L.C SP amendement Eigen bijdrage voor de periode waarvoor opvang bedoeld is
Tekst van het document
L.C SP RIS-nummer:
Amendement: Eigen bijdrage voor de periode waarvoor opvang bedoeld is Indiener: Tijmen van Wijngaarden, SP
De raad van de gemeente Den Haag in vergadering bijeen op 23 april 2026, ter bespreking van Voorstel van het college tot vaststelling van de Verordening tot wijziging van de Verordening maatschappelijke ondersteuning Den Haag 2018 (RIS324449). Besluit toe te voegen: Artikel 4.1E De eigen bijdrage bij maatwerkvoorziening opvang 1. Voor alleenstaanden geldt de eigen bijdrage die opgebouwd is uit de basishuur zoals bedoeld in artikel 16 van Wet op de huurtoeslag en de Nibudbedragen voor kosten voor gas in een flat, kosten voor elektriciteit voor een eenpersoonshuishouden en kosten voor water voor een eenpersoonshuishouden. Deze eigen bijdrage is opgenomen in bijlage III. 2. Voor een alleenstaande ouder geldt de eigen bijdrage die opgebouwd is uit de basishuur zoals bedoeld in artikel 16 van Wet op de huurtoeslag en de Nibudbedragen voor kosten voor gas in een flat, kosten voor elektriciteit voor een tweepersoonshuishouden en kosten voor water voor een tweepersoonshuishouden. Deze eigen bijdrage is opgenomen in bijlage III. 3. Voor een gezin geldt de eigen bijdrage die opgebouwd is uit de basishuur zoals bedoeld in artikel 16 van Wet op de huurtoeslag en de Nibudbedragen voor kosten voor gas in een flat, kosten voor elektriciteit voor een driepersoonshuishouden en kosten voor water voor een driepersoonshuishouden. Deze eigen bijdrage is opgenomen in bijlage III. 4.
In aanvulling op het eerste, tweede en derde lid wordt voor maatschappelijke opvanglocaties waar drie maaltijden per dag worden verstrekt, een aanvullende eigen bijdrage in rekening gebracht. De hoogte van deze bijdrage is gebaseerd op de gemiddelde voedingskosten voor personen van 14 tot en met 50 jaar, zoals vastgesteld door het Nibud. Deze aanvullende eigen bijdrage is opgenomen in bijlage III. 5. De eigen bijdrage wordt niet geïnd wanneer er geen inkomen is. 6. De eigen bijdrage wordt niet met terugwerkende kracht opgelegd. 7. Het college stelt de hoogte van de eigen bijdrage vast en draagt zorg voor het innen. 8. De hoogte van de bedragen van de eigen bijdragen worden jaarlijks aangepast conform de op dat moment geldende basishuur zoals bedoeld in artikel 16 van Wet op de huurtoeslag en de Nibudbedragen. 9. De eigen bijdrage wordt alleen geïnd voor de eerste zes weken in de crisisopvang, drie maanden in de jongerenopvang en zes maanden in de maatschappelijke opvang. Toelichting: Dit amendement heeft twee beoogde doelen. Allereerst verschuift het amendement de financiële verantwoordelijkheid van dakloosheid van mensen in de maatschappelijke opvang naar de gemeente. De wooncrisis is niet de schuld van dakloze mensen, maar van beleidsmakers als de gemeente en het Rijk. Het is wat de indieners betreft dan niet eerlijk dat de kosten wel bij dakloze mensen worden gelegd.
Dit amendement verlaagt daarmee ook de financiële druk op dakloze mensen die langdurig in de opvang verblijven. Ten tweede introduceert dit amendement een financiële prikkel voor de gemeente om vaart te maken met Wonen Eerst initiatieven. Door mensen in de maatschappelijke opvang sneller door te
laten stromen naar betaalbare huisvesting, worden de kosten van de gemeente voor de opvang lager. Indieners baseren de periode waar de eigen bijdrage voor moet worden betaald op bestaand en voormalig beleid van de gemeente. Zo is in de Regeling Maatschappelijke Ondersteuning Den Haag 2018 opgenomen dat mensen recht hebben op zes weken in de crisisopvang (Artikel 3.8.1) en zes maanden in de maatschappelijke opvang (Artikel 3.8.2). In het Actieprogramma dak- en thuisloze jongeren uit 2021 sprak de gemeente de ambitie uit om jongeren maximaal drie maanden op te vangen in de daklozenopvang.
Tijmen van Wijngaarden
Judith Klokkenburg
Diego Demaree
SP
ChristenUnie/SGP
Partij voor de Dieren