CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

20221201-RIS313314 Vaststelling bestemmingsplan Parapluherziening Flitsbezorging

Gemeenteraad 1 december 2022, gemeente Den HaagBij agendapunt: Voorstel van het college inzake vaststelling bestemmingsplan Parapluherziening Flitsbezorging (RIS313314)6.737 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Datum

Registratienummer

3 oktober 2022

DSO/10348974 RIS313314

Voorstel van het college inzake Vaststelling bestemmingsplan Parapluherziening Flitsbezorging INLEIDING Bij raadsmededeling van 31 mei 2022 (DSO/10313094 - RIS312351) is aan de raad toegezonden het ontwerpbestemmingsplan Parapluherziening Flitsbezorging. - Aanleiding voor het bestemmingsplan Aanleiding van de Parapluherziening Flitsbezorging is de opkomst van zogenaamde flitsbezorgdiensten in Den Haag en de daarmee samenhangende specifieke bedrijfsvoering. Het concept van deze diensten is gebaseerd op een snelle levering van boodschappen aan klanten die online bestellen. De producten worden vanuit strategisch gelegen kleinschalige distributiecentra veelal per elektrische fiets of scooter binnen 15 minuten bij de klant bezorgd. Omdat flitsbezorging juridisch gezien onder detailhandel kan worden geschaard, maar ruimtelijk en functioneel niet past binnen de hoofdwinkelstructuur, is een parapluherziening gewenst. Op deze manier kunnen de winkelgebieden behouden blijven voor op winkelend publiek gerichte detailhandel en wordt daarmee geen afbreuk gedaan aan de uitstraling en het functioneren van de hoofdwinkelstructuur.

- Doel Het doel van de ‘Parapluherziening flitsbezorging’ is het reguleren van de vestiging van nieuwe flitsbezorgdiensten via ruimtelijke besluitvorming, namelijk door het opstellen van planregels gericht op het weren van flitsbezorging uit de Haagse hoofdwinkelstructuur en de gedeeltelijke herziening van een aantal bestemmingsplannen. Door nieuwe vestigingen van flitsbezorging binnen de Haagse Hoofdwinkelstructuur te verbieden en de bestemmingsplannen die binnen deze gebieden vallen gedeeltelijk aan te passen wordt meer grip op de locaties van toekomstige vestigingen geëffectueerd. - Begrenzing van het plangebied Het bestemmingsplan Parapluherziening Flitsbezorging wijzigt regels op het gebied van detailhandel, voor zover het flitsbezorging betreft en locaties die gelegen zijn binnen de winkelgebieden van de Haagse Hoofdwinkelstructuur. Voorts omvat deze parapluherziening 49 bestemmingsplannen welke met hun gezamenlijke begrenzing het gehele plangebied vormen. Bij de begrenzing van bestemmingsplan Parapluherziening Flitsbezorging is de Haagse Hoofdwinkelstructuur, die van toepassing is krachtens het meest recente beleid, leidend. De 68 winkelgebieden zijn als bijlagen aan dit bestemmingsplan toegevoegd. Hieronder vallen in ieder geval de volgende bestemmingsplannen:

Gemeente Den Haag

Spui 70 Den Haag

Postbus 12600 2500 DJ Den Haag

T 14070 www.denhaag.nl

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10348974

Bestemmingsplan 1. Archipelbuurt e.o. 2. Belgisch Park 3. Benoordenhout 4. Bezuidenhout 5. Bezuidenhout - Noord 6. Binnenhof e.o. 7. Bloemenbuurt 2020 8. Bomenbuurt 9. Bouwlust 10. Centrum Loosduinen 11. Den Haag Centraal e.o. 12. Duindorp - Bosjes van Poot 13. Duinoord 14. Het oude centrum (Binnenstad) 15. Houtwijk 16. Kijkduin - Ockenburg 17. Kraayenstein 2018 18. Laakhavens 19. Laakwijk - Schipperskwartier 20. Leidschenveen 21. Leyenburg 22. Mariahoeve 23. Moerwijk 24. Morgenstond 25. Regentesse-/Valkenboskwartier (integrale herziening) 26. Rosenburg 27. Rustenbroek/Oostbroek 28. Scheveningen - Badplaats 29. Scheveningen Dorp 30. Scheveningen Haven 31. Schilderswijk 32. Spoorwijk 33. Spuikwartier 2013 34. Spuimarkt 35. St. Jacobskerk e.o. 36. Statenkwartier 37. Stationsbuurt 38. Transvaal 39. Transvaal lijn 11 zone 40. Vrederust 41. Vruchten - en Heesterbuurt 42. Waldeck 2021 43. Wateringse Veld - Noord 44. Wateringse Veld - Zuid 45. Westeinde

Vastgesteld 18-12-2014 26-11-2015 20-12-2012 24-04-2014 09-07-2009 20-02-2014 07-10-2020 31-05-2013 01-10-2015 19-05-2011 28-06-2018 19-05-2016 26-11-2015 29-06-2017 27-06-2013 18-12-2014 04-4-2019 20-02-2014 09-07-2009 29-09-2016 17-09-2009 04-04-2013 27-11-2014 25-06-2015 17-11-2016 27-06-2013 17-09-2009 17-10-2013 11-10-2012 22-01-2015 10-03-2011 16-10-2014 31-10-2013 09-06-2016 17-10-2013 14-04-2016 01-10-2015 10-03-2011 26-11-2015 05-07-2012 27-11-2008 19-05-2022 14-04-2016 17-09-2009 09-07-2009

2/16

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10348974

46. 47. 48. 49.

Westeinde 1e herziening Wijnhavenkwartier en Spuiplein Ypenburg Zeeheldenkwartier

20-12-2012 11-06-2015 17-10-2013 08-09-2011

- Geldende planologische regelingen Het bestemmingsplan Parapluherziening flitsbezorging vervangt gedeeltelijk de bestemmingsplannen die zijn opgenomen in bijlage 3 van de regels. In hoofdstuk 1 van de regels is per bestemmingsplan aangegeven welke artikelen met onderhavig bestemmingsplan worden vervangen. PROCEDURE Inspraak Bij besluit van burgemeester en wethouders, d.d. 31 mei 2022, RIS312350, heeft het college besloten het ontwerpbestemmingsplan ter inzage te leggen zoals voorgeschreven in artikel 3.8 Wro en afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht. Terinzagelegging ontwerpbestemmingsplan Op 7 juni 2022 is de kennisgeving van de terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan toegestuurd aan overlegpartners, waaronder de Provincie Zuid-Holland, Rijkswaterstaat, het Hoogheemraadschap van Delfland, de bewonersorganisatie en overige bij het plan betrokken instanties. Het ontwerpbestemmingsplan heeft van 9 juni tot en met 20 juli 2022 ter inzage gelegen. Het bestemmingsplan was in te zien op www.ruimtelijkeplannen.nl. Er zijn 4 zienswijzen ingediend. Het college biedt de raad hierbij het ontwerpbestemmingsplan ter vaststelling aan. Het plan bestaat uit de plankaart met kenmerk NL.IMRO.0518.BP0373ZFlitsbezorg-40ON en regels, en gaat vergezeld van een toelichting. INGEKOMEN ZIENSWIJZEN Nr. 01. 02. 03. 04.

Ra-nr. 10344615 10347264 10358826 10358847

Indiener zienswijze Binnenstad in Bedrijf Belanghebbende Vereniging BIZ Zeeheldenkwartier Getir Netherlands B.V.

Ontvankelijkheid zienswijzen De zienswijzen zijn tijdig ingekomen en voldoen aan de wettelijke eisen. Behandeling zienswijzen 1.

Ra 10344615

Binnenstad in Bedrijf

De volgende zienswijze is geciteerd: “Middels deze brief maak ik bezwaar tegen delen van de tekst in het ontwerpbestemmingsplan Parapluherziening Flitsbezorging.

3/16

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10348974

De stap om flitsbezorging te reguleren juichen wij toe, ik denk dat het goed is dat bewoners, ondernemers, maar ook de overlast gevende flitsbezorgers duidelijkheid krijgen waar flitsbezorgers niet mogen vestigen. Nochtans zijn wij van mening dat de gemeente al genoeg middelen had om deze bedrijven een halt toe te roepen en wij zijn het niet eens met een aantal formuleringen in de tekst van dit ontwerpbestemmingsplan. Het behelst de volgende stukken tekst: "Een specifieke vorm van detailhandel annex bezorgdienst" "Omdat flitsbezorging juridisch gezien onder detailhandel kan worden geschaard," In de eerste zin suggereert u dat flitsbezorging onder de detailhandel geschaard kan worden, in de tweede zin stelt u zelfs dat het om detailhandel gaat. De aarzeling meer dan een jaar niet op te treden, ondanks een handhavingsverzoek mijnerzijds wat bij de bestuursrechter ligt, wordt gemotiveerd door bovenstaande. Uit de stukken die ik ingediend heb bij de rechter, kunt u duidelijk lezen, dat wij van mening zijn dat flitsbezorging niet onder de detailhandel valt. Winkel vs detailhandel In de bespreking door DSO van de beginselaanvraag van Flink, wordt gerefereerd aan de Kadernota detailhandel, waar veel (juridische) waarde aan gegeven wordt.

Frappant is dat het de Kadernota detailhandel betreft, maar dat er steeds gerefereerd wordt aan winkelgebieden, winkelconcepten, hoofdwinkelstructuur (die centraal staat) en winkelpanden. Door de voorstanders van de flitsbezorgers wordt gepoogd hun bedrijf te scharen onder detailhandel, daar hieraan gerefereerd wordt in de bestemmingsplannen. De verwarring zit hem hierin, er wordt gesoebat over of al dan niet flitsbezorgers detailhandel zijn, maar de Kadernota detailhandel heeft men het over winkels. En flitsbezorgers zijn zeer zeker geen winkels: "winkel: een voor het publiek toegankelijke besloten ruimte, waarin goederen aan particulieren plegen te worden verkocht." Een aantal citaten uit de Kadernota detailhandel: "Ook het specialistische, kleinschalige aanbod in deze gebieden wordt gekoesterd en gestimuleerd. Daarbij wil de gemeente winkelgebieden meer integreren met horeca en cultuur. De combinatie van bijzondere winkelconcepten, horeca, cultuur en attracties maakt de binnenstad een aantrekkelijk winkelgebied voor zowel inwoners, (regio)bezoekers en toeristen." "Binnen de hoofdwinkelstructuur staat winkelen centraal.

Daarom mogen daar op de begane grond in principe alleen winkels, horeca en diensten worden gevestigd met een publieksfunctie, en niet bijvoorbeeld woningen of kantoren." "Publieksfunctie betekent: open staan voor het publiek of bedoeld voor gemeenschappelijk gebruik." "In winkelgebieden buiten de hoofdwinkelstructuur kan de markt zijn werk doen: winkelpanden mogen daar ook voor andere functies (zoals welzijn of gezondheidzorg of kantoor e.d.) worden gebruikt."

4/16

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10348974

"Nieuwe ontwikkelingen moeten een versterking zijn voor de hoofdwinkelstructuur en een toegevoegde waarde hebben ten opzichte van het bestaande aanbod. Dit geldt ook voor regionale initiatieven. Initiatieven die niet passen binnen het bestemmingsplan/omgevingsplan moeten worden getoetst aan het rijksbeleid met de 'ladder voor duurzame verstedelijking' en het regionale detailhandelsbeleid beleid van de MRDH." "Binnen de hoofdwinkelstructuur staat het winkelen, boodschappen doen en aanverwante functies (zoals dienstverlening en ambacht met baliefunctie centraal). Functies die afbreuk doen aan het winkel- of publieke karakter (zoals wonen of kantoren) worden niet toegestaan op de begane grondlaag. Daar waar dit strijdigheid met het bestemmingsplan oplevert kan door de Haagse Pandbrigade worden gehandhaafd." “In andere gevallen kunnen consumenten de bestelde artikelen afhalen bij een afhaalpunt in een winkel, of bij een afzonderlijk afhaalpunt. In feite gaat het hier om een nieuwe verschijningsvorm van detailhandel, die niet wezenlijk verschilt van een winkel: er worden producten overgedragen van leverancier naar consument. Voor afhaalpunten geldt daarom hetzelfde beleid als voor winkels: zij mogen zich vestigen binnen de hoofdwinkelstructuur." "Voorwaarde is dat het initiatief een toegevoegde waarde heeft ten opzichte van het bestaande aanbod (kwaliteit, onderscheidend vermogen).

Nieuwe ontwikkelingen moeten versterkend zijn voor de hoofdwinkelstructuur." "Verbetering uitstraling; openbare ruimte en bereikbaarheid De eerste indruk die de consument van een winkelgebied krijgt wordt bepaald door de uitstraling en bereikbaarheid. Dit is een gemeentelijke basistaak." U kunt zich de vraag stellen wat de waarde van de Kadernota detailhandel is, als de gemeente niet hard inzet op de doelen die zij zichzelf heeft gesteld, waarbij zij niet bereid is op te komen op de leefbaarheid van de winkelstructuren. Detailhandel in de rechtspraak Voorstanders van de flits bezorgers refereren vaak aan de uitspraak van de rechtbank in Den Bosch: 27-12-2011, AWB 11 / 1288 en AWB 11 / 1290. Bij deze zaak is er geen beroep bij de Raad van State aangetekend. Als de Raad van State meegegaan was met deze beschikking, had dat verregaande consequenties. De rechtbank oordeelde dat betreffende webwinkel onder de detailhandel viel: "de via deze webwinkels gedane bestellingen geaccepteerd, de betaling van deze goederen gecontroleerd, de bestelde goederen verzameld, verpakt, verzendgereed gemaakt en ter verzending aangeboden." De consequenties volgen als we deze redenering omdraaien. Bijna alle webwinkels zijn dan volgens deze definitie detailhandel.

Veel van de webwinkels zullen niet gevestigd zijn op een locatie waar detailhandel volgens het bestemmingsplan toegestaan is, deze zijn dus in overtreding. Daarnaast handelen alle gemeenten laakbaar, daar ze niet handhaven op vestigingen van webwinkels. Alle vestigingen van webwinkels dienen opeens getoetst te worden aan de bestemmingsplannen.

5/16

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10348974

Als we een uitspraak van de Raad van State nemen komen we tot een andere definitie: 201006526/1/H1, "Uit verschillende advertenties die zich onder de gedingstukken bevinden en die afkomstig zijn van internet, blijkt dat de winkel op gezette tijden en tevens op afspraak voor het publiek geopend is en dat bestelde fietsen op die momenten op het perceel kunnen worden uitgeprobeerd, afgehaald en betaald door de klant. Uit foto's die zich onder de gedingstukken bevinden blijkt verder dat [appellant] op het perceel een aanzienlijke voorraad fietsen aanhoudt welke in ieder geval deels ten verkoop uitgestald staat. Onder die omstandigheden kan het betoog van [appellant] dat hij uitsluitend handelt via internet en dat in het geheel geen sprake is van ruimtelijke uitstraling van zijn handelsactiviteiten op het perceel, niet worden gevolgd." Draaien we de redenering weer om, moet men concluderen dat de Raad van State stelt dat voor de definitie van detailhandel, de volgende eisen verplicht zijn: de locatie is op gezette tijden voor het publiek open, waarbij producten uitgestald zijn voor de verkoop en de particulier ze kan zien, proberen, afhalen en betalen op locatie, eigenlijk een winkel. De ruimtelijke uitstraling van de activiteiten ter plaatse speelt hier een belangrijke rol.

Als er geen sprake is van een fysieke winkel waar consumenten de goederen kunnen bekijken en/of uitproberen, zal de opslag van de goederen de grootste ruimtelijke uitstraling hebben en is het een distributiecentrum. Derhalve maak ik bezwaar tegen uw stelling dat flitsbezorging detailhandel zou zijn. Dit is juridisch onjuist en het is niet nodig dit te benomen om het ontwerpbestemmingsplan vast te stellen. U probeert de flitsbezorging te beteugelen, maar geeft ze met deze beschrijving juist kans op legalisering van de vestiging op deze locaties. Mocht u besluiten de tekst onveranderd op te nemen, dan zal ik bezwaar aantekenen bij de bestuursrechter. Verder maak ik bezwaar tegen de volgende passage: Aan artikel 31 Algemene afwijkingsregels wordt onder lid 2 sub 'd' toegevoegd: Lid 2 sub d: "Flitsbezorging binnen de bestemming detailhandel, voor zover gelegen binnen het kernwinkelgebied zoals omschreven in de algemene gebruiksregels van dit plan en zoals bepaald in de Retailmonitor Den Haag 2017 (RIS301527 Bijlage 2) mits dit op een planologisch verantwoorde wijze kan worden ingepast.” Wij, de 1500 ondernemers van de binnenstad van Den Haag, willen geen enkele uitzondering zien op het verbod van vestiging van flitsbezorgers in het kernwinkelgebied of binnenstad van Den Haag. Niet vaak zijn we hier zo stellig in, we willen geen juridische slag om de arm.

Er is per definitie geen planologisch verantwoorde wijze, flitsbezorging gaat in tegen alles waar de Kadernota detailhandel voor staat. Ten aanzien van deze zienswijze merkt het college het volgende op: In de schriftelijke reactie wordt de effectiviteit van de parapluherziening flitsbezorging weersproken. Samengevat heeft de schriftelijke reactie betrekking op het volgende: 1.

de toepassing van het begrip ‘detailhandel’ in het plan, is volgens reclamant niet in overeenstemming met de Kadernota detailhandel, omdat daar wordt gerefereerd naar het begrip ‘winkel’;

6/16

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10348974

2. 3.

flitsbezorging dient ingevolge jurisprudentie niet als detailhandel te worden gekwalificeerd; reclamant is het niet eens met de opname van afwijkingsbepalingen in het plan en verzoekt om een algeheel verbod van flitsbezorging in Den Haag.

Ten aanzien van deze reactie overwegen wij als volgt: Ad 1. In de parapluherziening flitsbezorging staat het begrip detailhandel centraal, aangezien hiermee, zoals onder hoofdstuk 2 van de toelichting is te lezen, de juridisch-planologische uitwerking van de Kadernota Detailhandel wordt gegeven. Hoewel in de Kadernota Detailhandel het begrip ‘winkel’ op sommige pagina’s wordt gehanteerd, blijkt uit de titel van dit document ‘Kadernota Detailhandel’, dat het centrale begrip geen ‘winkel’, maar ‘detailhandel’ betreft. Dit wordt bevestigd doordat de Kadernota Detailhandel het bieden van ‘een ruimtelijk afwegings- en toetsingskader bij (nieuwe) detailhandelsontwikkelingen/initiatieven en de benodigde input voor juridisch-planologische onderbouwing voor bestemmingsplannen/en het omgevingsplan’ (zie pagina 7) als voornaamste doel heeft. Voorts is op pagina 7 van de Detailhandelsmonitor te lezen dat het Haagse Retailbeleid is opgebouwd uit de Kadernota Detailhandel, de Retailmonitor en het Actieprogramma Den Haag winkelstad, waarbij de Kadernota detailhandel in hiërarchische zin bovenaan staat. De parapluherziening is derhalve in overeenstemming met het beleid zoals vastgesteld in de Kadernota Detailhandel. Ad 2.

Om tot de regulering van deze dienst over te gaan, is het concept flitsbezorging gedefinieerd aan de hand van de kenmerken die het meest onder deze nieuwe bedrijfsvorm voorkomen. Deze kenmerken zijn uiteenlopend en hebben, gelet op de snelle en creatieve ontwikkeling van deze diensten, bijgevolg raakvlakken met verschillende bestemmingen - waaronder ook detailhandel - in Haagse bestemmingsplannen. Hierbij valt bijvoorbeeld te denken aan: de online aanbieding en verkoop van producten; de opslag van producten in Darkstores ofwel hubs; een dienstverlening die gericht is op de snelle aflevering van de producten en de toepassing van koeriersdiensten dan wel afhaalpunten. Gelet op de heersende interpretatie van deze kenmerken in jurisprudentie, houdt het college vast aan de kwalificatie van flitsbezorging als een specifieke vorm van detailhandel. Ter onderbouwing hiervan zijn in hoofdstuk 2 van de toelichting reeds enkele rechterlijke uitspraken benoemd. In aanvulling hierop verwijzen wij tevens naar (rechtsoverweging 6.3 van) de uitspraak op 14 juli 2021 van de Raad van State (ECLI:NL:RVS:2021:1546), waarin een extensieve interpretatie van het begrip uitstalling ten verkoop wordt gehanteerd, doordat hier tevens sprake van kan zijn als producten niet van buitenaf zichtbaar zijn of als klanten slechts op afspraak het pand kunnen bezoeken.

Bovendien geeft het door reclamant aangehaalde arrest van de Raad van State op 13 april 2011 (ECLI:NL:RVS:2021:1546) tevens aanleiding om aan deze interpretatie vast te houden, aangezien is vastgesteld dat er bij internetverkoop tevens sprake kan zijn van een ruimtelijke uitstraling van detailhandelsactiviteiten, wanneer klanten het product op locatie kunnen afhalen, zich een aanzienlijke voorraad op het perceel bevindt, en het publiek zowel op afspraak als op gezette tijden toegang tot het pand heeft (r.o. 2.2.1). Deze uitspraken bij elkaar leiden al met al tot de conclusie dat de kenmerken van flitsbezorging kunnen worden beschouwd als bedrijfsactiviteiten die behoren tot de detailhandelsbranche.

7/16

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10348974

Ad 3. Het college kan bij omgevingsvergunning afwijken van het verbod in de parapluherziening. Of deze afwijking wenselijk is en op een planologisch verantwoorde wijze kan worden ingepast, is een beslissing die in een specifieke situatie als zich een daartoe strekkende aanvraag voordoet, toekomt aan het college van burgemeester en wethouders. Voorts is in de parapluherziening Flitsbezorging rekening gehouden met de Europese Dienstenrichtlijn. Een algeheel verbod van flitsbezorging in Den Haag zal leiden tot onverenigbaarheid met de hierin gestelde eisen. Advies Gelet op voorgaande reactie stelt het college de raad voor om de zienswijze ongegrond te verklaren. 2.

Ra 10347264

Belanghebbende

De volgende zienswijze is geciteerd: “Op 9 juni 2022 is het ontwerpbestemmingsplan Parapluherziening Flitsbezorging ter inzage gelegd. In beginsel kan ik mij vinden in de noodzaak om vestiging van flitsbezorgdiensten te reguleren. Ik ben echter van mening dat inwerkingtreding van dit plan aanzienlijke negatieve gevolgen kan hebben voor woongebieden die geen onderdeel uitmaken van de hoofdwinkelstructuur. Uit de formulering van de regels alsook uit de toelichting op het bestemmingsplan blijkt dat het plan uitsluitend is ingegeven door economische motieven, namelijk het waarborgen van de uitstraling en het functioneren van de hoofdwinkelstructuur. Belangrijke neveneffecten blijven hierdoor onderbelicht. In de hoofdstukken 2 en 3 van de toelichting op het bestemmingsplan staat weliswaar dat vestiging van flitsbezorgdiensten in woonwijken niet wenselijk is, maar het bestemmingsplan zelf biedt hiertoe geen enkel houvast. In tegendeel, het bestemmingsplan zal er juist toe leiden dat flitsbezorgdiensten gedwongen worden om uit te wijken naar onder meer panden in woonstraten die geen deel uitmaken van de hoofdwinkelstructuur en dus dat de omwonenden van dergelijke panden te maken zullen krijgen met de negatieve gevolgen daarvan, zoals geluidsoverlast en verkeersaanzuigende werking.

Dat er buiten de hoofdwinkelstructuur aan doorgaande wegen plaats is voor flitsbezorgdiensten is goed voorstelbaar. Als mogelijk voorbeeld daarvan zou ik de bestaande vestiging van een flitsbezorgdienst op Johan de Wittlaan 5 willen noemen, van waaruit vele woonwijken snel bediend kunnen worden, maar waar zich in de directie omgeving geen woningen bevinden. Zoals in artikel 3.2 van de toelichting beschreven wordt, is flitsbezorging nog steeds mogelijk in panden buiten de kernwinkelgebieden met de bestemming detailhandel. De stelling in datzelfde artikel dat de mogelijkheden voor vestiging in woonstraten beperkt zijn snijdt geen hout; het gaat immers om de bestemming die een pand heeft. Dat flitsbezorgdiensten onder bedrijfscategorie C uit de Staat van de bedrijvenactiviteiten bij functiemenging vallen, zoals eveneens in dat artikel vermeld wordt, staat bovendien geheel nog niet vast — dat is tenslotte juist een aanleiding om dit plan op te stellen. De verwijzingen naar RIS127027 en de Apv zijn te vrijblijvend en voorts is dit alles, gelet op het feit dat het slechts in de toelichting vermeld staat, juridisch niet bindend. Aan de gerede kans op toename van negatieve ruimtelijke effecten op de omgeving van panden in woonstraten buiten de hoofdwinkelstructuur als direct gevolg van inwerkingtreding van dit bestemmingsplan dient aandacht te worden geschonken.

Ik verzoek u daarom om regels in het plan op te nemen, waarmee vestiging van flitsbezorgdiensten in panden in woonstraten, net zoals in de kernwinkelgebieden, expliciet gereguleerd wordt.”

8/16

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10348974

Ten aanzien van deze zienswijze merkt het college het volgende op: In de zienswijze stelt reclamant de negatieve effecten in woongebieden als gevolg van de parapluherziening voorop en verzoekt het vestigingsverbod met het oog hierop uit te breiden tot woonstraten. Ten aanzien van deze reactie overwegen wij als volgt; Vooropgesteld wordt dat in veel woonstraten sprake is van de enkelbestemming ‘wonen’. Deze bestemming biedt geen mogelijkheden voor vestiging van flitsbezorgdiensten. Er zijn echter ook woongebieden waar al sprake is van functiemenging. In die gebieden zijn naast de woonfunctie veelal ook bedrijfsmatige functies, horeca, dienstverlening en detailhandel toegestaan. De impact van flitsbezorgdiensten op het woon- en leefklimaat is hier over het algemeen vergelijkbaar met andere daar rechtmatige toegestane functies. Desondanks kunnen flitsbezorgdiensten zich ook in dergelijke gebieden niet overal vestigen, aangezien de bestemming of functie detailhandel daar veelal is gelimiteerd tot specifieke panden. Voorts is met dit bestemmingsplan rekening gehouden met Europese regelgeving en is in lijn met de Kadernota Detailhandel ervoor gekozen het vestigingsverbod enkel te beperken tot de Haagse Hoofdwinkelstructuur.

Aangezien de regulering van alle Haagse woongebieden zou leiden tot onverenigbaarheid met de eisen die gesteld worden in de Dienstenrichtlijn, zal er geen gehoor worden gegeven aan het verzoek van reclamant. In procedureel opzicht is van belang dat het eventueel opnemen van planregels voor buiten de kernwinkelgebieden gelegen locaties tot gevolg heeft dat de omvang van het plangebied van het paraplubestemmingsplan zou wijzigen. Een groter plangebied met (veel) meer bestemmingsplannen zou in dat geval moeten worden herzien. Het wijzigen van het plangebied van een bestemmingsplan, nadat het ontwerpbestemmingsplan al ter inzage heeft gelegen, is slechts mogelijk indien het om ruimtelijk ondergeschikte aanpassingen gaat. Daarvan is in dit geval zeker geen sprake. Op formele gronden kan niet met een grootschalige wijziging van het plangebied worden ingestemd. In de Apv zijn voorschriften opgenomen, die los staan van hetgeen in een bestemmingsplan is vastgelegd. De regels in de Apv zijn autonoom en de toetsing en handhaving van die regels is niet afhankelijk van hetgeen in een (toelichting op een) bestemmingsplan staat aangegeven. De opvatting van reclamant dat de verwijzing in het bestemmingsplan naar de Apv te vrijblijvend is, wordt daarom niet gedeeld.

Indien er sprake is van een overtreding van de in de Apv opgenomen voorschriften, dan kan iedere belanghebbende een verzoek indienen om naleving. Advies Gelet op voorgaande reactie stelt het college de raad voor om de zienswijze ongegrond te verklaren.

3.

Ra 10358826

Vereniging BIZ Zeeheldenkwartier

De volgende zienswijze is geciteerd: “De Vereniging BIZ Zeeheldenkwartier is van mening dat het doel van het voorliggende ontwerpbestemmingsplan om Flitsbezorging vanwege ruimtelijke redenen binnen de Haagse Hoofdwinkelstructuur te weren met dit plan niet gehaald kan worden.

9/16

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10348974

1.Tegenstrijdige planregels Het doel van de 'Parapluherziening flitsbezorging' "is het reguleren van de vestiging van nieuwe flitsbezorgdiensten via ruimtelijke besluitvorming, namelijk door het opstellen van planregels die zijn gericht op het weren van flitsbezorging uit de Haagse hoofdwinkelstructuur." "Door nieuwe vestigingen van flitsbezorging binnen de Haagse Hoofdwinkelstructuur te verbieden [...]." Hiervoor wordt een wijzing voorgesteld in 48 bestemmingsplannen. Zoals nu in het plan wordt voorgesteld, zijn toekomstige vestigingen van flitsbezorgdiensten In voorkomende gevallen wel degelijk mogelijk binnen de bestemming detailhandel! Aan de algemene afwijkingsregels wordt namelijk in de respectievelijke bestemmingsplannen het volgende toegevoegd: "Flitsbezorging binnen de bestemming detailhandel, voor zover gelegen binnen het kernwinkelgebied zoals omschreven in de algemene gebruiksregels van dit plan en zoals bepaald in de Retailmonitor Den Haag 2017 (RIS301527 Bijlage 2) mits dit op een planologisch verantwoorde wijze kan worden ingepast" "Met een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van de regels van het plan ten behoeve van Flitsbezorging binnen de bestemming detailhandel, voor zover gelegen binnen het kernwinkelgebied zoals omschreven in de algemene gebruiksregels van dit plan en zoals bepaald in de Retailmonitor Den Haag 2017 (RIS301527 Bijlage 2) mits dit op

een planologisch verantwoorde wijze kan worden ingepast." "van Flitsbezorging binnen de bestemming detailhandel, voor zover gelegen binnen het kernwinkelgebied zoals omschreven in de algemene gebruiksregels van dit plan en zoals bepaald in de Retailmonitor Den Haag 2017 (RIS301527 Bijlage 2), mits dit op een planologisch verantwoorde wijze kan worden ingepast." "Burgemeester en wethouders zijn, met inachtneming van het gestelde in artikel 24 sub f, bevoegd ontheffing te verlenen ten behoeve van Flitsbezorging binnen de bestemming detailhandel, voor zover gelegen binnen het kernwinkelgebied zoals omschreven in de algemene gebruiksregels van dit plan en zoals bepaald in de Retailmonitor Den Haag 2017 (RIS301527 Bijlage 2), mits dit op een planologisch verantwoorde wijze kan worden ingepast." 2. Het ontwerp slaat de plank volledig mis In recente uitspraken van rechters is vastgesteld dat flitsbezorging, die de gemeenteraad met dit bestemmingsplan wil weren uit winkelstraten, sowieso niet is toegestaan binnen de bestemming detailhandel. De uitspraak vindt zijn grond in de definitie die in de bestemmingplannen wordt gegeven van detailhandel. In de huidige bestemmingsplannen is de definitie van detailhandel geheel gelijkluidend aan de formulering in de rechterlijke uitspraken.

Het probleem dat de gemeenteraad binnen de Haagse Hoofdwinkelstructuur zegt te willen bestrijden binnen de bestemming detailhandel is een overbodige exercitie. Het tegenovergestelde, zoals hierboven betoogd, wordt er zelfs mee bereikt: het maakt de vestiging van flitsbezorging zelfs mogelijk! 3. Flitsbezorgdiensten? Door flitsbezorging als dienst te benoemen wordt de suggestie gewekt dat deze onderneming zou kunnen vallen onder de definitie van dienstverlening: Het bedrijfsmatig verlenen van diensten, waaronder mede begrepen publieksgerichte dienstverlening, al of niet met baliefunctie, op administratief, medisch, juridisch, therapeutisch of

10/16

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10348974

-

cosmetisch gebied, kleinschalige kantoren, fotostudio's, uitzendbureaus, reisbureaus, kapsalons, snelfoto-ontwikkel- en kopieerservicebedrijven, videotheken en andere verhuurbedrijven, autorijscholen; onder dienstverlening wordt niet begrepen: garagebedrijven, belwinkels, internetcafé, prostitutie, een prostitutie-inrichting of seksclub, escortbedrijven en kamerverhuurbedrijven. De conclusie is echter dat deze vorm van dienstverlening, opslag en transport, niet kan niet vallen onder de definitie van dienstverlening zoals die is gegeven in de vigerende bestemmingsplannen.

4. Wat moet worden tegengegaan? Wat expliciet onmogelijk gemaakt moet worden binnen de Haagse Hoofdwinkelstructuur is de vestiging van bedrijven die goederen vervoeren waarbij andere gemengde functies, zoals detailhandel, ondergeschikt zijn. Het voorliggende plan is in zijn huidige vorm volkomen overbodig.” Ten aanzien van deze zienswijze merkt het college het volgende op: In de schriftelijke reactie wordt bezwaar aangevoerd tegen onderdelen van de parapluherziening. Samengevat heeft de zienswijze betrekking op het volgende: 1. 2.

3. 4.

het bestaan van tegenstrijdige regels in het plan, zoals opgenomen in de algemene afwijkingsregels, die de regulering van nieuwe flitsbezorgers in de weg staan; een overbodig verbod van flitsbezorging op detailhandelsbestemmingen binnen de Hoofdwinkelstructuur, aangezien op grond van jurisprudentie is vastgesteld dat flitsbezorging niet past onder een detailhandelsbestemming; een onjuiste aanduiding van flitsbezorgers als ‘dienst’ in het plan, omdat flitsbezorging daarmee onder ‘dienstverlening’ wordt geschaard; reclamant stelt voor om het verbod in plaats van detailhandelsbestemmingen te richten tot vervoersdiensten binnen de hoofdwinkelstructuur.

Ten aanzien van deze reactie overwegen wij als volgt: Ad 1. Ten aanzien van het gestelde onder punt 1 delen wij mee dat er een afwijkingsmogelijkheid in het bestemmingsplan is opgenomen met het oog op de gewenste en bij wet toegestane flexibiliteit. Deze bepaling staat niet in de weg aan het doel van de parapluherziening. Het college is hiertoe bevoegd op grond van art. 3.6 Wro. Deze afwijking wordt niet automatisch verleend. De aanvrager moet in zo’n situatie kunnen aantonen dat aan de in de afwijkingsbevoegdheid opgenomen voorwaarde wordt voldaan. Zo niet, dan wordt er geen medewerking verleend. Ook ingeval er vanuit de gemeente wel medewerking wordt verleend, kan een derde-belanghebbende die het daar niet mee eens is, daartegen rechtsmiddelen aanwenden. Ad 2. en ad. 4 Met betrekking tot de kwalificatie van flitsbezorging verwijzen wij naar hoofdstuk 2 van de toelichting en het antwoord op het tweede punt van zienswijze 1. Zoals daar reeds is aangegeven, achten wij, gelet op de huidige lijn die in de jurisprudentie wordt gevolgd en het feit dat de huidige definitie van detailhandel in Haagse bestemmingsplannen ruim is, de kans groot dat dit nieuwe bedrijfsconcept als detailhandel wordt gekwalificeerd.

Indien de verbodsbepaling zich niet zou richten tot in de hoofdwinkelstructuur gelegen detailhandelshandelsbestemmingen, blijft de kans op negatieve effecten aanwezig, zoals een ontwrichting van de Hoofdwinkelstructuur met leegstand tot gevolg, ingeval de rechter flitsbezorging als een vorm van detailhandel blijft beschouwen.

11/16

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10348974

Vanuit deze optiek bezien achten wij de op detailhandel gerichte verbodsbepaling niet, zoals reclamant stelt, overbodig, maar zelfs noodzakelijk en kan het verbod zich niet, zoals reclamant onder punt 4 verzoekt, richten op ‘het verbieden van bedrijven die goederen vervoeren’. Wij zien gelet op het bovenstaande geen reden om af te wijken van de kwalificatie van flitsbezorging als detailhandel. Ad 3. Ten aanzien van de aanduiding van flitsbezorging als dienst delen wij mee dat detailhandel op grond van jurisprudentie als een dienst in de zin van artikel 4 van de Europese Dienstenrichtlijn wordt gerekend. Zoals in hoofdstuk 3 van de toelichting is aangegeven is in de parapluherziening rekening gehouden met de Dienstenrichtlijn. Wij zien derhalve geen reden om dit begrip in het plan te schrappen. Advies Gelet op de bovenstaande reactie stelt het college de raad voor om de zienswijze ongegrond te verklaren. 4.

Ra 10358847

Getir Netherlands B.V.

De volgende zienswijze is geciteerd: “Van 9 juni tot en met 20 juli 2022 ligt het ontwerpbestemmingsplan "Parapluherziening Flitsbezorging" ("Ontwerpbestemmingsplan") ter inzage en kan eenieder een zienswijze indienen. Hierbij ontvangt u namens Getir Netherlands B.V. onze zienswijze. Als Getir zijn wij één van de boodschappenbezorgdiensten die actief zijn in Den Haag. Wij geven graag een verdere (mondelinge) toelichting op onze bedrijfsvoering en onze ideeën voor de inpasbaarheid van onze dienstverlening in Den Haag. Ook bent u van harte uitgenodigd voor een bezoek aan één van onze vestigingen. Wij nemen hierover separaat contact met u op. Deze reactie is als volgt opgebouwd. Allereerst geven wij een samenvatting van de specifieke regeling voor flitsbezorging zoals wij deze uit het Ontwerpbestemmingsplan afleiden (paragraaf 1). Daarna delen wij onze analyse van het Ontwerpbestemmingsplan (paragraaf 2). Tot slot doen wij enkele verzoeken voor vaststelling van het definitieve bestemmingsplan (paragraaf 3). 1. Samenvatting Ontwerpbestemmingsplan Het Ontwerpbestemmingsplan bevat een specifieke regeling voor flitsbezorging. Wij leiden uit het Ontwerpbestemmingsplan de volgende regeling af: • Het Ontwerpbestemmingsplan wijzigt 50 bestemmingsplannen. • Het Ontwerpbestemmingsplan kwalificeert flitsbezorging als een bijzondere vorm van detailhandel.

• Op grond van het Ontwerpbestemmingsplan is flitsbezorging niet toegestaan op een locatie waar detailhandel is toegestaan, voor zover de locatie onderdeel uitmaakt van het kernwinkelgebied. • Op grond van het Ontwerpbestemmingsplan kan binnenplans een omgevingsvergunning worden verleend voor flitsbezorging op een locatie waar detailhandel is toegestaan, die onderdeel uitmaakt van het kernwinkelgebied. Voorwaarde is dat de flitsbezorging op een planologisch verantwoorde wijze kan worden ingepast. 2. Analyse Ontwerpbestemmingsplan Gelet op de in het Ontwerpbestemmingsplan opgenomen regeling voor flitsbezorging, kan het Ontwerpbestemmingsplan als volgt geanalyseerd worden:

12/16

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10348974

•

•

•

•

•

•

Het Ontwerpbestemmingsplan wijzigt een gedeelte van de Haagse bestemmingsplannen en is van toepassing op een gedeelte van het Haagse grondgebied. Een deel van de Haagse bestemmingsplannen wordt niet geraakt of aangepast door het Ontwerpbestemmingsplan. Het Ontwerpbestemmingsplan bevat een specifieke regeling voor flitsbezorging. Kern van het Ontwerpbestemmingsplan zijn dan ook de definities van "flitsbezorging". De definities van flitsbezorging bevatten echter voor essentiële elementen open normen. Die open normen worden niet nader gedefinieerd, uitgewerkt of toegelicht. Zo is het onduidelijk wat bedoeld wordt met "annex", "hoofdzakelijk'', "snelle levering" en "distributiecentrum". Het Ontwerpbestemmingsplan kent één definitie van "flitsbezorging". Deze definitie maakt geen onderscheid in de specifieke bedrijfsvoering van een flitsbezorgdienst .. Het is bijvoorbeeld niet relevant of er bij een specifieke vestiging wel of geen sprake zou zijn van i) direct klantcontact, ii) directe verkoop aan winkelend publiek, iii) uitstalling ten verkoop en/of iv) additionele dienstverlening, zoals deelname aan Too Good To Go of een pakketservice. Alle vestigingen, ook die uitsluitend bestellingen bezorgen, vallen onder de definitie van "flitsbezorging".

Op grond van het Ontwerpbestemmingsplan kan een flitsbezorgdienst zich vergunningsvrij vestigen op een locatie waar detailhandel is toegestaan, die niet binnen het kernwinkelgebied valt. Hierdoor is feitelijk slechts op een beperkt aantal locaties vrije vestiging mogelijk. Op grond van het Ontwerpbestemmingsplan kan voor een locatie waar detailhandel is toegestaan en die wel binnen het kernwinkelgebied valt, binnenplans een omgevingsvergunning worden verleend voor een vestiging van een flitsbezorgdienst. Voorwaarde is dat de vestiging op "een planologisch verantwoorde wijze kan worden ingepast". Dit is een open norm. In het Ontwerpbestemmingsplan ontbreken de randvoorwaarden/criteria dan wel een nadere duiding/toelichting op grond waarvan een omgevingsvergunning binnenplans kan worden verleend. Volgens de toelichting bij het Ontwerpbestemmingsplan acht de gemeente locaties op i) bedrijfslocaties langs doorgaande wegen en ii) bedrijventerreinen ook geschikt voor vestigingen van flitsbezorgdiensten. Voor zover deze locaties onderdeel uitmaken van het Ontwerpbestemmingsplan, en voor zover zij geen detailhandelsbestemming hebben, maakt het Ontwerpbestemmingsplan een vrije vestiging van flitsbezorgdiensten op deze locaties niet mogelijk, ook niet binnenplans.

Voor deze locaties kan dan uitsluitend op grond van de kruimelgevallenregeling uit het Besluit omgevingsrecht een omgevingsvergunning worden verleend.

3.Verzoeken voor definitief bestemmingsplan Gelet op de in het Ontwerpbestemmingsplan opgenomen regeling voor flitsbezorging, hebben wij de volgende verzoeken voor het definitieve bestemmingsplan: • Verzoek om de open normen uit de definitie van "flitsbezorging" van een nadere definitie, uitwerking dan wel toelichting te voorzien. • Verzoek om onderscheid te maken tussen vestigingen van flitsbezorgdiensten met fysiek klantcontact/directe verkoop aan klanten/uitstalling ten verkoop, etc. en vestigingen zonder waarbij uitsluitend bestellingen worden bezorgd. • Verzoek om vestigingen van flitsbezorgdiensten waarbij uitsluitend bestellingen worden bezorgd vergunningsvrij te laten zijn op individuele bedrijfslocaties en op bedrijventerreinen onder categorie C/categorie 3.1. • Verzoek om de randvoorwaarden/criteria dan wel een nadere duiding/toelichting op grond waarvan een omgevingsvergunning voor een vestiging van een flitsbezorgdienst binnenplans kan worden verleend op te nemen (dus een invulling van "een planologisch verantwoorde wijze kan worden ingepast").

13/16

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10348974

4.Afronding Wij verzoeken u om het bestemmingsplan vast te stellen met inachtneming van deze zienswijze.” Ten aanzien van deze zienswijze merkt het college het volgende op: In de zienswijze wordt de effectiviteit van de parapluherziening flitsbezorging betwist en wordt verzocht het plan vóór vaststelling op enkele onderdelen aan te passen. In het kort heeft de reactie betrekking op het onderstaande: 1

het plan bevat open normen in de definitieomschrijving van flitsbezorging en is derhalve onduidelijk. Reclamant stelt voor om ‘open normen’ in de parapluherziening nader te specificeren; 2 het plan maakt geen onderscheid tussen de bedrijfsactiviteiten van flitsbezorgers. Reclamant stelt voor om bepalingen aan het plan toe te voegen waardoor flitsbezorgdiensten die de goederen fysiek verkopen worden onderscheiden van flitsbezorgers die de goederen via het internet verkopen en uitsluitend bezorgen; 3 reclamant stelt voor om de vestiging van flitsbezorgers waarvan de bedrijfsvoering zich enkel richt op distributie middels de parapluherziening vergunningsvrij te maken; 4 de bepalingen in de algemene afwijkingsregels zijn volgens reclamant niet voldoende duidelijk. Reclamant verzoekt derhalve om randvoorwaarden op te nemen waaruit blijkt in welke gevallen een vergunningsaanvraag wordt toegewezen. Ten aanzien van deze reactie overwegen wij als volgt: Ad 1. en ad.

2 Inzake de bezwaren van reclamant tegen de ‘definitie van flitsbezorging’, zoals het verzoek om open normen daarin nader te specificeren, alsmede het verzoek om de bestaande verschijningsvormen van de bedrijfsvoeringen in het bestemmingsplan te onderscheiden, merken wij op dat de toegepaste begripsomschrijving is gekozen met het oogmerk om kernwinkelgebieden te beschermen tegen mogelijke ontwikkelingen, die van nadelige invloed kunnen zijn op aantrekkelijkheid van kernwinkelgebied. Een te strikte omschrijving is niet wenselijk, omdat dan elke detaillering weer op zichzelf aanleiding kan geven tot discussies over de vraag of de bedrijfsvoering of het bedrijfsconcept van deze innovatieve instellingen in dat geval wel of niet onder de in het plan opgenomen begripsomschrijving valt. Van belang is dat op grond van de betekenis van de individuele woorden en de samenhang ertussen een afgewogen oordeel kan plaatsvinden of er sprake is van flitsbezorging. Daarbij is het besef aanwezig dat hierbij sprake is van enige interpretatieruimte, maar dat zulks niet wegneemt dat er naar het oordeel van het college op basis van het algemeen spraakgebruik en het gestelde in de toelichting op het bestemmingsplan wel degelijk een voldoende inzichtelijk toetsingskader in het plan is opgenomen. Ad 3.

Met betrekking tot het verzoek van reclamant om vergunningsvrije vestiging van flitsbezorgers op bedrijvenlocaties toe te staan, merken wij op dat een toewijzing van dit verzoek niet mogelijk is gelet op het feit dat in dit bestemmingsplan geen regeling is opgenomen voor bedrijvenlocaties. De kernwinkelgebieden zoals aangeduid in de Retailmonitor Den Haag 2017 (RIS301527) in de parapluherziening staan centraal. Doordat het verzoek van reclamant een aanpassing van bedrijvenbestemmingen in andere/bestaande bestemmingsplannen buiten het plangebied vergt, kan dat niet in deze herziening worden meegenomen. Ad 4.

14/16

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10348974

Ad 4. Ten aanzien van het verzoek om criteria die inzicht bieden in de wijze waarop flitsbezorgers op een planologisch verantwoorde manier in de kernwinkelgebieden kunnen worden ingepast, kan worden meegedeeld dat de toekenning van een binnenplanse afwijking afhankelijk is van de omstandigheden van het geval en de kenmerken van de onderhavige flitsbezorgdienst alsook de specifieke locatie. Het is daarom niet wenselijk en wellicht niet mogelijk om algemene voorwaarden op te nemen voor specifieke situaties. Van belang is dat elke beslissing op een daartoe ingediende aanvraag moet worden voorzien van een draagkrachtige motivering. Het is belangrijk dat in voorkomende situaties rekening wordt gehouden met alle relevante omstandigheden en dat niet aan de hand van enkele (algemeen geformuleerde) voorwaarden tot een beslissing wordt gekomen. Advies Gelet op voorgaande reactie stelt het college de raad voor om de zienswijze ongegrond te verklaren. ECONOMISCHE UITVOERBAARHEID Het ontwerpbestemmingsplan "Parapluherziening Flitsbezorging" is economisch uitvoerbaar. Aan de uitvoering ervan zijn geen kosten verbonden. Het is geen plan als bedoeld in artikel 6.2.1 van het Besluit ruimtelijke ordening, waardoor er geen exploitatieplan is vereist.

STAAT VAN WIJZIGINGEN Ambtshalve wijzigingen Regels • De naam van artikel 41 ‘Bestemmingsplan Vruchtenburg- en Heesterbuurt 2020’ wordt gewijzigd in ‘Bestemmingsplan Vruchten- en Heesterbuurt’; •

Artikel 41 lid 2 verandert in: 'Aan artikel 21 Algemene gebruiksbepalingen wordt lid 7 en lid 8 toegevoegd: Lid 7: "Flitsbezorging is niet toegestaan binnen de bestemming detailhandel, zoals tevens aangeduid in bestemming 'Gemengd - 1' van dit bestemmingsplan, voor zover het panden betreft die zijn gelegen binnen het kernwinkelgebied zoals bepaald in de Retailmonitor Den Haag 2017 (RIS301527 Bijlage 2)." Lid 8: "In uitzondering op het gestelde in lid '7', is flitsbezorging wel toegestaan binnen het kernwinkelgebied - zoals bepaald in de Retailmonitor Den Haag 2017 (RIS301527 Bijlage 2) indien zij reeds rechtmatig aanwezig, dan wel vergund was, op het moment van ter inzage legging van het ontwerp van dit bestemmingsplan."

•

Artikel 41 lid 3 verandert in: ‘Aan artikel 24 Algemene vrijstellingsbevoegheid wordt onder lid 1 sub 'd' toegevoegd: Lid 1 sub d: "Flitsbezorging binnen de bestemming detailhandel, voor zover gelegen binnen het kernwinkelgebied zoals omschreven in de algemene gebruiksregels van dit plan en zoals bepaald in de Retailmonitor Den Haag 2017 (RIS301527 Bijlage 2), mits dit op een planologisch verantwoorde wijze kan worden ingepast."

15/16

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10348974

•

Artikel 48 ‘Bestemmingsplan Willem Royaardsplein’ wordt geschrapt. In plaats daarvan volgt artikel 49 ‘Bestemmingsplan Ypenburg’.

Toelichting • In hoofdstuk 1.3 wordt de correcte vaststellingsdatum opgenomen van het toepasselijke bestemmingsplan ‘Waldeck 2021’. De datum onder punt 42 wordt gewijzigd van ’07-09-2021’ naar '19-05-2022’. BESLUITVORMING Gezien het vorenstaande stelt het college de raad voor het volgende besluit te nemen: De raad van de gemeente Den Haag, gezien het voorstel van het college van 3 oktober 2022, gelet op de Wet ruimtelijke ordening en het Besluit ruimtelijke ordening, besluit: met overneming van de door het college in het hiervoor vermelde voorstel aangegeven overwegingen, welke worden geacht deel uit te maken van dit besluit: I.

de zienswijzen in het bij dit besluit behorende voorstel onder “Ingekomen zienswijzen” opgenomen, ontvankelijk te verklaren en daarop het volgende te besluiten;

II.

de zienswijzen ongegrond te verklaren;

III.

tot herziening van de op het plangebied Parapluherziening Flitsbezorging betrekking hebbende bestemmingsplannen zoals deze zijn opgenomen in de artikelen 1 t/m 49 van de regels van het bestemmingsplan parapluherziening Flitsbezorging;

IV.

met in achtneming van de Staat van wijzigingen vast te stellen het bestemmingsplan Parapluherziening Flitsbezorging bestaande uit de kaart NL.IMRO.0518.BP0373ZFlitsbezorg40ON.dgn met ondergrond o_ NL.IMRO.0518.BP0373ZFlitsbezorg-ond.dgn en regels, zoals deze bij dit besluit behorende en als zodanig gewaarmerkte bescheiden zijn aangegeven, toegelicht en beschreven;

V.

dat bij het bestemmingsplan voor Parapluherziening Flitsbezorging geen exploitatieplan wordt vastgesteld.

Aldus besloten in de openbare raadsvergadering van 1 december 2022. De griffier,

De voorzitter,

Na vaststelling van het bestemmingsplan Parapluherziening Flitsbezorging wordt het identificatienummer van het bestemmingsplan gewijzigd van NL.IMRO.0518.BP0373ZFlitsbezorg40ON in NL.IMRO.0518.BP0373ZFlitsbezorg-50VA.

16/16

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11900467/3