E-mail van inspreker bij het agendapunt G. van de vergadering van 13 april 2023.
Tekst van het document
Maandag 7 november ’22 Geachte heer Bredemeijer, Al geruime tijd overweeg ik u te mailen. Na wikken en wegen besluit ik dat toch te doen. U bent al reeds bekend met de casus Damin Kabir, die momenteel ruim 10 maanden onterecht thuiszit. Ondanks er pogingen zijn gedaan om met u in contact te komen, heeft u dat tot nu toe afgewimpeld. U wilde na mijn eerdere verzoek ook niet om de tafel zitten, helaas. Ik ben namelijk altijd van mening, dat een kop koffie of thee en een goed gesprek (fysiek) soms wonderen kan verrichten. Helaas gold die wonder niet voor mij, maar ook niet voor Damin. U heeft in een eerder stadium aangegeven dat u geen individuele casussen behandeld noch daar iets in kan betekenen. Echter ben ik het daar niet mee eens, gezien uw positie als Wethouder waaronder voor Onderwijs. Daarnaast heeft u zich eerder gemengd in een individuele casus, echter betrof dat een casus van iemand die dicht bij u stond. Dat lijkt mij vooral meten met twee meten. Graag plaats ik een korte tekst waar uw partij (CDA) onder andere voor staat, als het gaat om onderwijs: ‘’Het CDA wil dat de duizenden kinderen die langdurig thuis zitten en geen onderwijs krijgen, zo snel mogelijk aan passend onderwijs worden geholpen. Daarom pleit CDA-Kamerlid Michel Rog om in iedere regio een coach aan te stellen die zich persoonlijk voor deze gezinnen inzet.
In 2016 werd een Thuiszitterspact ondertekend, waarin is afgesproken dat in 2020 geen enkel kind langer dan drie maanden thuis zit zonder passend onderwijs’’. ‘Elk kind dat thuiszit is er één te veel. Ieder kind, ieder gezin en iedere situatie is uniek en vraagt om maatwerk. Er is afgesproken dat in 2020 geen enkel kind langer dan drie maanden thuis zit zonder passend onderwijs. Daar zijn creatieve oplossingen nodig, in plaats van praten over systemen. Het ziet er nu naar uit dat deze doelstelling niet gehaald gaat worden. Wij willen daarom dat een coach wordt aangesteld, die niet rust tot al deze kinderen naar school gaan. Passend onderwijs heeft een menselijk gezicht nodig.’ Helaas laat de praktijk zien dat bovenstaand niet werkt. Sterker nog, scholen en schoolbesturen krijgen zelfs de ruimte om alles zodanig in te zetten zoals dat hen uitkomt. Hierin worden de kinderen en ouders vooral buitenspel gezet. Hoe kan het in een land als Nederland en onze mooie stad Den Haag, dat er kinderen zijn die onterecht worden weggestuurd. En dat onder uw toezicht als Wethouder Onderwijs, waarbij de leerplichtambtenaar, welke onder uw verantwoordelijkheid valt, het ook laat afweten.
Dan nog niet eens gesproken over SPPOH en de positie van het Bestuur binnen SPPOH, waarbij je slechts kunt concluderen, dat wanneer er casussen als die van Damin spelen, dat het vooral een situatie wordt waarbij ‘’De slager zijn eigen vlees keurt’’. Ik zie vooral een situatie met mogelijk belangenverstrengeling. Hierdoor komen ouders tegen de muur te staan, omdat je bij zowel SPPOH als bij het Bestuur geen stap verder komt. Tenslotte heeft het Bestuur bepaalde posities binnen SPPOH, waardoor het voor SPPOH ook onmogelijk wordt om hierin in het belang van het kind op te treden. Hoe krom is dat? En ondertussen kan ook de Leerplicht niks en sta je als ouder tegenover een systeem i.p.v. het school Bestuur. Als mijn kind terecht geschorst en verwijderd was, had u mij niet gehoord. Dan had ik ook geen beroep gedaan op de gemeente en zou ik er zeker geen strijd van hebben gemaakt, zoals de strijd waar wij nu intussen al bijna een jaar in leven. U zou eens moeten weten wat dat met een mens doet. Je kind onterecht zien worden weggestuurd, in alle tranen en emoties. De rollercoaster die dan daarop volgt. Elke dag een huilend kind, die niet begrijpt waarom hij niet naar school mag, nadat hij uit de klas gehaald moest worden en huilend de school verlaat. Een school notabene weigert om het kind zelf te vertellen waarom hij niet meer welkom en gewenst is.
Heeft u enig idee hoe een kind van 8 zich voelt, wanneer een school aangeeft dat je per direct niet meer welkom bent. Dat gevoel is met geen woord te beschrijven. Het is schrijnend en hartverscheurend, het breekt je hart in miljoenen stukjes omdat je als ouder elke dag opnieuw je kind moet troosten. Los van het feit dat u heeft aangegeven geen individuele casussen op te pakken, lijkt het vooral een situatie waarbij u het mogelijk lastig vindt, met name vanwege uw band met zowel het bestuur als met de
directeur van de PH Schreudersschool. Echter bent en blijft u de Wethouder Onderwijs en zouden die twee zaken gescheiden moeten zijn. Het betreft hier een casus waarbij al twee keer is uitgesproken (GPO en bezwaaradviescommissie) dat de Wet- en Regelgeving m.b.t. schorsen en verwijderen niet is nageleefd door zowel school als bestuur. Daarnaast heeft ook de Onderwijsinspectie hier intussen al het gesprek met Het Bestuur over gevoerd omdat er niet is gehandeld vanuit de wet- en regelgeving zoals dat bij de Wet is vastgelegd. Sterker nog, die regels worden aan de laars gelapt. Hoe kan het dan dat u nog steeds van mening bent, dat u niets kan betekenen in deze zaak. Ik ben namelijk van mening, daar waar u uw werk en uw band met het bestuur geschieden kunt houden, u wel degelijk van belang kunt zijn in deze casus. Ik begrijp dat het lastig is of kan zijn, zeker vanuit uw functie en de band die u heeft met het bestuur. Maar is Passend Onderwijs niet met reden in het leven geroepen. Is het niet juist om te voorkomen dat kinderen langdurig thuis komen te zitten. Al helemaal voor een kind wat komt vanuit het SBO? Daarnaast bestaat er een routeboek thuiszitters vanuit SPPOH, waarin wordt aangegeven dat leerlingen niet langer dan drie maanden horen thuis te zitten. Echter spreken wij hier al over een situatie van bijna een jaar.
Damin heeft niet alleen achterstand in het halfjaar die hij gemist heeft in groep 3 (tevens belangrijkste jaar), maar loopt nu intussen ook achterstand op in groep 4. Dit is enorm schadelijk voor zijn ontwikkeling, maar niemand lijkt de verantwoordelijkheid te willen nemen. Sterker nog, nadat hij onterecht is weggestuurd waarbij de wet duidelijk niet is nageleefd, had het ieder betrokkenen gesierd om dan in ieder geval particulier onderwijs te bekostigen. Achterstand in de ontwikkeling, het niet naar school kunnen gaan heeft ook enorme nadelige gevolgen voor in de toekomst. Wie neemt daarin de verantwoordelijkheid? Daarnaast zijn er bij SPPOH-mogelijkheden als Adviestafel en Doorbraaktafel, maar ook dat is nooit ingezet. Spreken wij intussen van onmacht, onkunde of onwil? Ik weet het niet meer, maar 1 ding is duidelijk, dat alle mogelijkheden die er zijn, niet benut worden. Wat vervolgens ten koste van de ontwikkeling van het kind gaat. U bent Wethouder Onderwijs en u staat hopelijk voor gelijkheid binnen het onderwijs. Sterker nog, gelijkheid binnen de samenleving. Maar hoe kan die gelijkheid geboden worden, als dat op jonge leeftijd al van je wordt afgenomen? Hoe kan er nog van Damin verwacht worden dat hij de achterstand, die steeds groter wordt, nog gaat inhalen met alle gevolgen van dien. Nogmaals, ik doe u deze brief doen toekomen vanuit een noodkreet.
Een noodkreet die ik al sinds januari bij alle betrokkenen op tafel probeer te krijgen. Ik probeer ook voor mijn zoon te vechten voor het recht op onderwijs. Recht op onderwijs, wat normaliter een gegeven moet zijn, daar moet ik nu voor strijden. Een gevecht dat onterecht is. Ik hoop uw aandacht te hebben met deze brief. Ik hoop dat u bereid bent om Damin te helpen. Ik doe er als moeder alles aan en grijp alle mogelijkheden om hier de aandacht voor te vragen en te krijgen. Los van uw wethouderschap, hoop ik dat dit uw aandacht trekt, alleen op menselijkheid richting de ander. In dit geval de lieve, gezellige, enthousiaste en sympathieke Damin, een jonge van intussen 9 jaar. Die ondanks alle ellende elke dag weer vrolijk is ondanks de verdrietige momenten, niet klaagt, maar wel duizend keer per dag vraagt wanneer hij eindelijk weer naar school mag. Eren vraag die niet gesteld moet worden, maar een gegeven zou moeten zijn zoals elk kind er recht op heeft. Die jongen die niet gezien of gehoord wordt door alle betrokkenen. Intussen zoveel betrokkenen, maar niemand die het verschil maakt. Damin en zijn ouders geloven in eerlijkheid, rechtvaardigheid en in de rechten van het kind. En ook Damin heeft rechten. En hoop dat u dat in ieder geval kunt erkennen en daarmee Damin terug in de schoolbanken krijgen.
Daar waar hij hoort, zodat ook hij zich weer kan ontwikkelen en verder kan groeien.