RIS307146 Beantwoording SV Eigen bijdrage Wmo-abonnementstarief
Tekst van het document
Datum
BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE
19 januari 2021
VRAGEN
Onderwerp
Ons kenmerk
Antwoord van het college op de vragen van het raadslid de heer Grinwis, luidend: “Eigen bijdrage Wmo-abonnementstarief”
OCW/10058099 RIS307146
Het raadslid de heer Grinwis heeft op 25 november 2020 een brief met daarin zeven vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht. Overeenkomstig artikel 30 van het Reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt. Per 1 januari 2019 is het abonnementstarief voor de Wmo ingevoerd. Dit betekent dat Wmo-cliënten maandelijks een vaste bijdrage betalen ongeacht de Wmo-voorzieningen waarvan zij gebruikmaken. 1.
Kan het college aangeven of bij elke Wmo-aanvraag aangegeven wordt dat hiervoor een abonnementstarief geldt?
Ja, in elke beschikking wordt aangegeven dat een eigen bijdrage voor de Wmo-voorziening geldt. Of daadwerkelijk de eigen bijdrage wordt geïnd is situatieafhankelijk en hangt af van de gewenste voorziening, eventueel andere al lopende voorzieningen, het (minimum)inkomen of de huishoudsamenstelling. Dit is een vast onderdeel van het onderzoek (art. 2.3.2 lid 4, onder g, Wmo 2015). De ChristenUnie/SGP kreeg een aanvraag voor een woningaanpassing onder ogen uit februari 2019. Deze Haagse burger kreeg hiervoor half oktober 2020 van het CAK een brief, waarin staat uitgelegd dat ze hiervoor - met terugwerkende kracht - een abonnementstarief moet betalen. Dit was eerder nooit gemeld. Deze burger heeft inmiddels bezwaar gemaakt. 2.
Hebben meer Haagse burgers zich bij het college gemeld die recent een brief hebben ontvangen over het abonnementstarief voor Wmo-voorzieningen uit begin 2019 en deze met terugwerkende kracht moeten betalen?
Ja, het college heeft verschillende signalen ontvangen. Er zijn in september jl. vanuit de gemeente Den Haag in totaal 16.500 brieven over het abonnementstarief verstuurd naar Haagse Wmo-gebruikers. Het CAK heeft in de periode september-november 2020 aan 5.411 cliënten facturen verstuurd voor de maanden januari-maart en juni-september 2020.1 Het aantal klachten en bezwaren dat de gemeente bereikte is respectievelijk 16 en 21.
1
Conform Besluit van 31 augustus 2020 houdende wijziging van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015 zodat voor de maanden april en mei van 2020 geen eigen bijdrage is verschuldigd
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
OCW/10058099
Overigens wordt de eigen bijdrage niet met terugwerkende kracht opgelegd. Eerder werd besloten dat cliënten die vóór 25 februari 2019 in het bezit zijn van een bepaalde maatwerkvoorziening (vervoer, woningaanpassing en sporthulpmiddel), vanwege een wetswijziging vanaf 1 januari 2019 een eigen bijdrage verschuldigd zijn. Het jaar 2019 werd aangemerkt als een overgangsperiode, dan wordt er nog niks in rekening gebracht.2 Vanaf 1 januari 2020 moeten deze cliënten dus wél gaan betalen. Dat betekent dat iemand met bijvoorbeeld een woningaanpassing uit 2017 géén eigen bijdrage betaalt over de jaren 2017 tot en met 2019. Dit wordt dus ook niet achteraf in rekening gebracht. Cliënten betalen de eigen bijdrage tot de voorzieningen zijn afbetaald of de afschrijftermijn van de voorziening (woningaanpassingen 10 jaar, hulpmiddelen 7 jaar en douche en toiletvoorzieningen 5 jaar) is verstreken. Wel is de inning van de eigen bijdragen in 2020 bij alle Wmo-cliënten vertraagd door de bekende landelijke problemen bij het CAK.3 Ook daarover zijn de cliënten geïnformeerd met brieven van april en september 2020. Hoewel de inning dus nog niet feitelijk plaatsvond, is er geen sprake van opleggen met terugwerkende kracht. 3.
Is bij de invoering van het abonnementstarief duidelijk met Wmo-gebruikers gecommuniceerd over dit tarief?
Bij de invoering heeft de gemeente verschillende brieven verstuurd aan Wmo-gebruikers. De cliënten die voor 25 februari 2019 in het bezit waren van een maatwerkvoorziening, zijn geïnformeerd over het opleggen van een eigen bijdrage vanaf 1 januari 2020 met brieven in maart 2019 en december 2019. Alle bijdrageplichtige Wmo-cliënten zijn door de gemeente geïnformeerd over de vertraging van de inning door het CAK met brieven in april 2020 en augustus 2020. Verder is ook op de gemeentelijke website en in de Stadskrant actuele informatie opgenomen. Tot slot heeft ook het CAK gecommuniceerd op hun website en met brieven van november 2019, januari 2020 en mei/juni 2020. 4.
Worden aanvragers van een woningaanpassing, die nog geen gebruik maken van de Wmo, duidelijk gewezen op het abonnementstarief wat zij moeten gaan betalen, tot in ieder geval het moment dat de woningaanpassing is afbetaald? En op het feit dat het voor hen, als ze de woningaanpassing zelf kunnen betalen, dus niet profijtelijk is?
Aanvragers worden er op gewezen dat zij het abonnementstarief moeten gaan betalen voor de voorziening. Tijdens het onderzoek naar aanleiding van de Wmo-melding wordt goede voorlichting gegeven over de financiële consequenties van een toekenning.4 Dus dat betaald dient te worden totdat de woningaanpassing afbetaald is of tot de afschrijftermijn van 10 jaar is verstreken. In het gesprek met de aanvrager kan de gemeente wijzen op de mogelijkheid om de voorziening zelf te financieren. Als de aanvrager dat wil en ook in staat is om dat zelf te organiseren, dan kan de eigen financiering de juiste aanpak zijn. De aanvrager kiest er dan voor de voorziening zelf buiten de gemeente om te regelen.
2
Collegebesluit tot vaststellen van de Regeling tot wijziging van de Regeling maatschappelijke ondersteuning Den Haag 2018
(RIS301396), 14 december 2018. 3
Zie brieven van minister De Jonge (VWS) aan de Tweede Kamer hierover (19 december 2019 en 21 april 2020).
4
Conform het Afwegingskader Woningaanpassingen.
2/4
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
OCW/10058099
5.
Is het mogelijk om voor deze burgers alsnog de situatie terug te draaien en het cumulatief betaalde abonnementstarief terug te storten?
Het college ziet geen reden het collegebesluit van 14 december 2018 (RIS301396) categoriaal terug te draaien. Het college is van mening dat de toen vastgestelde overgangsperiode van 1 jaar ruim voldoende is voor burgers met een lopende maatwerkvoorziening om te wennen aan het gaan betalen van een eigen bijdrage van € 19 per maand vanaf 1 januari 2020. Wanneer dit beleid wegens bijzondere omstandigheden gevolgen zou hebben die onevenredig zijn, dan kunnen de gevolgen worden gematigd. Dat is een individuele beoordeling die plaatsvindt als burgers gebruik maken van hun ter beschikking staande rechtsmiddelen (bezwaar en beroep).5 6.
Hoe gaat het college om met de meldingen c.q. klachten van bewoners over het abonnementstarief waar zij ten tijde van de aanvraag geen weet van hadden en nu na langeretijd ineens mee worden geconfronteerd?
Het college handelt meldingen en klachten op de reguliere wijze af. Dit gebeurt in overeenstemming met de daarvoor geldende bestuursrechtelijke voorschriften. Hierbij wordt de boodschap herhaald die eerder met gemeentelijke brieven, op de gemeentelijke website, in de Stadskrant als ook met brieven en facturen van het CAK is afgegeven (zie antwoorden op vraag 2 en 3). Ook is aangegeven dat wanneer de vertraagde inning door het CAK tot problemen leidt, een betalingsregeling kan worden afgesproken. Dat kan snel en eenvoudig via een online formulier6 of via telefonisch contact met het klantcontactcentrum van het CAK (0800 – 1925 op werkdagen tussen 08.30 – 17.00 uur). 7.
Deze casus is een voorbeeld van een onnodig en onbedoeld beroep op de Wmo. Dat brengt mij bij de vraag hoe groot de aanzuigende werking van het abonnementstarief eigenlijk is op het beroep dat wordt gedaan op de Wmo. Hoe groot schat het college dat effect in? Om hoeveel gebruikers gaat het? Hoe hoog schat het college het budgettaire effect in van de aanzuigende werking, in procenten van het Wmo-budget en in euro’s? Hoe is deze schatting tot stand gekomen? Wat vindt het college van het fenomeen abonnementstarief gelet op de aanzuigende werking?
Het is voor het college niet precies duidelijk waarom dit voorbeeld getuigt van een onnodig en onbedoeld beroep op Wmo. Maar uit recent landelijk onderzoek blijkt dat de aanzuigende werking van het abonnementstarief zich inderdaad voordoet, met name bij middeninkomens en hogere inkomens, en bij de voorziening hulp bij het huishouden.7 In vergelijking met de landelijke toename van het aantal burgers bij hulp in de huishouding (12,7% in heel 2019) is in Den Haag in mindere mate sprake van een toename: het aantal personen dat gebruikmaakt van een maatwerkarrangement (MWA) voor hulp bij huishouden in de eerste helft van 2020 is 7% hoger dan in de eerste helft van 2019 (respectievelijk 14.550 en 13.576).8 Daarnaast heeft de gemeente Den Haag een afgewogen kostenbeheersingsprogramma ingezet op de Wmo waarin specifieke aandacht wordt gegeven aan de ‘aanzuigende werking’.
5
Uiteraard geldt ook hier het minimaregime: burgers met een verzamelinkomen tot 130% van de bijstandsnorm zijn geen eigen bijdrage
verschuldigd (art. 4.2.2 van de Regeling maatschappelijke ondersteuning Den Haag 2018). 6
https://www.hetcak.nl/zelf-regelen/betalingsregeling-wmo-2020
7
Bron: Monitor abonnementstarief Wmo, Tweede rapportage 2020
8
Derde voortgangsrapportage kostenbeheersing Wmo en Jeugd 2020 (RIS306285)
3/4
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
OCW/10058099
Het budgettair effect van de aanzuigende werking is lastig te kwantificeren. Wel is duidelijk dat aanzuigende werking onwenselijk is. Het college ondersteunt de lobby, die door de VNG wordt gevoerd in het periodiek bestuurlijk overleg met het kabinet wat betreft de betere compensatie van de tekorten op de zorg en jeugdhulp, óf bijvoorbeeld tijdens ambtelijke overleggen op en internetconsultaties van het ministerie van VWS.9 Dit past binnen het coalitieakkoord waarin wordt aangegeven dat er bij het Rijk op aangedrongen wordt dat er een compensatie komt voor de aanzuigende werking van het abonnementstarief om - ondanks de toenemende vraag naar zorg en jeugdhulp, vergrijzing en personeelstekorten in de stad - de zorg en jeugdhulp in Den Haag ook in de toekomst toegankelijk en betaalbaar te houden. En dit is in overeenstemming met de motie die onlangs werd aangenomen.10 Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx
9
Jan van Zanen
RIS306891
10
Motie ‘Weg met schoonmaaksubsidie voor rijken’ (RIS306812)
4/4