RIS304556 Afdoening motie Inzicht in middelen voor geplande investeringen IHP
Tekst van het document
Typ tekstTyp tekstTyp tekst
dienst: dienstcode
Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag
Ons kenmerk
Aan: de Gemeenteraad
OCW/10182989 RIS304556 Contactpersoon
Daniel van Drunen Dienst
OCW Afdeling Telefoonnummer
14070 Datum
E-mailadres
30 november 2021
daniel.vandrunen@denhaag.nl
Onderwerp
Afdoening motie ‘Inzicht in middelen geplande investeringen IHP’
Uw raad heeft tijdens de bespreking van het voorstel van het college inzake vaststelling Integraal Huisvestingsplan IHP Onderwijs DH 2020-2030 (RIS304176) op 6 februari 2020 de door de heer Grinwis ingediende motie ‘Inzicht in middelen geplande investeringen IHP’ (RIS304556) aangenomen. De motie luidt als volgt: Constaterende, dat: • in het Integraal Huisvestingsplan staat: “De gemeentelijke begroting voorziet voor de eerste jaren in voldoende investeringsruimte. Vanaf 2023 is er sprake van een fors tekort. De mogelijkheden voor de financiering van onderwijshuisvesting op de lange termijn worden onderzocht”; • uit de programmabegroting 2020-2023 (RIS304372) blijkt dat al in 2022 sprake is van een gat van € 11 miljoen ten opzichte van de in het IHP geplande investering, en in 2023 een bedrag van slechts € 177.000 voor onderwijshuisvesting is begroot, terwijl in de planning in het IHP een investering van € 27,1 miljoen is opgenomen; • de in het IHP opgenomen planning in de periode 2023-2030 een investering vergt van in totaal € 155 miljoen; Overwegende, dat: • de kloof tussen investeringsplanning en beschikbare middelen erg groot is en daarmee de realiseerbaarheid van het IHP nog onduidelijk is; Verzoekt het college: • voorafgaand of bij de programmabegroting 2021-2024 inzichtelijk te maken of en hoe de geplande investeringen uit het Integraal Huisvestingsplan voor 2023 en 2024
kunnen worden gerealiseerd en daarbij een doorkijk te bieden naar de jaren daarna.
Gemeente Den Haag
Spui 70 Den Haag
Postbus 12600 2500 DJ Den Haag
dienst: afdeling-telefoon dienst: afdeling-website
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
OCW/10182989
Het college reageert hierop als volgt: Zoals is aangegeven in het voortgangsbericht (RIS 304556) en in de recent door uw raad vastgestelde begroting 2022-2025, is er tot 2023 voldoende investeringsruimte. Voor het begrotingsjaar 2022 is geen sprake is van een gat van € 11 mln. ten opzichte van de in het IHP geplande investeringen. De middelen worden in het MIP in een bepaald jaar gezet op basis van de verwachte realisatie van reeds toegekende investeringen. Daarbij zijn de reeds toegekende investeringen gedekt. Het probleem zit in de beschikbare middelen voor het toekennen van nieuwe investeringen in toekomstige programma’s onderwijshuisvesting. Investeringen leiden tot kapitaallasten (rente en afschrijving). Deze worden gedekt uit een kaderbudget dat binnen de reserve activafinanciering voor onderwijshuisvesting is geoormerkt. Dit kaderbudget wordt gevoed met vrijval van oude investeringen in onderwijshuisvesting: op het moment dat een schoolgebouw na 40 jaar administratief is afgeschreven, zijn er voor dat gebouw geen kapitaallasten meer en komt dat bedrag beschikbaar voor financiering van nieuwe investeringen. De vrijval van oude investeringen is echter niet genoeg om de benodigde nieuwe investeringen te dekken, omdat de prijskaartjes van renoveren en vervangen nu hoger zijn dan die van 40 jaar geleden. Daarom loopt het kaderbudget ieder jaar een beetje leeg.
Tot 2023 is er naar verwachting voldoende dekking om de investeringen die nodig zijn volgens het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs 2020-2030 (RIS 304176) te financieren. In de loop van 2023 is het kaderbudget leeg. Daarna komen investeringen conform het IHP stil te staan of moet aanvullende structurele dekking gevonden worden. Hierbij moet opgemerkt worden dat het IHP het karakter heeft van een indicatief plan, er zijn geen harde financiële consequenties aan verbonden. Tegelijkertijd geeft het IHP een onderbouwd beeld van de benodigde investeringen. Naar aanleiding van deze constatering is een onderzoek uitgevoerd naar de financiering van onderwijshuisvesting op de lange termijn. Dit onderzoek is afgerond. In de begroting 2022-2025 heeft uw raad ingestemd met een incidentele dekking voor het programma 2023. De structurele dekking wordt onderdeel van de afweging bij de coalitieonderhandelingen in 2022. De uitkomst van het onderzoek komt er op neer dat er structureel te weinig geld is om de onderwijshuisvesting te financieren. Het verschilt per scenario hoeveel geld er extra nodig is. Als het IHP scenario wordt gevolgd, is er elk jaar € 1,1 mln. extra structureel benodigd. In 2030 zijn de extra jaarlijkse lasten dan opgelopen tot € 8,8 mln.
In dat scenario is dan nog geen rekening gehouden met de geambieerde groei van de stad (Binckhorst, CID en Zuidwest) en de kosten van verduurzaming van schoolgebouwen. Dat meegenomen, is er elk jaar geen €1,1 mln. maar € 1,4 mln. extra structureel benodigd. In 2030 zijn de extra jaarlijkse lasten dan opgelopen tot € 12,8 mln. Bovengenoemde bedragen zijn gebaseerd op een aanname van de indexering van de bouwkosten van 2% per jaar. De afgelopen jaren stegen de bouwkosten met meer dan 6% per jaar. Er wordt aangenomen dat de bouwkosten op de langere termijn minder hard stijgen. Als er geen extra geld beschikbaar komt, zullen de schoolgebouwen noodgedwongen veel ouder worden. Nu zijn scholen gemiddeld 30 jaar oud en worden ze circa 60 jaar gebruikt. Daarmee is deze vastgoedportefeuille nu op orde. De gemiddelde leeftijd zal zonder extra middelen aanzienlijk oplopen. Naast het feit dat de wettelijke taak dan in het gedrang komt (goede schoolgebouwen), zijn het uitgestelde investeringen. De lasten moeten later alsnog gemaakt worden.
2/3
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
OCW/10182989
Doordat de besluitvorming over de uitkomsten van het onderzoek is doorgeschoven naar de afwegingen bij de coalitieonderhandelingen in 2022, is er op dit moment geen extra structurele dekking beschikbaar voor het programma onderwijshuisvesting 2023. Om de planvorming niet te laten hinderen door latere besluitvorming over de beschikbare middelen, is er voor gekozen om de kapitaallasten van de investeringen in het programma onderwijshuisvesting 2023 vooralsnog incidenteel te dekken. Daarmee is een investeringsruimte van 25 mln. toegevoegd voor Onderwijshuisvesting in het MIP. Het interdepartementaal beleidsonderzoek naar onderwijshuisvesting concludeert dat er landelijk extra middelen nodig zijn om de achterstand weg te werken en de duurzaamheidsambities te realiseren. Hiervoor is een verhoging van het gemeentefonds noodzakelijk. De lobby van de gemeente, VNG en sectorraden sluit hierbij aan. De conclusie is dat de programma’s onderwijshuisvesting vanaf 2023 nog niet structureel zijn gedekt. Dit is wel noodzakelijk om het investeringsniveau in lijn te houden met de uitgangspunten van het IHP. Een jaarlijks stabiel investeringsniveau voor vervanging en uitbreiding van het scholenbestand blijft het uitgangspunt. Het wordt onderdeel van de afweging bij de coalitieonderhandelingen in 2022. Het college beschouwt de motie hiermee als afgedaan.
Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx
Jan van Zanen
3/3