RIS307136 Stadsstedenbouwer en ruimtelijk kwaliteitssysteem
Tekst van het document
Typ tekstTyp tekstTyp tekst
Anne Mulder Wethouder van Financiën en Stadsontwikkeling
040
Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag
Ons kenmerk
Aan de voorzitter van de commissie Ruimte
DSO/10020615 RIS307136 Contactpersoon
Eit Hasker Dienst
Dienst Stedelijke Ontwikkeling Afdeling
Stedenbouw & Planologie Telefoonnummer
14070 Datum
E-mailadres
1 december 2020
eit.hasker@denhaag.nl
Onderwerp
Stadsstedenbouwer en ruimtelijk kwaliteitssysteem
Geachte voorzitter, Met de ingezette ontwikkelingen in Binckhorst, CID en Den Haag Zuidwest geeft Den Haag vorm aan een forse verstedelijkingsopgave. De combinatie van binnenstedelijk bouwen in hoge dichtheid, vergroenen, verduurzamen en mobiliteitstransitie is een uitdagende opgave die vraagt om een integrale aanpak en veel aandacht voor kwaliteit. Zoals in het coalitieakkoord al aangegeven, stelt het college hoge eisen aan duurzaamheid en kwaliteit van gebouwen en buitenruimte. Het karakter van de stad, wijk en buurt moet worden meegenomen in de stedelijke ontwikkelingen. Zodat de stad er beter van wordt en de leefbaarheid niet onder druk komt te staan. In het coalitieakkoord is aangegeven dat het college zal ‘onderzoeken op welke wijze de functie van de stadsbouwmeester versterkt kan worden.’ Sinds januari j.l. is de stadsstedenbouwer functie in Den Haag vacant en ligt de vraag voor hoe de functie in de toekomst ingevuld gaat worden. In deze raadsbrief geeft het college daar uitwerking aan, in samenhang met voorstellen voor het versterken van het ruimtelijk kwaliteitssysteem binnen de gemeente. Onderdeel van deze voorstellen is de wijze van kwaliteitsborging bij gebiedsontwikkelingen zoals CID en Den Haag Zuidwest. Daarmee geeft deze brief ook antwoord op motie Instellen kwaliteitsteam CID (RIS302272).
Haagse traditie van kwaliteitszorg in stadsontwikkeling Den Haag heeft een lange traditie op het gebied van kwaliteitszorg en schoonheid in stadsontwikkeling. In de loop van de tijd heeft dit op verschillende manieren gestalte gekregen, steeds afgestemd op de opgaven en omstandigheden in de betreffende periode. Zo kende Den Haag vanaf de 17e eeuw stadsarchitecten, die de ontwerpkwaliteit bewaakten van publieke werken zoals wegen, kades en openbare gebouwen. Daarmee gaf de stad een antwoord op het toenemende belang van representatie en stadsverfraaiing. In de twintigste eeuw kreeg kwaliteitszorg een stedenbouwkundige dimensie. Toonaangevende ontwerpers als Berlage en Dudok waren langdurig verbonden aan Den Haag. Met hun uitbreidingsplan en structuurplan hebben ze decennia lang richting gegeven aan de Haagse stadsontwikkeling. Voor het eerst werd op stedenbouwkundige schaal gestuurd op kwaliteit en samenhang. Vanaf de tweede helft van de jaren ’80 heeft Den Haag het belang van de openbare ruimte (her)ontdekt, gemarkeerd door de start van het programma De Kern Gezond (DKG). DKG omvatte een
Gemeente Den Haag
Spui 70 Den Haag
Postbus 12600 2500 DJ Den Haag
T 14070 www.denhaag.nl
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10020615
integrale en samenhangende aanpak voor de vernieuwing van de openbare ruimtes in de Haagse Binnenstad. Op basis van dit programma is met succes langjarig en consequent doorgewerkt. Het belang dat Den Haag hecht aan een kwalitatieve buitenruimte heeft ook geleid tot de oprichting van de Advies Commissie Openbare Ruimte (ACOR), met als doel het bewaken van de kwaliteit van inrichtingsplannen. Vanaf midden jaren ’90 kende Den Haag stadsstedenbouwers. Zij waren ruimtelijk adviseurs met een adviserende, stimulerende, coördinerende en soms voorwaardenscheppende rol. Ze stimuleerden en bewaakten de kwaliteit van grote stedelijke projecten zoals De Resident en Den Haag Nieuw Centrum en borgden de samenhang op grotere schaal. De laatste 10 jaren, de periode na de bouwcrisis, werd de stadsstedenbouwerfunctie gecombineerd met de functie afdelingshoofd Stedenbouw & Planologie. Belangrijke documenten uit deze periode zijn onder meer de Agenda Ruimte voor de Stad en de nota Haagse hoogbouw Eyeline en Skyline. De volgende stap in de Haagse traditie van kwaliteitszorg Het college werkt door in de Haagse traditie van kwaliteitszorg en -sturing op een manier die aansluit bij de ingezette koers voor de komende jaren: de ontwikkeling van de Binckhorst, de gebiedsagenda’s voor de stationslocaties, de gebiedsagenda voor Den Haag Zuidwest en de structuurvisie voor het CID.
Deze opgaven delen de volgende kenmerken: • Het zijn (hoog)stedelijke gebiedsontwikkelingen in de bestaande stad, op locaties waar de ruimte schaars is en waar veel belanghebbenden zijn. Veelal zijn herstructurering van infrastructuur, openbare ruimte en groenstructuren voorwaardelijk voor het realiseren van kwalitatieve verdichting; • Ze zijn nauw verweven met de grote maatschappelijke transitieopgaven van deze tijd: economische transitie, energietransitie, klimaatadaptatie, mobiliteitstransitie en transities in de zorg- en gezondheidssector. Allemaal stadsbrede opgaven met ruimtelijke impact op meerdere schaalniveaus, die vragen om onderlinge afstemming vooraf; • De transitieopgaven zijn generiek, ze spelen wereldwijd in talloze steden. Het is de kunst om ze te verbinden met lokale Haagse kwaliteiten. Aandacht voor vormgeving en schoonheid zijn hierbij van groot belang. Zodat bewoners, bezoekers en ondernemers zich blijven herkennen en thuis voelen in de stad. De nieuwe Omgevingswet sluit hierop aan door integrale kwaliteit van de fysieke leefomgeving centraal te stellen. Ook gaat de Omgevingswet uit van sturing aan de voorkant van het proces en nadruk op het samenwerkingsproces. Samengevat komt het erop neer dat de huidige koers van stadsontwikkeling meer dan ooit vraagt om een integrale benadering en om sturing op stedelijke kwaliteit aan de voorkant van het proces.
Dit geldt voor de verschillende schaalniveaus van planvorming: 1.
Stad & Regio Op het schaalniveau van Stad en Regio worden bij uitstek afwegingen gemaakt tussen ruimteclaims, sectorale belangen en programma’s. Dit vormt de basis om te sturen op stedelijke kwaliteit. Kwalitatieve aspecten zijn nadrukkelijk onderdeel van deze afwegingen. Steeds gaat het om de vragen ‘wat voor stad wil Den Haag zijn?’ en ‘hoe draagt een ontwikkeling of ingreep daaraan bij?’ Deze vragen worden uitgewerkt in een omgevingsvisie voor Den Haag, voortbordurend op de hoofdkeuzen uit de eerder opgestelde Agenda Ruimte voor de Stad en de daaruit voortkomende uitwerkingen. Voorwaarden daarbij zijn: o Sterke oriëntatie op de regio, in aansluiting op de prominente rol van Den Haag in de verstedelijkingsalliantie, de samenwerking binnen de MRDH en met de provincie;
2/6
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10020615
o o o
Ruimtelijke verkenningen naar de stad van de toekomst en de samenhang tussen sectorale programma’s en belangen; Verbindingskracht tussen beleidsvelden, afdelingen, diensten en de stad; Sturen op vastgelegde doelen en uitgangspunten voor stedelijke kwaliteit (portfoliomanagement, dashboards).
2.
Lange Lijnen De Lange Lijnen van de Haagse stadsplattegrond zijn karakteristieke elementen in het Haagse stadsbeeld. Denk aan bijvoorbeeld de Scheveningse Weg, de Laan van Meerdervoort of de Laan van NOI. De ingezette stadsbrede mobiliteitstransitie, energietransitie en de vergroeningsopgave gaan impact hebben op de lange lijnen. Er is meer ruimte nodig voor voetgangers, fietsers en openbaar vervoer, meer ruimte voor warmte-, koude- en elektriciteitsnetten, meer ruimte voor water en groen, etc. Een structureel herontwerp van de openbare ruimte, zowel bovengronds als ondergronds, is nodig om de benodigde ruimte te vinden en de lange lijnen mooi te houden. Voorwaarden daarbij zijn: o Organiseren van een integrale aanpak voor de Lange Lijnen; o Beleggen van de verantwoordelijkheid voor de kwaliteitsborging van de Lange Lijnen.
3.
Gebiedsontwikkeling Met de prioritaire gebiedsontwikkelingen in de Binckhorst, Laakhavens, CID en Den Haag Zuidwest maakt Den Haag de omslag van projectontwikkeling naar gebiedsontwikkeling. Met de gebiedsagenda’s en structuurvisie CID is ingezet op een aanpak waarbij op gebiedsniveau wordt gestuurd op de stedelijke ambities voor ruimtelijke kwaliteit, leefbaarheid (voorzieningen), vergroenen, mobiliteit en duurzaamheid. Op het schaalniveau van gebiedsontwikkeling krijgt de stad concreet vorm. Schoonheid, samenhang en ontwerpkwaliteit van openbare ruimte en gebouwen zijn daarom belangrijke onderwerpen in de planvorming. Zodat er herkenbare en aantrekkelijke ensembles of deelgebieden ontstaan. De kwaliteit van de openbare ruimte, microklimaat en de beleving op ooghoogte dienen steeds als vertrekpunt. De situering en uitwerking van gebouwen zijn daaropvolgend. Voorwaarden daarbij zijn: o Opstellen beeldkwaliteitsplannen voor de grote gebiedsontwikkelingen en voor bijzondere gebieden zoals Scheveningen; met juridische status als welstandskader; o Bij prioritaire gebiedsontwikkelingen extra kwaliteitszorg organiseren in de fase van initiatief tot voorlopig ontwerp of beginselplan. Met als doel het stimuleren en borgen van stedenbouwkundige samenhang en kwaliteit op gebiedsniveau. Dit wordt uitgewerkt in het laatste deel van deze brief, onder punt drie.
Voor de Binckhorst is het al geregeld in de vorm van een kwaliteitsteam.
4.
Plot & Plek De gemeente stelt hoge eisen aan de integrale kwaliteit van gebouwen en buitenruimten. Deze eisen worden aan de voorkant van het proces vastgelegd in gebiedskaders. De samenhang met de overkoepelende gebiedsontwikkeling wordt geborgd door kwaliteitsteams, ACOR en de Welstand. Voorwaarde daarbij is: o Integrale ambities (onder andere verduurzamen, vergroenen, programmering van plinten) sterker verankeren in juridisch-planologische toetsingskaders en de mogelijkheden van het omgevingsplan daarvoor te benutten.
3/6
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10020615
Invulling kwaliteitsaanpak stadsontwikkeling De afgelopen jaren is het steeds de inzet van het college geweest om de stadsontwikkelingsopgave te benutten om Den Haag beter en mooier te maken. Zodat bezoekers, bewoners en ondernemers zich thuis blijven voelen in onze stad. De komende jaren zet het college deze lijn door en blijft kwaliteitszorg hoog op de agenda. Het college geeft hieraan uitwerking via drie sporen: 1.
Actief sturen op stedelijke kwaliteit en schoonheid Het college blijft actief sturen op stedelijke kwaliteit en schoonheid, aan de voorkant van het planvormingsproces. In het verlengde van het recent vastgestelde beeldkwaliteitsplan voor de Binckhorst gaan we daarom beeldkwaliteitsplannen opstellen voor de overige grote gebiedsontwikkelingen (CID, Laakhavens en Den Haag Zuidwest) en als er aanleiding is ook voor bijzondere gebieden in de stad (zoals Scheveningen). De beeldkwaliteitsplannen leggen de ontwerpprincipes en kwaliteitseisen vast voor openbare ruimte, landschapsontwerp, gebouwen en ensembles. Zodat marktpartijen en architecten die in Den Haag willen ontwikkelen weten wat van hen verwacht wordt. De nieuwe beeldkwaliteitsplannen krijgen status als welstandskader. Daarnaast wil het college de ambities voor stedelijke kwaliteit (onder andere verduurzamen, vergroenen, programmering van plinten) sterker verankeren in juridisch-planologische toetsingskaders. Het college verkent de mogelijkheden die de nieuwe Omgevingswet daarvoor gaat bieden.
2.
Invulling stadsstedenbouwer functie: Strategisch adviseur stedelijke kwaliteit Het college wil de functie van stadsstedenbouwer invullen in het verlengde van de kwalitatieve ambities uit het coalitieakkoord en aansluitend op de ingezette koers van stadsontwikkeling en de grote opgaven waar Den Haag voor staat. De functie is een aanvulling op het bestaande systeem voor kwaliteitszorg, waartoe ook afdeling Stedenbouw & Planologie, de Welstandscommissie, ACOR en de kwaliteitsteams behoren. Met deze afdelingen en gremia is er veel aandacht voor de kwaliteitsborging in gebiedsontwikkeling en de uitwerkingen van deellocaties. In aanvulling daarop zijn strategisch vernuft, integratiekracht en verbindend vermogen nodig bij de samenwerking in de regio en de ruimtelijke inpassing van stadsbrede transitieopgaven. Daarom kiest het college ervoor om een stadsstedenbouwer aan te stellen met als profiel Strategisch adviseur stedelijke kwaliteit. Hij of zij is in staat verbindingen te leggen tussen sectoren, de opgaven van de toekomst te agenderen en deze ruimtelijk te vertalen naar inspirerende kaders. Hij of zij wordt verantwoordelijk voor het inrichten en borgen van het systeem voor kwaliteitszorg, door de schaalniveaus heen en passend bij de context van de Omgevingswet.
De adviseur stedelijke kwaliteit zal werken in opdracht van het gehele college en gemeentelijk managementteam en rapporteert jaarlijks aan het college en aan de gemeenteraad over het functioneren van het ruimtelijk kwaliteitssysteem.
3.
Robuust en betrouwbaar systeem voor kwaliteitszorg Het college wil het huidige systeem voor kwaliteitszorg verder uitbouwen, als logisch vervolg op de ingezette koers van stadsontwikkeling. De omvang en aard van de actuele opgaven vragen om een systeem waarin betrokkenen en belanghebbenden uit de stad, de ambtelijke dienst en externe deskundigen (zoals Welstand) elk vanuit hun eigen rol de opstellers van plannen en ontwerpen scherp houden. En dat op alle relevante schaalniveaus, met de nodige ‘checks and balances’. Een belangrijke opdracht voor de nieuw aan te stellen stadsstedenbouwer is het inrichten van het systeem van kwaliteitszorg, met als belangrijkste uitgangspunten:
4/6
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10020615
•
•
•
•
•
Sturen op kwaliteit aan de voorkant van het proces, aansluitend op de principes van de Omgevingswet; de nadruk ligt op het formuleren van goede voorwaarden voor kwaliteit en de verankering daarvan in het gehele kwaliteitssysteem; Dialoog met de stad is onderdeel van het kwaliteitssysteem. Op reguliere basis organiseren we gesprekstafels of bijeenkomsten over het onderwerp stedelijke kwaliteit. Zodat het denken over kwalitatieve ambities en schoonheid gevoed blijft worden door signalen, zorgen en beelden uit de stad. Gesprekspartners zijn bewoners, gebruikers, ondernemers, ontwikkelaars, architecten en andere professionals. Dit wordt nog nader uitgewerkt. Voortbouwen op de al bestaande gremia, afdelingen en overlegstructuren. Deze worden ontwikkeld tot een krachtige keten met als belangrijke spelers de afdeling Stedenbouw & Planologie, kwaliteitsteams, Welstandscommissie, WelstandStedenbouw Overleg en ACOR. In dit kader wordt de afdeling Stedenbouw & Planologie versterkt met een expert stedenbouw en een expert planologie; Kwaliteitsborging op verschillende niveaus: Welstand toetst de architectuur, ACOR toetst openbare ruimte, kwaliteitsteams borgen gebiedskwaliteit, experts stedenbouw en planologie binnen DSO sturen op integrale kwaliteit op stedelijk niveau.
De stadsstedenbouwer borgt het gehele kwaliteitssysteem en richt zich op de stedelijke kaderstelling; Binnen de ambtelijke diensten organiseren van kwaliteitsstimulering en bewaking bij gebiedsontwikkelingen CID en Den Haag Zuidwest. Dit wordt onderstaand toegelicht.
Kwaliteitszorg en -borging gebiedsontwikkelingen. De kwalitatieve ambities van het college bij de prioritaire gebiedsontwikkelingen vragen om een actieve kwaliteitszorg en -borging tijdens het planvormingsproces. Dat is nodig om te komen tot integrale kwaliteit en samenhang op gebiedsniveau. Ook helpt het ontwikkelende partijen om in een later stadium te kunnen versnellen tijdens het doorlopen van juridisch planologische procedures. Voor de Binckhorst is dit al geregeld door het instellen van een kwaliteitsteam dat overwegend bestaat uit externe deskundigen. In samenhang met het instellen van een strategisch adviseur stedelijke kwaliteit en versterken van het ruimtelijk kwaliteitssysteem kiest het college ervoor om de kwaliteitsborging van andere prioritaire gebiedsontwikkelingen te beleggen bij kwaliteitsteams met experts uit de ambtelijke dienst. Hierbij geldt: • Net als bij de Binckhorst hebben de in te stellen kwaliteitsteams tot taak: binnen vooraf vastgestelde kaders te sturen op een verbinding tussen de openbare ruimte en de bebouwing, op de kwaliteit van de openbare ruimte (o.a. klimaatadaptatie), op de stedenbouwkundige schaal en op de samenhang van de ontwikkelingen. Het kwaliteitsteam vormt een waardevolle aanvulling op de ACOR-toets en het welstandstoezicht. De ontwikkelingen blijven welstand plichtig.
• Voordeel van een ambtelijk kwaliteitsteam is dat deze niet los raakt van de gemeentelijke organisatie en er korte lijnen zijn met de strategisch adviseur stedelijke kwaliteit, welstandscommissie, ACOR, en de programmadirecteur van de betreffende gebiedsontwikkeling. • Het kwaliteitsteam bestaat uit drie of vier personen: expert stedenbouw (voorzitter), expert planologie, stadsadviseur buitenruimte. Verkend wordt het toevoegen van een (gemeentelijke) mobiliteitsdeskundige, om de samenhang te borgen tussen mobiliteitstransitie en de inrichting van de buitenruimte en gebiedskwaliteit. De leden van het kwaliteitsteam zijn zelf niet betrokken bij projectgroepen in de betreffende gebieden.
5/6
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10020615
•
• •
•
De coördinerend stedenbouwkundige van het betreffende gebied is secretaris van het kwaliteitsteam. Deze zorgt voor agendering en terugkoppeling aan de diverse betrokkenen. De kwaliteitsteams komen eens per vier à zes weken bijeen (indicatief). De kwaliteitsteams rapporteren aan de strategisch adviseur stedelijke kwaliteit (in het kader van checks & balances). Daarnaast vindt er per kwartaal een schouw plaats met de strategisch adviseur stedelijke kwaliteit. In geval van het CID gebeurt dit in de vorm van een bouwmeestersoverleg, waaraan ook de spoorbouwmeester en de rijksbouwmeester deelnemen. Kwaliteitsborging dient een transparant proces te zijn. Daarom brengt de strategisch adviseur stedelijke kwaliteit jaarlijks verslag uit aan het college van B&W en de gemeenteraad over het functioneren van het kwaliteitssysteem en de voortgang van de gebiedsontwikkelingen.
Volgens de drie geschetste sporen wil het college het systeem voor ruimtelijke kwaliteitszorg versterken en invulling geven aan de functie van stadsstedenbouwer. Om zo de sturing op kwalitatieve ambities, schoonheid en integraliteit bij stadsontwikkeling steviger te borgen. Het college wil hier, met de stad en in goed overleg met uw raad uitvoering aan geven. Ik hoop u hiermee voldoende geïnformeerd te hebben. Met vriendelijke groet, Anne Mulder
6/6