20240620-RIS318447 Voorstel van het college inzake Aanvalsplan Afval 2023-2026
Tekst van het document
Datum
Registratienummer
17 april 2024
DSB/10718068 RIS318447
Voorstel van het college inzake Aanvalsplan Afval 2023-2026 Het Aanvalsplan Afval 2023-2026 (RIS315979) is het beleidskader waarin de doelen en acties staan om de stad schoon te houden. Tijdens het afvaldebat op 23 november 2023 is het Aanvalsplan besproken. Het college heeft bij de behandeling van het Aanvalsplan de toezegging gedaan om de raad een raadsvoorstel toe te sturen voor het Aanvalsplan. Bij dit voorstel moest ook de besteding van de aanvullende middelen en de nieuwe manier van meten, ofwel de nieuwe effectindicator, worden betrokken. Gelijktijdig aan dit voorstel stuurt het college de raad een voortgangsrapportage toe waarin de voortgang over 2023 wordt gedeeld. Aanleiding nieuwe effectindicator In het Aanvalsplan Afval is een nieuwe meetmethode aangekondigd. Met de nieuwe meetmethode worden meer vuilsoorten gemeten (20) waardoor er een beter beeld ontstaat van de kwaliteit van schoon. Rapporteren via ‘De 8 op schoon’ is daarmee niet langer passend. Het college doet daarom een voorstel voor een nieuwe wijze van rapporteren. Deze voorgenomen wijziging van de meetmethode sluit aan bij de aanbevelingen uit het rekenkameronderzoek ‘Schoon op papier’. Het oude rapportcijfer was gebaseerd op objectieve, technische metingen van drie vuilsoorten: grof zwerfafval, fijn zwerfafval en veegvuil. De nieuwe meetmethode maakt gebruik van de CROWmethodiek.
De CROW-methodiek wordt door veel gemeenten gebruikt om de kwaliteit van de buitenruimte te monitoren en het beheer en onderhoud bij te sturen. Op basis van vastgestelde hoeveelheden van een bepaalde vuilsoort per meetvak wordt de score D, C, B, A of A+ toegekend, waarbij de A+ het hoogst haalbare is. Zo kent elke vuilsoort een zogenoemde beeldmeetlat.
Voorbeeld beeldmeetlat ‘zwerfafval fijn’; de normscore is B.
Voor iedere vuilsoort is in het Aanvalsplan op basis van deze CROW-methodiek een normscore (bijvoorbeeld een ‘B’ of een ‘A’) bepaald die gehaald moet worden. In de commissiebrief bij het Aanvalsplan (RIS315979) is opgenomen dat in 80% van de metingen de normscore gehaald moet worden. Het bepalen van de normscores is gedaan in samenspraak met de uitvoerende diensten en op basis van data van eerdere metingen.
Gemeente Den Haag
Spui 70 Den Haag
Postbus 12600 2500 DJ Den Haag
T 14070 www.denhaag.nl
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSB/10718068
Hierbij is gekeken naar wat een reële normscore zou zijn voor zowel het gemiddelde van de stad als voor het gemiddelde van de individuele stadsdelen, rekening houdende met de toenemende druk op het gebruik van de openbare ruimte. Het ambitieniveau en voorgestelde effectindicator Met het Aanvalsplan Afval 2023-2026 is het ambitieniveau voor alle vuilsoorten voor de gehele stad gelijk: we willen dat in 80% van de metingen de normscores worden gehaald. Een overzicht van de normscores en resultaten in 2023 is te vinden in bijlage 1. Voor het gemiddelde van de stad wordt er voor onderstaande beeldmeetlatten nog onder de norm van 80% gescoord: -
Verharding zwerfafval grof – 67% op niveau Verharding zwerfafval fijn – 70% op niveau Verharding veegvuil in goten en randstroken – 66% op niveau Verharding veegbaar zwerfafval – 75% op niveau Riolering kolk-belemmering inlaat - 75% op niveau Groen-boom-boomspiegel-zwerfafval fijn – 72% op niveau
Wanneer wordt ingezoomd naar de scores op stadsdeel- of wijkniveau, zijn er echter grote verschillen te zien. Een voorbeeld: de beeldmeetlatten fijn en grof zwerfafval scoren resp. in Laak 41% en 38% en in Haagse Hout 86% en 82%. De raad heeft tijdens het afvaldebat aan het college gevraagd om te rapporteren over het Aanvalsplan Afval en de kwaliteit schoon op een manier die recht doet aan de diversiteit van de stadsdelen en/of wijken. Het voorstel van het college is daarom om te rapporteren via twee sporen waarbij dit verschil is meegenomen: -
-
Via de beleidscyclus: Er wordt een voortgangsbrief over de periode tot eind 2023 naar de gemeenteraad gestuurd. Voor de kalenderjaren 2024 en 2025 wordt een voortgangsrapportage opgesteld die in het eerste kwartaal na het betreffende kalenderjaar met de raad zal worden gedeeld. In deze voortgangsrapportage zal worden gerapporteerd over de behaalde doelstellingen per stadsdeel. Via de P&C-cyclus: In de P&C-cyclus wordt een nieuwe effectindicator voor de kwaliteit schoon opgenomen. Voor de beeldmeetlatten wordt teruggekoppeld in hoeverre het ambitieniveau om in minimaal 80% van de metingen de normscore te halen, wordt bereikt.
Bij de nieuwe effectindicator wordt voor alle 20 beeldmeetlatten een stedelijk gemiddelde opgenomen. Naast dit stedelijke gemiddelde wordt gerapporteerd over een selectie van beeldmeetlatten. Deze selectie bestaat uit de beeldmeetlatten die in 2023 onder het stedelijk ambitieniveau presteerden, aangevuld met twee beeldmeetlatten voor illegaal gestort afval/bijplaatsingen. Als het minder goed gaat met de scores op illegaal gestort afval/bijplaatsingen, ervaren bewoners hier namelijk sneller overlast van. De focus ligt op de wijken die voor deze selectie aandachtsbeeldmeetlatten onder de 80% scoren. In totaal zijn dat 25 wijken. De effectindicator ziet er dan als volgt uit: Effectindicator
Nulmeting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
Begroting 2027
Gemiddelde van de stad
84%
80%
80%
80%
80%
Acht aandachtsbeeldmeetlatten voor 25 wijken*
69%
80%
80%
80%
80%
Kwaliteit Schoon
* Bezuidenhout, Binckhorst, Bomen- en Bloemenbuurt, Bouwlust, de wijk Centrum, Duindorp, Duinoord, Groente- en Fruitmarkt, Laakkwartier en Spoorwijk, Leyenburg, Loosduinen, Moerwijk, Morgenstond, Regentessekwartier, Rustenburg en Oostbroek, de wijk Scheveningen, Schildersbuurt, Stationsbuurt, Transvaalkwartier, Valkenboskwartier, Vruchtenbuurt, Waldeck, Willemspark, Zeeheldenkwartier, Zuiderpark. N.B. Dit zijn de wijknamen volgens CBS-hantering. De wijk Centrum bestaat hierbij uit de buurten: Kortenbos, Voorhout, Uilebomen en Zuidwal. De wijk Scheveningen bestaat uit de buurten: Oud Scheveningen, Vissershaven, Scheveningen Badplaats, Visserijbuurt en Rijslag.
2/6
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSB/10718068
Aanvullende middelen 2024 In de komende periode ontvangen we voor de kosten die betrekking hebben op het opruimen en voorkomen van wegwerpplastics in de openbare ruimte (UPV Single Use Plastics1) extra middelen (proefberekening 2024: €7.500.000). Daarnaast zijn er in het Haags Akkoord (RIS316672) middelen vrijgemaakt voor de intensivering van de aanpak afvaloverlast in specifieke gebieden. Deze middelen kunnen een sterke impuls geven in het behalen van de acties en ambities van het Aanvalsplan Afval 2023-2026. De nieuwe meetmethode voorziet in een systematiek om onderbouwd te kunnen constateren dat extra inzet dankzij deze middelen leidt tot een schonere stad. De middelen uit het coalitieakkoord (€2.000.000) zijn al als zodanig gelabeld. Deze zullen worden ingezet in de prioritaire gebieden op het gebied van afvaloverlast, dit zijn de wijken Laak, Transvaal, Zevensprong, Rustenburg en Oostbroek, Moerwijk, ReVa Zuid en Schilderswijk. De SUP-richtlijn (en de daaruit voortkomende UPV-gelden) is een nieuw instrument om zwerfafval tegen te gaan. Producenten van wegwerpplastic gaan jaarlijks meebetalen aan de kosten die gebiedsbeheerders zoals gemeenten maken voor het opruimen van het zwerfafval. Voor wat betreft de UPV-gelden is het nog niet geheel duidelijk hoe ze zullen worden uitgekeerd.
Er wordt bijvoorbeeld nog een centraal uitvoeringsorgaan aangewezen dat deze taak op zich neemt. De eerdere bijdrage die de gemeente ontving voor de aanpak tegen zwerfafval vanuit de Raamovereenkomst Verpakkingen, komt met de komst van deze UPV-gelden te vervallen. Optimale inzet middelen voor een schone stad Het uitgangspunt is dat de aanvullende middelen worden ingezet om de stad schoner en leefbaarder te maken. We gaan hierbij voor een optimale inzet: daar waar het nodig is, zal extra worden ingezet. In bijlage 2 is zowel voor de coalitiemiddelen als voor de UPV-gelden een bestedingsvoorstel opgenomen. Er zijn verschillende bestedingscategorieën te onderscheiden, van extra materieel (veegmachines inclusief personeel) tot communicatie en participatieactiviteiten. We willen met deze extra inzet niet alleen beter scoren op de objectieve kwaliteit van schoon (via de beeldmeetlatten), maar ook op hoe schoon de stad wordt beleefd door bewoners. We kunnen met deze extra inzet bijvoorbeeld sneller reageren op meldingen, deze sneller afhandelen en specifieke vuilsoorten aanpakken waar bewoners zich aan ergeren. Door in te zetten waar nodig, zal er niet alleen verschil merkbaar zijn in de wijken waar afvaloverlast vaker voorkomt, maar kan ook worden voorkomen dat het probleem zich mogelijk verplaatst.
Ook als er bijvoorbeeld door onvoorziene omstandigheden veel vuil ontstaat in een stadsdeel waar dat minder vaak voorkomt, kan daar snel actie op worden ondernomen. De UPV-middelen zijn op basis van een proefberekening vastgesteld. Deze berekening wordt op 1 juni 2024 definitief gemaakt en de middelen moeten uiterlijk 1 november aan gebiedsbeheerders worden uitgekeerd. De hoogte van de uitkering wordt jaarlijks middels deze cyclus opnieuw vastgesteld en uitgekeerd. Vanwege dit proces, de hoogte van de berekening en de onduidelijkheden die er nu zijn rondom de wijze van uitkeren, zullen we op het moment dat het bedrag definitief is, de benodigde besluiten formeel aan de raad voorleggen. Naar alle waarschijnlijkheid zal dit gaan om het instellen van een bestemmingsreserve, zodat ervoor kan worden gezorgd dat de middelen die zijn bedoeld voor een schone stad ook zo worden ingezet.
Uitwerking van de SUP-Richtlijn (EU) 2019/904 van het Europees Parlement en de Raad van 5 juni 2019 betreffende de vermindering van de effecten van bepaalde kunststofproducten op het milieu. 1
3/6
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSB/10718068
Voorstel van het college inzake Aanvalsplan Afval 2023-2026 Gezien het vorenstaande stelt het college de raad voor het volgende besluit te nemen: De raad van de gemeente Den Haag, Gezien het voorstel van het college van 17 april 2024, Besluit: I. II. III.
IV. V.
in te stemmen met het Aanvalsplan Afval 2023-2026; in te stemmen met de nieuwe effectindicator voor de kwaliteit schoon in de Programmabegroting; in te stemmen met het bestedingsvoorstel ad. € 2,0 mln. voor de prioritaire gebieden op het gebied van afvaloverlast en deze te dekken uit programma 9 Buitenruimte, inrichting en onderhoud Buitenruimte (deelactiviteit Straatreiniging); in te stemmen met het indicatieve bestedingsvoorstel ad. (zeer waarschijnlijk ter hoogte van) € 7,5 mln. voor de middelen die vanuit de UPV-gelden voor schoon ontvangen zullen worden. de Programmabegroting 2025-2029, inclusief jaarschijf 2024, te wijzigen overeenkomstig de bij dit besluit behorende begrotingswijziging, waarin onder punt 1 t/m 4 opgenomen besluiten zijn verwerkt.
Aldus besloten in de openbare raadsvergadering van 20 juni 2024. De griffier,
De voorzitter,
4/6
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSB/10718068
Bijlage 1: normscores en nulmeting beeldmeetlatten Water
Normscore
Water-drijfvuil in water
A
Resultaat 2023 94%
Water-oever-drijfvuil tegen oever
A
92%
Water-oever-zwerfafval grof
A
86%
A
93%
Verharding-natuurlijk afval in goten en randstroken
C
88%
Verharding-natuurlijk afval op verharding
B
95%
Verharding-uitwerpselen
A
94%
★ Verharding-veegbaar zwerfafval
B
75%
★ Verharding-veegvuil in goten en randstroken
A
66%
A
92%
★ Verharding-zwerfafval fijn
B
70%
★ Verharding-zwerfafval grof
A
67%
Riolering ★ Riolering-kolk-belemmering inlaat
B
75%
B
90%
A
90%
B
94%
★ Groen-boom-boomspiegel-zwerfafval fijn
B
72%
Groen-boom-boomspiegel-zwerfafval grof
A
85%
Groen-beplanting-grofvuil
A
97%
Groen-beplanting-zwerfafval grof
B
86%
Verharding ★ Verharding-grofvuil
Verharding-veegvuil op verharding
Meubilair Meubilair-afvalbak-vullingsgraad ★ Meubilair-container-bijgeplaatst afval rondom container Groen-gras en kruidachtigen Groen-gras en kruidachtigen-zwerfafval grof Groen-boom
Groen-beplanting
N.B. met ★ zijn de aandachtsbeeldmeetlatten.
5/6
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSB/10718068
Bijlage 2: bestedingsvoorstellen aanvullende middelen Bestedingsvoorstel coalitiemiddelen prioritaire gebieden op het gebied van afvaloverlast Besteding
2024
2025
2026
Totaal
1,5 fte projectleider gebiedsgerichte inzet Schoon
€ 135.000
€ 135.000
€ 135.000
€ 405.000
Extra inzet (weekend)
€ 215.000
€ 395.000
€ 395.000
€ 1.005.000
Acties door en voor bewoners
€ 100.000
€ 100.000
€ 100.000
€ 300.000
Meertalige voorlichting/communicatie
€ 50.000
€ 35.000
€ 25.000
€ 110.000
€0
€ 85.000
€ 95.000
€ 180.000
€ 500.000
€ 750.000
€ 750.000
€ 2.000.000
Overige kosten Totaal
Bestedingsvoorstel aanvullende middelen vanuit SUP-gelden voor 2024 - 2026* Besteding
2024
Materieel (extra beachcleaner en veegmachines incl. personeel, inzet wagens voor weekendinzet, € 1.500.000,00 slimme afvalbakken) Personele inzet (personeel voor voorkomen, opruimen en handhaven van bijplaatsingen doordeweeks en in het weekend, extra ledigingen € 550.000,00 ORAC’s weekend, extra reiniging parken in hoogseizoen) Gedrags-, participatie- en communicatie inzet (afvalvoorlichters, meertalige communicatie, € 120.000,00 gedragsinterventies bijplaatsingen) Maatregelen in water** -
2025
2026
€ 1.500.000,00 € 1.500.000,00
€ 550.000,00
€ 550.000,00
€ 120.000,00
€ 120.000,00
-
-
Onkruid (extra onkruidverwijdering)
€ 180.000,00
€ 180.000,00
€ 180.000,00
Overig (alle overige acties uit Aanvalsplan)
€ 150.000,00
€ 150.000,00
€ 150.000,00
€ 2.500.000,00
€ 2.500.000,00
€ 2.500.000,00
Totaal
*Voorlopig ingeschat op evenredige verdeling in verband met levertijden, aanbestedingen en aanschaf van materieel versus inhuur. Nadere uitwerking volgt in de komende periode en wordt opgenomen in de meerjarenbegroting 2025-2028. **Vanuit het Aanvalsplan Afval zijn een aantal maatregelen in water beschreven, zoals het plaatsen van een afvangsysteem. Deze maatregelen kennen een andere dekkingsbron.
6/6