CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

20230209-RIS313806 Voorstel van het college naar aanleiding van Adviescommissie bezwaarschriften over besluit intrekking beschermd stadsg

Gemeenteraad 9 februari 2023, gemeente Den HaagBij agendapunt: Voorstel van het college naar aanleiding van Adviescommissie bezwaarschriften over besluit intrekking beschermd stadsgezicht De Dreven (RIS313806)1.503 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Datum

Registratienummer

29 november 2022

DSO/10417934 RIS313806

Voorstel van het college naar aanleiding van Adviescommissie bezwaarschriften over besluit intrekking beschermd stadsgezicht De Dreven (RIS311095) Inleiding De gemeenteraad heeft op 10 februari 2022 besloten om de aanwijzing van De Dreven als beschermd stadsgezicht in te trekken (RIS311095). Er zijn twee bezwaarschriften ingediend: Van Heijningen (advocaat), namens • Vereniging Bond Heemschut • Stichting SOS Den Haag • Vereniging Vrienden van Den Haag Het Cuypersgenootschap De ingediende bezwaren richten zich vooral op de planvorming en de zorgvuldigheid van de weging die gemaakt is bij dit besluit. Op 15 september 2022 heeft de Adviescommissie Bezwaarschriften een hoorzitting gehouden en op 5 oktober 2022 heeft zij bijgevoegd advies uitgebracht. Het advies De Adviescommissie gaat niet in op de inhoudelijke weging die gemaakt is bij dit besluit maar stelt dat de inwerkingtreding van het besluit voor de gehele buurt, op dit tijdstip, ongewild meer ruimte biedt dan wat de gemeente ook zelf wil: in de eerste plaats omdat het intrekkingsbesluit nu sloop mogelijk maakt zonder sloopvergunning waardoor het in beginsel juridisch mogelijk zou zijn om alle gebouwen in het gebied ineens te slopen (kaalslag), zonder duidelijke garantie dat binnen afzienbare termijn nieuwbouw plaatsvindt.

ten tweede omdat volgens de Nota van Uitgangspunten (RIS308508) en het projectdocument (RIS311093) bepaalde elementen van het beschermd stadsgezicht behouden blijven, waardoor een gehele opheffing niet noodzakelijk is. De commissie stelt voor om het huidige besluit in te trekken en te vervangen door een besluit waarbij telkens de bescherming pas wordt opgeheven als voor dat deel van het gebied voldoende vast staat dat snel vervangende nieuwbouw gerealiseerd wordt. Er wordt een koppeling met het nog vast te stellen nieuwe publiekrechtelijke planologische kader voorgesteld. Inhoudelijke reactie op advies commissiebezwaarschriften De Adviescommissie constateert dat door het intrekkingsbesluit het nu mogelijk is een bouwwerk te slopen met een ‘sloopmelding’ terwijl voor het slopen van een bouwwerk in een beschermd stadsgezicht een omgevingsvergunning nodig is. De Adviescommissie stelt dat een aanwijzing tot beschermd stadsgezicht tot doel heeft “open gaten” in de bebouwing tegen te gaan.

Gemeente Den Haag

Spui 70 Den Haag

Postbus 12600 2500 DJ Den Haag

T 14070 www.denhaag.nl

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10417934

De adviescommissie geeft aan dat zonder bescherming “kaalslag” mogelijk is zonder duidelijke garantie op nieuwbouw. De stelling dat de aanwijzing van een gemeentelijk beschermd stadsgezicht tot doel zou hebben om ‘open gaten’ in de bebouwing tegen te gaan is onjuist. Het doel van een beschermd stadsgezicht is niet (enkel, noch in hoofdzaak) het tegengaan van gaten in de bebouwing. Art. 5:4 lid 2 van de Monumentenverordening Den Haag 2019 stelt slechts buiten twijfel dat dit één van de redenen kán zijn tot weigering van een sloopvergunning, maar het doel is de specifieke (monumentale) eigenschappen van het stadsgezicht te proberen te behouden. ‘Open gaten’ helpen daar weliswaar niet bij, maar zijn niet per definitie verboden of altijd te vermijden. De harde koppeling die de Adviescommissie stelt tussen sloop “pas als er voldoende garantie is voor de nieuwbouw” is juridisch onjuist en niet gebaseerd op een juiste lezing van de verordening. In werkelijkheid is het risico dat alle gebouwen in het gebied ineens worden gesloopt (kaalslag) theoretisch. Alle te slopen gebouwen zijn corporatiebezit en bewoond door huurders met huurcontracten. De corporatie kan pas iets slopen als alle huurders zijn verhuisd.

Dit is in praktijk alleen mogelijk met een actiegebiedaanwijzing door de gemeente en juist hieraan verbindt de gemeente voorwaarden die zekerheid geven op daadwerkelijke uitvoering van de vervangende nieuwbouw. Een risico zoals geschetst door de Adviescommissie zal zich derhalve niet voordoen. De commissie wijst er op dat de raad stelt dat bepaalde gebouwen en structuren behouden dienen te blijven. De Adviescommissie vindt in de stukken en in het verhandelde ter zitting geen antwoord op welke delen dit zijn. Dit is niet goed te begrijpen omdat de waardevolle elementen die behouden moeten blijven duidelijk omschreven staan in de Nota’s van Uitgangspunten, het projectdocument en met name in de randvoorwaardenkaart, die allemaal onderdeel vormden van de stukken. Onder deze elementen bevinden zich een aantal gebouwen (de complexen met de voormalige winkelplinten en bijzondere eilandetalages), delen van de openbare ruimte (de singelstructuur met de kenmerkende brugleuningen, de waterpartij langs de Lozerlaan, het centrale plein), maar ook stedenbouwkundige principes (bijzondere positionering van bouwvolumes ten opzichte van de Lozerlaan, de diagonale doorzichten).

Vervolgens komt de adviescommissie tot het oordeel dat er een nieuw besluit zou moeten worden genomen waarbij telkens de bescherming pas wordt opgeheven als voor dat deel van het gebied voldoende vaststaat dat snel vervangende nieuwbouw gerealiseerd wordt. Het college acht het haalbaar om, conform het voorstel van de Adviescommissie, de inwerkingtreding van het genomen besluit te koppelen aan de inwerkingtreding van een nieuw bestemmingsplan, danwel omgevingsplan. Zo wordt voorkomen dat cultuurhistorische waarden onnodig worden aangetast als er nog geen publiekrechtelijke zekerheid is over het voorgenomen alternatieve bouwprogramma. De redenatie dat de status ‘beschermde stadsgezicht’ in stand gehouden kan worden voor bepaalde elementen die behouden blijven acht het college onhoudbaar. De waarden zoals benoemd in de voormalige aanwijzing zijn niet een som van de waarden van een verzameling individuele gebouwen. De waarde van het stadsgezicht in deze buurt is juist het ensemble en de verkavelingsstructuur van de wijk. Die zijn niet gedeeltelijk te beschermen.

2/5

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10417934

Monumentenzorg heeft juist aangegeven dat het loslaten van deze verkavelingsstructuur vereist dat de status van het beschermd stadsgezicht wordt ingetrokken (zie het advies van Monumentenzorg in RIS311095). De bescherming van deze elementen is al voldoende op andere manieren geborgd: De karakteristieke voormalige winkelbebouwing met portiekwoningen langs De Dreef zijn vorig jaar aangewezen als gemeentelijk monument (RIS 309492). Deze status biedt veel hardere bescherming dan onderdeel zijn van een beschermd stadsgezicht. De voormalige winkelplinten rond het pleintje centraal in de wijk zijn in de huidige toestand getransformeerd tot woningen. In de Nota van Uitgangspunten is opgenomen dat deze worden terug getransformeerd naar het oorspronkelijk gebruik als commerciële ruimtes. De panden blijven gehandhaafd. De overige ruimtelijke elementen zijn geborgd via de randvoorwaardenkaart. Voor de nieuwbouw wordt via het beeldkwaliteitsplan geborgd dat deze aansluiting zoekt bij de wederopbouwarchitectuur. Conclusie Het college heeft beoogd de raad tijdig uitspraak te kunnen laten doen over de toekomst van het beschermd stadsgezicht in de Dreven. Daarom zijn het projectdocument en het intrekkingsbesluit gelijktijdig voorgelegd aan de gemeenteraad.

Het college kan zich echter ook vinden in de redenatie van de Adviescommissie dat het onwenselijk is dat er een kans bestaat op aantasting van cultuurhistorische waarden vóórdat er een publiekrechtelijk juridisch kader is vastgesteld dat zekerheid biedt dat de nieuwbouw ook binnen afzienbare tijd zal plaatsvinden. Dit betekent niet dat de gemeenteraad opnieuw hoeft te wegen of haar besluit tot intrekking op voldoende gemotiveerde gronden genomen is, maar wel dat de raad het moment waarop dit besluit in werking treedt heroverweegt. De bescherming van de elementen die behouden moeten blijven is geborgd via de aanwijzing tot gemeentelijk monument bij besluit (RIS309492) en via de Nota van Uitgangspunten (RIS308508) en het projectdocument (RIS311092). Gezien het vorenstaande en het advies van de Adviescommissie bezwaarschriften van 5 oktober 2022 stelt het college de raad de volgende beslissing op bezwaar te nemen: de raad van de gemeente Den Haag, gezien het voorstel van het college van 29 november 2022, besluit: I. de bezwaren gedeeltelijk gegrond te verklaren voor wat betreft de inwerkingtreding van de intrekking van het beschermde stadsgezicht; II.

het besluit van 10 februari 2022 (RIS 311095 tot intrekking van het besluit tot aanwijzing van De Dreven tot gemeentelijk beschermd stadsgezicht) in te trekken;

III.

onder de opschortende voorwaarde van inwerkingtreding van een nieuw planologisch kader voor De Dreven, te weten een nieuw bestemmingsplan dan wel een omgevingsplan na inwerkingtreding van de nieuwe Omgevingswet, het besluit van 4 november 2004 tot aanwijzing van De Dreven tot gemeentelijk beschermd stadsgezicht (RIS 120560) in te trekken;

IV.

de aanwijzing van Vrederust-West (Drevenbuurt) in het gemeentelijk monumentenregister mitsdien door te halen;

3/5

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10417934

V.

het verzoek om proceskosten af te wijzen omdat er geen sprake is van een derde die beroepsmatig rechtsbijstand verleent;

VI.

dit besluit op de voorgeschreven wijze bekend te maken in het Gemeenteblad, het monumentenregister en door toezending aan bezwaarmakers.

Aldus besloten in de openbare raadsvergadering van 9 februari 2023. De griffier,

De voorzitter,

4/5

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10417934

Belanghebbenden kunnen tegen dit besluit binnen zes weken na bekendmaking daarvan een beroepschrift indienen bij de rechtbank te Den Haag, Sector Bestuursrecht, Postbus 20302, 2500 EH Den Haag. Het beroepschrift moet worden ondertekend en moet ten minste bevatten: a. b. c. d.

naam en adres van de belanghebbende; de dagtekening; een omschrijving van het besluit waartegen het beroepschrift is gericht; de gronden van het beroep.

U wordt verzocht een kopie van het besluit waartegen het beroep is gericht, mee te zenden. De indiener van het beroepschrift kan, als onverwijlde spoed dat - gelet op de betrokken belangen vereist, eveneens een voorlopige voorziening vragen bij de voorzieningenrechter, Postbus 20302, 2500 EH Den Haag.

5/5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12110912/3