20211216-RIS305360-Geamendeerd-Initiatief GL wind op zee campus Scheveningen definitief (002)
Tekst van het document
MAAK WERK VAN ENERGIE Een wind op zee campus op Scheveningen Arjen Kapteijns (GroenLinks) 20-05-2020
DEN HAAG
Colofon Tekst en inhoud: Arjen Kapteijns en Vincent Thepass Design en layout: Vincent Thepass en Robin Berghuijs
Dit document is gepubliceerd onder een CC-BY-SA-4.0 licentie. https://creativecommons.org/licenses/by-sa/4.0/
Inhoudsopgave 1. Inleiding Testimonials 2. Wind op Zee: kansen voor Den Haag 3. Plan van aanpak Vraagstuk: wat zijn de wervingsmogelijkheden? Vraagstuk: wat voegt Scheveningen toe aan het huidige speelveld? 4. Financiële paragraaf 5. Overige effecten 6. Planning en communicatie 7. Ontwerp-raadsbesluit
1 2 3 6 8 9 10 10 11 12
1. Inleiding Den Haag bevindt zich momenteel op meerdere kruispunten. De coronacrisis legt een groot deel van het dagelijkse leven stil en haalt tegelijkertijd het beste in veel Hagenaars naar boven. Naast een gezondheids-crisis is er ook sprake van een grote economische crisis, met grote economische krimp, inkomensverlies voor veel Hagenaars en harde klappen voor verschillende sectoren die belangrijk zijn voor de Haagse werkgelegenheid. Tegelijkertijd is er ook sprake van een klimaatcrisis, waarbij Den Haag zichzelf de op-dracht heeft gegeven om in 2030 klimaatneutraal te zijn en de energietransitie in de komende jaren flink op gang te brengen. Al deze verschillende crises leggen verschillende, uiteenlopende problemen bloot waar Den Haag mee kampt. Meer acute problemen die nu al spelen, voor de gezondheid en de economische bestaanszekerheid van veel bewoners van onze stad. Maar ook structurelere problemen, die te maken hebben met de onduurzame manier waarop onze huidige economie in elkaar zit. Deze samenkomst van economische en klimatologische uitdagingen biedt echter ook grote kansen. Juist nu komen overheden er minder dan ooit onderuit om anticyclisch te investeren in economische sectoren die op de lange termijn banen en investeringen opleveren en bijdragen aan een toekomstbestendige en eerlijke maatschappij.
Het is tijd om maatschappelijke partijen samen te brengen en nu echt te investeren in een energietransitie die voor iedereen werkt. Vanuit deze gedachte schetst dit initiatiefvoorstel de mogelijkheden voor een Scheveningse campus voor windenergie op zee. De jaren ’20 van deze eeuw wordt het decennium van de structurele groei van het areaal windmolens op de Noordzee, er liggen concrete plannen voor zeker 10 grote windparken. Deze razendsnel groeiende sector, die uiteindelijk een groot deel van de Nederlandse duurzame energie moet gaan leveren, biedt veel kansen voor Den Haag als hoofdstad van de Noordzee. Dit levert veel werkgele-genheid op, maar vraagt wel om gespecialiseerde opleidingen. Met de wind op zee campus versterken we de Haagse energietransitie op het gebied van onderwijs, eer-lijke werkgelegenheid, duurzame energie, en toekomstbestendige economische groei vanuit het cluster nieuwe energie. Bovendien vormt het initiatief een basis voor samenwerking met onderwijsinstellingen, ondernemingen actief in offshore- en duurzame energie en de vakbeweging. Den Haag kan het: samen bouwen we met deze campus aan een duurzame en eerlijke toekomst voor alle Hagenaars.
1
Testimonials “Met deze opleiding, in samenwerking met andere regionale onderwijsinstellingen, bieden we de lokale optie waar Haagse jongeren naar op zoek zijn en kunnen we ons bedrijvennetwerk en onze expertise op engineering en maintenance verder inzetten. Zo bieden we onze techniekstudenten directe aansluiting op de arbeidsmarkt in een duurzame sector die de komende decennia zal blijven groeien.” - Nico Persoon, ROC Mondriaan/Haagse Hogeschool (Praktor energietransitie)
“De windprojecten op de Noordzee zijn groeien gestaag en alleen al voor de komende tien jaar staan onze leden te springen om extra geschoolde handen om deze ontwikkeling te ondersteunen.” - Bastiaan Vader, branchespecialist human capital NWEA (Nederlandse Wind EnergieAssociatie)
“De gestage groei van wind op zee biedt grote baankansen voor Haagse vakmensen. Door hier op in te spelen en ook in te zetten op goede omstandigheden en gegarandeerde doorstroom naar de arbeidsmarkt biedt deze school een basis voor zeker werk in de komende decennia.” - Tjeerd Bakx, vakbondsbestuurder team project Offshore wind bij FNV/Nautilus
“Met deze campus vertelt Den Haag het verhaal dat de energietransitie zo nodig heeft: een verhaal over een transitie die niet alleen gaat over een leefbare aarde, maar ook om een banenmotor die ons welzijn juist gaat vergroten.”
- Olof van der Gaag, directeur Nederlandse Vereniging Duurzame Energie (NVDE)
“De komende 10 jaar gaan er jaarlijks grote windparken aanbesteed worden op de Noordzee. En al deze parken vergen daarna structureel onderhoud. Het opzetten van een opleiding in Den Haag, daarbij gebruik makend van de strategische ligging en bestaande (kennis)infrastructuur, biedt zeker kansen om jonge mensen uit de regio aan een duurzame baan te helpen”. - Ron Wit, directeur Energy transition and Public Affairs bij Eneco
“Voor een bedrijf als Van Oord verwacht ik dat de groei van onze activiteiten in windenergie begrensd gaan worden door het kunnen vinden van voldoende gekwalificeerde mensen. Daarom ondersteunen we dit initiatief om in Den Haag een opleiding te starten.” - Arnoud Kuis, manager-director bij Van Oord offshore Wind bv.
2
2. Wind op zee: kansen voor Den Haag De wind op zee campus levert op verschillende manieren maatschappelijke bijdragen aan Den Haag als sociale en toekomstbestendige stad aan zee. Offshore windenergie wordt één van de belangrijkste ener-giebronnen waarmee de doelstellingen uit het Nederlandse klimaatakkoord en de klimaatwet behaald moeten worden. Volgens het klimaatakkoord moet windenergie in 2030 jaarlijks tussen de 11,5 en 18,6 gigawatt leveren. Dit aantal moet uiteindelijk oplopen naar 35 tot 75 gigawatt in 2050 12. Afgezet tegen de 1,124 gigawatt aan vermogen wat Nederland naar schatting in 20193 had, impliceert dit minimaal een vertienvoudiging in de komende tien jaar en mogelijk een 75 keer zo grote sector in 2050. In figuur 1 is bovendien een overzicht te vinden van het grote aantal geplande offshore windprojecten in 2023 (blauw) en 2030 (groen) van het Ministerie van Economische zaken, die op korte termijn tot een groeiende vraag naar vakmensen zal leiden. Deze planning bevat meerdere parken dicht bij de Haagse kust, waar Den Haag geografisch gezien goed bij kan aansluiten. Met het groeiende marktaandeel van Nederland in de offshore windenergiemarkt in Europa (nu 25%) is er bovendien ook sprake van een internationaal grote, groeiende en robuuste sector.
Duurzaamheid Met de campus draagt Den Haag structureel bij aan de onmisbare rol die offshore wind moet vervullen in de Nederlandse energietransitie. Een duurzame toekomst is alleen mogelijk met goed onderwijs en bekwame vakmensen die letterlijk aan onze toekomst bouwen. Met de constante groei in deze sector is er een snel groeiende vraag naar vakmensen die Den Haag mede kan leveren. Bovendien wordt Den Haag hiermee een grotere spil in de energietransitie op het niveau van Nederland en de Noordzee, waarbij de bijdrage verder strekt dan de eigen gebouwde omgeving.
Structurele werkgelegenheid Daarmee draagt de campus bovendien bij aan structurele werkgelegenheid voor Haagse en Scheveningse vakmensen. Met een sector die tot 2050 booming is zal offshore wind nog decennialang een basis zijn voor werkgelegenheid. Dit geldt zowel voor jonge mensen die aan het begin staan van hun werkende leven als werknemers uit andere (krimp)sectoren (zoals bijvoorbeeld offshore gas en olie of de visserij) die via omscholing op de lange termijn perspectief hebben op de arbeidsmarkt. Op die manier draagt de campus niet alleen bij aan werkgelegenheid nu, maar draagt het ook bij aan een sociale transitie waar iedereen van meeprofiteert. Volgens schattingen van het ministerie van onderwijs levert de groei in de offshore windsector 10.000 banen op tussen nu en 20304. Bovendien zijn veel andere EU-lidstaten bezig met vergelijkbare grote projecten, waarmee er minder mogelijkheden zijn om werkplekken te vullen met arbeidsmigranten. Bovendien betekent dit dat er enorme kansen liggen. Een aantal Nederlandse bedrij-ven (zoals Van Oord en Boskalis) heeft ook internationaal al een stevig marktaandeel bij de aanleg en het beheer van windmolenparken.
1 https://www.klimaatakkoord.nl/elektriciteit 2 https://www.topsectorenergie.nl/sites/default/files/uploads/Wind%20op%20Zee/20190328_NOT_Programma_2019_F.pdf 3 https://x6a3i7a8.stackpathcdn.com/wp-content/uploads/2020/03/WFO_Global-Offshore-Wind-Report-2019.pdf 4https://www.noordzeeloket.nl/nieuws/nieuws/2018/kabinet-maakt/
3
Figuur 1. Bron: Economische Visie Den Haag+ 2030
Betere aansluiting onderwijs op arbeidsmarkt zowel in de Haagse onderwijs- en economische visie als in landelijk onderwijsbeleid wordt aansluiting van onderwijs op de arbeidsmarkt als een belangrijk doel gezien. Met de voorgestelde campus wordt er samengewerkt met grote spelers uit de windenergiesector die behoefte hebben aan vakmensen. Daarmee is er sprake van een directe aansluiting op de arbeidsmarkt en kan de opleiding bovendien beter inspringen op de actuele uitdagingen die binnen de sector spelen. Door ook de vakbeweging bij de aansluiting op de arbeidsmarkt te betrekken is er bovendien een waarborg voor goede arbeidsvoorwaarden en kunnen werkende mensen al op jonge leeftijd in aanraking komen met de vakbeweging.
Toekomstbestendige economische groei In de Haagse economische visie voor 2030 wordt de wens uitgesproken om te investeren in structurele economische groei. Bovendien wordt nieuwe energie als één van de groeiclusters gedefinieerd, wordt aansluiting van onderwijs op de arbeidsmarkt en het bieden van werkgelegenheid aan vakmensen als doelen geformuleerd én fungeert Scheveningen als een economisch kerngebied dat goed bereikbaar is, met een combinatie van bedrijventerrein in de haven, en de mogelijkheid voor een campus en fieldlab (zie figuur 1). Bovendien fungeert een campus als hotspot waar kennis, expertise en vakmanschap samenkomen en Den Haag op die manier onderscheiden van andere steden. De voorgestelde campus draagt bij aan al deze aspecten en kan de Haagse economie voor de lange termijn een boost geven. Hier is behoefte aan, zeker met het oog op de economische impact van de coronacrisis.
4
Aansluiting Hagenaars en Scheveningers op offshore windprojecten Ten slotte biedt een Haagse link met offshore windenergie mogelijkheden om windmolenparken van partners te benutten voor duurzame energie in Den Haag. In samenwerking met Duurzaam Den Haag en bestaande initiatieven zoals Vereniging Participatie Wind Op Zee (PWOZ) kan er naar mogelijkheden worden gekeken om Hagenaars en Scheveningers bij deze ontwikkeling te betrekken en zelfs te kijken naar de mogelijkheden van het financieel participeren in een windmolen uit een nabij park. In de routekaart windenergie op zee staat het Windpark Hollandse Kust Zuid gepland in 2023 en is er ook al een gebied aangewezen voor Hollandse Kust Zuid West (Zie figuur 2). Figuur 2. Bron: Routekaart windenergie op zee (Ministerie van economische zaken)
Ecologie Door bij het vormgeven van de opleiding te kiezen om ook aandacht te besteden aan natuurvriendelijke bouw en exploitatie van windmolens, kan veelbelovende innovatie worden aangejaagd. Bijvoorbeeld door te onderzoeken hoe de effecten van windenergie op natuur kunnen worden verkleind en de natuur zelfs kan worden versterkt. Nieuwe windparken bieden bovendien kansen voor dieren en natuur. Door bij het inrichten van de opleiding ook aan deze thema’s aandacht te besteden draagt Den Haag bij aan het verbeteren van de ecologie van de Noordzee.
5
3. Plan van aanpak Het maatschappelijke nut is duidelijk, er zijn diverse mogelijkheden voor financiering en verschillende spelers zijn enthousiast om samen van dit project een succes te maken. Hoe zorgen we ervoor dat dit ook gebeurt en wat is de rol van de gemeente daarbij? In dit onderdeel van het initiatiefvoorstel wordt het concept van de wind op zee campus verder geschetst. Ook wordt uiteengezet wat er al is en wat er nog moet gebeuren om de wind op zee campus realiteit te maken.
Ideeschets De wind op zee campus kan starten vanuit een locatie van ROC Mondriaan of HHS om zich daarna te ves-tigen aan de Scheveningse haven. Met de gecombineerde functie van bedrijventerrein, campus en fieldlap zoals uiteengezet in de economische visie 2030 is dit de perfecte plek voor een opleiding op gebied van maritiem, engineering en elektrotechniek. De opleiding is goed bereikbaar: niet alleen per fiets maar ook via openbaar vervoer, als eindstation van het hoogwaardige regionale netwerk dat via de schaalsprong-OV wordt ontwikkeld. Verschillende onderwijsinstellingen werken samen op deze campus: in ieder geval ROC Mondriaan en de Haagse Hogeschool, en wellicht ook de DOB-academy (een academie met trainingstrajecten voor profes-sionals op het gebied van offshore energie) en TU Delft. Op die manier worden verschillende specialismes gebundeld en uiteenlopende onderwijsniveaus- en richtingen bij elkaar gebracht. ROC Mondriaan heeft expertise op het gebied van elektrotechniek en engineering, Haagse Hogeschool op het gebied van engi-neering en maintenance en DOB-academy op het gebied van offshore energie. Met de OV-verbindingen met Den Haag en de regio is dit een interessante plek voor Haagse- en Scheveningse MBO-studenten die het liefst een opleiding dichtbij nemen.
Bovendien wordt hiermee de huidige trend tegengegaan waarbij steeds meer engineeringopleidingen uit Den Haag verdwijnen. Al deze instellingen nemen ook hun eigen netwerk mee, zowel bij grotere spelers op het gebied van offshore wind (denk hierbij bijvoorbeeld aan TenneT en het in Den Haag gevestigde Siemens Gamesa) of kleinere offshore contractors zoals Rederij Groen op Scheveningen. Vanuit deze samenwerking tussen sleutelspelers en hun bredere netwerk ontstaat er een gericht onderwijs- en arbeidsmarktcluster rondom offshore wind-energie die snel kan inspelen op nieuwe vragen vanuit de sector. Met een haven gericht op de Noordzee en een netwerk van actieve spelers heeft de opleiding een directe link met de vele grote windprojecten die tussen nu en 2050 op Noordzee plaats gaan vinden. Daarmee komen de nieuwe vakmensen die hier worden opgeleid direct in aanraking met de sector waar ze gaan werken, beweegt de opleiding constant mee met de ontwikkelingen van de sector en stromen daarom vanuit een sneller traject door naar de arbeidsmarkt. Met een campusraad waar bestaande studenten en reeds opgeleide vakmensen zitting in nemen kunnen de belangen van de mensen die worden opgeleid structureel door henzelf worden behartigt. Naast de nieuwe MBO-studenten is er ook veel ruimte voor zij-instromers vanuit andere sectoren.
Denk hierbij bijvoorbeeld aan werknemers van kolencentrales die gaan sluiten maar ook zij-instromers vanuit offshore olie en gas of de visserij. Zij hebben een voorsprong vanuit hun ervaring en vaardigheden in de maritieme en/of energiesectoren en kunnen daarom sneller doorstromen naar de arbeidsmarkt. De FNV kan ondersteunen in de allocatie en begeleiding van deze zij-instromers, in het bijzonder bij krimpsectoren. Verder kan het gemeentelijk werkbedrijf hier ook een rol bij spelen, al moet er met dit veeleisende type werk op zee en in de hoogte extra waakzaam gewerkt worden met matching. 6
De combinatie van onderwijsinstellingen en de koppeling tussen opleiding en praktijk impliceert ook dat de campus verschillende functies zal vervullen. Het is een centrum voor de ontwikkeling van kennis en innovatie; waar de vakmensen voor hun en onze toekomst worden opgeleid en ervaring op kunnen doen bij bestaande projecten; en waar de campus en haar projecten ook worden gekoppeld aan de Haagse samenleving en zichtbaar worden voor bewoners.
Wat is er al en wat is er nodig? Den Haag heeft al veel van de dingen die nodig zijn om de campus te realiseren. Zo hebben we een Scheveningse haven met bedrijventerrein en mogelijkheid tot campus als mogelijke locatie en meerdere onderwijsinstellingen en een maatschappelijk- en bedrijvennetwerk die aan dit plan willen meewerken. Bovendien heeft Den Haag zowel een Kadernota Duurzaamheid als een economische uitvoeringsagenda 201920225 waar dit plan inhoudelijk goed bij aansluit.
Kadernota duurzaamheid: schone energie in een groene stad Energie is één van de vier focuspunten van de Kadernota, die terecht wijst op de brede mogelijkheden die de energietransitie te bieden heeft voor de Haagse werkgelegenheid en ondernemers. Bovendien ziet het college in dit plan voor zichzelf onder andere een verbindende, regisserende, faciliterende, ondersteunende, financierende en regulerende rol weggelegd. Met deze campus biedt Den Haag een aanvullende focus bovenop die van de Kadernota, die zich voornamelijk richt op verduurzaming van de bebouwde omgeving.
Economische uitvoeringsagenda 2019-2022 Dit plan streeft na om de Scheveningse haven te benutten voor maritieme innovaties en een plek te maken waar besluiten worden genomen over het gebruik van de Noordzee 6, waar Den Haag de hoofdstad van moet worden. De uitvoeringsagenda wil hiervoor onder andere meer bedrijfsruimte beschikbaar stellen en met de proeftuin op de Noordzee liggen er veel mogelijkheden om innovaties te testen en de campus te gebruiken voor verschillende vraagstukken, bijvoorbeeld op het gebied van maintenance, energieopslag en andere zeegerelateerde mogelijkheden om energie op te wekken. Aanvullend hierop is in de econo-mische visie 20307 verwoord hoe Den Haag in wil zetten op leer- en werkmogelijkheden voor vakmensen en economische clusters en beroepsopleidingen die hieraan bij kunnen dragen. Tegelijkertijd zijn er nog een aantal factoren die nodig zijn om de project verder te brengen. Zo is er fi-nanciering nodig vanuit verschillende partijen. In de financiële paragraaf wordt hier meer uitgebreid op ingegaan, maar de gemeente kan een ondersteunde rol vervullen bij een subsidieaanvraag bij het Regi-onaal Investeringsfonds MBO (RIF) en het mobiliseren van privaat krediet.
Bovendien kan de gemeente een regisserende rol vervullen bij het samenbrengen van private partijen als co-financierende partijen en het betrekken van organisaties als FNV en Duurzaam Den Haag bij de campus. Hiernaast kan de ge-meente ook een ondersteunende rol vervullen bij de benodigde vergunningaanvragen en het vinden van onderwijsruimte. Op die manier worden de onderwijsinstellingen op die gebieden zoveel mogelijk ontlast en kunnen zij zich richten op het opzetten van een onderwijsprogramma en een wervingsstrategie voor nieuwe studenten en zij-instromers. 5 6 7
7
https://denhaag.raadsinformatie.nl/modules/13/overige_bestuurlijke_stukken/534617 https://proeftuinopdenoordzee.nl/ https://denhaag.raadsinformatie.nl/document/8033486/1/RIS303550_Bijlage_1
Vraagstuk: wat zijn de wervingsmogelijkheden? Voor alle potentiële partners die GroenLinks sprak (onderwijsinstellingen, brancheorganisaties, bedrijven en FNV) was het duidelijk: de sector van wind op zee zal tot 2050 hard groeien en er is ook een snel groei-ende vraag naar vakmensen om dit mogelijk te maken. Tegelijkertijd wordt het belang benadrukt om een duidelijke wervingsstrategie te ontwikkelen die voldoende instroom waarborgt. Streefgetal instroom: van 50 mensen per jaar, geleidelijk oplopend naar een structurele instroom van 100 mensen. Om dit te bewerkstelligen moet er allereerst genoeg instroom zijn van nieuwe studenten uit onze regio. Dat is niet alleen belangrijk omdat de windsector alle vakmensen nodig heeft die er in potentie beschikbaar zijn: Haagse werkgelegenheid is ook een belangrijke doelstelling van dit initiatiefvoorstel, dus we willen ook dat Haagse jongeren op de opleidingen terechtkomen. Bovendien moet worden voorkomen dat er elders in Europa vakmensen moeten worden gehaald omdat Nederland de kansen hierop onderbenut laat. Om dit te bewerkstellingen ondersteund de gemeente ROC Mondriaan en de Haagse Hogeschool waar nodig met het opstellen van wervingsplan dat aansluit op de potentie én op de uitdagingen die bij deze sector komen kijken.
Een opleiding bouw- en onderhoud van wind op zee via deze opleiding biedt gegarandeerd lange termijn werkgelegenheid en stelt de student in staat letterlijk te bouwen aan een duurzame wereld. Tegelijkertijd is het werk heel uitdagend, en niet alleen vanwege haar technische aard. Je moet er namelijk ook tegen kunnen om op zee te werken en op grote hoogten werk uit te voeren. Daarom moet het wer-vingsplan zich richten op avonturiers die hier juist naar opzoek zijn. Tegelijkertijd zullen alleen nieuwe studenten mogelijk voor onvoldoende instroom zorgen om de opleiding levensvatbaar te houden. Een groot deel van de instroom kan echter gevonden worden via omscholing van vakmensen uit de bestaande offshore gas- en oliesector, waar juist sprake is van uitstroom, die naar mate de energietransitie zich vordert verder zal krimpen. Dit biedt meerdere voordelen: niet alleen beperkt het potentiële negatieve werkgelegenheidseffecten van de energietransitie door vakmensen om te scholen; het biedt ook toegang tot een pool aan vakmensen die al vertrouwd zijn met werken op zee en veilig werken op offshore platformen. Voor deze groep kan een verkort traject gerealiseerd worden. Bovendien kunnen nieuwe studenten leren van de ervaring van deze groep. Naast offshore olie en gas zijn er natuurlijk ook andere sectoren waar omscholing kan worden aangeboden, zoals bijvoorbeeld de visser-ijsector.
Deze sector maakt veranderingen door, onder andere als gevolg van de toename van aquacultuur, de toenemende ruimtevraag van windmolens op de Noordzee, Brexit en het verbod op pulsvisserij. FNV en het bedrijvennetwerk kunnen helpen met de matching van omscholingskandidaten en het sluiten van sectordeals.
Ten slotte kan er ook sprake zijn van instroom via werkoffensief +500. Gezien het uitdagende karakter van dit werk en de kwetsbare positie waar veel kandidaten van het werkoffensief zich in bevinden is het onverstandig om hierbij op structurele instroom te rekenen. Wel kan een opleiding in ieder geval als optie fungeren indien er daadwerkelijk mogelijkheid is voor duurzame matching.
8
Vraagstuk: wat voegt Scheveningen toe aan het huidige speelveld? Nederland kende in de afgelopen jaren een groei aan opleidingen voor windenergie op verschillende onderwijsniveaus en specialisaties (zie het overzicht van windcareer.nl in figuur 3). Daar moet rekening mee gehouden worden bij het opstarten van een Haagse opleiding op windenergie: het is immers niet de bedoeling dat de campus op Scheveningen in het vaarwater van andere opleidingen komt of dat bepaalde opleidingen uiteindelijk uitvallen vanwege een te lage instroom. Om hierop in te spelen is het belangrijk om een gespecialiseerde opleiding te ontwikkelen waarbij gebruik wordt gemaakt van de unieke lokale omstandigheden die Den Haag heeft. Het lokale speelveld biedt meer dan genoeg mogelijkheden om landelijk toegevoegde waarde te hebben. Zo bevindt ROC Mondriaan zich met het Kennis en Praktijkcentrum Energietransitie al volop in de overgang naar vakonderwijs gericht op de energietransitie. Bovendien heeft het hiermee samen met Haagse Ho-geschool al een uitgebreid netwerk met bedrijven die een belangrijke rol kunnen spelen. Met de Haagse energieacademie is er al sprake van een constructie waarin onderwijs, overheid en bedrijfsleven samen-werken voor het opleiden van vakmensen voor de energietransitie.
Bovendien huist Den Haag bedrijven en adviesbureaus die nu al een belangrijke rol spelen in wind op zee, zoals bijvoorbeeld Siemens Gamesa en McDermott, en natuurlijk een haven aan de Noordzee. Met rederij Groen heeft de Scheveningse haven bovendien al een contractor voor offshore projecten. De Haagse Hogeschool heeft al een opleiding op het gebied van engineering en maintenance: de speciali-satie die daaruit voortkomt kan Den Haag benutten voor de offshore energiecampus. Bovendien kunnen de verscheidene regionale onderwijsinstellingen ook benut worden, door middel van een samenwerking met TU Delft en afstemming met Rotterdam over welke opleidingen zij nog niet aanbieden. Docenten en-gineering aan ROC Mondriaan hebben al een eerste training gevolgd bij DOB, een kennisinstituut in Delft gespecialiseerd in offshore energie. Het belang- en benutten van samenwerking wint extra aan kracht als Den Haag zich voegt bij de ‘wind-kust coalitie’ van Vlissingen, Rotterdam, Den Helder en Groningen.
Door al vroeg in de opleiding in te zetten op de benodigde veiligheidscertificaten van de studenten, kunnen zij al tijdens de opleiding een kijkje nemen in de praktijk, door een dichtbijgelegen offshore windpark in aanbouw te bezoeken. Tot slot is het belangrijk dat de Haags opleiding baangarantie biedt. Dat is te realiseren door de bedrijvenpartners een gedeelde eindverantwoordelijkheid te geven voor de oplei-ding en baangarantie als één van de voorwaarden van samenwerking mee te nemen.
Figuur 3. Bron: windcareer.nl
9
4. Financiële paragraaf Het Regionaal Investeringsfonds MBO8 (RIF) biedt mogelijkheden voor financiering van de wind op zee campus. Deze landelijke investeringsregeling van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap biedt met 250 duizend tot 2 miljoen euro subsidie voor projecten die MBO/studenten betere aansluiting biedt op de arbeidsmarkt vanuit samenwerking tussen scholen, overheid en bedrijfsleven. In 2020 kan de aanvraag tussen 1 juni en 30 juni gedaan worden. Gemeente Den Haag kan ROC Mondriaan en de Haagse Hogeschool indien nodig ondersteuning bieden bij de aanvraag hiervan. Het RIF biedt maximaal 1/3 financiering en vereist dus cofinanciering voor het project door andere partijen. De eerdere economische analyse laat zien dat er veel mogelijkheden liggen om verschillende commerciële partijen uit de verder groeiende offshore windenergiesector te mobiliseren voor verdere cofinanciering, zeker met het oog op de blijvende vraag naar meer vakmensen om de sector draaiende te houden. 2/3 cofinanciering vanuit het bedrijfsleven is niet alleen een belangrijke voorwaarde voor de haalbaarheid van de campus: het is ook een logische verdeling van de kosten, aangezien het ook het bedrijfsleven is dat met een personeelstekort kampt en financieel zal profiteren van de arbeid die de nieuw opgeleide vakmensen zullen leveren.
Vanuit het Kennis en Praktijkcentrum Energietransitie9, de Energieacademie en andere netwerken waar ROC Mondriaan en de Haagse Hogeschool zich in bevinden kan bedrijfsleven gemobiliseerd worden.
5. Overige effecten De gemeentelijke organisatie zal bij de uitvoering van dit plan mogelijk 1 FTE als kwartiermaker beschikbaar moeten stellen voor de faciliterende, regisserende en ondersteunende rol. Verder heeft dit plan implicaties voor de bredere economische agenda, aangezien het concrete invulling geeft aan economisch sleutelgebied Scheveningen en groeicluster Nieuwe Energie als onderdeel van ImpactCity.
8 https://www.dus-i.nl/subsidies/regionaal-investeringsfonds-mbo 9https://techniekict.rocmondriaan.nl/energietransitie/
10
6. Planning en communicatie Planning Periode
Onderdeel
Q2 2020
Presentatie plan en politieke behandeling
juni 2020
Aanvraag RIF
tweede helft 2020
Plan van aanpak incl. voor uitvoering realisatie onderwijsruimte, vergunnings aanvragen en cofinanciering (gemeente) Ontwikkeling onderwijs- en arbeidsmarktplan (onderwijsinstellingen, FNV en bedrijvenpartners)
eerste helft 2021
Begin praktische realisatie academie en ingaan wervingsstrategie
tweede helft 2021
Officiële opening campus
11
7. Ontwerp-raadsbesluit De gemeenteraad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen d.d. 16 december 2021, gelezen het voorstel van Arjen Kapteijns, GroenLinks . Besluit: 1. In samenwerking met ROC Mondriaan, de Haagse Hogeschool en andere betrokkenen in Den Haag een wind op zee campus te ontwikkelen; 2. Hierbij een regierol te pakken met het oog op het doelmatig organiseren van de kennis en expertise, netwerken, verschillende rollen van de stakeholders en hun koppeling aan relevante beleidsterreinen, hierbij rekening houdend met ecologie*; 3. Een ondersteunende en faciliterende rol in te nemen voor het wervingsplan, subsidieaanvraag, het zoeken naar onderwijshuisvesting, en mogelijke andere uitdagingen die tijdens het proces langskomen; 4. In het derde kwartaal van 2020 een concreet plan van aanpak te presenteren, inclusief de verkenning met een overzicht- en planning van de acties die moeten worden ondernomen voor het realiseren van de campus; 5. De tweede helft van 2021 na te streven als periode voor de officiële opening van de campus; 6. Voor de periode tot de opening binnen de gemeentelijk organisatie één FTE voor een kwartiermaker vrij te maken. Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 16 december 2021. De griffier,
De voorzitter,
* geamendeerd in de raadsvergadering van 16 december 2021.
12