2021121516-RIS310021 Voorstel van het college Aanvr herz bp Zeeheldenkwartier 2010 (horeca rondom Anna Paulown
Tekst van het document
Datum
Registratienummer
3 november 2021
DSO/152830 RIS310021
Voorstel van het college inzake Aanvraag herziening bestemmingsplan Zeeheldenkwartier 2010 (horeca rondom Anna Paulownaplein) INLEIDING Advocate Mr C. Koenen heeft op 14 juni 2021 namens omwonenden (nader: “verzoekers”) van het Anna Paulownaplein een verzoek tot het wijzigen van het bestemmingsplan Zeeheldenkwartier 2010 ingediend met betrekking tot de bestemming en horecamogelijkheden van panden rondom het Anna Paulownaplein. Tevens wordt de raad verzocht een voorbereidingsbesluit te nemen om te voorkomen dat er onder het huidige regime medewerking moet worden verleend aan nieuwe aanvragen. Aangezien verzoekers een formeel verzoek hebben ingediend tot herziening van het bestemmingsplan Zeeheldenkwartier 2010, dient uw raad formeel een besluit te nemen om wel of niet over te gaan tot aanpassing van het bestemmingsplan. Het verzoek kan derhalve niet worden beantwoord door middel van een wethoudersbrief, maar dient formeel afgedaan te worden met een raadsbesluit. In onderhavig raadsvoorstel beoordelen wij het verzoek tot aanpassing van het bestemmingsplan Zeeheldenkwartier en adviseren wij u welke afweging hieromtrent te maken. Beoordeling verzoek Algemeen Bij het opstellen van een bestemmingsplan maakt de gemeente een zorgvuldige afweging tussen verschillende belangen in het gebied.
Daarbij heeft de gemeente oog voor zowel het belang van een rustige woonomgeving als het belang van functiemenging in van oudsher gemengde gebieden. Daarbij is gedurende de procedure tot vaststelling van het bestemmingsplan volop gelegenheid voor alle belanghebbenden in het gebied om hun zienswijze op het plan te geven. In de afgelopen periode zijn er echter meerdere verzoeken binnen gekomen waarbij de raad wordt verzocht om legale gebruiksmogelijkheden die zijn opgenomen in van kracht zijnde bestemmingsplannen weg te bestemmen. Het gaat onder meer om de Dibbetsstraat, Jan van Nassaustraat en Anna Paulownaplein. In al die gevallen is er door degenen die het verzoek hebben ingediend geen zienswijze ingediend bij uw raad of beroep bij de Raad van State ingesteld ten tijde van de bestemmingsplanprocedure. Medewerking verlenen aan een dergelijk verzoek zou betekenen dat uw raad daarmee ruimte biedt tot een hernieuwde beoordeling van de bestemmingslegging binnen de planperiode. Aangezien met deze verzoeken meestal ook financiële, zakelijke en maatschappelijke belangen van derden worden geraakt (die daardoor veelal in een nadeliger positie worden gebracht) doet het meewerken aan dergelijke verzoeken afbreuk aan de mate van rechtszekerheid die met het vaststellen van het bestemmingsplan door uw raad tot stand is gebracht.
Gemeente Den Haag
Spui 70 Den Haag
Postbus 12600 2500 DJ Den Haag
T 14070 www.denhaag.nl
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/152830
Zeeheldenkwartier 2010 Het bestemmingsplan Zeeheldenkwartier 2010 is door de raad op 8 september 2011 vastgesteld en vervolgens als geheel onherroepelijk in werking getreden. Daarmee is sprake van een actueel bestemmingsplan en is een gedeeltelijke herziening ervan thans in principe nog niet aan de orde. Daarbij wordt opgemerkt, dat in het jaar 2022 de Omgevingswet in werking zal treden. De Omgevingswet vervangt onder andere de Wet ruimtelijke ordening. In deze wet is de verplichting tot een periodieke herziening van bestemmingsplannen niet opgenomen. De wijk Zeeheldenkwartier is, zoals aangegeven in de toelichting van het bestemmingsplan, een dynamische woonomgeving met veel functiemenging, welke deel uitmaakt van het centrumstedelijk woonmilieu. De voorzieningen zijn veelal gesitueerd langs de doorgaande assen. In de zijstraten is meestal een rustig(er) woonklimaat te vinden. De Anna Paulownastraat en het plein behoren tot de belangrijkste buurtontsluitingswegen. In lijn daarmee is aan de panden rondom het Anna Paulownaplein in het bestemmingsplan de bestemming Gemengd-4 gegeven. De gronden zijn ingevolge het bepaalde in artikel 7 lid 1 van de regels onder meer bestemd voor horeca-inrichtingen voor zover deze voorkomen in categorie I en II van de bij het plan behorende Staat van horecainrichtingen.
Een bestaande horeca-inrichting heeft de functieaanduiding “horeca” gekregen ten behoeve van een horeca-inrichting tot en met categorie III. In artikel 7 lid 5 is een afwijkingsmogelijkheid opgenomen om met een omgevingsvergunning af te wijken van het in lid 1 bepaalde ten behoeve van een horeca-inrichting als bedoeld in categorie III van de Staat van horeca-inrichtingen, met inachtneming van de volgende bepalingen: a. de vestiging van betreffende horeca-inrichting dient in overeenstemming te zijn met het horecabeleid zoals beschreven in de Structuurvisie Horeca Den Haag; b. door het afwijken van de gebruiksregels mogen de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en bouwwerken niet onevenredig worden geschaad; c. de vestiging van een horecabedrijf ter plaatse mag geen onevenredig nadelige invloed hebben op de verkeersveiligheid in de directe omgeving; d. vooraf dient over het voornemen tot het toepassen van de afwijkingsbevoegdheid advies te worden ingewonnen bij de ambtelijke toetsingscommissie horeca; e. voor het overige dienen de regels zoals opgenomen in dit artikel, in acht te worden genomen. Daarnaast is in artikel 7 lid 6 een wijzigingsbevoegdheid opgenomen om een functieaanduiding (zoals de eerdergenoemde functieaanduiding horeca) van de verbeelding te verwijderen, indien: a. het gebruik voor de afwijkende bestemming voor ten minste één jaar is onderbroken; b.
het gebruik voor de afwijkende bestemming is beëindigd doordat het pand voor de toegestane bestemming wordt gebruikt; c. de afwijkende functie vanuit het woon- en leefmilieu ter plaatse niet langer aanvaardbaar wordt geacht. Met deze bepalingen in de regels van het bestemmingsplan is verzekerd dat horeca in categorie III zich uitsluitend onder strikte voorwaarden mag vestigen. Een vestiging mag immers niet leiden tot onevenredige hinder of overlast voor de directe omgeving. Tevens is in de regels verzekerd dat, indien dat noodzakelijk zou blijken, een functieaanduiding van de verbeelding kan worden verwijderd. Daarmee is de regeling ten aanzien van het toestaan van zwaardere horeca van afdoende waarborgen voorzien.
2/5
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/152830
Een gemengde bestemming met horecamogelijkheden zoals hierboven beschreven is niet ongebruikelijk in wijken waar sprake is van veel functiemenging en komt daarom op meerdere plekken in de stad voor. Indien uw raad zou instemmen met onderhavig verzoek, is het de vraag wat dit betekent voor andere locaties waar een soortgelijke regeling is opgenomen. Momenteel zijn er zes horecavestigingen rondom het Anna Paulownaplein aanwezig. Bij alle binnen de bestemming Gemengd-4 gelegen horecavestigingen, welke voornamelijk bestaan uit lunchrooms en restaurants, alsmede een hotel, is sprake van bestaand legaal gebruik. Bij de beoordeling van omgevingsvergunningaanvragen is het bestemmingsplan het uitgangspunt. Alle procedures doorlopen de gebruikelijke wegen van publicatie en mogelijkheden van bezwaar en beroep. Op 22 februari 2021 is een omgevingsvergunning verleend voor het veranderen van het kantoorpand Anna Paulownaplein 1 tot restaurant. De bezwaar- en beroepsmogelijkheden in deze procedure zijn nog niet afgerond, waardoor nog geen sprake is van een onherroepelijke vergunning. Met betrekking tot onderwerp van het verzoek, horeca in het rond het Anna Paulownaplein, zijn op 2 maart 2021 (RIS 307537) door het college vragen van raadslid Sluijs (Hart voor Den Haag/Groep de Mos) beantwoord.
In de beantwoording van de raadsvragen is aangegeven, dat voor alle panden rondom het plein de bestemming Gemengd-4 geldt, waarbij onder andere horeca is toegestaan. Nieuwe aanvragen dienen te worden beoordeeld aan het ter plaatse geldende bestemmingsplan en relevante wet- en regelgeving. In de beantwoording is ook aangegeven dat wanneer de beoogde horecafunctie past binnen de regels van het bestemmingsplan, de functie niet kan worden verboden, of een vergunning kan worden geweigerd. Geconstateerd wordt, dat verzoekers feitelijk vragen om voor een onbenoemd aantal panden met de bestemming Gemengd-4 in het Zeeheldenkwartier de bestemming te beperken en daarmee een deel van de bestaande legale gebruiksmogelijkheden voor horeca -zowel waar dit bij recht mogelijk is voor de categorieën I en II, als waar dit ziet op de vrijstellingsbevoegdheid- weg te bestemmen. Daarnaast wordt geconstateerd, dat het verzoek niet (tevens) namens de eigenaren/belanghebbenden van de betreffende (resterende) panden wordt gedaan, maar uitsluitend namens omwonenden. Ook wordt niet gespecificeerd om welke panden het, althans naar de mening van verzoekers, zou gaan. Reeds uit een oogpunt van zorgvuldigheid is het niet correct indien de gemeente een sinds jaren bestaande planologische situatie ineens gaat aanpassen zonder de betrokken eigenaren en huurders hiervan op de hoogte te stellen.
De kans doet zich dan voor dat er bijvoorbeeld al privaatrechtelijke contracten met partijen zijn afgesloten, die alsdan niet meer kunnen worden nagekomen. Dit kan tot privaatrechtelijke schadeclaims leiden. Het in een bestemmingsplan beperken van een bestemming, heeft bovendien niet tot gevolg, dat legaal aanwezige horeca ook beëindigd zou moeten worden. In ieder bestemmingsplan is de gemeente verplicht het zogeheten overgangsrecht op te nemen. Dit wettelijk voorgeschreven overgangsrecht bepaalt met het oog op de rechtszekerheid, dat wanneer een bestemming wordt gewijzigd, het gebruik van een pand, dat in overeenstemming is met het voorafgaande bestemmingsplan, gewoon mag worden voortgezet. Met andere woorden: bij een wijziging van de bestemming verandert er juridisch niets dat voortzetting van het bestaande gebruik tegengaat. Een herziening van het bestemmingsplan zal daarom niet aan de wens tot het beëindigen van aanwezige horeca tegemoetkomen.
3/5
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/152830
Verzoekers hebben aangegeven dat er al zes horecazaken gevestigd zijn en dat er onlangs een omgevingsvergunning verstrekt is voor een zevende zaak, waartegen de buurt bezwaar heeft gemaakt. Zij geven verder aan dat de overlast voor de buurt groot is (auto’s, fietsen, geluid, afval), en ook het draagvlak voor de bestaande horeca is onder druk komen te staan. Het huidige bestemmingsplan maakt echter nog meer horeca mogelijk. De panden op en rond het plein hebben de bestemming Gemengd-4, waarbinnen horeca I en II rechtstreeks zijn toegestaan. Nog meer horeca zou volgens verzoekers nog meer overlast genereren, terwijl de leefbaarheid in de buurt al zwaar onder druk staat. In het verzoek wordt echter niet onderbouwd in welke vorm, waar en wanneer zich overlast voordoet, die daadwerkelijk is terug te voeren op de thans aanwezige horecavestigingen. Voor zover het verkeersoverlast zou betreffen, wordt opgemerkt dat elk initiatief aan de Nota Parkeernormen dient te voldoen om zo te voorzien in haar parkeerbehoefte. Wanneer het initiatief daaraan voldoet is er geen sprake van toename van een bestaande parkeerdruk. Enkel op grond van de brief van 14 juni 2021 is voor ons echter niet aannemelijk geworden, dat de horeca in het algemeen, of een enkele horecavestiging als zodanig, overmatige overlast in de vorm van verkeersaspecten, geluid of afval veroorzaakt.
Ook wordt in de brief niet aannemelijk gemaakt dat het wegbestemmen van gebruiksmogelijkheden een aanmerkelijke beperking van overlast tot gevolg zou hebben. De omstandigheid dat een nog niet gerealiseerde horecavestiging kan behoren tot een horecacategorie die potentieel voor overlast kan zorgen, wat daar ook van zij, is als enkele motivering voor het verzoek om mogelijkheden weg te bestemmen niet voldoende. Bovendien kan niet voorbij worden gegaan aan de bestaande rechten van de (onbekende) eigenaren, welke niet bij het verzoek betrokken zijn. Ook kunnen wij niet voorbij gaan aan de financiële (planschade) consequenties, welke het gevolg van wegbestemmen zijn. Zowel het wegbestemmen als het beperken van horecamogelijkheden binnen een gemengde bestemming kunnen leiden tot (directe) planschade. Dat kan hoog oplopen omdat de plandrempel voor het normaal maatschappelijk risico niet altijd bij directe planschade wordt toegepast. Dit kan tot zeer hoge kosten voor de gemeente leiden. Deze kosten kunnen niet op derden worden verhaald. Gelet op bovenstaande overwegingen zijn wij van mening, dat uit hetgeen verzoekers in hun aanvraag naar voren brengen, geen argumenten afgeleid kunnen worden die tot de conclusie leiden dat bij het opstellen van het thans geldende bestemmingsplan een onjuiste beoordeling is gemaakt bij de bestemmingslegging.
Er is derhalve geen aanleiding om het bestemmingsplan te herzien op dit punt. Het verzoek dient te worden afgewezen. Dit leidt ertoe dat tevens het verzoek tot het nemen van een voorbereidingsbesluit afgewezen dient te worden. Overigens merken wij het volgende op. Wij begrijpen dat het afwijzen van het verzoek niet het door verzoekers gewenste resultaat oplevert. De gemeente is echter altijd bereid te luisteren naar bewoners en ondernemers, en in gesprek te gaan indien daar behoefte aan bestaat om samen te zoeken naar oplossingen binnen het wettelijke kader. In het kort wordt alvast aangegeven wat men in het geval van overlast kan doen. Voor een exploitant van een horeca-onderneming geldt, dat hij/zij zich heeft te houden aan de geldende wet- en regelgeving. Deze is er onder andere op gericht om overlast voor de omgeving te voorkomen of te beperken. Betreft de overlast het geluidsniveau vanwege muziek, dan kan contact worden opgenomen met de Omgevingsdienst Haaglanden (ODH) via 0888 333 555. Dit nummer is 24 uur per dag, 7 dagen per week bereikbaar. De ODH beoordeelt namens de gemeente of er sprake is van geluidsoverlast. Indien geconstateerd wordt dat het geluidsniveau te hoog is kan een dwangsom worden opgelegd.
4/5
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/152830
Om te voorkomen dat in de toekomst wederom geluidsoverlast wordt veroorzaakt kunnen desnoods maatwerkvoorschriften worden opgelegd met als doel te waarborgen dat de muziek op een acceptabel niveau blijft. Bij andere vormen van overlast kan men zich ook wenden tot de politie en het handhavingsteam. Het is namelijk van belang dat de ondervonden overlast ook door de toezichthouders geconstateerd wordt. Wanneer de overlast blijkt voort te komen uit het overtreden van de voorwaarden, die aan de voor het pand verleende drank- en horecavergunning verbonden zijn, kan op grond daarvan handhavend worden opgetreden. Eventueel kan in het uiterste geval tot intrekking van de vergunning worden overgegaan. BESLUITVORMING Gezien het vorenstaande stelt het college de raad voor het volgende besluit te nemen: De raad van de gemeente Den Haag, Gezien het voorstel van het college van 3 november 2021, Gelet op de Wet ruimtelijke ordening en het Besluit ruimtelijke ordening, met overneming van de door het college in het hiervoor vermelde voorstel aangegeven overwegingen, welke worden geacht deel uit te maken van dit besluit: Besluit: I. Geen medewerking te verlenen aan het ingekomen verzoek tot een aanpassing van het bestemmingsplan Zeeheldenkwartier 2010; II. Gelet op het besluit onder I tevens geen medewerking te verlenen aan het verzoek tot het nemen van een voorbereidingsbesluit.
Aldus besloten in de openbare raadsvergadering van 16 december 2021. De griffier,
De voorzitter,
5/5