RIS304106 Arbeidsmarktdiscriminatie en -beleid
Tekst van het document
RIS304106
Schriftelijke vragen: Arbeidsmarktdiscriminatie en -beleid Indiener: Tahsin Çetinkaya (Islam Democraten) Datum: 28 november 2019 Aan de voorzitter van de gemeenteraad, Arbeidsdiscriminatie is een reeds bewezen fenomeen1. Het grootste Nederlandse veldexperiment omtrent arbeidsdiscriminatie heeft onlangs uitgewezen dat sollicitanten zonder een migratieachtergrond 11% meer kans hebben op een goed bericht. In een stad waar het merendeel van de bewoners een etnische achtergrond heeft, kan dit grote gevolgen hebben. Vooral voor een groep die al te kampen heeft met grote inkomensachterstanden. Overeenkomstig art. 30 van het Reglement van orde stelt het raadslid Tahsin Çetinkaya de volgende vragen: 1) Deelt het college de mening dat arbeidsmarktdiscriminatie een actieve bestrijding behoeft en dat inwoners met een discrimineerbare eigenschap beperkt worden in de actieve arbeidsmarktparticipatie? 2) Wat heeft het college de afgelopen tijd teweeg gebracht in het kader van arbeidsmarktdiscriminatie? Graag een overzicht doen toekomen van het gevoerde beleid van de afgelopen 5 jaar en de resultaten hiervan. Het beleid van de gemeente leunt grotendeels op de meldingsbereidheid van de gediscrimineerde. Dit passieve beleidskarakter lijkt meer uit te gaan van informatieverzameling dan actieve bestrijding.
Het Ministerie van SZW heeft de volgende (reeds effectief gebleken) maatregelen voor werkgevers benoemd voor beleidsopties ter bevordering van arbeidsmarktintegratie2; - Informele kennismaking stimuleren - Evenredigheidsprogramma’s - Het beleggen van diversiteitvraagstuk bij de top van het bedrijf 3) In welke mate heeft het college dergelijke maatregelen getroffen en wat zijn de uitkomsten hiervan? Graag een toelichting. 4) In welke mate ziet het college meerwaarde in bovengenoemde maatregelen? Graag een toelichting van het standspunt. 5) In hoeverre worden werkgevers actief betrokken bij het bestrijden van arbeidsmarktdiscriminatie? Graag een toelichting. 6) Ziet het college meerwaarde in het opstellen van een anti-discriminatiepact voor werkgevers die zich beloven in te zetten voor (eventueel op te stellen) anti-discriminatiedoelstellingen? Zo neen, waarom niet? Het CPB3 heeft ‘kansrijke beleidsrichtingen’ ten behoeve van inkomensgelijkheid naar migratieachtergrond getoond. Het CPB heeft tevens gesteld dat vroege interventie het meest effectief is. Arbeidsmarktdiscriminatie en de gevolgen hiervan kunnen derhalve in de schoolbanken al worden tegengegaan. 1
Kamerbrief met beleidsreactie op het onderzoek etnische discriminatie op de Nederlandse arbeidsmarkt Kamerbrief Arbeidsmarktbeleid 2019-2010 met reactie op onderzoek inkomensongelijkheid naar migratieachtergrond 3 1CPB, 2019, Inkomensongelijkheid naar Migratieachtergrond 2
Pagina 1 van 2
RIS304106
7) Wat is de positie van het college op elk van de onderstaande maatregelen? In hoeverre heeft de gemeente de onderstaande maatregelen uitgevoerd? Graag een toelichting.
het wegnemen van obstakels voor ‘stapelen’ van opleidingen het bieden van ondersteuning bij het vinden van stages het bieden van betere informatie over arbeidsmarktperspectieven van studierichtingen, zodat jongeren met een niet-westerse migratieachtergrond vaker kiezen voor richtingen met betere arbeidsmarktperspectieven een kleiner verschil tussen flexibele en vaste contracten op de arbeidsmarkt het bestrijden van discriminatie op de arbeidsmarkt.
Tahsin Çetinkaya Islam Democraten
Pagina 2 van 2