RIS306012 Beantwoording SV Bezwaarschriftenprocedure nachtontheffingen De Opera
Tekst van het document
Datum
BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE
6 november 2020
VRAGEN
Onderwerp
Ons kenmerk
Antwoord van het college op de vragen van het raadslid de heer Bos luidend: “Bezwaarprocedure nachtontheffingen De Opera”
BSD/107969 RIS306012
Het raadslid Bos heeft op 27 juli 2020 een brief met daarin negenenvijftig vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht. Overeenkomstig artikel 30 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt. Op 15 juli 2020 ontvingen wij de brief (RIS305905) waarin de burgemeester het advies van de adviescommissie bezwaarschriften m.b.t. de nachtontheffingen Opera I en II en het daarop volgende besluit van de burgemeester aan de raad toestuurt. 1.
In antwoord op eerdere schriftelijke vragen (RIS304602) stelde het college dat de beleidsregels m.b.t. het verlenen van ontheffingen van sluitingstijden te vinden zijn op pagina 16 van de Horecavisie (RIS288645). Pagina 16 is een bijlage “Algemene informatie horeca in Den Haag 2015” bij de Horecavisie. Is dit juist?
Ja. 2.
In de bijlage is vermeld dat een permanente nachtontheffing slechts mogelijk is voor horecainrichtingen die al van oudsher over zo’n permanente nachtontheffing beschikken. In de Horecavisie zelf (pag. 1 t/m 8) wordt dit niet genoemd, toegelicht of onderbouwd. Wat is hiervan de reden?
In de Horecavisie 2016 is volstaan met hoofdlijnen; de details zijn uitgewerkt in de bijlagen. Dit blijkt ook uit de leeswijzer (p. 2) van de Horecavisie. 3.
Was de betreffende beleidsregel m.b.t. permanente nachtontheffingen uit 2015 een nieuwe beleidsregel of was deze al eerder vastgesteld?
Deze beleidsregel is al eerder vastgesteld. In de concept-voortgangsrapportage Structuurvisie Horeca 2003 / Evaluatie experiment vrije openingstijden in de uitgaanskernen (RIS 107841a) zijn de vijf uitgaanskernen vastgesteld en is het beleid voor het afgeven van permanente nachtontheffingen aangescherpt. Ook in de Toekomstvisie Horeca Den Haag 2010-2015 (RIS 168865) was deze van oudsher bestaande lijn al verankerd. In de Horecavisie 2016 is dit nog duidelijker verwoord.
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
BSD/107969
4.
Volgens artikel 3:42 van de Algemene Wet Bestuursrecht dienen beleidsregels als volgt te worden bekendgemaakt: “De bekendmaking van besluiten van een niet tot de centrale overheid behorend bestuursorgaan die niet tot een of meer belanghebbenden zijn gericht, geschiedt door kennisgeving van het besluit of van de zakelijke inhoud ervan in een van overheidswege uitgegeven blad of een dag-, nieuws- of huis-aan-huisblad, dan wel op een andere geschikte wijze. Elektronische bekendmaking vindt uitsluitend plaats in een van overheidswege uitgegeven blad, tenzij bij wettelijk voorschrift anders is bepaald. Is dit bij de beleidsregels m.b.t. de horecavisie 2015 gebeurd? Zo ja, hoe? Zo nee, waarom niet?
De Horecavisie 2016 is op 11 februari 2016 door de raad vastgesteld en gepubliceerd op het RIS (288645). Er zijn geen aparte beleidsregels opgesteld naar aanleiding van de Horecavisie 2016. 5.
Op 18 april 2019 is een burgemeestersbesluit genomen. Uit de beantwoording blijkt dat het college niet vooraf op de hoogte was van de voorwaarde dat de nachtontheffingen een geldigheidsduur hebben van maximaal tien jaar. Hoe kan het dat het college hiervan niet op de hoogte was en waarom en door wie is deze voorwaarde alsnog gesteld?
De bevoegdheid om nachtontheffingen te verlenen berust op grond van de APV bij de burgemeester. De burgemeester heeft deze voorwaarde gesteld, aangezien sprake is van het verstrekken van maximaal vijf extra nieuwe structurele nachtontheffingen. Aldus is sprake van het verlenen van schaarse rechten. Schaarse rechten mogen niet voor onbepaalde tijd worden verleend. 6.
In het besluit op bezwaar spreekt de burgemeester over de “Beleidsnota Ruimte voor Horeca” die ruimte biedt voor vijf nieuwe nachtontheffingen. Om welke beleidsnota gaat het hier en waar is deze te vinden?
In het Coalitieakkoord 2018-2022 is ingezet op het bieden van meer ruimte voor de horeca. Dit heeft geleid tot de concept-beleidsnota “Ruimte voor Horeca”. Deze concept-beleidsnota is nooit vastgesteld door het college. De burgemeester heeft als bevoegd bestuursorgaan bij besluit van 18 april 2019 aanvullend beleid vastgesteld voor het uitbreiden van het aantal nachtontheffingen (RIS302417). Over hetgeen besproken is in het college wordt niet nader ingegaan. Hierop rust geheimhouding (artikel 54, eerste lid Gemeentewet, artikel 55, eerste lid Gemeentewet en artikel 5, onder 20 van het Reglement van Orde voor de collegevergaderingen van de gemeente Den Haag). 7.
De juridische grondslag voor het verlenen van de nachtontheffingen wordt in besluit op bezwaar gevormd door art. 2:29, lid 3 onder b van de APV Den Haag. Wanneer is dit deel van art. 2:29 in de APV opgenomen en wanneer is dit door de gemeenteraad besloten en met welk besluit?
De horecasluitingstijden en de mogelijkheid hiervan ontheffing te verlenen staat reeds van oudsher in de APV; in de voormalige Algemene Politieverordening voor ‘s-Gravenhage 1982 was dit vermeld in artikel 66. 8.
Hoe luidt de artikelsgewijze toelichting op dit punt?
Er is geen artikelsgewijze toelichting op de APV. 9.
Volgens lid 3 van art. 2:29 kan de burgemeester ontheffing verlenen voor de sluitingstijden. De burgemeester kan de ontheffing bedoeld in het derde lid weigeren, indien een van de in artikel
2/11
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
BSD/107969
2:28, vijfde en zesde lid, genoemde situaties zich voordoet. Zijn er nog andere weigeringsgronden? Zo ja, welke? Ja. In artikel 1:9 APV staan de algemene weigeringsgronden van ontheffingen vermeld: “1. Een vergunning, ontheffing of instemming kan worden geweigerd als de aanvraag daarvoor minder dan drie weken voor de beoogde datum van de beoogde activiteit is ingediend en daardoor een behoorlijke behandeling van de aanvraag niet mogelijk is. Indien van de weigeringsgrond in dit lid gebruik wordt gemaakt, wordt dit besluit spoedig aan de aanvrager bekend gemaakt. 2. In afwijking van het eerste lid kan een instemming voor een aanvraag als bedoeld in artikel 2:10A., zesde lid, onder b en artikel 2:11, vijfde lid, onder b worden geweigerd, als de aanvraag daarvoor minder dan drie werkdagen voor de beoogde datum van de beoogde activiteit is ingediend en daardoor een behoorlijke behandeling van de aanvraag niet mogelijk is. Indien van de weigeringsgrond in dit lid gebruik wordt gemaakt, wordt dit besluit spoedig aan de aanvrager bekend gemaakt.” 10. Betekent dit dat in principe alle horecaondernemers die al een exploitatievergunning hebben een nachtontheffing kunnen krijgen als er geen weigeringsgrond ex. art.
2:28 aan de orde is? Zo nee, waarom niet? Indien de weigeringsgronden ex artikel 2:28, vijfde en zesde lid APV en ex artikel 1:9 APV niet van toepassing zijn, kan een ontheffing in principe worden verleend. 11.
Zo ja, waarom moest er dan een burgemeestersbesluit genomen worden?
Bij artikel 2:29 APV is sprake van een “kan-bepaling”; deze is ingevuld en geconcretiseerd door middel van beleid. Door middel van een burgemeestersbesluit is dit beleid op 18 april 2019 gewijzigd. 12. De APV biedt geen mogelijkheden om tijdelijke ontheffing van de sluitingstijden te verlenen anders dan met verlaatjes. Hoe kan het dat de burgemeester op basis van de APV tijdelijke ontheffingen heeft verleend van 10 jaar in het besluit op bezwaar? Op grond van artikel 2:29, lid 3, APV kan de burgemeester ontheffingen verlenen van de sluitingstijden. Deze formulering maakt wel degelijk het verlenen van tijdelijke ontheffingen mogelijk. 13. Valt De Opera onder de categorie “Solitaire grootschalige horeca (inclusief feestzalen)” zoals beschreven in de Voortgangsrapportage Structuurvisie Horeca 2003/evaluatie experiment vrije openingstijden in de uitgaanskernen (RIS 115252)? Zo nee, waarom niet? Ja. 14. In deze voortgangsrapportage staat: “Tot slot zijn voor deze voorzieningen in principe de standaard sluitingstijden van toepassing. Wel is het mogelijk een incidentele nachtontheffing aan te vragen. Dit is 12 maal per jaar mogelijk met een maximum van éénmaal (dag) per kalendermaand. Deze randvoorwaarden gelden uiteraard voor alle solitaire grootschalige uitgaansgelegenheden.” Geldt deze beleidslijn nog steeds? Zo nee, waarom niet?
3/11
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
BSD/107969
15.
Waarom is in het besluit op bezwaar niet getoetst aan deze beleidslijn?
Ad 14 en 15: Deze beleidslijn, die zag op het verkrijgen van incidentele nachtontheffingen, geldt niet meer. Het vigerende horecabeleid geeft ruimere mogelijkheden voor het verkrijgen van verlaatjes. 16. Volgens het vigerende bestemmingsplan “Fruitweg e.o.” zijn de voor 'Horeca' aangewezen gronden (waaronder De Opera) bestemd voor horeca-inrichtingen, gericht op het bedrijfsmatig bieden van gelegenheid tot het houden van vergaderingen, recepties, bruiloften en partijen. Is dit juist? Zo nee, waarom niet? Ja, het pand valt binnen de bestemming “Horeca” zoals vermeld in artikel 6 van het bestemmingsplan. 17.
Onder “Bruiloften en partijen” worden veelal verstaan bijeenkomsten van persoonlijke aard zoals bruiloften, recepties, jubilea, bedrijfsfeesten, koffietafels, condoleancebijeenkomsten en dergelijke. Vallen (dance)events en andere uitgaansmogelijkheden onder “bruiloften en partijen” volgens het college? Zo nee, waarom niet?
Het bestemmingsplan geeft geen nadere uitleg over wat onder bruiloften en partijen wordt verstaan. In artikel 1.29 van het bestemmingsplan wordt vermeld bij horeca-inrichting categorie IV “horecainrichtingen, waaraan blijkens de bij deze regels behorende Staat van Horeca-inrichtingen 50 punten of meer zijn toebedeeld. In het algemeen betreft het horeca-inrichtingen waarvan de bedrijfsvoering is gericht op de verstrekking van (alcoholhoudende) dranken, al dan niet in combinatie met het geven van gelegenheid tot het dansen op mechanische en/of levende muziek. Ook inrichtingen, waar bedrijfsmatig gelegenheid wordt gegeven tot het houden van vergaderingen, recepties, bruiloften en partijen, in combinatie met het verstrekken van alcoholhoudende dranken en/of al dan niet ter plaatse bereide etenswaren behoren tot deze categorie. Deze bedrijven hebben in het algemeen een hoge bezoekersfrequentie in de avond- en nachtelijke uren. Inrichtingen die onder deze categorie vallen betreffen onder meer discotheken en bedrijven gericht op zalenexploitatie.” Op grond van dit artikel heeft zalenexploitatie dezelfde categorie als een discotheek en zijn events toegestaan. 18. Wat betekent de mogelijke strijd met het bestemmingsplan voor de nachtelijke exploitatie van De Opera? Er is geen strijd met het huidige bestemmingsplan dat in juli 2009 in werking is getreden.
Hierbij is tevens nog relevant dat het zalencentrum in 2007 is gevestigd onder het voorgaande bestemmingsplan, het “Uitbreidingsplan Berlage”. Het huidige gebruik van het pand valt onder het overgangsrecht van het huidige bestemmingsplan. 19. Is bij de procedures rond de nachtontheffingen getoetst aan het bestemmingsplan? Zo nee, waarom niet? Ja. 20. Op 3 februari 2020 bracht de adviescommissie advies uit aan de burgemeester. Vervolgens heeft de burgemeester opnieuw advies gevraagd aan de Omgevingsdienst en de Politie uit zorgvuldigheidsoverwegingen. Welke zorgvuldigheidsoverwegingen waren hier aan de orde? In de bezwaarfase vindt een volledige heroverweging ex nunc van de bestreden besluiten plaats. Om een zorgvuldig besluit op bezwaar te nemen, was het noodzakelijk om te beschikken over actuele informatie.
4/11
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
BSD/107969
21. Wanneer zijn de geactualiseerde adviezen van de Omgevingsdienst en de Politie bij de burgemeester binnen gekomen en in welke vorm? Het politie-advies is op 3 maart 2020 ontvangen. De Omgevingsdienst Haaglanden (ODH) heeft desgevraagd eind 2019 een overzicht geleverd van de bij de ODH bekende meldingen van overlast veroorzaak door (volgens de melders) De Opera. Dit overzicht is aangevuld op 18 februari 2020. 22. Waarom duurde het tot 30 juni 2020 om een besluit op bezwaar te nemen? Er moest een zorgvuldige afweging plaatsvinden. Tijdens de heroverweging in bezwaar is gebleken dat er nog nader onderzoek nodig was, onder meer met betrekking tot de invloed van de besluitvorming op het woon- en leefklimaat. 23. Met welke instanties, personen en deskundigen is er binnen en buiten de gemeentelijke organisatie overlegd over dit besluit op bezwaar? 24. Is er in deze kwestie juridisch advies ingewonnen? Zo ja, bij wie en kan dat advies (of adviezen) worden gedeeld met de raad? Ad 23 en 24: In het kader van de besluitvorming is juridisch advies ingewonnen bij Pels Rijcken. Het advies is opgesteld ten behoeve van intern beraad. Het advies wordt daarom niet gedeeld met de raad. 25. In de brief van de burgemeester staat dat er in februari en maart 2020 een geactualiseerde stand van zaken over de overlast is gevraagd bij de politie en de Omgevingsdienst Haaglanden.
Is er ook informatie ingewonnen bij de gemeentelijke handhavingsdiensten? Zo nee, waarom niet? Nee. De handhavers zijn niet werkzaam op de tijdstippen waarover informatie nodig was. 26. Is het feit dat de Opera bij een controle in december 2019 niet over de juiste vergunningen beschikte voor de exploitatie van een shishalounge en er geen leidinggevende aanwezig was betrokken bij de advisering door de Omgevingsdienst en de politie? Zo nee, waarom niet? Nee. Deze omstandigheden staan los van de nachtontheffingen en de exploitatie in de nachtelijke uren. Overigens zijn de illegale activiteiten direct gestaakt. 27. Waarom is er niet ook opnieuw advies gevraagd m.b.t. de Bibobtoets? Conform het gemeentelijk Bibob-beleid heeft er toen geen nieuwe Bibob-toets plaats gevonden bij de aanvraag voor een nachtontheffing (zie ook RIS 304267). 28. In antwoord op schriftelijke vragen over HEIT-controles (RIS303692) stelde het college: “Alcoholhoudende horeca-inrichtingen worden in principe 2 keer per jaar gecontroleerd. Coffeeshops en horeca-inrichtingen waar overtredingen zijn waargenomen, of waar meldingen of klachten over binnenkomen, worden in principe 4 keer per jaar gecontroleerd.”
5/11
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
BSD/107969
In antwoord op mijn eerdere vraag hoe vaak en welke controles de afgelopen vijf jaar hebben plaatsgevonden bij De Opera en wat deze controles opleverden, stelde het college: “Het handhavingsteam heeft op 3 december 2019 een controle uitgevoerd, waarbij geconstateerd is dat er geen leidinggevende aanwezig was en dat er sprake was van een gewijzigde exploitatie. Op 24 december 2019 heeft de ondernemer hier een waarschuwing voor ontvangen. Het handhavingsteam heeft toen direct een hercontrole uitgevoerd, waarbij geen overtredingen zijn geconstateerd.” Wat was de aanleiding voor de controle van 3 december 2019? De aanleiding voor de controle was een melding omtrent een mogelijk illegale situatie. Deze illegale situatie is ook daadwerkelijk geconstateerd. De ondernemer heeft de illegale activiteiten vervolgens direct gestaakt. 29. Uit de beantwoording van de eerdere vragen blijkt dat De Opera de afgelopen vijf jaar slechts een keer is gecontroleerd (plus een hercontrole) in plaats van de gebruikelijke 4 keer per jaar. Kan het college verklaren waarom de gebruikelijke controles al die jaren zijn uitgebleven? Toezicht op horeca wordt in verband met schaarse capaciteit in de hele stad informatiegestuurd uitgevoerd. Wel is de Opera meegenomen in de surveillances, teneinde eventuele overlast op straat te kunnen waarnemen. 30.
Uit antwoorden op eerdere schriftelijke vragen blijkt dat er 3 meldingen van geluidsoverlast waren ontvangen door de Omgevingsdienst in 2017. In 2018 zijn er 2 meldingen ontvangen. In 2019 zijn er 12 meldingen ontvangen. In 2020 zijn er tot op heden 3 meldingen ontvangen. Wat heeft de Omgevingsdienst met al deze meldingen gedaan? De meldingen in 2017 hadden betrekking op overlast in de openbare ruimte. Deze meldingen zijn door de ODH doorgestuurd naar de gemeente. Vervolgens zijn ze doorgestuurd naar de politie en het handhavingsteam, teneinde hier verscherpt toezicht op uit te voeren. Dit heeft plaatsgevonden door middel van surveillances. Naar aanleiding van de eerste melding in 2018 omtrent geluidsoverlast zijn bij metingen geen overtredingen van de Wet milieubeheer geconstateerd. De tweede melding heeft niet tot metingen geleid, aangezien de melder de situatie later aanvaardbaar vond. Naar aanleiding van de meldingen in 2019 zijn er diverse contactmomenten met de klagers geweest. Dit heeft nog niet tot uitvoering van geluidsmetingen geleid, met name omdat de melders bij diverse telefonische contacten aangaven dat het nog te vroeg in de avond was en ze later, als de overlast niet minder zou worden, alsnog zouden bellen, hetgeen vervolgens niet gebeurde. Ook is diverse malen aangegeven dat de overlast inmiddels voorbij was.
Op de meldingen in 2020 is tot juli geen inzet van de ODH geweest in verband met coronabeperkingen. Opera is inmiddels wel op de oproeplijst van de wachtdienst geplaatst. 31. Hoeveel meldingen zijn er tot nu toe binnengekomen sinds het verlenen van de nachtontheffingen? In 2020 zijn sinds de drie genoemde meldingen nog vier meldingen van geluidsoverlast ingediend. In verband met coronabeperkingen, waardoor de ODH vanaf medio maart 2020 geen controles meer uitvoerde in de regio, zijn deze meldingen niet nader onderzocht.
6/11
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
BSD/107969
Sinds juli 2020 voert de ODH weer controles uit bij o.a. overlastmeldingen. Er is nog geen meting bij Opera verricht sinds juli 2020, omdat de laatste melding pas de dag na de overlast is ingediend bij de ODH. De locatie is wel op de oproeplijst van de wachtdienst geplaatst en de verschillende overlastmelders zijn verzocht om bij geluidsoverlast direct de meldkamer te benaderen voor uitvoeren van geluidsonderzoek. 32. Bij muziekcafe Foots in de Reinkenstraat volgde na een of twee meldingen van geluidsoverlast al onderzoek door de Omgevingsdienst met dwangsommen tot gevolg. Waarom is dat bij De Opera uitgebleven? Er is sprake van verschillende situaties met verschillende omstandigheden. Bij Foots kon vrij snel met de overlastmelder een afspraak gemaakt worden voor het uitvoeren van een geluidsonderzoek, met name omdat de overlast altijd op dezelfde dag in de week en op een vast tijdstip plaatsvond. Bij Opera is het moment van overlast zeer variabel. Verder geven klagers regelmatig aan de situatie weer aanvaardbaar te vinden of bellen vroeg, maar willen dan nog geen geluidsonderzoek en bellen later op de avond niet meer terug. De locatie is op de oproeplijst van de wachtdienst geplaatst, maar het daadwerkelijk uitvoeren van een meting blijft afhankelijk van meldingen en de bereidheid van de melder(s) om mee te werken aan een onderzoek. 33.
Zijn er nog andere meldingen of signalen in 2018, 2019 en 2020 binnengekomen bij gemeente, politie, handhaving en Omgevingsdienst Haaglanden dan gemeld in de beantwoording van de eerdere schriftelijke vragen? In 2020 zijn, sinds de drie genoemde meldingen nog vier meldingen van geluidsoverlast ingediend. 34. De politie adviseert over de openbare orde, de Omgevingsdienst over geluidsoverlast. Welke instanties en welke bronnen zijn geraadpleegd om te toetsen of de horeca-inrichting geen nadelige invloed heeft op het woon- of leefklimaat in de naaste omgeving, zoals de APV bij het verlenen van nachtontheffingen eist en wat was daarvan de uitkomst? De politie heeft ook over dit aspect geadviseerd. Het advies leverde geen weigeringsgrond op. De ODH handhaaft de milieuwetgeving, onder meer t.a.v. geluidsoverlast vanuit inrichtingen, maar heeft geen adviserende functie ten aanzien van de genoemde APV-bepaling. 35. Is onderzocht of door het verlenen van de nachtontheffingen het aantal bezoekers van De Opera dusdanig toeneemt dat een Milieu Effect Rapportage of Beoordeling nodig is? Zo nee, waarom niet? Nee. Afgifte van een ontheffing op grond van artikel 2:29 APV is geen m.e.r.(beoordelings)-plichtig besluit. 36. Volgens de besluitenlijst van de vergaderingen van het college d.d.
9 juni 2020 is gesproken over een “Nota van burgemeester Remkes over Bezwaarprocedure nachtontheffingen Opera”. Waarom is deze nota destijds aangehouden in het college? 37. Is in de collegevergadering van 16 juni 2020 gesproken over deze kwestie? En waarom is de besluitenlijst van deze vergadering niet gepubliceerd? Ad 36 en 37: Op hetgeen besproken is in de vergadering van het college rust geheimhouding (artikel 54, eerste lid Gemeentewet, artikel 55, eerste lid Gemeentewet en artikel 5, onder 20 van het Reglement van Orde
7/11
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
BSD/107969
voor de collegevergaderingen van de gemeente Den Haag). Voor een verwijzing naar de besluitenlijst van 16 juni 2020, zie RIS305604. 38. Wie controleert of de publicatie van besluitenlijsten op de juiste wijze, tijdig en überhaupt plaatsvindt? Conform artikel 60, derde lid van de Gemeentewet maakt het college de besluitenlijst van zijn vergaderingen op de in de gemeente gebruikelijke wijze openbaar. Voor de gemeente Den Haag betekent dit dat publicatie plaatsvindt op het Raadsinformatiesysteem. 39. Volgens de besluitenlijst van het college van 23 juni 2020 is gesproken over een “Nota burgemeester over een bezwarenprocedure”. Gaat het hier over De Opera? 40. Zo ja, welk verschil zit er tussen de nota die op 9 juni en de nota die op 23 juni is besproken? 41. Is het juist dat in de collegevergadering van 23 juni de burgemeester het groene licht heeft gekregen van het college om de zaak af te doen met het besluit van 30 juni 2020? Zo nee, waarom niet? 42. Hebben alle wethouders ingestemd met het besluit of hebben wethouders individuele bezwaren laten optekenen? 43.
Is het gebruikelijk dat het afhandelen van besluiten op bezwaar in het college wordt besproken? Zo ja, waarom? Zo nee, waarom niet? Ad 39 t/m 43: Op hetgeen besproken is in de vergadering van het college rust geheimhouding (artikel 54, eerste lid Gemeentewet, artikel 55, eerste lid Gemeentewet en artikel 5, onder 20 van het Reglement van Orde voor de collegevergaderingen van de gemeente Den Haag). Hier kan het college dus geen mededelingen over doen. 44. Kan de ‘Nota burgemeester Remkes over Bezwaarprocedure nachtontheffingen Opera BSD/2020.112’ naar de raad worden gezonden of ter inzage worden gelegd? Zo nee, waarom niet? Het betreft hier een nota portefeuillehouder. Deze strekt ter informatie van de leden van het college tijdens vergaderingen van het college. Een nota portefeuillehouder deelt het college niet met de raad. Zoals hiervoor is aangegeven bij de beantwoording van de vragen 39 t/m 43 doet het college geen mededelingen over hetgeen besproken is tijdens vergaderingen van het college, aangezien hierop geheimhouding rust. 45. In de communicatie vanuit de gemeente en tijdens de beraadslagingen in de raad over de vijf extra nachtontheffingen is steeds gesproken over een termijn van maximaal 10 jaar. Zo staat in het burgemeestersbesluit d.d.
18 april 2019: “De geldigheidsduur van deze nachtontheffingen is maximaal tien jaar.” Uit de op 20 juni 2019 door de burgemeester verleende ontheffingen blijkt dat de nachtontheffingen voor onbepaalde tijd zijn verleend. Heeft het college intern onderzocht hoe deze fout heeft kunnen ontstaan? Zo ja, wat is de oorzaak van deze fout? Zo nee, waarom niet? Deze termijn is abusievelijk niet in de besluiten terechtgekomen. Inmiddels is dit voor alle vijf de nachtontheffingen hersteld.
8/11
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
BSD/107969
46. Welke afdeling heeft de nachtontheffingen opgesteld? De Bestuursdienst, directie Veiligheid. 47. Hoe is de controle op het verlenen van nachtontheffingen georganiseerd en waarom is dat hier misgegaan? De controle op de te nemen besluiten vindt plaats via meerdere schijven. Helaas is desondanks de geldigheidsduur abusievelijk niet vermeld in de nachtontheffingen. Dat is inmiddels hersteld. 48. Is er sprake geweest van het ‘vier ogen principe’ bij het opstellen van de ontheffingen? Zo ja, wie heeft de opgestelde ontheffingen gecontroleerd? De opgestelde ontheffingen zijn door verschillende personen gecontroleerd. In 2016 is een Risico Analyse Integriteit (RAI) gemaakt van het werkproces m.b.t. horecavergunningen. Hieruit is naar voren gekomen dat, dankzij de vele schakels in dit proces (politie en justitie) en de diverse collegiale toetsmomenten, dit proces solide in elkaar zit. Er zijn geen integriteitsrisico’s gevonden. Dit sluit helaas niet uit dat er in het besluitvormingsproces wel eens fouten worden gemaakt. Deze worden zo spoedig mogelijk hersteld, zo ook bij de desbetreffende nachtontheffingen. 49. Zijn de ontheffingen destijds door de burgemeester ondertekend? Zo nee, waarom niet en zo ja, hoe kan het dat ook de burgemeester de fouten niet heeft gezien? Nee.
De burgemeester heeft bij besluit van 18 april 2019 specifiek de kaders vastgesteld waarbinnen vijf nieuwe nachtontheffingen mogelijk zijn. De ontheffingen zijn vervolgens, binnen deze kaders en conform de mandaatregeling, in mandaat verleend. 50. Zijn de drie andere verleende nachtontheffingen voor onbepaalde tijd verleend? Zo nee, waarom niet? Ja. Inmiddels zijn ook deze nachtontheffingen beperkt in de geldigheidsduur (tien jaar). 51.
In het besluit op bezwaar staat dat de nachtontheffingen voor Opera I en II zoals afgegeven door de burgemeester ruimere openingstijden mogelijk maakten dan andere, eerder, afgegeven nachtontheffingen, nl. tot 6 uur. Zijn de ruimere openingstijden tot 6 uur ook van toepassing op de drie andere verleende nachtontheffingen? Zo nee, waarom niet?
Ja. Inmiddels zijn ook deze nachtontheffingen beperkt in het sluitingsuur (05.00 uur). 52. En zo ja, wat gaat de gemeente doen om daar ook maximaal 10 jaar van te maken en de openingstijden te beperken tot 5 uur? 53. En zo nee, waarom zijn deze fouten dan alleen bij De Opera gemaakt? Ad 52 en 53: Inmiddels zijn ook deze nachtontheffingen beperkt in de geldigheidsduur (tien jaar). 54. In de brief van de burgemeester staat dat volgend jaar – na 2 jaar - een evaluatie zal plaatsvinden. Bij deze evaluatie van de nachtontheffingen wordt op basis van concrete - van tevoren met de ondernemers gecommuniceerde - criteria gekeken of de ontheffingen bijdragen aan het realiseren van de beoogde beleidsdoeleinden. Wat is het nut van een evaluatie als de ontheffingen voor 10 jaar zijn verstrekt?
9/11
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
BSD/107969
55. Welke concrete criteria zijn of worden er met de ondernemers gecommuniceerd? Ad 54 en 55 De uitkomst van de evaluatie kan leiden tot intrekking van de nachtontheffingen of inkorten van de looptijd van tien jaar, indien zich een intrekkingsgrond uit de APV voordoet. Een evaluatie kan daarnaast nuttig zijn om te bezien of de ondernemers feitelijk gebruik gemaakt hebben van de nachtontheffingen en wat hiervan de effecten waren. Een evaluatie kan ook uitwijzen of de nachtontheffingen bijdragen aan een verbetering van het uitgaansklimaat. Tot slot kan een evaluatie ook een prikkel zijn voor de huidige houders van de nachtontheffingen om een inspanning te (blijven) leveren. 56. Welke beleidsdoeleinden zijn er verbonden aan het verstrekken van de nachtontheffingen? Zijn deze beleidsdoeleinden door de gemeenteraad of door het college vastgesteld? De beleidsdoelen zijn aangegeven in het Coalitieakkoord 2018-2022; “een impuls geven aan de dancescene”. 57. Op welke wijze wordt de gemeenteraad bij deze evaluatie betrokken? 58. Op welke wijze worden de omwonenden van de locaties bij deze evaluatie betrokken? Ad 57 en 58: De gemeenteraad en de omwonenden zullen bij de evaluatie worden betrokken. De wijze waarop is nog niet duidelijk, omdat de procedure voor de evaluatie nog niet is vastgesteld. 59.
Het achterliggende beleidsdoel van de vijf nachtontheffingen is gelegen in het feit dat er ‘binnen de uitgaanskernen nauwelijks potentieel geschikte locaties zijn voor grootschalige (dance)events en andere uitgaansmogelijkheden’. Kan het college per verleende nachtontheffing aangeven hoe vaak deze sinds 2019 hebben geleid tot grootschalige (dance)events? Zo nee, waarom niet? Horeca-ondernemers zijn vrij om zelf activiteiten uit te voeren binnen de vergunningsvoorwaarden en hoeven hierover geen verantwoording af te leggen aan de gemeente. De evaluatie zal zich evenwel richten op zowel eventuele overlast voor omwonenden als het feitelijk gebruik van de nachtontheffing. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx
Jan van Zanen
10/11