Initiatiefvoorstel Verstop kritische rapporten niet langer in de kluis (2)
Tekst van het document
Verstop kritische rapporten niet langer in de kluis Initiatiefvoorstel
Initiatiefvoorstel Ralf Sluijs (Hart voor Den Haag/Groep de Mos) 18 mei 2020
Controlerende rol raad vereist transparantie van college In crisistijd, waarin wij ons op dit moment bevinden, is volledige transparantie en het controleren van het stadsbestuur van nog groter belang dan het in normale tijden al is. De instrumenten die de raad daarvoor heeft zijn, om begrijpelijke redenen, beperkter geworden maar de controlerende rol van de raad des te belangrijker. Dan past het niet om (kritische) rapporten (Berenschot screening wethouders, Hoffmann rapport misstanden DSO) en miljoenen kostende raadsvoorstellen (Masterplan IT), geheim te verklaren. Van het ‘geheim omdat’ principe moeten we toe naar het ‘te allen tijde openbaar tenzij’ principe. De geheimhouding moet dan wel buitengewoon goed en uitvoerig gemotiveerd zijn, wil deze ook toegepast mogen worden. Hart voor Den Haag/Groep de Mos wil dat de kluisdeuren wagenwijd open gaan en dat de termen transparantie en integriteit niet alleen bij loze kreten blijven maar ook in concrete daden omgezet worden. “Gelijke monniken, gelijke kappen”, riep burgemeester Remkes immers manmoedig bij zijn aantreden.
"Nietszeggende, inhoudsloze motivaties voor geheimhouding”
Duidelijk is allereerst dat de gemeenteraad niet voorbereid is op een crisis of ramp. Er is geen draaiboek voor rampen en dus moest er nu een nieuwe en wettelijke modus gevonden worden voor het nemen van raadsbesluiten. Dat is gedaan in de vorm van de noodwet. Daarnaast is het binnen het openbaar bestuur een goed uitgangspunt dat alles bij voorbaat openbaar is. Alleen als de omstandigheden ertoe leiden dat het echt niet anders kan mag geheimhouding op stukken worden toegepast. Daar moet men dus zorgvuldig mee omgaan en geheimhouding vergt dan ook een zo goed mogelijke motivatie van het college. Die motivatie ontbreekt vaak. Neem bijvoorbeeld de geheimhouding van het Hoffmann rapport over de misstanden bij de dienst DSO en de misdragingen van de topambtenaar van de dienst. “Dat rapport blijft in de kluis”, brieste waarnemend burgemeester Remkes die ‘integriteit’ en ‘transparantie’ bij zijn aantreden nog tot speerpunt maakte. Met een nietszeggende en inhoudsloze brief ‘motiveert’ de burgemeester het geheimhouden van het rapport. Totaal onvoldoende. Of neem het rapport van Bureau Berenschot wat de screening van alle wethouders bevat. Ook dat rapport ligt opgeborgen in de kluis en ook daar ligt een nietszeggende motivatie aan ten grondslag.
Dat deze geheimhouding meer vragen dan antwoorden oproept bewijst het feit dat uit de Berenschot screening namelijk gebleken zou zijn dat over minimaal één andere wethouder een officiële verklaring van ‘niet integer handelen’ is ingediend. Burgemeester Remkes weigert de naam van de bewuste wethouder te noemen en weigert het rapport openbaar te maken. Daarmee houdt de burgemeester de schijn dat niet alle wethouders ‘boven iedere twijfel verheven zijn’ zelf in stand. De raad hoort het college te controleren op de informatie die er is niet op de college weergaven van de informatie die zij verstrekken. Geheime vergaderingen Uit geheime rapporten vloeien geheime commissie- en raadsvergaderingen voort. Deuren dicht, geen pers op de tribune en alle ruimte voor de mensen in de stad om te speculeren over wat er besproken wordt. Geen fraai beeld van de openheid die de politiek per definitie hoort uit te stralen. De werkzaamheden van de gemeenteraad voltrekken zich altijd in de openbaarheid. Dat is te lezen in artikel
23 lid 1 Gemeentewet. Er zijn situaties waarbij het nodig is dat er een raadsvergadering is zonder pers en publiek. In die gevallen kan de raad op grond van artikel 23 lid 3 Gemeentewet besluiten dat in beslotenheid wordt vergaderd. Dit besluit wordt dus door de raad genomen, niet door de burgemeester of college. Dat ligt anders indien er gesproken wordt over geheime stukken waarbij de geheimhouding er door het college opgelegd is. De omvang van het begrip ‘geheim’ moet wat Hart voor Den Haag/Groep de Mos betreft niet te ruim worden genomen en het verdient een heldere afbakening: voor wie geldt de geheimhouding en voor hoe lang? Hart voor Den Haag/Groep de Mos wil dat raad en college zich over dit onderwerp buigen en komt met een aantal voorstellen om de omgang met geheimhouding, het opheffen van geheimhouding en het weglakken van informatie in stukken te verbeteren. Naast de stukken voor de raad geldt dit natuurlijk ook voor de stukken die na een Wobverzoek aan een journalist of inwoner van de stad worden verzonden. Het is belangrijk dat daar niet meer in wordt weggelakt dan strikt noodzakelijk is. Hart voor Den Haag/Groep de Mos hecht eraan om deze basale democratische principes nog eens extra te benadrukken om raad en stad optimaal betrokken te houden bij de bestuurlijke besluitvorming in tijden van crisis.
BESLUIT De raad van de gemeente Den Haag, gelezen het initiatiefvoorstel van Hart voor Den Haag/Groep de Mos, besluit: 1. Dat het presidium in samenspraak met het college, na de coronacrisis, met een voorstel komt hoe de controlerende rol van de gemeenteraad in tijden van crisis zo optimaal mogelijk ingevuld kan worden. 2. Een geheimhoudingsregister vorm te geven dat ook online toegankelijk is voor zowel raadsleden als inwoners van Den Haag. Daarin worden de stukken geregistreerd waarop geheimhouding rust als bedoeld in de artikelen 25 (stukken aan de raad) en artikel 86 (stukken aan de raadscommissie) van de Gemeentewet.
Het register bevat de volgende onderdelen: • Motivering: op grond van welk belang genoemd in artikel 10 van de Wet Openbaarheid van Bestuur geheimhouding is opgelegd; • Termijn: tijdstip of kwalitatief moment tot waarop de geheimhouding geldt; • Besluitdatum: waarop de geheimhouding is opgelegd; • Onderwerp: ten aanzien waarvan geheimhouding is opgelegd, zo mogelijk in duidelijke bewoordingen, zo mogelijk in abstractie; • Artikel gemeentewet: betreffende artikel in de Gemeentewet dat de grondslag vormt voor de oplegging van de geheimhouding; • Orgaan: de raad, het college of de raadscommissie; • Datum bekrachtiging: waarop, indien aan de orde, de geheimhouding is bekrachtigd in de gemeenteraad conform de Gemeentewet; • Opmerkingen: bijzonderheden, waaronder de datum van het opheffen van de geheimhouding. 3. Dat het beleid wordt dat een stuk in zijn geheel wordt gepubliceerd en alleen de passage of paginanummers waar het over gaat in een bijlage geheim aan de raad ter beschikking gesteld wordt. Een andere mogelijkheid is om een ‘gelakte’ versie openbaar te maken en een niet ‘gelakte’ versie beschikbaar te stellen voor raadsleden, daar kunnen we in de raad een discussie over voeren. 4. Om altijd in ieder geval het onderwerp van de geheime stukken te vermelden op de agenda, zodat deze bekend zijn bij zowel raadsleden en inwoners van Den Haag. 5.
Om het geheimhoudingsregister goed bij te houden en regelmatig te controleren of de stukken daarop nog steeds terecht als geheim stuk staan is het voorstel om dit geheimhoudingsregister periodiek op de raadsagenda te zetten en onder de aandacht van raadsleden en publiek te brengen. Het voorstel is om dit halfjaarlijks te doen. Dit geeft raadsleden ook de mogelijkheid om op de stand van zaken te reageren. 6. Dat het uitgangspunt moet zijn dat geheime stukken te allen tijde beschikbaar moeten zijn voor de raadsleden. Nu worden ze nog bij de griffie ter inzage gelegd om te lezen in de leeskamer. Dat komt de controlerende taak van de raad niet ten goede. Het verzoek is daarom om te onderzoeken hoe geheime stukken op digitale wijze aan raadsleden persoonsgebonden ter
beschikking gesteld kunnen worden (bijvoorbeeld in een beveiligde omgeving met inlog). Zo kan tevens gecontroleerd worden wie er inlogt en wie dus inzage heeft gehad in geheime stukken. 7. Om raadsleden bij (besloten) debatten ook de beschikking te geven over geheime stukken. Bij debatten is het nu niet altijd mogelijk om te beschikken over geheime stukken die ter inzage liggen, deze liggen dan enkel ter inzage bij de griffie. Het college heeft deze meestal wel fysiek of digitaal ter beschikking en heeft zodoende een informatievoorsprong tijdens een debat. Dit is niet bevorderlijk voor het debat en daarom moeten voortaan geheime stukken aan de raad of commissievergadering (digitaal) beschikbaar gesteld worden, zodat raadsleden hierover kunnen beschikken tijdens een besloten deel van de vergadering. Hiermee bedoelen wij uiteraard niet de stukken die op rood in de postvakjes komen, maar de stukken die slechts ter inzage bij de griffie liggen. 8. Om het beleid ten aanzien van het weglakken van teksten bij WOB-verzoeken te herzien en dat er een nieuw protocol aan de raad wordt voorgelegd, waarbij er extra aandacht is voor de proportionaliteit van het weglakken. Hierin moet een ‘vier-ogenprincipe’ worden meegenomen aangaande het weglakken van informatie.
Wanneer een WOB-verzoek afgehandeld wordt is het goed als er iemand anders dan de behandelend ambtenaar nog een keer controleert of de weggelakte delen terecht weggelakt zijn. Met bovenstaande besluiten wil Hart voor Den Haag/Groep de Mos forse stappen zetten om de controlerende rol van de raad zo optimaal mogelijk te maken en de omgang met geheime stukken transparanter te krijgen. Ons doel is om in zowel reguliere- als in crisistijden de belangen van de inwoners van onze stad volledig te kunnen dienen.
Ralf Sluijs Hart voor Den Haag/Groep de Mos Den Haag, 18 mei 2020