CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

20211125-RIS310364 Voorstel van het college Gewijz vaststelling bestemmingsplan Madurodam nav tussenuitspraak Raad van State

Commissie Ruimte 10 november 2021, gemeente Den HaagBij agendapunt: Voorstel van het college inzake Gewijzigde vaststelling bestemmingsplan Madurodam n.a.v. tussenuitspraak Raad van State5.212 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Datum

Registratienummer

26 oktober 2021

DSO/10193834 RIS310364

Voorstel van het college inzake Gewijzigde vaststelling bestemmingsplan Madurodam n.a.v. tussenuitspraak Raad van State Inleiding Op 18 juli 2019 (RIS 302556) heeft de raad het bestemmingsplan Madurodam gewijzigd vastgesteld. Tegen dit vaststellingsbesluit zijn beroepschriften ingediend. Het beroep is op 4 mei 2021 behandeld in een openbare zitting van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (hierna: de Afdeling). Op 1 september 2021 heeft de Afdeling een tussenuitspraak (kenmerk 201907590/1/R3) gedaan. De Afdeling stelt de raad via deze tussenuitspraak in de gelegenheid om door middel van een zogeheten bestuurlijke lus een gebrek in het besluit te herstellen. De Afdeling heeft de raad opgedragen om binnen 20 weken na de verzending van deze uitspraak en met inachtneming van hetgeen daarin is overwogen een nieuw besluit te nemen en dit op de wettelijk voorgeschreven wijze bekend te maken. Wat betekent de bestuurlijke lus voor het bestemmingsplan Madurodam? Op 1 januari 2010 is de bestuurlijke lus in de Algemene wet bestuursrecht opgenomen. Op grond daarvan heeft de bestuursrechter de mogelijkheid gekregen om hangende een beroepsprocedure het bestuursorgaan (hier: de raad) de gelegenheid te bieden om gebreken in het bestreden besluit te herstellen. Bij de toepassing van de bestuurlijke lus door de bestuursrechter, wordt een tussenuitspraak gedaan.

De tussenuitspraak is geen einduitspraak, maar is wel bindend, niet alleen voor partijen, maar ook voor de bestuursrechter zelf. Op bepaalde onderdelen van het geschil geeft de Afdeling dus al een bindende beslissing. Het bestemmingsplan Madurodam is al wel in werking getreden. Op grond van het plan kunnen omgevingsvergunningen worden verleend. Nadat de raad een nieuw besluit heeft genomen, biedt de Afdeling partijen de gelegenheid om (schriftelijk) te reageren. Daarna volgt een einduitspraak. Na de einduitspraak van de Afdeling is het bestemmingsplan, mits de gebreken naar het oordeel van de Afdeling adequaat zijn hersteld, onherroepelijk. De tussenuitspraak van 1 september 2021 De raad dient uitsluitend een nieuw besluit te nemen voor het onderdeel dat de Afdeling zelf in haar tussenuitspraak noemt. Hierna wordt onder “Opdracht” daar nader op ingegaan. Daarbij is de opdracht van de Afdeling aan de gemeenteraad expliciet geformuleerd en wordt onder “Afweging” door het college een overeenkomstig voorstel gedaan.

Gemeente Den Haag

Spui 70 Den Haag

Postbus 12600 2500 DJ Den Haag

T 14070 www.denhaag.nl

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10193834

In de tussenuitspraak heeft de Afdeling reeds in positieve zin, voor wat betreft de volgende onderdelen van het geschil, het volgende overwogen: 1. Zorgvuldige voorbereiding De planvoorbereiding is zorgvuldig verlopen en in overeenstemming met de eerder door de raad gestelde randvoorwaarde over het betrekken van omwonenden (volgt uit rechtsoverweging 4.1 van de uitspraak, nader te verwijzen als r.o. met bijgaand nummer); 2. Noodzaak is aangetoond De raad heeft terecht geconcludeerd dat het noodzakelijk is dat Madurodam mogelijkheden krijgt om het aanbod in het park toekomstbestendig te vernieuwen en uit te breiden. Gelet op alle veranderingen die nodig zijn om het park toekomstbestendig te houden, waaronder dus niet alleen het vergroten van het aanbod, maar ook het beschikken over meer slechtweervoorzieningen in de vorm van verschillende overdekte paviljoens en het bieden van meer gelegenheid voor een ontspannen verblijf in het park door een verdere vergroening en verruiming daarvan, is voldoende aannemelijk dat hiervoor naast een gedeeltelijke inbreiding ook enige uitbreiding van het bestaande park nodig is. (r.o. 5.1); 3. Er zijn geen redelijke alternatieven De raad heeft aangedragen alternatieven, zoals ondergronds bouwen, afgewogen en in redelijkheid kunnen afwijzen.

Ondergronds bouwen bij een natuurmuseum als Ecomare is niet vergelijkbaar met een attractiepark zoals Madurodam. Gelet op bestaande belemmeringen waaronder kabels, leidingen en de Teldersweg, kon de raad in redelijkheid het alternatief voor de bebouwing aan de voorkant van Madurodam afwijzen. De raad mocht een zwaarder gewicht toekennen aan het behoud van de parkbeleving in Madurodam, gelegen nabij de Scheveningse Bosjes. Uit de plantoelichting en de daarbij behorende onderzoeken blijkt dat de maatschappelijke kosten die de uitbreiding van Madurodam tot gevolg heeft, zoals de gevolgen van de uitbreiding voor de natuur en het milieu, wel degelijk door de raad in de belangenafweging zijn betrokken (r.o. 6.4); 4. Raad mag een beheersverordening wijzigen De raad kan op grond van gewijzigde planologische inzichten en na afweging van alle betrokken belangen andere bestemmingen en regels voor gronden vaststellen, ook zoals in het voorliggende plan een gedeelte van de Scheveningse Bosjes voor de uitbreiding van Madurodam (r.o. 8.1); 5. Compensatie: Boscompensatieplan is realiseerbaar op talud Hubertusviaduct a.

Het is op basis van het Boscompensatieplan in combinatie met de daarbij gevoegde tekening, waarop is aangeduid waar binnen het compensatiegebied van in totaal 1 ha bosaanplant kan plaatsvinden, aannemelijk dat binnen het compensatiegebied een compensatiebos kan worden aangeplant dat qua oppervlakte ten minste even groot is als de gevelde houtopstand. Gewezen wordt op het feit dat de gevelde opstand een kleiner gebied omvat, namelijk van 0,6 ha. Ook acht de Afdeling aannemelijk gemaakt dat de her te beplanten houtopstand ondanks de ligging van het compensatiegebied nabij een druk verkeerspunt kan uitgroeien tot een volwaardige en duurzame houtopstand die kwalitatief en kwantitatief in een redelijke verhouding staat tot de gevelde houtopstand. Daarbij betrekt de Afdeling de op basis van de in het Boscompensatieplan omschreven beschikbare ruimte, de vermelde goede groei en vitaliteit van de al bestaande bomen in het compensatiegebied en de mogelijkheden om een gemengd loofbos van inheemse soorten te realiseren. Hierbij betrekt de Afdeling ook de in het Boscompensatieplan omschreven meerwaarde om het compensatiegebied op korte afstand van het plangebied in de stad te kunnen realiseren, waarmee de verbinding tussen de Scheveningse Bosjes en het Sint Hubertuspark wordt versterkt (r.o. 9.4);

2/11

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10193834

b. De Afdeling volgt de raad in zijn standpunt dat er wordt voldaan aan het vereiste van onbeplante grond, omdat gelet op het Boscompensatieplan het herbeplanten van de houtopstand plaatsvindt op de delen van het talud waar op dit moment geen houtopstand aanwezig is. De bestaande bomen die al op het talud aanwezig zijn, mits deze nog in goede staat zijn, worden niet gekapt, maar in het te ontwikkelen bos geïntegreerd (r.o. 9.6); 6. Geen strijd met groenbeleid: Stedelijke Groene/Ecologische Hoofdstuctuur a. De raad heeft op 6 juli 2017, bij de vaststelling van het planuitwerkingskader (PUK) voor de uitbreiding van Madurodam, ter compensatie een gebied van 0,65 ha gelegen naast de Kwekerijweg in Den Haag aan de Stedelijke Groene Hoofdstructuur toegevoegd. Dit gebied maakte voor die tijd daar géén deel van uit (r.o. 11.1); b. In het beleidsdocument "de Agenda Groen" is het sinds 2016 geldende groenbeleid vastgelegd. De raad acht zich op basis van dit beleid gehouden de Stedelijke Groene Hoofdstructuur op eenduidige en herkenbare wijze duurzaam in stand te houden en waar mogelijk te versterken. Dat betekent echter niet dat een nieuwe ruimtelijke ontwikkeling in het geheel niet tot de mogelijkheden behoort. Niet al het groen is per definitie te behouden en het kan zijn dat er door veranderingen en/of ontwikkeling groen verdwijnt.

Het groen dat dan verdwijnt, dient volgens dit beleid zoveel mogelijk te worden gecompenseerd. Compensatie vindt in dit geval zowel plaats op het talud tussen de Koninginnegracht en het Hubertusviaduct, waar de verloren gegane houtopstand wordt gecompenseerd, als ook in het gebied langs de Kwekerijweg. Daar worden gelet op het voornoemde raadsbesluit van 6 juli 2017 (vaststelling PUK) de ecologische waarden van het groen verhoogd, onder meer door het vervangen van gebiedsvreemde soorten door inheemse onderbegroeiing. Hiermee wordt gelet op de ligging van beide gebieden de groene schakel tussen de Scheveningse Bosjes en het Sint Hubertuspark versterkt. Gelet hierop, op het relatief beperkte deel van de Scheveningse Bosjes dat als gevolg van het plan verloren gaat, en op de ruimte die in het beleidsdocument "de Agenda Groen" is geboden voor nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen in het bestaande groen van Den Haag, ziet de Afdeling geen aanleiding voor het oordeel dat de uitbreiding van Madurodam in een deel van de Scheveningse Bosjes in strijd is met het gemeentelijk groenbeleid (r.o. 11.2); 7.

Beschermd stadsgezicht verplicht niet tot bevriezing Wijzend op vaste jurisprudentie, betekent de ligging binnen een beschermd stadsgezicht niet dat de verplichting bestaat een conserverend bestemmingsplan vast te stellen, waarin het stadsgezicht wordt bevroren in de toestand waarin het zich bevindt. Gelet op de planregels (onder andere met betrekking ecowal, olifantenpad, daken en gevels met groenfunctie, mantel- en zoomvegetatie) wordt de uitbreiding van Madurodam in de Scheveningse Bosjes dusdanig ingepast in het omliggende duinlandschap, dat de cultuurhistorische waarden van het beschermde stadsgezicht "Van Stolkpark/Scheveningse Bosjes" worden gerespecteerd. Dit geldt ook voor het bestaande attractiepark en daarin realiseren van nieuwe bebouwing (r.o. 12.1); 8. Alleen Bomenstichting voldoet aan relativiteitseis Uitsluitend de beroepsgronden over de effecten van het plan op de in de gemeente Den Haag gelegen Natura 2000-gebieden van de Bomenstichting worden inhoudelijk beoordeeld. De andere natuurlijke- personen wonen allen op ongeveer 1,1 km van het dichtst bij het plangebied gelegen Natura 2000-gebied Meijendel & Berkheide en voldoen niet aan de relativiteitseis (r.o. 13.4 en 13.5);

3/11

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10193834

9.

Stikstofdepositie: de onderzoeken tonen aan dat de nabijgelegen Natura 2000-gebieden niet worden aangetast Voorafgaand aan de zitting is namens de raad een drietal nieuwe stikstofdepositie-onderzoeken overgelegd. De Afdeling heeft uit een oogpunt van finale geschilbeslechting aanleiding gezien om deze drie onderzoeken te beoordelen. Daarbij luidt de conclusie, dat op basis van deze drie nieuwe onderzoeken kan worden geconcludeerd dat het plan de natuurlijke kenmerken van de nabij het plangebied gelegen Natura 2000-gebieden niet zal aantasten (r.o. 15 t/m 17.6); 10. PlanUitwerkingsKader (PUK) staat niet in de weg aan vrije afwegingsruimte door de raad Het PUK bevat slechts de ruimtelijke contouren voor de uitwerking van het plan op hoofdlijnen. De vaststelling van het PUK staat niet in de weg aan een gedegen beoordeling van de ruimtelijke aanvaardbaarheid van het vastgestelde bestemmingsplan door de raad. In tegenstelling tot wat appellanten aanvoeren is er sprake van vrije afwegingsruimte door de raad bij de vaststelling van een bestemmingsplan (r.o. 20.1); 11. Groene daken en gevels alleen voor het uitbreidingsgebied is redelijk De Afdeling acht de keuze van de raad om de planregels over de groene daken en gevels alleen voor het uitbreidingsgebied te laten gelden, niet onredelijk (r.o. 22.1); 12.

Waterberging Er is sprake van een toereikende waterbergingscapaciteit na realisatie van het plan (r.o. 23); 13. Groene bufferranden en begrenzing van het uitbreidingsgebied bij de Haringkade a. Een puntvormig stuk uitloper van de noordelijke duinrug bij de Haringkade lag in het vorig planologisch regime al ingeklemd tussen gronden met de bestemming "Cultuur en Ontspanning" en wordt nu bij het park getrokken. Uitsluitend een relatief beperkt deel van de noordelijke duinrug wordt afgegraven. Het park krijgt hierdoor ruimtelijk een duidelijke en logische begrenzing. De toegestane bouwhoogte is op het deel langs de Haringkade tegenover het appartement van [appellant] 10 m. De Afdeling deelt niet de opvatting van [appellant] dat deze hoogte landschappelijk gezien niet passend is en dat de nieuwe bebouwing van Madurodam verder van de Haringkade moet worden gesitueerd met een tussenliggende bufferzone en ecowal, net als langs het Olifantenpad. (r.o. 24.1); b. Het karakter van het gebied langs de Haringkade niet vergelijkbaar is met de westzijde van het uitbreidingsgebied waar het onverharde en landschappelijk waardevolle Olifantenpad in de Scheveningse Bosjes is gelegen.

De toegestane maximum bouwhoogte van 10 m (langs de geasfalteerde Haringkade) zal gedeeltelijk wegvallen achter de rij bomen en is bovendien in een meer stedelijk gebied, met aan de overzijde van het kanaal de hoogbouw van het appartementencomplex aan de Nieuwe Parklaan, niet afwijkend van de bebouwing in de omgeving (r.o. 24.1); c. Bij het deel dat wordt uitgebreid richting de Scheveningse Bosjes heeft de raad bijzondere aandacht gegeven aan de landschappelijke inpasbaarheid daarvan, door het uitbreidingsgebied grotendeels te situeren binnen de aan de noord- en zuidzijde daarvan gelegen duinruggen en door de westzijde van het uitbreidingsgebied bij het daar gelegen Olifantenpad grotendeels aan het zicht te onttrekken door middel van een ecowal. De andere randen van Madurodam zijn voor een groot deel al voorzien van een groene aankleding, zoals de bestaande rij bomen tussen het park en het kanaal. Er bestaat, waar het bovendien voornamelijk gaat om het bestaande attractiepark, geen aanleiding voor het voorschrijven van bredere groene bufferzones langs deze randen (r.o. 24.2);

4/11

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10193834

14. Geluid Het akoestisch onderzoek is volledig op juiste wijze uitgevoerd. Er is sprake van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat (r.o. 25.1 t/m 25.4); 15. Evenementenregeling De bestemming "Cultuur en ontspanning" sluit aan bij bestaand gebruik en staat niet meer toe dan al was toegestaan op basis van de beheersverordening. Het organiseren van grootschalige evenementen is niet toegestaan. Er is geen aanleiding voor verdere regulering in de vorm van een evenementenregeling (r.o. 26.2); 16. Lichthinder Verlichting is inherent aan een attractiepark. Er is geen sprake van onaanvaardbare lichthinder. In het plan zijn (ook) regels opgenomen om lichthinder vanaf het uitbreidingsgebied te beperken. Er kan niet worden verlangd dat op de daken zelf geen verlichting mag worden aangebracht. Voor een doelmatige bedrijfsvoering is het noodzakelijk om verlichting op daken en gevels te kunnen aanbrengen (r.o. 27.2 t/m 27.4); 17. Overige randvoorwaarden van het college De raad heeft bij de planvaststelling het afwijken van de randvoorwaarde (in het PUK) over de openbare toegankelijkheid van het groen deugdelijk gemotiveerd. Naast veel beheerproblemen is uit overleg met vertegenwoordigers uit de buurt gebleken dat de voorkeur wordt gegeven aan een duidelijke grens tussen het resterende openbare gebied van de Scheveningse Bosjes en het terrein van Madurodam.

Aan deze wens is in het plan gehoor gegeven door de inpassing (o.a. Olifantenpad en ecowal) van de uitbreiding in het omliggende landschap (r.o. 29); 18. Luchtkwaliteit Het luchtkwaliteitsonderzoek toont aan dat de luchtverontreinigende stoffen waarvoor in de Wet milieubeheer grenswaarden zijn opgenomen in en nabij het plangebied niet worden overschreden (r.o. 30.1) ; 19. Geen negatieve gevolgen voor recreatiemogelijkheden, het groene karakter van de stad en de economie a. Gelet op de relatief beperkte uitbreiding in verhouding tot de totale omvang van de Scheveningse Bosjes en de voorgeschreven landschappelijke inpassingsmaatregelen, heeft het bestemmingsplan geen negatieve gevolgen voor de recreatiemogelijkheden in de stad Den Haag en het groene karakter van de stad zodanig (r.o. 30.2); b. Het is niet aannemelijk dat met de bouwwerkzaamheden gepaard gaande hinder zodanig is dat dit de aantrekkelijkheid van de stad en daarmee de Haagse economie negatief zal beïnvloeden (r.o. 30.2); 20. Groen/Natuurbalans is niet vereist Het is niet vereist dat een stikstofdepositieonderzoek, in combinatie met eventuele andere gevolgen voor de natuur, ook worden neergelegd in een groen/natuurbalans (r.o. 30.3);

5/11

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10193834

21. Geen nadelige milieugevolgen Op grond van de bij het bestemmingsplan behorende "Aanmeldingsnotitie m.e.r.-beoordeling" kan worden geconcludeerd -ervan uitgaande dat het gebrek in de planregels op het gebied van parkeren in de bestuurlijke lus zal worden hersteld- dat, indien alle milieueffecten integraal worden bezien, de uitbreiding van Madurodam geen belangrijke nadelige milieugevolgen heeft (r.o. 31.2); 22. Formeel Appellanten hebben hun zienswijze herhaald en ingelast. Dit kan niet leiden tot een geslaagd betoog, omdat met het uitsluitend voor het overige inlassen van de zienswijze geen redenen zijn aangevoerd waarom de weerlegging van de zienswijze in de zienswijzennota onjuist is (r.o. 32). Opdracht De raad dient uitsluitend een nieuw besluit te nemen voor het onderdeel dat de Afdeling zelf in haar tussenuitspraak noemt. De Afdeling wijst - zoals hierboven opgesomd – alle beroepsgronden van appellanten af, behalve voor zover deze zien op het aspect van bezoekersaantallen en parkeren. De Afdeling geeft - kort gezegd en in haar woorden - het volgende aan: “Het maximum aantal bezoekers kent in het bestemmingsplan nu geen grens, terwijl moet worden aangenomen dat het aantal bezoekers door de vernieuwing en uitbreiding van het attractiepark op piekdagen zal toenemen.

Ook heeft de gemeenteraad in het bestemmingsplan de beschikbaarheid van extra parkeerplaatsen niet geborgd terwijl die op drukkere dagen wel nodig zijn”. (einde citaat) De voorgaande passage vat samen wat volgens de Afdeling nog schort aan het bestemmingsplan. Namelijk dat de Afdeling een borging in de regels van het bestemmingsplan mist van de beschikbaarheid van het aantal benodigde parkeerplaatsen vooral ten aanzien van de piekdagen. Met de bestuurlijke lus wordt de raad de gelegenheid geboden om het geconstateerde gebrek te herstellen. Om het hierboven geformuleerde probleem op te lossen heeft de Afdeling bovendien een handreiking en een concretere aanwijzing qua parkeeroplossing gegeven hoe dit op te lossen. De Afdeling geeft aan dat de raad het gebrek kan herstellen door in de planregels naast een begrenzing van het maximaal aantal bezoekers per dag ten behoeve van het attractiepark en de overige in de planregels toegestane gebruiksfuncties, ook nadere regels te stellen over de beschikbaarheid van de extra parkeervoorzieningen die op drukkere dagen noodzakelijk zijn.

Ook geeft de Afdeling nog een concretere aanwijzing qua parkeeroplossing: “De raad kan dit bijvoorbeeld doen door te berekenen voor hoeveel bezoekers de bestaande parkeergelegenheid aan de Doctor Aletta Jacobsweg ruimte biedt en in de planregels te borgen dat een gebruik ten behoeve van meer bezoekers uitsluitend is toegestaan indien een aanvullende parkeergelegenheid beschikbaar is, waarbij het aan de raad is om nadere regels te stellen over het aantal extra aantal parkeerplaatsen dat gelet op het toegestane maximum aantal bezoekers nodig is als ook over de bereikbaarheid van deze extra parkeerplaatsen.” (einde citaat) Daarbij kan de raad op basis van de uitspraak van de Afdeling bij de berekening van het benodigde aantal parkeerplaatsen aansluiten bij de in het parkeeronderzoek gehanteerde aanname dat 32% van de bezoekers met de auto komt.

6/11

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10193834

De Afdeling besluit gezien het belang bij een spoedige beëindiging van het geschil om de raad op te dragen het hiervoor ten aanzien van parkeren en het aantal bezoekers per dag geconstateerde gebrek in het vaststellingsbesluit te herstellen. Afweging In heroverweging is de raad van oordeel dat als volgt uitvoering wordt gegeven aan de opdracht van de Afdeling. Met de hierna te beschrijven aanpassingen in de toelichting en de regels van het bestemmingsplan komen alle door de Afdeling benoemde elementen terug en wordt tevens rekening gehouden met een toekomstbestendige oplossing voor Madurodam. Toelichting De tekst onder het kopje “Parkeren” in hoofdstuk 5.5 (“Verkeersanalyse”) van de toelichting bij het bestemmingsplan “Madurodam”, zoals eerder vastgesteld door de raad bij besluit 18 juli 2019, komt te vervallen en wordt integraal vervangen door de volgende tekst: “1. Aanleiding specifieke gebruiksregels parkeren Op 1 september 2021 heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (hierna: de Afdeling) een tussenuitspraak gedaan in de bestemmingsplanprocedure voor het bestemmingsplan "Madurodam" (ECLI:NL:RVS:2021:1971). De Afdeling overweegt in de uitspraak dat het maximum aantal bezoekers in het bestemmingsplan nu geen grens kent, terwijl moet worden aangenomen dat het aantal bezoekers door de uitbreiding op piekdagen zal toenemen.

Ook heeft de raad in het bestemmingsplan de beschikbaarheid van extra parkeerplaatsen niet geborgd terwijl die op drukkere dagen wel nodig zijn. De Afdeling draagt de raad op dit geconstateerde gebrek te herstellen met toepassing van artikel 8:51d van de Awb (de bestuurlijke lus). Om dit gebrek te herstellen worden aanvullende planregels aan de planregels toegevoegd. 2. Maximum aantal bezoekers in relatie tot parkeren In notitie “Nadere onderbouwing piekdagen en parkeerbalans Madurodam” van 30 september 2021 door Antea Group is nader onderbouwd dat een piek van 8.000 bezoekers per dag in de plansituatie wel degelijk realistisch is. Een piekdag van 8.000 bezoekers komt zelden voor, dit heeft voor het laatst plaatsgehad in het jaar 2017 en in dat jaar waren er in totaal maar drie dagen dat het aantal bezoekers boven de 7.000 lag. En alle jaren daarna, dus vanaf 2017 is er geen dag meer geweest dat het aantal bezoekers boven de 7.000 lag. De trend is dus dalende. Daarnaast is – zoals nader is onderbouwd in de notitie – het wel degelijk realistisch dat in de plansituatie de absolute piek van 8.000 niet hoger wordt ondanks de voorziene uitbreiding. Er wordt namelijk ingezet op meer bezoekers op minder drukke dagen. De nieuwe (overdekte) attracties zijn er namelijk op gericht meer bezoekers te trekken op dagen met juist minder goed weer.

Ondanks het feit dat de piekdagen in de toekomst lager zullen liggen dan 8.000, is met als doel het voorkomen van onaanvaardbare parkeerdruk op de omgeving, een maximum aantal bezoekers van 8.000 per dag opgenomen in de planregels. 3. Borging aantal benodigde parkeerplekken In de tussenuitspraak van 1 september 2021 overweegt de Afdeling dat niet getwijfeld hoeft te worden aan de uitgangspunten die ten grondslag liggen aan de parkeervraag (verblijfsduur, modal split, bezettingsgraad, en turnover-factor). Deze uitgangspunten zijn nogmaals toegelicht en onderbouwd in de notitie “Nadere onderbouwing piekdagen en parkeerbalans Madurodam” van 30 september 2021 door Antea Group. Madurodam heeft op het eigen

7/11

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10193834

terrein in totaal 415 vaste parkeerplaatsen beschikbaar. Daarnaast heeft zij 60 aanvullende parkeerplaatsen voor auto’s op het terrein voor bussen beschikbaar (overloopterrein indien daar aanleiding voor is). Dit terrein met aanvullende parkeerplaatsen voor auto’s is altijd op drukkere dagen (weekenden en vakantieperiode) vrij beschikbaar omdat er dan geen bussen komen/welkom zijn. Als Madurodam meer dan 5.400 bezoekers wil ontvangen, maar maximaal 8.000 dan moeten in totaal 625 parkeerplaatsen beschikbaar zijn. Die 625 parkeerplaatsen moeten objectief voor de duur van tenminste 10 jaar vanaf het onherroepelijk worden van het bestemmingsplan, zijn aangetoond en gewaarborgd, waarbij Madurodam binnen een maximale reisduur van 15 minuten van en naar de bestemming bereikbaar moet zijn en er duidelijke informatievoorziening beschikbaar is naar de parkeerplaatsen, ter voorkoming van onnodig zoekverkeer. 4. Eventuele toekomstige groei Het maximum aantal bezoekers van 8.000 is gekoppeld aan de hiermee gepaarde parkeerdruk. Het is alleen niet uitgesloten dat in de toekomst de uitgangpunten die ten grondslag liggen aan de parkeerdruk gunstiger uitpakken, met name de modal split.

Gelet op de toenemende populariteit van het openbaar vervoer en de fiets, verschillende vormen van deelmobiliteit en andere opkomende vormen van alternatief vervoer in (en rond) Den Haag, en gelet op de afnemende populariteit van de auto is het niet uitgesloten dat in de toekomst het gemiddelde van 32% van de bezoekers dat met de auto komt lager ligt. Daarmee zou de parkeervraag op basis van een maximum aantal bezoekers van 8.000 ook lager kunnen liggen. Madurodam zou daarom in beginsel in de toekomst qua maximum aantal bezoekers kunnen groeien als wordt aangetoond dat het parkeeraanbod toereikend is.” Bijlagen bij de toelichting Tevens is een aanvullende, actuelere parkeernotitie opgesteld. Deze dient ter aanvulling van bijlage 13 “Memo Parkeerbalans” bij de Toelichting. De nieuwe notitie, met de titel “Nadere onderbouwing piekdagen en parkeerbalans Madurodam”, van 30 september 2021, wordt als bijlage 15 aan de Bijlagen bij de toelichting toegevoegd (zie bijlage). Regels Met inachtneming van de overwegingen van de Afdeling wordt, naast hetgeen hierboven is beschreven, aan artikel 3 van de planregels als lid 5 toegevoegd: “3.5 Parkeren a. Het toegestane aantal bezoekers ten behoeve van de in lid 1 genoemde functies is, gelet op de maximale beschikbaarheid van 415 parkeerplaatsen op eigen terrein, gemaximeerd op 5.400 per dag. b.

In uitzondering op het gestelde onder a bedraagt het toegestane aantal bezoekers maximaal 8.000 per dag, mits: -

op objectieve wijze is aangetoond en gewaarborgd dat er in totaal 625 parkeerplaatsen beschikbaar zijn en blijven ten behoeve van de in lid 1 genoemde functies, en de parkeerplaatsen als hiervoor genoemd binnen een maximale reisduur van 15 minuten van en naar de bestemming bereikbaar zijn, en er is voorzien in een duidelijke informatievoorziening naar de elders gelegen parkeerplaatsen, ter voorkoming van onnodig zoekverkeer.

8/11

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10193834

c. Binnen drie maanden na het onherroepelijk worden van dit bestemmingsplan, dient door de exploitant aan het college van burgemeester en wethouders ter accordering te worden voorgelegd de invulling van de verplichtingen onder lid b voor de duur van tenminste 10 jaar nadien.”

PROCEDURE Bij de voorbereiding van het besluit behoeft afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht niet opnieuw te worden toegepast (het ontwerpbestemmingsplan behoeft derhalve niet opnieuw ter inzage te worden gelegd). De Afdeling heeft de gemeenteraad opgedragen om binnen een termijn van 20 weken het geconstateerde gebrek te herstellen en het nieuwe besluit mede te delen aan de Raad van State, de indiener van het beroep en het nieuwe besluit op de wettelijk voorgeschreven wijze bekend te maken. STAAT VAN WIJZIGINGEN Toelichting: - De tekst onder het kopje “Parkeren” in hoofdstuk 5.5 (“Verkeersanalyse”) van de toelichting bij het bestemmingsplan “Madurodam”, zoals eerder vastgesteld door de raad bij besluit 18 juli 2019, komt te vervallen en wordt integraal vervangen door de volgende tekst: “1. Aanleiding specifieke gebruiksregels parkeren Op 1 september 2021 heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (hierna: de Afdeling) een tussenuitspraak gedaan in de bestemmingsplanprocedure voor het bestemmingsplan "Madurodam" (ECLI:NL:RVS:2021:1971). De Afdeling overweegt in de uitspraak dat het maximum aantal bezoekers in het bestemmingsplan nu geen grens kent, terwijl moet worden aangenomen dat het aantal bezoekers door de uitbreiding op piekdagen zal toenemen.

Ook heeft de raad in het bestemmingsplan de beschikbaarheid van extra parkeerplaatsen niet geborgd terwijl die op drukkere dagen wel nodig zijn. De Afdeling draagt de raad op dit geconstateerde gebrek te herstellen met toepassing van artikel 8:51d van de Awb (de bestuurlijke lus). Om dit gebrek te herstellen worden aanvullende planregels aan de planregels toegevoegd. 2. Maximum aantal bezoekers in relatie tot parkeren In notitie “Nadere onderbouwing piekdagen en parkeerbalans Madurodam” van 30 september 2021 door Antea Group is nader onderbouwd dat een piek van 8.000 bezoekers per dag in de plansituatie wel degelijk realistisch is. Een piekdag van 8.000 bezoekers komt zelden voor, dit heeft voor het laatst plaatsgehad in het jaar 2017 en in dat jaar waren er in totaal maar drie dagen dat het aantal bezoekers boven de 7.000 lag. En alle jaren daarna, dus vanaf 2017 is er geen dag meer geweest dat het aantal bezoekers boven de 7.000 lag. De trend is dus dalende. Daarnaast is – zoals nader is onderbouwd in de notitie – het wel degelijk realistisch dat in de plansituatie de absolute piek van 8.000 niet hoger wordt ondanks de voorziene uitbreiding. Er wordt namelijk ingezet op meer bezoekers op minder drukke dagen. De nieuwe (overdekte) attracties zijn er namelijk op gericht meer bezoekers te trekken op dagen met juist minder goed weer.

Ondanks het feit dat de piekdagen in de toekomst lager zullen liggen dan 8.000, is met als doel het voorkomen van onaanvaardbare parkeerdruk op de omgeving, een maximum aantal bezoekers van 8.000 per dag opgenomen in de planregels.

9/11

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10193834

3. Borging aantal benodigde parkeerplekken In de tussenuitspraak van 1 september 2021 overweegt de Afdeling dat niet getwijfeld hoeft te worden aan de uitgangspunten die ten grondslag liggen aan de parkeervraag (verblijfsduur, modal split, bezettingsgraad, en turnover-factor). Deze uitgangspunten zijn nogmaals toegelicht en onderbouwd in de notitie “Nadere onderbouwing piekdagen en parkeerbalans Madurodam” van 30 september 2021 door Antea Group. Madurodam heeft op het eigen terrein in totaal 415 vaste parkeerplaatsen beschikbaar. Daarnaast heeft zij 60 aanvullende parkeerplaatsen voor auto’s op het terrein voor bussen beschikbaar (overloopterrein indien daar aanleiding voor is). Dit terrein met aanvullende parkeerplaatsen voor auto’s is altijd op drukkere dagen (weekenden en vakantieperiode) vrij beschikbaar omdat er dan geen bussen komen/welkom zijn. Als Madurodam meer dan 5.400 bezoekers wil ontvangen, maar maximaal 8.000 dan moeten in totaal 625 parkeerplaatsen beschikbaar zijn. Die 625 parkeerplaatsen moeten objectief voor de duur van tenminste 10 jaar vanaf het moment onherroepelijk worden van het bestemmingsplan, zijn aangetoond en gewaarborgd, waarbij Madurodam binnen een maximale reisduur van 15 minuten van en naar de bestemming bereikbaar moet zijn en er duidelijke informatievoorziening beschikbaar is naar de parkeerplaatsen, ter voorkoming van onnodig zoekverkeer. 4.

Eventuele toekomstige groei Het maximum aantal bezoekers van 8.000 is gekoppeld aan de hiermee gepaarde parkeerdruk. Het is alleen niet uitgesloten dat in de toekomst de uitgangpunten die ten grondslag liggen aan de parkeerdruk gunstiger uitpakken, met name de modal split. Gelet op de toenemende populariteit van het openbaar vervoer en de fiets, verschillende vormen van deelmobiliteit en andere opkomende vormen van alternatief vervoer in (en rond) Den Haag, en gelet op de afnemende populariteit van de auto is het niet uitgesloten dat in de toekomst het gemiddelde van 32% van de bezoekers dat met de auto komt lager ligt. Daarmee zou de parkeervraag op basis van een maximum aantal bezoekers van 8.000 ook lager kunnen liggen. Madurodam zou daarom in beginsel in de toekomst qua maximum aantal bezoekers kunnen groeien als wordt aangetoond dat het parkeeraanbod toereikend is.” Bijlagen bij de toelichting - Als bijlage 15 wordt, ter aanvulling van bijlage 13 “Memo Parkeerbalans”, de notitie met de titel “Nadere onderbouwing piekdagen en parkeerbalans Madurodam”, van 30 september 2021, toegevoegd (zie bijlage). Regels - Met inachtneming van de overwegingen van de Afdeling wordt aan artikel 3 van de planregels als lid 5 toegevoegd: “3.5 Parkeren a.

Het toegestane aantal bezoekers ten behoeve van de in lid 1 genoemde functies is, gelet op de maximale beschikbaarheid van 415 parkeerplaatsen op eigen terrein, gemaximeerd op 5.400 per dag. b. In uitzondering op het gestelde onder a bedraagt het toegestane aantal bezoekers maximaal 8.000 per dag, mits:

10/11

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10193834

-

op objectieve wijze is aangetoond en gewaarborgd dat er in totaal 625 parkeerplaatsen beschikbaar zijn en blijven ten behoeve van de in lid 1 genoemde functies, en de parkeerplaatsen als hiervoor genoemd binnen een maximale reisduur van 15 minuten van en naar de bestemming bereikbaar zijn, en er is voorzien in een duidelijke informatievoorziening naar de elders gelegen parkeerplaatsen, ter voorkoming van onnodig zoekverkeer.

c. Binnen drie maanden na het onherroepelijk worden van dit bestemmingsplan, dient door de exploitant aan het college van burgemeester en wethouders ter accordering te worden voorgelegd de invulling van de verplichtingen onder lid b voor de duur van tenminste 10 jaar nadien.” BESLUITVORMING Gezien het vorenstaande stelt het college de raad voor het volgende besluit te nemen: De raad van de gemeente Den Haag, Gezien het voorstel van het college van 26 oktober 2021, Gelet op de Wet ruimtelijke ordening en het Besluit ruimtelijke ordening, Besluit: met overneming van de door het college in het hiervoor vermelde voorstel aangegeven overwegingen, welke worden geacht deel uit te maken van dit besluit: I.

Het vaststellingsbesluit van 18 juli 2019 inzake het bestemmingsplan Madurodam met inachtneming van de hier bovenvermelde Staat van Wijzigingen te wijzigen.

Aldus besloten in de openbare raadsvergadering van 25 november 2021. De griffier,

De voorzitter,

Na vaststelling van het bestemmingsplan Madurodam wordt het identificatienummer van het bestemmingsplan gewijzigd van NL.IMRO.0518.BP0331DMadurodam-50VA in NL.IMRO.0518.BP0331DMadurodam-51VA.

11/11

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10681752/3