RIS306862 Resultaat verkenning mogelijkheden Den Haagpas
Tekst van het document
Typ tekstTyp tekstTyp tekst
dienst: dienstcode
Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag
Ons kenmerk
Aan: de Gemeenteraad
DSO/10032489 RIS306862 m-
Contactpersoon
Peter Stokman Dienst
Dienst Stedelijke Ontwikkeling Afdeling
Economie Telefoonnummer
14070 Datum
E-mailadres
17 november 2020
peter.stokman@denhaag.nl
Onderwerp
Resultaat verkenning mogelijkheden Den Haagpas
In de strategie toerisme 2020-2025 (RIS302975) staat dat het college wil verkennen wat de mogelijkheden zijn voor het realiseren van een “Den Haagpas”: een kortingspas voor inwoners en regionale bezoekers voor onder meer Haagse attracties en musea. Deze verkenning is afgerond en het college informeert hierbij de gemeenteraad over de uitkomsten. Aanleiding, doel en uitgangspunten onderzoek “Den Haagpas” De verkenning van een bezoekerspas, met als werktitel “Den Haagpas”, is gestart omdat het een instrument kan zijn om bewoners en regionale bezoekers aan de stad te binden, bezoek in het laagseizoen te stimuleren en de bezoekerseconomie een impuls te geven. In de verkenning is de Ooievaarspas nadrukkelijk meegenomen. De Ooievaarspas biedt minima korting op activiteiten in de stad op het gebied van sport, cultuur en recreatie om maatschappelijke participatie te bevorderen. Er is onderzocht of de Ooievaarspas zou kunnen worden verbreed tot een bezoekers- en stadspas voor alle Haagse inwoners en regionale bezoekers, waarbij gebruik wordt gemaakt van de bestaande infrastructuur. Daarbij was de gedachte dat een combinatie van passen als voordeel kan hebben dat (door schaalvergroting) een breder aanbod en hogere kortingen kunnen worden geboden aan minima.
Door een verbreding van de Ooievaarspas wordt de doelgroep uitgebreid naar alle Haagse inwoners, ook die nu net buiten de Ooievaarspas vallen, waardoor een eventueel stigma van de Ooievaarspas kan worden weggenomen. Een van de uitgangspunten voor de verkenning naar de Den Haagpas was dat minima minstens hetzelfde aanbod en voordelen van de Ooievaarspas moeten behouden. In de verkenning zijn drie scenario’s onderzocht: 1. Een aparte bezoekerspas naast de Ooievaarspas; 2. Eén Den Haagpas, een gecombineerde bezoekerspas en Ooievaarspas, met één naam en uitstraling; 3. Eén Den Haagpas, een gecombineerde bezoekerspas en Ooievaarspas, waarbij buurgemeenten deelnemen (naar het voorbeeld van de Rotterdampas). In de verkenning is een bezoekerspas voor alleen (inter)nationale toeristen niet meegenomen. Sinds 2010 is twee keer geprobeerd een dergelijke pas succesvol te exploiteren, maar beide initiatieven waren verlieslatend en zijn gestopt. In 2017 is de commissie bestuur hier al eens over geïnformeerd (RIS297369). Het college ziet op korte termijn geen aanleiding om dat opnieuw te onderzoeken.
Gemeente Den Haag
Spui 70 Den Haag
Postbus 12600 2500 DJ Den Haag
dienst: afdeling-telefoon dienst: afdeling-website
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10032489
Onderzoeksaanpak Adviesbureau Paul Postma Marketing Consultancy (PPMC) heeft voor dit onderzoek een uitgebreide documentenstudie uitgevoerd en gesprekken gevoerd met 10 potentiële partners (attracties, musea, vervoersbedrijven e.d.) om hun interesse voor een brede stadspas te polsen. Deze gesprekken hebben plaatsgevonden voordat de corona-crisis begon. Daarnaast is een benchmark uitgevoerd naar stadspassen van de andere G4 gemeenten, om te leren van hun ervaringen. Tot slot zijn de drie scenario’s voor een Den Haagpas onderzocht. Voor alle drie de scenario’s is de businesscase doorgerekend. Daarbij is qua marktpotentieel uitgegaan van het aantal inwoners van Den Haag, de randgemeenten en gemeenten die hun eerste oriëntatie op Den Haag hebben, wat in totaal neerkomt op ca. 2 miljoen mensen. In het onderzoek is uitgegaan van de volgende succesvoorwaarden: Gemeente Den Haag: Meer bezoek en bestedingen, voordeel voor gebruikers, minimaal dezelfde voordelen voor minima en een kostenefficiënte exploitatie. Toeristische instellingen: Volume en frequentie, eenvoudig concept (vooral aan de kassa), niet te veel korting, nieuwe doelgroepen en communicatiemogelijkheden. Consumenten: Veel voordeel, gemak en meerdere topattracties. Conclusies onderzoek In het onderzoek is gekeken in hoeverre een Den Haagpas te realiseren is die aansluit op de genoemde succesvoorwaarden.
De belangrijkste conclusies van het onderzoek zijn:
Een gecombineerde pas heeft de voorkeur van de toeristische instellingen. Vanuit de markt heeft scenario 2 of 3 de sterke voorkeur boven twee separate passen (scenario 1). Twee passen is inefficiënt doordat verschillende onderhandelingen moeten plaatsvinden en aan de kassa verschillende kortingen moeten worden gegeven. Daarnaast zou dit een eventueel stigma rond de Ooievaarspas kunnen versterken.
Een gecombineerde pas leidt tot meer gebruik en hogere kosten. Als de Ooievaarspas opgaat in een bredere stadspas met een groter aanbod van (top) attracties (scenario 2 en 3), neemt het gebruik onder minima naar verwachting toe. Dat is natuurlijk goed nieuws, zowel vanuit het armoedebeleid als het economische beleid, maar zorgt er ook voor dat de kosten voor de gemeente toenemen. Deze kosten zouden mogelijk op termijn kunnen worden beperkt als vanuit de partners een hogere korting wordt gegeven die ten goede komt aan de gemeente, maar daarvoor is eerst meer massa nodig. Uit de berekeningen blijkt dat de eerste jaren geen kostendekkende exploitatie kan worden gerealiseerd en er zo’n € 2,5 tot € 3 miljoen per jaar extra moet worden geïnvesteerd, bovenop de huidige kosten van de Ooievaarspas. Het grootste deel van die kosten komt voort uit het verwachte toegenomen gebruik door minima. Aangezien minima in het bezit zijn van de Ooievaarspas zullen zij bij doorstroming naar de Den Haagpas, met name in het begin, de grootste groep gebruikers zijn.
Toeristische partners zijn niet bereid om hogere kortingen te geven. De hogere kosten van de pas zouden deels kunnen worden gecompenseerd als de partners hogere kortingen geven, maar de partners lijken daar voorlopig niet toe bereid. De meeste succesvolle kortingspassen, zoals de Rotterdampas, zijn opgericht in een tijd dat aanbieders het zwaar hadden, veel ruimte hadden voor groei en dus hoge kortingen gaven. Inmiddels hebben bestaande kortingspassen vaak een grote groep gebruikers, waardoor zij een sterke onderhandelingspositie hebben en de hoge kortingen ook in de huidige tijd kunnen continueren. Die positie heeft een eventuele Den Haagpas nog niet. Met de Haagse instellingen gaat het bovendien relatief goed,
2/3
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10032489
waardoor de bereidheid om hoge kortingen te geven beperkt is. Als er al hoge kortingen worden gegeven, is dat omdat het betreffende kanaal een grote groep mensen bereikt die anders niet worden bereikt. Een pas voor de lokale en regionale markt voorziet niet in die behoefte. Wel blijken de partners behoefte te hebben aan een instrument om juist in het laagseizoen meer bezoekers te trekken.
Het is een competitieve markt. Voor de consument en toeristische partners bestaan er tegenwoordig veel kanalen om korting te krijgen of bezoekers mee aan te trekken, zoals Social Deal, Groupon, Vakantieveilingen, Spoordeelwinkel, Museumkaart, spaaracties van de supermarkt, et cetera. Het is niet eenvoudig een nieuwe losstaande bezoekerspas in de markt te zetten die voldoende aantrekkelijk is ten opzichte van alternatieven qua prijs, aanbod en gemak.
Buurgemeenten hebben al armoedebeleid en oplossingen. Als Den Haag zou kiezen voor het model van een gecombineerde stadspas, zoals de Rotterdampas, kunnen inkomsten worden gegenereerd door buurgemeenten te laten aanhaken op de pas. De Rotterdampas is bijvoorbeeld ook in Pijnacker-Nootdorp, Lansingerland en Delft beschikbaar als minimapas, wat voor deze gemeenten een eenvoudige manier is om invulling te geven aan dit deel van het armoedebeleid. Een soortgelijke constructie met andere Haaglanden gemeenten (scenario 3) kan op termijn interessant zijn om de kosten wat te reduceren. Daarbij moet wel worden opgemerkt dat gemeenten al een eigen armoedebeleid (en oplossingen) hebben en de Den Haagpas dan wel een duidelijk voordeel moet bieden voor gemeenten. Bovendien scheelt dit op de totale exploitatie van de bezoekerspas niet zoveel geld (scenario 3 kost circa € 2,7 miljoen extra per jaar).
Conclusie Een aparte bezoekerspas naast de Ooievaarspas heeft niet de voorkeur van de toeristische instellingen uit de stad en het college, vanwege de genoemde nadelen. Een scenario met een gecombineerde Den Haagpas biedt voordelen voor de stad, maar vergt een investering van € 2,5 - 3 miljoen per jaar bovenop de huidige kosten van de Ooievaarspas. Daar is incidenteel, noch structureel budget voor. Er komt daarom geen Den Haagpas. De ambitie om regionale binding en het bezoek in het laagseizoen te stimuleren blijft bestaan. Het college gaat graag (samen met The Hague Marketing Bureau) in gesprek met toeristische instellingen om na te gaan hoe deze doelen via andere (kosten efficiënte) instrumenten kunnen worden bereikt. Daarbij kunnen dan ook de effecten van de corona-crisis worden meegenomen. Het college zal de gemeenteraad informeren over de uitkomsten. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx
Jan van Zanen
3/3