20210714-RIS308459 Voorstel college Voorontw.Tramlijn 16M Instroom Nieuwe Tram Haagse Regio INTHR
Tekst van het document
Datum
Registratienummer
20 april 2021
DSO/10092020 RIS308459
Voorstel van het college inzake Voorontwerp Tramlijn 16M Instroom Nieuwe Tram Haagse Regio (INTHR) Aanleiding Eind 2016 is de Agenda Ruimte voor de Stad in de raad vastgesteld en in februari 2018 de Preverkenning Schaalsprong OV voor Den Haag & Regio. In deze beleidsstukken wordt uitgegaan van een flinke groei van het aantal inwoners, arbeidsplaatsen en bezoekers in Den Haag en regio. Rekening moet worden gehouden met een verdichting van de stad en een intensivering van de stedelijke functies binnen het bestaande stedelijk gebied. Den Haag zal de komende jaren blijven groeien van 538.000 inwoners in 2019 tot ca. 80.000-100.000 inwoners erbij in 2040. Hiermee groeit ook de vraag naar mobiliteit. Het college wil een transitie naar een mobiliteitssysteem dat in de toekomst alle bewoners, bezoekers en bedrijven bedient. Onder deze mobiliteitstransitie wordt verstaan de noodzakelijke doorontwikkeling van het mobiliteitssysteem, zodat de stad de komende decennia bereikbaar, leefbaar en verkeersveilig blijft. Een flink deel van de groei van de mobiliteit zal door het openbaar vervoer moeten worden opgevangen. Hiervoor moet het OV zowel in capaciteit uitgebreid als in kwaliteit worden verbeterd.
De huidige rood-beige trams gaan door HTM vervangen worden door nieuwe lagevloertrams, waardoor de tracés van de lijnen waar deze trams nu nog op rijden (1, 6, 12 en 16) aangepast moeten worden. Tevens dienen in het kader van de Wet gelijke behandeling de halteperrons toegankelijk gemaakt te worden voor mensen met een fysieke beperking (perrons moeten langer, breder en hoger). De HTM moet de aanbesteding voor de nieuwe trams nog starten, maar heeft Avenio’s beschikbaar die vanaf eind 2023 op lijn 16 ingezet kunnen worden. Het tracé van tramlijn 16M betreft het gedeelte vanaf de kruising Melis Stokelaan met de Loevesteinlaan tot en met het Jonckbloetplein.
Gemeente Den Haag
Spui 70 Den Haag
Postbus 12600 2500 DJ Den Haag
T 14070 www.denhaag.nl
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10092020
Los van de werkzaamheden t.b.v. de komst van de nieuwe tram dient de spoorvervanging van de HTM meegenomen te worden en ook werkzaamheden van derden. De afgelopen periode is in overleg met bewoners en ondernemers gewerkt aan een plan voor tramlijn 16M, waarbij het tracé doorgankelijk wordt gemaakt voor de nieuwe tram alsmede de toegankelijkheid wordt gewaarborgd voor reiziger met een fysieke beperking. Daarnaast voorziet dit plan in een verbetering van de kwaliteit van de openbare ruimte, waaronder de bereikbaarheid van de haltes. Doelen De doelstellingen van het project zijn: • Een mobiliteitssysteem dat in de toekomst alle bewoners, bezoekers en bedrijven bedient. Daaronder wordt verstaan de noodzakelijke doorontwikkeling van het mobiliteitssysteem zodat de stad de komende decennia bereikbaar, leefbaar en verkeersveilig blijft; • Het tracé van lijn 16M geschikt te maken voor het rijden met de nieuwe lagevloertrams en het tramsysteem conform rijksregelgeving toegankelijk te maken voor mensen met een fysieke beperking; • De inpassing van de halteperrons verkeersveilig is voor alle verkeersdeelnemers en deze ruimtelijk goed ingepast wordt in de bestaande stad. • Maximale synergie bereiken door verschillende werkzaamheden en daaraan verbonden budgetten op elkaar af te stemmen.
Hierdoor worden kosten bespaard en kan beter aan de wensen van de bewoners tegemoet gekomen worden dan wanneer de projecten onafhankelijk van elkaar worden uitgevoerd; • Het creëren van draagvlak onder de bewoners voor de werkzaamheden door in samenwerking de ontwerpen op te stellen, waardoor in een vroegtijdig stadium met de wensen van bewoners rekening kan worden gehouden en kennis uit de wijk benut wordt; • De overlast voor de buurt zoveel mogelijk beperken door werkzaamheden te combineren. Projectopgave De opgave van het project richt zich op het door- en toegankelijk maken van het tracé voor de komst van de nieuwe tram. Dat betekent dat haltes moeten worden aangepast (langer, breder, hoger) en waar nodig verschoven. Het gaat daarbij ook om het waarborgen van een robuuste en toekomstbestendige dienstregeling, met goed bereikbare en over het tracé efficiënt verdeelde haltes. De scope van het plangebied is in de onderstaande afbeelding weergegeven.
2/14
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10092020
De gestelde opgave is met een sobere maar doelmatige aanpak dit deel van tramlijn 16 geschikt te maken voor een nieuw voertuig. Het tracé moet hiervoor uiterlijk geschikt zijn voor de nieuwe dienstregeling van 2023, die eind 2022 ingaat. Daarbij komen de volgende ontwerpopgaven aan de orde: • Inpassing halte Station Moerwijk; • Inpassing overige haltes; • Herzien halteverdeling op het tracé; • In het kader van onderhoud beperkte vervanging van spoorfundering en rails; • Op een beperkt aantal plaatsen het spoor aanpassen i.v.m. onderlinge spoorafstand en/of conflicten met ander wegmeubilair (PVR-conflicten). Het resultaat zal zijn een gedragen en door de gemeenteraad vastgesteld voorontwerp van het tracé van tramlijn 16 vanaf de Loevensteinlaan tot het Jonckbloetplein met ontwerptekeningen en dekking van de investeringskosten en een planning. Het voorontwerp voor de openbare ruimte geeft een omschrijving van de huidige situatie en de gekozen herinrichting. Programma van Eisen (PvE) Algemeen Op dit project zijn de volgende “algemene” PvE’s van toepassing: • Het algemene PvE voor NetwerkRandstadRail NR2-PVE(2.0)-eindversie (juli 2019), waarin opgenomen het Ontwerpvoorschrift Sporen versie 7.0, hierbij wordt uitgegaan van een voertuig onafhankelijk tracé.
• Het Handboek Openbare Ruimte 2019 van de gemeente Den Haag; • Voor het projectgebied van tramlijn 16M is de residentiekwaliteit van toepassing.
3/14
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10092020
Projectspecifiek Op basis van de verschillende overleggen zijn de onderstaande eisen geformuleerd. • Het tracé is geschikt voor nieuwe lage vloertrams; • De lijnvoering van het huidige tracé wordt gehandhaafd; • Het ontwerp is toekomstbestendig en laat ruimte voor de ontwikkeling van het plan Levels naast Station Moerwijk, een ecologische verbinding langs de Laak wordt niet onmogelijk gemaakt; Haltes: • De halteperrons zijn toegankelijk voor alle reizigers met of zonder (fysieke) beperking; • De voorgeschreven lengte van het hoge deel van het perron bedraagt 36m; indien deze lengte, zonder ingrijpende maatregelen, niet kan worden gerealiseerd, dient het hoge perrongedeelte over een lengte van minimaal 30m toegankelijk te zijn. • De haltes zijn herkenbaar en eenduidig in vormgeving en materiaalgebruik; • De haltes sluiten naadloos aan op de bestaande openbare ruimte, bandenlijnen lopen ononderbroken door; • Waar nodig worden perron en voetpad samengevoegd; • Hoogteverschillen worden passend opgelost en sluiten aan op de omgeving.
Omgeving: • De nieuwe verkeersinrichting op en langs het tracé dient verkeersveilig te zijn voor iedere verkeersgroep (tram, auto, fiets, voetganger) met extra aandacht voor langzaam verkeer; • De huidige ligging van kabels en leidingen is uitgangspunt; • Ecologische waarden dienen gerespecteerd en waar mogelijk versterkt te worden, een flora- en faunaonderzoek geeft inzicht in de bestaande ecologische waarden; • Te kappen bomen moeten gecompenseerd worden, de BEA maakt de levensverwachting en vitaliteit van de bomen inzichtelijk; • Voor te dempen water moet compensatie plaatsvinden; • De ruimtelijke continuïteit van zowel de Goeverneurlaan als de Erasmusweg dient behouden te blijven. Communicatie en afstemming Bij de voorbereiding van het project is intensief overleg gevoerd met de stakeholders uit de directe omgeving. Om tot een goed en gedragen ontwerp te komen is gesproken met afgevaardigden van bewoners, ondernemers, het wijkberaad, platform Openbaar Vervoer Haaglanden (OVHA), hulpdiensten, de HTM, de MRDH. Daarnaast heeft afstemming plaatsgevonden met de betrokken gemeentelijke afdelingen. Naast overleg in het projectteam en de nodige bilaterale overleggen is het Hoogheemraadschap Delfland en de betrokkenen vanuit het project Levels geconsulteerd omtrent de inpassing van de halte Station Moerwijk.
Het ontwerp heeft een positief advies mogen ontvangen na behandeling in VOV en ACOR. In 2020 is een plan opgesteld, waarvan het ontwerp op 15 oktober 2020 middels een digitale presentatie aan de buurt en verschillende stakeholders voorgelegd is. De reacties waren over het algemeen positief. Tijdens de formele inspraakprocedure zal een digitale inloopbijeenkomst gehouden worden.
4/14
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10092020
Verkeerskundige toelichting op het Voorontwerp Achtereenvolgens worden op en langs het tracé de volgende verkeerskundige ontwerpingrepen genomen: Traject tussen Melis Stokelaan en Betje Wolffstraat Op dit deel worden aanpassingen gedaan aan de halte Hardenbroekstraat en Betje Wolffstraat voor het toe- en doorgankelijk maken. De gekozen aanpassingen betreffen het verlengen en verbreden van de halte en vanuit bereikbaarheid een oploop aan weerszijde van de halte. Door het verbreden van de halte en een duidelijkere verkeerssituatie ter hoogte van de oversteken wordt ook de rijbaan aangepast over de lengte van tramhalte. Hierbij worden zogenaamde “oortjes” aangebracht die enerzijds de oversteeklengtes verkleinen en anderzijds de parkeerstroken duidelijk inleiden. Daarnaast wordt de rijbaan conform Handboek Openbare Ruimte (HOR) versmald tot 5,00 meter, vooruitlopend op een (eventuele) toekomstige herinrichting van de wijk. Voor het overige deel zijn in dit voorontwerp geen aanpassingen opgenomen. Traject tussen Geysterenweg en Heeswijkplein Vergelijkbaar met de eerdere haltes zullen bij zowel halte Erasmusplein als Heeswijkplein de rijbaan worden versmald naar 5,00 meter en oortjes aangebracht worden om een duidelijkere situatie te krijgen waar men kan parkeren en oversteken.
Bij het bepalen van de projectscope is aandacht gevraagd voor een efficiëntere halteverdeling over het tracé. Het gaat daarbij om het waarborgen van een robuuste en toekomstbestendige dienstregeling, waarbij de nieuwe tram voldoende snelheid kan maken. Hieruit kwam naar voren dat de halte Geysterenweg op relatief korte afstand ligt (200m) van de halte Betje Wolfstraat. Uit onderzoek van HTM bleek tevens dat deze halte de minste instappers heeft (250 per dag). Om tegemoet te komen aan het versnellen van het OV-systeem is nader onderzocht wat de consequenties zijn van het laten vervallen van deze halte. Bij het laten vervallen van de halte Geysterenweg wordt de onderlinge halteafstand tussen Erasmusplein en Betje Wolffstraat ca. 550m. Dat is boven de norm uit het programma van eisen om te streven naar een onderlinge halteafstand van 500m. Daarnaast is gekeken naar het behorende voorzieningsgebied van de haltes. Zo blijkt dat de meeste instappers van de halte Erasmusweg uit Moerwijk-Zuid komen. Het halteperron stad inwaarts ligt in dat opzicht ongunstig. Momenteel heeft de halte Erasmusplein 400 instappers, wat als ondergemiddeld wordt gekwalificeerd. Het gemiddeld aantal instappers is op dit tracé 530 per halte. Gekozen wordt om het halteperron Erasmusplein stad inwaarts te verleggen naar de westkant van het Erasmusplein.
Hierdoor komen de haltes aan de westkant tegenover elkaar te liggen en ontstaat een logischere onderlinge halteafstand en bereikbaarheid voor trampassagiers. Twee bijkomende knelpunten, indien het halteperron stad inwaarts op de huidige locatie blijft, worden met de verlegging eveneens verholpen: a. Op het perron staan grote bomen die mogelijk moeten wijken bij het geschikt maken van de halte. Perron moet immers opgehoogd worden t.b.v. de gelijkvloerse toegankelijkheid van de nieuwe tram.
5/14
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10092020
b.
Daarnaast zal het inpassen van een verlengd perron, rekening houdend met langere rijtuigen, een aanpassing vragen aan de bestaande fietsoversteek aan de kopse kant van het perron. Bestaande locatie halteperron Erasmusplein stad inwaarts
Gevolgen De gevolgen van de verlegging van de halte Erasmusplein zijn ingeschat op een vertraging oplopend van 0 tot circa 30 seconden (worse case) per tram ter hoogte van het Erasmusplein, doordat dat de tram in één richting (stad inwaarts) pas na het halteren wit licht kan aanvragen. De daadwerkelijke vertraging is afhankelijk van het moment dat de tram bij een Verkeersregelinstallatie (VRI) wit licht aanvraagt en de nadere optimalisatie van de VRI t.b.v. de tram. De vertraging wordt ruimschoots gecompenseerd doordat de halte Geysterenweg door de gekozen verlegging van de halte Erasmusplein kan komen te vervallen. Toch is gevraagd om te onderzoeken of de vertraging met innovatieve oplossingen verder kan worden beperkt. Door nauwe samenwerking tussen HTM en de gemeente Den Haag is hiervoor een oplossing gevonden. Met behulp van extra sensoren kan de tram bij aanvang van het halteren zich aanmelden voor wit licht. Afhankelijk van het moment van de dag krijgt de tram voldoende tijd om het halteren af te ronden, zodat vlak na het halteren de tram het Erasmusplein kan passeren. De aanvankelijke vertraging is hierdoor verwaarloosbaar. Deze oplossing zal ook worden toegepast bij de halte Hardenbroekstraat, waar de huidige situatie vergelijkbaar is.
Traject rondom Station Moerwijk Voor de tramhalte Station Moerwijk wordt gekozen om de tramhalte min of meer op de huidige locatie te handhaven. Om te voldoen aan de eisen ten aanzien van toegankelijkheid en doorgankelijkheid wordt de halte verlegd en verlengd. Als gevolg hiervan dient de huidige aansluiting van de Assumburgweg op de Erasmusweg in westelijke richting verschoven te worden. Wat betreft de aansluiting is nauw contact geweest met de ontwikkeling Levels en wordt aangesloten op het Voorontwerp van Levels. Dit betekent concreet dat de aansluiting alleen door uitgaand expeditieverkeer en hulpdiensten gebruikt zal worden. Dit verkeer rijdt in het plan door het voetgangersgebied met een vrijliggend fietspad in één richting naar de hoofdrijbaan Erasmusweg. Bij de voorbereidingen zijn de nodige vraagtekens gesteld bij de mogelijkheid om linksaf te slaan richting het Erasmusplein.
6/14
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10092020
Vanuit de werkzaamheden in het kader van 16M is geen aanleiding om alsnog een verplichte rijrichting in te voeren en daarmee terug te komen op eerdere ideeën over de aansluiting. Dit wordt mede ingegeven doordat expeditieverkeer zowel in de oorspronkelijke plannen als in het huidige plan niet op kan stellen in de middenberm op de Erasmusweg, dat er door aanwezigheid van de VRI met regelmaat gaten vallen in de verkeersstroom en dat een u-turn bij de VRI als onwenselijk is beoordeeld. Traject tussen Alberdingk Thijmstraat en Jonckbloetplein In de bochten rond de Hildebrandstraat zijn PVR-conflicten. Om de PVR-conflicten op te lossen is onderzocht of de halte Alberdingk Thijmstraat en Van Zeggelenlaan samen te voegen zijn. Hierbij rekening houdend met de onderlinge halte afstanden. De gevolgen voor de samenvoeging van de genoemde haltes zijn dusdanig voor het overige verkeer en de omgeving dat gekozen is om de bestaande haltes te handhaven. Het PVR-conflict wordt nu opgelost om de binnenbochten in het tramspoor aan te passen. Gekozen is om de halte Alberdingk Thijmstraat te laten vervallen. De halte heeft minder dan gemiddeld aantal instappers per dag (350 t.o.v. 530 gemiddeld). Tevens ligt deze halte op korte afstand van halte Van Zeggelenlaan (250 meter) en Stadion Moerwijk (350 meter). Beide haltes vallen nog binnen het voorzieningengebied van de halte Alberdingk Thijmstraat.
Dat betekent dat ondanks het vervallen van deze halte er binnen 400m loopafstand een openbaar vervoer halte beschikbaar is. Voor een efficiëntere verdeling van de haltes en robuuste en toekomstbestendige dienstregeling heeft dit eveneens voordelen. Op het deel tussen halte Van Zeggelenlaan en Jonckbloetplein zijn geen aanpassingen benodigd. De huidige haltes voldoen aan de eisen ten aanzien van toegankelijkheid en doorgankelijkheid conform het algemene PvE voor NetwerkRandstadRail (versie 2.0). Deze haltes zijn daarom niet meegenomen in het ontwerp. Landschappelijke toelichting op het Voorontwerp In dit hoofdstuk wordt vanuit landschappelijk oogpunt per halte een toelichting gegeven op het ontwerp. Kenmerkend voor de haltes langs de Erasmusweg is de ligging van de haltes aan weerszijden van het tracé. Richting het centrum ligt de halte aan de Erasmusweg (parallelweg) en richting Wateringen in het groen aan de Korte Laak. Dit geeft herkenning en de ervaring van ‘thuiskomen’ in het groen.
7/14
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10092020
Trambaan langs de Korte Laak
Hardenbroekstraat Doordat er een ruimere bochtstraal nodig is, en hierdoor een PVR-conflict ontstaat voor de nieuwe tram, schuiven de haltes op richting het centrum. Hierdoor moet de keerconstructie worden aangepast en vervangen. Daarnaast wordt de hellingbaan naar het voetpad langs het water korter. Betje Wolffstraat De haltes liggen aan weerszijden van de Remmersteinstraat. Richting het centrum langs de Erasmusweg en langs het water in de richting van Wateringen. Langs de Korte Laak en de Erasmusweg staan enkele (forse) bomen. Tussen het perron en de watergang is een hoogteverschil aanwezig wat opgevangen wordt middels een keermuur. Naast de verbreding en verlenging van de perrons zijn er geen wijzigingen ten opzichte van de bestaande situatie. Geysterenweg Er is gekozen om de halte op te heffen (zie voorgaand hoofdstuk). In de nieuwe situatie wordt de vrijgekomen ruimte opgenomen in het profiel van de Korte Laak en Erasmusweg. De paden richting de halte worden een grastalud met daarin bomen. Het pad parallel aan de Korte Laak verandert van richting en raakt de watergang middels een rolstoeltoegankelijke vlonder. De verbinding met de brug blijft bestaan Erasmusplein In overleg met alle betrokkenen van de Gemeente Den Haag, MRDH en de HTM is besloten deze halte tegenover de halte richting Wateringen te plaatsen (zie voorgaand hoofdstuk).
In de nieuwe situatie wordt de vrijgekomen ruimte groen ingericht, verharding wordt vervangen door gras. Het bestaande voetpad blijft bestaan.
8/14
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10092020
Heeswijkplein De haltes liggen aan weerszijden van de Medlerstraat, één halte langs de Erasmusweg en één halte langs de Korte Laak. Deze positie blijft bestaan. Functioneel en esthetisch zijn de haltes verbonden met de brug(duiker) over het water. Naast de verbreding en verlenging van de perrons zijn er geen wijzigingen ten opzichte van de bestaande situatie. Station Moerwijk Station Moerwijk is een knooppunt voor zowel infrastructuur als openbaar vervoer. Daarnaast komen er ecologische verbindingen bij elkaar. De omgeving vraagt om een overzichtelijke situatie, voor de weggebruiker, maar ook voor de passagiers. Van waarde zijn de bestaande bomen, de groenzone langs het spoor en de Korte Laak met groene oevers. Bij het opstellen van het ontwerp is de aanpassing van het spoor en de halte als uitgangspunt genomen. Daarnaast is er rekening gehouden met: a) De bouw van het complex ‘Levels’ langs de Assemburgweg/Erasmusweg. Het ontwerp voor de tram voldoet aan de uitgangspunten van het ontwerp van ‘Levels’, met o.a. het fietspad en de expeditiestraat richting de hoofdrijbaan van de Erasmusweg; b) De mogelijke herontwikkeling van de voormalige horecavoorziening op het ‘eiland’; c) De mogelijke herontwikkeling van het stationsplein. Om het spoor en de halte geschikt te maken voor nieuw materieel worden de bochtstralen en de perrons aangepast.
De halteperrons verschuiven hierdoor richting de Assumburgweg. Vanwege de ontwikkeling ‘Levels’ wordt de aansluiting van de Assumburgweg met de Erasmusweg aangepast. Dat betekent dat er een fietspad en een expeditiestraat wordt aangelegd. De Korte Laak zal deels gedempt worden om ruimte te maken voor de nieuwe aansluiting. De hiervoor noodzakelijke watercompensatie zal in nader overleg met het Hoogheemraadschap elders plaatsvinden. Ook de fietsverbinding sluit aan op het fietspad langs de Erasmusweg. Met de reconstructie zullen 6 bomen verwijderd worden en nemen de ecologische waarden in het talud langs de korte Laak af. Ter compensatie worden een aantal maatregelen genomen: • Natuurlijke oevers met een flauw talud (1:8) op de kop van de Korte Laak; • Een eco-duiker tussen de Korte Laak en de watergang langs het spoor; • Drijvende bakken met waterplanten langs de harde beschoeiing ter hoogte van het stationsplein en de tramhalte; • Bloemrijk grasland tussen de halte en de Erasmusweg; • Een zachte oever rondom het ‘Eilandje’; • Gemengde hagen als afscherming en om ongewenst oversteken te voorkomen;
9/14
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10092020
•
Compensatie van de verwijderde bomen met voldoende ondergrondse groeiruimte voor bomen. Rondom de halte worden 13 nieuwe bomen geplant.
Alberdingk Thijmstraat De halte Alberdingk Thijmstraat komt te vervallen (zie verkeerskundige toelichting). Het laten vervallen van de halte betekent dat de perrons worden verwijderd om plaats te maken voor een trottoir. Daarnaast wordt de groene trambaan doorgetrokken tot aan de kruising. Van Zeggelenlaan De halte Van Zeggelenlaan is reeds conform de vereisten die in het algemene PvE voor NetwerkRandstadRail (versie 2.0) gesteld worden en wordt daarom niet aangepast. De haltes liggen aan weerszijden van de Van Zeggelenlaan en passen in de symmetrische opzet van de kruising met de Gouverneurlaan. Beide haltes liggen ingeklemd tussen trambaan en rijweg en zijn met zebrapaden toegankelijk vanaf de trottoirs. Bomenbalans en parkeerbalans De maatregelen leiden niet tot het opheffen of het creëren van nieuwe parkeerplaatsen. Het uitgangspunt bij het project is de kap van bomen tot een minimum te beperken. Helaas is dat ondanks een uiterste inspanning niet geheel te voorkomen, met name als gevolg van de benodigde grotere haltes. Over het hele tracé zullen 21 bomen gekapt moeten worden. Ter compensatie zullen 23 bomen worden teruggeplant in de groenzone langs de Erasmusweg, inclusief de omgeving van station Moerwijk. Er is onderzoek gedaan naar de conditie van de bomen: 12 zijn in redelijke tot goede conditie, 9 in matige tot slechte. Zie onderstaande tabel
10/14
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10092020
Toetsing van de ontwerpen Plannen voor herinrichting van de openbare ruimte worden ter toetsing voorgelegd aan twee adviescommissies, te weten het VOV (Vooroverleg Over Verkeerszaken) en de ACOR (Adviescommissie Openbare Ruimte). Het VOV borgt de verkeersveiligheid bij het ontwerpen van inrichtingsplannen en toetst ontwerpen op de verkeersveiligheid, doorstroming en bereikbaarheid van het verkeer. In het VOV zijn behalve gemeentelijke diensten ook politie, brandweer en HTM vertegenwoordigd. De ACOR adviseert ten aanzien van ruimtelijke kwaliteit en toetst bij plannen of de inrichting van de openbare ruimte voldoet aan de uitgangspunten uit de Kadernota Openbare Ruimte en het Handboek Openbare Ruimte. VOV Aan het VOV is een onderbouwing gegeven over de gemaakte afwegingen omtrent de aanpassingen bij de haltes Erasmusplein en Station Moerwijk. Het VOV heeft begrip voor deze afweging en keuze waarbij de tramhalte in de richting van het centrum voor het Erasmusplein komt te liggen. VOV vraagt om dit bestuurlijk inzichtelijk te maken. Zie hiervoor de eerdere verkeerskundige toelichting op het voorontwerp. Op de overige onderdelen van het ontwerp zijn geen opmerkingen geplaatst. Het VOV adviseert positief. ACOR In het kader van de werkzaamheden aan 16M vraagt de ACOR te onderzoeken of de trambaan ‘vergroend’ kan worden.
Op basis van deze wens is onderzocht wat hiervoor gedaan moet worden en welke investering dit met zich mee brengt. Totaal is er circa € 1,7 miljoen, exclusief aanvullende beheermiddelen benodigd. Deze hoge kosten worden mede veroorzaakt door het zogenaamde ballastbed waarin de huidige spoorbaan langs de Erasmusweg ligt. Om van dit ballastbed een groene trambaan te maken dient het huidige ballastbed weer helemaal op orde gemaakt te worden door “lichten en schiften”. Het grove ballast moet worden vervangen door porfier. Vervolgens moet de baan voorzien worden van geotextiel, waarop een teeltlaag kan worden aangebracht. Tevens moet de kantopsluiting aan de waterzijde op hoogte gebracht worden en het maaiveld aan de waterzijde worden verhoogd tot bovenkant spoor. Hierbij ontstaat een aanzienlijk risico doordat niet alleen de ballast deels wordt weggehaald maar ook schade kan ontstaan aan de bevestigingsconstructie van de rails aan de dwarsliggers. Bovendien dient HTM elke 6 tot 8 jaar onderhoud te plegen aan de constructie. Dat houdt in dat de teeltlaag periodiek opnieuw aangebracht moet worden en een investering opnieuw moet plaatsvinden.
11/14
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10092020
Aanpassingen aan de spoorbaan vallen daarnaast buiten de scope van het programma INTHR. Bij een rondgang naar de mogelijkheden om werk met werk te maken is geen aanknopingspunt gevonden voor een mogelijke financiële bijdrage aan een groene trambaan. De beschikbare budgetten voor Duurzaamheid zijn bij lange na niet toereikend, zijn bedoeld als beperkte bijdrage en dienen per kalenderjaar besteed te worden. Daarnaast moet het aantoonbaar zijn dat het ‘vergroenen’ van de trambaan van wezenlijk toegevoegde waarde is op het gebied van duurzaamheid. Vragen hierbij zijn: Levert de vergroening een bijdrage aan wateropvang bij hevige regenbuien? Zorgt de vergroening voor verkoeling in dit stuk van de stad en levert de vergroening een bijdrage aan biodiversiteit? Geconcludeerd wordt dat de toegevoegde waarde op het gebied van biodiversiteit en wateropvang zeer gering zal zijn en de teeltlaag aan verkoeling weinig zal bijdragen om de investering te rechtvaardigen. Daarnaast heeft de ACOR de wens om het stationsgebied nadrukkelijker mee te nemen in de ontwerpopgave. Ook vraagt de ACOR om inzicht in de fasering van en samenhang tussen de diverse maatregelen: herinrichting in het kader van Levels, aanpak van het stationsgebied en de ingreep in het kader van lijn 16. Het stationsgebied mee te nemen in de scope van lijn 16M is een begrijpelijke wens.
Tot nu toe is er echter geen formele opdracht en ook geen budget om het stationsgebied mee te nemen. Bedoeling is om een dergelijke opgave mee te nemen in de herontwikkeling van Moerwijk-Oost en/of het Hildebrandplein waar momenteel verkennende studies voor plaatsvinden. Met het voorontwerp is er wel alles aan gedaan om het gebied zodanig vorm te geven dat het een latere ontwikkeling van het hele stationsgebied niet in de weg staat en goed samenvalt met het gebied rondom de ontwikkeling Levels. Daarnaast wordt rondom de halte verbeteringen doorgevoerd en sluit deze naadloos aan op het stationsplein. Zo komt er op de bestaande positie van de halte een fraai plantsoen, is er een voetgangersdoorgang gecreëerd achter de nieuwe halte (langs het water) richting het station en worden 7 extra bomen aan het gebied toegevoegd. Na het doorvoeren van aanpassingen is het voorontwerp opnieuw bij de ACOR ingediend en akkoord bevonden. Milieuonderzoeken Vooruitlopend op het opstellen van de definitieve ontwerpen zijn in deze fase al diverse milieuonderzoeken uitgevoerd, zoals een akoestisch onderzoek en een verkennend bodemonderzoek. Deze onderzoeken hebben geen bijzonderheden aan het licht gebracht. Verlichting Langs grote delen van het tracé kan de verlichting gehandhaafd blijven. Veelal gaat het om een verschuiving van de bestaande lichtmasten rondom de haltes.
In de DO-fase wordt het verlichtingsplan nader uitgewerkt en onderzocht of extra verlichting nodig is. In de kostenraming is hier rekening mee gehouden. Inspraak Tijdens het ontwerpproces zijn belanghebbenden geïnformeerd over de voorgenomen wijzigingen. Met name het opheffen van de haltes Geysterenweg en Alberdingk Thijmstraat heeft zodanige impact, dat de gemeente heeft besloten om hiervoor een informatieavond te organiseren. Deze heeft digitaal plaatsgevonden op 15 oktober 2020.
12/14
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10092020
Op enkele bezwaren na waren de reacties positief en is het ontwerpproces afgerond. Iedereen heeft een reactie ontvangen en met een aantal bezwaarmakers zijn aanvullende gesprekken gevoerd. De inspraakperiode heeft plaatsgevonden van 28 januari tot en met 12 maart 2021. Het concept Voorontwerp is gedurende deze periode ter inzage beschikbaar op de gemeentelijke website www.denhaag.nl. Onderdeel van de inspraakprocedure was een digitale informatiebijeenkomst voor belanghebbenden op 15 februari 2021, waar het concept Voorontwerp werd getoond en toegelicht. Ook de wijkberaden, belangenorganisaties en de ondernemersvereniging waren uitgenodigd. De beantwoording van alle reacties is als bijlage middels een nota van beantwoording toegevoegd. De reacties hebben niet geleid tot wijzigingen. Gedurende het vervolgproces wordt nauw contact onderhouden en worden alle belanghebbenden geïnformeerd over de ontwikkelingen op de daartoe geschikte wijze en momenten. Kostenraming en financiering De kosten worden geraamd op € 7.876.000,- exclusief BTW en inclusief voorbereidings- en planuitvoeringskosten. De dekking van de kosten is als volgt: Onderdelen financiering Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH/subsidies) Gemeente Den Haag, reserve Verbeteren duurzame mobiliteit (Eneco) HTM (bijdrage in onderhoudswerkzaamheden / OIW)
Bedrag €4.854.000,€1.618.000,€1.404.000,-
Het aandeel van de gemeente komt uit de vastgestelde inzet van de reserve Verbeteren duurzame mobiliteit (RIS307106), voor het vastgestelde thema Instroom Nieuwe Trams Haagse Regio (INTHR/RIS307080). Na besluit van de raad wordt het bedrag van € 1.618.000,- na aftrek van de eerdere onttrekking van € 154.250,- ter voorbereiding van het project, onttrokken uit deze reserve en overgeheveld naar de reserve Activa financiering ter dekking van de toekomstige kapitaallasten. Dit vindt plaats omdat het project een investering is met maatschappelijk nut en deze moeten worden geactiveerd. Blijken de totale uitvoeringskosten lager te zijn dan nodig is aan kapitaallasten opgenomen in de reserve Activafinanciering, dan vindt een verlaging plaats van de reserve Activafinanciering ten gunste van de reserve Verbeteren duurzame mobiliteit, thema INTHR. Dit conform de spelregels die afgesproken zijn in het besluit Beheersing Verkoopopbrengst Eneco (RIS304225). Eveneens wordt na het besluit van de gemeenteraad de investering overgedragen naar het Meerjaren Investeringsplan (MIP) van waaruit de jaarlijkse uitvoering gaat plaatsvinden. Beheer Voor de uitvoering van het ontwerp wordt gebruik gemaakt van de standaard materialen die zijn opgenomen in het Handboek Openbare Ruimte (HOR) van de gemeente Den Haag.
Veel van de bestaande materialen zullen terugkomen, zodat dit aansluit bij het bestaande beeld en beheerniveau van deze straten. De aanpassingen betreffen hoofdzakelijk het aanhelen van de haltes aan de openbare ruimte en zullen geen meerkosten ten aanzien van beheer met zich meebrengen.
13/14
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10092020
Vervolg en planning Na vaststelling van het voorontwerp wordt deze uitgewerkt tot een definitief ontwerp. Vervolgens wordt het plan t.b.v. de uitvoering aanbesteed. De planning voor het vervolgtraject is als volgt: Vaststelling Voorontwerp lijn 16M Opstellen DO Bestek en aanbesteding Voorbereiding aannemer Start uitvoering Oplevering
mei 2021 juni – augustus 2021 september 2021 – december 2021 eerste kwartaal 2022 tweede kwartaal 2022 derde kwartaal 2022
Gezien het vorenstaande stelt het college de raad voor het volgende besluit te nemen: De raad van de gemeente Den Haag, Gezien het voorstel van het college van 20 april 2021, Besluit: I. II. III. IV.
V.
Vastellen van het Voorontwerp Tramlijn 16M (INTHR); Het Voorontwerp uit te werken tot definitief ontwerp en de realisatie van het project; Vaststellen van de bijgevoegde nota van beantwoording; De totale projectkosten, geraamd op € 7.876.000,- (exclusief btw, inclusief VAT voorbereiding, uitvoering, administratie, toezicht en onvoorzien) als volgt te dekken: a. € 4.854.000,- Subsidie van de Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH) b. € 1.404.000,- Bijdrage HTM i.v.m. onderhoudswerkzaamheden (OIW) c. € 1.618.000,- Reserve verbetering duurzame mobiliteit, onderdeel INTHR / Lagevloertrams; Bij de meerjarenbegroting 2022-2025, de dekkingsbron genoemd onder besluit IV lid . c na aftrek van € 154.250 toe te voegen aan de reserve Activafinanciering en hiervoor het investeringskrediet INTHR in het Meerjaren Investeringsplan (MIP) te verhogen.
Aldus besloten in de openbare raadsvergadering van 14 juli 2021. De griffier,
De voorzitter,
14/14