CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

20210715-GEAMENDEERD RIS308711 Voorstel van het college inzake Parkeerstrategie Den Haag 2021-2030

Gemeenteraad 15 juli 2021, gemeente Den HaagBij agendapunt: Voorstel van het college inzake Parkeerstrategie Den Haag 2021-2030 (RIS308711)3.670 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Datum

Registratienummer

21 mei 2021

DSO/10106494 RIS308711

Voorstel van het college inzake Parkeerstrategie Den Haag 2021-2030 1. Inleiding Met het stijgende autobezit hebben grote steden de afgelopen decennia te maken gekregen met schaarste aan parkeerplaatsen. Het begon in de centra en bij populaire bestemmingen, maar later ontstonden er ook parkeerproblemen in woonwijken. De parkeerproblematiek is in essentie een mismatch tussen vraag naar- en beschikbaarheid van parkeerplaatsen.

Bron: RDW - Den Haag in cijfers

Ook in de gemeente Den Haag heeft zich deze ontwikkeling afgespeeld. Eerst in het stadscentrum en de badplaats Scheveningen, later in winkelstraten en vervolgens ook in de dichter bevolkte woonwijken, zijn parkeerproblemen ontstaan: automobilisten (bezoekers en bewoners) hebben moeite met het vinden van parkeerplaatsen, de straten staan vol geparkeerde auto’s. Dat heeft een negatief effect op de omgevings- en leefkwaliteit en de veiligheid. Om hier iets tegen te doen, voert de gemeente al enige decennia parkeerbeleid. De hoofdlijnen van het Haagse parkeerbeleid zijn vastgelegd in het Parkeerkader 2010-2020 (RIS 168473A). Met de Parkeerbrief 2015 (RIS 283326) is het parkeerbeleid tussentijds geactualiseerd. Het beleid van dit Parkeerkader is effectief gebleken: in wijken en gebieden waar parkeermaatregelen zijn getroffen, is de parkeerdruk flink gedaald. Echter, de parkeerdruk is op veel plaatsen nog steeds hoog en de aanpak is in de loop van de jaren steeds uitdagender geworden. Er zijn de afgelopen jaren aanzienlijk meer Hagenaars bijgekomen en ook het aantal arbeidsplaatsen is gestegen.

Gemeente Den Haag

Spui 70 Den Haag

Postbus 12600 2500 DJ Den Haag

T 14070 www.denhaag.nl

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10106494

Veel van deze mensen bezitten en gebruiken auto’s. Het oppervlak waarbinnen al deze auto’s moeten parkeren, is niet gegroeid. Het gevolg is dat de Hagenaars en hun bezoekers, ondanks alle maatregelen, in toenemende mate moeite hebben om een parkeerplaats te vinden. In de Hoofdlijnenbrief Mobiliteitstransitie uit 2019 (RIS 302361) is beschreven welke druk dit zet op het mobiliteitssysteem van de stad. Naast zaken als congestie, verkeersonveiligheid en verstoorde leefbaarheid wordt in de mobiliteitstransitiebrief ingegaan op de parkeerproblematiek: steeds meer auto’s die op zoek zijn naar een parkeerplaats. Dit veronderstelt niet alleen een voortzetting van het ingezette parkeerbeleid, maar ook op sommige punten een intensivering en vernieuwing daarvan. In de Hoofdlijnenbrief Haagse Mobiliteitstransitie wordt ingezet op een noodzakelijke systeemverschuiving waarbij voorrang wordt gegeven aan ruimte-efficiënte, schone, slimme en veilige mobiliteit. Deze transitie is inmiddels vertaald in een aantal kaderstellende nota’s: De uitgangspunten voor schaalsprong OV (RIS303479), de Verkeersveiligheids-strategie (RIS305028) en Ruim baan voor de fiets Fietsstrategie 2040 (302960). Deze Parkeerstrategie 2021-2030 is de uitwerking van het parkeerbeleid in overeenstemming met de Hoofdlijnenbrief Haagse Mobiliteitstransitie.

Het Coalitieakkoord “ Samen voor de Stad“ (2019-2022) stelt dat de groei van de stad niet mag leiden tot een hogere parkeerdruk in woonwijken. De parkeerstrategie 2021-2030 vervangt het Parkeerkader 2010-2020 en de Parkeerbrief 2015. Deze Parkeerstrategie 2021-2030 zorgt voor de noodzakelijke aanpassingen van het parkeerbeleid. Het streven is en blijft om Den Haag bereikbaar, verkeersveilig, leefbaar en economisch vitaal te houden. 2. Hoofdlijnen van het nieuwe parkeerbeleid Het bovenstaande betekent dat het Haagse parkeerbeleid op een aantal fundamentele punten af zal wijken van het huidige. Voor deze parkeerstrategie 2021-2030 kiest het college voor de volgende uitgangspunten: 1.

De beschikbare fysieke ruimte wordt leidend in het parkeerbeleid. Dit komt tot uitdrukking in parkeernormen en waar nodig komt er een maximering van het aantal uit te geven vergunningen.

De gemeente Den Haag verstrekte de afgelopen jaren onbeperkt parkeervergunningen aan bewoners: iedere (rechtmatige) aanvraag werd gehonoreerd. In tegenstelling tot enkele andere grote steden in ons land vond er geen toets plaats of er in de openbare ruimte voldoende plek was voor deze auto’s. De groei van de stad en de groeiende hoeveelheid auto’s leidt er echter toe dat in sommige wijken waar parkeerregulering van toepassing is, bewoners in het bezit van een parkeervergunning steeds meer moeite krijgen met het vinden van een parkeerplaats. De gemeente wil dat mensen in het bezit van een parkeervergunning zonder problemen een parkeerplaats kunnen vinden in de nabijheid van hun woning. Om dit mogelijk te maken, zal Den Haag niet meer overal onbeperkt vergunningen verstrekken. De voor parkeren gereserveerde ruimte zal voortaan leidend zijn voor het aantal uit te geven vergunningen. Dit is een mix van bewonersvergunningen, bedrijfsvergunningen en voldoende capaciteit voor bezoekers. Als in een gebied waar al parkeerregulering geldt de parkeerdruk hoger is dan 90%, wordt een rem gezet op nieuwe vergunningen voor 2e (en volgende) auto’s. In principe heeft iedereen recht op een 1e parkeervergunningen. Er worden geen nieuwe parkeervergunningen uitgegeven aan 3e en volgende auto’s van een huishouden.

Er zal sprake zijn van een geleidelijke aanpassing waarbij (terecht) uitgegeven vergunningen niet worden ingetrokken.

2/8

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10106494

De parkeerdruk in een parkeergebied is nooit in elke straat of deel van het parkeergebied hetzelfde. Daarom werkt begrenzing van parkeervergunningen alleen effectief wanneer binnen het parkeergebied kleinere deelgebieden worden aangewezen waar deze begrenzing wordt toegepast. Het blijft dan wel mogelijk om met de parkeervergunning in het gehele parkeergebied te parkeren. De parkeerdruk in een buurt zal geen beletsel zijn voor het implementeren van belangrijke en/of door bewoners gewenste ontwikkelingen zoals het plaatsen van ondergrondse restafvalcontainers, het planten van bomen en struiken, voorzieningen voor het stallen van fietsen of het reserveren van plaats voor vormen van deelmobiliteit. Mocht een dergelijke ontwikkeling leiden tot een ongewenste stijging van de parkeerdruk dan kan dit effect teniet worden gedaan door het verlagen van het aantal uit te geven parkeervergunningen. 2.

Bij het besluit tot invoering van parkeerregulering wordt gestreefd naar draagvlak in het gebied waar dat wordt ingevoerd, maar ook veiligheid en leefbaarheid zijn essentieel.

Bij het invoeren van parkeerregulering vindt de gemeente draagvlak belangrijk. De gemeente zal daarom draagvlakonderzoeken blijven uitvoeren. Wel zal de wijze van uitvoering van draagvlakonderzoeken nader worden beschouwd. In het verleden zijn namelijk regelmatig draagvlakonderzoeken zonder gevolg gebleven omdat het gewenste responspercentage niet werd gehaald. Ook zagen we dat in straten waar de parkeerdruk zeer hoog was, er draagvlak aanwezig was voor parkeerregulering, maar dat dit draagvlak ontbrak in andere straten in de wijk waar de parkeerdruk lager was. Per saldo was de uitkomst dat parkeerproblemen niet konden worden aangepakt. Er wordt bezien wat een responspercentage is dat haalbaar is en tevens een representatief beeld van de wensen van de bewoners biedt. Ook zal bezien worden of naar aanleiding van de uitkomsten van draagvlakonderzoeken meer maatwerkoplossingen gevonden kunnen worden. In de loop van 2021 zal een nieuwe aanpak worden geïntroduceerd voor de afweging over invoering of uitbreiding van parkeerregulering in een buurt of gebied. In die aanpak wordt invulling gegeven aan de rol van draagvlak, parkeerdruk, verkeersveiligheid en leefbaarheid. 3.

In een gebied waar grootschalige ontwikkelingen gaan plaatsvinden die aanzienlijke negatieve gevolgen zullen hebben voor de parkeerdruk kan, om dit te voorkomen, door het college van B&W besloten worden deze ontwikkeling gepaard te laten gaan met de invoering of uitbreiding van parkeerregulering.

Dit speelt met name in de Binckhorst en Zuidwest. Op dit moment is de parkeerdruk in deze gebieden nog niet problematisch is. Er is thans dus geen directe aanleiding voor maatregelen, maar de verdichting gaat onherroepelijk leiden tot meer inwoners en auto’s. Om te voorkomen dat de bestaande bewoners parkeerproblemen gaan ondervinden door de auto’s van de nieuwe bewoners, moeten de projectontwikkelaars worden verplicht om parkeergarages te bouwen voor de toekomstige bewoners. Om er zeker van te zijn dat de nieuwe bewoners gebruik zullen maken van de garages moet in deze gebieden vroegtijdig duidelijkheid ontstaan dat er parkeerregulering van kracht gaat worden waarbij de nieuwe bewoners geen recht krijgen op een vergunning op straat. Deze parkeerregulering moet al van kracht zijn tijdens de bouwwerkzaamheden omdat de parkeerdruk gaat stijgen vanwege geparkeerde busjes en auto’s van bouwvakkers, installateurs en wegwerkers. De bewoners van Zuidwest die om deze reden te maken krijgen met parkeerregulering zullen de eerste vijf jaar na invoering van de parkeerregulering hun parkeervergunning tegen een gereduceerd tarief kunnen verkrijgen.

3/8

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10106494

4.

Bij nieuwbouw- en herontwikkelingen is parkeren op eigen terrein (POET) leidend en wordt grote terughoudendheid betracht in het verstrekken van parkeervergunningen.

Den Haag groeit. Er is een grote woningbouwopgave en een tekort aan kantoor- en bedrijfsruimten. De parkeervraag die deze ontwikkelingen met zich meebrengen, kan zonder beleidsverandering niet meer in de openbare ruimte worden opgevangen. De huidige parkeernormen stammen uit 2011. Inmiddels is de stad en de parkeerproblematiek sterk veranderd en is er behoefte aan een nieuw parkeernormenbeleid als onderdeel van een integraal mobiliteitsbeleid waarin het aantrekkelijker wordt te lopen, fietsen en van het openbaar vervoer gebruik te maken. 5.

Nader onderzoek vindt plaats naar juridisch en financiële regelingen die het mogelijk kunnen maken bij te dragen aan initiatieven voor het bouwen of verbeteren van parkeergarages in combinatie met het verbeteren van de kwaliteit van de openbare ruimte in de omgeving van de parkeervoorziening.

Door nieuwe garages aan te leggen of bestaande garages beter te benutten, kan de parkeerdruk afnemen en kan de leefkwaliteit in een wijk verbeteren. Daarom wil het college ook in de toekomst hier financieel aan blijven bijdragen. Dit door te onderzoeken welke regeling mogelijk is voor particuliere initiatieven voor het aanleggen van openbare parkeergarages. Deze garages moeten het grootste deel van hun clientèle vinden onder bestaande vergunninghouders (bewoners en bedrijven). Ook wordt nagegaan of investeringen in bestaande garages die een betere benutting mogelijk maken, in aanmerking kunnen komen voor een bijdrage van de gemeente. Doelgroepen Het parkeerbeleid is afgestemd op verschillende doelgroepen zoals bewoners, forenzen en bezoekers. Het uitgangspunt is dat de juiste doelgroep op de juiste plek parkeert. Daarnaast streven we naar een zo efficiënt mogelijk gebruik van de beschikbare parkeerruimte en daarmee dubbelgebruik van parkeerplaatsen waar mogelijk. Dat betekent het volgende voor het parkeren van auto’s: a. Bewoners parkeren zoveel mogelijk op eigen terrein of in centrale parkeervoorzieningen. b. Forenzen parkeren zoveel mogelijk op P+R’s aan de randen van de stad of op het eigen terrein van hun werk. c. Bezoekers van bewoners kunnen op straat parkeren of in centrale parkeervoorzieningen. d.

Toeristen en dagjesmensen parkeren zoveel mogelijk op P+R’s of in publieke parkeervoorzieningen. e. Logistiek en werkverkeer wordt zoveel mogelijk inpandig of op eigen terrein opgevangen of in logistieke hubs aan de randen van de stad. Parkeren voor gehandicapten Houders van een Europese Gehandicapten Parkeerkaart (GPK) hebben het recht om een auto gratis te parkeren op een Algemene Invalideparkeerplaats (AGP). De gemeente streeft ernaar om op plaatsen waar dat nodig en gewenst is AGP’s aan te leggen. Met een systeem van smart parking en een speciale app is het in de nabije toekomst mogelijk om de beschikbaarheid van parkeerruimte op AGP’s online te checken. De GPK is er voor bestuurders en passagiers. Een in Den Haag woonachtige houder van een GPK-bestuurder kan een Bewonersvergunning Gehandicapten (BVG) aanvragen. Deze vergunning heeft de prijs van een bewonersvergunning voor de eerste auto en biedt het recht overal in Den Haag gratis te parkeren. Voor mindervaliden die geen auto bezitten, bestaat er de zogenaamde Europese Gehandicapten Parkeerkaart Passagier. Deze kaart geeft het recht om gratis te parkeren op AGP’s.

4/8

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10106494

Houders van een GPK kunnen onder bepaalde omstandigheden recht hebben op een Individuele Gehandicapte parkeerplaats in de directe nabijheid van hun woning. Vanwege de enorme toename van het aantal Individuele Gehandicapte parkeerplaatsen in de stad en het grote aantal klachten hierover, zal bezien worden of de toekenningsvereisten aanpassing behoeven. Vergunningen voor religieuze instellingen De afgelopen jaren bereikten ons ook meerdere verzoeken van religieuze instellingen in gebieden met parkeerregulering. Zij stelden dat hun voorgangers, personeel en vrijwilligers hinder ondervinden van parkeerregulering. Om hieraan tegemoet te komen wordt, zoals ook staat vermeld in het coalitieakkoord Samen voor de Stad, nog in 2021 in Den Haag voor religieuze instellingen een vergunning geïntroduceerd die net als de sportvergunning recht geeft op een gelimiteerd aantal gratis parkeeruren. Deze regeling is nadrukkelijk gericht op het faciliteren van vrijwilligers. Parkeerbelasting voor motoren en andere voertuigen met kenteken Het parkeren van een motor op een fiscale parkeerplaats was in Den Haag tot nu toe gratis. De achtergrond hiervan is dat in het verleden, anders dan bij auto’s, fysieke parkeervergunningen en tickets niet zichtbaar op of aan motoren bevestigd konden worden. Met de invoering van het kentekenparkeren is het niet meer nodig een ticket achter de voorruit te plaatsen.

Omdat motoren in praktijk bijna net zo veel ruimte innemen als een auto, is het redelijk dat ook motorrijders parkeerbelasting gaan betalen. In de huidige praktijk staan motoren vaak op trottoirs geparkeerd. Dit is in sommige gevallen ongewenst. Er wordt bezien waar het mogelijk is om speciale plaatsen voor het stallen van motoren te realiseren. Zodra een duidelijk beeld is ontstaan van de mogelijkheden en effecten hiervan zullen ook motoren vergunningplichtig worden. Afschaffen hotelvergunning De hotelvergunning wordt alleen in Scheveningen uitgegeven, omdat daar (volgens de beleidsregels parkeervergunningen) in tegenstelling tot de andere stadsdelen geen gebrek aan capaciteit op straat zou zijn. In Scheveningen is de capaciteit op straat echter in de loop van de jaren afgenomen en zijn er meer parkeergarages bij gekomen. Er is geen basis voor het voortbestaan van de hotelvergunning. Afschaffen vakantievergunning Van de vakantievergunning wordt steeds vaker gebruik gemaakt. Gebleken is dat de vergunning met name populair is bij mensen die niet in aanmerking komen voor een bewonersvergunning. Deze vergunning wordt met name gebruikt in de wijken waar al een hoge parkeerdruk bestaat. Het gebruik van deze vergunning vindt nauwelijks nog plaats op basis van de oorspronkelijke doelstellingen wat het voortbestaan van deze vergunning kwestieus maakt.

We zullen een voorstel ontwikkelen de vakantievergunning af te schaffen. Gerelateerde parkeerproducten De parkeerstrategie schetst op hoofdlijnen het nieuwe Haagse parkeerbeleid. De parkeerstrategie zal leiden tot veranderingen in andere hiervan afgeleide nota’s en verordeningen zoals de Parkeerverordening en de beleidsregels Parkeervergunningen; de Verordening Parkeerbelastingen 2021; de Beleidsregels autoparkeernormen; het Uitvoeringsprogramma parkeren, deelmobiliteit en mobiliteitshubs. Bij het vaststellen van de parkeerstrategie door de gemeenteraad worden deze nota’s, besluiten en verordeningen aangepast en opnieuw vastgesteld.

5/8

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10106494

Financiën De parkeeropbrengsten, na aftrek van de te maken kosten in het kader van parkeerbeleid, gaan naar de algemene middelen. Deze baten zijn met name de opbrengsten van parkeergeld, naheffingsaanslagen en opbrengsten van de uitgifte van parkeervergunningen. De gemeente begroot op basis van de geprognosticeerde parkeeropbrengsten. De exacte invulling van het in de parkeerstrategie aangekondigde beleid is nog niet bekend, maar de kosten en opbrengsten blijven binnen de kaders van de begroting. Momenteel vindt nader onderzoek plaats naar juridische en financiële gevolgen van de plannen en vormen onderdeel van toekomstige besluitvorming door het college inclusief financiële dekking. Deze worden separaat aan de raad voorgelegd. Voorbeelden van maatregelen die kunnen leiden tot lagere parkeeropbrengsten zijn het begrenzen van de uitgifte van parkeervergunningen, het bouwen van centrale parkeervoorzieningen en het omzetten van parkeerplaatsen naar fietsparkeerplaatsen of andere functies. Het verhogen van tarieven van 2e en 3e vergunningen of het uitbreiden van gebieden waar parkeerregulering geldt, zal leiden tot hogere parkeeropbrengsten. Op dit moment is geen indicatie te geven van de financiële gevolgen van de nog uit te werken beleid en te treffen maatregelen.

Bij de uitwerking van deze maatregelen in de diverse hierboven genoemde parkeerproducten, komt een financiële paragraaf met de financiële consequenties voor de gemeentebegroting. Bij de uitwerking van de financiële gevolgen wordt ook de Voorziening parkeren en mobiliteitsmaatregelen Den Haag 2020 nader bezien. In deze voorziening storten projectontwikkelaars geld om de parkeereis van nieuwbouwprojecten te verlagen. Nagegaan wordt in hoeverre deze voorziening kan bijdragen aan de financiering van mobiliteitsprojecten. Participatie belanghebbenden De ruimte in Den Haag is schaars, de dichtheid de grootste van Nederland en de leefkwaliteit staat onder druk. Dit betekent dat wij samen met bewoners en ondernemers binnen de door de gemeenteraad vastgestelde kaders oplossingen zoeken voor de bestaande parkeerproblematiek. Dit vraagt ook om een zekere mate van eigenaarschap van bewoners en ondernemers in Den Haag. Daarom worden gedurende de looptijd van deze parkeerstrategie nadrukkelijk bewoners en ondernemers in de gelegenheid gesteld om te participeren bij de uitwerking van gebiedsgerichte parkeeraanpakken. Zij kunnen dan hun voorkeuren aangeven en eigen ideeën aandragen binnen de inhoudelijke en procesmatige kaders die de gemeente hiervoor hanteert conform de participatieleidraad.

Ook in participatieprocessen in het kader van de Mobiliteitstransitie en parkeerbeleid wordt met bewoners en ondernemers gesproken. Niet alleen over de parkeerplaatsen of parkeerregimes, maar ook over de inrichting van de openbare ruimte. Zo kan kennis worden genomen van de wensen van bewoners en ondernemers en kunnen kansen en randvoorwaarden voor parkeeroplossingen beter in balans worden gebracht met andere functies in de openbare ruimte. Daarnaast wordt ingezet op participatie met andere stakeholders in de stad, zoals parkeerexploitanten, ontwikkelaars, beleggers in woningen en woningcorporaties. Met deze partijen wordt met behulp van een parkeeratelier gezamenlijk verkend op welke wijze invulling wordt gegeven aan de parkeereis bij nieuwbouwprojecten in relatie tot toekomstige bewoners en/of gebruikers. Samen met de buurgemeenten vormt Den Haag één agglomeratie. Het Haagse parkeerbeleid heeft een directe relatie met de agglomeratiegemeenten. Door regionaal tijdig af te stemmen en samen te werken, wordt voorkomen dat het Haagse parkeerbeleid onvoorziene consequenties heeft voor de buurgemeenten van Den Haag.

6/8

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10106494

Regionale samenwerking is op dit beleidsonderwerp per definitie nodig en heeft ook plaatsgevonden in de afgelopen jaren o.a. met gemeenten in de regio, de MRDH, de provincie Zuid-Holland en de vervoerbedrijven. Met de verdere verdichting van de stad is een verdere uitbreiding en intensivering van deze samenwerking noodzakelijk met als doel verdere uitbreiding en innovatie van Park & Ride en Park & Bike locaties. Opgehaalde feedback op de Parkeerstrategie 2021 - 2030 In het kader van de participatie van de Haagse Mobiliteitstransitie zijn onder andere meningen opgehaald over parkeren. In totaal is er tussen augustus 2019 en maart 2020 met ruim 1000 bewoners, ondernemers, mobiliteitsexperts, vervoeraanbieders en organisaties zoals sportclubs en scholen gesproken. De belangrijkste conclusies ten aanzien van parkeren waren: • Voor veel deelnemers blijft de eigen auto belangrijk en het beste vervoermiddel. Al begrijpen zij dat er niet voor iedereen ruimte is in de stad om een eigen auto te hebben en voor de deur te parkeren. • Veel deelnemers willen de straat anders gebruiken: meer groen, ruimte voor spelen en ontmoeten, minder blik. Om die ruimte te creëren zijn zij in theorie bereid af te zien van een eigen tweede auto indien er andere goede vervoerwijzen zijn.

In april 2021 is feedback opgehaald bij bewonersorganisaties, bedrijfsleven, belangenorganisaties, projectontwikkelaars en woningcorporaties ten aanzien van de 5 hoofdlijnen van de Parkeerstrategie 2021 – 2030. De feedback heeft in de parkeerstrategie tot aanscherpingen en nuancering geleid: • De overweging dat parkeerdruk niet automatisch gewenste en/of noodzakelijke wensen voor de inrichting van een wijk in de weg mag staan. • Het toevoegen van parkeergarages niet mag leiden tot extra autoverkeer en autobezit. Parkeergarages toevoegen moet ook tot gevolg hebben dat er ruimte ontstaat op straat om bijvoorbeeld de openbare ruimte anders in te richten. • Draagvlak voor parkeerregulering moet worden opgehaald bij de juiste doelgroep en voor het juiste deelgebied waar de parkeersituatie vraagt om parkeerregulering. Bij het ophalen van draagvlak voor parkeerregulering moeten de voordelen van invoering voor de leefbaarheid van een gebied duidelijker worden gecommuniceerd. Besluit Gezien het vorenstaande stelt het college de raad voor het volgende besluit te nemen: De raad van de gemeente Den Haag, gezien het voorstel van het college van 18 mei 2021, besluit: I. de Parkeerstrategie Den Haag 2021-2030 vast te stellen als beleidskader waarbinnen het college van burgemeester en wethouders het gemeentelijke parkeerbeleid van Den Haag kan uitvoeren, waaronder: a.

Het aanbod van parkeerplaatsen in de openbare ruimte leidend te laten zijn voor het aantal uit te geven parkeervergunningen. b. Bij het besluit tot invoering van parkeerregulering te streven naar draagvlak in het gebied waar dat wordt ingevoerd, maar ook veiligheid en leefbaarheid zijn essentieel.

7/8

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10106494

c.

d. e.

f.

b Bij het besluit tot invoering van een parkeerregulering draagvlak in het gebied waar dat wordt ingevoerd als voorwaarde te zien voor invoering, waarbij ook veiligheid en leefbaarheid meegenomen dienen te worden.* In een gebied waar grootschalige ontwikkelingen gaan plaatsvinden die aanzienlijke negatieve gevolgen zullen hebben voor de parkeerdruk kan, om dit te voorkomen, door het college van B&W besloten worden deze ontwikkeling gepaard te laten gaan met de invoering of uitbreiding van parkeerregulering zonder een nadere draagvlakmeting. Bij nieuwbouw- en herontwikkelingen zal parkeren op eigen terrein (POET) leidend zijn en wordt grote terughoudendheid betracht in het verstrekken van parkeervergunningen. Er vindt nader onderzoek plaats naar juridische en financiële regelingen voor het kunnen bijdragen aan initiatieven voor het bouwen of verbeteren van parkeergarages in combinatie met het verbeteren van de kwaliteit van de openbare ruimte in de omgeving van de parkeervoorziening. In vooroorlogse wijken met zeer hoge parkeerdruk de technische haalbaarheid van de bouw van parkeergarages te onderzoeken, alsmede het opknappen van bestaande, niet goed functionerende bewonersgarages, en daarna in overleg met de bewoners(organisaties) de uitkomst op te nemen in het Uitvoeringsprogramma.*

II.

in te stemmen met de verdere uitwerking door het college van de volgende onderdelen op basis van de Parkeerstrategie Den Haag 2021-2030: a. het actualiseren van de Beleidsregels autoparkeernormen voor geheel Den Haag exclusief het CID en de Binckhorst; b. het aanpassen van de uitgifteregels voor parkeervergunningen in overeenstemming met het gestelde in de Parkeerverordening Den Haag 2021 en de Parkeerstrategie Den Haag 20212030; c. het opstellen van een Uitvoeringsprogramma parkeren, deelmobiliteit en mobiliteitshubs; d. het uitwerken van het financiële kader uit de Parkeerstrategie Den Haag 2021-2030 in een document ‘Financiering en Exploitatie Parkeersector’ om de financiële consequenties in beeld te brengen voor de meerjarenbegroting 2022-2025;

III.

het Parkeerkader Den Haag 2010-2020 (RIS168473A) en de Parkeerbrief 2015 (RIS283326) in te trekken;

Aldus besloten in de openbare raadsvergadering van 15 juli 2021. De griffier,

De voorzitter,

* geamendeerd in de raadsvergadering van 15 juli 2021.

8/8

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10111195/3