CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

20241003-RIS318431 Voorstel van het college inzake Ontwikkelvisie Den Haag Centraal

Gemeenteraad 3 oktober 2024, gemeente Den HaagBij agendapunt: Voorstel van het college inzake Ontwikkelvisie Den Haag Centraal (RIS318431)3.745 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Datum

Registratienummer

2 april 2024

DSO/10696157 RIS318431

Voorstel van het college inzake Ontwikkelvisie Den Haag Centraal Inleiding Het Central Innovation District (CID) is een nieuw stuk Haags centrum. Het economische hart van de stad. Een internationaal knooppunt tussen en rondom de drie grootste Haagse stations: Den Haag Centraal, Hollands Spoor en Laan van NOI. Omdat steeds meer mensen willen wonen, werken en verblijven in Den Haag maakt de gemeente de komende 20 jaar in het CID ruimte voor toekomstige en huidige inwoners, studenten, ondernemers, professionals en bezoekers. Goede bereikbaarheid, voldoende groen en passende voorzieningen zijn daarbij de uitgangspunten. In het CID kunnen we voldoen aan de toenemende vraag naar woningen en zorgen dat er voldoende ruimte blijft voor een goede balans tussen groen, buitenruimte en bebouwing. De hoofdopgave voor het CID is het realiseren van een centrummilieu, dat ruimte biedt voor groei en vernieuwing in de komende 20 jaar. Daarmee beogen we een aantrekkelijk woon- en leefklimaat te realiseren. We benutten daarbij de voordelen en de kansen van hoogstedelijkheid. Een concentratie van bedrijven en instellingen zorgt namelijk niet alleen voor een aantrekkelijk vestigingsklimaat; er zijn ook voordelen op het gebied van duurzaamheid, mobiliteitstransitie en het efficiënt gebruiken van de beschikbare ruimte. Als (inter)nationale kennisstad gaan we voor economische vernieuwing.

Het CID, en vooral het gebied rond Den Haag Centraal, is al het economische hart van de stad. De mix hier van (landelijke) overheid, bedrijven en onderwijs- en onderzoeksinstellingen is dé basis voor een succesvol innovatiedistrict. Voor het CID als geheel zijn de kaders bekend met de vaststelling van de Structuurvisie CID (RIS 307135) en het Kwaliteitsplan CID (RIS 314594). Daarnaast is het Voorzieningenonderzoek CID (RIS 316628) als uitgangspunt genomen. Nu worden voor verschillende deelgebieden in het CID toekomstplannen opgesteld die onze ambitie voor het CID verder concretiseren. Ontwikkelvisie De Ontwikkelvisie Den Haag Centraal is een uitwerking van de Structuurvisie CID en de Gebiedsagenda’s Policy Campus Centraal (RIS 301329) en Campusboulevard (RIS 304124) voor de omgeving van station Den Haag Centraal. En sluit aan op het Binnenstadsplan 2033 (RIS316359) en de overige CID-deelgebieden. De visie beschrijft het toekomstplan voor het gebied. Hierin staat in grote lijnen hoe het deelgebied zich de komende jaren gaat ontwikkelen. Hoe de openbare ruimte vorm krijgt en hoe meer groen wordt toegevoegd. Maar ook hoeveel woningen en kantoren er indicatief kunnen komen en wat de verwachte hoogtes en afmetingen zijn van gebouwen. En op welke manier de combinatie van werken, wonen en voorzieningen voor een leefbaar gebied kunnen zorgen.

Met de plannen in de Ontwikkelvisie borgen we de samenhang in kwaliteit van een gezonde, aantrekkelijke leefomgeving, zodat die past binnen de ambities voor het CID. De Ontwikkelingsvisie is geen formeel juridisch-planologisch instrument. Wel maakt de Ontwikkelvisie de weg vrij voor o.a. de volgende documenten: het beeldkwaliteitsplan, de ontwikkelstrategie en het buitenruimteplan. Om de plannen daadwerkelijk te realiseren zal derhalve nog een planologisch -juridische procedure in het kader van de Omgevingswet doorlopen moeten worden.

Gemeente Den Haag

Spui 70 Den Haag

Postbus 12600 2500 DJ Den Haag

T 14070 www.denhaag.nl

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10696157

Waar de initiatieven zijn uitgewerkt, is de Ontwikkelvisie specifiek. Waar de ontwikkelingen nog deels onbekend zijn, is de visie globaal. In die zin biedt de Ontwikkelvisie de flexibiliteit om op ontwikkelingen in te spelen, maar wordt de integrale kwaliteit van een gezonde leefomgeving geborgd. De visie wordt beschreven aan de hand van vier thema’s: 1. Verlevendigen: Er is ruime aandacht aan het verlevendigen van het gebied door ingrepen voor te stellen in de openbare ruimte en de plinten van de bebouwing. 2. Verdichten en versterken: De insteek is het stationsgebied verder te ontwikkelen als innovatiemilieus waar diverse partijen hun krachten bundelen. Tot 2040 komen er naar verwachting 2250-2500 woningen en 130.000 m² bvo kantoorruimte, 17.000 m2 bvo onderwijs. Naast de verdichtingsopgave van het gebied ook in beeld gebracht welke maatschappelijke voorzieningen (ca 11.000 m2 bvo) er in de toekomst nodig zouden zijn. 3. Verbinden: Het uitgangspunt is het gebied te verbinden met de omliggende wijken door barrières op te heffen en verkeersingrepen voor te stellen die het gebruik voor de voetganger en fietser verbeteren. 4. Vergroenen en verduurzamen: In een stad met steeds meer gebouwen vragen groen en openbare ruimte bijzondere aandacht. Met aandacht voor klimaatadaptatie en natuurinclusiviteit houden we rekening met de toekomstige ontwikkelingen.

De Ontwikkelvisie is nadrukkelijk een visie voor de komende 20 jaar en geen blauwdruk voor de ontwikkeling van het gebied. Flexibiliteit blijft nodig om in spelen op ontwikkelingen. Onderdelen van de visie zijn ambitieus en moeten nog op hun (financiële) haalbaarheid worden onderzocht. In de Ontwikkelstrategie gaan we meer in op de fasering en haalbaarheid van onze plannen, beschrijven we hoe we op ontwikkelingen gaan sturen en maken we zo nodig keuzes. Naar verwachting is de Ontwikkelstrategie eind 2024 gereed voor besluitvorming. Participatie Participatie is een nadrukkelijk onderdeel geweest bij het maken van dit plan. Op verschillende manieren en momenten zijn omwonenden, bedrijven en andere belanghebbenden uitgenodigd om hun wensen, zorgen en advies te geven over de plannen in de Ontwikkelvisie. Met enquêtes, zes bijeenkomsten en straatinterviews is informatie opgehaald en ruimte gegeven actief mee te denken over hoe het gebied er in de toekomst uit kan zien. Deze participatie liep van september 2022 tot en met november 2023. De gemeente heeft een actieve rol genomen in de participatie en communicatie over de Ontwikkelvisie. Hiervoor is een participatie- en communicatieaanpak uitgewerkt, volgens het basisdocument Communicatie- en Participatieplan CID (RIS303006) en het Haags Participatiekompas.

Het participatieniveau meedenken (adviseren) is in overleg met de klankbordgroep CID (vertegenwoordigers van acht bewonersorganisaties) afgesproken. Voor diverse onderwerpen is de omgeving gevraagd een mening te geven (raadplegen). Hier werd de participatieruimte beïnvloed door al bestaande beleidskaders. De opbrengst heeft op vele manieren de Ontwikkelvisie beïnvloed. Op meerdere punten bleek de visie van bewoners, belanghebbenden en gemeente in elkaars verlengde te liggen. Op een aantal thema’s hebben de opmerkingen vanuit de participatie voor aanpassingen gezorgd. Dit gaat om de volgende punten: • De kruising Prins Clausplein-Theresiastraat gaat anders ingericht worden om te zorgen dat het veiliger wordt voor fietsers en voetgangers. De mogelijkheid tot eenrichtingsverkeer wordt ook onderzocht. •

•

De gebouwen op het Anna van Buerenplein zijn vervallen door meerdere bezwaren tijdens de bewonersbijeenkomsten en de hoge waardering voor dit zonnige plein met levendige horeca. We geven die levendigheid prioriteit boven het hier bedachte woonprogramma. De gebouwen van Terminal Noord aan de Ammunitiehaven zijn verlaagd van 150 naar 130 meter hoogte en de ontwikkeling op de hoek Rijnstraat van 180 naar 150 meter hoogte.

2/9

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10696157

Zodat de hoogbouw een meer oplopend karakter krijgt en nieuwbouwplan Bellevue het hoogste punt is. Deze verlaging heeft geleid tot verlies aan woon- en kantoorprogramma, maar de lagere hoogtes zorgen voor een meer logische opbouw van de hoogbouw in het gebied. • Daarnaast heeft de participatie geleid tot een verdiepingsslag op tal van punten zoals de nadruk op levendige plinten, de aandacht voor het groener maken van straten en betere oversteekmogelijkheden voor fietsers en voetgangers In de Ontwikkelvisie en bijlage 2, het Participatieverslag, gaan we hier verder op in. Ruimtelijk raamwerk De Ontwikkelvisie beslaat het bestaande stationsgebied. Dat is een gebied met specifieke kenmerken en verschijningsvorm. We bouwen voort op de kwaliteiten van het verleden. We gebruiken historische structuren als uitgangspunt en willen zoveel mogelijk cultuurhistorische waardevollere gebouwen integreren in de plannen voor de toekomst. In de huidige situatie zijn onderbrekingen en barrières in de ruimtelijke structuur die we met de ingrepen uit de Ontwikkelvisie willen aanpakken.

De ambities voor het gebied zijn vertaald in een ruimtelijk raamwerk.

3/9

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10696157

De raamwerkkaart geeft aan hoe het gebied er in de toekomst uit kan zien: waar kunnen nieuwe gebouwen en voorzieningen komen en meer ruimte voor groen, fietsers en voetgangers en betere verbindingen tussen de wijken. Dit alles is vertaald naar stedenbouwkundige structuren in relatie tot de structuur van de openbare ruimte. Het raamwerk geeft het netwerk weer van straten, pleinen en openbaar groen en legt de ontwikkelplekken vast.

Dit zijn de negen belangrijkste ontwikkelingen die worden voorgesteld in de Ontwikkelvisie: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9.

Doortrekken Haagse Loper met een nieuw Haagse Loperplein; voor en goede en sociale veilige route naar Bezuidenhout; Levendige plinten maken; om het gebied in de avonden en weekenden meer levendigheid te geven; Ruimte bieden voor wonen, werken, leren en innoveren; het stationsgebied is door zijn aantrekkingskracht de plek waar mensen willen zijn; in een hoogstedelijke omgeving; Maken fijnmazige verbindingen: door kruisingen te versimpelen en meer wandelroutes te maken (bij de Schedeldoekshaven en de Koninklijke Bibliotheek); Voorkant maken aan de Ammunitiehaven; om zo de Rivierenbuurt te verbinden met Uilebomen; Aanleggen Groene Kamer; een groene tuin op het busplatform en een park met ruimte voor spelen boven de sporen; Verbeteren relatie Koekamp; door meer groen te maken langs de Bezuidenhoutseweg; Versterken bestaande grachtenstructuur; door het water onder het Prins Bernhardviaduct door te trekken; Vergroening Utrechtsebaan; als ambitie opgenomen om het groen en ecologisch netwerk te versterken en prettige verbindingen tussen de wijken.

Nadere toelichting Hieronder geven we op een aantal aspecten van de ontwikkelvisie een nadere toelichting: a. Het programma b. De bouwhoogte en bezonning c. De verkeerssituatie

4/9

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10696157

a. Programma De indicatieve opgave is voor de deelgebieden Den Haag Centraal, het Beatrixkwartier en Bezuidenhout-west vastgelegd in de Structuurvisie CID. Bij de Structuurvisie en in de bijbehorende planMER is globaal gekeken wat dat betekent voor de kleinere deelgebieden. Dat leidt dat de volgende opgave: Deelgebieden

Woningen (aantal

Maatschappelijke voorzieningen (in m2 bvo)

Commerciële voorzieningen (in m2 bvo)

Kantoren (in m2 bvo)

Omgeving Den Haag Centraal, Beatrixkwartier en Bezuidenhout-West

5.500

27.700

82.000

400.000

Policy Campus Centraal (planMER)

2.500

50-80.000

300.000-400.000

In de ontwikkelvisie is preciezer gekeken naar de ruimtelijke mogelijkheden in het gebied. Dat heeft geleid tot de volgende programmatoevoeging (indicatief): Deelgebieden

Woningen (aantal en m2 bvo)

Maatschappelijke Commerciële voorzieningen (in m2 voorzieningen (in bvo) m2 bvo)

Kantoren (in m2 bvo)

Den Haag Centraal

2.250-2.500 (175.000 m2)

25.000

130.000

4.060

Deze programmatische opgave ligt qua wonen net onder of op het niveau van de Structuurvisie CID. Voor het kantoorprogramma is er wel sprake van een verlaging. De te bouwen 180.000 m2 kantoren zorgen, als we het bestaande kantoorvolume ervan aftrekken, feitelijk voor een netto toevoeging van 130.000 m2 kantoren. Dit ligt lager dan de in de Structuurvisie CID vermelde 300.000-400.000 m2 bvo. In de Structuurvisie wordt gesteld dat het over een indicatief programma gaat en dat bij de programmering is uitgegaan van een aanzienlijk metrage. Verder staat dat er als vuistregel 30% planuitval kan worden gehanteerd. Dit lagere kantoormetrage past wel binnen de kaders van de Structuurvisie CID. Deze verlaging heeft meerdere oorzaken: • De huisvestingsbehoefte van het Rijk is lager dan eerder werd aangegeven. Dit heeft in het plangebied geleid tot een daling van 30.000 m2; • Het laten vervallen van een bouwlocatie in de Rijnstraat en behoud van bestaande bebouwing (waaronder de Koninklijke Bibliotheek). Dit heeft geleid tot afname van respectievelijk 40.000 m2 en 30.000 m2; • In de Schedeldoekshaven heeft de verlaging van de bouwhoogte, vanwege de overgang naar de omliggende woonwijken, geleid tot een verlaging van 20.000 m2 bvo kantoren; • De ontwikkeling van de locatie Bezuidenhoutseweg 67 zal pas na 2040 plaatsvinden en valt daarom buiten de planperiode.

Dit maakt 40.000 m2 bvo verschil. • Het woonprogramma is niet omgezet naar een kantoorprogramma om zo meer m2 kantoren te kunnen maken, omdat het de ambitie van het CID is om multifunctionele woon-werkgebieden te maken om de leefbaarheid te vergroten.

5/9

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10696157

Ook de behoefte aan commerciële voorzieningen is op basis van nader onderzoek bijgesteld. In het Voorzieningenprogramma CID (RIS 307135, bijlage 9 van de Structuurvisie CID) is de behoefte gebaseerd op de maximale programma’s uit de gebiedsagenda’s Policy Campus Centraal en Campusboulevard. Dit telde op tot 82.000 m2. Bij nadere beschouwing zitten in dat metrage ook diverse maatschappelijke voorzieningen, zoals onderwijs en de Koninklijke Bibliotheek. Gecorrigeerd is in de gebiedsagenda’s minimaal 10.000 m2 en maximaal 20.000 m2 aan commerciële voorzieningen bedacht. Uit het later uitgevoerde onderzoek in het Rapport Commerciële Voorzieningenstudie Central Innovation District Den Haag (bijlage bij RIS 317026) bleek dat rond Den Haag Centraal de behoefte aan uitbreiding van commerciële voorzieningen laag was. Er zijn al veel winkels en horeca aanwezig. Daarop is het programma verlaagd tot 4.060 m2 bvo. Dit programma omvat detailhandel, horeca (exclusief hotels), commerciële dienstverlening en fitness, en het sluit aan bij het brede Voorzieningenonderzoek CID (RIS 316628) met betrekking tot horeca, dienstverlening en fitness. Daarnaast is 2.000 m2 bvo opgenomen voor een debatcentrum die zich richt op de zakelijke bezoekers.

Voor de maatschappelijke voorzieningen is gebruik gemaakt van de input van het Voorzieningenonderzoek CID (RIS 316628) en de Nota Referentienormen voor de maatschappelijke voorzieningen (RIS307513). De benodigde commerciële en maatschappelijke voorzieningen zijn bepalend voor de invulling van de plinten. In het gebied hebben we meer plintruimte dan er programmatische invulling is voor de plinten. Er is dus schaarste aan levendig plintprogramma. Een strategische verdeling van het voorzieningenprogramma over het gebied is dan ook noodzakelijk om het gebied de gewenste levendigheid te geven. Op de programmakaart wordt hier een voorstel voor gedaan (de plek van de voorzieningen op de kaart is indicatief). Het is daarom noodzakelijk om bij elke uitwerking te onderzoeken hoe de rijkskantoren, de commerciële kantoren en de woongebouwen kunnen bijdragen aan de levendigheid op straat. De Ontwikkelvisie geeft richting aan de te maken afspraken (in de anterieure overeenkomst) bij de concrete bouwplanontwikkelingen met private partijen over de inpassing van de benodigde (maatschappelijke) voorzieningen. Om de plannen daadwerkelijk te realiseren zal nog een planologisch-juridische procedure in het kader van de Omgevingswet doorlopen moeten worden. Met nadruk geven we aan dat het programma geen vast gegeven is.

De Ontwikkelvisie kent een looptijd van 20 jaar en we willen inspelen op de behoeftes van de toekomst. Woningaantallen kunnen wijzigen als er behoefte is aan andere woningtypes. Als de behoefte aan kantoren of onderwijs toe- of afneemt willen we hierop kunnen inspelen. Het totaal genoemde metrage (aantallen m2 bvo) ligt op het gebiedsniveau wel vast zodat de hoogte en breedte van gebouwen min of meer vaststaat. Daarbij geldt een bepaalde afwijkingsmarge, omdat plannen nog verder uitgewerkt worden. De Ontwikkelvisie geeft zo richting hoe het gebied rond het station Den Haag Central zich gaat ontwikkelen en biedt een integraal beeld van de ontwikkeling van dit deelgebied van het CID. Bij het doorlopen van een planologisch-juridische procedure in het kader van de Omgevingswet worden de ruimtelijk kaders definitief vastgesteld.

6/9

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10696157

b. Bouwhoogte en bezonning Langs het Prins Bernhardviaduct worden een aantal hogere bouwvolumes toegevoegd. Deze lopen vanaf het Spui op van 60-70-130-145-150 meter. Er is gekeken naar het gevolg van de nieuwbouw op de bestaande gebouwen. De resultaten van dit onderzoek zijn in bijlage 3 toegevoegd aan de Ontwikkelvisie. We constateren dat bij een aantal lagergelegen woningen de bezonning achteruitgaat. Dit effect doet zich met name voor bij de woningen aan de Schedeldoekshaven. De huidige gemeentelijke beleidsnorm (twee uur zonlicht per dag op 21 februari) wordt daar bij meerdere woningen niet gehaald. In veel gevallen wordt deze norm voor de woningen met een noord-oostgevel in de huidige situatie nu al niet gehaald en vermindert dit door de geplande nieuwbouw. Aan de noordwestgevel beperkt zich de vermindering tot de stedelijke laag en zien we meer naar boven een zeer beperkte afname. Om dit gevolg te verminderen is de nieuwbouw in de Schedeldoekshaven met 20-30 meter verlaagd ten opzichte van het begin van het planproces, maar de effecten qua bezonning blijven aanwezig. Deze uitkomst zorgt voor een lastige afweging. We willen bestaande bewoners een bepaalde mate van woonkwaliteit bieden. Tegelijkertijd is er de dringende behoefte aan woningen die leidt tot hogere gebouwen.

Het bezonningsbeleid (RIS170509) staat de gemeente toe om in totale belangenafweging af te wijken van de normstelling. Met het oog op de woningbehoefte wordt een verdere verlaging niet voorgesteld en wordt de slechtere bezonning voor een aantal lagergelegen woningen geaccepteerd om ruimte te bieden voor woningen en kantoren. De finale afweging zal hierover plaatsvinden bij de planologisch-juridische procedure bij het bouwplan. c.

Verkeer

De verdichting en de mix van functies zorgt ervoor dat alle dagelijkse voorzieningen voor bewoners op loop- of fietsafstand zijn. Er zullen hierdoor meer voetgangers- en fietsbewegingen plaatsvinden. Dat betekent prioriteit voor mobiliteit op menselijke maat; een openbare ruimte die in eerste instantie is ingericht voor (1) voetgangers, (2) fietsers en (3) openbaar vervoer. Er wordt daarom geïnvesteerd in de kwaliteit en capaciteit van de netwerken voor de voetganger, de fietser en het openbaar vervoer. O.a. in de Strategie Mobiliteitstransitie 2022 – 2040, en de Structuurvisie CID uit 2021 is dit verkeersbeleid vastgelegd. In de Ontwikkelvisie Den Haag Centraal wordt concreter gemaakt tot welke wijzigingen dit leidt. De huidige omgeving van het station wordt gedomineerd door infrastructuur voor de auto, die in het verleden veel ruimte heeft gekregen. Daarom wordt voorgesteld om de ruimte voor de auto waar het kan af te schalen ten gunste van voetgangers en de fietsers. Dat doen we door de versmalling van het Prins Bernhardviaduct, waar de overmaat voor de autoinfrastructuur verdwijnt en betere fiets- en voetpaden worden gemaakt. Door een andere autostructuur te maken, is een meer efficiënte inrichting mogelijk waardoor er veel ruimte vrijkomt voor ontwikkeling, verblijfskwaliteit en duurzame vormen van mobiliteit.

Door kruispunten te ontvlechten kan ook de doorstroming voor de auto en ov verbeteren. Bijvoorbeeld bij de Rijnstraat/Schedeldoekshaven, Rijnstraat/Bezuidenhoutseweg en Prins Clauslaan/ Theresiastraat. Tijdens de CID-dagen in 2022 is met bewoners en gebruikers gesproken over welke knelpunten ze ervaren in het stationsgebied Den Haag Centraal. In het algemeen waren de kruispunten het knelpunt voor voetgangers en fietsers, met verkeersveiligheid en barrièrewerking als thema’s. Voor de fietser wordt gezorgd door zo min mogelijk kruisingen met de tram of auto te maken en bredere fietspaden aan te leggen. Zo stimuleren we het gebruik van de fiets. De keuze voor het beter faciliteren van de fietser en de voetganger leidt tot minder prioriteit voor het autoverkeer. Toch willen we de autobereikbaarheid wel waarborgen. Dat kan door verkeersintensiteiten te verlagen, dit doen we door bestemmingsverkeer en doorgaand verkeer zoveel mogelijk te scheiden. Door deze scheiding wordt een gebiedsbenadering gemaakt waarbij er voor de automobilist deelgebieden worden gemaakt. De gebieden kunnen op deze manier alleen nog maar gebruikt voor bestemmingsverkeer.

7/9

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10696157

Door een lager verkeersaanbod en het niet meer toestaan van alle rijrichtingen kunnen de kruispunten eenvoudiger en kleiner worden. Doordat er minder rijstroken nodig zijn, kruispunten compacter worden en snelheden worden verlaagd, is er meer ruimte voor groen, verblijven, lopen en fietsen. De wachttijd daalt voor alle gebruikers. Bezoekers en bewoners van de binnenstad kunnen nog steeds naar hun bestemming, maar soms wel met een andere route. Deze verandering zal wennen zijn voor bewoners en werknemers. In de praktijk blijft een goede bereikbaarheid mogelijk voor mensen die afhankelijk zijn van de auto. Ondanks dat hiermee mogelijk een invalsweg voor de Rivierenbuurt zou kunnen verdwijnen, is de verwachting niet dat dit leidt tot meer sluipverkeer door de wijk. Hoe de maatregelen precies plaatsvinden (rijrichtingen, eventuele knip), zal later worden bepaald waarbij de effecten nader worden bekeken om opstoppingen bij de invalswegen en sluipverkeer te voorkomen. Parkeren Voor het CID geldt de Nota parkeernormen CID en Binckhorst Den Haag 2020 (RIS 306160). Ondanks de lagere parkeernorm in het CID-gebied leidt het toepassen van deze norm in combinatie met het grote programma tot een grote parkeervraag.

Een dergelijke aantal parkeerplaatsen genereerd ook een aanzienlijke hoeveelheid autoverkeer wat haaks staat op de openbare ruimte die we meer op voetgangers en fietsers willen inrichten. In het deelgebied Prins Bernhardviaduct zou dit leiden tot 500 parkeerplaatsen. Daarom wordt voor dit deelgebied mogelijk een gebiedsspecifiek beleid voorgesteld met minder parkeerplaatsen in een gecombineerde voorziening onder de plots van Terminal Noord en Zuid. In het deelgebied CS Oost gaan we er vanuit dat het autoparkeren niet wordt uitgebreid en uit te gaan van maximale benutting van bestaande parkeerplaatsen om zo de auto-aanzuigende werking te beperken. Een concreet voorstel ten aanzien van een gebiedsspecifiek parkeerbeleid wordt uitgewerkt tegelijkertijd met de ontwikkelstrategie. Vervolg De Ontwikkelvisie vormt een startpunt voor een ontwikkelproces. We willen adaptief zijn voor nieuwe ontwikkelingen als dat kan, waarbij we expliciet maken hoe we aan de verschillende kaders op het gebied van leefbaarheid en kwaliteit blijven voldoen. De ontwikkelvisie stuurt op hoofdlijnen. De ambities en ruimtelijke uitgangspunten zijn scherp, maar de plannen vragen nog concrete uitwerking voordat er gebouwd kan worden of de openbare ruimte aangepakt. In het voorjaar van 2024 wordt het Beeldkwaliteitsplan voor de Den Haag Centraal ter visie gelegd.

Deze wordt ter vaststelling aan uw raad aangeboden. Na vaststelling door de raad zal het Beeldkwaliteitsplan in aanvulling op de Ontwikkelvisie dienen als toetsingskader voor ontwikkelingen in het gebied met betrekking tot beeldkwaliteit. In 2024 wordt verder gewerkt aan de volgende producten voor het toekomstplan van dit deelgebied. In de Ontwikkelstrategie Den Haag Centraal zal worden gekeken op welke wijze en in welke periode de ontwikkelingen tot uitvoering kunnen worden gebracht. Deze is naar verwachting eind 2024 gereed. Voor concrete bouwontwikkelingen in het gebied wordt met private partijen samen bekeken hoe de plannen binnen de kaders van de Ontwikkelvisie kunnen worden ontwikkeld. In 2025 staat het laatste product van het toekomstplan, het Integraal Buitenruimteplan, op de planning. Dit Buitenruimteplan vormt de basis voor verdere uitwerking van de openbare ruimte van omgeving Den Haag Centraal.

Gezien het vorenstaande stelt het college de raad voor het volgende besluit te nemen: De raad van de gemeente Den Haag,

8/9

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10696157

Gezien het voorstel van het college van 2 april 2024, Besluit: I.

De Ontwikkelvisie Den Haag Centraal vast te stellen als vertrekpunt voor verdere uitwerking naar haalbare (deel)ontwikkelingen in het gebied en dat de Ontwikkelvisie geldt als basis voor de verdere uitwerking in een planologisch-juridisch kader voor Den Haag Centraal, binnen de vastgestelde Structuurvisie CID (RIS 307135).

Aldus besloten in de openbare raadsvergadering van 3 oktober 2024. De griffier,

De voorzitter,

9/9

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14603983/1