CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS307802 Beantwoording SV Vergunningen op basis van de Leegstandswet

Commissie Ruimte 2 februari 2022, gemeente Den HaagBij agendapunt: Voorstel van het college inzake Projectdocument Dreven-Gaarden-Zichten fase 1 en bijbehorende grondexploitatie (ES-156)1.895 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Datum

BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE

20 april 2021

VRAGEN

Onderwerp

Ons kenmerk

Antwoord van het college op de vragen van de raadsleden de heer Bos, mevrouw Arp en de heer Barker, luidend: 'Vergunningen op basis van de Leegstandswet'

DSO/10091767 RIS307802

De raadsleden de heer Bos, mevrouw Arp en de heer Barker hebben op 5 februari 2021 een brief met daarin 20 vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht. Overeenkomstig artikel 30 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt. In Den Haag gebruiken particuliere eigenaren en sociale verhuurders leegstandsvergunningen voor verschillende redenen. 1.

Kan het college een overzicht geven van de afgegeven leegstandsvergunningen over de afgelopen 3 jaar? Kan dit worden uitgesplitst naar type aanvrager (particulier, belegger en woningcorporatie) en per wijk/ stadsdeel? Zo nee, waarom niet?

In 2018, 2019 en 2020 zijn de volgende (aantallen) vergunningen op basis van de Leegstandwet afgegeven: Particulier 2018 2019 2020

9 (8 keer vergunning voor 5 jaar, 1 keer voor 2 jaar) 6 (4 keer vergunning voor 5 jaar, 2 keer verlenging) 9 (6 keer vergunning voor 5 jaar, 1 keer voor 2 jaar, 2 keer verlenging)

Woningcorporatie 2018 28 (woningen) (afgegeven voor 1 jaar, niet verlengd), Escamp 2019 61 (woningen) (afgegeven voor 2 jaar) Loosduinen / Escamp 2020 2 (projecten Dreven/Gaarden/Zichten (886) en Smitstraat (11), afgegeven voor 2 jaar) Escamp / Centrum 2.

Kan het college een overzicht geven van de duur van de afgegeven vergunningen? Hoeveel daarvan zijn al verlengd? Hoeveel zijn verlopen?

Zie het antwoord bij vraag 1. 3.

Worden de aanvragen en afgegeven leegstandsvergunningen gepubliceerd? Zo ja, waar is dat terug te vinden? Zo nee, waarom niet? In de Leegstandswet staat bij artikel 15, lid 3a dat de vergunning slechts verleend wordt als “het gebouw of de woning, voor de verhuring waarvan de vergunning wordt gevraagd, leegstaat.”

Nee. Tegen de beslissing op de aanvraag van een vergunning op basis van de Leegstandwet kan uitsluitend door de aanvrager bezwaar of beroep worden ingesteld.

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10091767

Er zijn, in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), geen andere belanghebbenden met betrekking tot dit besluit. Conform art. 3:41 eerste lid van de Awb wordt het besluit toegezonden aan de aanvrager. 4.

Hebben bij alle afgegeven leegstandsvergunningen de betreffende panden leeggestaan? Zo nee, waarom niet?

Nee, in een specifiek geval, te weten Dreven, Zichten, Gaarden heeft de aanvrager om praktische redenen besloten om één aanvraag in te dienen voor 886 woningen. Daar niet alle woningen leeg stonden ten tijde van de afgifte van de vergunning, is de vergunning onterecht afgegeven. In overleg met de aanvrager zal het college deze omissie herstellen door over te gaan tot intrekking van de vergunning waarna de aanvrager opnieuw in de gelegenheid wordt gesteld om voor de leegstaande woningen een vergunning aan te vragen. Voor de goede orde: voor de rechten van bewoners met een huurcontract voor onbepaalde tijd had de afgegeven leegstandsvergunning geen gevolgen, die gevolgen zijn er slechts bij nieuwe verhuringen van een leegstaande woning. 5.

Hoe controleert de gemeente dit? En als er geen controle is door de gemeente, waarom niet?

Er wordt een administratieve controle uitgevoerd, waarbij de registers worden geraadpleegd. Deze controle is aangescherpt naar aanleiding van de conclusie dat ten tijde van de aanvraag niet alle woningen leeg stonden. 6.

Waarom voldoet de gemeente niet aan de wettelijke eisen op dit punt?

Zoals hierboven aangegeven is deze controle aangescherpt. In de Leegstandwet staat bij artikel 15, lid 3b dat de vergunning wordt verleend indien “van de eigenaar in redelijkheid niet kan worden gevergd dat hij het gebouw of de woning op een andere wijze dan door het aangaan van een of meer huurovereenkomsten als bedoeld in het eerste lid, eerste zin, dienstbaar maakt aan de volkshuisvesting;” 7.

Kan het college in detail aangeven hoe deze toets aan de wet plaatsvindt?

De toetsing op de aannemelijkheid van sloop, dan wel ingrijpende nieuwbouw, wordt verricht op basis van stukken die de aanvrager van de vergunning aanlevert. Het college heeft de taak om een vergunning te verlenen indien de stukken die zijn ingeleverd voldoende aannemelijk maken dat er sprake is van sloop of nieuwbouw. Er zijn geen wettelijke voorschriften waarop deze toetsing moet plaatsvinden, het is daarom afhankelijk van de beschikbare documenten en het oordeel van het college. Wanneer er bij het college bekend is gemaakt dat er sloop, of ingrijpende nieuwbouw dient plaatst te vinden in het algemene belang van de volkshuisvesting, acht het college het niet redelijk om van de verhuurder te vragen de betreffende woonruimte voor onbepaalde tijd te verhuren. Immers, bewoners krijgen dan een huurovereenkomst voor onbepaalde tijd aangeboden voor een woonruimte waarvan al ten tijde van de overeenkomst bekend is dat deze bestemd is voor sloop of voor nieuwbouw.

2/5

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10091767

8.

Is het college het met ons eens dat, gezien de grote druk op de woningmarkt en de onzekerheid van tijdelijke woonvormen, er terughoudend moet worden omgegaan met het verlenen van deze vergunningen? Zo nee, waarom niet?

Dat is het college met de vragenstellers eens, net als dat het college van mening is dat te slopen woningen niet als permanente woningen moeten worden aangeboden aan huurders. Het college is verder van mening dat woonruimten, gezien de grote druk op de woningmarkt, zoveel mogelijk beschikbaar moeten blijven voor gebruik als woonruimte. Door woonruimten die bestemd zijn voor sloop of nieuwbouw met een leegstandwetvergunning te verhuren kunnen bewoners hier, tijdelijk met (beperkte) huurrechten, nog zo lang mogelijk gebruik van maken. In dat geval wordt van huurders verlangd een alternatief woonadres te hebben, voor wanneer de tijdelijke verhuring eindigt. Wanneer aan de wettelijke voorschriften is voldaan, ziet het college geen grond om een vergunning als bedoeld in artikel 15 van de Leegstandwet te weigeren. In de Leegstandswet staat bij artikel 15, lid 3d dat de vergunning alleen kan worden verleend als “de eigenaar, indien het gaat om woonruimte als bedoeld in het eerste lid, onder c, aantoont dat de vernieuwbouw van ingrijpende aard zal zijn en voorts dat de afbraak of de vernieuwbouw binnen een redelijke termijn zal plaatsvinden.” 9.

Hoe controleert de gemeente deze eis en welke richtlijnen worden gehanteerd? Graag een uitgebreid antwoord.

Het college controleert de voorwaarden van artikel 15 van de Leegstandwet op basis van aangeleverde stukken en informatie. Bij een aanvraag gericht op de verhuur van woonruimte die bestemd is voor vernieuwbouw van ingrijpende aard of sloop wordt gekeken naar documenten die gericht zijn op de ingrijpende vernieuwbouw of sloop, zoals een Ambitiedocument of Projectdocumenten. In deze documenten staat aangegeven en omschreven binnen welke termijn en op welke wijze de ingrijpende vernieuwbouw of sloop zal plaatsvinden. Op basis van alle betrokken informatie en documenten vormt het college een oordeel of dit aannemelijk is, waarbij rekening wordt gehouden met mogelijke uitloop. Voor het vaststellen van een redelijke termijn hanteert het college in beginstel de in artikel 15, zesde lid, van de Leegstandwet opgenomen toekenning van een vergunning voor twee jaren. De vergunning kan maximaal tot zeven jaren worden verlengd. Het college acht een termijn van meer dan zeven jaren daarom niet redelijk. Er zijn in de wijken Dreven, Gaarden en Zichten ongeveer 1.000 leegstandsvergunningen verleend aan Staedion voor evenzoveel woningen. 10. Hoeveel van die woningen stonden daadwerkelijk leeg bij het afgeven van de vergunningen? Bij navraag blijkt dat - op het moment van afgeven van de eerdergenoemde vergunning - er 20 woningen daadwerkelijk leeg stonden. Dat zijn er inmiddels 50. 11.

In deze wijken is nog geen sprake van concrete planvorming die door de gemeenteraad is goedgekeurd. Waarom worden er dan toch nu al leegstandsvergunningen afgegeven?

Het college is wettelijk bevoegd de leegstandsvergunning af te geven. Zie verder het antwoord op vraag 7.

3/5

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10091767

12.

Op hoeveel van die bijna duizend adressen is inmiddels al sprake van tijdelijke bewoning?

Bij 50 adressen is op dit moment inmiddels sprake van tijdelijke bewoning. 13. Is er sprake van een actiegebiedaanwijzing in deze buurten? Zo nee, waarom niet? Het aanwijzen van een actiegebied is een apart traject dat is opgenomen in de huisvestingsverordening. Het aanwijzen van een actiegebied is geen voorwaarde voor het aanvragen van een vergunning op basis van artikel 15 van de Leegstandwet. Voor de wijken Dreven, Gaarden en Zichten zijn geen actiegebiedaanwijzingen geweest. Het aanwijzen ziet toe op het dwingend vrijmaken van bewoning en is nu niet aan de orde. 14. Is er sprake van een actief verhuis-aanmoedigingsbeleid vanuit de verhuurder? Zo ja, waarom is dat zo als de planvorming nog niet is afgerond? Nee, er is geen sprake van een aanmoedigingsbeleid. 15.

Waar verhuizen de oude bewoners naartoe?

Bewoners zijn vrij om zelf te verhuizen. Op dit moment gaat het om reguliere verhuizingen. Het college houdt niet bij op welke adressen, of in welk type woning, een verhuizende inwoner van Den Haag zich vestigt en kan om privacyoverwegingen dan ook niet toezien op de verhuisbeweging van individuele bewoners uit bovengenoemde wijken. 16. Klopt het dat tijdelijke huurders geen recht hebben op een verhuiskostenvergoeding, urgentieverklaring en vervangende woonruimte bij dit soort grootschalige herstructureringsplannen? Zo nee, waarom niet? Ja, dat klopt. 17.

Klopt het dat tijdelijke huurders niet mogen meepraten over de planvorming of zich mogen verzetten tegen de plannen? En dus geen recht op participatie en inspraak hebben? Zo nee, waarom niet?

Tijdelijke huurders (in geval van verhuur onder de Leegstandswet) zitten naar hun aard tijdelijk in een pand en weten van tevoren welke afspraken gelden (en moeten ook een backup-adres hebben). Zij nemen meestal hun intrek in een pand, nadat de planvorming al in een ver stadium is uitgewerkt (op deze grond worden namelijk Leegstandsvergunningen verleend) en het aannemelijk is dat er sloop en nieuwbouw zal plaatsvinden. Dit alles maakt dat tijdelijke huurders inderdaad geen formele rol hebben in het participatieproces. 18. Wat vindt het college ervan dat op deze wijze de participatie de nek wordt omgedraaid? Hier is geen sprake van. Het is in iedere fase van het (planvormings)proces mogelijk voor bewoners om mee te denken/praten.

4/5

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10091767

19. Is het college bereid de 1.000 leegstandsvergunningen in te trekken en vervolgens zeer terughoudend om te gaan met nieuwe aanvragen zolang de planvorming nog niet is goedgekeurd door de gemeenteraad en panden nog niet leeg staan? Zo nee, waarom niet? Zoals hierboven aangegeven zal de vergunning zoals die is afgegeven voor 886 woningen worden ingetrokken. Vervolgens zal voor leegstaande woningen in dit gebied een vergunningaanvraag moeten worden gedaan worden afgegeven.

20. Is het college bereid om het afgeven van leegstandsvergunningen voor sociale woningbouw te koppelen aan actiegebiedaanwijzingen? Dat wil zeggen: Dat er alleen sprake kan zijn van het afgeven van deze vergunningen als er een actiegebiedaanwijzing is? Zo nee, waarom niet? Nee, dat acht het college onverstandig. Een actiegebiedaanwijzing is gericht op het vrij maken van bewoning, met een toekenning van een urgentiestatus aan herstructureringskandidaten die geen tijdelijke huurovereenkomst hebben afgesloten, in het laatste jaar voordat ingrijpende vernieuwbouw of sloop plaatsvindt. Terwijl een vergunning op grond van de Leegstandwet is gericht op het zo lang mogelijk gebruik maken van een woonruimte ten behoeve van bewoning totdat de daadwerkelijke ingrijpende vernieuwbouw of sloop plaatsvindt. Deze twee besluiten dienen niet hetzelfde doel. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx

Jan van Zanen

5/5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10040330/1