CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

20240912-RIS318148 Voorstel van het college inzake Investeren in een nieuw stationsomgeving Laan van NOI-fase 1

Gemeenteraad 12 september 2024, gemeente Den HaagBij agendapunt: Voorstel van het college inzake Investeren in een nieuw stationsomgeving Laan van NOI-fase 1 (RIS318148)2.286 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Datum

Registratienummer

26 april 2024

DSO/10204970 RIS318148

Voorstel van het college inzake Investeren in een nieuw stationsomgeving Laan van NOI- fase 1 Inleiding Met het Bestedingsvoorstel Enecomiddelen verhogen kwaliteit in gebiedsontwikkeling en sociale woningen (RIS309924) heeft u eerder ingestemd met het reserveren van middelen op basis van een indicatieve meerjarenplanning voor 2023 en verder. Voor de gebiedsontwikkeling rondom station Laan van NOI is hierin een bedrag van opgenomen van € 10,9 mln. In dit raadsvoorstel krijgt u een nadere toelichting op de financiële kaders van de gebiedsontwikkeling en inzicht in welke projecten onder de gebiedsontwikkeling worden verstaan. Doordat er pas afgelopen juni een anterieure overeenkomst met VORM ontwikkeling (RIS316031) is afgesloten over de SoZa ontwikkeling en daardoor ook duidelijkheid is over de hoogte van de anterieure bijdrage van VORM kunnen de kosten en baten van de gebiedsontwikkeling inzichtelijk worden gemaakt. In dit voorstel vragen wij uw instemming om de voorbereidingskosten en planvormingskosten voor deze investeringen vrij te geven. De verdere inhoudelijke behandeling en besluitvorming over de investeringsprojecten vinden plaats conform de procedures die met u zijn afgesproken.

Ambitie bij Station Laan van NOI De drie stationsomgevingen (Centraal Station, Hollands Spoor en Laan van NOI) zijn de ankerpunten van het CID; het zijn de economische brandpunten met de hoogste bebouwingsdichtheden. In deze gebieden moeten stappen gezet worden in de verbetering van de knooppuntwaarde, het versterken van de kenniseconomie, het realiseren van duurzame centrum stedelijke woonmilieus, het vergroten van de ruimtelijke kwaliteit en belevingswaarde en versterking van de sociale structuur en sociale samenhang. Deze ambitie is voor station Laan van NOI e.o. eerder uitgewerkt in de Gebiedsagenda Laan van NOI/ ICT Security Campus (RIS302329) en nogmaals bekrachtigd bij de vaststelling van de Structuurvisie (RIS307135) voor het CID. Aanvraag en toekenning bijdrage BZK Woningimpuls Om recht te doen aan de ambities voor een aantrekkelijke leefomgeving zijn investeringen nodig, die deels privaat en deels publiek bekostigd moeten worden. Om een beroep te kunnen doen op aanvullende financiële middelen heeft het college op 30 juni 2020 ingestemd met de “Indiening aanvragen eerste tranche Besluit Woningbouwimpuls 2020” bij het ministerie van Binnenlandse Zaken (BZK). Hierin was uitgegaan van een voorlopige reservering voor de vereiste cofinanciering uit de coalitie- en Enecomiddelen voor de aanvragen in de drie prioritaire gebieden van het CID.

Nadat in eerste instantie de aanvraag voor de Gebiedsontwikkeling bij station Laan van NOI, voor de eerste tranche is afgewezen, en er vervolgens een aanvraag is ingediend voor de tweede tranche, heeft het ministerie van BZK op 18 februari 2021 middels een beschikking te kennen gegeven dat de aanvraag voor de Gebiedsontwikkeling Laan van NOI 1e fase is toegekend. Het gaat hierbij om een bedrag van € 6,14 miljoen (zie ook RIS315224, Voortgangsrapportage CID). Deze bijdrage is gehonoreerd op basis van een door de gemeente opgestelde businesscase waarbij

Gemeente Den Haag

Spui 70 Den Haag

Postbus 12600 2500 DJ Den Haag

T 14070 www.denhaag.nl

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10204970

woningbouwontwikkeling, gebiedsinvesteringen en mobiliteitsinvesteringen binnen dit deel van het CID in één integrale businesscase gecombineerd zijn. Deze bijdrage en de daarbij benodigde cofinanciering (ad. € 6,14 miljoen) vanuit Eneco zijn onderdeel van de Business Case (BC) Gebiedsontwikkeling Laan van NOI- 1e fase. Eerste fase Gebiedsontwikkeling Laan van NOI Het plangebied waarvoor deze business case is opgesteld, betreft de Haagse zijde van station Laan van NOI. Hier bevindt zich de kavel van het bestaande gebouw aan de Anna van Hannoverstraat 4 (SoZa kavel). Voor deze locatie heeft u ingestemd met Bestemmingsplan Anna van Hannoverstraat 4 e.o. (RIS317026), waarmee de realisatie van maximaal 1200 woningen mogelijk wordt gemaakt. Het gebied rondom de SoZa ontwikkeling, en tussen de SoZa ontwikkeling en het station vervult een belangrijke rol als omgevingsdomein van het station, maar ook als ontmoetingsdomein voor bestaande en toekomstige gebruikers en bezoekers. De inrichting hiervan is bepalend voor het gebruik, de verblijfskwaliteit, en de mate waarin inwoners zich prettig en veilig kunnen verplaatsen. Belangrijke vertrekpunten daarbij zijn vergroening en de mobiliteitstransitie. Zo is de BC Gebiedsontwikkeling Laan van NOI 1e fase ingestoken: randvoorwaarde voor het bouwprogramma zijn investeringen in kwaliteit openbare ruimte en duurzame bereikbaarheid.

Bovenwijkse investeringen in Business case Laan van NOI Omdat de ontwikkelingen bij Laan van NOI onderdeel zijn van het CID, zijn in de Business Case voor NOI ook bijdragen aan bovenwijkse investeringen op CID niveau opgenomen. In het raadsvoorstel van het college inzake Inzet reservering Enecomiddelen voor duurzame mobiliteit (RIS307106), zijn de mobiliteitsmaatregelen opgenomen waarvan in de PlanMER CID is geconcludeerd dat ze noodzakelijk zijn om in het CID te kunnen intensiveren. Een deel van deze maatregelen komen uit programma’s zoals Ruim baan voor de Fiets (RIS302960) en de No-regret maatregelen CID Binckhorst (RIS306078). De resterende maatregelen vraagt nog verdere uitwerking in separate voorstellen. Een deel van de kosten en dekking van een deel van deze maatregelen is opgenomen in de Business Case Laan van NOI 1e fase voor zover deze impact hebben op de mogelijkheid om te intensiveren en op de bereikbaarheid van het gebied rondom NOI.

2/6

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10204970

Business Case 1e fase Gebiedsontwikkeling Laan van NOI De Business Case eerste fase Gebiedsontwikkeling Laan van NOI betreft de publieke investeringen die de realisatie van maximaal 1200 woningen in het gebied op de SoZa locatie mogelijk maken. Het gaat hierbij om openbare ruimte- en mobiliteitsprojecten samengevoegd in een investeringsplan (met globale indicatieve kosten en opbrengsten). Projecten en investeringen in gebiedsontwikkeling en projecten en investeringen in mobiliteit worden in één businesscase geaggregeerd, in lijn met de integrale gebiedsontwikkeling die werkt met functionele samenhang tussen ontwikkeling van programma, kwaliteit en mobiliteit. Aan de kostenkant staan de directe investeringen in gebiedskwaliteit en de (bovenwijkse) mobiliteitsingrepen die het CID bereikbaar houden. De directe gebiedskosten (A) bestaan uit de volgende drie openbare ruimte projecten: − De herinrichting en vergroening van de openbare ruimte rond de SoZa locatie, inclusief het stationsplein. Deze werkzaamheden worden qua uitvoering en fasering afgestemd met voortgang van de herontwikkeling van de SoZa locatie. Over de dekking van deze werkzaamheden zijn afspraken gemaakt met de ontwikkelaar van de SoZa locatie. − Het verleggen van de tramkeervoorziening die momenteel in het gebied ligt om verdere vergroening mogelijk te maken.

Deze werkzaamheden worden qua uitvoering en fasering afgestemd met de vervoerder(s) in het gebied en de ontwikkelende partij van de SoZa locatie. Het oorspronkelijke uitgangspunt was om de tram volledig uit het gebied te halen. Dit is nog steeds een ambitie op de lange termijn, maar om de kosten te beperken is er in de gebiedsontwikkeling voor gekozen om de tram in het gebied te houden. Het spoor moet wel verlegd en beter ingepast worden en hier is rekening mee gehouden in de financiële berekening. − Het realiseren van een additionele spooronderdoorgang voor langzaam verkeer. Deze werkzaamheden hebben ook een relatie met de ontwikkeling van het gebied ten zuiden van het station (zijde Leidschendam-Voorburg) en met het station zelf, en worden qua uitvoering en fasering ook afgestemd met deze ontwikkelingen en met de spoorse partijen NS en ProRail. − Naast deze projecten is er ook budget opgenomen voor overige kosten, waaronder tijdelijke maatregelen in het kader van verkeer en (fiets)parkeren en kosten voor het structureren van de ondergrond ten behoeve van de energietransitie. De basis voor de (bovenwijkse) mobiliteitsingrepen is de lijst met maatregelen opgenomen in de PlanMER behorend bij de Structuurvisie CID. Deze maatregelen zijn geraamd en omgeslagen over de nieuwbouwontwikkeling in het gebied naar rato van het programma.

Indicatieve gebiedskosten (A)

25,2

Dekking (C) Privaat: Kostenverhaal Private ontwikkeling

5,6

Indicatieve raming Verleggen tramlus 1,1

Rijk: Bijdrage BZK Woningbouw

6,1

Indicatieve raming Spooronderdoorgang

10,2

Gemeente: Bestaande dekking MIP

1,8

Indicatieve raming Overige kosten

3,2

Gemeente: Reserve Grote projecten

4,5

Indicatieve raming Stationsplein

5,4

3/6

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10204970

Indicatieve raming Bouw- en woonrijp 1,3 maken Indicatieve Plankosten

3,2

Risico’s

0,8

Mobiliteitskosten (B)

12,9

Naar rato toedeling mobiliteitsmaatregelen CID

12,9

Totale kosten (A+B)*

38,1

Gemeente: Beoogde bijdrage Eneco Gebiedsontwikkeling

10,9

Gemeente: 9,2 Bestaande dekking mobiliteitsmaatregelen Totale baten*

38,1

Tabel 1. Indicatieve gebiedskosten (A), Mobiliteitskosten (B), en Dekking (C) (incl. voorbereidingskosten, BTW kosten en onvoorzien). Bedragen in mln. euro’s, prijspeil 2021. Tegenover de kosten staan een bedrag van € 5,6 mln. private dekking, € 6,3 mln. bestaande uit Reserve Grote Projecten en MIP (€ 1,8 mln. + € 4,5 mln.), en € 10,9 mln. dekking uit Reserve gebiedsontwikkeling en sociale woningbouw (Eneco). Aangezien de mobiliteitsmaatregelen CID al voor een deel gedekt zijn, wordt er naar rato 9,2 mln. aan dekking toegerekend. De dekking vanuit de BZK Regeling Woningbouw dient uiteindelijk nader te worden verdeeld tussen de gebieds- en mobiliteitskosten. Uitwerking in enkelvoudige projecten Deze business case en de hierin opgenomen bedragen als overkoepelende financiering is de basis van waaruit later bij de afzonderlijke uitvoeringsbesluiten middelen worden toegewezen aan de separate projecten. Voor de uitwerking van de projecten zoals vermeld onder A - Gebiedskosten, volgt per project een apart collegebesluit (en voor projecten > € 2,5 mln. een raadsbesluit). In het laatste geval worden de voorlopige ontwerpen (VO’s) inclusief kostenramingen ingebracht bij de raad. Na akkoord van de raad worden deze ontwerpen uitgewerkt richting een definitief ontwerp (DO) en wordt het werk aanbesteed en gerealiseerd.

Niet eerder dan in de loop van 2024 zullen er voorlopige ontwerpen worden opgeleverd voor de verschillende openbare ruimte projecten. Per openbare ruimte project wordt een (herzien) beheerplan opgesteld. Voor de projecten die vallen onder de bij B genoemde Mobiliteitskosten volgen ook aparte besluiten (via de programmabegroting). Daar wordt ook de bestaande dekking van de mobiliteitsmaatregelen bij betrokken die ten gunste van de business case komt. De bijdrage BZK Woningbouw wordt zowel ingezet voor de gebiedskosten als voor de mobiliteitskosten, de verdeling ervan geschiedt bij de afzonderlijke uitvoeringsbesluiten en besluiten mobiliteitsmaatregelen.

4/6

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10204970

Relatie MIRT verkenning Station Laan van NOI Op 10 november 2022 jongstleden hebben Rijk en Regio, waaronder de gemeente Den Haag, in het Bestuurlijke Overleg (‘BO’) Zuidelijke Randstad rondom de Meerjarenprogramma Infrastructuur Ruimte & Transport (‘MIRT’) onder andere afspraken gemaakt om te starten met een MIRT Verkenning ‘Oude Lijn’. Met deze verkenning zal er een studie worden gedaan naar varianten & alternatieven voor een (significante) upgrade van het station Laan van NOI en de directe stationsomgeving. Om een MIRT verkenning te mogen starten moet er zicht zijn op (ten minste 75% van) de bekostiging van, zoals gesteld wordt ‘de meest voor de hand liggende oplossing’. Aangezien er nog meerdere varianten onderzocht gaan worden is er ten aanzien van de scope voor de Startbeslissing uitgegaan van een variant waarbij er uitsluitend gekeken is naar de maatregelen die directe bereikbaarheidseffecten hebben. Die variant heeft een omvang van € 104 mln. (prijspeil 2022 en incl. BTW). Voor deze MIRT Verkenning, gebaseerd op de variant waarbij louter gekeken wordt naar directe bereikbaarheidseffecten, is € 10 mln. (excl. BTW) gereserveerd uit de middelen Eneco Duurzame Mobiliteit. Deze reservering en de kosten voor het uitvoeren van de MIRT verkenning en de investeringen in het toekomstig station maken dus geen onderdeel uit van deze business case.

In de verkenning die nu wordt opgestart zal er wel ruimer gekeken kunnen -en moeten- worden. Ook naar maatregelen die bijdragen aan de doorontwikkeling van het gebied Laan van NOI en daarbij een indirect bereikbaarheidseffect kunnen hebben. Het kan zijn dat de uiteindelijk te kiezen voorkeursvariant een combinatie is van mobiliteitsmaatregelen met directe bereikbaarheidseffecten en gebiedsmaatregelen met indirecte bereikbaarheidseffecten. Daarmee zijn de MIRT Verkenning en de gebiedsontwikkeling zéér complementair aan elkaar. Voor nu zijn de kosten van de MIRT verkenning geen onderdeel van deze Business Case. Risico’s Bij de uitvoering van de beschikking van BZK staan verdere voorwaarden over de verantwoording, zoals de prestatieafspraak van de aantallen woningen (1200), waarvan minimaal 50% betaalbaar dient te zijn conform de door BZK gehanteerde definitie van betaalbaarheid, de planning (start realisatie woningen binnen 3 jaar na beschikking), en de rechtmatige besteding van de middelen. Terugvorderingen door BZK zijn mogelijk in het geval van onrechtmatige besteding. Tevens kan de uitkering worden aangepast als de realisatie van het woningbouwprogramma en/of de randvoorwaardelijke maatregelen afwijken van de aanvraag. De financiële berekeningen voor de aanvraag voor de BZK-regeling dateren van 2021.

In de berekeningen is rekening gehouden met kostenstijgingen, maar niet met de excessieve stijgingen van de afgelopen periode. De bijdrage van BZK stijgt echter niet mee. Een hogere kostenstijging dan voorzien vormt daarmee een financieel risico. Doordat het gebied zowel bovengronds als ondergronds intensief gebruikt wordt, bestaat het risico op kostenstijgingen als gevolg van overlast beperkende en/of extra maatregelen. Dit is een risico dat nader onderzocht wordt tijdens de uitwerking. In de raming is hiervoor een bedrag van € 0,8 mln. als risicovoorziening opgenomen.

5/6

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10204970

Gezien het vorenstaande stelt het college de raad voor het volgende besluit te nemen: de raad van de gemeente Den Haag, gezien het voorstel van het college van 5 maart 2024, besluit: I.

€ 10,9 mln. uit de reserve Gebiedsontwikkeling en Sociale woningbouw (Eneco-middelen) overeenkomstig de eerdere reservering (RIS309924) ter beschikking te stellen als gemeentelijke cofinanciering en die toe te kennen aan de Business Case Gebiedsontwikkeling Laan van NOI fase 1;

II.

De tot nu toe gemaakte (t/m 2023) en nog te maken plan- en voorbereidingskosten vanaf 2024 voor de in de business case opgenomen investeringsprojecten te dekken uit de gereserveerde Enecomiddelen van € 10,9 mln. en dit meerjarig te verwerken in de programmabegroting 2024/ 2025 (€ 1,3 mln. in 2024, € 0,6 mln. in 2025, € 0,6 mln. in 2026 en € 0,7 mln. in 2027).

Aldus besloten in de openbare raadsvergadering van 12 september 2024. De griffier,

De voorzitter,

6/6

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14526236/1