RIS307954 Beantwoording SV Maak Haagse jongeren meer weerbaar tegen gokken
Tekst van het document
Datum
BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE
14 juli 2021
VRAGEN
Onderwerp
Ons kenmerk
Antwoord van het college op de vragen van het raadslid de heer Kapteijns, luidend: ‘Maak Haagse jongeren meer weerbaar tegen gokken!’
OCW/10090256 RIS307954
Het raadslid de heer Kapteijns heeft op 22 februari 2021 een brief met daarin zes vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht. Overeenkomstig artikel 30 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt. GroenLinks ontvangt signalen dat een groeiende groep jongeren in financiële problemen komt doordat ze gokken in koffiehuizen, belwinkels en sishalounges (vaak ook in ruimtes die niet voor iedereen openbaar zijn). Ook het Algemeen Dagblad publiceerde hier recent over.(1) Deze gokpraktijken variëren van legale spellen op vergunde kansspelautomaten tot illegale gokbijeenkomsten, waarbij om grote bedragen poker en ‘pata’ gespeeld. Ondanks dat dit op zich geen nieuw fenomeen is, lijkt het wel op steeds grotere schaal voor te komen. Dit wordt deels versterkt door de corona-maatregelen, waardoor vele jongeren verveling en uitzichtloosheid ervaren. Ook al hoeft gokken niet per definitie zorgwekkend te zijn, dit is wel het geval als het een verslaving wordt, dit illegaal gebeurt of als deze gokbijeenkomsten worden georganiseerd om kwetsbare jongeren uit te buiten. In de sociaal-economisch zwakkere wijken zijn er relatief veel jongeren die moeilijk meekomen op school en mede daardoor extra verslavingsgevoelig zijn.
Dit maakt hen extra kwetsbaar voor gok-gerelateerde criminaliteit waarbij zij geld moeten afdragen en daarmee zelf in de schulden en/of in de criminaliteit terecht komen. GroenLinks vraagt zich af of er voldoende zicht is op en aandacht voor gok-gerelateerde criminaliteit en de omvang van gok-gerelateerde geldproblemen onder jongeren, in aanvulling op de noodzakelijke repressieve aanpak van de politie. (2,3) Daarbij pleit GroenLinks voor meer aandacht voor het weerbaar maken van jongeren tegen de ‘verleidingen’ van gokken, ook in relatie tot bestaande schuldpreventie en het welzijnswerk. 1.
Is het college bekend met het probleem van geldproblemen door gokken bij kwetsbare jongeren?
Ja, het college is in zijn algemeenheid bekend met gokverslaving en de gevolgen daarvan. 2.
Heeft het college zicht op de omvang van (en de relatie tussen) gok-gerelateerde criminaliteit en gok-gerelateerde geldproblemen onder Haagse jongeren? Zo ja, is het college bereid deze cijfers te delen met de Raad? Zo nee, is het college bereid de omvang van gok-gerelateerde criminaliteit en gok-gerelateerde geldproblemen (zowel veroorzaakt door legaal als illegaal gokken) in kaart te brengen?
Het college heeft geen zicht op de omvang van (en de relatie tussen) gok-gerelateerde criminaliteit en gok-gerelateerde geldproblemen onder Haagse jongeren; dit is bovendien niet eenvoudig in kaart te brengen. De aandacht gaat op dit moment uit naar de landelijke legalisering en regulering van online gokken en het ontwikkelen van een preventieve aanpak gericht op het voorkomen van kansspelverslaving.
(1,2,3) Zie bijlage
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
OCW/10090256
Het gaat om de invoering van de nieuwe Wet kansspelen op afstand per 1 april 2021 en de voorbereiding op de opening van de online kansspelmarkt per 1 oktober 2021. Deze wet heeft als doel om kansspelverslaving te voorkomen, kansspel gerelateerde fraude en criminaliteit tegen te gaan en spelers te beschermen. Aanbieders van online kansspelen hebben een vergunning nodig en zijn verplicht verslavingspreventiebeleid te ontwikkelen. 3.
Welke maatregelen treft het college om gokverslaving of gok-gerelateerde geldproblemen onder jongeren aan te pakken en te voorkomen? Graag een toelichting.
De uitvoering van taken op het gebied van verslavingspreventie, waaronder gokverslaving, is belegd bij Indigo preventie. Deze organisatie biedt individuele gesprekken, motiveertrajecten en waar nodig toeleiding naar behandeling van de verslaving. Daarnaast is het belangrijk dat de verslaving in een zo vroeg mogelijk stadium wordt gesignaleerd. Indigo preventie richt zich daarom ook op het trainen van professionals. Zij leren de professionals in het voorliggend veld (onderwijs, jongerenwerk etc.) om open met jongeren te praten over middelengebruik en verslaving, problemen te signaleren, de jongeren te motiveren en op het juiste moment door te verwijzen. Bij het Jongeren Informatie Punt (JIP) werken schulddienstverleners die jongeren met beginnende schulden laagdrempelig helpen. De jongeren met een wat zwaardere hulpvraag worden opgepakt door het Jeugd Interventie Team (JIT). Indien nodig verwijzen zij de jongere door naar het aanbod van Indigo preventie en Brijder. Ook het jongerenwerk werkt nauw samen met Indigo preventie. 4.
Ziet het college de mogelijkheid om aanvullende maatregelen te treffen om gok-gerelateerde geldproblemen onder Haagse jongeren voor te zijn of aan te pakken? Zou hier bijvoorbeeld in het welzijnswerk of bij de schuldhulppreventie gericht op jongeren meer aandacht voor kunnen komen? Graag een uitgebreide reactie.
Het Haagse jeugd- en jongerenwerk hanteert in de regel een groepsgerichte aanpak met aandacht voor het individu. Dit betekent dat zij jongeren verleidt om deel te nemen aan welzijnsactiviteiten en hen motiveert deze activiteiten mede te organiseren. Dus met elkaar en voor elkaar. Tijdens deze activiteiten wordt een vertrouwensband opgebouwd en ontstaat inzicht in het functioneren van de groep en de individuen in de groep. Hierbij is altijd oog voor het risico op grensoverschrijdend gedrag zoals overmatig gebruik van middelen, gokken, schulden en vraagstukken omtrent seksualiteit, religie, gender etc. Wanneer zij signaleren dat een jeugdige hulp kan gebruiken (bijvoorbeeld in verband met gokverslaving) gaat de jongerenwerker het gesprek aan met de jeugdige om deze verder te helpen. Dit kan onder andere door verwijzing naar hulpverlening. Daarnaast werkt het jongerenwerk nauw samen met de politie en gemeente en worden signalen van illegale activiteiten bespreekbaar gemaakt. Bij de schuldhulpverlening ziet het college geen toename van jongeren met gokschulden. Voor een effectief schuldhulpverleningstraject is het belangrijk dat jongeren eerst actief met hun (gok)verslaving aan de slag gaan en bereid zijn om daar gespecialiseerde hulp voor toe te laten. We zien ook geen toename van jongeren met een voormalige gokverslaving en daaruit ontstane schulden die opgelost moeten worden.
Jongeren die niet in aanmerking komen voor de reguliere schuldhulpverlening, omdat ze bijvoorbeeld onvoldoende inkomen hebben, leiden we toe naar het Jongeren Perspectief Fonds (JPF). Het treffen van aanvullende maatregelen om gok-gerelateerde geldproblemen onder Haagse jongeren voor te zijn of aan te pakken is naar het oordeel van het college niet nodig.
2/3
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
OCW/10090256
5.
Kan het college toelichten in hoeverre de zorgplicht van kansspelaanbieders wordt nageleefd? Is hier (gemeentelijke) controle op en worden horeca-uitbaters bij hun vergunningsaanvraag bijvoorbeeld gewezen op hun zorgplicht en eventuele maatregelen die zij worden geacht te treffen om problematisch of verslavend gokgedrag te voorkomen? Kan het college dit antwoord nader toelichten?
De Wet op de Kansspelen schrijft voor dat elke kansspelvergunninghouder een wettelijke zorgplicht heeft voor zijn klanten. Omdat dit reeds uit de wet voortvloeit worden horeca-uitbaters bij hun vergunningsaanvraag niet standaard gewezen op deze zorgplicht en eventueel te treffen maatregelen. Uit controles blijkt niet dat de zorgplicht structureel niet wordt nageleefd. Leidinggevenden van hoogdrempelige inrichtingen (horecabedrijven die in aanmerking komen voor een vergunning voor kansspelautomaten) dienen over voldoende kennis en inzicht met betrekking tot het gebruik van kansspelautomaten en de daaraan verbonden risico’s van kansspelverslaving te beschikken. Leidinggevenden die aan deze eis voldoen, staan vermeld in het SVH-register op www.svh.nl/register. De vergunning wordt geweigerd of ingetrokken indien de leidinggevenden niet (langer) aan deze eis voldoen. 6.
Ziet het college een mogelijkheid om in samenwerking met verslavingsexperts, scholen, buurtcentra, jeugdzorg- en schuldhulporganisaties en andere relevantie actoren in gesprek te gaan om maatregelen gericht op een preventieve aanpak van gokken onder jongeren te ontwikkelen? Zo nee, waarom niet? Zo ja, binnen welk termijn kan het college de gemeenteraad hierover informeren?
Zoals gezegd hebben we in Den Haag al een preventieve aanpak op het gebied van verslavingspreventie waaronder gokverslaving. In aanvulling op deze aanpak is het college uiteraard bereid om bij de betrokken partners aandacht te vragen voor dit specifieke vraagstuk. Daarnaast proberen we in onze voorlichting ook steeds beter aan te sluiten op de leefwereld van jongeren (social media, websites van (jongeren)organisaties etc.). Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx
Jan van Zanen
3/3