RIS307069 Afdoening motie Bewoners vooraf betrekken bij verklaring van geen bedenkingen
Tekst van het document
Typ tekstTyp tekstTyp tekst
040
Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag
Ons kenmerk
Aan: de Gemeenteraad
DSO/10062197 RIS307069 Contactpersoon
D. de Graaf Dienst
Dienst Stedelijke Ontwikkeling Afdeling
Vergunningen & Toezicht Telefoonnummer
14070 E-mailadres
Datum
doeke.degraaf@denhaag.nl
16 maart 2021 Onderwerp
Afdoen motie: ‘Bewoners vooraf betrekken bij verklaring van bedenkingen’
Uw raad heeft bij de bespreking vaan de commissiebrief over ‘Vliethoeve Park’ (RIS306224) op 25 november 2020 de door het raadslid de heer Bos ingediende motie ‘Bewoners vooraf betrekken bij verklaring van bedenkingen’ (RIS307069) aangenomen. De motie luidt als volgt: Constaterende dat: Het plan voor een kleinschalig recreatiepark Vliethoeve Park in strijd is met het bestemmingsplan Wateringse Veld Noord; De omgevingsvergunning alleen verleend kan worden met toepassing van de algemene verklaring van geen bedenkingen; Het recreatiepark is gelegen naast een woonwijk; De bewoners niet op de hoogte zijn gebracht van het plan voor Vliethoeve Park; Het college voornemens is een ontwerp-besluit ter inzage te leggen zonder dat buurtbewoners zijn geconsulteerd; De raad en het college geen enkel idee hebben of er draagvlak voor het plan bestaat.
Overwegende dat: Met toepassing van de algemene verklaring van geen bedenkingen plannen die afwijken van het bestemmingsplan mogelijk kunnen worden gemaakt die veel impact kunnen hebben op de omgeving; Het college beleidsvrijheid heeft om de afwijking wel of niet toe te staan; Met het coalitieakkoord "Samen voor de stad" de coalitie heeft uitgesproken de stad "met oog en respect voor elkaar en samen met elkaar" te besturen; Volgens het coalitieakkoord bij stadmaken "de betrokkenheid van bewoners en bedrijven bij participatietrajecten cruciaal is, net als draagvlak en vertrouwen uit wijken"; Volgens het coalitieakkoord "de gemeente de leiding heeft in de participatietrajecten bij ruimtelijke ontwikkelingen".
Gemeente Den Haag
Spui 70 Den Haag
Postbus 12600 2500 DJ Den Haag
T 14070 www.denhaag.nl
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10062197
Van mening dat: Het cruciaal is dat de raad en het college kunnen toetsen op hoeveel draagvlak nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen kunnen rekenen. Draagt het college op: Bij plannen met effect op de omgeving die met toepassing van de verklaring van geen bedenkingen kunnen worden toegestaan, erop toe te zien dat bewoners en belanghebbenden tijdig (en dus voordat een ontwerp-besluit ter inzage wordt gelegd) worden betrokken. en gaat over tot de orde van de dag. Hierbij informeert het college de raad over de afdoening van deze motie: Participatie onder de Omgevingswet De motie loopt vooruit op de komende Omgevingswet waarin ‘informele participatie’ onderdeel uitmaakt van het voortraject van een aanvraag om omgevingsvergunning. De aanvrager moet bij de indiening aangeven of en hoe hij heeft geparticipeerd. Hoewel (voor particuliere initiatieven) de aanvrager verantwoordelijk blijft voor het participatietraject kan de gemeenteraad gevallen van activiteiten aanwijzen waarin participatie van en overleg met derden verplicht is voordat een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit wordt ingediend. In de loop van 2021 gaat het college met u in gesprek over hoe hieraan uitvoering te geven.
Huidige procedure met verklaring van geen bedenkingen (VVGB) onder de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) In de tussentijd voert het college de motie onverkort uit waar het een gemeentelijk project betreft of waarbij het college vanuit haar grondpositie participatie in het voortraject dwingend oplegt. Bij bouwplannen met een VVGB die door een particuliere initiatiefnemer worden ingediend is onder de Wabo alleen ‘formele participatie’ (via de uitgebreide voorbereidingsprocedure of zienswijzeprocedure) voorgeschreven. Het college kan erop toezien dat bewoners en belanghebbenden ook bij deze plannen tijdig (vooraf) worden betrokken; doet dit waar mogelijk door te faciliteren of handreikingen te geven, maar kan de aanvrager wettelijk niet verplichten om vooraf te participeren. De overweging dat de gemeente de leiding heeft in het participatietraject is bij particuliere plannen niet mogelijk omdat het college daartoe niet over de middelen beschikt en het plan moet beoordelen zoals het is ingediend. Het college kan daarom niet de volledige rol van de aanvrager op zich nemen. Dit laat onverlet dat het college veel waarde hecht aan een goede participatie en dit overbrengt aan de aanvrager en hem/haar stimuleert hier invulling aan te geven.
Als de aanvrager desondanks in het voortraject niets doet, kan het college hooguit informeren, zelf een inloopavond organiseren, als aankondiging van de zienswijzeprocedure. Straks ligt dat anders. Onder de Omgevingswet is participatie een indieningsvereiste en ontstaat de mogelijkheid, indien participatie verplicht is gesteld (zie boven), de aanvraag als onvolledig buiten behandeling te stellen. Deze mogelijkheid biedt de wet helaas nu nog niet. Het college beschouwt de motie hiermee als afgedaan. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx
Jan van Zanen
2/2