens zijn de cijfers van begin 2020 weergegeven, die berekend zijn op dezelfde manier als de cijfers van begin 2019 uit het rapport. In die cijfers is een lichte afname van het aantal adressen met kamerbewoning te zien, vooral van adressen waar drie of meer personen wonen. Tabel 1 Ontwikkeling kamerbewoning in Den Haag
bewoonde adressen
2019
2020
241.600
244.640
af: bewoonde niet-woningen
1.150
1.070
bewoonde woningvoorraad
240.500
243.580
af: institutioneel bewoonde voorraad
2.310
2.320
particulier bewoonde woningvoorraad
238.100
241.260
niet-bewoonde woningvoorraad
18.760
18.910
bewoond door één huishouden
219.280
222.420
bewoond door meerdere huishoudens: kamerbewoning
18.900
18.840
waarvan kamerbewoning met 2 personen
3.170
3.300
kamerbewoning met 3 of meer personen
15.730
15.540
6,6%
6,4%
aandeel kamerbewoning met 3 of meer personen
Kamerbewoning per wijk De raad heeft bepaald dat de ruimte voor kamerbewoning op wijkniveau wordt bepaald, waarbij een maximumpercentage van 5% wordt gehanteerd. In wijken waar meer kamerbewoning is, worden geen vergunningen voor kamerbewoning verleend; in wijken waar minder kamer bewoning is, worden vergunningen verleend tot dit maximum. In deze paragraaf berekenen we deze ruimte voor kamerbewoning op wijkniveau. Tabel 2 geeft de uitkomst van deze berekening per wijk, op basis van de definitieve cijfers begin 2020. Bij deze berekening van de ruimte per wijk zijn de volgende stappen gevolgd:
4
Op basis van de CBS-cijfers over kamerbewoning met 3 of meer personen per wijk (kolom C) en het totaal aantal bewoonde woonadressen per wijk (kolom B) is het aandeel kamerbewoning per wijk (kolom D) berekend 4.
De resterende ruimte voor kamerbewoning als percentage van de woningvoorraad (kolom E) is berekend als het verschil tussen 5% en de cijfers uit kolom D. In de tabel zijn
Voor een aantal wijken zijn het aantal adressen met kamerbewoning door drie of meer personen en het aandeel kamerbewoning in grijs tussen haakjes weergegeven. Dit zijn wijken waar wel kamerbewoning voorkomt, maar het aantal adressen te klein is om een uitsplitsing naar aantal personen te laten zien. In deze wijken is het totaal aantal adressen met kamerbewoning in de tabel weergegeven, dus inclusi ef kamerbewoning door twee personen.
op één decimaal afgeronde percentages gegeven, maar in de berekening zijn de percentages nauwkeuriger meegenomen.
Dat percentage is toegepast op de totale woningvoorraad per 1 januari 2020 volgens de BAG (kolom A) 5, om de resterende ruimte te bepalen (kolom F).
Van dat aantal is het aantal in 2020 verleende vergu nningen (kolom H) afgetrokken, om het maximaal aantal nog te verlenen vergunningen op 1 januari 2021 per wijk (kolom I) te berekenen.
Tabel 2 Ruimte voor kamerbewoning per wijk op basis van 5% -grens
kamerbewoning met 3 of meer personen (C) 0
resterende aandeel ruimte kamerbevoor kawoning merbewomet 3 of resterend ning op bameer per- percentage sis van de sonen (D) (E) BAG (F) n.v.t. n.v.t. n.v.t.
maximaal nog te verlenen ververleende gunningen vergunnin- 01/01/2021 gen (H) (I)
Wijk 01 Oostduinen
totale woningvoorraad (A) 1
bewoonde woningvoorraad (B) 0
Wijk 02 Belgisch Park
4.141
3.568
180
5,0%
0,0%
0
Wijk 03 Westbroekpark en Duttendel
1.226
958
(34)
(3,5%)
1,5%
18
Wijk 04 Benoordenhout
7.730
6.311
298
4,7%
0,3%
21
2
2
19
Wijk 05 Archipelbuurt
3.699
3.108
150
4,8%
0,2%
6
2
2
4
473
330
(22)
(6,7%)
0,0%
0
Wijk 07 Scheveningen
10.499
9.055
380
4,2%
0,8%
84
6
2
82
Wijk 08 Duindorp
2.840
2.765
79
2,9%
2,1%
61
Wijk 09 Geuzen- en Statenkwartier
Wijk 06 Van Stolkpark en Scheveningse Bosjes
Vergunningaanvragen (G) 1
1
0 18
0 61
7.261
6.085
312
5,1%
0,0%
0
Wijk 10 Zorgvliet
391
285
0
0,0%
5,0%
20
Wijk 11 Duinoord
4.339
3.802
204
5,4%
0,0%
0
3
2
0
Wijk 12 Bomen- en Bloemenbuurt
7.748
7.111
225
3,2%
1,8%
142
4
2
140
Wijk 13 Vogelwijk
2.125
1.955
(72)
(3,7%)
1,3%
28
28
Wijk 14 Bohemen en Meer en Bos
3.108
2.747
40
1,5%
3,5%
110
110
Wijk 15 Kijkduin en Ockenburgh
1.170
978
(39)
(4,0%)
1,0%
12
12
Wijk 16 Kraayenstein en Vroondaal
3.006
2.675
106
4,0%
1,0%
31
31
Wijk 17 Loosduinen
8.791
8.096
299
3,7%
1,3%
115
1
1
114
Wijk 18 Waldeck
9.988
9.167
239
2,6%
2,4%
239
3
2
237
Wijk 19 Vruchtenbuurt
4.565
4.388
127
2,9%
2,1%
96
1
Wijk 20 Valkenboskwartier
9.640
8.898
583
6,6%
0,0%
0
5
2
0
Wijk 21 Regentessekwartier
7.477
6.793
416
6,1%
0,0%
0
2
1
0
Wijk 22 Zeeheldenkwartier
6.575
5.721
307
5,4%
0,0%
0
2
1
0
Wijk 23 Willemspark
1.176
904
(54)
(6,0%)
0,0%
0
0
Wijk 24 Haagse Bos
442
270
0
0,0%
5,0%
22
22
Wijk 25 Mariahoeve en Marlot
8.697
7.950
304
3,8%
1,2%
102
Wijk 26 Bezuidenhout
9.842
9.005
418
4,6%
0,4%
35
14
11
24
Wijk 27 Stationsbuurt
7.248
6.658
388
5,8%
0,0%
0
15
11
0
Wijk 28 Centrum
12.632
11.151
557
5,0%
0,0%
1
9
6
0
Wijk 29 Schildersbuurt
12.481
12.017
1.259
10,5%
0,0%
0
Wijk 30 Transvaalkwartier
6.155
5.872
946
16,1%
0,0%
0
1
1
Wijk 31 Rustenburg en Oostbroek
8.488
8.094
889
11,0%
0,0%
0
1
Wijk 32 Leyenburg
7.895
7.224
398
5,5%
0,0%
0
12
5
9
0 20
96
102
0
Cijfers over de woningvoorraad zijn afkomstig uit Den Haag in Cijfers, waarvoor de BAG het onderliggende bestand is.
9
0 0
7
0
Wijk 33 Bouwlust en Vrederust
12.779
12.490
967
7,7%
0,0%
0
5
4
0
Wijk 34 Morgenstond
9.988
9.588
654
6,8%
0,0%
0
4
3
0
Wijk 35 Zuiderpark
101
98
0
0,0%
5,0%
5
Wijk 36 Moerwijk
10.462
9.877
784
7,9%
0,0%
0
11
7
0
Wijk 37 Groente- en Fruitmarkt
1.700
1.646
292
17,7%
0,0%
0
6
4
0
Wijk 38 Laakkwartier en Spoorwijk
19.979
18.850
2.066
11,0%
0,0%
0
7
2
0
595
520
(27)
(5,2%)
0,0%
0
Wijk 39 Binckhorst Wijk 40 Wateringse Veld
7.794
7.546
491
6,5%
0,0%
0
Wijk 41 Hoornwijk
117
102
0
0,0%
5,0%
6
Wijk 42 Ypenburg
9.714
9.459
605
6,4%
0,0%
0
Wijk 43 Forepark
41
54
0
0,0%
5,0%
2
0,0%
Wijk 44 Leidschenveen Totaal gemeente Den Haag
7.373
7.090
353
5,0%
262.492
241.261
15.541
6,4%
5
0 6
1
3
1
6 0 2
2 1.158
0
2 135
85
1.135
Bijlage: kamerbewoning naar aantal personen kamerbewoning volgens CBS Wijk 01 Oostduinen
2 personen (2019) -
2 personen (2020) -
ontwikkeling -
3 of meer personen (2019)
3 of meer personen (2020) -
-
ontwikkeling -
Wijk 02 Belgisch Park
223
34
43
+9
+26%
197
180
-17
Wijk 03 Westbroekpark en Duttendel
34
-
-
-
-
-
-
-
-
Wijk 04 Benoordenhout
335
43
37
-6
-14%
285
298
+13
+5%
Wijk 05 Archipelbuurt Wijk 06 Van Stolkpark en Scheveningse Bosjes Wijk 07 Scheveningen
179
33
29
-4
-12%
156
150
-6
-4%
-
-
-
-
-
-
-
-
499
120
119
-1
-1%
378
380
+2
+1%
Wijk 08 Duindorp
99
21
20
-1
-5%
80
79
-1
-1%
Wijk 09 Geuzen- en Statenkwartier
385
66
73
+7
+11%
361
312
-49
-14%
-
-
-
-
-
-
-
-
Wijk 11 Duinoord
259
48
55
+7
+15%
247
204
-43
-17%
Wijk 12 Bomen- en Bloemenbuurt
290
66
65
-1
-2%
255
225
-30
-12%
Wijk 13 Vogelwijk
72
-
-
-
-
-
-
-
-
Wijk 14 Bohemen en Meer en Bos
59
17
19
+2
+12%
51
40
-11
-22%
Wijk 15 Kijkduin en Ockenburgh
22
Wijk 10 Zorgvliet
-9%
39
-
-
-
-
-
-
-
-
Wijk 16 Kraayenstein en Vroondaal
122
-
16
-
-
-
106
-
-
Wijk 17 Loosduinen
356
52
57
+5
+10%
298
299
+1
+0%
Wijk 18 Waldeck
311
62
72
+10
+16%
251
239
-12
-5%
Wijk 19 Vruchtenbuurt
163
44
36
-8
-18%
123
127
+4
+3%
Wijk 20 Valkenboskwartier
739
164
156
-8
-5%
579
583
+4
+1%
Wijk 21 Regentessekwartier
560
118
144
+26
+22%
479
416
-63
-13%
Wijk 22 Zeeheldenkwartier
408
83
101
+18
+22%
418
307
-111
-27%
Wijk 23 Willemspark
54
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
Wijk 24 Haagse Bos Wijk 25 Mariahoeve en Marlot
392
114
88
-26
-23%
275
304
+29
+11%
Wijk 26 Bezuidenhout
564
115
146
+31
+27%
465
418
-47
-10%
497
119
109
-10
-8%
451
388
-63
-14%
Wijk 27 Stationsbuurt Wijk 28 Centrum
769
162
212
+50
+31%
587
557
-30
-5%
Wijk 29 Schildersbuurt
1.469
201
210
+9
+4%
1.238
1.259
+21
+2%
Wijk 30 Transvaalkwartier
1.059
100
113
+13
+13%
892
946
+54
+6%
Wijk 31 Rustenburg en Oostbroek
1.096
187
207
+20
+11%
856
889
+33
+4%
491
92
93
+1
+1%
391
398
+7
+2%
1.134
153
167
+14
+9%
940
967
+27
+3%
806
141
152
+11
+8%
615
654
+39
+6%
-
-
-
-
-
-
-
-
191
167
-24
-13%
751
784
+33
+4%
Wijk 32 Leyenburg Wijk 33 Bouwlust en Vrederust Wijk 34 Morgenstond Wijk 35 Zuiderpark Wijk 36 Moerwijk
951
Wijk 37 Groente- en Fruitmarkt
315
27
23
-4
-15%
314
292
-22
-7%
392
-12
-3%
2.004
2.066
+62
+3%
Wijk 38 Laakkwartier en Spoorwijk
2.458
404
Wijk 39 Binckhorst
27
-
-
-
-
-
-
-
-
Wijk 40 Wateringse Veld
540
40
49
+9
+23%
494
491
-3
-1%
-
-
-
-
-
-
-
-
664
65
59
-6
-9%
594
605
+11
+2%
-
-
-
-
-
-
-
-
377 18.840
31
24
-7
-23%
354
353
-1
-0%
3.113
3.299
+186
+6%
15.754
15.541
-213
-1%
Wijk 41 Hoornwijk Wijk 42 Ypenburg Wijk 43 Forepark Wijk 44 Leidschenveen
Bijlage: typologie van kamerbewoning per wijk Eén eenpersoonshuishouden verhuurt aan andere eenpersoonshuishoudens
Eén paar met of zonder kinderen + één of meer eenpersoonshuishouden
(inwoning)
(inwoning)
30
70
Alleen eenpersoonshuishoudens
Overige vormen van kamerbewoning
Totaal
40
80
220
Wijk 01 Oostduinen Wijk 02 Belgisch Park Wijk 03 Westbroekpark en Duttendel
30
Wijk 04 Benoordenhout
340
Wijk 05 Archipelbuurt Wijk 06 Van Stolkpark en Scheveningse Bosjes Wijk 07 Scheveningen
180 20 70
140
110
180
50
140
40
160
390
Wijk 11 Duinoord
40
90
60
80
260
Wijk 12 Bomen- en Bloemenbuurt
50
90
50
110
290
Wijk 08 Duindorp Wijk 09 Geuzen- en Statenkwartier
500 100
Wijk 10 Zorgvliet
Wijk 13 Vogelwijk
70
Wijk 14 Bohemen en Meer en Bos
60
Wijk 15 Kijkduin en Ockenburgh
40
Wijk 16 Kraayenstein en Vroondaal
120
Wijk 17 Loosduinen
20
130
40
170
360
Wijk 18 Waldeck
30
100
30
150
310
Wijk 19 Vruchtenbuurt
20
50
20
70
160
Wijk 20 Valkenboskwartier
110
200
190
240
740
Wijk 21 Regentessekwartier
60
150
160
180
560
Wijk 22 Zeeheldenkwartier
60
80
130
140
410
Wijk 23 Willemspark
50
Wijk 24 Haagse Bos Wijk 25 Mariahoeve en Marlot
40
130
60
170
390
Wijk 26 Bezuidenhout
70
150
180
170
560
Wijk 27 Stationsbuurt
60
110
160
160
500
Wijk 28 Centrum
70
180
290
230
770
Wijk 29 Schildersbuurt
150
530
130
670
1.470
Wijk 30 Transvaalkwartier
130
440
90
400
1060
Wijk 31 Rustenburg en Oostbroek
180
400
190
320
1.100
Wijk 32 Leyenburg
80
160
90
170
490
Wijk 33 Bouwlust en Vrederust
100
500
90
440
1.130
Wijk 34 Morgenstond
80
330
90
300
810
110
350
130
360
950
290
890
530
750
2.460
Wijk 35 Zuiderpark Wijk 36 Moerwijk Wijk 37 Groente- en Fruitmarkt Wijk 38 Laakkwartier en Spoorwijk
320
Wijk 39 Binckhorst Wijk 40 Wateringse Veld
30 20
260
20
240
540
30
280
40
310
660
6.660
2.110
3.090
Wijk 41 Hoornwijk Wijk 42 Ypenburg Wijk 43 Forepark Wijk 44 Leidschenveen Totaal Den Haag
380 6.980 18.840