20230608-RIS313042 Gewijzigd initiatiefvoorstel PvdD Wonen in een leefbare stad
Tekst van het document
Wonen
e r a leefbstad in een
GEWIJZIGD VIJFPUNTENPLAN Robert Barker Partij voor de Dieren Den Haag
RIS313042 4 juni 2023
I N L E I D I N G Den Haag kampt met een wooncrisis. Het is een uitdaging om in een stad als Den Haag te bouwen voor alle bevolkingsgroepen en tegelijkertijd de leefbaarheid op peil te houden. Zo heeft het bouwen in het groen, het slopen van beeldbepalende gebouwen of een tekort aan voorzieningen een grote invloed op hoe leefbaar
een wijk is. Veel gemeentelijke beleid heeft hier invloed op. Ook hebben gemeentelijke keuzes invloed op of Den Haag een stad is voor alle inwoners en of er dus ook genoeg sociale woningen komen. Dit initiatiefvoorstel draagt vijf specifieke maatregelen aan die bijdragen aan een leefbare en sociale stad.
I N H O U D S O P G A V E Inleiding2 Probleemstelling3 Aanpak4
2
Financiën6 Raadsbesluit7 Colofon8
P R O B L E E M S T E L L I N G Den Haag heeft nu rond de 555 duizend inwoners (Den Haag in cijfers). Het aantal inwoners is sinds 2018 met 20 duizend gestegen en het aantal woningen in die tijd met 11 duizend. De komende tijd is de verwachting dat de groei van de bevolking niet gaat afnemen. Voor een deel zal de groei in de regio in Den Haag moeten worden opgevangen. Tegelijkertijd is van belang om de leefbaarheid op peil te houden, want juist in dichtbevolkte gebieden staat de leefbaarheid extra onder druk. De leefbaarheid kan worden gedefinieerd (definitie van de landelijke Leefbaarometer) als de mate waarin de omgeving aansluit bij de eisen en wensen die er door de mens aan worden gesteld. Ook in de leefbaarheidseffectrapportage dat door het Wijkberaad Bezuidenhout is ont-
wikkeld is dit begrip uitgewerkt in factoren als de kwaliteit van de openbare ruimte, mobiliteit, ruimtegebruik, veiligheid en voorzieningen. In dichtbevolkte wijken waar bouwontwikkelingen plaatsvinden is het nog meer van belang dat er genoeg aandacht is voor het groen en voorzieningen. Mensen zijn gelukkiger met groen in hun omgeving en daarnaast draagt groen bij aan het tegengaan van zaken als hittestress en wateroverlast. Ook voelen mensen zich meer verbonden met hun wijk bij een fijne inrichting van de openbare ruimte en gebouwen die historie hebben. Naast aandacht hebben voor de leefbaarheid, is het van belang dat er genoeg woonruimte is voor alle inwoners. Het is daarom zorgelijk dat het aandeel sociale huurwoningen de afgelopen tijd is gedaald (zie grafiek 1).
Aandeel sociale huurwoningen
Inwoners
Grafiek 1: Bevolkingsgroei en sociale huurwoningen (Den Haag in cijfers)
3
2022
2021
2020
2019
2018
2017
2016
2015
2014
2013
2012
2011
2010
30% 2009
400.000 2008
35%
2007
500.000
2006
40%
2005
600.000
De hiervoor genoemde zaken (groen, voorzieningen, beeldbepalende gebouwen en sociale woningen) komen vaak terug in discussies in de raad. Zo zijn er veel voorbeelden te geven van plekken waar groene ruimte verdwijnt, beschermd stadsgezicht wordt aangetast en te weinig sociale woningen worden gebouwd. Hierbij kan gedacht worden aan de ontwikkelingen in Dreven. Hier wordt veel groene ruimte verhard, wordt een beschermd stadsgezicht opgeheven en het is de vraag of aan de norm van minstens 30% sociale huur wordt voldaan. Ook spelen bij bouwplannen in het centrum zoals Bellevue, The Grace en SoZa dezelfde vragen met betrekking tot het aantal voorzieningen, het slopen van beeldbepalende gebouwen, het groen en de sociale norm. In verschillende projecten, bijvoorbeeld bij SoZa en Zuidwest hangen keuzes die het stadsbestuur maakt ook samen met het huidige parkeerbeleid waardoor onverharde groene ruimte wordt vervangen door parkeerplaatsen. Ook wordt daardoor eerder de afweging gemaakt om beeldbepalende gebouwen te slopen, zoals bij de Theresiakerk dreigt, aangezien niet aan de parkeernorm kan worden voldaan. In dit voorstel worden op deze belangrijke discussiepunten voorstellen gedaan voor verbeteringen.
A A N P A K Een leefbare stad is een stad waar groene ruimte en beeldbepalende gebouwen worden gekoesterd. Dit betekent dat verdichting niet overal kan. Tegelijkertijd moet waar verdichting plaatsvindt dit inclusief gebeuren. Niet alleen rijke mensen moeten in de stad kunnen wonen. Om de voorgaande redenen worden onderstaande punten voorgesteld:
1. Leefbaarheidseffectrapportage per 2024 invoeren Met een leefbaarheidseffectrapportage (LER) wordt inzichtelijk gemaakt hoe het met de leefbaarheid in een wijk staat en wat de effecten zijn van geplande nieuwbouw. Het wijkberaad Bezuidenhout heeft hier het initiatief toe genomen. Opeenvolgende coalitieakkoorden hebben
4
vastgelegd dat de LER zou worden ingevoerd, maar tot nu toe is het slechts bij een pilot gebleven. Dit terwijl een LER zowel als participatietool als voor beleidsmakers een goed instrument kan zijn. Om vast te stellen hoe goed een wijk scoort op het gebied van leefbaarheid worden actuele cijfers gebruikt en gekoppeld aan de gemeentelijke beleidsuitgangspunten die in nota’s zijn vastgelegd. Er kan ook gebruik worden gemaakt van de vastgestelde referentienormen (zie RIS307513). Het is van belang dat deze analyse wordt gemaakt voor elke wijk. Dit betekent dat iedere inwoner van Den Haag per 1 januari 2024 inzicht heeft in de leefbaarheid in zijn wijk. Daarnaast kan de LER bij een bouwplan worden gebruikt om inzicht te geven in de gevolgen van een plan. Niet voor elk bouwplan is dit logisch,
maar voor grote bouwplannen is dit zeer wenselijk. Op die manier kan de LER gebruikt worden in gesprekken met wijkbewoners.
2. Groeneffecten van bouwplannen in kaart brengen Bij elk plan moet voor het waterschap een watertoets worden uitgevoerd. In deze watertoets, die vaak is weggestopt in een bestemmingsplan,
wordt aangegeven hoeveel onverharde ruimte verdwijnt. Daarnaast moet volgens het Routeboek stadsbomen in projecten al in de eerste fases (initiatieffase en fase van het schetsontwerp) het groen en de bomen in kaart worden gebracht. In latere fases moet ook voor elk bouwplan indien bomen worden gekapt op termijn een kapvergunning worden aangevraagd. Het is van belang dat deze aspecten bij het bouwplan direct zichtbaar worden afgewogen, want als het bouwvlak en -volume zijn vastgesteld is er weinig mogelijkheid om erop te sturen. In de aangenomen motie ‘Informatie bomenkap vast onderdeel van ieder ruimtelijk plan’ (RIS311115) is verzocht de gevolgen voor het groen in kaart te brengen. Dit pakt het college op, maar nog steeds is vaak niet op een vroeg moment transparant wat de groene gevolgen zijn. Het is van belang dat expliciet op een vroeg moment wordt gekeken naar het behouden van het groen en hierover wordt gerapporteerd. Dit kan ertoe bijdragen dat de gemeente meer inzet op het behoud van groen in een verdichte stad. En dit is zeer wenselijk. Mensen met groen in hun directe omgeving voelen zich gelukkiger, zijn minder vaak ziek en hebben meer binding met hun buurt. Naast de waarde die planten en dieren voor zichzelf hebben, vervullen ze ook functies in het milieu. Zo voorkomen planten wateroverlast en erosie. Ze dempen daarnaast zomerse hitte door schaduw en verdamping.
3. De parkeernorm aanpassen voor behoud van groen en beeldbepalende gebouwen De afgelopen collegeperiode heeft laten zien dat projecten moeilijk van de grond komen door de parkeernorm. Op verschillende manieren wordt dan door ontwikkelaars geprobeerd onder deze norm uit te komen en dit wordt soms toegestaan. Echter, er is geen generieke mogelijkheid om onder de parkeernorm uit te komen gegeven de beperkte ruimte op het kavel. Het is wenselijk om deze mogelijkheid te creëren indien het kavel te klein is en slechts voor tranformatieprojecten (geen nieuwbouw) aangezien ondergronds parkeren dan vaak geen optie is. Op die manier kan voorkomen worden dat waardevol groen verloren gaat of kunnen voor de buurt
5
beeldbepalende gebouwen worden behouden. Dit voornemen zorgt ervoor dat nieuwe bewoners van deze plannen, bijv. nieuwe bewoners in een gerenoveerd kerkgebouw, geen parkeervergunning krijgen en zo niet zo bijdragen aan een toename van de parkeerdruk.
4. De parkeernorm versoepelen bij veel sociale woningen Er zijn lange wachtlijsten voor sociale woningen en de afgelopen jaren hebben laten zien dat het percentage sociale woningen steeds is afgenomen. Een van de grote drempels om sociaal te bouwen is de benodigde parkeerruimte. Corporaties geven aan dat voor de prijs van vier parkeerplaatsen een sociale woning kan worden gebouwd. Deze hoge kosten, tussen de 20 en 40 duizend euro per plek, resulteren erin dat soms geen woningen worden gerealiseerd of een parkeerplek komt op de plek van een woning. Dit terwijl er genoeg mensen zijn die het prima zouden vinden in een woning te wonen zonder auto. Daarbij komt dat er niet zoiets bestaat als een sociale parkeerplek en dit resulteert erin dat vanwege de hoge prijzen voor een parkeerplek bewoners geen gebruikmaken van de parkeergarage en deze dus vaak leegstaat. Voor ontwikkelaars en corporaties komt dit dus niet uit. Daarnaast is het zo dat in het geval ontwikkelaars gehouden worden sociaal te bouwen dit slechts voor de norm van 30% gebeurt. Het is echter wenselijk om te stimuleren meer sociaal te bouwen. Daarom wordt voorgesteld om, indien meer sociale woningen worden gerealiseerd dan volgens de Woonagenda 2020-2023 (RIS305711) wordt verplicht, afwijkingen van de parkeernorm toe te staan. Bij een groter aantal sociale woningen dan 30% mag dus worden afgeweken van de parkeernormen.
Door voor deze
woningen geen parkeervergunningen af te geven heeft deze maatregel geen gevolgen voor de openbare ruimte. Wel zal het ervoor zorgen dat mensen eerder een woning kunnen krijgen. Om te borgen dat deze woningen een goed alternatief hebben via het openbaar vervoer (naast de fiets) wordt de eis gesteld dat de nieuwe woningen op maximaal 25 minuten (inclusief de wandeling) per bus, tram of trein van een van de drie intercity stations liggen. In Amsterdam geldt op voorspraak van D66 in de gemeenteraad al sinds 2017 het beleid dat geen parkeerplekken bij sociale woningen verplicht zijn. Dit geldt voor het grootste deel van de gemeente; alleen plekken met slecht OV zijn uitgezonderd (Nota Parkeernormen Auto 2017, Amsterdam). In dit vijfpuntenplan wordt een veel mildere variant voorgesteld waarbij het slechts gaat om projecten waar meer dan 30% sociaal wordt gebouwd. De keuze of van deze mogelijkheid gebruik wordt gemaakt ligt bij het college.
5. Voorkom het ontduiken van de sociale norm van 30% In de Woonagenda 2020-2023 (RIS305711) worden uitzonderingen toegestaan op de norm van 30% sociale huurwoningen per bouwproject indien er minder dan 80 woningen (voor eengezinswoningen: 30) worden gebouwd. Het is logisch dat voor hele kleine ontwikkelingen deze sociale norm niet geldt, maar 80 woningen zijn geen kleine ontwikkelingen. Deze regel zorgt ervoor dat juist in rijke wijken geen sociale woningen komen en zo wordt de segregatie bevorderd. Daarom wordt voorgesteld de norm te verlagen tot 20 woningen. Op deze manier worden echt kleine projecten ontzien, maar wordt ook gewoon in rijkere wijken in het centrum sociaal gebouwd.
F I N A N C I Ë N De vijf punten hebben vooral gevolgen voor bouwplannen en geen financiële gevolgen voor de gemeentebegroting.
6
R A A D S B E S L U I T De gemeenteraad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen d.d. …, gezien het voorstel van Robert Barker, Partij voor de Dieren.
Besluit: I. Om de Leefbaarheidseffectrapportage (LER) per 1 januari 2024 in te voeren, zodat elke inwoner van Den Haag de LER voor zijn/haar wijk kan bekijken, en het college te verzoeken om bij grote nieuwbouwplannen of andere grote ontwikkelingen de leefbaarheidsgevolgen bijvoorbeeld via de LER inzichtelijk te maken en in de LER ook de referentienormen te verwerken. verworpen II. Vast te leggen dat expliciet bij elk ruimtelijk plan wordt gespecificeerd hoeveel bomen zullen worden gekapt conform de Nota stadsbomen en dit nadrukkelijker en goed vindbaar op te nemen in besluiten. Daarnaast voor deze plannen ook op te nemen hoeveel onverharde ruimte verdwijnt en groen wordt toegevoegd (groenbalans). Naast het specificeren van deze verwachte groene gevolgen, dit te motiveren en hierbij aan te geven welke alternatieven hiervoor zijn bekeken (binnen de randvoorwaarden die al zijn vastgelegd) die resulteren in minder groenverlies. aangenomen III. Aan de Nota parkeernormen Den Haag 2021 (RIS309940) het volgende artikel toe te voegen:
verworpen
Artikel 2:5 Vrijstelling vanwege beeldkwaliteit of groen Het college kan voor verbouwplannen en transformatieprojecten vrijstelling verlenen van (een deel van) de autoparkeereis, indien: a. er beperkte ruimte is op het bestaande kavel; b. en de vrijstelling in het belang is van de beeldkwaliteit, doordat zo een gebouw niet gesloopt wordt, of de vrijstelling in het belang is van de groene omgeving doordat door een lagere parkeereis het aantal vierkante meters groen gelijk blijft of wordt vergroot.
IV. Aan de Nota parkeernormen Den Haag 2021 (RIS309940) het volgende artikel toe te voegen:
verworpen
Artikel 2:6 Vrijstelling voor sociale woningen Het college kan voor nieuwbouwplannen, verbouwplannen en transformatieprojecten vrijstelling verlenen van de autoparkeereis indien van de netto toevoeging van woningen meer dan 30% sociaal is. In dat geval kan voor de sociale woningen die boven de 30% worden gerealiseerd de parkeereis overeenkomstig worden verlaagd. Voorwaardelijk aan deze toestemming is dat vanaf de woning station Hollands Spoor, Centraal of Laan van NOI binnen 25 minuten per openbaar vervoer (inclusief wandeling naar de halte) te bereiken zijn.
7
V. De Woonagenda 2020-2023 (RIS305711) aan te passen door op pagina 21 de bestaande zinnen over de uitzondering op de sociale norm te vervangen door de volgende:
verworpen
Deze verplichting geldt vanaf 20 woningen (totale plan, met uitzondering van bestaande afspraken). Het is voor initiatiefnemers niet toegestaan plannen ‘op te knippen’ naar meerdere kleinere plannen van minder dan 20 woningen om zo onder de eisen uit te komen.
Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van … De griffier,
De voorzitter,
Aldus gedeeltelijk vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 8 juni 2023.
8
C O L O F O N Partij voor de Dieren Den Haag
Foto’s
Spui 70 2511 BT Den Haag
P. 1: The Hague & Partners/Jurjen Drenth P. 2: The Hague & Partners P. 3: dudlajzov, Adobe Stock P. 4: The Hague & Partners P. 5: The Hague & Partners/Jurjen Drenth P. 6: The Hague & Partners/Jurjen Drenth P. 8: The Hague & Partners/Jurjen Drenth
Tel. nr. | 070 353 3714 E-mail | pvdd@denhaag.nl Website | denhaag.partijvoordedieren.nl Robert Barker | Tekst Pieter Groenewege | Vormgeving
9