J.12 bijlage - D66 Klimaatadaptieve maatregelen CIDbijlage bij motie D66 Advies O Team - Beatrixkwartier CID Den Haag
Tekst van het document
BEATRIXKWARTIER
CENTRAL INNOVATION DISTRICT DEN HAAG
een duurzame en innovatieve inrichting van de Utrechtsebaan en omgeving
Advies O-team Maart 2021
Adviesrapport O-team | Central Innovation District Den Haag
Inhoud
_1 DE CONTEXT ......................................................................................... 3 DE OPGAVE ...............................................................................................3 ONDERZOEKSMETHODE .................................................................................4 _2 ONTWERPTHEMA’S ............................................................................... 5 TOPKWARTIER ............................................................................................5 TOPICOON ................................................................................................5 _3 ONTWERPEND ONDERZOEK .................................................................. 7 POSADMAXWAN..........................................................................................7 LOLA LANDSCAPE ARCHITECTS .......................................................................9 IF TECHNOLOGY ....................................................................................... 11 GREENPASS ............................................................................................ 13 _4 DE OOGST ........................................................................................... 17 _STAKEHOLDERS .....................................................................................
25 _CONTACT ............................................................................................... 26
2
Adviesrapport O-team | Central Innovation District Den Haag
_1 De context De ambitie van de gemeente Den Haag voor het Beatrixkwartier is het creëren van een inspirerende omgeving voor bedrijven, kenniswerkers en jong talent als onderdeel van het Centraal Innovatie District Den Haag. Omdat de deelgebieden van het CID vaak geen harde grenzen kennen heeft het O-team – in overleg met de gemeente Den Haag – het Beatrixkwartier voor deze opdracht gedefinieerd als zijnde het gebied dat wordt begrensd door de volksbuurt Bezuidenhout West, de Schenkkade, de Beatrixlaan en het Bernhardviaduct. De toekomstvisie voor het Beatrixkwartier is een gemengd zakendistrict met metropolitaans wonen. Een gebied van reuring met hoge dichtheid, functiemenging, voorzieningen en ruimte voor ontmoeting. Idealiter transformeert de Utrechtsebaan op termijn van vervuiler, naar duurzame generator voor stedelijke ontwikkeling door een overkluizing met daarop een groen voorzieningenpark. De randen van de tunnelbak zijn kostentechnisch het meest kansrijk om te bebouwen. Het O-team heeft zich gedurende het voortraject onder meer beziggehouden met de vraag of dit innovatiedistrict wel al aan de belangrijkste basisvoorwaarden voor een succesvol innovatiedistrict voldoet, namelijk economische voorwaarden, fysieke middelen en netwerkmiddelen.
Omdat deze vraag echter te ver van de kernvraag ligt waar we ons op gaan richten, geven we hem hier alleen als aandachtspunt voor de gemeente mee.
Projectgebied Beatrixkwartier De opgave De probleemopgave van onze Haagse vraagstellers is dat de balans tussen het verdichten enerzijds en het verduurzamen en vergroenen anderzijds er nog niet is; de kracht van verstedelijking domineert. Het O-team heeft daarom de volgende vraag achter de vraag herleid: Het is nodig om voor het Beatrixkwartier (met daarbij specifieke aandacht voor de Utrechtsebaan en de Beatrixlaan) uitdagende ideeën en integrale en innovatieve oplossingen voor een duurzame inrichting van het maaiveld, de ondergrond en de aanliggende gebouwen te genereren op het gebied van vergroening en verduurzaming. 3
Adviesrapport O-team | Central Innovation District Den Haag
Zo kunnen we de verduurzamings- en vergroeningsambitie voor dit gebied binnen het CID vooruit trekken op de verdichtingsslag die gemaakt wordt. Kunnen we laten zien wat de waarde van een gezamenlijke manier van denken is over deze thema’s. En daarnaast tonen hoe het is om samen en in openheid met stakeholders te werken. Onderzoeksmethode Binnen de opgave heeft het O-team twee ontwerpbureaus uitgenodigd voor dezelfde opgave, vanuit de verwachting dat zij met andere oplossingen/ accentverschillen zouden komen. Het interessante hierbij is: hoe goed scoren deze voorstellen op de meetlat van verduurzaming en vergroening in het Beatrixkwartier en wat is ervoor nodig? De ontwerpers vertrekken vanuit een technische doorrekening van milieueffecten voor het gebied en tips voor vergroening, uitgevoerd door expertisebureau Greenpass en gebundeld in een handboek. Greenpass heeft ook aan het eind van het onderzoek de twee ontwerpvoorstellen van de bureaus volgens een meetlat van criteria gecheckt op hun toegevoegde waarde. De bureaus zijn bovendien gekoppeld aan IF Technology (expert energie), die gedurende de onderzoeksperiode - tussen kick-off en spiegelbijeenkomst hebben gereflecteerd op de plannen van de bureaus en deze van advies hebben voorzien.
4
Adviesrapport O-team | Central Innovation District Den Haag
_2 Ontwerpthema’s Op basis van een aantal gesprekken met de gemeente Den Haag over de balans tussen verdichten, vergroenen en verduurzamen heeft het O-team voor dit project gekozen voor één ontwerpthema; genaamd ‘Topkwartier met Topicoon’ en koppelt daar meerdere opgaven aan. Topkwartier Met het woord ‘Topkwartier’ refereren we aan het Beatrixkwartier, waar we een topleefklimaat willen ontwikkelen dat klimaatbestendig EN energieneutraal is. Daarbij hebben wij de ontwerpers de volgende vragen gesteld: • Ontwikkel op systeemniveau + inrichtingsniveau (schaalniveau wijk en straten) een klimaatbestendig en energieneutraal Beatrixkwartier: o Klimaat: hoe krijgen de klimaatoplossingen een plek en neemt de biodiversiteit daarbij toe? o Energie: hoe krijgt de elektriciteits- en warmtevraag in het Beatrixkwartier een plek? De gemeente denkt zelf aan WKO’s op gebiedsniveau en zonnepanelen op daken om de wijk energieneutraal te maken. o Biedt toekomstbestendige ruimtelijke oplossingen en waar mogelijk ook procesmatige oplossingen voor het koppelen van klimaatbestendig, energieneutraal en vergroeningopgaven aan de verdichtingsopgave die er ligt.
• Hoe ga je met de krap bemeten ruimte om? Houd bij de scenario’s en oplossingen die je schetst rekening met een goede afstemming tussen de boven- en ondergrondse inrichting en doe daarvoor voorstellen; • Doe waar mogelijk een voorstel op het gebied van mobiliteit, in relatie tot de ambitie voor verduurzaming- en vergroening. Verlaag je bijvoorbeeld de bereikbaarheid in het gebied nog verder dan de gemeente al voorstelt, bijvoorbeeld omdat minder infrastructuur meer ruimte betekent voor biodiversiteit en op- en afvang van regenwater? Topicoon
Met het woord ‘Topicoon’ refereren we naar het park op de overkluizing van de Utrechtsebaan, waarvoor de gemeente de ambitie heeft er een groenblauw Haags icoon van te maken. Wij vragen daarom om op basis van de technische doorrekening van milieueffecten een aansprekende identiteit voor het groenblauwe icoon te ontwikkelen, waarbij de impact van de overkluizing op de milieueffecten en de leefbaarheid in het nieuwe park en de aangrenzende straten van de wijk sterk verbeteren.
Model 4: Utrechtsebaan als voorzieningenpark
5
Adviesrapport O-team | Central Innovation District Den Haag
Daarbij stellen we de volgende vragen: • Hoe komen de duurzaamheid- en vergroeningsambities in je voorstel hier optimaal samen? Met andere woorden: wat voor een oplossingsrichtingen stel je voor op de schaalniveaus wijk en straat, voor de ondergrondse- en bovengrondse inrichting en hoe is de buitenruimte aan de gebouwde omgeving gelinkt? • Kan je ook een slimme interventie plegen op/aan de constructie van de Utrechtsebaan, bijvoorbeeld door het integreren van een tracé voor kabelsen leidingen bij de bestaande constructie? • Wat voor een inrichtings- en programmeringsvoorstellen doe je in dit park, zodat de bewonersgroepen in de omgeving meer verbonden worden (sociale cohesie)? Bijzonder voor het O-team is dat het naast de ontwerpbureaus twee expertisebureaus betrekt bij deze opgaven – een op het gebied van klimaat en een op het gebied van duurzaamheid. IF Technology is als ‘expert hernieuwbare energie’ gevraagd de ontwerpers gedurende de onderzoeksperiode te reflecteren/ adviseren over de potentie van (nieuwe) energiesystemen op de schaal van ‘gebied’ naar ‘gebouw’ in het Beatrixkwartier. IF Technology beoordeelt zowel de kwantitatieve als kwalitatieve waarde van de ideeën van de ontwerpers. Greenpass heeft een simulatiemodel (op basis van Envi-Met en CFD) ontwikkeld waarmee het milieueffecten technisch door kan rekenen.
Als ‘expert milieu’ met specialistische kennis op het gebied van klimaatbestendigheid, wind, leefbaarheid en groen maken zij een doorrekening van de resultaten die door de onderzoeksbureaus worden opgeleverd. Om aan te tonen wat de effecten van deze ontwerpen zijn worden ze vergeleken met de waarden zoals die door Greenpass bij aanvang van het project zijn bepaald. Wat is de plus die de ontwerpers met hun voorstellen hebben toegevoegd?
6
Adviesrapport O-team | Central Innovation District Den Haag
_3 Ontwerpend onderzoek Het O-team zet ontwerpend onderzoek in om de opgave te analyseren, aan te scherpen en te voorzien van enthousiasmerende ideeën voor verdere uitwerking. Aan het ontwerpthema ’Topkwartier met Topicoon’ zijn 4 bureaus gekoppeld:
- PosadMaxwan strategy x design en LOLA Landscape Architects voor het ontwerpend onderzoek ‘Topkwartier met Topicoon’
- IF Technology voor het reflecteren en adviseren vanuit de expertise ‘hernieuwbare energie’
- Greenpass voor het technisch doorrekenen en beoordelen van de
milieueffecten van verschillende situaties in het Beatrixkwartier: de status quo, het model 4 van de gemeente en de plannen van onze ontwerpers.
PosadMaxwan Rients Dijkstra van PosadMaxwan geeft in zijn presentatie aan dat de voorstellen zich hebben gefocust op de overkluizing van de Utrechtsebaan. Door het aanbrengen van een overkapping dient zich de mogelijkheid aan om een eind te maken aan een beroerde achterkantsituatie met (lucht-)vervuiling, geluidsoverlast en hittestress. Er ontstaan kansen om een grote barrière in de stad te slechten en nieuwe woningen en werkplekken te creëren. De nieuwe grote openbare ruimte wordt als stadsbos ingericht. Den Haag heeft grote kwalitatieve groene gebieden: van nationale duinlandschappen tot grote stadsparken. De buurt- en wijkparken in combinatie met de groene lanen maken de groenstructuur van de stad van hoge kwaliteit. Het park boven op de Utrechtsebaan, het CID park, is in zijn maat en schaal kansrijk voor de buurt en de wijk. Het kan een educatief bomenpark worden met educatie in de vorm van stadsecologie, welke een voorbeeld is voor NL hoe de natuur in de stad werkt en klimaatverandering in onze omgeving aangepakt wordt. Verder is het een ruimte waar je de CID drukte even kan ontglippen. Het is een ruimte om te pauzeren en een uitloopplek voor nieuwe bewoners langs de rand van het park. PosadMaxwan geeft aan dat de overkluizing een ecologische verbinding kan opleveren tussen het Haagse Bos en de Schenkkade.
Als we de focus leggen op de zone tussen de Schenkkade en het Bernhardviaduct zien we een verkoelend bomengrid. Een afwisselende bomenmix – 50% inheems en 50% exoot - van de eerste en tweede orde, met een onderlaag van heesters en een kruidenrijk grasmengsel in plantvakken langs voet- en fietspaden die kunnen dienen als ‘steppingstones’ voor insecten, vleermuizen en vogels.
7
Adviesrapport O-team | Central Innovation District Den Haag
Als het gaat om energie wordt een warmte- en koudeopslagsysteem (WKO) zichtbaar gemaakt in het park, dat tevens dienst doet als gebruikselement: de langste bank van Europa. Het WKO-meubel wordt samengesteld uit hergebruikt materiaal. Daarbij zijn verschillende invullingen mogelijk: van speelrek tot kiosk en van skateramp tot waterelement. Naast deze lineaire bank wordt in N-Z richting een hoofdfietsroute voorgesteld in een aangename verbinding; door een groen stadsbos in plaats van langs drukke uitvalswegen. Ook is versterking van het voetgangersnetwerk aan de orde van grote geïsoleerde eilanden naar kleine fijnmazige netwerken met kleinschalige sport en rustplekken. Die fijnmazigheid en doorlaatbaarheid wordt mogelijk door voorstellen voor de bebouwing als contour van het park.
Rients Dijkstra geef aan het verantwoord te vinden om middels sloopnieuwbouw de gesloten straatwand van Bezuidenhout West te vervangen door nieuwbouw. Het gaat daarbij om de toevoeging tot 124.000 m2 extra BVO (90% wonen, 10% voorzieningen). Gecombineerd met het opschonen van straatparkeren langs verbindingsroutes in Bezuidenhout West door het toevoegen van een parkeerhub en parkeerlagen in de nieuwbouw. Het gaat bij de nieuwbouw om torens van 40-100 m hoog, met een setback op basementen van 4 lagen, uitgevoerd in stadsblokken met groene binnentuinen. Argumenten voor dit verdichtingsvoorstel zijn een pleidooi voor compacte steden met optimale benutting van woningbouwlocaties en een groen ommeland. Maar ook het opheffen van een grote hindernis in het CID is aan de orde, met mogelijkheden voor een fijnmazigere doorwaadbaarheid. Ook zal de businesscase van dit project er beter uit gaan zien. En het kan hier uit bezonningsoogpunt vanwege de gunstige oriëntatie. In de stakeholdersbijeenkomst werden vragen gesteld over de 1,5 m gronddekking voor grote bomen, over afvalsystemen in hoogbouw met weinig vrije ruimte op maaiveld, over voorzieningen in het park, over luchtkwaliteit in de tunnel en bij de uiteinden daarvan, over natuurinclusief bouwen. Duidelijk werd dat de voorstellen van PosadMaxwan een interessant uitwerkingstraject behoeven en veel hebben losgemaakt.
Waarbij sloop-nieuwbouw er als hot item uitspringt.
8
Adviesrapport O-team | Central Innovation District Den Haag
LOLA Landscape Architects Cees van der Veeken van LOLA start in zijn plan “On the grid”, met het statement dat het nu het tijdsperk van het landschap is aangebroken. Ruim vijftig jaar was het tijdperk van de infrastructuur. Het toenemende gebruik van de auto resulteerde destijds in een iconische infrastructuur dat hiervoor en hieromheen werd gebouwd. Rond 2000 lag de nadruk vooral op de massale kantorenmarkt waar infrastructuur voor gebouwd moest worden. Deze resulteerde in architectonische iconen over de Utrechtsebaan en rondom het plangebied. Nu is, volgens Cees, dan eindelijk het tijdperk aangebroken om de leefbaarheid en de natuur weer terug te krijgen. Vergroening is wat nu de klok slaat. Door binnenstedelijke stromen aan elkaar te koppelen, zowel biotische als abiotische factoren, kan de ervaringskwaliteit van de (gebouwde) omgeving significant worden vergroot. LOLA refereert aan voorbeelden van soortgelijke omvang in Boston, Madrid en Qianhai. Cees van der Veeken geeft een toelichting op het huidige grid van bestaande verbindingen in en om de Utrechtsebaan. Lange lijnen die identificeerbaar zijn als (strand)wandel-, winkel-, groen- en water-routes en die allen haaks staan op en kruisen met de Utrechtsebaan. De stadsblokken tussen deze linten staan eigenlijk op gespannen voet met elkaar.
Ook omdat het stedelijke weefsel hier flink de hoogte in kan gaan zullen deze linten vooral in drie dimensies gezien moeten worden en zal er ook ergens op een laag ingezet moeten worden voor verbindingen. Om deze derde dimensie in te zetten implementeert LOLA een soort piramide van Maslow op dit eerdergenoemde stedelijke grid. Deze piramide pakt een derde dimensie gelaagdheid aan naar gelang het belang van elementen in basisbehoeften. Verder volgt een uitvoerige analyse over hoe deze lagen elkaar versterken. Op het grid wordt het sterk groenblauwe basiskader (het landschap). De eerder geïdentificeerde specifieke verbindingen /routes fungeren als tweede laag met het stedelijke weefsel (de functies en stadsblokken). Bovenaan de piramide staat programma waarbij alle elementen (programmatisch) bij elkaar samenkomen en begrijpelijk gemaakt worden. Programma Viola Smit licht verder het programmatisch voorstel van LOLA toe. Strategie hierbij is om door de programmatische interventies op de knooppunten de eerder geïdentificeerde gridlijnen meer zichtbaar te maken. Het voorstel is om een verdichtingsstrategie te hanteren en hiermee stadsblokken aan te pakken met groene, (half-)open binnentuinen. Voorstellen om op de bestaande bebouwing getrapte architectuur met groene terrassen toe te voegen. 9
Adviesrapport O-team | Central Innovation District Den Haag
Door het herbestemmen van de plinten voor een groene doorloop (Noord) en parkeren (Oost) kan de auto uit het straatbeeld verdwijnen en kwaliteit worden toegevoegd.
Intensief dakgebruik met een gelaagdheid van groene (lage) daken en zonnepanelen (hoge daken) behoort hier automatisch tot de mogelijkheden. Daarnaast is met de werkzaamheden om bovengenoemde uit te werken de aansluiting op een WKO-netwerk in de ondergrond relatief eenvoudig(er) te realiseren. Viola Smit zet voorts vier deelgebieden uiteen met verschillende problematieken en oplossingen: 1. Schenkkade als singel. Hierbij is vooral het hergebruik en vergroening van de Schenkviaduct een belangrijke. Water zal moeten worden doorgetrokken waardoor het een groenblauwe singel wordt. Bijkomend klimatologisch voordeel is dat water voor additionele verkoeling zorgt en de doorgetrokken waterpartij een windcorridor creëert die samen met de (gevel)beplanting additionele verkoeling verzorgt. 2. De Buurtroute tussen Bezuidenhout Oost, West en Rivierenbuurt Noord. Door hier meer groenkwaliteit toe te voegen en de auto te gast maken kunnen kinderen ook gewoon weer op straat spelen en oversteken. 3. Door de Beatrixlaan als levendige stadsboulevard in te richten, waarbij de ambitie wordt geïntroduceerd om meer water en groen te hebben, zal een enorme kwaliteitssprong gemaakt kunnen worden met betrekking tot de beleving van de publieke ruimte. Grootste ingreep om dit te bereiken is het wegnemen van 1 dubbele rijbaan waarbij de auto tevens te gast wordt in deze straat.
Een WKO onder de metrolijn en de nieuw aangelegde waterpartij fungeert ook als warmtebron hiervoor. 4. Maak van de Utrechtsebaan een iconisch stadspark met gevarieerd programma dat alle lijnen bij elkaar brengt. Het park bestaat als kruisingen van deze verschillende lange lijnen. Maak op deze knooppunten nieuwe randen met programma die relatie houdt met de lange lijnen. Zo heb je de ‘paarse cultuur as’, verrijk deze met een cultuurplein en een paviljoen. De ‘gele shopping lijn’ behoeft een ontmoetingsplek met veel lunch en zitgelegenheden. De ‘rode as’ verbindt de overheidsgebouwen.
10
Adviesrapport O-team | Central Innovation District Den Haag
Kortom gebruik het gridmodel om de omgeving en de reeds ontstane routes nog meer te verbinden en voeg kwaliteit toe door vergroening. Zo zou de nu harde bak van de Utrechtsebaan door overkluizing zich tot een ecologische corridor kunnen ontwikkelen met een hoge biodiversiteit. Verder ontstaat er een betere akoestiek door geprogrammeerde intensieve groene daken en gevels en zorgen water voor verkoeling en beplantingen voor thermisch comfort. Laat de programmering van de plinten aansluiten op de verschillende bestaande lijnen. IF Technology IF Technology heeft voor het gebied nagedacht over de energieopgave. Een collectieve lage temperatuur warmte- en koudevoorziening ligt voor de hand: panden kunnen warmte en koude uitwisselen, er kan gebruik gemaakt worden van verschillen in gelijktijdigheid en de inpassing van de verschillende onderdelen van het netwerk kan optimaal gerealiseerd worden. Hiermee wordt gegarandeerd dat de beperkte bronnen en opslagcapaciteit optimaal benut worden.
11
Adviesrapport O-team | Central Innovation District Den Haag
Naar mate de gebiedsvisies in meer detail uitgewerkt gaan worden is het belangrijk om ook de energievisie verder te concretiseren en optimaliseren. Door dit in een vroeg stadium en gelijklopend met de stedenbouwkundige ambities te doen kan een optimale benutting van de lokale energie- en opslagmogelijkheden gegarandeerd worden. Daarmee kan het Beatrixkwartier ook op energiegebied een voorbeeld voor de stad en heel Nederland worden, door lokale, duurzame energie voor iedereen in het gebied beschikbaar te stellen. IF Technology heeft ook de visie en schetsen van beide bureaus beoordeeld en geadviseerd op het gebied van de energieopgave. PosadMaxwan heeft naar het oordeel van IF Technology een goed begrip van de basisprincipes van levering van duurzame warmte en koude. In hun gebiedsvisie houden ze rekening met de benodigde inpassing van de energie infrastructuur en wordt er actief gezocht naar manieren om de energieopgave op een relevante en interessante manier zichtbaar te maken in de wijk. De schetsen met betrekking tot inpassing van het energiesysteem komen overeen met het eerder geschetste beeld van IF Technology. Er is al een aanzet gedaan tot inpassing van de warmte- en koudefronten van het WKO-opslagsysteem. De basisregels voor inpassing zijn gehanteerd (150 meter tussen verschillende bronnen, 25 meter tussen dezelfde bronnen) en dat is voor nu voldoende.
Een detailuitwerking zal moeten volgen uit een vervolgstudie en vraagt om een technisch verdiepende uitwerking. De WKO-ruggengraat zou de voorgestelde bank kunnen koelen. Door deze koeling toe te passen kan het koudeoverschot, wat er naar verwachting op gebiedsniveau zal zijn, afnemen. En hoeft er dan minder warmte ingevangen te worden. De daadwerkelijke impact op het koudeoverschot en of een toepassing met het passief koelen van deze bank ook financieel realistisch is, zal tijdens verdere onderzoeken uitgewerkt moeten worden. LOLA Landscape Architects heeft naar oordeel van IF Technology eveneens een goed begrip van de basisregels van levering van duurzame warmte en koude. Er is al een aanzet gedaan tot inpassing van de warmte en koude bronnen van het WKO-systeem. De indeling in stroken geeft de noodzakelijkheid tot ordening van de opslagsystemen goed weer. Wel kunnen de bronnen van eenzelfde soort dichter op elkaar geplaatst worden, wat ertoe zal leiden dat er meer bronnen geplaatst kunnen worden. Deze nuance kan ook in een vervolgstudie bezien worden. Naast inpassing op gebiedsniveau heeft LOLA ook bij de schetsen van het straatprofiel rekening gehouden met inpassing van het WKO net. Deze is voorzien in het midden van de straat, met voldoende ruimte aan zijkanten van het profiel. IF Technology beoordeelt deze inpassing als realistisch en passend bij de opgave in het gebied.
12
Adviesrapport O-team | Central Innovation District Den Haag
Greenpass Greenpass heeft in opdracht van de gemeente Den Haag aanvullend onderzoek uitgevoerd naar de milieu- en klimaateffecten van de verschillende voorstellen. Het is voor het eerst in het bestaan van het O-team dat deze kwantitatieve en kwalitatieve beoordeling van de verschillende uitkomsten tijdens het project beschikbaar zijn en we deze uitkomsten mee kunnen nemen in het advies. Greenpass heeft bij de start van dit project de 0-situatie (Status Quo) van het projectgebied en het zogenaamde ‘Model 4’ (Concept Gebiedsagenda) doorgerekend om aan te kunnen tonen wat de klimaateffecten van de voorstellen van de bureaus op het projectgebied zijn. Om tot een vergelijk te kunnen komen bepaalt Greenpass voor elk scenario vijf Key Performance Scores (KPS’s) binnen de thema’s klimaat, energie (in de vorm van soortelijke warmte die in het projectgebied wordt opgeslagen), water en lucht. Deze scores worden uitgedrukt in een numerieke waarde (met uitzondering voor windcirculatie) en hieronder verder toegelicht. Een aantal relevante factoren als bladoppervlakte, schaduw en evapotranspiratie spelen naast de Key Performance Scores voor het klimaat in de stad ook een rol; deze komen in het rapport minder expliciet naar voren maar zijn wel meegewogen.
Klimaat De Thermal Load Score (TLS) geeft informatie over de temperatuur dat uit het plangebied stroomt en als gevolg daarvan de aangrenzende wijken belast. Thermal Comfort Score (TCS) laat zien hoeveel en welke delen van het projectgebied zich in de respectievelijke thermofysiologische belastingsklasse (zeer koud - erg heet) bevinden. Hoe hoger de waarde, hoe beter het thermische comfort van de omgeving. Energie Score voor de Thermal Storage Score (TSS) geeft aan hoeveel energie in de vorm van warmte wordt opgeslagen (en weer uitgestraald) in de materialen die worden gebruikt in het projectgebied, op basis van hun fysieke en structurele eigenschappen. Hoe lager de waarde, hoe minder energie er in de materialen wordt opgeslagen. Water De Run Off Score (ROS) geeft de gemiddelde ‘run-off’-coëfficiënt van het projectgebied aan. Het laat zien welke delen van het regenwater door de bodem kan worden opgenomen of gebruikte verharding en welk deel direct wegloopt in de riolering zonder te worden gebruikt.
13
Adviesrapport O-team | Central Innovation District Den Haag
CO2 opslag De CO2-vastleggingsscore (CSS) toont de CO₂ opslag van de beplanting (in hun biomassa) in het projectgebied op een warme dag. De waarde wordt berekend uit de som van het positieve en negatieve CO₂waarden per uur van vegetatie en grond en wordt uitgedrukt in tonnen per levensduur. Hoe hoger de waarde, hoe beter de CO₂-opslag. Bij deze analyse willen wij opmerken dat wij uit oogpunt van omgevingskwaliteit en klimaat met name waarde hechten aan de factoren hitte (dit is TCS aangevuld met schaduw, evapotranspiratie, albedo en weerkaatsing van zonlicht) en wateroverlast. Het resultaat Greenpass heeft aan de hand van modellen (schaal Beatrixkwartier) gemeten wat het effect is van ingrepen. Het is een kwantitatieve analyse; nog niet zozeer een kwalitatieve analyse waaruit ontwerpers kunnen afleiden aan welke knoppen zij kunnen draaien om hun ontwerp te verbeteren op het gebied van hittestress en thermisch comfort.
Status Quo windsnelheden PosadMaxwan
14
Model 4 LOLA
Adviesrapport O-team | Central Innovation District Den Haag
In het rapport worden de modellen van de status quo, het gemeentelijke model en de ontwerpen van PosadMaxwan en Lola naast elkaar gezet. Hieruit valt af te lezen dat het overkluizen en vergroenen van de Utrechtsebaan een veel beter leefklimaat oplevert. Daar waar het in de status quo ’s middags om drie uur erg warm is, is dit in de andere modellen veel minder het geval. De ontwerpen van PosadMaxwan en LOLA laten zien verder ook zien dat verschillende ruimtelijke ingrepen verschillende effecten hebben op het behalen van klimaat- en vergroeningsdoelstellingen in de stad. Zo heeft PosadMaxwan bijvoorbeeld veel grote bomen op de overkluizing van de Utrechtsebaan geplant, wat tot een goede totaalscore leidt. LOLA heeft iets minder bomen en bovendien middelgrote en kleinere bomen in het park geplant, maar door het netwerk van groen in het Beatrixkwartier sterk te verbeteren, pakt ook hun score goed uit.
Status Quo luchttemperatuur PosadMaxwan
Model 4 LOLA
15
Adviesrapport O-team | Central Innovation District Den Haag
Daarnaast zien we nog de volgende plus- en verbeterpunten van de twee voorstellen. LOLA + grootschalige afname van gebieden met hoge windsnelheden vooral langs Schenkkade. + afname van windvlagen bij de Pr. Beatrixlaan. + verkleining van enkele grote oppervlakten met laag thermisch comfort bij de hoogbouw ten westen van de Pr. Beatrixlaan. - grote hotspotgebieden ten zuiden van de Monarch Tower. - verspreide hotspots en gebieden met laag thermisch comfort bij de hoogbouw ten westen van de Pr. Beatrixlaan en de woonwijk ten westen van het nieuwe Utrechtsebaanpark. PosadMaxwan + vermindering van enkele hotspots-gebieden met een laag thermisch comfort in het overgangsgebied tussen de nieuwe Utrechtsebaanpark en de hoogbouw ten oosten ervan + significantie verbetering van de CO2-opslag - grote ruimtes met laag thermisch comfort op sommige pleinen langs de Pr. Beatrixlaan.
16
Adviesrapport O-team | Central Innovation District Den Haag
_4 De Oogst We kijken als O-team met plezier terug op de levendige spiegelbijeenkomst met de wethouders Anne Mulder en Liesbeth van Tongeren, de gemeenteambtenaren van diverse afdelingen, de stakeholders, de ontwerpers, de experts en bewoners. Gezamenlijk waren zij betrokken bij deze uitdagende opgave voor verduurzaming en vergroening van het Beatrixkwartier, dat onderdeel uitmaakt van het te ontwikkelen Central Innovation District (CID) in Den Haag. Er zijn ontwerpvoorstellen gemaakt door LOLA Landscape Architects en PosadMaxwan. IF Technology heeft een gebiedsvisie duurzame energie voor het Beatrixkwartier opgesteld met een beoordeling van de ontwerpen met betrekking tot de energieopgave. En Greenpass ontwikkelde een handboek klimaatbestendigheid voor dit gebied, met een beoordeling van de ontwerpen gericht op de klimaatopgave. Dit project van het O-team heeft een rijk boeket aan ideeën en inspiraties opgeleverd. Aan de resultaten valt af te lezen hoe complex de opgave is en aan wat voor een ideeën en oplossingen valt te denken. Hieronder bieden we u ons advies aan in de vorm van aanbevelingen. Deze kunnen ook gelezen worden als lessen uit dit traject. 1.
Kies tot hoever het park op de overkluizing van de Utrechtsebaan naar het noorden kan worden doorgetrokken Een lineair park boven op de overkluizing van de Utrechtsebaan krijgt natuurlijk meer betekenis en kwaliteit als het geen opzichzelfstaand park is, maar onderdeel uitmaakt van een groter stedelijk systeem. Dat heeft MUST in haar studie groenblauwe iconen uit 2018 al geconstateerd, maar zullen ook de bureaus hebben gedacht toen zij beiden het park tot aan het Haagse Bos verlengden. Het resultaat is een 40 tot 65 meter brede en ongeveer 900 meter lange lineaire parkruimte, die een directe groene verbinding en een fiets- en wandelroute vormt naar het beroemde en meer dan 100 hectare grote natuurgebied in het centrum van de stad. PosadMaxwan wil van deze missing link (buiten het plangebied) een Rijkspark in de vorm van een stedelijke pleinruimte maken, met ten zuiden daarvan een bomenpark (ook wel stadsbos door hen genoemd). Deze lange parkruimte verbetert de directe leefomgeving, is een ontspanningsruimte voor het kantorengebied en een recreatieve sport en spelruimte voor Bezuidenhout West en de nieuwe bewoners daarvan.
Groene parkloper LOLA 17
Adviesrapport O-team | Central Innovation District Den Haag
LOLA zet in op het maken van een groene parkloper met veel bomen en openbare publieke functies waaronder een waterspiegel, een sport- en picknickveld, een workout-park en een cultuurpaviljoen. De parkstrip krijgt een onderdoorgang dwars door The Bridge (gebouw), en loopt door tot letterlijk in het Haagse Bos. Daartoe ontwerpt het bureau een cultureel plein op de Bezuidenhoutseweg; de auto’s zijn hier nu te gast (of gaan onder het plein door). 2. Maak een hoogwaardige inrichting boven op de Utrechtsebaan De parkinrichting moet recht doen aan deze bijzondere plek. Dat betekent hoogwaardig met: • Daglichttoetreding in de overkluisde bak van de Utrechtsebaan - dit kan bijvoorbeeld ter plaatse van de waterspiegel dat in het plan van LOLA zit; • Minimaal 1,5 meter en liever 1,8 meter bewortelbare ruimte voor grote bomen in de 1e en 2e categorie. Het is ook denkbaar om het maaiveld van het park richting Bezuidenhout West op te laten lopen en het gecreëerde hoogteverschil vervolgens in de nieuwbouw aan de parkrand op te lossen, zodat een soepele overgang naar de achterliggende wijk ontstaat; • Benut de ruimte van de op- en afritstroken van de Utrechtsebaan die komen te vervallen voor bomen in de volle grond; • Programmeer de parkplinten, liever dan in het lineaire park gebouwde voorzieningen te plaatsen. Dit park is smal en gebouwen vormen al snel een obstakel.
Kijk ook nog eens secuur naar het gebouw The Bridge. Deze splitst het park nu in tweeën, terwijl het een grote kwaliteit is als de parkruimte met een wandel- en fietsroute onder het gebouw doorloopt.
3. Realiseer een fijnmazig groen systeem met comfortabele voet- en fietsroutes Het Beatrixkwartier gaat wat ons betreft mee in het toekomstbeeld van het Central Innovation District (CID) waarin de auto minder ruimte krijgt, een aantal lange stedelijke lijnen worden hersteld en het landschap in de stad wordt verstevigd. Dit is goed voor het (leef)klimaat, de biodiversiteit en de doorwaadbaarheid van de stad voor wandelaars en fietsers. Zowel LOLA als PosadMaxwan hebben een samenhangend groen systeem met een veilig langzaam verkeersnetwerk ontworpen, met zo min mogelijk kruisingen in het plangebied. Het lineaire park boven op de Utrechtsebaan is in dit groene systeem een belangrijk wijkpark, dat gekoppeld is aan een meer verfijnd groen netwerk van straten met een veel lagere parkeercapaciteit dan nu het geval is en waarbij het parkeren op straat deels verdwijnt, wat wordt gecompenseerd in ondergrondse garages en hubs. Een van de routes haaks op dit park is bijvoorbeeld de informele buurtroute (van LOLA). Deze route ligt bij het gebouw The Bridge en wordt door het bureau voorzien van verschillende maten bomen en heesters.
18
Adviesrapport O-team | Central Innovation District Den Haag
4. Ontwerp de ondergrond tegelijk met de bovengrond mee Vergroenen kost ruimte, ook ondergronds. Bekijk daarom een bovengrondse ingreep altijd in samenhang met de inrichting van de ondergrond, zodat u later niet voor verrassingen komt te staan. In het ontwerpend onderzoek van LOLA is deze samenhang optimaal bekeken. In de voorgestelde profielen liggen de kabels en leidingen zoveel mogelijk op een plek waar je er bij werkzaamheden goed bij kan, zoals in een berm of onder het verhoogde semi-metrolijn traject van ‘de Netkous’. Pas in tweede instantie liggen de kabels en leidingen onder een fietspad of een rijbaan. We bevelen u aan de doorsneden goed in het veld te controleren; is uitvoering hiervan daadwerkelijk mogelijk of rekenen we ons ergens onterecht rijk? Wat ons verder opviel is dat de bureaus geen centrale leidingengoot in het gebied (zoals aan de constructie van de Utrechtsebaan) hebben voorgesteld. Dit zou ruimte technisch hyperefficiënt zijn geweest, maar het is ook een zeer kostbare oplossing, terwijl er voldoende ruimte in het Beatrixkwartier aanwezig is om te vergroenen. Maak opnieuw de afweging tussen ruimteefficiëntie en kosten van een leidingengoot. 5.
Kies voor een andere mobiliteitsstrategie Kijkende naar de toekomst van het gebied dringt zich de vraag zich op of we hier niet toe moeten naar een mobiliteitsstrategie die sterker inzet op openbaar vervoer, park & ride en nieuwe doelgroepen die passen bij deze stedelijke context. We zien in de ontwerpvoorstellen dat de auto ruimte inlevert: diverse op- en afritten worden van de Utrechtsebaan afgehaald (PosadMaxwan versmalt deze weg bovendien) met als gevolg dat de kruispunten die bovenlangs overblijven zwaarder belast zullen worden. Daarnaast verwachten we dat er in het Beatrixkwartier rijbanen zullen verdwijnen (LOLA doet dit in de Prinses Beatrixlaan) alsook parkeerplaatsen. Het stellen van nieuwe eisen aan mobiliteit in de stad, gecombineerd met ondergronds parkeren, biedt ruimte voor vergroening en voor voetgangers en fietsers. Dit past naar ons idee bij de toekomst van dit gebied. We bevelen u wel aan om nog eens grondig te kijken in hoeverre het autoverkeer kan worden afgewaardeerd (en dus de voorstellen op het gebied van mobiliteit haalbaar zijn). 6. Verdicht rondom de overkluizing van de Utrechtsebaan De gemeente Den Haag heeft de ambitie geformuleerd om de Utrechtsebaan van vervuiler naar verduurzamer te transformeren en daartoe een groene overkluizing te maken.
Dit is een krachtig idee, maar we vinden wel dat er hier dan ook een verdichtingsslag hoort plaats te vinden, aangezien dit – naast het Centraal Station en de Laan van NOI - een van de drie potentiële verdichtingslocaties in het Central Innovation District (CID) is die de stad kan benutten. De bureaus zetten deze verdichtingsslag beiden in. PosadMaxwan plaatst aan de Bezuidenhout West zijde van het lineaire park hoge woontorens op een vierlaags basement. Het plan voegt daarmee veel (124.000 m2) bruto vloeroppervlak toe.
19
Adviesrapport O-team | Central Innovation District Den Haag
Ook LOLA stelt vraagtekens bij de wijze van verdichting die de gemeente op het oog heeft. Zij presenteert onder meer hoge open woonblokken met residentiële bebouwing aan het park in Bezuidenhout West. Uit de voorstellen zijn drie lessen af te leiden: (1) maak nieuwe stedelijke kwaliteit aan het lineaire park, maar let daarbij wel op bezonning en windkwesties, (2) zorg voor een goede businesscase als bijdrage aan de kostbare wegoverkluizing en (3) maak goede overgangen naar de aanliggende wijk van Bezuidenhout West. We bevelen u aan om de gepresenteerde nieuwbouwideeën in overweging te nemen, ondanks dat u de voorstellen op dit punt wellicht te ver vindt gaan en geen bestaande bebouwing wil slopen. Nieuwbouw is op deze bijzondere plek zoals gezegd om meerdere redenen goed te beargumenteren. Ga daarom eens op oriënterend gesprek bij de eigenaar van de huidige bebouwing, ook al heeft ook deze partij vooralsnog geen sloopplannen. 7. Doe echt iets aan de Beatrixlaan De Prinses Beatrixlaan is, afgezien van de te overkluizen ruimte boven op de Utrechtsebaan, dé ruggengraat van het Beatrixkwartier. Dit semi-metro-traject genaamd ‘de Netkous’ is bijzonder karakteristiek, maar de verblijfskwaliteit van de straat kan nog veel verbeteren. Denk aan het programmeren van de gebouwplinten, het verminderen van het aantal rijbanen in het profiel en het vergroenen met bomen en kruidenrijk gras.
LOLA ziet deze kwaliteiten ook en voegt vervolgens ook nog water aan de laan toe, met een verblijfplek en een voetgangersbrug. We vinden dit een interessante gedachte die veel ruimtelijke kwaliteit oplevert en waarbij het oppervlaktewater door LOLA ook nog wordt benut als warmtebron. Het water loopt echter niet door, wat meestal nodig is voor een goede waterkwaliteit; dit verdient nog nader onderzoek.
20
Adviesrapport O-team | Central Innovation District Den Haag
8. Verbeter ook de Schenkkade De Schenkkade heeft de potentie om een ecologische verbinding te zijn en een aantrekkelijke verbinding in het routenetwerk van ommetjes in de stad. Die kwaliteiten ziet ook LOLA en zij brengen dit fraai in beeld door onder meer het Schenkviaduct te vergroenen en het water in de straat door te trekken. Het zijn aantrekkelijke interventies die naast meer kwaliteit op oogniveau, een verhoogde biodiversiteit en extra stedelijke koeling opleveren. 9. Stel lokale duurzame energie voor iedereen in het gebied beschikbaar via WKO en benut de lokale energie- en opslagmogelijkheden optimaal De kansen voor dit gebied liggen op het gebied van energie bij de aanleg van een collectief warmte- en koudeopslagsysteem, met uitwisseling van warmte en koude tussen de gebouwen. Niet bij het lokaal opwekken van elektriciteit, dit moet van buitenaf worden gehaald. Vandaar dat IF Technology voorstelt: maak het WKO-systeem modulair zodat het makkelijk uitbreidbaar is, gebruik lokale warmtebronnen zoals het aanwezige rioolgemaal en het oppervlaktewater en zet in op een laag temperatuursysteem want dit is makkelijk uitbreidbaar met nieuwe opslag, afnemers en warmtebronnen. Beide bureaus hebben dit systeem in hun plan geïntegreerd. Het gaat om een tweepijpssysteem voor de brontemperatuur in een obstakelvrije zone van 2 à 2,5 meter.
Deze pijpen hebben een diameter van 600 millimeter. De bestaande woningen krijgen middentemperatuur. Het volledige systeem is uitbreidbaar en opschaalbaar naar de Laan van NOI, de Binckhorst en het Centraal Station. LOLA heeft de koppelleiding in de Prinses Beatrixlaan gelegd, onder het verhoogde semi-metro-traject van ‘de Netkous’ met daaronder gras. In hun voorstel bieden zij naast een collectief WKO-systeem een brede range aan lokale energietoepassingen. We zien hogere daken van gebouwen met groen en zonnepanelen. Zonnepanelen aan of geïntegreerd in gevels, ‘de Netkous’ of de straatverlichting en warmtewinning uit oppervlaktewater. Wat ons betreft benadrukt het bureau hiermee het belang om alle voorhanden liggende lage temperatuur warmtebronnen te benutten.
21
Adviesrapport O-team | Central Innovation District Den Haag
Aan het plan van PosadMaxwan waarderen we de wijze waarop de koppelleiding – die in het lineaire park boven op de overkluizing van de Utrechtsebaan ligt – zichtbaar is gemaakt. Hier heeft PosadMaxwan de langste bank van Europa geplaatst; een bank met diverse parkfuncties, waaronder een poort, een kiosk, een goot en een bak met waterplanten. Deze ingreep heeft wat ons betreft ook een symbolische waarde. Het draagt bij aan de bewustwording van bewoners en toont hoe de stad met haar energieopgave bezig is.
Het idee om het koudeoverschot in de zomer voor koeling van de bank te benutten vinden we minder overtuigend. Dit draagt niet bij aan het hitte mitigatie-effect van de stad, waarvoor beter beplanting en waterelementen toegepast kunnen worden. 10. Zet vaker in op interdisciplinair onderzoek bij stadsontwikkeling en maak tijdig inzichtelijk wat plannen opleveren Het vroegtijdig bij elkaar zetten van ontwerpers en experts, in dit geval op het gebied van klimaat en energie, zorgt voor meerwaarde in het project. Dit heeft voor dit project het volgende opgeleverd: Klimaat De klimaatexpert heeft via de Envi methode het microklimaat in het Beatrixkwartier beoordeeld. Vier thema’s spelen hierbij een rol: klimaat, water, lucht en energie in de vorm van warmte die in materialen in het Beatrixkwartier wordt opgeslagen. Er worden vijf belangrijke prestatiescores in de analyse onderscheiden: thermische belasting, thermisch comfort, thermische opslag, afwatering en CO2 opslag. Daarnaast spelen een handvol andere aspecten spelen ook een rol: thermische prestatie, straling, kleur van de bestrating, verdamping, schaduw en de mate waarin een bladerdek wordt gerealiseerd.
In de beoordeling zijn de twee voorstellen van de ontwerpers afgezet tegenover twee situaties, te weten de huidige situatie en model 4 van de gemeente met een park op de Utrechtsebaan en nieuwe gebouwen aan de parkrand (door Greenpass de concept gebiedsagenda genoemd). Duidelijk is dat alle ontwerpen (die van de gemeente en de ontwerpers) een verbetering voor het microklimaat ten opzichte van de status quo vormen, vanwege de overkluizing van de Utrechtsebaan en de ingezette vergroening. De voorstellen van de ontwerpers onderscheiden zich in positieve zin van het gemeentelijke model 4 op de parameters thermisch comfort (hoe koud/ warm de omgeving aanvoelt), thermische opslag (hoeveel energie in de gebruikte materialen in het projectgebied wordt opgeslagen in Joules) en afwatering (hoeveel regenwater in het gebied kan worden opgeslagen, infiltreren en/of 22
Adviesrapport O-team | Central Innovation District Den Haag
verdampen). Omdat er veel parameters in de kwantitatieve analyse worden meegewogen die elkaar allemaal beïnvloeden, is de waaromvraag (waarom scoort het ene model op een prestatiescore beter dan een ander model) helaas grotendeels onbeantwoord gebleven. Dit betekent dat deze kwantitatieve beoordeling wel goed inzage geeft in wat het effect is van een ontwerp op bijvoorbeeld de luchttemperatuur en de wind in het Beatrixkwartier, maar dat het ontwerpers vooralsnog weinig handvatten geeft om aan de knoppen te kunnen draaien; met welke ingrepen kunnen ze welk effect voor het microklimaat sorteren. Desondanks toont deze exercitie voor ons wel aan dat het belangrijk is om de effecten op het microklimaat bij het verduurzamen van de stad in beeld te brengen. We willen drie zaken hier nog wat nader uitlichten. Allereerst dat de thermische opslag in de voorstellen als gevolg van een hogere bebouwingsdichtheid logischerwijs toeneemt ten opzichte van de status quo. Ten tweede dat model 4 van de gemeente ten opzichte van de voorstellen van de ontwerpers beter scoort op thermische belasting (de verandering van de temperatuur van de lucht in de omgeving buiten de plancontour, door uitvloeiende lucht); dit heeft waarschijnlijk te maken met de opzet van de bebouwing aan de parkrand. En ten derde dat de CO2 opslag het grootst is in het plan van PosadMaxwan.
Dit komt doordat dit voorstel de meeste groene ruimten (van gras, struiken en vaste planten) heeft en bovendien het grootste aantal grote bomen heeft. In algemene zin is het zo dat hoe groener de omgeving is, hoe beter het microklimaat is (dus denk ook aan gevelbegroeiing en groene daken). Het vergroenen van de buitenruimte bereikt natuurlijk ergens wel een grens, want naast schaduwplekken is het ook prettig om in een stad zonnige plekken te hebben. Wij adviseren u in ieder geval om met Greenpass nog eens naar een paar plekken te kijken hoe deze verder te verbeteren. Dit zijn de binnenhoven (overgebleven warme plekken en minder goed ventilerende plekken), de nieuwbouw aan de parkrand en langs de Schenkkade (beperkt thermisch comfort), en de Beatrixlaan en de Juliana van Stolberglaan (kans op windvlagen). Energie De inzet van de IF Technology is geweest om naar het energiesysteem (de mogelijkheden en toepassingen van duurzame energie) en naar de kwantitatieve parameters van de ontwerpvoorstellen (zoals afstand tussen bronnen en gemaakte inschattingen van de bronnen) te kijken. Een echte kwantitatieve analyse was in deze fase uiteindelijk niet mogelijk; dit zou een veel te groot detailniveau van de voorstellen vergen. We weten daarom nog niet welke hoeveelheden energie er exact door het gebied gaan.
Wat wel duidelijk is, is dat het Beatrixkwartier niet energieneutraal kan worden gemaakt. Daar is de hoeveelheid bebouwing simpelweg veel te groot voor. Het is wat ons betreft ook niet nodig, want er is niets op tegen om duurzame stroom vanuit andere gebieden het Beatrixkwartier in te brengen. De levering van warmte en koude zal wel lokaal opgelost moeten worden. Of dat hier echt kan hangt af van het definitieve stedenbouwkundig plan inclusief op te leveren vierkante meters, de typologie van de bebouwing, de isolatiewaardes van bestaande de bouw et cetera. Eventueel zal extra warmte van buiten de wijk ingevoerd moeten worden. Tenslotte bleek uit dit project dat het hier noodzakelijk is om lage temperatuur warmtebronnen in het gebied te benutten, zoals warmte uit oppervlaktewater en warmte uit het rioolgemaal. De zonnepanelen zullen daarnaast nodig zijn om de bouwnormen te halen en zijn in die zin ook cruciaal voor de ontwikkelaars. 23
Adviesrapport O-team | Central Innovation District Den Haag
11. Het betrekken van stakeholders en diverse afdelingen binnen de organisatie bij de gebiedsontwikkeling creëert draagvlak en enthousiasme Uitspraken als ‘wervend‘, ‘hoopvol‘, ‘onder de indruk‘, ‘valt goed‘, ‘blij met support‘ en ‘schrik er niet van‘ werden tijdens de spiegelbijeenkomst zoal genoemd. Tegelijkertijd zijn er ook kritische opmerkingen en waardevolle kanttekeningen door betrokkenen gemaakt waarmee de gemeente Den Haag verder aan de slag kan. Hiervan is het goed dat deze nu al naar boven zijn komen; ze zijn belangrijk voor de neergelegde concepten en verdienen verdergaand onderzoek.
Nawoord We waren in het begin van het traject erg benieuwd of het zou lukken om de vergroening en verduurzaming van het gebied te kwantificeren en daarmee te “bewijzen”. Dat is tot op zekere hoogte - tot op het niveau van detaillering die de voorstellen nu hebben - in het korte O-team traject van een paar maanden gelukt. Wat ons hierbij is opgevallen is dat op het vlak van klimaat er nog werk aan de winkel is om de wetenschappelijke kennis (van Greenpass) naar de praktijk – en het ruimtelijk ontwerp – te brengen. Dit project is hierin een mooie (begin)stap geweest en we verwachten dat er nog vele vervolgstappen in Nederland zullen volgen. Verdichten, verduurzamen en vergroenen is een drie-eenheid, die je tegelijkertijd moet toepassen. Niet alleen in het CID, maar ook bij andere gebiedsontwikkelingen in Nederland. Een groene inrichting is goed voor klimaatadaptatie en biodiversiteit en heeft ook een sociaaleconomische waarde. Dit project kunt u daartoe als een voorbeeld zien. Als laatste willen we u voor de toekomst meegeven ervoor te zorgen dat er in het gebied geen volume wordt bijgebouwd, zonder dat de bovenstaande bevindingen voor een duurzaam en groen kwartier worden geïntegreerd. Veel succes met de ontwikkeling van dit gebied en wij hopen dat u baat heeft gehad bij onze interventies via voorgesprekken, bijeenkomsten, ontwerpend onderzoek en onafhankelijk advies!
24
Adviesrapport O-team | Central Innovation District Den Haag
_Stakeholders _O_Team Klaas de Boer (voorzitter), Ingeborg Thoral, Marcus Fernhout, Lex de Jong (secretaris) _Externe professionals namens het O_Team Cees van der Veeken LOLA Landscape Architects Viola Smit LOLA Landscape Architects Rients Dijkstra PosadMaxwan Elbert Arens PosadMaxwan Elena Bulanova PosadMaxwan Karolina Tatar PosadMaxwan Noa te Duits PosadMaxwan Rory van der Heide IF Technology Liesbeth van Hilten IF Technology Florian Kraus Greenpass Gemeente Den Haag Anne Mulder Ard de Heus Liesbeth van Tongeren Annemarie Bodaar Wiebke Klemm Samantha Volgers Remko Slavenburg Albert Koolma Bart Groen Esther Vogelaar Iren Koomen Jasper van der Zon Kai Liang Marco Zeeman Nynke Douma Peter Kievoet Sarah Rach Wim Kulik
wethouder Financiën, Stadsontwikkeling Bestuursadviseur Anne Mulder wethouder Duurzaamheid, Milieu, Energietransitie Bestuursadviseur wethouder van Tongeren Sr. Beleidsadviseur Duurzame Leefomgeving Sr. Projectleider l PmDH Coördinator CID gebied Alex Schipperheijn Casper van der Feltz Flavia Curvelo Magdaniel Irene Mulder Jeroen Laven Karien Hofhuis Martin van der Hoorn Paul Kersten René Teule Steffen Duerink
Anne-Marie Hitipeuw Eline van Staalduinen Gert-Jan van der Panne Jacco Schuurkamp John Westrik Mandy Neuman Martijn van Stam Peer Peters Renu Ganpat Tanne Schreuder
Externe stakeholders Jacob Berge Riette Bosch Jacco van der Vegte Pien Kuipers Marleen Ruiter
Rijksvastgoedbedrijf Rijksvastgoedbedrijf Rijksvastgoedbedrijf Rijksvastgoedbedrijf Ministerie van Binnenlandse Zaken
Arjan van het Klooster Willem van Leeuwen Pamela Logjes
MN & Green Business Club Beatrixkwartier FMO Green Business Club Beatrixkwartier
Gerad Schoenaker Yvette van Piggelen
Sens Realestate Sens Realestate
Arthur Pronk Karin Feunekes Kirsten Dubbelman
Haagwonen Haagwonen Haagwonen
Johan Vogelaar Cris Popescu Jacob Snijders
Wijkvereniging BZH-West Wijkvereniging BZH-West Buurtvereniging Bezuidenhout
25
Adviesrapport O-team | Central Innovation District Den Haag
_Contact
Heeft u vragen over het werk of de werkwijze van het O-team? Neem contact met ons op via oteam@minbzk.nl www.oteam.nl
26