RIS303592 Bijlage
Tekst van het document
Reactie op initiatiefvoorstel Nota Dierenwelzijn (RIS 303592) Bijlage bij Preadvies initiatiefvoorstel Nota Dierenwelzijn, 113 plannen voor dieren in de stad Nummer 1
Initiatiefvoorstel Overnemen De gemeente roept de Haagse dierenwelzijnsorganisaties jaarlijks bij elkaar voor een overleg met Ja betrokken ambtenaren. Een verslag van het overleg wordt jaarlijks opgenomen in de voortgangsrapportage. De gemeente stuurt jaarlijks een voortgangsrapportage over het gemeentelijke dierenwelzijnsbeleid Ja naar de gemeenteraad. Hierin wordt duidelijk wat er het afgelopen jaar is gedaan en wat de komende uitdagingen zijn. De gemeente stelt een adviesraad op met onafhankelijke experts uit het Haagse dierenwelzijnsveld. Ja
Toelichting Dit is opgenomen in de nieuwe nota dierenwelzijn.
4
De gemeente nodigt een vertegenwoordiger van de in te stellen adviesraad dierenwelzijn uit voor de periodieke overleggen met de hulpdiensten.
Ja
Vanaf 2021 zal jaarlijks een overleg worden georganiseerd waarbij de Haagse dierenorganisaties en de betrokken gemeentelijke diensten met elkaar in gesprek gaan over de onderlinge samenwerking. Voor dit overleg zullen ook de hulpdiensten worden uitgenodigd. De gemeenteraad zal over de resultaten van dit overleg worden geïnformeerd. Daarmee krijgt de gemeenteraad, zoals verzocht in het initiatiefvoorstel Nota Dierenwelzijn (RIS 303592), jaarlijks inzicht in de wettelijke en andere taken die organisaties uitvoeren.
5
De gemeente communiceert dat inwoners hun dieren en hulpdiensten kunnen helpen door het plaatsen van een sticker bij de voordeur. De gemeente biedt deze stickers aan op de stadsdeelkantoren.
Nee
Hiervoor is geen financiële dekking.
6
De gemeente geeft dierenambulances een vrijstelling om in noodgevallen gebruik te kunnen maken van bus- en trambanen.
Nee
Dergelijke ontheffingen gelden alleen voor officiële hulpdiensten zoals politie, ambulance en brandweer. De dierenambulance valt hier niet onder. Verder hebben vrije trambanen bij de verkeerslichten een eigen regeling die niet afgestemd is op auto’s. Dit kan de tram verstoren als meer voertuigen een ontheffing krijgen. Daarnaast komt door toenemende drukte in de openbare ruimte en op het wegennet, vanwege de toenemende aantallen reizigers, de snelheid en de doorstroming van het OV onder druk te staan. De gemiddelde snelheid ligt gemiddeld op 19 km/uur terwijl de gewenste snelheid 25 km per uur is (Voorstel inzake Uitgangspunten voor uitwerking van Schaalsprong OV, RIS303479). De gemeente acht medegebruik daarom niet wenselijk.
7
Dieren worden opgenomen in het draaiboek van hulpdiensten en in het rampenplan.
Ja
8
In het rampenplan wordt de evacuatie, in-veiligheidstelling en tijdelijke opvang geregeld van huisdieren en dieren die in parken, dierentuinen, maneges en stadsboerderijen leven.
Deels
Volgens artikel 2 van de Wet Veiligheidsregio’s is het college van burgemeester en wethouders belast met het organiseren van brandweerzorg, rampenbestrijding, crisisbeheersing en geneeskundige hulpverlening. In artikel 3, lid 1, onderdeel b staat dat de brandweer als taak heeft te zorgen voor het beperken en bestrijden van gevaar bij ongevallen voor mens en dier. Eigenaren van dieren zijn verantwoordelijk om voor hun dier te zorgen, ook in tijden van calamiteiten, crises en rampen. Als dit niet lukt dan worden zij geholpen en ondersteund. Vanuit de crisisorganisatie, gemeentelijke diensten die bepaalde taken toegewezen hebben op het gebied van crisisbestrijding, zijn voorzieningen getroffen om huisdieren onder te brengen. Zo is het in verschillende hotels mogelijk om tegen een kleine meerprijs honden en katten mee te nemen. Wanneer het nodig is om huisdieren apart op te vangen, dan kan dit bij de opvangcentra of in het dierenhospitaal wanneer de dieren medische verzorging nodig hebben. De Dierenambulance kan eventueel het vervoer verzorgen.
2
3
Dit is opgenomen in de nieuwe nota dierenwelzijn.
De gemeente stelt een klankbordgroep in met vertegenwoordigers van de dierenwelzijnsorganisaties en mogelijk de hulpdiensten.
De stadsboerderijen zullen in rampen/calamiteiten een oplossing vinden voor de dieren. Vanuit de stadsboerderijen zijn 21fte aan beheerders beschikbaar om in te zetten, inclusief centrale coördinatie. Buiten de gemeentelijke boerderijen zijn er nog een aantal kinderboerderijen. Daar is collegiaal overleg mee en wordt in dit soort situaties ook afgestemd en fungeert de afdeling stadsboerderijen als ‘kennis/meedenkbank’ voor de organisaties die minder mankracht beschikbaar kunnen hebben of inzetten. 9
De gemeente pleit bij het ministerie van Binnenlandse Zaken en de politie-eenheid Den Haag voor meer onderzoek naar oproerbeheersing zonder het gebruik van dieren.
Nee
De gemeente heeft hierover contact gehad met de politie. De inzet van dieren wordt binnen iedere politie-eenheid geregeld door de Dienst Regionale Operationele Samenwerking (DROS). Het betreft paarden en honden. Een beperkt aantal specialistisch opgeleide honden valt onder de verantwoordelijkheid van de Landelijke Eenheid van de politie. Met alle dieren wordt gewerkt volgens professionele standaarden.
10
De gemeente stelt duidelijke dierenwelzijnstaken op die door BOA’s uitgevoerd kunnen worden en schroeft het kennisniveau rond dierenwelzijn (verder) op.
11
De gemeente gaat in gesprek met de politie-eenheid Den Haag om taakaccenthouders minimaal 50% Nee van hun werktijd te laten besteden aan dierenwelzijnszaken.
De Nationale Politie bepaalt de inzet van de taakaccenthouders dierenwelzijn. Taakaccenthouders binnen de politie zijn geborgd in het inrichtingsplan van de politie. Het Inrichtingsplan beschrijft de inrichting en opbouw van het korps, de sturing en de organisatiestructuur van de korpsleiding, staf korpsleiding, regionale eenheden, landelijke eenheid en het politiedienstencentrum. Vrijwel ieder basisteam van de politie heeft een of meer opgeleide taakaccenthouders dierenwelzijn. Een opleiding daartoe is een vereiste. De aanwijzing van taakaccenthouders gebeurt binnen het betreffende basisteam en is afhankelijk van de aanwezige casuïstiek. De betreffende teamchef is hiervoor verantwoordelijk.
12
De gemeente roept de politie-eenheid Den Haag op meer taakaccenthouders dierenwelzijn aan te wijzen. De gemeente pleit in G4-verband bij de landelijke overheid voor een houdverbod in gevallen van verwaarlozing.
Nee
Zie reactie op initiatiefvoorstel 11.
Ja
Momenteel is er een wetsvoorstel houdverbod in voorbereiding. Het wetsvoorstel introduceert onder andere een houdverbod van dieren als rechterlijke zelfstandige maatregel. Daarnaast biedt het de grondslag om deelname aan tentoonstellingen van gecoupeerde dieren (zoals honden en paarden) ongeacht of het couperen een medische oorzaak heeft, te verbieden. De planning is dat het Rijk het wetsvoorstel in december 2020 voor advies naar de Raad van State zal sturen. In afwachting van de nieuwe maatregelen en regelgeving zet de gemeente in op verschillende maatregelen die kunnen helpen om bijtincidenten te voorkomen of te verminderen.
14
De gemeente stimuleert scholen om lessen aan te bieden waarin leerlingen leren omgaan met (huis)dieren.
Ja
Natuur- en milieueducatie ondersteunt scholen die levendige en praktische lessen over natuur en milieu willen aanbieden. Op de stadsboerderijen is veel informatie over dieren beschikbaar. Schoolkinderen kunnen op de stadsboerderijen terecht waar zij op een verantwoorde manier ervaren wat het betekent verantwoordelijk te zijn voor een dier en wat de verzorging betekent. De afdeling Natuur- en Milieueducatie maakt het voor scholen zo makkelijk mogelijk om gebruik te maken van het aanbod. Door de hele stad zijn locaties (tuincomplexen en stadsboerderijen) waar lessen gegeven kunnen worden en komen gastdocenten naar de school. Ook kunnen leraren en leerkrachten bij de consulenten terecht voor advies op maat. De lessen, excursies, leskisten en dierenuitleen zijn gratis voor alle Haagse basisscholen. Elke Haagse basisschool kan de activiteiten aanvragen.
15
De gemeente ontwikkelt een lespakket voor scholen (lagere en middelbare) dat gaat over duurzaam (plantaardig) voedsel en de maatschappelijke effecten van voedselproductie.
Ja
De afdeling Milieueducatie van de gemeente Den Haag heeft als missie het vergroten van het duurzaam handelen van de Haagse inwoners. Haagse scholen krijgen materialen aangereikt voor duurzame basisvorming. Leerlingen kunnen hierdoor bewuster keuzes maken in hun handelen. Hiervan maakt meer dan 90% van de Haagse scholen gebruik.
13
Ja
De gemeentelijke handhavers in de stadsdeelteams hebben geen bevoegdheid om te handhaven bij dierenverwaarlozing of dierenmishandeling. Zij vervullen een signalerende rol voor bevoegde instanties en geven meldingen door aan de politie. De handhavers zullen zij worden geïnstrueerd hoe zij een signalerende rol kunnen invullen.
De gemeente heeft ook lesmateriaal voor scholen over duurzaam voedsel. Denk hierbij aan duurzame Masterchef (VO) of Smakelijke moestuinen (buitenschoolse opvang) of de Pannenkoekles (PO). Dit materiaal wordt regelmatig geactualiseerd en waar zinvol uitgebreid. Op dit moment is een educatieve app in ontwikkeling waarin duurzame keuzes bij inkopen in de supermarkt centraal staan. Hierbij gaat het om milieuvriendelijk (denk bijvoorbeeld aan transport), diervriendelijk inkopen (hoe herken je diervriendelijke producten) en fairtrade. Belangrijk is dat scholen – ook in tijden met lerarentekort – ruimte blijven maken in het lesprogramma voor deze onderwerpen.
16
Op de gemeentelijke website voor natuur- en milieueducatie wordt ook aandacht besteed aan dieren(welzijns)lessen in de klas.
Ja
Natuur- en milieueducatie ondersteunt scholen die levendige en praktische lessen over natuur en milieu willen aanbieden. Op dit moment biedt Natuur- en Milieueducatie geen specifieke dieren(welzijns)lessen aan. Wel is op de stadsboerderijen veel informatie over dieren beschikbaar. Schoolkinderen kunnen op de stadsboerderijen terecht waar zij op een verantwoorde manier ervaren wat het betekent verantwoordelijk te zijn voor een dier en wat de verzorging betekent. De afdeling Natuur- en Milieueducatie maakt het voor scholen zo makkelijk mogelijk om gebruik te maken van het aanbod. Door de hele stad zijn locaties (tuincomplexen en stadsboerderijen) waar lessen gegeven kunnen worden en komen gastdocenten naar de school. Ook kunnen leraren en leerkrachten bij de consulenten terecht voor advies op maat. De lessen, excursies en leskisten zijn gratis voor alle Haagse basisscholen. Elke Haagse basisschool kan de activiteiten aanvragen.
17
De gemeente serveert op gemeentelijke evenementen en in gemeentelijke kantines geen bedreigde diersoorten, zoals paling.
Ja
De gemeente serveert geen bedreigde diersoorten zoals paling op gemeentelijke evenementen en in gemeentelijke kantines. Dit soort etenswaren staan niet op het menu en worden ook niet via de banquetingmap aangeboden.
18
De gemeente serveert op gemeentelijke evenementen en in gemeentelijke kantines geen dierlijke producten die op dieronvriendelijke manier worden geproduceerd, zoals kalfsvlees en foie gras.
Ja
Zie reactie op initiatiefvoorstel 17.
19
De gemeente reguleert de handel in (levende) dieren op markten in de nota Markten, Straathandel en Nee Kiosken. De gemeente gaat in gesprek met vishandelaren om de verkoop van levende zeedieren voor Nee consumptie te stoppen.
Regulering van handel in levende dieren is geen gemeentelijke taak. Als het op landelijk niveau niet is verboden, dan ligt er geen rol voor de gemeente. Regulering van handel in levende dieren is geen gemeentelijke taak. Als het op landelijk niveau niet is verboden, dan ligt er geen rol voor de gemeente.
21
De gemeente hanteert een actief proefdiervrij inkoopbeleid.
Deels
De gemeente koopt geen producten als cosmetica in waarvoor onnodig dierproeven plaatsvinden. Bij de inkoop van vaccins en dergelijke zijn soms wel dierproeven. Er is Rijksbeleid (Wet op de dierproeven) om hierbij dierenleed zoveel mogelijk te voorkomen. Het lijkt ons niet zinvol om via het inkoopbeleid aanvullende voorwaarden te stellen aan het inkoopbeleid.
22
De gemeente hanteert proefdiervrije producten of alternatieven voor dierproeven als voorwaarde bij subsidieaanvragen.
Nee
De gemeente acht het niet haalbaar om deze subsidievoorwaarde in alle subsidieregelingen aan te passen. Dit is namelijk een niet-doelgebonden subsidieverplichting.
23
De gemeente hanteert een actief bontvrij inkoopbeleid.
Ja
Vanuit het oogpunt van dierenwelzijn koopt de gemeente reeds geen producten met bont in. Aanvullend inkoopbeleid heeft geen toegevoegde waarde. Wel komt op de gemeentelijke website informatie over de nadelen van bont.
24
De gemeente informeert de inwoners van de stad actief over de nadelen van bont via diverse kanalen, zoals de website.
Ja
Via de gemeentelijke webstie informeren wij over het gebruik van bont.
25
De gemeente subsidieert geen instellingen, organisaties of evenementen die bont gebruiken.
Nee
De evenementensubsidies die de gemeente jaarlijks verleend bieden geen sturingsinstrument om het gebruik van bont bij evenementen tegen te gaan cq te reguleren. Dit betreft nl een niet-doelgebonden subsidieverplichting. De evenementensubsidies (Grootschalige publieksevenementen en Promotiefonds kleinschalige evenementen) hebben als hoofddoel het creëren van directe en indirecte economische spin-off voor de stad. Voor subsidies vanuit de directies Sport en Cultuur geldt ook dat het zou gaan om een niet-doelgebonden subsidieverplichting.
26
De gemeente dringt bij de landelijke overheid aan op aangescherpte criteria voor fokkers.
Ja
Professionele fokkers en hobbyfokkers mogen niet fokken met dieren die ernstige afwijkingen of ziekten hebben. Of met dieren die ernstige gedragsafwijkingen hebben. Voor het fokken met kortsnuitige honden zijn in 2019 een aantal criteria opgesteld. Deze criteria ondersteunen de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) en de Landelijke Inspectiedienst Dierenbescherming (LID) bij de handhaving. Er wordt door het Rijk onverminderd ingezet op de gezonde fok van honden en de ontwikkelde criteria op kortsnuiten zullen in 2021 in beleidsregels worden neergelegd, waardoor deze nog beter verankerd zijn.
20
De gemeente wil actief bijdragen aan verantwoorde aanschaf en huisdierbezit door o.a. samen met dierenwelziijnsorganisaties de Huisdier Informatiepunten te versterken, voorlichting via de gemeentelijke website.
27
De gemeente dringt bij de landelijke overheid aan op een verbod op verkoop van dieren via internet, in dierenwinkels, tuincentra en andere locaties die impulsaankopen en onverantwoorde verkoop van dieren bevorderen.
Ja
De gemeente hecht veel waarde aan dierenwelzijn en wil onder meer bevoegdheden om de verkoop van levende dieren in tuincentra, bouwmarkten en dierenwinkels te kunnen verbieden. De gemeente heeft dan ook samen met andere gemeenten de minister verzocht om de gemeenten meer bevoegdheden te geven om dierenwelzijn te bevorderen. De minister heeft in september 2020 toegezegd met een aantal gemeenten en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) in gesprek te gaan over welke bevoegdheden de gemeenten op dierenwelzijn willen hebben en waarom. Niet alle dieren zijn geschikt om als huisdier te houden. Verder werkt het Rijk aan een lijst waarop dieren staan die in Nederland als huis- en hobbydier gehouden mag worden. Het Adviescollege huis- en hobbydierenlijst beoordeelt momenteel een lijst van zoogdiersoorten die in Nederland worden gehouden. De zoogdiersoorten worden beoordeeld op risicofactoren voor dierenwelzijn en gevaar voor de mens (letsel- en zoönoserisico). Het Rijk verwacht dat deze beoordeling later in het najaar 2020 afgerond is. De gemeente wil actief bijdragen aan verantwoorde aanschaf en huisdierbezit door o.a. samen met dierenwelzijnsorganisaties de Huisdier Informatiepunten te versterken, voorlichting via de gemeentelijke website.
28
De gemeente sluit een convenant met dierenwinkels en tuincentra dat tot doel heeft de verkoop van levende dieren daar op termijn te stoppen.
Nee
De gemeente wil actief bijdragen aan verantwoorde aanschaf en huisdierbezit door o.a. samen met dierenwelzijnsorganisaties de Huisdier Informatiepunten te versterken, voorlichting via de gemeentelijke website.
29
De gemeente zet in op bekendheid en uitbreiding van de Huisdier Informatie Punten.
Ja
Voor veel mensen is het hebben van een huisdier een belangrijke bron van steun en plezier. Goede voorlichting over het nemen van een huisdier is het belangrijkste onderwerp op het gebied van preventie. Veel dierenleed kan voorkomen worden als een huisdier bewust wordt aangeschaft, zodat de toestroom van huisdieren naar de asielen zal verminderen. Voorlichting en educatie is daarom belangrijk. Dit is ingevuld met campagnes voor verantwoord huisdierenbezit. Daarnaast is er veel informatie te krijgen bij de Huisdier Informatiepunten (www.huisdierinformatiepunt.nl). Vragen over verzorging, kosten, opvoeding van de meest populaire huisdieren en of een huisdier bij iemand past kunnen daar worden beantwoord. De huisdierinformatiepunten blijven we ondersteunen en worden waar mogelijk uitgebreid.
De gemeente geeft voorlichtingscampagnes over en ondersteunt chipacties.
Ja
Via de huisdierinformatiepunten, gemeentelijke websites en via dierenwelzijnsorganisaties wordt informatie gegeven over het belang van chippen. Ook brengt de gemeente het chippen van katten onder de aandacht van de katteneigenaren en sluit aan op de bestaande actie ‘juni-maand is chip-maand’. De gemeente hecht veel waarde aan dierenwelzijn en wil onder meer een chipplicht voor katten. De gemeente heeft dan ook samen met andere gemeenten de minister verzocht om de gemeenten meer bevoegdheden te geven om dierenwelzijn te bevorderen. De minister heeft in september 2020 toegezegd met een aantal gemeenten en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) in gesprek te gaan over welke bevoegdheden de gemeenten op dierenwelzijn willen hebben en waarom. In dat gesprek wordt ook over de voortgang van de pilot voor het lokaal verplicht chippen van katten gesproken.
31 32 33 34
De gemeente doet mee met de jaarlijkse chipmaand in juni door onder andere alle dierenartsen op te Ja roepen met (goedkopere) chipacties te komen. De wethouder stuurt bij de Rijksoverheid aan op een landelijke regelgeving voor het verplicht chippen Ja van katten. De wethouder stuurt bij de minister aan op een centraal registratiepunt voor gechipte honden en Ja katten De gemeente ondersteunt dierenhulporganisaties en Amivedi om het bereik en de herkenbaarheid Ja van de meldpunten met gevonden dieren te vergroten.
Met dierenartsen en -klinieken wordt gekeken op welke manier ondersteuning kan worden geboden aan huisdierenbezitters met een laag inkomen. Het college ondersteunt de petitie Chipplicht katten van de Dierenbescherming (RIS305420) Het college ondersteunt de petitie Chipplicht katten van de Dierenbescherming. Een centraal registratiepunt is ook opgenomen in de petitie (RIS305420). Via de gemeentelijke website informeren we over wat te doen bij een vermist dier.
35
De gemeente zet verschillende vormen en kanalen in voor voorlichting over het onvruchtbaar maken Ja van dieren.
De gemeente ondersteunt reeds het programma preventie aanpak zwerfkatten. populaties zwerfkatten op een diervriendelijke manier te beperken. Dit programma werkt volgens de zogenaamde TNR-aanpak: Trap, Neuter en Return. De Dierenambulance vangt de verwilderde katten. Deze worden geneutraliseerd (gecastreerd of gesteriliseerd) en zonodig medisch behandeld. Een deel van de katten wordt teruggeplaatst om te voorkomen dat hun plek door andere, niet geneutraliseerde katten, wordt ingenomen. Door deze aanpak zal de populatie verwilderde katten steeds kleiner worden en uiteindelijk uitsterven. De gemeente biedt via de Huisdier Informatiepunten voorlichting over verantwoord huidsdierbezit en het belang van steriliseren en castreren van huisdieren. De opbrengsten komen terecht in de algemene middelen. Uit de algemene middelen worden voorzieningen in de gemeente betaald. Hieronder vallen ook voorzieningen die ten goede komen aan de honden(bezitters) en om de overlast door honden terug te dringen. Denk hierbij aan bebording, afvalbakken, herstelwerkzaamheden van gegraven kuilen, communicatie over het hondenbeleid, maar zeker ook de handhaving op de regels van het hondenbeleid.
36
De opbrengsten van de hondenbelasting worden besteed aan voorzieningen die rechtstreeks aan honden of andere dieren ten goede komen.
Nee
37
Bij de (her)inrichting van de openbare ruimte wordt rekening gehouden met veilige en voldoende losloop- en uitlaatgebieden voor honden op loopafstand. Bij het aanwijzen van deze locaties wordt rekening gehouden met natuurwaarden van de bestaande locatie.
Ja
Om ervoor te zorgen dat zowel hondenbezitters als mensen zonder een hond op een prettige manier gebruik kunnen maken van de beperkte openbare ruimte, zijn in Den Haag speciale losloopgebieden aangewezen. De beschikbare openbare ruimte is beperkt. Daardoor is er in sommige delen van de stad meer mogelijk dan op andere plaatsen. Samen met belangenorganisaties op het gebied van spelen, honden, natuur en fietsen wordt samen naar locaties in de openbare ruimte gekeken die als nieuw losloopgebied in aanmerking kunnen komen.
38
De gemeente hanteert en communiceert een integrale aanpak hondenbeleid in natuurgebieden om die gebieden optimaal te beschermen en tevens hondenlosloopgebieden in de natuur te handhaven.
Ja
Honden, en zeker honden in losloopgebieden, zorgen voor verstoring van de natuur in ecologische zones en grote groengebieden. Andere dieren worden opgejaagd door honden en ook geursporen blijven voor langere tijd nadelig aanwezig. Zeker in het broedseizoen is dit nadelig voor grond broedende vogels. Niet opgeruimde uitwerpselen leveren overmatige bemesting wat nadelig is voor de beplanting en het grondwater. Er treedt vertrapping van planten en verdichting van de grond op. Honden graven in de grond en woelen deze om. Dit levert schade aan bodem en planten op. Dit is het geval bij Landgoed Meer en Bos en Natura 2000 gebied Bosjes van Poot. De gemeente probeert de druk te verspreiden door zonering en het creëren van rustgebieden.
39
De gemeente promoot het concept van de gele lintjes op de website van de gemeente, bij de Huisdier Informatie Punten en bij dierenartsen.
Nee
De gemeente wil in afwachting van de nieuwe wetgeving meer preventief handelen om de veiligheid en gezondheid van mens én dier te optimaliseren. In de Haagse aanpak staat de (potentiele) hondenbezitter centraal. De aanpak is gericht op preventie en voorlichting aan een brede doelgroep van hondeneigenaren en extra aandacht voor lastige honden in het asiel, aanbieden van training aan medewerkers en vrijwilligers van dierenwelzijnsorganisaties die veel met lastige honden in aanraking komen.
40
De gemeente onderzoekt invoering van een verplichte opvoedcursus voor hondeneigenaren en dringt hierop aan bij de landelijke overheid.
Ja
Het college hecht veel waarde aan dierenwelzijn en vindt dat dierenmishandeling en het verwaarlozen en dieren aangepakt moet worden. Het college is dan ook blij dat er op dit moment door de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit een wetsvoorstel in voorbereiding is voor de aanpak van dierenmishandeling en verwaarlozing inclusief een zelfstandig houdverbod van dieren. In het wetsvoorstel wordt ook een educatieve maatregel opgenomen. Die is bedoeld voor houders die uit onwetendheid of onkunde hebben gehandeld. Zij kunnen verplicht worden om een cursus te volgen over hoe je dieren zou moeten verzorgen. De verwachting is dat het wetsvoorstel eind 2020 voor advies naar de Raad van State wordt gestuurd.
41
De gemeente verplicht de eigenaar van de hond na een bijtincident het behalen van een Sociaal Nee Hondenvaardigheidsbewijs (SHVB) en het ongewenste gedrag dat heeft geleid tot het bijtincident aan te pakken met een gedragsdeskundige.
De gemeente wil in afwachting van de nieuwe wetgeving meer preventief handelen om de veiligheid en gezondheid van mens én dier te optimaliseren. In de Haagse aanpak staat de (potentiele) hondenbezitter centraal. De Haagse aanpak is gericht op preventie en voorlichting aan een brede doelgroep van hondeneigenaren en extra aandacht voor lastige honden in het asiel, aanbieden van training aan medewerkers en vrijwilligers van dierenwelzijnsorganisaties die veel met lastige honden in aanraking komen. Ook geeft de gemeente informatie over het vinden van een hondenschool.
42
De gemeente neemt de aanbevelingen van de Werkgroep Hulp inbeslaggenomen Honden en de RDA bij bijtincidenten op in de APV.
Er wordt een bijtprotocol voor honden opgesteld. We zullen bekijken welke onderdelen geschikt zijn voor Den Haag om over te nemen in de APV. Dit bijtprotocol vormt een leidraad voor de te nemen maatregelen bij een dreigend bijtincident.
Ja
43
De gemeente verstrekt via de website informatie over belangrijke adressen voor kwalitatieve en deskundige gedragscursussen en opvoeding. De gemeente dringt bij het ministerie aan op doorvoering van de door de RDA voorgestelde wetswijzigingen in het Wetboek van Strafrecht en het Wetboek van Strafverordening.
Ja
De gemeente verstrekt via de website informatie over het vinden van een hondenschool.
Nee
Het Rijk werkt aan een pakket maatregelen om risicovol gedrag door honden te voorkomen. Er wordt onder meer gewerkt aan een gevalideerde risicobeoordelingstest. Met deze test moet het mogelijk zijn om, naast het risico op gevaarlijk gedrag na een incident, ook voordat een incident heeft plaatsgevonden, het risico op gevaarlijk gedrag te kunnen vaststellen. Ook streeft het Rijk naar een landelijk dekkend registratiesysteem voor bijtincidenten. Momenteel is er een wetsvoorstel houdverbod in voorbereiding. Het wetsvoorstel introduceert onder andere een houdverbod van dieren als rechterlijke zelfstandige maatregel. Daarnaast biedt het de grondslag om deelname aan tentoonstellingen van gecoupeerde dieren (zoals honden en paarden) ongeacht of het couperen een medische oorzaak heeft, te verbieden. De planning is dat het Rijk het wetsvoorstel in december 2020 voor advies naar de Raad van State zal worden gestuurd. In afwachting van de nieuwe maatregelen en regelgeving zet de gemeente in op verschillende maatregelen die kunnen helpen om bijtincidenten te voorkomen of te verminderen. Zie verder de reactie op initiatiefvoorstel 41.
45
De gemeente dringt bij het ministerie aan op doorvoering van de door de RDA voorgestelde wetswijzigingen in het Wetboek van Strafrecht en het Wetboek van Strafverordening.
Nee
Dierenorganisaties in de regio kennen de problematiek en anticiperen hierop door dieren op te nemen tegen een lagere afstandsvergoeding, te helpen bij herplaatsing of korting te geven op diergeneeskundige activiteiten. Verschillende maatschappelijke organisaties zetten zich vrijwillig in om bewoners met een laag inkomen te ondersteunen. Zij helpen waar mogelijk met de kosten voor de dierenarts wanneer hun huisdier in acute nood verkeert. In Den Haag kunnen inwoners in specifieke gevallen een beroep doen op de bijzondere bijstand. De gemeente verstrekt via de website informatie over ondersteuning aan mensen met een laag inkomen bij de zorg voor hun huisdier.
46
De gemeente verleent structurele steun aan de medische zorg voor dieren van ooievaarspashouders.
Nee
In de praktijk blijkt dat mensen niet altijd voor de kosten kunnen opdraaien. Daarom houden dierenartsen vaak rekening met de financiële situatie van hun baasje. Zij bieden betalingsregelingen aan, geven korting of alternatief advies om de kosten te drukken en wijzen eigenaren ook op het bestaan van de Haagse dierenvoedselbank in het geval dat voedingskosten een probleem zijn. Wel wordt ook door hen benadrukt dat de verantwoordelijkheid voor de kosten van dierverzorging bij de eigenaren ligt.
44
Voor acute medische ingrepen kan er een aanvraag gedaan worden bij verschillende fondsen en in specifieke gevallen kan de gemeente ondersteunen via de bijzondere bijstand. 47
De gemeente ondersteunt mensen met een huisdier die gebruikmaken van de voedselbank door ze naar de voedselbank voor huisdieren te verwijzen. De gemeente onderzoekt mogelijkheden om de bijzondere bijstand te gebruiken voor een (gedeeltelijke) vergoeding van noodzakelijke medische kosten voor dieren van bijstandsgerechtigden.
Ja
49
De gemeente organiseert een vervolgbijeenkomst met zorginstellingen, gemeenteambtenaren en aanbieders van interventies met dieren in de zorg over de landelijke richtlijnen en de implementatie daarvan in Den Haag.
Ja
Dieren in zorginstellingen voorkomen het gevoel van eenzaamheid en depressies. Daarom zal samen met zorginstellingen nagegaan worden hoe huisdieren kunnen worden ingezet in de zorg. Hiervoor zal door de gemeente een bijeenkomst met zorginstellingen worden georganiseerd.
50
De gemeente toetst (subsidie)-aanvragen voor interventies met dieren of opvang van dieren in de zorg- en welzijnssector aan vooraf opgestelde dierenwelzijnsnormen.
Ja
De gemeente heeft geen invloed op wat voor subsidieanvragen we ontvangen. Tot op heden heeft de gemeente nog geen subsidieaanvragen voor interventies met dieren of opvang van dieren in de zorg- en welzijnssector ontvangen.
51
De gemeente gaat in gesprek met zorginstellingen opdat zorgbehoevenden hun huisdier mee kunnen Nee nemen, tenzij dat niet in het belang van het dier is.
Dit is geen gemeentelijke taak. De gemeente is wel bereid om in gesprek te gaan met zorginstellingen over de mogelijkheden voor zorgbehoevenden om hun huisdier mee te kunnen nemen.
52
De gemeente onderzoekt hoe een mantelzorgproject voor dieren kan worden opgezet.
De gemeente is bereid om te onderzoeken hoe een mantelzorgproject voor dieren kan worden opgezet.
48
Deels
Ja
Als bij de intake van de Bijstand blijkt dat mensen een huisdier hebben, dan worden zij gewezen op de dierenvoedselbank. In specifieke gevallen kunnen huisdierbezitters een beroep doen op de bijzondere bijstand. In de klantonderzoeken van de Ooievaarpas wordt onder andere gevraagd welk aanbod de pashouders op de Ooievaarspas terug willen zien. Hier wordt specifiek gevraagd naar de behoefte in ondersteuning bij het houden van huisdieren. Het college is bereid te kijken naar de mogelijkheden indien behoefte bestaat om dit te onderzoeken. (RIS306063 Huisdierenverzekering voor Ooievaarspashouders).
53
54
De gemeente neemt in de Algemene Plaatselijke Verordening (artikel 2:57) een uitzondering op voor aangelijnde hulphonden, waardoor deze dieren hun begeleider kunnen begeleiden naar een publiek toegankelijke plek. De gemeente blijft in gesprekken met de stichting Taxibelang Haaglanden benadrukken dat hulphonden moeten worden toegelaten in taxi’s.
Ja
Ja
Dit is reeds opgenomen in de Taxiverordening. Conform het vervoersreglement van de Taxibus is het toegestaan om hulp- en geleidehonden mee te nemen. Noot: De taxiverordening is niet van toepassing op de taxibus. De gemeente blijft in gesprekken met de stichting Taxibelang Haaglanden benadrukken dat hulphonden moeten worden toegelaten in taxi’s.
55
De gemeente realiseert samen met dierenartsen, dierenambulance, Blijf van mijn Dier en Veilig Thuis Ja plekken waar huisdieren tijdens de vlucht van het slachtoffer kunnen worden afgegeven.
De hulp voor huisdieren van slachtoffers van huiselijk geweld wordt reeds uitgevoerd..
56
De gemeente faciliteert, in samenspraak met de keten, een crisisopvang voor de eerste 24 uur waar Ja huisdieren welkom zijn. De gemeente realiseert een opvanglocatie voor slachtoffers van huiselijk geweld in Den Haag waarbij Nee huisdieren gezamenlijk met hun gezin kunnen worden opgevangen. Sociale hulpverleners van de gemeente Den Haag houden in kwetsbare gezinnen ook een oogje in Nee het zeil op de toestand van de huisdieren. De gemeente biedt bij de nachtopvang dakloze en hun dier onderdak in hetzelfde pand Nee
Dit wordt al gerealiseerd.
57 58 59
Uitvoering van het voorstel is niet mogelijk zonder financiele dekking (RIS304547) Dierenwelzijn is niet de expertise van de casemanagers en gezinscoaches. Bij Jeugd en Maatschappelijke Ondersteuning (JMO) staat het welzijn van kinderen en kwetsbare burgers voorop. De gemeente biedt in uitzonderingssituaties een oplossing voor de tijdelijke opvang van huisdieren bv tijdens winterkouderegeling. In de nachtopvang worden mensen opgevangen in groepsvorm. Het tegelijkertijd opvangen van dieren in hetzelfde pand zien we niet als wenselijk. In incidentele gevallen worden huisdieren van daklozen tijdelijk opgevangen in het asiel.
60
De gemeente onderzoekt de mogelijkheid of Haagse dierenartsen of dierenopvangorganisaties willen Ja helpen ondersteunen bij de verzorging van dieren van daklozen.
61
De gemeente geeft op de website duidelijk aan waar mensen reptielen heen kunnen brengen als zij Ja deze vinden op straat of hier afstand van willen doen. De gemeente biedt, in samenspraak met de regio en de dierenhulporganisaties, een kostendekkende Ja vergoeding voor het vervoer, de opvang en de verzorging van gewonde en zieke in het wild levende en zwerfdieren.
De gemeente verstrekt via de website informatie over wat te doen met gevonden (zwerf)dieren en reptielen.
63
De gemeente voert een jachtverbod in op eigen grondgebied. Den Haag spreekt zich uit tegen de jacht.
Deels
Wettelijk is het niet mogelijk om een jachtverbod in te stellen. Dit is al geregeld in de Wet Natuurbescherming. Deze geeft aan waar bijvoorbeeld een jachtveld moet voldoen, welke jachtwapens zijn toegestaan en waaraan huurcontracten moeten voldoen. Hierin heeft de gemeente Den Haag verder geen wettelijke competentie. Wel kan de gemeente besluiten geen jacht te verhuren op gronden waarvan de Gemeente Den Haag de eigenaar is. Dit is nu al de geldende praktijk.
64
De gemeente spoort aan dat wijkagenten en BOA’s meer samenwerken met de (dieren)politie bij signalen van vermeende zwanendrifters om de in het wild levende dieren te beschermen in hun leefgebied. De pachtovereenkomsten tussen de gemeente (als grondeigenaar) en de hengelsportvereniging GHV/Groene Hart (als huurder) worden beëindigd. Ook worden geen nieuwe overeenkomsten gesloten met hengelsportverenigingen. De gemeente informeert Hagenaren op de website over diervriendelijke alternatieven voor de visserij. Ook promoot de gemeente de visserij niet op de website.
Ja
Dit is nu al de geldende praktijk.
Nee
De gemeente ziet geen aanleiding om de pachtovereenkomst te beëindigen.
Nee
De gemeente heeft geen actieve communicatie op de hengelsport.
67
De gemeente stelt samen met de Vissenbescherming lesmateriaal over vissen op waarbij het dierenwelzijn van de dieren centraal staat.
Deels
68
De gemeente verleent geen subsidies voor (de promotie van) de visserij.
Deels
Milieueducatie richt zich op het zichtbaar maken van de effecten op keuzes, zodat leerlingen zelf een afweging kunnen maken. Dit betekent dat samenwerken met een enkele partij met daarbij een eenzijdig belang niet gewenst is. Overigens komen thema’s als biodiversiteit (leven in de sloot), keuzes bij voedsel (zie voedsel) en de kwaliteit van water (aquamarijn blauw) wel in het aanbod terug. De gemeente verleent geen subsidies voor de directe promotie van de visserij. Wel verleent de gemeente subsidie aan een project voor duurzame visserij, hengelsportvereniging voor de visstandbeheer en voor evenementen gericht op de (inter)nationale profilering van Den Haag als Stad aan Zee om de haven van Scheveningen nationaal te positioneren als dé vissershaven van Nederland.
69
De gemeente brengt in kaart welke knelpunten bestaan tussen verkeer en fauna en lost deze met spoed op. De gemeente voorkomt dat bij wegaanpassingen en aanleg van nieuwe wegen of fietspaden nieuwe ecologische knelpunten ontstaan.
Deels
Bij wegaanpassingen en herinrichtingen wordt dierenwelzijn als aandachtspunt meegenomen.
Ja
Ecologie is al een aandachtspunt bij wegaanpassingen en aanleg van nieuwe wegen en fietpsaden.
62
65
66
70
De gemeente geeft opdracht aan dierenorganisaties om de gemeentelijke wettelijke taak uit te voeren. De dierenorganisaties geven aan dat de vergoeding die zij ontvangen niet toereikend is om deze taak uit te voeren. De gemeente doet daarom onderzoek naar wat een marktconforme vergoeding is voor deze taak.
71
De gemeente houdt actief een (digitale) kaart bij waar ongelukken met dieren op worden geregistreerd. De gemeente stelt een handleiding op met preventieve maatregelen om risico’s bij flora en fauna te voorkomen door ontwerpen en ingrepen in de buitenruimte.
Deels
73
De gemeente bouwt en renoveert alleen nog natuurinclusief. Als de gemeente opdrachtgever is, worden natuurdoelstellingen gesteld.
Deels
74 75
De eisen die aan een natuurinclusief gebouw worden gesteld, worden aangescherpt. De gemeente legt waar mogelijk egelsnelwegen aan en stimuleert bewoners dat ook te doen. Bij nieuwbouwprojecten op gemeentelijke grond worden egelsnelwegen verplicht.
Nee Ja
76
De gemeente stelt een plan op om lichtvervuiling in de ecologische verbindingszones, groengebieden Ja en parken terug te dringen en nieuwe lichtvervuiling te voorkomen. De gemeente vervangt lampen rondom leefgebieden van vleermuizen door vleermuisvriendelijke Deels verlichting.
Dit is opgenomen in de richtlijn Licht op Natuur en opnieuw benadrukt in de Nota Stadsnatuur (RIS 305824)
78
De gemeente inventariseert plekken in de stad waar dimbare verlichting met sensoren kan worden geplaatst.
Ja
Dit gebeurt al zoveel mogelijk (Visie op Licht, RIS 298657).
79
De gemeente is terughoudend met (wegen)bouw, recreatieve projecten en het verlenen van vergunningen voor evenementen die kunnen leiden tot verstoring van fauna.
Ja
Het in voorbereiding zijnde locatiebeleid evenementen) geeft duidelijke richtlijnen en spelregels mee aan organisatoren ter bescherming van de aanwezige flora en fauna, waarbij de Wet natuurbescherming het uitgangspunt is.
80
De gemeente zet in op een landelijk vuurwerkverbod.
Deels
Het college volgt de landelijke ontwikkelingen. Het kabinet is voornemens consumentenvuurwerk steeds verder in te perken. De verkoop- en het afsteken van vuurwerk wordt de komende jaarwisseling eenmalig verboden in verband met corona.
81
De gemeente organiseert zelf alternatieve evenementen op geschikte locaties waar geen gevaar of Ja hinder is voor dier, milieu en mens. De gemeente stelt vuurwerkvrije zones in op plaatsen waar veel dieren voorkomen en communiceert Ja deze middels borden op locatie en de gemeentewebsite.
Bij evenementen die door de gemeente zelf worden georganiseerd wordt altijd rekening gehouden met zo min mogelijk hinder voor dier, milieu en mens en worden de geldende wetten opgevolgd. Den Haag kent vuurwerkvrije zones rondom kinderboerderijen, dierenopvangcentra en ziekenhuizen. Nieuw tijdens deze jaarwisseling is de aanwijzing van maneges en groengebieden zoals bossen, parken en Natura 2000 (duinen) als vuurwerkvrije zones. Door deze aanvulling worden er 30 vuurwerkvrije zones aan het aanwijzingsbesluit toegevoegd. Hierdoor komt het totaal aantal vuurwerkvrije zones voor de komende jaarwisseling op 53 (Beleidskader Jaarwisseling 2020-2021, RIS306297). We communiceren hier richting de jaarwisseling uitgebreid over via diverse kanalen. Ook hangen we borden op bij de vuurwerkvrije zones.
83
De gemeente hanteert een ruime bufferzone bij vuurwerkvrije zones rondom de dierenverblijven.
Zie reactie op initiatiefvoorstel 82.
84
De gemeente geeft geen subsidie aan evenementen die vuurwerk afsteken tijdens het broedseizoen. Nee
85
De gemeente streeft ernaar dat alle straatkolken in Den Haag worden voorzien van Ja uitklimvoorzieningen. Bij werkzaamheden worden deze aangebracht. De gemeente inventariseert dieronvriendelijke steile walkanten. Er komt een actieplan om knelpunten Ja op te lossen en nieuwe te voorkomen.
72
77
82
86
Ja
Ja
De gemeente ontvangt voortaan jaarlijks gegevens van de Dierenambulance over ongevallen met dieren. Er is geen digitale kaart waar ongelukken met dieren op worden geregistreerd. Er komt een nieuwe gedragscode (Gedragscode soortbescherming gemeenten) van Stadswerk en ingediend ter goedkeuring bij de provincies. Uitgangspunten zijn een overtreding van de Wnb voorkomen en invulling geven aan de zorgplicht (nota Stadsnatuur RIS305824). Het besluit over het puntensysteem groen- en natuurinclusief bouwen (RIS 301953) luidt dat dit moet worden toegepast bij de categorie grootschalige projecten waarbij een gronduitgifteovereenkomst wordt gesloten en bij tenders. Het puntensysteem geldt ook voor grootschalige gemeentelijke projecten (nieuwbouw en grootschalige transformatie). Na de evaluatie volgt hier een besluit over. In de voor 2020/2021 toegezegde evaluatie wordt (pas) gekeken of egelsnelwegen als maatregel kunnen worden toegepast. Vanuit de Nota Stadsnatuur (RIS 305824) wordt ingezet op bewustwording van het belang van groene achtertuinen. Egelsnelwegen worden hier in meegenomen.
De wetenschappelijke onderbouwing en de eisen die wij stellen aan straatverlichting in relatie tot vleermuizen/groengebieden etc. zijn opgenomen in de Richtlijn Licht op Natuur (RIS 298658).
De evenementensubsidies die de gemeente jaarlijks verleend bieden geen sturingsinstrument om het ontbranden van professioneel vuurwerk bij evenementen tegen te gaan cq te reguleren (RIS306566). Hierover is intensief contact met de Dierenbescherming. De locaties worden aangegeven door de Dierenbescherming. Reeds opgenomen afdoening motie PvdD.6 Maak haast met plan diervriendelijke oevers RIS304718 en in de actualisatie van het Meerjaren Programma Kunstwerken (MJPK, RIS304482).
87
De gemeente gebruikt geen prikkeldraad of glad schrikdraad in of aan de rand van natuurgebieden.
Ja
Glad stroomdraad wordt alleen toegepast om grote grazers in natuurgebieden te houden
88
Er wordt gefaseerd en op ecologische wijze gebaggerd in september of oktober. Voorafgaand wordt een inventarisatie gedaan van aanwezige diersoorten.
Deels
Met het Hoogheemraadschap van Delfland wordt onderzocht of voor de Kaderrichtlijn Water (KRW)-periode 20212027 over kan worden gegaan naar kwaliteitsbaggeren.
89
Den Haag zet zich samen met het waterschap in om vismigratie te bevorderen. Toepassingen in het water hebben als harde voorwaarde dat vissen kunnen passeren.
Ja
Het is al beleid van het Hoogheemraadschap en de barrieres (stuwen en gemalen) maken integraal onderdeel uit van het peilbeheer en zijn daarom in beheer bij het waterschap. De gemeente is via het visplatform actief betrokken en soms ook initiatiefnemer voor verbetermaatregelen.
90
De gemeente stelt een lokaal hitteplan op voor alle dierenverblijfplaatsen in eigendom van de gemeente.
Ja
91
De gemeente vergroot het aanbod en de diversiteit van planten voor insecten in het openbaar groen. Ja
De stadsboerderijen beschikken reeds over een hitteplan. Als dierenorganisatie nog niet over een hitteplan beschikken, dan zullen zij gestimuleerd worden een dergelijk plan op te stellen. Om ze daarbij te helpen kunnen zij gebruik maken van het hitteplan van de stadsboerderijen. Het opstellen van een hitteplan blijft een verantwoordelijkheid van de organisatie zelf. Dit is reeds onderdeel van de Nota Stadsnatuur (RIS 305824).
92
De gemeente stimuleert inwoners van de stad om hun tuin natuur- en diervriendelijk in te richten.
Ja
Dit is reeds onderdeel van de Nota Stadsnatuur (RIS 305824).
93 94
De gemeente promoot het plaatsen van vleermuiskasten en nestgelegenheden voor vogels. Het gemeentelijke maaibeleid gebeurt op basis van ecologisch beheer, kleinschalig en gefaseerd, waar mogelijk. De gemeente hanteert de periode van 15 februari tot 31 augustus als broedseizoen.
Ja Ja
Dit is reeds onderdeel van de Nota Stadsnatuur (RIS 305824). Dit is reeds onderdeel van de Nota Stadsnatuur (RIS 305824).
Nee
96
De gemeente laat in warme zomers het broedseizoen langer doorlopen zodat geen verstoring van nesten en jonge dieren wordt veroorzaakt.
Deels
Op nadrukkelijk verzoek van de gemeenteraad is bijna 25 jaar geleden het Haagse ‘broedseizoen’ voor het kappen/kandelaberen en verplanten van bomen ontstaan. Die loopt van 15 maart t/m 15 juli (RIS 169838) . Die wijziging is in nauw en goed overleg met de Haagse Vogelbescherming en andere groenverenigingen doorgevoerd. DIt is de formele periode waarin geen gebruik van ‘kapvergunningen’ gemaakt mogen worden. Maar de natuur laat zich niet sturen. Dit betekent altijd dat de Wet Natuurbescherming van kracht blijft en dat er altijd eerst gecontroleerd moet worden. Het broedseizoen in Den Haag is ingesteld om tijdens de periode dat de meeste vogels broeden, hiervan ook het meest profiteren. Dit is niet veranderd. Bovendien helpt het inwoners er aan te herinneren dat het broedseizoen er is en daar gaat bescherming voor de broedende vogels vanuit. De Wet Natuurbescherming geldt jaarrond en broedende vogels mogen nooit verstoord worden.
97
De gemeente handhaaft op het verbod om straatafval te creëren of afval op onjuiste tijdstippen of plekken aan te bieden.
Ja
Dit is reeds opgenomen in de Afvalstoffenverordening.
98
De gemeente voert voor alle wijken het voederverbod uit de APV in, met betrekking tot bepaalde in het wild levende dieren.
Deels
99
De gemeente neemt afstand van dieronvriendelijke bestrijdingsmethoden en zet in op preventie.
Ja
Het voederverbod heeft betrekking op in het wild levende plaagdieren, niet over in het wild levende dieren in het algemeen. Bovendien wordt het voederverbod alleen ingesteld als in een gebied blijkens monitoringsgegevens sprake is van een te grote populatie dieren. Een algemeen voederverbod is een niet-proportionele maatregel. De gemeente zet reeds zoveel mogelijk in op diervriendelijke bestrijdingsmethodes.
100
De gemeente verzoekt de minister, samen met andere gemeenten, meer mogelijkheden te krijgen om Ja het gebruik van dieren bij evenementen te weren.
Het gebruik van dieren bij evenementen is niet altijd verboden. De gemeente is geen voorstander van het inzetten van dieren zoals roofvogels en uilen bij evenementen en optredens (RIS298336) en ontmoedigt dit. Bij de vergunningvoorschriften van evenementen met dieren wordt altijd verwezen naar de Wet dieren. De vergunninghouder wordt gevraagd dit beleid te eerbiedigen. De gemeente hecht veel waarde aan dierenwelzijn en wil onder meer het gebruik van dieren bij evenementen kunnen weren. De gemeente heeft dan ook samen met andere gemeenten de minister verzocht om de gemeenten meer bevoegdheden te geven om dierenwelzijn te bevorderen (Initiatiefvoorstel Haagse evenementen vrij van dierenleed (RIS303419).
101
De gemeente spreekt zich actief uit tegen evenementen met dieren, waaronder roofvogelshows.
Ja
De gemeente is geen voorstander van het inzetten van dieren zoals roofvogels en uilen bij evenementen en optredens (RIS298336) en ontmoedigt dit. Bij de vergunningvoorschriften van evenementen met dieren wordt altijd verwezen naar de Wet dieren. De vergunninghouder wordt gevraagd dit beleid te eerbiedigen. Zie verder de reactie op initiatiefvoorstel 100.
102
De gemeente verbiedt het loslaten van vogels, zoals sierduiven, in de APV.
Deels
Gemeenten zijn niet bevoegd om aanvullende regels op het gebied van dierenwelzijn op te stellen. Wel ontraadt de gemeente het loslaten van sierduiven bij bruiloften.
95
103
De gemeente draagt het standpunt uit dat een dierentuin alleen een aanvaardbare, bij voorkeur tijdelijke, huisvesting is voor dieren die zich niet in hun oorspronkelijke leefgebied kunnen handhaven en niet kunnen worden uitgezet. De gemeente verzoekt beide dierentuinen het doel en de uitwerking van de fokprogramma’s te verantwoorden in het gemeentelijke dierenwelzijnsbeleid. De gemeente gaat in gesprek met Sea Life en Avonturion over het uitfaseren van het tentoonstellen van dieren. De gemeente formuleert beleid omtrent paarden en koetsen op basis van het Paardenbesluit van de Dierenbescherming.
Nee
Er zijn dieren die in gevangenschap worden geboren.
Nee
Het college acht dit niet haalbaar. Dit maakt het onmogelijk voor beide dierentuinen om het bedrijf te laten bestaan.
Nee
Het college acht dit niet haalbaar. Dit maakt het onmogelijk voor beide dierentuinen om het bedrijf te laten bestaan.
Nee
Houders van paarden en pony's moeten zich houden aan de Wet dieren en het Besluit houders van dieren om het welzijn en de gezondheid van hun dieren te waarborgen. Zij zijn verplicht om hun dier op goede wijze te houden, te verzorgen en te huisvesten. Om het welzijn van paarden te verbeteren heeft de Dierenbescherming in 2011 een richtlijn opgesteld: het Paardenbesluit. Daarnaast heeft de Sectorraad Paarden de ‘Gids voor Goede Praktijken’ opgesteld die ook gericht is op het welzijn van paarden. Het ‘Paardenbesluit’ en de ‘Gids voor Goede Praktijken’ vormen samen een goede leidraad voor het dierenwelzijn van paarden. De Haagse maneges worden geïnformeerd over deze richtlijnen. De gemeente onderzoekt of een overleg met betrokken organisaties nodig is.
De gemeente onderzoekt mogelijkheden om de voorwaarden in het Paardenbesluit een plaats te geven in de vergunningverlening. De gemeente geeft voorlichting aan paardenhouders en maneges over het verbeteren van paardenwelzijn op basis van de uitgangspunten van het Paardenbesluit.
Nee
Zie reactie op initiatiefvoorstel 106.
Ja
Zie reactie op initiatiefvoorstel 106.
109
De gemeente maakt duidelijke afspraken met dierenartsen, dierenhulporganisaties en noodhulpinstanties over de handelswijze bij een verongelukt paard.
Nee
Navraag bij de Dierenambulance leert dat dit weinig voorkomt. Eigenaren bellen zelf de dierenarts die ter plekke het paard behandelt. Dit geldt ook voor manages. De Dierenambulance beschikt wel over paardentrailers en kan indien nodig het paard vervoeren.
110
De gemeente pleit er bij de Rijksoverheid voor dat het Paardenbesluit van de Dierenbescherming als Nee basis dient voor het waarborgen van het paardenwelzijn in de Wet dieren.
Zie reactie op initiatiefvoorstel 106.
111
De gemeente evalueert de situatie van de stadsboerderijen in Den Haag op het gebied van dierenwelzijn, educatie en kwaliteit van inrichting.
De Haagse stadsboerderijen worden beheerd door professionals die opgeleid zijn voor een verantwoorde zorg voor dier en bezoeker. Zij volgen de ontwikkelingen in de dierensector. De stadsboerderijen blijven scherp op de wijze waarop dieren gehouden worden en mogelijkheden die er zijn om aanpassingen in het educatieve aanbod en inrichting te doen. Aangevuld met de vaste controle momenten t.a.v. geboren en vertrokken dieren lijken er al voldoende signalerende waarborgen te zijn voor een goede voortdurende evaluatie.
112
De gemeente zorgt ervoor dat de stadsboerderijen voldoen aan alle voorwaarden die zijn gesteld aan Deels het keurmerk ‘Diervriendelijke kinderboerderij’.
Het genoemde keurmerk is in de regio Amsterdam uitgeroepen door een aantal organisaties en vindt zijn basis in reeds lang bestaand Haags beleid t.a.v. ‘Boeren met beleid’. De Haagse stadsboerderijen voldoen ruimschoots aan de van toepassing zijnde regelgeving. De gemeente Den Haag kiest ervoor om beperkt te fokken en verantwoord een plek te vinden voor overtollige dieren conform de vastgelegde afspraken (inzichtelijkheid en controle nieuwe eigenaar). Door deze keuze komen de Haagse stadsboerderijen niet in aanmerking genoemd keurmerk.
113
De Haagse stadsboerderijen stellen een plan op om hun stallen brandveiliger te maken.
Reeds opgenomen in het onderhoudsplan voor de stadsboerdeijen. Hierin is het onderhoud en de controle van de aanwezige brandmeldingsinstallaties en middelen opgenomen.
104 105 106
107 108
Ja
Ja