CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage - Notitie betrokkenheid raden bij de MRDH - algemene versie

Commissie Leefomgeving 21 september 2023, gemeente Den HaagBij agendapunt: Sturen op de Gemeenschappelijke Regeling MRDH1.919 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Westersingel 12 Postbus 21012 3001 AA Rotterdam Telefoon 088 5445 100 E-mail: informatie@MRDH.nl Internet: www.mrdh.nl Bankrekeningnummer: NL96 BNGH 0285 1651 43

MEMO

Aan Van Telefoon

KvK nummer:62288024

Coordinatorenoverleg MRDH Jos Wassens

CC

Onderwerp

Datum

2 mei 2023

Betrokkenheid raadsleden bij de MRDH

Inleiding De betrokkenheid van gemeenteraden bij de Metropoolregio Rotterdam Den Haag is voor diverse gemeenten, waaronder de gemeente Den Haag, een terugkerend aandachtspunt. Zowel in de eerste als de tweede tussenevaluatie van de Gemeenschappelijke Regeling zijn aanbevelingen opgenomen om de betrokkenheid van gemeenteraden te verbeteren. In de praktijk hebben deze aanbevelingen tot verbeteringen geleid, maar de inzet om zowel raadsleden die in de adviescommissies zitten als raadsleden op afstand goed betrokken te houden bij de MRDH blijft een voortdurende opgave. Verdere versterking van de betrokkenheid van raden bij de MRDH vraagt zowel iets van de werkorganisatie MRDH als leden van de Ac’s als gemeenteraden (met de burgemeesters als vertegenwoordiger daarvan in het algemeen bestuur. In deze notitie wordt beschreven hoe in de huidige Gemeenschappelijke Regeling (GR) de betrokkenheid van raadsleden geborgd is, met daarbij ook de achterliggende gedachte van de huidige gekozen vorm van governance. Daarnaast wordt geschetst welke mogelijkheden gemeenteraden hebben om invloed uit te oefenen op de besluitvorming binnen de Gemeenschappelijke Regeling van de MRDH, zowel direct (via de bestuurlijke gremia van de MRDH) als indirect (via de eigen gemeenteraden).

Als slot wordt in deze notitie kort ingegaan op de wens van een aantal gemeenten om te onderzoeken of met het instellen van bijvoorbeeld een Regioraad de betrokkenheid van gemeenteraden vergroot kan worden. Deze notitie betreft een zo technisch mogelijke omschrijving van de werking van de GR van de MRDH en de betrokkenheid van raadsleden. De notitie heeft tot doel om raadsleden meer inzicht te geven in de mogelijkheden die zij hebben om bij te sturen. Deze notitie gaat nadrukkelijk niet in op voorstellen om de GR van de MRDH te wijzigen. Gemeenschappelijke Regeling 2015 In de toelichting behorende bij de Gemeenschappelijke Regeling zoals die in 2014 is vastgesteld is uitvoerig beschreven hoe gemeenteraden invloed uit kunnen oefenen op het functioneren van de MRDH. In de toelichting is duidelijk omschreven dat gemeenteraden een belangrijke rol hebben waar het gaat om de invulling en werking van de GR. Het volgende is onder meer opgenomen:

1

•

•

• •

•

De gemeenteraden besluiten samen met de colleges en burgemeesters tot het aangaan van de regeling, en over de doelen van de samenwerking en het takenpakket. In artikel 3:1 is verankerd dat de juridische basis van de metropoolsamenwerking beperkt is tot verkeer & vervoer en economisch vestigingsklimaat. De gemeenteraden organiseren voor een belangrijk deel zelf de betrokkenheid bij de metropoolbesluitvorming en de rol van hun vertegenwoordiger daarin. Er worden al best practices uitgewisseld tussen gemeenteraden en er zijn initiatieven om hier van elkaar te leren. Gemeenteraden zouden desgewenst kunnen bepalen dat de vertegenwoordiger in het algemeen bestuur eerst ruggespraak moet plegen voordat kan worden gestemd in het algemeen bestuur (art. 2:3 lid 2). Het voorstel is dat gemeenteraden een collegelid aanwijzen als lid van het algemeen bestuur. Dit is overigens niet verankerd in de gemeenschappelijke regeling, zodat er altijd een keuzevrijheid blijft. Benoeming van een collegelid bevordert de politieke verantwoording in de eigen raden. Het past nu eenmaal beter in de verhoudingen tussen raad en college, indien een collegelid in de eigen raad ter verantwoording wordt geroepen over zijn of haar rol in de metropoolsamenwerking dan wanneer een raadslid uit de eigen raad ter verantwoording wordt geroepen.

Deze democratische verantwoordingslijn past ook beter bij de wijze waarop de raad de eigen bevolking vertegenwoordigt en de manier waarop bewoners van de eigen gemeenten de overheid aanspreken op de besluitvorming in de metropoolsamenwerking. Daarnaast kan een raad te allen tijde besluiten een portefeuillehouder, zoals die van verkeer en vervoer, uit te nodigen voor het geven van een toelichting in een raadscommissie of raadsvergadering. Zo kan een raad zich een beter oordeel vormen over zaken die zij van politiek-bestuurlijk belang vinden. Tot slot kunnen raadsleden gebruik maken van de instrumenten die zij ook in hun eigen raad ter beschikking hebben zoals het stellen van schriftelijke vragen. Het algemeen bestuur van de MRDH kan er tevens voor kiezen om adviescommissies te vormen die bestaan uit raadsleden van de deelnemende gemeenten. Dat zal in elk geval gebeuren voor de Vervoersautoriteit en het economisch vestigingsklimaat. Dat geeft raadsleden de mogelijkheid rechtstreeks met elkaar en met het algemeen bestuur en/of de Vervoersautoriteit de dialoog aan te gaan.

Sturingsmogelijkheden raadsleden In de Gemeenschappelijke Regeling zijn de volgende sturingsmogelijkheden opgenomen voor gemeenteraden: • De leden van het algemeen bestuur worden verplicht om verantwoording af te leggen aan de raad die hen heeft aangewezen en er is duidelijk gemaakt dat het lid kan worden ontslagen indien de raad het vertrouwen in dat lid verliest (artikel 2:2 en 2:3 lid 5); • Het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur, de voorzitter en de bestuurders in de Vervoersautoriteit zijn verplicht gevraagd en ongevraagd de raad te informeren (artikel 2:2 lid 1); • Omdat de wet het toekennen aan de gemeenteraden van toestemmingsrecht of goedkeuringsrecht niet mogelijk maakt, is de zienswijzenprocedure de juridisch zwaarst mogelijke variant van het vooraf betrekken van de gemeenteraden bij de metropoolsamenwerking. Voor belangrijke besluiten is bepaald dat een zienswijzenprocedure moet worden gevoerd. De gemeenteraden worden in ieder geval verplicht vooraf betrokken bij de volgende besluiten: o de strategische agenda, bedoeld in artikel 3:2 lid 1; o het werkplan, bedoeld in artikel 3:2 lid 3; o het overdragen van bevoegdheden door het algemeen bestuur aan het dagelijks bestuur, bedoeld in artikel 3:3 lid 3; o de strategische bereikbaarheidsagenda; o het regionaal verkeer- en vervoersplan, ingevolge de Planwet verkeer en vervoer; 2

het programma van eisen voor de verlening van een vervoersconcessie; o de uitgangspunten voor de dienstregeling voor het openbaar vervoer; o het treffen, wijzigen of opheffen van een gemeenschappelijke regeling, alsmede het toetreden tot of uittreden uit een gemeenschappelijke regeling; o het oprichten van of deelnemen in een vereniging, coöperatie, onderlinge waarborgmaatschappij, naamloze of besloten vennootschap, stichting, vennootschap onder firma of maatschap; o het vaststellen en wijzigen van de begroting, overeenkomstig het bepaalde in artikel 35 Wgr; o het liquidatieplan bij uittreding en opheffing, en o de instelling van de adviescommissie Vervoersautoriteit en de adviescommissie inzake het economisch vestigingsklimaat. o Daarnaast kan het AB besluiten dat ook andere besluiten worden onderworpen aan de zienswijzenprocedure. De vertegenwoordigers van de gemeenten in het algemeen bestuur hebben het recht van initiatief, amendement en motie (artikel 2:4). De rekenkamer of rekenkamerfunctie van elke deelnemende gemeente kan het metropoolbestuur controleren en verslag aan de eigen raad uitbrengen. Er is een ombudsman aangewezen die klachten over het metropoolbestuur in behandeling neemt (artikel 5:4). De regeling wordt vijfjaarlijks geëvalueerd, twee jaar na inwerkingtreding voor het eerst (artikel 8:1).

Deze evaluatie wordt uiteraard aan de gemeenteraden gezonden Er is voorzien in een uittredingsregeling (artikel 6:2). Er wordt een adviescommissie voor de Vervoersautoriteit ingesteld met raadsleden en eventueel een of meer leden van provinciale staten van Zuid-Holland (artikel 2:8 lid 2). Er wordt een adviescommissie voor het economisch vestigingsklimaat ingesteld met raadsleden en eventueel een of meer leden van provinciale staten van Zuid-Holland (artikel 2:8 lid 2). In het reglement van orde van het algemeen bestuur is bepaald dat belanghebbenden kunnen inspreken en het recht krijgen om opinies over metropoolaangelegenheden onder de aandacht te brengen van het algemeen bestuur. Op grond van de Wet gemeenschappelijke regelingen dient het bestuur de raden de gelegenheid te bieden zienswijzen in te brengen met betrekking tot de concept begroting (art. 35 Wgr) en het voornemen tot instelling van bestuurscommissies (art. 25 lid 2 Wgr). Kortom, in de Gemeenschappelijke Regeling zijn diverse en ruime mogelijkheden opgenomen voor raadsleden om te sturen op de werkwijze van de GR MRDH. o

• • • • • • • • •

Rol van de adviescommissies De meest zichtbare gremia voor raadsleden zijn de zogeheten adviescommissie. Deze commissies, elk bestaande uit twee raadsleden per gemeenten (in totaal dus 42 leden per commissie) kunnen, vanuit regionaal perspectief, gevraagd en ongevraagd advies uitbrengen over besluiten die genomen worden door het algemeen bestuur of de Bestuurscommissies. Deze adviezen worden door het AB en/of de Bestuurscommissies (Bc’s) betrokken bij de besluitvorming en voorzien van een beantwoording door het AB of de Bc’s. Er zijn tal van voorbeelden van advisering over grote dossiers: • • •

Corona en OV: de adviescommissies zijn nauw betrokken geweest bij voorstellen om het OV overeind te houden, het Transitieprogramma OV en de herijkingsvoorstellen Strategische Agenda: de adviescommissies zijn nauw betrokken geweest bij het bepalen van de koers en de vertaling van de koers naar concrete opdrachten. Tussenevaluaties van de GR: de adviescommissies zijn nauw betrokken geweest bij conclusies en aanbevelingen om de werking van de GR te verbeteren.

In al deze gevallen heeft het bestuurlijk verantwoordelijk gremium voorstellen van de Adviescommissies (Ac’s) overgenomen. Kortom: de adviezen van de Ac’s doen ertoe. De 3

adviescommissies kunnen ook ongevraagd advies uitbrengen over thema’s die in de regio spelen. Daarnaast werken de Ac’s sinds kort met themabijeenkomsten om kennis uit te wisselen en zo de onderlinge samenwerking te versterken. Deze rol van de Ac’s is volop in ontwikkeling, vooral de agenderende rol van Ac-leden wordt nog weinig benut. Als werkorganisatie zoeken we continu naar mogelijkheden om de werking van de Adviescommissies te verbeteren. Daarbij is er een collectieve verantwoordelijkheid: zowel de leden van de commissies als de werkorganisatie hebben een rol in het steeds verbeteren van de werking van de Adviescommissies. Betrokkenheid raadsleden via klankbordgroepen In veel gemeenten zijn klankbordgroepen ingericht. Deze klankbordgroepen hebben als taak eenduidig en vanuit lokaal perspectief een goede bijdrage te leveren aan de beleidsontwikkeling en -uitvoering van de MRDH. Goede voorbeelden zijn de klankbordgroepen van de gemeente Delft en de gemeente Krimpen a/d IJssel en het Haags MRDH-overleg. Vanuit een heldere eigen agenda leveren deze gemeenten met een kritische blik een actieve en constructieve bijdrage aan de werking van de GR MRDH.

Dit is niet alleen voor de MRDH prettig, raadsleden die niet direct zitting hebben in één van de adviescommissies kunnen op deze wijze kennisnemen van wat er binnen de MRDH gebeurt en waar nodig bijsturen richting de vertegenwoordigers in de Ac’s, maar ook in de Bc’s en het AB. Kortom, gemeenten hebben zelf een belangrijke rol waar het gaat om het functioneren van de Gemeenschappelijke Regeling MRDH. Als werkorganisatie leveren we hier een bijdrage aan door gesprekken over best practices te faciliteren en waar nodig aan te schuiven bij de klankbordgroepen, bijvoorbeeld om een toelichting te geven over initiatieven van de MRDH. Verantwoording bestuurders aan de gemeenteraad Naast het inrichten van klankbordgroepen hebben raadsleden ook via hun reguliere instrumentarium de mogelijkheid om bestuurders aan de voorkant van processen kaders mee te geven, bij te sturen door bestuurders op regelmatige basis te bevragen over hoe processen lopen binnen de MRDH en, indien nodig, ter verantwoording te roepen als de bestuurder naar de mening van de raad het gemeentelijk belang onvoldoende is ingebracht bij de MRDH. In de praktijk maken gemeenteraden hier in beperkte mate gebruik van. Daarnaast hebben gemeenteraden, zoals ook al eerder benoemd, door middel van het indienen van zienswijzen invloed op de belangrijkste producten van de MRDH.

Daarbij zoekt de MRDH altijd de balans tussen het regionale belang en het lokale perspectief. Raadsleden kunnen zienswijzen benutten om hun bestuurders met een heldere boodschap op pad te sturen richting de betreffende gremia. De bestuurders hebben een actieve informatieplicht richting hun raden.

4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13166045/1