RIS301301 Stand van zaken Galvanischool
Tekst van het document
RIS301301 Schriftelijke vragen: Stand van zaken Galvanischool Indiener: Pieter Grinwis (ChristenUnie/SGP)
Datum: 4 december 2018
Aan de voorzitter van de gemeenteraad, Op 12 september 2017 en 27 maart 2018 heeft de ChristenUnie/SGP vragen gesteld over de situatie rondom de uitbreiding van de Galvanischool. 1 Tevens is op 15 februari de motie “Onderzoek gevolgen van de uitbreiding van de Galvanischool” door de raad aangenomen. De juridische procedures van bewoners tegen de verstrekking van de omgevingsvergunning lopen nog steeds en worden naar verwachting niet op korte termijn afgehandeld. Inmiddels is er ook veel onrust ontstaan over het besluit van De Haagse Scholen om de speelpleinen buiten schooltijd te sluiten en de aangevraagde vergunning voor erfafscheidingen rond de te realiseren verhoogde speelpleinen. Overeenkomstig art. 30 van het Reglement van orde stelt het raadslid Pieter Grinwis (ChristenUnie/SGP) de volgende vragen: 1) Deelt het college de opvatting dat, hoewel De Haagse Scholen (DHS) in haar recht lijkt te staan, het op dit moment niet in het belang van buurt én school is als er onomkeerbare stappen worden gezet in de uitbreiding van de Galvanischool, omdat er nog bezwaarprocedures lopen? Zo ja, op welke wijze heeft het college sinds 29 mei 2018 hierop geacteerd? De schoolpleinen aan de zijde van de Snelliusstraat worden al meer dan veertig jaar gebruikt als buurtspeelplein. Deze buurtfunctie is in 1976 in het bestemmingsplan Duinoord vastgelegd.
In het huidige bestemmingsplan is nog steeds sprake van het gemengde buurt/schoolgebruik. Ook is in 2010 een convenant gesloten tussen gemeente, school en buurt. De speelpleinen kregen de openbare buurtfunctie vanwege een gebrek aan formele speelgelegenheden in de omgeving. Daarin is in 40 jaar niets veranderd.2 2) Erkent het college dat er, zonder de beschikbaarheid van de twee schoolpleinen, onvoldoende speelgelegenheden in dit deel van Duinoord zijn? 3) In de vergadering van de algemene raadscommissie van 14 juni jl. zegde het college toe om uit te zoeken wat de status en toekomst is van deze buurtfunctie. 3 Wat zijn de resultaten en conclusies van dat onderzoek? 4) Kan het college bevestigen dat de sloten van de schoolpleinen recentelijk zonder voorafgaand overleg zijn vervangen, waardoor, in strijd met het bestemmingsplan en de afspraken in het convenant, omwonenden geen gebruik meer kunnen maken van de schoolpleinen? Wat vindt het college van deze ontwikkeling en van het wederom niet vooraf informeren van bewoners?
1
RIS 297850 & RIS 299430 https://www.denhaag.nl/nl/in-de-stad/wonen-en-bouwen/bestemmingsplannen/duinoordbestemmingsplan.htm 3 RIS 299912 2
Pagina 1 van 3
5) Kan het college bevestigen dat burgers recentelijk door het Stadsdeel Scheveningen zijn uitgenodigd om na te denken over verbeteringen in Duinoord, onder andere over realisatie van speelvoorzieningen? Begrijpt het college het onbegrip van buurtbewoners die niet om een nieuwe speelvoorziening vragen, maar conform het bestemmingsplan en convenant gebruik willen blijven maken van de huidige voorzieningen? Op welke plek in dit deel van Duinoord ziet het college eigenlijk überhaupt een veilige mogelijkheid voor soortgelijke speelvoorzieningen? 6) Bent u bereid het verzoek tot handhaving van het bestemmingsplan en het convenant, dat op 16 oktober 2018 door de bewoners is ingediend, te honoreren? Zo nee, waarom niet? Op 13 november jl. is een omgevingsvergunning aangevraagd voor erfafscheidingen rond de straks verhoogde speelpleinen aan de Snelliusstraat. Dit met als voornaamste doel de berekende en erkende overschrijding van de geluidsnormen te beperken. Het betreft onder meer 4 meter hoge glazen geluidswanden. Daarmee wordt de totale hoogte van de verhoogde speelpleinen ruim 6 en ruim 7 meter.
7) Deelt het college de mening dat een dergelijke verhoging inclusief afscheiding niet passend is gezien het karakter van de smalle Snelliusstraat, die onderdeel is van een Rijksbeschermd stadsgezicht? 8) Deelt het college de mening dat deze aanpassing aan het vergunde bouwplan het uiterlijk van het bouwwerk aanzienlijk verandert met bovendien grote gevolgen voor de ruimtelijke uitstraling in deze 19e-eeuwse wijk? 9) Deelt het college de mening dat dit geen aanpassing/wijziging van ondergeschikte aard is? 10) Klopt het dat de bescherming van de glazen afscheiding voor de geluidswaarnemingen op de eerste en tweede etages van de huizen in de rest van de straat vrijwel nihil is? 11) Klopt het dat bewoners wederom vooraf niet zijn betrokken bij de plannen en pas na publicatie in de aanvraag van de omgevingsvergunning over deze plannen en de definitieve sluiting van de speelpleinen na schooltijd moesten lezen? Zo ja, deelt het college de mening van de ChristenUnie/SGP dat de communicatie vanuit De Haagse Scholen (DHS) richting bewoners keer op keer tekort schiet? Bent u bereid DHS hier op aan te spreken? 12) Deelt het college de mening dat ook de gemeente als convenantpartner en handhaver een verantwoordelijkheid heeft richting buurt en niet kan toestaan dat eenzijdig tot sluiting van als buurtplek aangewezen speelpleinen wordt overgegaan? Welke maatregelen is het college van plan
te nemen? Op de website van DHS4 valt te lezen dat de Gemeenschappelijke Medezeggenschapsraad (GMR) met een ruime meerderheid een negatief advies heeft afgegeven over de meerjarenbegroting vanwege voortijdig bouwen, waarmee de GMR bedoelt: “voordat er een onherroepelijke vergunning voor slopen en bouwen is afgegeven”. De GMR vindt het maatschappelijk onverantwoord dat eventuele risico's/kosten van voortijdige bouwactiviteiten op de gemeente worden afgewenteld. 13) Heeft het college reeds kennis genomen van de meerjarenbegroting van DHS en dit standpunt van de GMR? Deelt het college de zorgen van de GMR dat risico's/kosten mogelijk op de gemeente worden afgewenteld? Zo nee, waarom niet? Zo ja, wat gaat u met deze zorgen doen?
4
https://www.dehaagsescholen.nl/download/1810-advies-gmr-meerjarenbegroting-2019-2022/ Pagina 2 van 3
Vorig jaar stelde het college dat de parkeerdruk laag genoeg was om de parkeerbehoefte van het bouwplan aan de openbare straat toe te rekenen. 5 Uit een recent onderzoek blijkt echter dat de parkeerdruk in deze wijk rond de 90% ligt en dat maatregelen nodig zijn.6 14) Kan het college bevestigen dat het recente onderzoek qua uitkomst afwijkt van het onderzoek op basis waarvan de vergunning is verstrekt? Ziet het college nog steeds voldoende mogelijkheid om de parkeerbehoefte van het bouwplan aan de openbare straat toe te rekenen? Op 27 november jl. is het Bestemmingsplan parapluherziening (fiets)parkeren definitief geworden. daarin wordt onder meer geregeld dat bij de vergunningverlening altijd wordt getoetst aan het vigerende (fiets)parkeerbeleid. Als de huidige (fiets)parkeernormen bij de Galvanischool waren toegepast dan hadden er aanzienlijk meer fietsparkeerplekken (nu 108, dan 190) en parkeerplekken (nu 0, dan 7) moeten komen op eigen terrein. 15) Heeft het college bij het besluit van 21 maart 2018 om de vergunning te handhaven meegewogen dat het college toen al de intentie had om voortaan altijd het vigerende (fiets)parkeerbeleid als uitgangspunt te nemen? Zo ja, op welke wijze en zo nee, waarom niet.
16) Is het college nog steeds van mening dat de uitbreiding van de Galvanischool op deze locatie écht de beste keuze is voor buurt en school? Bent u bereid nogmaals met het schoolbestuur om tafel te gaan om alternatieve mogelijkheden te onderzoeken? Pieter Grinwis ChristenUnie/SGP
5
https://denhaag.raadsinformatie.nl/document/5967802/1/RIS297850%20SV%20Uitbreiding%20van%20de%20 Galvanischool 6 RIS 300578 Pagina 3 van 3