RIS307424 Afdoening motie Strengere BENG-norm
Tekst van het document
Typ tekstTyp tekstTyp tekst
114
Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag
Ons kenmerk
Aan: de Gemeenteraad
DSO/10078776 RIS307424 Contactpersoon
Claire Daniëls - Kleijweg Dienst
Dienst Stedelijke Ontwikkeling Afdeling
S&P Telefoonnummer
14070 Datum
E-mailadres
25 mei 2021
Claire.daniels@denhaag.nl
Onderwerp
Afdoening motie ‘Strengere BENG-norm’
Uw raad heeft bij de bespreking van het Stedelijk Energieplan (RIS306869) op 16 december 2020 de door het raadslid de heer Groenewold ingediende motie ‘Strengere BENG-norm’ (RIS307424) aangenomen. Hierbij informeert het college de raad over de afdoening van de motie. De motie luidt als volgt: Constaterende dat: • alle nieuwbouw in Den Haag vanaf 1 januari 2021 moet voldoen aan de BENG-norm (bijna energieneutraal gebouw); • de gemeente Amsterdam strengere eisen hanteert. Van mening dat: • het voor de verduurzaming van de stad wenselijk is om ook in Den Haag strengere eisen dan de BENG-norm te hanteren, zodat de nieuwbouw niet bijna energieneutraal wordt, maar mogelijk energie voor de omliggende gebouwen produceert. Roept het college op: • te onderzoeken in hoeverre het ook in Den Haag mogelijk is bij nieuwbouw strengere normen dan de BENG-norm te hanteren en de raad hierover uiterlijk bij de presentatie van de jaarrekening 2020 te informeren.
Gemeente Den Haag
Spui 70 Den Haag
Postbus 12600 2500 DJ Den Haag
T 14070 www.denhaag.nl
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10078776
Het college beantwoord de motie als volgt. Van EPC naar BENG Sinds 1 januari 2021 toetst de gemeente Den Haag bouwplannen aan de nieuwe wettelijke BENGnorm. BENG (Bijna Energie Neutrale Gebouwen) is de opvolger van de landelijke EPC norm van 0,4 uit het Bouwbesluit die tot en met 31 dec 2020 van kracht was. Via de Crisis -en Herstelwet was het mogelijk om een scherpere EPC norm te hanteren. Den Haag heeft voor de Binckhorst van deze mogelijkheid gebruik gemaakt en hanteerde een EPC norm van 0,2. Met de invoering van BENG is deze mogelijkheid vervallen. Strengere BENG-normen in Amsterdam Ook andere gemeenten kenden voor aangewezen gebieden een strengere EPC-norm. Een discussie omtrent het hanteren van een strengere BENG-norm zien wij op dit moment bij de gemeente Amsterdam. Voor de wens om een Haags model te creëren, kijken we naar de zaken die de gemeente Amsterdam al heeft onderzocht en bekijken we of dit ook toegepast kan worden op de Haagse situatie. De gemeente Amsterdam heeft in 2019 en 2020, net als Den Haag, van het Rijk (onder de Crisis- en Herstelwet) mogen experimenteren met een ambitieuzere norm dan de landelijke EPC van 0,4, namelijk een EPC van 0.2. Amsterdam wil deze lijn beleidsneutraal continueren in de nieuwe rekensystematiek van BENG.
De gemeente Amsterdam heeft voorbereidingen getroffen en het ontwerp van de gewijzigde Bouwverordening in de zomer van 2020 ter inzage gelegd. De Bouwverordening kan in Amsterdam echter niet worden vastgesteld omdat hiervoor de wettelijke grondslag van het Rijk ontbreekt. N.a.v. een motie in de Tweede kamer heeft de Minister de gemeente Amsterdam namelijk uit de tranche van de Crisis - en herstelwet gehaald en kan er zodoende geen strengere norm worden gehanteerd. Onder de Crisis - en Herstelwet bleek dat de omzetting van de EPC 0,2 naar BENG beleidsneutraal en uitvoerbaar is. De Amsterdamse doorgerekende gebouw typologieën en projecten voldoen aan het voorstel voor ambitieuzere BENG eisen. Hierover is ook het gesprek gevoerd met ontwikkelaars en brancheorganisaties. Het vraagt van projectontwikkelaars een goede afweging om in de beginfase van het ontwerpproces “duurzaam-inclusief” te gaan ontwerpen door goed na te denken over de gebouworiëntatie, het materiaalgebruik en de installaties. Het is voor Amsterdam nu wachten op de juridische grondslag van het Rijk die wordt verwacht met de inwerkingtreding van de Omgevingswet naar verwachting op 1 januari 2022. In Den Haag Het college vindt het belangrijk dat de nieuwbouw in de stad zo duurzaam mogelijk wordt opgeleverd.
Vandaar dat we binnen twee verschillende studies naar de mogelijkheden en implicaties van het aanscherpen van de BENG-norm kijken. De eerste is een lopende studie naar de juridische kansen voor duurzaamheid bij nieuwbouw waarbij op het thema ‘energie’ gekeken wordt naar manieren om een strengere norm voor nieuwbouw dan BENG te hanteren. Deze studie die kijkt naar de mogelijkheden om een strengere norm dan BENG te hanteren spitst zich toe op zowel de huidige wetgeving als de Omgevingswet. Binnen deze studie onderzoeken wij de juridische consequenties van een aanscherping van de BENG-norm. Tevens is er een studie gestart om inzicht te geven in nieuwbouwplannen en Energietransitie (genaamd ‘Beleid Energietransitie Nieuwbouw’). Hierin wordt onderzocht wat de energievraag is van nieuwbouw op basis van BENG.
2/3
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10078776
Daarnaast worden de effecten en kansen bepaald van een strengere norm dan BENG. Zodra, de resultaten van deze studies bekend zijn, kan worden beoordeeld óf een strengere BENG-norm juridisch mogelijk en haalbaar is voor Den Haag Risico’s bij hanteren strengere bouweisen Wij verwachten dat het hanteren van een strengere eis dan BENG mogelijk de volgende risico’s met zich mee brengt. Ten eerste een gebrek aan een juridisch grondslag, zoals bij de gemeente Amsterdam. De juridische grondslag is lastig te verkrijgen door de verwachte financiële consequenties voor de bouwsector. Het onderzoek moet uitwijzen of er een juridische grondslag te verkrijgen is. Ten tweede zou de hogere norm de versnelling van het bouwtempo in de weg kunnen staan. Ook dit moet verder onderzocht worden. Beide onzekerheden hinderen op dit moment het verkrijgen van een juridische grondslag. Deze is nodig om een strengere norm te mogen eisen aan nieuwbouw. Tegelijkertijd moeten deze risico’s ook afgewogen worden tegen de ambitie van Den Haag om in 2030 klimaatneutraal te zijn. Vervolg Begin derde kwartaal 2021 verwachten we de uitkomsten van de bovenvermelde onderzoeken te kunnen presenteren aan uw raad. Het college beschouwt de motie hiermee als afgedaan. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx
Jan van Zanen
3/3