CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS302343 Sportverenigingen

Commissie Samenleving 27 mei 2021, gemeente Den HaagBij agendapunt: Brief van wethouder van Onderwijs, Sport en Buitenruimte inzake Vitaliteitsonderzoek sportverenigingen 20202.160 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Typ tekstTyp tekstTyp tekst

Richard de Mos Wethouder van Economie, Sport en Buitenruimte

060

Ons kenmerk

Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag

BOW/2018.471 RIS302343 Aan de voorzitter van de Commissie Samenleving

Contactpersoon

Lieke de Jong Dienst

Onderwijs, Cultuur en Welzijn Afdeling

Productgroep Sportbeleid Telefoonnummer

14070 Datum

E-mailadres

16 april 2019

Lieke.dejong@denhaag.nl

Onderwerp

Sportverenigingen 2018

Geachte voorzitter Sportverenigingen zijn van grote waarde voor deze stad. De ongeveer 270 Haagse sportverenigingen leveren wekelijks fantastische prestaties. Enerzijds door met en voor de leden de sport te organiseren, anderzijds door het vervullen van een brede maatschappelijke functie. Het belang van sportverenigingen is ook vastgelegd in het Coalitieakkoord 2018-2022 'Den Haag, Stad van Kansen en Ambities' en in het beleidskader ‘Sport maakt Den Haag sterker, Den Haag sportief in beweging’. Hierin is de ambitie uitgesproken dat we verenigingen nog vitaler willen maken. Alleen dan zijn verenigingen nu en in de toekomst in staat hun functie te vervullen. Wij voeren sinds 2012 tweejaarlijks ten behoeve van het verenigingsleven een vitaliteitsonderzoek uit. Het vitaliteitsonderzoek geeft de Haagse sportverenigingen een beeld van hun vitaliteit en maatschappelijke functioneren. Hierbij presenteer ik u de rapportage ‘Vitaliteitsonderzoek Sportverenigingen 2018’. Belangrijk kader daarbij is wel dat verenigingen autonoom zijn, en zelf hun beleid bepalen. De maakbaarheid van vitale sportverenigingen, het ontstaan van verenigingen en het stoppen daarvan, liggen niet in de beïnvloedingssfeer van de gemeente. De tijdgeest bepaalt het komen en gaan van sportverenigingen en sporttakken, als gevolg van een constant veranderende (in beweging zijnde) vraag.

Wel biedt de gemeente verenigingen naar behoefte ondersteuning. Doel en opzet onderzoek Het vitaliteitsonderzoek heeft tot doel om sportverenigingen inzicht te geven in het functioneren van hun vereniging. Dit gebeurt op de onderwerpen vitaliteit en brede maatschappelijke functie. Het onderzoek wordt enerzijds uitgevoerd om de vereniging zelf inzicht te geven in haar situatie en anderzijds om de ondersteuning vanuit de gemeente gericht in te kunnen zetten.

Gemeente Den Haag

Spui 70 Den Haag

Postbus 12600 2500 DJ Den Haag

T 14070 www.denhaag.nl

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

BOW/2018.471

Vitaliteit Vitaliteit is gedefinieerd als het vermogen van een vereniging om nu en in de toekomst de eigen sporten aan te kunnen bieden aan huidige en potentiële leden. Er zijn achttien indicatoren opgesteld die ten grondslag liggen aan vitaliteit. Deze indicatoren zijn verdeeld over vijf thema’s: beleid en visie, leden, kader, de accommodatie en financiën. Brede maatschappelijke functie Een vereniging heeft een brede maatschappelijke functie als zij activiteiten onderneemt die gericht zijn op mensen van buiten de vereniging en/of wanneer de vereniging samenwerkt met andere organisaties. In het onderzoek wordt bewust gesproken over een brede maatschappelijke functie, aangezien verenigingen per definitie al een maatschappelijke functie vervullen. Deelname Er zijn 265 sportverenigingen uitgenodigd deel te nemen aan het onderzoek. Verenigingen zijn actief gestimuleerd deel te nemen aan het onderzoek, door hen na te bellen, mailen en in persoonlijk contact. Uiteindelijk hebben 185 verenigingen daadwerkelijk deelgenomen, wat neerkomt op een respons van 70%. Dit is hoog te noemen. Door de hoge respons geeft het onderzoek een goed beeld van de stand van zaken bij de Haagse sportverenigingen. Alle deelnemende verenigingen hebben hun individuele rapportage ontvangen met hun verenigings-specifieke resultaten.

Onderzoeksresultaten De meerderheid van de Haagse sportverenigingen is vitaal: in totaal voldoen zes op de tien sportverenigingen in 2018 op alle punten aan het predicaat vitaal. Dit is een lichte stijging ten opzichte van het vorige onderzoek (in 2016 was 54% vitaal). Als een vereniging niet-vitaal scoort, wil dat niet persé zeggen dat die vereniging zwak is. Zo scoort 23% van de niet-vitale verenigingen maar net onder de door de gemeente bepaalde grens van vitaliteit, of met verklaarbare redenen. Het percentage van vitale, inclusief bijna- vitale verenigingen ligt hoog, namelijk 69%. Een verklaarbare reden voor het net niet-vitaal zijn, kan zijn dat er op het moment van onderzoek bijvoorbeeld sprake was van een bestuurswissel, waardoor een functie vacant was die inmiddels alweer vervult is. Bovendien is het een generieke meetlat voor alle verenigingen, ongeacht de grootte. Het is niet onlogisch dat een vereniging met 20 leden bijvoorbeeld minder commissies heeft, en dus lager scoort. Het gaat goed met de maatschappelijke rol van sportverenigingen. Inmiddels heeft bijna de helft van de verenigingen een brede maatschappelijke functie. Gecombineerd blijkt ruim een derde van de verenigingen vitaal te zijn én een maatschappelijke functie te vervullen. Drie op de tien verenigingen is niet vitaal en vervult geen maatschappelijke functie.

Vitaliteit per thema Beleid en visie Bijna acht van de tien verenigingen heeft één of meer beleidsplannen op schrift gesteld én voert deze plannen ook daadwerkelijk uit. Dat is een positieve score, immers goed beleid en een visie vormen de basis voor het nemen van verstandige keuzes, budgetteren, prioriteren, etc. Iets meer dan één op de drie verenigingen heeft in hun beleidsplan aandacht voor sporttechnische voornemens of de normen en waarden binnen de vereniging. Van de verenigingen met jeugd1 heeft iets meer dan de helft beleid specifiek gericht op de jeugd.

1

Betreft verenigingen met meer dan 20 jeugdleden (of meer dan 1/3 jeugdleden)

2/5

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

BOW/2018.471

Leden Gemiddeld hebben verenigingen 375 leden. 15% van de verenigingen is met minder dan 50 leden erg klein en 10% van de verenigingen is met meer dan 1.000 leden erg groot. In totaal heeft ongeveer de helft van de verenigingen hun ledenaantal zien toenemen, bij ruim een kwart van de verenigingen is het ledenaantal stabiel en bij de rest van de verenigingen is er sprake van een afname in ledenaantal. Dit komt overeen met de landelijke trend die ook een redelijk stabiel ledenaantal laat zien. Wel hebben sommige sportsoorten te maken met teruglopende ledenaantallen, waaronder voetbal en tennis. Bijna alle verenigingen organiseren activiteiten om de leden aan zich te binden. Zo organiseren ze toernooien en onderlinge wedstrijden voor hun leden. De helft van de verenigingen organiseert (ouder-kind-)activiteiten in het kader van ouderbetrokkenheid. Daarnaast zorgen veel verenigingen ervoor dat hun leden opleidingen kunnen volgen, bijvoorbeeld voor scheidsrechter of trainer. Niet sport gerelateerde activiteiten worden minder vaak georganiseerd, maar nog steeds zorgt het overgrote deel van de verenigingen ook buiten het sporten om voor gezelligheid. Voor niet-leden wordt door ruim een kwart van de verenigingen maatschappelijke activiteiten georganiseerd. Daarbij kan gedacht worden aan huiswerkbegeleiding, maaltijdvoorzieningen, kaartavonden of fysiotherapie.

Accommodatie Ruim één op de vijf verenigingen was in 2018 bezig met onderhoud en renovatie, of het multifunctioneler maken van de accommodatie (denk aan: Buurthuis van de Toekomst). Er zijn maar weinig verenigingen met plannen voor een nieuwe, andere locatie. Bijna zeven van de tien verenigingen die verantwoordelijk zijn voor het meerjarenonderhoud van een accommodatie, heeft daar ook een onderhoudsplan voor opgesteld. Grote verenigingen hebben vaker een meerjarenonderhoudsplan dan kleine verenigingen (80% vs. 54%). Kader Bij het merendeel van de verenigingen zijn de drie voornaamste bestuursfuncties (voorzitter, secretaris en penningmeester) vervuld. Daarnaast heeft het merendeel van de deelnemende verenigingen één of meer commissies om de gang van zaken binnen de vereniging te regelen. Deze commissies hebben elk hun eigen, uiteenlopende taken. Gemiddeld hebben de verenigingen in het onderzoek ruim zeven commissies. In het kader van een veilig sportklimaat heeft circa de helft van de verenigingen in het onderzoek een centrale vertrouwenspersoon aangewezen. Verenigingen met meer dan 300 leden hebben vaker een vertrouwenspersoon dan kleinere verenigingen en ook zwemverenigingen en verenigingen voor zelfverdediging en vechtsport hebben relatief vaak een vertrouwenspersoon. Driekwart van de verenigingen die een vertrouwenspersoon heeft, heeft ook VOG’s aangevraagd.

In totaal vraagt de helft van de verenigingen één of meer VOG’s aan. Vrijwilligers Gemiddeld hebben de verenigingen in het onderzoek 78 vrijwilligers rondlopen, maar de aantallen lopen zeer uiteen. Zo is er een aantal verenigingen met slechts enkele vrijwilligers, maar er is ook een vereniging met 700 vrijwilligers. Eén derde van de verenigingen heeft voldoende vrijwilligers. Vier op de tien verenigingen komt wel eens vrijwilligers te kort, maar dit tekort is beheersbaar. Een kwart van de verenigingen ervaart knelpunten door het tekort aan vrijwilligers en bij een paar verenigingen zijn dit ernstige knelpunten. Er is het meest behoefte aan mensen voor de sponsoring, voor training of coaching en voor het organiseren van evenementen. Ook voor de bardienst komen verenigingen soms mensen te kort.

3/5

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

BOW/2018.471

Financiën Negen op de tien verenigingen heeft de afgelopen periode aan alle financiële verplichtingen voldaan. Bijna alle verenigingen werken met een actuele begroting, drie kwart van de verenigingen heeft een eigen vermogen en twee derde van de verenigingen heeft geld gespaard met een specifiek doel. Meestal gaat het dan om een spaarpot voor het onderhoud van de accommodatie of de aanschaf van sportmaterialen. Het is goed te zien dat het gemiddeld genomen met de financiën van de Haagse verenigingen goed gaat, en beter dan de landelijke trend die laat zien dat drie op de tien verenigingen ernstige financiële problemen heeft.2 Brede maatschappelijke functie Of, en de mate waarin verenigingen samenwerken met andere organisaties zegt iets over de maatschappelijke rol die zij vervullen in de stad. Het gaat dan om samenwerking buiten het gebruik van de accommodaties om. Deze samenwerking kan divers zijn, van het organiseren van een gezamenlijk sportaanbod tot de organisatie van activiteiten voor buurtbewoners. Meer dan de helft van de verenigingen werkt regelmatig samen met één of meer andere organisaties. Deze samenwerking vindt vooral plaats met andere sportverenigingen, maar ook scholen, buurthuizen en/of welzijnsorganisaties en naschoolse opvang. 20% van de aan het onderzoek deelnemende

verenigingen heeft concrete plannen om te gaan samenwerken of werkt op incidentele basis al samen met andere organisaties. Vergelijking 2018 - 2016 Om de situatie in 2018 met die van 2016 te vergelijken, is alleen gekeken naar de verenigingen die aan beide onderzoeken hebben meegedaan. Dit zijn 153 verenigingen. Tussen 2016 en 2018 zijn er bij deze verenigingen meer positieve dan negatieve verschuivingen geweest. Dat geldt zowel voor de vitaliteit, als voor het hebben van een maatschappelijke functie. Een overzicht:  Bij 53% van de verenigingen is de categorie (wel/niet vitaal en wel/niet een maatschappelijke functie) nog hetzelfde (81 verenigingen);  Bij 63% van de verenigingen is de vitaliteit (wel/niet vitaal) niet veranderd ten opzichte van 2016;  Bij 18% is de vitaliteit afgenomen, maar daar staat tegenover dat bij 20% van de verenigingen de vitaliteit is toegenomen;  Met betrekking tot de brede maatschappelijke functie heeft 13% van de verenigingen in 2018 wel een brede maatschappelijke functie terwijl ze die in 2016 nog niet hadden. Conclusies en vervolg Het onderzoek geeft ons een bepaald beeld van de stand van het Haagse verenigingsleven. Dat beeld is als volgt in te delen: a. Positieve ontwikkelingen b.

Ontwikkelingen die aandacht behoeven POSITIEVE ONTWIKKELING: Groei aantal vitale verenigingen ten opzichte van 2016 Groei aantal verenigingen met brede maatschappelijke functie Goede bezetting bestuurlijk kader Aantal verenigingen met beleidsplan Aantal verenigingen financieel gezond Toename ledenaantal

2 Dit is vooral het geval bij kleinere clubs, clubs zonder accommodatie en zaalsportverenigingen, aldus:

https://www.allesoversport.nl/artikel/drie-van-de-tien-sportverenigingen-heeft-financiele-zorgen/.

4/5

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

BOW/2018.471

Samenwerking tussen verenigingen onderling Aantal verenigingen met meerjarenonderhoudsplan AANDACHT NODIG VOOR: Veilig sportklimaat, waaronder vertrouwenspersonen Vrijwilligersbeleid Specifiek doelgroepenbeleid zoals ouderen en geestelijk en fysiek beperkten Iedere aan het onderzoek deelnemende vereniging heeft al een individuele rapportage ontvangen met daarin de verenigings-specifieke resultaten. Met de verenigingen die niet-vitaal scoorden is proactief contact gezocht. Het blijkt dat verenigingen het prettig vinden met de gemeente in contact te komen, maar desondanks benaderen zij de gemeente niet altijd zelf. Daarom is het voornemen alle verenigingen, vitaal of niet vitaal, vanaf 2019 jaarlijks eenmalig uit te nodigen voor een ‘jaar’ -gesprek. Overkoepelend laat het vitaliteitsonderzoek een ontwikkeling zien die de goede richting uitgaat. Het is aan de verenigingen zelf om op basis van hun eigen resultaten beleid te ontwikkelen. Het onderzoek levert niet alleen voor het verenigingsleven belangrijke informatie op. De gemeente biedt op tal van terreinen ondersteuning aan verenigingen. De gemeentelijke verenigingsondersteuning kan op basis van dit onderzoek ook gefundeerd hun aanbod aanpassen en aanscherpen. Proactieve verenigingsondersteuning blijft dan ook een speerpunt in het beleid en op basis van dit vitaliteitsonderzoek wordt het ondersteuningsaanbod geactualiseerd.

Dit aanpassen van ons gemeentelijk aanbod doen wij samen met de verenigingen. De gemeente gaat met verenigingen in gesprek over de door hun gewenste ondersteuning, zowel qua thematiek als de wijze waarop we de ondersteuning bieden. Naar aanleiding van het vitaliteitsonderzoek zal in ieder geval het beleid op de volgende onderwerpen worden doorontwikkeld:   

Veilig sportklimaat, inclusief percentage verenigingen met een vertrouwenspersoon; Vrijwilligersbeleid; Specifiek doelgroepenbeleid.

Een uitgebreid overzicht van ons huidige aanbod verenigingsondersteuning wordt u als bijlage toegestuurd. In het kader van de ontwikkeling van een Haags Sportakkoord vinden de komende periode gesprekken plaats met onder andere de verenigingen. In deze gesprekken nemen wij de doorontwikkeling van de verenigingsondersteuning mee. De verwachting is dat u na de zomer hierover kan worden geïnformeerd. Met vriendelijke groet, Richard de Mos

5/5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/7509294/2