20240710-RIS319219 Voorstel van het college inzake Aanvraag Vangnetuitkering 2023
Tekst van het document
Datum
Registratienummer
25 juni 2024
SZW/10750506 RIS319219
Voorstel van het college inzake Aanvraag Vangnetuitkering 2023 Inleiding Evenals over voorgaande jaren (2015 tot en met 2022) is het college voornemens om over het jaar 2023 een vangnetuitkering aan te vragen, zoals bedoeld in artikel 74 van de Participatiewet, ter financiële compensatie van het tekort op de bijstand. Gelet op de hoogte van dit tekort zal deze aanvraag -net als de afgelopen jaren- naar verwachting door het Rijk worden afgewezen, omdat het Rijk dit beschouwt als eigen risico voor de gemeente. Ook dit jaar meent het college, in het licht van onze standpunten en de lopende juridische procedures tegen het Rijk inzake de bijstandsbudgetten, dat het van belang is om over het jaar 2023 een aanvraag voor een vangnetuitkering te doen. Dit zal in het onderstaande verder worden toegelicht. Om een aanvraag in te kunnen dienen, moet een gemeente, naast een tekort hoger dan 7,5% van het definitieve bijstandsbudget, aan een aantal (procedurele) voorwaarden voldoen. De Toetsingscommissie Vangnet Participatiewet beoordeelt de aanvraag en adviseert de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid hierover.
De belangrijkste voorwaarden om in aanmerking te komen voor de vangnetuitkering over 2023 zijn: bij een aanhoudend tekort moet het college bij de aanvraag de oorzaken van het tekort analyseren, aangeven welke interne en externe maatregelen zijn getroffen om het tekort verder te reduceren en ingaan op het beoogde effect van de genoemde maatregelen op de tekortreductie; het college is verantwoordelijk voor de aanvraag, waarbij het volgens de aanvraagprocedure is vereist, dat de gemeenteraad instemt met het inzicht dat het college heeft gegeven in de oorzaken van het tekort, de getroffen interne en externe maatregelen en het beoogd effect van deze maatregelen op de tekortreductie. Ook dient de gemeenteraad een akkoord te geven op de beschrijving van de wijze waarop het college de gemeenteraad heeft geïnformeerd, over het tekort op het bijstandsbudget. De aanvraag voor de vangnetuitkering over 2023 moet uiterlijk 15 augustus 2024 ingediend zijn. In het onderstaande wordt achtereenvolgens ingegaan op de inzet van het college in de juridische procedures tegen het Rijk inzake onze bijstandstekorten, de analyse en de oorzaken van het bijstandstekort, de genomen maatregelen om het bijstandstekort te reduceren en de effecten daarvan.
De genomen maatregelen worden beknopt weergegeven, omdat de raad separaat op verschillende onderdelen en met de jaarrekening 2023 (RIS318640) uitvoerig wordt geïnformeerd. Met deze inhoud voldoet dit raadsvoorstel aan de voorwaarden om daadwerkelijk een aanvraag voor de vangnetuitkering over 2023 te kunnen doen.
Gemeente Den Haag
Spui 70 Den Haag
Postbus 12600 2500 DJ Den Haag
T 14070 www.denhaag.nl
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
SZW/10750506
Inzet van het college Het college is van mening dat de financiering van de bijstand door het Rijk kostendekkend moet zijn, in ieder geval met betrekking tot de onvermijdbare kosten die samenhangen met de uitvoering van deze taak. Deze opvatting wordt in de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 1 juli 2019 over onze zaak onderschreven (RIS303056). Voor de jaren 2015 en 2016 was het Rijk bereid om tot een compromis te komen (RIS309559). Gelet op de voortdurende tekorten op het bijstandsbudget, ziet het college zich genoodzaakt om voor de jaren vanaf 2017 alle rechtsmiddelen in te zetten tot ook voor deze jaren een acceptabele oplossing wordt geboden. Concreet betekent dit, dat er tegen de budgetbeschikkingen over de jaren 2017 tot en met 2022, de voorlopige budgetbeschikking over het jaar 2023 en de beschikkingen ten aanzien van de vangnetuitkeringen over de jaren 2017 tot en met 2022 verschillende bezwaar- en beroepsprocedures lopen. Op 9 april 2024 heeft de Rechtbank geoordeeld, dat de verdeelmodellen voor de jaren 2017 tot en met 2021 tekortkomingen bevatten, die ertoe hebben geleid dat de gemeente Den Haag als grote centrumgemeente in die jaren te weinig budget heeft ontvangen. In de uitspraak worden de budgetbeschikkingen over de jaren 2017 t/m 2019 vernietigd en de minister opgedragen nieuwe besluiten te nemen.
De beschikkingen over de jaren 2020 en 2021 konden volgens de rechter stand houden, omdat het tekort van Den Haag in die jaren niet als onevenredig kan worden beschouwd. Op het moment van schrijven gaan we in (hoger)beroep. Alleen door ook over het jaar 2023 een aanvraag voor een vangnetuitkering te doen, kunnen wij gebruik maken van onze rechtsmiddelen, zoals het instellen van bezwaar en beroep. In overeenstemming met het advies van onze advocaten, willen we daarom deze aanvraag indienen, ook al is de hoogte van het tekort lager dan 7,5% van het definitief toegekende budget over 2023. Het tekort voor 2023 is 4,5%. De aanvraag moet wel aan de procedurele voorwaarden voldoen: in dat perspectief moet dit raadsvoorstel worden gezien. Analyse en oorzaken van het tekort De achterliggende oorzaken van het tekort, zoals ook in de raadsvoorstellen voor de aanvragen voor de vangnetuitkering over 2020 (RIS308995), 2021 (RIS312462), 2022 (RIS315743) zijn beschreven, zijn niet gewijzigd: de systematiek en de uitkomsten van het verdeelmodel voor het bijstandsbudget doen geen recht aan de situatie van onze gemeente en onze arbeidsmarkt. Het college is dan ook van mening dat de financiering door het Rijk gebaseerd moet zijn op de onvermijdbare kosten van de bijstandsverstrekking en dat een gemeente geen ‘pech’ mag ondervinden door een verdeelmodel.
Ondanks de opvatting van het Rijk, dat het verdeelmodel voldoende ‘uitontwikkeld’ is, is onder druk van gemeenten en de VNG, in opdracht van het Rijk, onderzoek gedaan naar meerjarige tekorten en overschotten op het bijstandsbudget. Dit onderzoek is gepubliceerd en op 3 oktober 2022 als bijlage bij de brief aan de Tweede Kamer over de bijstandsbudgetten 2022 en 2023 (kenmerk 2022-0000196510) aangeboden. De uitkomst van dit onderzoek is dat het verdeelmodel op negen kenmerken sterk afwijkt van de situatie in Den Haag. In het uitschietersonderzoek van Berenschot, van afgelopen najaar, wordt geconcludeerd dat Den Haag op negen kenmerken significant afwijkt van andere gemeenten en dat dit een nadelig effect heeft op het BUIG-budget. Concreet houdt dit in, dat een tekort van 4,4% van het totale budget van Den Haag verklaard wordt door niet in het verdeelmodel opgenomen factoren. In oktober 2022 werd door het Rijk het voorlopige macrobudget vastgesteld op € 6.014,9 miljoen; eind september 2023 werd het definitieve budget, na verschillende correcties, voor het jaar 2023 vastgesteld op € 6.658,1 miljoen. Voor de gemeente Den Haag betekende dit dat het definitieve BUIGbudget voor het jaar 2023 uitkwam op € 373,9 miljoen, terwijl de netto BUIG-lasten van de gemeente Den Haag € 390,8 miljoen bedroegen: een tekort van € 16,9 miljoen.
2/7
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
SZW/10750506
In 2023 bedroegen de netto BUIG-lasten van de gemeente Den Haag € 390,8 miljoen. Het toegekende BUIG-budget aan de gemeente Den Haag bedroeg € 373,9 miljoen. De lasten waren daarmee € 16,9 miljoen hoger dan het BUIG-budget. Dit tekort was conform begroting, waardoor er in de jaarrekening geen tekort ontstond. Omdat het huidige verdeelmodel de gemeente Den Haag benadeelt, doet het college, evenals de voorgaande jaren (2015 tot en met 2022), een beroep op de vangnetregeling, ook al is het tekort op het bijstandsbudget lager dan 7,5%. Ontwikkelingen arbeidsmarkt De economische groei in de agglomeratie Den Haag (excl. Delft en Westland) was in 2023 1,9%. Dat was redelijk in lijn met de landelijke ontwikkeling dat jaar (1,4%) (bron: CBS). Op 1 januari 2022 was het aantal banen in de stad 0,3% hoger dan een jaar eerder (RIS314887); in 2022 is het aantal banen verder gegroeid (2,8%), maar een belangrijk deel hiervan is het gevolg van een toename van het aantal eenmanszaken, waar vaak ook sprake is van kwetsbaar ondernemerschap. In vergelijking met de andere grote steden hebben veel Haagse ZZP’ers langdurig een laag inkomen (RIS 311788). Door de eenzijdige samenstelling van de economische basis van Den Haag, groeit de economie en de arbeidsproductiviteit minder snel dan in de andere delen van Nederland (RIS 315627). Den Haag kent een grote vraag naar hoger opgeleid personeel, o.a.
door de aanwezigheid van het openbaar bestuur, specialistische zakelijke dienstverlening en internationale organisaties. Hierdoor kent de arbeidsmarktregio een hoge inkomende pendelstroom van werknemers van buiten de regio. Door de lage scholingsgraad in combinatie met een gebrek aan werkervaring, een beperkt sociaal netwerk en andere factoren, hebben bijstandsgerechtigden een slechtere arbeidsmarktpositie dan het BUIG-model veronderstelt. Werkgevers geven bij de vacaturevervulling veelal de voorkeur aan mensen met recente werkervaring en schoolverlaters. Dit is ook zichtbaar in de sterke daling van het aantal werklozen met een WW-uitkering. Ook al hebben werkgevers veel vacatures, slechts een zeer beperkt deel van deze vacatures is geschikt voor bijstandsgerechtigden, die kunnen werken. Een steeds groter deel van de bijstandsgerechtigden kampt met een relatief zware en complexe problematiek, waardoor re-integratie (nog) niet mogelijk is. De relatief grote mismatch op de arbeidsmarkt heeft het college aanleiding gegeven om tot een gezamenlijke aanpak aansluiting onderwijs arbeidsmarkt bedrijfsleven te komen (RIS 314887). Ontwikkelingen bijstand Het bijstandsbudget (BUIG) bestaat uit verschillende soorten uitkeringen: de bijstand levensonderhoud, krediethypotheken, IOAW, IOAZ en de BBZ. De bijstand voor levensonderhoud beslaat ongeveer 95% van het totaal aantal uitkeringen.
Net als in 2021 daalde in 2022 het aantal uitkeringen in Den Haag: in 2022 om een daling van 5,1%, in 2023 om een daling van 1,8%. Dit is een hoger percentage dan het gemiddelde in de G4-gemeenten van 1,3%. Leeftijdsopbouw aantallen personen met een uitkering levensonderhoud Leeftijdsopbouw bijstand Ultimo 2022 Ultimo 2023 levensonderhoud Jonger dan 27 jaar 1.408 1.492 27 – 50 jaar 9.930 9.606 50 jaar tot AOW 10.904 10.736 Totaal 22.242 21.834
Percentuele verschil 6,0% -3,3% -1,6% -1,8%
3/7
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
SZW/10750506
Samenstelling aantallen uitkeringen levensonderhoud naar verblijfsduur Verblijfsduur bijstand Ultimo 2022 Ultimo 2023 0 – 3 maanden uitkeringsduur 1.206 1.011 3 – 18 maanden uitkeringsduur 2.677 3.416 18 maanden of meer uitkeringsduur 18.359 17.407 Totaal 22.242 21.834
Percentueel verschil -16,2% +27,6% -5,2% -1,8%
De totale uitstroom uit de bijstand was in 2023 4.642 Door de economische ontwikkeling zette de daling van het aantal uitkeringen ook in 2023 door. Den Haag Werkt Aan de daling van de bijstand is in 2023 met 1,8% is bijgedragen door de opgave van Den Haag Werkt, om mensen vanuit de bijstand uit te laten stromen naar school of werk. Mede door de getroffen maatregelen is in 2023 het aantal uitkeringen gedaald van 22.242 naar 21.834. De getroffen maatregelen, zoals ook in de programmarekening zijn opgenomen, hebben in 2023 geresulteerd in: − er zijn in totaal 2.590 mensen naar werk of school begeleid, daarvan zijn 443 mensen met loonkostensubsidie geplaatst op een baan. Bij 1.934 personen is de bijstandsuitkering hierdoor beëindigd; − 373 beschutte werkplekken zijn gerealiseerd, 110 meer dan de wettelijke taakstelling; − 2.017 jongeren zijn gebruik gaan maken van de dienstverlening van het Jongerenpunt070. Dit is inclusief VSV’ers.
Er 1.348 jongeren uitgestroomd naar school of (leer)werk; − in 2023 zijn er 1.876 mensen via Social Return on Investment aan de slag gegaan op een baan of leerwerkplek/stageplek; − het instapwerk is uitgebreid naar 100 deelnemers; − de gemeente heeft zelf 267,8 fte medewerkers in dienst genomen via de banenafspraak en voldoet daarmee aan de wettelijke taakstelling; − in het nieuwe coalitieakkoord zijn extra middelen beschikbaar gesteld voor de re-integratie van vluchtelingen en asielzoekers en vrouwen. Loonkostensubsidie en STiP-banen Ook heeft in 2023 heeft het programma ‘De Stap naar Werk met Loonkostensubsidie’ vorm gekregen. Het doel van dit programma is om meer mensen met loonkostensubsidie aan een baan te helpen. In het jaar 2023 zijn er in totaal 443 mensen met loonkostensubsidie geplaatst, met behulp van de gemeente Den Haag. De STiP-banen zijn onderdeel van het programma loonkostensubsidie. Het aantal deelnemers aan de STiP-regeling (reguliere STiP-regeling, alsmede de conciërgeregeling waarbij kandidaten een baan krijgen op een school als conciërge), is in 2023 gestabiliseerd tot 271 deelnemers. In 2023 zijn 116 kandidaten uitgestroomd naar regulier werk. Jongerenaanpak Sinds medio 2021 is Jongerenpunt070 de nieuwe naam van het Servicepunt Arbeid.
In het Jongerenpunt070 wordt integraal gewerkt om kwetsbare jongeren de juiste ondersteuning en hulpverlening te kunnen bieden (RIS306581, RIS310656, RIS309053, RIS310482 en RIS306618). Jongerenpunt070, een samenwerking van SZW en OCW, biedt jongeren van 16 tot 27 jaar begeleiding naar een opleiding, (leer)werk of een ander passend perspectief, met als ultiem doel duurzame
4/7
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
SZW/10750506
zelfredzaamheid middels integrale dienstverlening. In 2023 zijn 2.017 jongeren gebruik gaan maken van de dienstverlening van het Jongerenpunt070. Dit is inclusief VSV’ers. Er 1.348 jongeren uitgestroomd naar school of (leer)werk. Social return Met het inkoopbeleid worden maatschappelijke doelen gerealiseerd; door inkoop van diensten of goederen bij Den Haag Werkt, aanbestedingen aan erkende sociale ondernemers of social return bij aanbestedingen en inkoop boven de € 221.000. Opdrachtnemers moeten minimaal 5% van de gegunde opdrachtsom gebruiken voor werkgelegenheid of arbeidsontwikkeling, voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. In 2023 zijn er 1.876 mensen aan de slag gegaan op een baan of leerwerkplek/stageplek. Hiervan is ongeveer de helft inwoner van de gemeente Den Haag en ontvingen 140 mensen hier eerder een bijstandsuitkering. Instapwerk Op basis van de uitkomsten van de pilot Instapeconomie (RIS311530), is door de gemeenteraad besloten om dit project uit te breiden. Daarmee wordt meer werk met waarde gecreëerd. Met instapwerk wordt een blijvend perspectief geboden, worden er vaardigheden ontwikkeld en gaan de mensen er financieel op vooruit door een vrijwilligersvergoeding. Bij stichting Werk van Waarde (onderdeel van wijkbedrijf Allekanten) doen 70 deelnemers instapwerk, stichting Lichtpuntjes en stichting Gewoon Sociaal hebben elk 15 deelnemers.
Door deze uitbreiding wordt in meer wijken instapwerk uitgevoerd. Banenafspraak De gemeente Den Haag levert als sociaal werkgever zelf ook een bijdrage aan het realiseren van de ‘banenafspraak’. Dit is genoemd na een afspraak uit 2013 tussen het kabinet en de werkgevers, om tot 2026 nieuwe banen te creëren voor mensen met een ziekte of handicap. Als quotum geldt een percentage van 2,76% van het aantal fte bezetting; dit betekent een doelstelling voor de gemeente Den Haag van 267,8 fte. Het aantal medewerkers dat bij de gemeente werkt en dat is opgenomen in het Doelgroepregister is op de peildatum 31 december 2023 342,85 fte. De gemeente heeft daarmee ook in 2023 voldaan aan de wettelijke taakstelling. Het aantal personen dat via de banenafspraak aan het werk is geholpen, is in de regio Den Haag vergelijkbaar met de regio Amsterdam en Rotterdam. Wel heeft de regio Den Haag veel meer banen gecreëerd voor deze doelgroep. Coalitieakkoord Den Haag 2022-2026 Naast de hiervoor genoemde maatregelen, is in het Coalitieakkoord 2022-2026 vastgelegd dat de gemeente Den Haag ook de komende jaren passende ondersteuning wil bieden aan mensen die aan het werk willen, maar voor wie de stap naar regulier werk te groot is. Boven op de reguliere uitstroomdoelstelling helpen we 1.600 personen extra aan werk, met behulp van Stip-banen en de uitbreiding van de mogelijkheden voor loonkostensubsidie.
Dit is bovenop de reguliere 1.500 personen die nu al jaarlijks met loonkostensubsidie aan het werk zijn. Zo willen we meer mensen een kans geven op werk of een waardevolle bijdrage aan de stad. We investeren de komende jaren hiervoor in totaal € 30 miljoen. In 2022 zijn de eerste stappen gezet om aan deze doelstelling te werken. Coalitieakkoord Den Haag 2023-2026 In dit nieuwe coalitieakkoord is een continuering van het vorige coalitieakkoord met daarin enkele aanvullingen die invloed hebben op de BUIG: Als toevoeging heeft het college extra middelen ter beschikking gesteld om belemmeringen die vluchtelingen en asielzoekers ervaren richting werk weg te nemen.
5/7
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
SZW/10750506
-
Verder is er speciale aandacht voor het bevorderen van de financieel onafhankelijke positie van vrouwen, onder andere door het aanbieden van opleidingen en (begeleiding naar) werk voor nietuitkeringsgerechtigde vrouwen.
Externe maatregelen In de aanvraag voor de vangnetuitkering wordt ook gevraagd naar zogenoemde ‘externe’ maatregelen. Het gaat hierbij, onder andere, om onderzoeken naar bijvoorbeeld de mogelijkheden van en ontwikkelingen op de arbeidsmarkt, input en consultatie van derden over de Haagse aanpak, samenwerking met organisaties en andere gemeenten. Met deze externe maatregelen wordt voortgebouwd op de maatregelen die zijn benoemd in de aanvragen om een vangnetuitkering van 2019, 2020, 2021 en 2022. De externe maatregelen zijn: de samenwerking in de arbeidsmarktregio Haaglanden (ondersteund door het stafbureau Regionaal Platform Arbeidsmarkt) is verder versterkt o.a.
via het RMT-Haaglanden en een verkenning hoe deze samenwerking verder vorm kan krijgen (Regionaal Werkcentrum); gesprekken en samenwerking met werkgevers en maatschappelijke partners om mensen daadwerkelijk te kunnen begeleiden naar en te plaatsen op een arbeidsplaats, onder andere via de coalitie Wonen, Onderwijs en Werk in Den Haag ZuidWest; samenwerking met verschillende onderwijsinstellingen, zoals ROC-Mondriaan en de Pro/VSOscholen waarbij de gemeente en haar partners reeds vooruitlopen op aangekondigde wijzigingen in landelijke wet- en regelgeving ten aanzien van de verbetering van de aansluiting onderwijsarbeidsmarkt voor jongeren; om de resultaten van de bijstandsaanpak te kunnen vergelijken werkt onze gemeente mee aan de benchmark van Divosa. We kunnen zo onze resultaten vergelijken met andere gemeenten in Nederland en de G4; met de G4, maar ook met diverse andere gemeenten en UWV, vindt op verschillende ambtelijke niveaus (directies, beleid- en uitvoering) overleg plaats om ervaringen en kennis te delen; 0p het terrein van handhaving bestaat ook een netwerk van kennisdeling, waar onze gemeente actief aan deelneemt. Er bestaan verschillende platforms zoals de Commissie Handhaving van Divosa en het Kenniscentrum Handhaving en Naleving van de VNG.
Door actieve deelname aan deze netwerken is het eenvoudiger om kennis uit te wisselen en op de hoogte te blijven van nieuwe technieken en methoden voor handhaving; tegen de budgetbeschikkingen over de jaren 2017 tot en met 2023 en de beschikkingen ten aanzien van de vangnetuitkeringen over de jaren 2017 tot en met 2022 verschillende bezwaar- en beroepsprocedures lopen. De Rechtbank heeft geoordeeld dat de gemeente Den Haag te weinig budget heeft ontvangen. Door het ministerie van SZW wordt nu een bezwaar- en beroepsprocedure gestart. Tot slot Het is onze ambitie dat wij een adequate financiering van het Rijk voor onze bijstandskosten ontvangen en dat wij geen beroep meer hoeven doen op de vangnetuitkering. Helaas zijn wij hierover nog steeds in een juridische procedure met het Rijk verwikkeld, waardoor dit raadsvoorstel ten behoeve van een aanvraag voor een vangnetuitkering ook over het jaar 2023 gewenst is.
6/7
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
SZW/10750506
Gezien het vorenstaande stelt het college de raad voor het volgende besluit te nemen: de raad van de gemeente Den Haag, gezien het voorstel van het college van 25 juni 2024, overwegende dat: in artikel 15, zesde lid van de Regeling Participatiewet, IOAW en IOAZ, is geregeld dat het college bij een aanvraag voor de vangnetuitkering aan de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid informatie verstrekt over het tekort op het bijstandsbudget en de genomen maatregelen om te komen tot een (verdere) reductie van hiervan; er voldoende informatie beschikbaar is over het feit dat het tekort op het bijstandsbudget voornamelijk wordt veroorzaakt door factoren, die niet of nauwelijks door de gemeente beïnvloed kunnen worden; vanwege de extra druk op de gemeentelijke middelen, maatregelen tot vermindering van het tekort op het bijstandsbudget noodzakelijk zijn en dat het nemen van deze maatregelen ook een voorwaarde is om in aanmerking te komen voor de vangnetuitkering over het jaar 2023; bij een afwijzing van de aanvraag voor de vangnetuitkering door de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, het college gebruik kan maken van de rechtsmiddelen om het besluit van de minister aan te vechten; besluit: I.
in te stemmen met de analyse van het college over de oorzaken van het tekort, waaruit blijkt dat het tekort op het bijstandsbudget voornamelijk wordt veroorzaakt door factoren, die niet of nauwelijks door de gemeente beïnvloed kunnen worden;
II.
in te stemmen met het gevoerde beleid en de wijze waarop het college de raad heeft geïnformeerd over het tekort op het bijstandsbudget en over de maatregelen die een bijdrage leveren aan de vermindering van dit tekort;
III. in te stemmen met de analyse van het college, het gevoerde beleid en de maatregelen, die opgenomen worden in de aanvraag voor de vangnetuitkering 2023. Aldus besloten in de openbare raadsvergadering van 10 juli 2024. De griffier,
De voorzitter,
7/7