20250918-RIS323018 Voorstel van het college inzake Verzoek om bindend advies voor omgevingsvergunning tuinhuis Jozef Israëlslaan 51
Tekst van het document
Datum
Ons Kenmerk
2 september 2025
DSO/10898111 RIS323018
Voorstel van het college inzake Verzoek om bindend advies voor omgevingsvergunning tuinhuis Jozef Israëlslaan 51 Op 14 februari 2025 is een aanvraag omgevingsvergunning gedaan voor het plaatsen van een tuinhuis met overkapping in de tuin bij het perceel van Jozef Israëlslaan 51. De voorgenomen activiteit is in strijd met het omgevingsplan en daarom een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA). Op basis van de toetsing van de activiteit op alle relevante aspecten voor de fysieke leefomgeving is het college van oordeel dat de activiteit voldoet aan een ‘evenwichtige toedeling van functies aan locaties’ (ETFAL). Omdat het uitgangspunt van de Omgevingswet is dat er ruimte moet worden gegeven aan initiatieven in de leefomgeving (ja, mits benadering) en het plan voldoet aan een ‘evenwichtige toedeling van functies aan locaties’ (ETFAL), heeft het college het voornemen om een vergunning te verlenen voor de aangevraagde activiteit. Op 29 april 2023 (RIS313814) heeft de gemeenteraad een lijst vastgesteld van categorieën BOPA’s waarvoor het college een bindend advies aan de raad moet vragen.
De aangevraagde activiteit valt in de categorie 1.2.c: ‘het realiseren, veranderen en uitbreiden van bouwwerken binnen het gemeentelijke- of rijksbeschermde stadsgezichten, met een vermeerdering van de hoogte en/of het bebouwd oppervlak van bestaande gebouwen met meer dan 30% ten opzichte van wat is toegestaan in het omgevingsplan’. Daarom vraagt het college de gemeenteraad om advies of de activiteit voldoet aan een ‘evenwichtige toedeling van functies aan locaties’ (ETFAL). Het advies is bindend voor het besluit van het college op de aanvraag omgevingsvergunning. Bij een positief advies van de raad verleent het college de vergunning. Bij een negatief advies van de raad weigert het college de vergunning op basis van een onderbouwing van de raad waarom het plan niet voldoet aan een ‘evenwichtige toedeling van functies aan locaties’ (ETFAL). Hieronder volgt een korte omschrijving van het initiatief en de uitkomst van de beoordeling van de voor de activiteit relevante aspecten. Initiatief en procedure De activiteit waarvoor een omgevingsvergunning is aangevraagd, betreft het plaatsen van een tuinhuis met overkapping in de tuin bij het perceel op het adres Jozef Israëlslaan 51 te Den Haag. De activiteit past niet in de bouw- en gebruiksregels van het Omgevingsplan gemeente Den Haag (bestemmingsplan ‘Benoordenhout’) omdat het tuinhuis buiten het bouwvlak valt.
Omdat de activiteit niet past in het omgevingsplan is er sprake van een BOPA. Het besluit op de aanvraag wordt voorbereid volgens de reguliere voorbereidingsprocedure. De beslistermijn voor deze aanvraag bedraagt maximaal 8 weken. Het college heeft de activiteit beoordeeld op een ‘evenwichtige toedeling van functies aan locaties’ (ETFAL). Op alle relevante aspecten valt de beoordeling positief uit. Omdat het uitgangspunt van de Omgevingswet is dat er ruimte moet worden gegeven aan initiatieven in de leefomgeving (ja, mits benadering) en het plan voldoet aan een ‘evenwichtige toedeling van functies aan locaties’ (ETFAL) vindt het college dat dat de vergunning kan worden verleend.
Gemeente Den Haag
Spui 70 Den Haag
Postbus 12600 2500 DJ Den Haag
T 14070 www.denhaag.nl
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10898111
Dit is alleen mogelijk met een positief advies van uw raad over de gevraagde buitenplanse omgevingsplanactiviteit. Bij een negatief advies vragen wij uw raad om een nadere motivering waarom niet wordt voldaan aan een ‘evenwichtige toedeling van functies aan locaties’ (ETFAL). Beoordeling Hierna volgt de beoordeling van de aspecten voor zover die relevant zijn voor de afweging of sprake is van een ‘evenwichtige toedeling van functies aan locaties’ (ETFAL). Planologie De planologische beoordeling is positief en vormt geen belemmering om de vergunning te verlenen. Het initiatief is gelegen in het Rijksbeschermd stadsgezicht ‘Benoordenhout’. Het vigerende omgevingsplan Benoordenhout (voormalig bestemmingsplan ‘Benoordenhout’) strekt mede tot bescherming daarvan. Benoordenhout bestaat overwegend uit bouwblokken met een ruim opgezet binnenterrein en opengewerkte hoeken, waardoor op het binnenterrein licht en lucht wordt ervaren. Het bouwblok waar het initiatief onderdeel van is bestaat uit overwegend drie lagen met een plat dak. Typerend voor het bouwblok zijn de diepe achtertuinen aan één zijde (Jozef Israëlslaan) die bijdragen aan het open en groen karakter van het binnenterrein. Bijgebouwen op het binnenterrein bestaan overwegend uit vrijstaande ondergeschikte volumes die zich beperken in omvang en maat.
Het initiatief beoogt het plaatsen van een tuinhuis met overkapping op het achter terrein. Het initiatief beoogt het plaatsen van een tuinhuis aan de achterzijde van het achter terrein, over de gehele perceelbreedte, met een oppervlakte van ca. 25 m2 en een hoogte van 2,5 meter. Het beoogde tuinhuis is strijdig met het vigerend Omgevingsplan Den Haag (voormalig bestemmingsplan ‘Benoordenhout’) waarin staat dat volgens de bouwregels aan-en bijgebouwen niet zijn toegestaan. Ten tijde van het opstellen van het bestemmingsplan Benoordenhout was het mogelijk om in Rijksbeschermde stadsgezichten bijbehorende bouwwerken in achtertuinen vergunningsvrij te realiseren. Daarom is geen nadere specifieke regeling voor deze bouwwerken in achtertuinen in het bestemmingsplan Benoordenhout opgenomen. Met de wetswijziging van 1 november 2014 van het vergunningsvrij bouwen in bijlage II van het Besluit omgevingsrecht is het niet meer mogelijk om vergunningsvrij bijbehorende bouwwerken in Rijksbeschermde stadsgezichten te bouwen, tenzij het bestemmingsplan dat expliciet toelaat. Omdat er geen regeling voor bijgebouwen is opgenomen in het bestemmingsplan Benoordenhout is een afwijking van de planregels vereist.
Om medewerking te verlenen aan deze afwijking hanteren we hierbij de regeling voor bijbehorende bouwwerken die in de recente bestemmingsplannen voor Rijksbeschermde stadsgezichten is opgenomen. Deze regeling is afgeleid van de landelijke regeling voor bijbehorende bouwwerken, maar biedt minder mogelijkheden dan de landelijke regeling. Aangezien het gaat om Rijksbeschermde stadsgezichten is het bebouwen van erven gebonden aan lagere percentages en zijn aanbouwen toegestaan tot een maximale diepte van 4m. Gezien de aanzienlijke diepte van de achtertuinen blijft het groene karakter van het binnenterrein grotendeels behouden. Het voorstel is acceptabel vanwege de beperkte diepte van het bijgebouw in verhouding tot de grootte van de bestaande tuin. Het bijgebouw, bestaande uit een tuinhuis en veranda met een open karakter, heeft geen significante stedenbouwkundige impact op de directe omgeving. Daarnaast zijn soortgelijke initiatieven, zoals Jozef Israëlslaan 49 (tuinhuis met veranda en vergelijkbaar in omvang en positie) recentelijk gerealiseerd, na vaststelling van het vigerend Omgevingsplan (voormalig bestemmingsplan ‘Benoordenhout’).
2/6
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10898111
De bouwhoogte van het initiatief is ca. 0,3 meter hoger dan het gerealiseerde op nummer 49, maar door het minieme verschil is ook hier geen sprake van een negatieve ruimtelijke impact. Gezien bovenstaande stedenbouwkundige overwegingen is het initiatief hier ruimtelijk voorstelbaar. Stedenbouw De stedenbouwkundige beoordeling is positief en vormt geen belemmering om de vergunning te verlenen. Het initiatief is gelegen in het Rijksbeschermd stadsgezicht ‘Benoordenhout’ (d.d. 29 oktober 1996). Het vigerende omgevingsplan Benoordenhout (voormalig bestemmingsplan ‘Benoordenhout’) strekt mede tot bescherming daarvan. Benoordenhout bestaat overwegend uit bouwblokken met een ruim opgezet binnenterrein en opengewerkte hoeken, waardoor op het binnenterrein licht en lucht wordt ervaren. Het bouwblok waar het initiatief onderdeel van is bestaat uit overwegend drie lagen met een plat dak. Typerend voor het bouwblok zijn de diepe achtertuinen aan één zijde (Jozef Israëlslaan) die bijdragen aan het open en groene karakter van het binnenterrein. Bijgebouwen op het binnenterrein bestaan overwegend uit vrijstaande ondergeschikte volumes die zich beperken in omvang en maat. Het initiatief beoogt het plaatsen van een tuinhuis met overkapping op het achter terrein.
Het initiatief beoogt het plaatsen van een tuinhuis op de achterzijde van het achterterrein, over de gehele perceelbreedte, met een oppervlakte van ca. 25 m2 en een hoogte van 2,5 meter. Het beoogde tuinhuis is strijdig met het vigerend Omgevingsplan Den Haag (voormalig bestemmingsplan ‘Benoordenhout’) waarin staat dat volgens de bouwregels aan-en bijgebouwen niet zijn toegestaan. Gezien de aanzienlijke diepte van de achtertuinen blijft het groene karakter van het binnenterrein grotendeels behouden. Het voorstel is acceptabel vanwege de beperkte diepte van het bijgebouw in verhouding tot de grootte van de bestaande tuin. Het bijgebouw, bestaande uit een tuinhuis en veranda met een open karakter, heeft geen significante stedenbouwkundige impact op de directe omgeving. Daarnaast zijn soortgelijke initiatieven, zoals Jozef Israëlslaan 49 (tuinhuis met veranda en vergelijkbaar in omvang en positie) recentelijk gerealiseerd, na vaststelling van vigerend Omgevingsplan (voormalig bestemmingsplan ‘Benoordenhout’). De bouwhoogte van het initiatief is ca. 0,3 meter hoger dan het gerealiseerde op nummer 49, maar door het minieme verschil is ook hier geen sprake van een negatieve ruimtelijke impact. Gezien bovenstaande stedenbouwkundige overwegingen is het initiatief hier ruimtelijk voorstelbaar.
Verdere eisen met betrekking tot de uitvoering en materialisatie van de uitbouw worden ter advisering voorgelegd aan de Welstands- en Monumentenzorgcommissie Welstand De Adviescommissie omgevingskwaliteit en cultureel erfgoed Den Haag heeft aan de hand van de Welstandsnota geoordeeld dat het plan voldoet aan redelijke eisen van welstand. De beoordeling op het aspect welstand vormt geen belemmering om de vergunning te verlenen. Het bouwplan is getoetst aan de Welstandsnota. De commissie kan instemmen met de voorgestelde vormgeving van de overkapping en het tuinhuis. Deze is voldoende terughoudend en daardoor passend bij de bebouwing in dit binnengebied.
3/6
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10898111
Cultuurhistorie De Adviescommissie omgevingskwaliteit en cultureel erfgoed Den Haag heeft geoordeeld dat het plan het behoud en de bescherming van de cultuurhistorische waarden van Rijksbeschermd Stadsgezicht ‘Benoordenhout’ voldoende in acht neemt. De beoordeling op het aspect cultuurhistorie vormt geen belemmering om de vergunning te verlenen. Het bouwplan is beoordeeld in het kader van de dubbelbestemming ‘Waarde-Cultuurhistorie’. De commissie kan instemmen met het maken van een tuinhuis en een overkapping achter op het perceel van de woning. Door het open karakter van de overkapping wordt de achterzijde niet geheel dicht gebouwd. De tuin blijft nog voldoende open. Het geheel vormt hierdoor geen aantasting van het beschermd stadsgezicht. Monumentenzorg Het bouwplan is gelegen in het Rijksbeschermde stadsgezicht ‘Benoordenhout’. Benoordenhout wordt gekenmerkt door een grote mate van harmonie zonder dat gesproken kan worden van uniforme bebouwing. Het groen in de wijk is een van de belangrijke kwaliteiten in de wijk. Met de voorgestelde bebouwing van de tuin blijft de tuin voldoende open om het groene en open karakter te behouden. Het bouwplan vormt geen aantasting van de cultuurhistorische waarden van het beschermd stadsgezicht. Participatie De aanvraag betreft een BOPA. Daarvoor is participatie door uw raad verplicht gesteld (RIS313814).
De aanvrager heeft voor de indiening van de aanvraag participatie ingevuld door contact op te nemen met directe buren. De wetgever heeft nadrukkelijk niet ingevuld hoe (verplichte) participatie moet plaatsvinden. Wel kan worden gesteld dat verplichte participatie ‘enige betekenis’ moet hebben en in verhouding moet zijn met de aard van het project en de impact op de omgeving. Het doel van participatie is om burgers in een vroegtijdig stadium te betrekken bij de besluitvorming, maar het gaat niet zó ver dat de inbreng van omwonenden van beslissende betekenis is. De uitgevoerde participatie voldoet hieraan en vormt geen belemmering om de vergunning te verlenen. Conclusie beoordeling De ontwikkeling hebben wij getoetst aan beleid, instructieregels en andere onderwerpen voor zover relevant voor een ‘evenwichtige toedeling van functies aan locaties’. Uit de beoordeling van de onderbouwing volgt dat de aangevraagde activiteit kan worden vergund met het oog op een ‘evenwichtige toedeling van functies aan locaties’. Gezien het vorenstaande stelt het college de raad voor het volgende besluit te nemen: de raad van de gemeente Den Haag, gezien het voorstel van het college van 2 september 2025, besluit:
4/6
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10898111 I.
het college te adviseren om de vergunning voor de aangevraagde buitenplanse omgevingsplanactiviteiten voor het plaatsen van een tuinhuis met overkapping in de tuin bij het perceel Jozef Israëlslaan 51 te verlenen.
Aldus besloten in de openbare raadsvergadering van 18 september 2025. De griffier,
De voorzitter,
ValidSigned door De Griffier L. Blankwaard Rombouts op 25-09-2025
5/6
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10898111
Toelichting Op 14 februari 2025 heeft het college een aanvraag om een omgevingsvergunning ontvangen voor het plaatsen van een tuinhuis met overkapping in de tuin bij het perceel van Jozef Israëlslaan 51 . Het project is niet vergunningsvrij en in strijd met de regels van het omgevingsplan omdat het tuinhuis buiten het aangegeven bouwvlak valt. Het omgevingsplan bevat geen regels om voor dit project af te kunnen wijken. Wanneer een aanvraag in strijd is met het omgevingsplan, is een vergunning nodig voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA). In uw vergadering van 19 april 2023 (RIS313814) heeft u aangegeven bij welke BOPA'S u betrokken moet worden bij de besluitvorming op de aanvraag om omgevingsvergunning in de vorm van bindend advies. Bij deze aanvraag is dat aan de orde en daarmee uw bindend advies nodig over bouwen buiten het in het bestemmingsplan aangegeven bouwvlak. Na afgifte van het bindend advies is het aan het college om, met gebruikmaking van dat advies, een besluit te nemen op de aanvraag om omgevingsvergunning.
6/6