RIS305176 Beantwoording SV Toekomst straatvegers Haags Werk Bedrijf
Tekst van het document
Datum
BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE
30 juni 2020
VRAGEN
Onderwerp
Ons kenmerk
Antwoord van het college op de vragen van de raadsleden mevrouw Arp, de heer Aydin en mevrouw Wenink, luidend: “Toekomst straatvegers Haags Werk Bedrijf”
SV/2020.234 RIS305176
De raadsleden mevrouw Arp, de heer Aydin en mevrouw Wenink hebben op 23 april 2020 een brief met daarin dertien vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht. Overeenkomstig artikel 30 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt. In 2015 heeft de gemeente 260 straatvegers in dienst genomen, die voorheen met behoud van uitkering werkzaamheden verrichtten. Deze vegers traden in dienst bij de Dienst Stadsbeheer (DSB), maar het Haags Werk Bedrijf (HWB) bleef verantwoordelijk voor de aansturing en begeleiding. Hiermee zijn echter niet alle vegers die bij het HWB werkzaam waren overgenomen door de gemeente. 230 straatvegers zijn nog altijd in dienst van het HWB. Zij verrichten hetzelfde werk als de gemeentelijke vegers, maar met andere arbeidsvoorwaarden. De twee typen vegers verrichten hun werk bovendien niet gescheiden, maar in gemengde teams, aangestuurd door zowel gemeentelijke managers als HWB-managers. De SP-fractie heeft vernomen dat de Dienst Stadsbeheer de wens heeft om haar eigen leidinggevenden volledig verantwoordelijk te maken voor de aansturing van de vegers op straat. Hiermee blijft het HWB weliswaar werkgever van de 230 straatvegers, maar wordt deze organisatie in een zekere zin op afstand gezet van haar werknemers. 1.
Klopt het dat er een plan ligt om de gemeentelijke managers volledig verantwoordelijk te maken voor de aansturing op straat van zowel de straatvegers van het HWB als de gemeentelijke straatvegers van het Haags Veegbedrijf (HVB)?
Met het bestuur en de directie van het HWB is meermaals gesproken over de regie op de schoonmaak van de openbare ruimte. In die gesprekken is het scenario besproken waarin gemeentelijke managers de vakinhoudelijke aansturing van zowel eigen straatvegers als HWB-straatvegers uitvoeren. De aanleiding is dat de huidige situatie, met twee organisaties die een rol hebben in de aansturing, onvoldoende toestaat om één centrale regie te voeren op een efficiënte schoonmaakoperatie. Hierover zijn nog geen besluiten genomen, maar is wel contact met het bestuur van het HWB. 2.
Kunt u nader toelichten waarom de gemeente er de afgelopen jaren niet voor heeft gekozen om ook de overige 230 straatvegers die nog in dienst zijn van het HWB als ambtenaar te beëdigen?
De groep die in 2015 in dienst trad van de gemeente, bestond uit straatvegers die met behoud van uitkering werk verrichtten. Met de komst van de Participatiewet in januari van 2015 werden namelijk meer stringente eisen gesteld aan de omstandigheden waaronder mensen met behoud van uitkering
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
SV/2020.234
mochten werken. Het college heeft toen besloten om de medewerkers die met behoud van uitkering werkten een reguliere baan binnen de gemeente aan te bieden. De overige 230 medewerkers van het HWB hadden al een reguliere baan binnen het HWB. Er was dus geen reden om hen een reguliere baan binnen de gemeente aan te bieden. 3.
Wat is het concrete verschil in arbeidsvoorwaarden tussen beide groepen straatvegers?
In 2015-2016 zijn de arbeidsvoorwaarden van beide groepen straatvegers zo veel als mogelijk gelijk getrokken. Zo zijn de salarisniveaus van vergelijkbare functies in overeenstemming met elkaar gebracht. Daarnaast hebben vegers van het HWB extra verlofdagen gekregen omdat zij een 38-urige werkweek hebben tegenover de 36-urige werkweek van de gemeentelijke vegers. De 260 gemeentelijke medewerkers vallen onder de CAO Gemeenten en dan specifiek onder de voorwaarden die gelden bij loonschaal A. De HWB-medewerkers vallen niet onder een CAO en kennen een eigen arbeidsvoorwaardenreglement. De arbeidsvoorwaarden zijn daardoor niet identiek, maar wel gelijkwaardig. 4.
Is er behalve het verschil in arbeidsvoorwaarden nog sprake van een verschil in profiel tussen beide groepen straatvegers (denk aan leeftijd, afstand tot de arbeidsmarkt, etc.)?
De vegers van het HWB werken over het algemeen al vele jaren bij het HWB zonder dat er sprake is van doorstroom naar een ander type werk. De gemiddelde leeftijd van de medewerkers van het HWB ligt relatief hoog; de helft van de HWB-vegers is 55-plus. De gemeente heeft geen inzage in het aantal medewerkers in dienst van het HWB dat is opgenomen in het doelgroepenregister. Dit is alleen inzichtelijk voor HWB als werkgever. We zien wel dat de groep vegers bij HWB een kwetsbare groep is met een afstand tot de arbeidsmarkt. Binnen het gemeentelijke HVB is de gemiddelde leeftijd lager dan bij het HWB. Circa de helft van de (260) gemeentelijke vegers die zijn overgenomen van HWB, valt onder de Banenafspraak. 5.
Klopt het dat beide groepen straatvegers in feite dezelfde werkzaamheden verrichten? Zo ja, hoe rijmt het college dit met het verdringingsprotocol, waarmee Den Haag samen met buurtgemeenten in 2017 de intentie uitsprak richting FNV om verdringing op de arbeidsmarkt tegen te gaan?1
De straatvegers van de gemeente en het HWB doen hetzelfde werk. Volgens het college is geen sprake van verdringing. De situatie uit de FNV-brochure die bij deze vraag is gevoegd (bijlage 1), doet zich in dit geval niet voor. Overigens heeft het college op 11 juni jl. in de commissie Samenleving toegezegd om de raad een rapportage over de uitwerking van het verdringingprotocol toe te zenden. Dit wordt toegevoegd aan de rapportage van het Werkoffensief +500. De fracties van de SP, PvdA en GroenLinks vragen zich af in hoeverre de HWB-vegers, zolang zij niet in dienst worden genomen van de gemeente, gebaat zijn bij de voorgenomen organisatorische verandering.
1
https://lokaalfnv.nl/media/48136/verdringingsprotocol-fnv.pdf
2/5
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
SV/2020.234
6.
Bent u het met ons eens dat het onwenselijk is als de HWB-straatvegers in een ondergeschikte positie terechtkomen ten opzichte van hun gemeentelijke collega’s, terwijl zij in feite jarenlang hetzelfde werk doen? Zo ja, hoe wilt u dit voorkomen? Zo nee, waarom niet?
Nee. In het scenario waarin gemeentelijke managers de aansturing van de gemeentelijke vegers (deels Haags Veegbedrijf, deels Den Haag Werkt) en de HWB-vegers uitvoeren, betreft het de operationele aansturing die nodig is om de regie op het schoonmaken en schoonhouden van de stad te kunnen nemen. Dit conform de wens van de gemeenteraad (RIS258108). Doordat de leidinggevenden van het HWB worden vrijgespeeld voor de overige leidinggevende taken, kunnen zij meer tijd besteden om deze medewerkers individueel te begeleiden. Een vergelijkbare situatie doet zich, met positieve bevindingen, voor bij Den Haag Werkt. Het Haags Werk Bedrijf Publieke Taken (HWB) is in de jaren negentig opgericht om mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt te activeren. In de loop der jaren is bepaald dat het HWB uitsluitend opdrachten van de gemeente mag aannemen. Daarnaast worden er vanuit de bijstand geen nieuwe medewerkers meer naar het HWB doorverwezen, waardoor het medewerkersbestand krimpt en vergrijst. De medewerkers van het HWB hebben een grote afstand tot de arbeidsmarkt. Deze afstand is echter niet groot genoeg om in aanmerking te komen voor beschut werk. In feite valt deze groep tussen wal en schip wanneer zij geen toegang heeft tot werkvormen met extra begeleiding. Bovendien hebben veel medewerkers van het HWB te maken met multiproblematiek.
Dit vergt een andere rol van de werkgever, die meer gericht is op het stimuleren van zelfredzaamheid. 7.
Wat is nog de concrete meerwaarde van het HWB als deze organisatie op afstand wordt gezet van haar werknemers? Dreigt zij hiermee niet in feite een payroll-constructie te worden?
Het scenario dat met het HWB is besproken, heeft niet de bedoeling het HWB “op afstand” van zijn eigen medewerkers te zetten en heeft dus ook niet het karakter van een payroll-constructie. Zie verder het antwoord op vraag 6. Zolang de 230 straatvegers in dienst zijn van het HWB, blijft deze organisatie een werkgeversrol vervullen. 8.
Bent u het met ons eens dat het onwerkbaar is als het HWB geen zicht meer heeft op het functioneren van haar medewerkers op straat – omdat DSB deze aansturende en begeleidende rol volledig overneemt – maar nog wel belast is met HR-taken? Hoe zou dit de HWB-vegers ten goede moeten komen?
Nee. Zie de antwoorden op de vragen 6 en 7. In december 2019 heeft het college het plan van aanpak voor de totstandkoming van ‘Den Haag Werkt’ naar de raad gestuurd (RIS 304096). De doelstelling van dit reorganisatieproces is het creëren van een inclusieve arbeidsmarkt, waarbij mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt ‘zo gewoon mogelijk werk doen bij een zo gewoon mogelijke werkgever tegen een zo gewoon mogelijk loon’.2
2
Plan van aanpak reorganisatie ‘Op naar Den Haag Werkt’, p. 8, RIS 304096.
3/5
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
SV/2020.234
9.
Hoe komt het dat de samenwerking tussen de gemeente en het HWB nergens wordt genoemd in dit reorganisatieplan? Was dit een bewuste keuze? Verandert deze samenwerking ten gevolge van de reorganisatie, en zo ja, in welke zin?
De reorganisatie van Den Haag Werkt heeft geen gevolgen voor de samenwerking tussen de gemeente en het HWB. Het plan van aanpak dat naar de Raad is verstuurd betrof de interne integratie van de gemeentelijke dienst Haeghe Groep en het Werkgeversservicepunt binnen de dienst SZW tot Den Haag Werkt. Uiteraard kunnen we doelstelling tot het bereiken van een inclusieve arbeidsmarkt alleen behalen door samen te werken met andere werkgevers. Op 15 januari 2020 publiceerde de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) het rapport ‘Het betere werk. De nieuwe maatschappelijke opdracht’. Hierin stelt de WRR dat het sluitstuk van de sociale zekerheid niet de bijstand, maar een basisbaan zou moeten zijn. Werk is immers belangrijk voor het welzijn van mensen. Met een basisbaan wordt niet hetzelfde bedoeld als een Melkertbaan. Basisbanen zijn volgens de WRR ‘niet per se bedoeld voor de doorstroom naar regulier werk, al mag en kan dit soms gebeuren.’3 Daarnaast stelt de WRR dat basisbanen ‘goed werk moeten bieden en daarom niet tijdelijk moeten zijn. Ze dienen juist bescherming te bieden (‘grip’) tegen de onzekerheid van de arbeidsmarkt.’ Ook adviseert de WRR om het actief arbeidsmarktbeleid te vernieuwen, onder andere door meer aandacht te geven aan persoonlijke begeleiding. 10.
Bent u het met ons eens dat het WRR-rapport ‘Het betere werk’ waardevolle adviezen bevat voor het voeren van een actief arbeidsmarktbeleid? Zo nee, waarom niet? Ja. 11.
Bent u bereid om samen met het HWB te onderzoeken in hoeverre deze organisatie in de toekomst een rol zou kunnen vervullen in het verwezenlijken van basisbanen voor Hagenaars met een grote afstand tot de arbeidsmarkt? Zo ja, op welke termijn? Zo nee, waarom niet?
In het in april 2020 gepubliceerde rapport ‘Naar een inclusieve samenleving4, staan diverse varianten beschreven waarop een basisbaan kan worden ingevuld. Het begrip basisbaan is nog niet eenduidig. Er bestaan verschillende beelden van wat basisbanen zijn, of waaraan deze moeten voldoen. Met verschillende varianten wordt nu landelijk ervaring opgedaan. De gemeente Den Haag draagt op verschillende manieren bij aan het ervaring opdoen met varianten van basisbanen. Hierover zijn we ook in gesprek met o.a. het ministerie van SZW, Divosa en VNG. Het college wil dit los zien van de discussie over de toekomst van het HWB. 12. Bent u bereid de resultaten van dit onderzoek met de raad te delen? Zie het antwoord op vraag 11.
3
‘Het betere werk. De nieuwe maatschappelijke opdracht’, de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid, 15 januari 2020, p. 183.
4
Dit rapport is opgesteld door een ambtelijk werkgroep op verzoek van de Tweede Kamer om mogelijke beleidskeuzes op zestien
verschillende maatschappelijke terreinen in kaart te brengen (Brede maatschappelijke heroverwegingen),
4/5
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
SV/2020.234
13. Bent u bereid om voor dit onderzoek is afgerond en besproken in de raad geen onomkeerbare stappen te zetten ten aanzien van de samenwerking tussen gemeente en HWB? Zo nee, waarom niet? We zullen een weloverwogen afweging maken om tot een besluit te komen over de samenwerking tussen het Haags Werkbedrijf en de gemeente en de Raad daarover informeren. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris a.i., de wnd. burgemeester, Ilma Merx
Johan Remkes
5/5