Advies Referendumcommissie Den Haag 25 november 2024
Tekst van het document
Commissie van advies en toezicht Referendum Den Haag Onderwerp: advies over toepassing uitzonderingsgronden voorstel burgerinitiatief in het kader van de Referendumverordening startnotitie Den Haag. Cc: Gemeenteraad Den Haag Geachte heer Van den Berg, Op 22 november 2024 ontving de Commissie van advies en toezicht referendum, hierna: de Referendumcommissie, uw verzoek om advies (zie bijlage 1). U vraagt ons of het onderwerp van uw initiatief in het licht van de geldende Referendumverordening startnotitie toegestaan is als onderwerp van een adviserend referendum in Den Haag, in het bijzonder voor wat betreft de uitsluitingsgronden zoals genoemd in artikel 3. In onderstaand advies behandelen we het volgende. In paragraaf 1 gaan we in op uw adviesaanvraag. Vervolgens geven wij een korte toelichting op de Referendumverordening startnotitie (paragaaf 2), waarna we ingaan op een van de uitzonderingsbepalingen in de Referendumverordening (paragraaf 3). In paragrafen 4 en 5 schetsen we vervolgens kort een bredere context. Paragraaf 6 sluit af met een conclusie en advies. 1. Adviesaanvraag In de gemeente Den Haag is de Referendumverordening startnotitie sinds 12 augustus 2004 van kracht. De leden van de Referendumcommissie zijn op 14 november 2024 geïnstalleerd.
Op grond van artikel 8 lid 4 van deze Referendumverordening startnotitie kan “de commissie worden geraadpleegd over uitzonderingsbepalingen van artikel 3 door degenen die een initiatief als bedoeld in artikel 5 overwegen.” De verordening noemt geen exact moment voor het aanvragen van een advies. Het woord ‘overwegen’ suggereert dat er voorafgaand aan het proces advies wordt ingewonnen. Aangezien dit feitelijk niet mogelijk was en zich nu pas een eerste moment voordoet, heeft de Referendumcommissie alles overwegende besloten om tegemoet te komen aan uw verzoek om advies uit te brengen op grond van de verordening. Daarnaast heeft de Referendumcommissie kennis genomen van de Verordening op het burgerinitiatief van 1 maart 2011 en het advies van HBR advocaten van 13 november 2024 over het onderwerp. 2. Referendumverordening startnotitie Het uitgangspunt is dat initiatieven vanuit de gemeenteraad of burgers (middels een burgerinitiatief) referendabel zijn conform artikel 4 en 5 van de verordening, tenzij een of meer uitzonderingsgronden van toepassing zijn. De uitzonderingen zijn geregeld in artikel 3 a t/m j van de Referendumverordening. Indien het verzoek op basis van een burgerinitiatief in voldoende mate wordt ondersteund en toelaatbaar is op grond van artikel 3, wordt binnen een bepaalde termijn door de gemeenteraad een startnotitie geagendeerd. 1
Het burgerinitiatief van 12 september 2024 ziet toe op het houden van een referendum aan de hand van een startnotitie waarin inwoners zich kunnen uitspreken voor of tegen de uitbreiding van betaald parkeren in Den Haag. Het huidige beleidskader is vastgelegd in de parkeerstrategie Den Haag 2021 – 2030. De voorgenomen uitbreiding maakt hier nog geen onderdeel van uit. Artikel 3c bepaalt dat geen referendum gehouden kan worden “(...) over de vaststelling van de gemeentelijke begroting en rekening en over de gemeentelijke belastingen.” Het advies van de Referendumcommissie gaat in op deze uitzonderingsgrond. Naar de mening van de commissie zijn de overige uitzonderingsgronden niet van toepassing. 3. Uitzondering artikel 3c ‘over de vaststelling van de gemeentelijke begroting en rekening en over de gemeentelijke belastingen’. Uitzonderingsgrond 3c betreft een gangbare uitzonderingsgrond in referendumverordeningen en ziet in beginsel toe op de jaarlijkse vaststelling van de begroting en belastingverordeningen. De reden dat deze zijn uitgezonderd van een referendum is dat de inkomsten en uitgaven met elkaar in evenwicht dienen te zijn en een mogelijk referendum ertoe kan leiden dat dit niet meer het geval is. Daarnaast gelden er wettelijke termijnen die zich niet verhouden tot de doorlooptijd van het referenduminstrument.
De jaarlijkse vaststelling van de begroting, belasting en tarieven is onder meer geregeld in artikel 212, 216, 217 en 229 Gemeentewet. Artikel 216 Gemeentewet luidt in deze als volgt: “De gemeenteraad besluit tot het invoeren, wijzigen of afschaffen van gemeentelijke belasting door het vaststellen van een belastingverordening.” Het burgerinitiatief vraagt om inwoners te raadplegen over een door het college voorgestelde beleidswijziging op het gebied van gereguleerd parkeren, te weten de invoering van betaald parkeren in de gehele stad. Een mogelijk raadsbesluit tot wijziging van de parkeerstrategie 2021-2030 kan weliswaar gevolgen hebben voor het in de toekomst heffen en innen van gemeentebelastingen, maar gaat nu over een mogelijke wijziging van de parkeerstrategie van Den Haag en een voorgestelde beleidskeuze ten aanzien van het parkeerbeleid. Het burgerinitiatief ziet niet toe op gemeentebelastingen in de zin van een verordening die de belastingen en concrete tarieven daadwerkelijk invoert en vaststelt. Een vervolgvraag is mogelijk of de uitzonderingsgrond zover reikt dat alle onderwerpen die de gemeentebelastingen (zouden kunnen) raken, hieronder vallen. De uitzonderingsgronden in de Referendumverordening dienen naar het inzien van de Referendumcommissie evenwel restrictief te worden opgevat.
Dat zou anders een aanzienlijke verruiming van de uitzonderingsgrond inhouden, en daarmee een inperking van het recht dat de gemeenteraad aan de inwoners heeft gegeven. 2
Gelet op bovenstaande is de Referendumcommissie van mening dat dat de uitzonderingsgrond 3c weliswaar spreekt over gemeentebelastingen, maar dat deze niet zover reikt dat ook beleidswijzigingen op gebied van parkeerregulering zijn uitgezonderd. 4. Recente ontwikkelingen inzake referendumverzoeken in Nederland In Nederland zijn de afgelopen periode diverse referendumverzoeken ingediend op het gebied van de uitbreiding van betaald parkeren, zoals in Utrecht, Katwijk en Haarlem. Tegen de achtergrond dat iedere gemeente een eigen verordening en politiek-bestuurlijke context kent, laten deze tegelijkertijd een ontwikkeling in de praktijk zien die is meegewogen in dit advies. 5. Modelverordening VNG De modelverordening van de VNG is in dit kader niet van toepassing, aangezien de Referendumverordening startnotitie in Den Haag van kracht is. Advies De Referendumcommissie constateert dat er inderdaad sprake is van een onderwerp op het gebied van de (parkeer)belastingen, echter niet in de zin van het (daadwerkelijk) vaststellen van gemeentelijke belastingen en tarieven. De uitzonderingsgrond voert met andere woorden naar het inzien van de Referendumcommissie niet zo ver, dat ook beleidswijzigingen op het gebied van parkeerregulering hieronder vallen. Alles overwegende komt de Referendumcommissie tot het advies dat de uitzonderingsgrond 3c niet van toepassing is.
Hieruit vloeit voort dat een referendum over het burgerinitiatief aan de hand van een (nog op te stellen) startnotitie mogelijk is op grond van de verordening Referendum startnotitie. Tot slot Tot slot permitteert de Referendumcommissie zich een aanvullend advies in het algemeen, namelijk dat de Referendumverordening van Den Haag is verouderd en gebaat bij een actualisering. De Referendumcommissie hoopt u tot slot van dienst te zijn geweest met haar advies. Met vriendelijke groet, De referendumcommissie, namens deze, De voorzitter M.R. (Marië) Fabbricotti
De secretaris T.E. (Thomas) Bolding
3
Bijlage 1 – verzoek om advies initiatiefnemer “Geachte referendumcommissie, beste leden van de raad, De koninklijke weg qua adviseren over de referendabelheid van het referendum over de uitbreiding van betaald parkeren loopt natuurlijk via de referendumcommissie, die er precies voor is om te adviseren in alle referendumzaken. Zie ook de slotzin in het bericht van de gemeente, waarin expliciet naar de commissie wordt verwezen als het gaat om vragen over de uitsluitingsgronden. (1) Mijn verzoek aan de referendumcommissie is dan ook om te komen met een advies betreffende onderstaande vraag: ‘Is het betreffende onderwerp in het licht van de geldende Referendumverordening Startnotitie, in het bijzonder de uitsluitingsgronden zoals genoemd in artikel 3, toegestaan als onderwerp van een adviserend referendum binnen de gemeente Den Haag?’” (1) https://www.denhaag.nl/nl/gemeenteraad/nieuws-gemeenteraad/haagse-raadbenoemt-leden-referendumcommissie/
4