CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

20210520-RIS308402 Voorstel van het college inzake zienswijze Progr. 2022 en begr.wijziging 2021 Bedrijvenschap harnasch

Gemeenteraad 20 mei 2021, gemeente Den HaagBij agendapunt: Voorstel van het college inzake zienswijze procedure Programmabegroting 2022 en begrotingswijziging 2021 Bedrijvenschap HarnaschPolder alsmede kennisname van de jaarrekening 2020 (RIS308402)2.864 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Datum

Registratienummer

13 april 2021

DSO/10088621 RIS308402

Voorstel van het college inzake zienswijze procedure Programmabegroting 2022 en begrotingswijziging 2021 Bedrijvenschap HarnaschPolder alsmede kennisname van de jaarrekening 2020 1.

Inleiding

Het Bedrijvenschap HarnaschPolder is een samenwerkingsverband in de vorm van een gemeenschappelijke regeling (GR) tussen Midden-Delfland en Den Haag, gevestigd in de gemeente Midden-Delfland. Beide gemeenten participeren risicodragend, Den Haag voor 85% en MiddenDelfland voor 15%. Het bedrijvenschap heeft tot doel het bedrijventerrein HarnaschPolder in de gemeente Midden Delfland aan te leggen en te exploiteren. De GR is voor onbepaalde tijd aangegaan. Het is de bedoeling van beide gemeenten de regeling te beëindigen als de laatste gronden (vrijwel) zijn uitgegeven. Naar de huidige inzichten loopt de grondexploitatie per 31-12-2023 af. Procedure In haar vergadering van 12 april 2021 heeft het Dagelijks Bestuur van HarnaschPolder de jaarrekening 2020, een ontwerp-Programmabegroting 2022 met een meerjarenraming voor 2023 t/m 2025 en een ontwerp-Begrotingswijziging 2021 vastgesteld. Conform de Wet gemeenschappelijke regelingen dient een begroting(swijziging) te worden voorgelegd aan de gemeenteraden van de deelnemende gemeenten om de raden in de gelegenheid te stellen hun zienswijzen hierop kenbaar te maken. Het bedrijvenschap heeft u hier ook over geïnformeerd bij brief (kenmerk HP/AV/2021.140). Met ingang van 1 januari 2015 is elke GR tevens verplicht de (voorlopige) Jaarrekening ter kennisname aan de gemeenteraden te verzenden.

U zult de ontwerp-jaarrekening met bijbehorende rapportage van de accountant van het Bedrijvenschap HarnaschPolder ook rechtsreeks ontvangen van het Bedrijvenschap (kenmerk HP/AV/2021.141). Vanwege de samenhang met de begrotingen wordt de ontwerp-jaarrekening in dit raadsvoorstel nader toegelicht. Beoogd wordt de Programmabegroting 2022 en Begrotingswijziging 2021 -met inachtneming van eventuele zienswijzen - en de Jaarstukken 2020 definitief vast te stellen in de vergadering van het Algemeen Bestuur van 24 juni 2021. Hierna zullen de vastgestelde begrotingen en jaarstukken voor 1 augustus respectievelijk 15 juli 2021 aan Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland worden aangeboden. 2. Toelichting algemeen Het Bedrijvenschap heeft tot doel de werkgelegenheid te bevorderen en bij te dragen aan een aantrekkelijk vestigingsklimaat. Afgelopen jaren heeft het Bedrijvenschap zich voor een belangrijk deel op de logistieke sector gericht. De gunstige ligging aan de A4, de ontsluitingen en de ruime kavels maken dit terrein uitermate geschikt voor deze sector.

Gemeente Den Haag

Spui 70 Den Haag

Postbus 12600 2500 DJ Den Haag

T 14070 www.denhaag.nl

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10088621

Naast grotere kavels biedt het Bedrijvenschap door het aanbieden van een mix van standaard en hoogwaardige kavels ook kleinere (lokale) ondernemers de ruimte om zich te vestigen, om hiermee in voldoende mate te kunnen voorzien in de vraag naar bedrijventerrein in de regio Haaglanden. De hoofdactiviteiten daarvoor bestaan uit de verwerving van gronden, het bouwrijp- en woonrijp maken hiervan en de verkoop van deze gronden ten behoeve van de ontwikkeling van bedrijfshuisvesting. Stand van zaken ontwikkeling gronden Afgelopen jaren was er een ruime interesse vanuit de markt voor de kavels in Harnaschpolder. Deze interesse is te verklaren door de aantrekkende economie, de gunstige ligging langs de A4 en het feit dat dit de laatste grote bedrijfsterreinlocatie in deze regio is. De interesse betrof zowel de grote (logistieke) kavels als de middelgrote en kleinere kavels. Dit heeft in 2020 geleid tot de gronduitgifte van 3,6 hectare. Uitgiften hebben plaatsgevonden aan twee bedrijven, met als grootste uitgiften die aan Delta Ontwikkeling ten behoeve van de realisering van een vestiging van Sandvik. Op 1 juli 2020 resteert nog 15,3 hectare om uit te geven.

Voor 6,3 hectare zijn al koop- of reserveringsovereenkomsten gesloten, waaronder een reservering van 1,5 hectare ten behoeve van de gemeente Midden Delfland om daarmee tegemoet te komen aan een wens van de raad van Midden Delfland om grond te reserveren ten behoeve van de toekomstige uitplaatsing van bedrijven voor woningbouwplannen. Voor het hele plangebied gelden inmiddels onherroepelijke bestemmingsplannen, met dien verstande dat voor een deel van Hoog Harnasch nog een Uitwerkingsplan dient te worden vastgesteld. Met het onherroepelijk worden van het bestemmingsplan en exploitatieplan Harnaschpolder Zuid begin 2018 is de onteigeningsprocedure een stap verder worden gebracht en zijn de perceeleigenaren langs de Harnaskade waarmee nog geen overeenstemming is bereikt, gedagvaard voor onteigening. Er lopen nog juridische procedures tegen de hoogte van de schadevergoeding. Het Bedrijvenschap verwacht de onteigeningsprocedure in 2021 af te kunnen ronden; de gronden zijn al wel in bezit. In 2020 is ook overeenstemming bereikt met de laatste particulier eigenaar van een perceel grond in deelplan Hoog-Harnasch en heeft het bedrijvenschap deze kavel, groot 9.110 m², aan kunnen kopen. De flexibiliteit en (hoogwaardige) ontwikkelmogelijkheid voor het gebied waar deze grond ligt zijn met deze verwerving vergroot.

Vanwege de grote vraag en de beperkte ruimte die nog vrij-uitgeefbaar is, worden de resterende gronden gericht in de markt gezet om optimaal aan te sluiten op de ruimtelijke en economische programma’s van de deelnemende gemeenten Midden-Delfland en Den Haag.

3. Financiële verantwoording Resultaat / plantekort De jaarrekening is opgesteld in overeenstemming met het Besluit Begroting en verantwoording (BBV) zoals deze luidde bij de aanvang van het verslagjaar. Het bedrijvenschap HarnaschPolder kent één programma, het programma ontwikkeling van het bedrijventerrein HarnaschPolder. Op grond van de indeling in het BBV behoort de grondexploitatie van het Bedrijvenschap tot het taakveld 3, Economie, 3.2 Fysieke bedrijfsinfrastructuur.

2/7

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10088621

De lasten zijn onderverdeeld in kosten voor: - Verwerving; - Civiele techniek (sloop, sanering, bouwrijp maken en woonrijp maken); - Plankosten (planontwikkelingskosten en voorbereiding & toezicht) - Overige kosten (waaronder de financieringslasten). Totaal bedroegen de lasten € 6,1 miljoen. In 2020 zijn minder werkzaamheden uitgevoerd dan begroot, deze kosten schuiven door naar 2021. In 2020 is € 14,3 miljoen aan opbrengsten gerealiseerd, hoofdzakelijk uit hoofde van de uitgifte van 3,6 hectare grond en vrijval van een voorziening. De bijdragen/verkopen en de lasten die in 2020 zijn gerealiseerd, resulteren in een mutatie Onderhanden werk van € 5,4 miljoen, waardoor het saldo Onderhanden werk op de balans afneemt. De balanspost Onderhanden werk (gronden in exploitatie) bedraagt per einde boekjaar € 54,2 miljoen, exclusief de afwaardering voor het verwachte plantekort. Het Bedrijvenschap spant zich in om de plankosten na de piekjaren 2017/18 terug te brengen. Inmiddels zijn een aantal dossiers (nagenoeg) afgerond en is een geleidelijke afbouw van de plankosten ingezet. Ten opzichte van 2019 zijn de plankosten met € 0,3 miljoen gedaald (doch wel € 0,09 miljoen hoger dan begroot). Men spant zich in om de plankosten verder te laten dalen. Het resultaat over het boekjaar 2020 bedraagt € 2,86 miljoen (voordelig).

Dit maakt onderdeel uit van het bedrag waarmee de voorziening voor het tekort verlaagd moet worden om het gecalculeerde tekort in de grondexploitatie op peildatum 01-01-2021 te dekken. Op basis van de laatste grondexploitatie wordt in de jaarrekening een voorziening opgenomen voor het bedrag van het verwachte negatieve planresultaat. Het resultaat volgens de grondexploitatie van 1 juli 2020 bedraagt € 9,38 miljoen negatief op netto-contante waarde (NCW) per 01-07-2020 (c.q. € 10,05 miljoen tekort op eindwaarde 31-12-2023). Ten behoeve van de bepaling van de stand per 01-01-2021 in de jaarrekening 2020 is het tekort verhoogd met 1% vanwege de toegepaste methodiek van de dynamische eindwaarde berekening. Tevens is een aanpassing doorgevoerd voor afwijkingen ten opzichte van de grondexploitatie in het tweede halfjaar van 2020 ad € 0,7 miljoen (met name als gevolg van hogere grondopbrengsten). Na deze aanpassingen bedraagt het tekort van de grondexploitatie (en daarmee ook de voorziening) per 01-01-2021 € 8,77 miljoen NCW. Per saldo een verlaging van de voorziening plantekorten met € 2,86 miljoen ten opzichte van de jaarrekening 2019. Indien bij afronding van het project met een verlies wordt afgesloten, dan zullen de deelnemende gemeenten dit exploitatietekort moeten aanvullen.

Op dit moment is volstaan met het opnemen van een administratieve voorziening in de jaarrekening ter grootte van het verwachte exploitatietekort. De deelnemende gemeenten hebben nog geen (tussentijdse) stortingen gedaan om het tekort aan te vullen; dit gebeurt pas bij de afsluiting van de gemeenschappelijke regeling. De gemeenten Den Haag en Midden-Delfland participeren met een risicoverhouding van 85/15 in de Gemeenschappelijke regeling. Uitgaande van ongewijzigde omstandigheden in de ontwikkeling van het verwachte planresultaat, zullen de deelnemende gemeenten het bedrag ter grootte van € 8,77 miljoen NCW per 31-12-2020 in totaal moeten bijdragen. Het blijft de doelstelling om dit negatieve saldo de komende jaren terug te brengen tot een minder negatief resultaat.

3/7

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10088621

Risicobeheersing De waardering van de in exploitatie genomen gronden is gebaseerd op de inzichten medio/eind 2020 en de daarbij behorende inschatting van uitgangspunten, parameters en risico’s. Uiteraard betreft dit een inschatting die omgeven is door onzekerheden; deze worden periodiek geactualiseerd in een herziene grondexploitatie. Om de risico’s te actualiseren en beheersbaar te houden, wordt jaarlijks een analyse van kansen en risico’s opgesteld en inzichtelijk gemaakt wat daarvan de financiële consequenties kunnen zijn. Het Bedrijvenschap onderkent de volgende risico’s van grotere omvang: - Hogere vergoeding voor enkele onteigende percelen; - In de grondexploitatie opgenomen opbrengsten en prijzen worden niet gehaald; - Hogere kosten voor civiele werken en plankosten; - De einddatum van de grondexploitatie wordt niet gehaald; - De bijdragen op grond van de exploitatie-overeenkomsten met derden worden niet ontvangen. Naast negatieve risico’s zijn er ook positieve risico’s (kansen) van grotere omvang: - Optimaliseren grondopbrengst door aanpassing verkaveling. Schadeclaim Tennet TSO: - In de waardering van de bouwgrond in exploitatie is tevens rekening gehouden met de toekenning van een schadeclaim door TenneT TSO in verband met de realisatie van de Randstad 380 kVleiding.

Hierdoor loopt een hoogspanningstracé over (oorspronkelijk) uit te geven kavels in deelgebied Woud-Harnasch fase 3. In de risicoanalyse is deze claim zowel een risico als een kans, omdat zowel een lager als hoger bedrag aan schadevergoeding kan worden toegekend. Voor de in de grondexploitatie benoemde risico’s is rekening gehouden met een totaalbedrag van €4,6 miljoen voor de negatieve risico’s en € 0,95 miljoen voor de positieve risico’s. Per saldo bedraagt het gewogen risicoprofiel € 3,65 miljoen; dit is een verslechtering € 1,01 miljoen ten opzichte van de vorige risico-analyse in de grondexploitatie van 01-07-2019. Het risicoprofiel maakt geen onderdeel uit van de begroting van de grondexploitatie en is daarom geen onderdeel van het nadelige saldo van de grondexploitatie. Financiering Voor de financiering van de investeringen en andere verplichtingen, dient het Bedrijvenschap te beschikken over voldoende geldmiddelen. Deze middelen worden extern aangetrokken. De leningenportefeuille is in 2020 verlaagd met €15 miljoen en bedraagt eind 2020 nog € 55 miljoen, af te lossen eind 2021 voor €25 miljoen en eind 2023 voor € 30 miljoen. Op basis van de grondexploitatieberekening zal de komende jaren (vanaf 2021) mogelijk tijdelijk nog aanvullende financiering (kasgeldlening) nodig zijn. Met de daarmee gemoeide (geschatte) rentekosten is in de grondexploitatie rekening gehouden.

Rechtmatigheid / voorbehoud van een goedkeurende controleverklaring accountant Het Besluit Accountantscontrole Decentrale Overheden schrijft voor dat de accountant bij de controle van het Bedrijvenschap moet vaststellen dat de baten, lasten en balansmutaties tot stand zijn gekomen in overeenstemming met de begroting en met van toepassing zijnde wettelijke regelingen. Om de rechtmatigheidscontrole intern te kunnen voorbereiden en om de accountant op rechtmatigheid te kunnen laten controleren, is een normenkader opgesteld. Het normenkader is vastgesteld in het Dagelijks bestuur van 20 november 2020 en ter kennis gebracht van het Algemeen bestuur.

4/7

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10088621

Bij voorgaande jaarrekeningen van het Bedrijvenschap is naast een goedkeurend oordeel over de getrouwheid ook ten aanzien van rechtmatigheid een goedkeurend oordeel afgegeven. Aangezien rechtmatigheid volledig is geïntegreerd in de interne controle bij het Bedrijvenschap, wordt ook voor 2020 een goedkeurende verklaring voor rechtmatigheid verwacht. 4. Consequenties voor de voorzieningen gemeente Den Haag De grondexploitatie per 1-1-2021 heeft een negatieve saldo van € 8,77 miljoen NCW. Aangezien Den Haag voor 85% participeert, dient er een bedrag van € 7,45 miljoen aan verliesvoorzieningen gereserveerd te zijn voor het afdekken van haar deel in het negatieve saldo van Harnaschpolder. Op basis van de risicoanalyse bedraagt het gewogen risicoprofiel voor Harnaschpolder per saldo € 3,65 miljoen. Den Haag neemt hiervan 85% voor haar rekening als voorziening risicoprofiel, zijnde € 3,1 miljoen. Het risicoprofiel is daarmee gelijk aan zoals dat is vastgesteld in de grondexploitatie per 1-72020. Het college heeft op 17 november 2020 besloten de ‘voorziening negatieve plannen HarnaschPolder’ voor het afdekken van haar aandeel in het negatieve saldo en de ‘voorziening risico’s HarnaschPolder’ voor het afdekken van haar aandeel in het negatieve risicoprofiel aan te passen aan de herziene grondexploitatie per 01-07-2020. Dit besluit is verwerkt in de jaarrekening 2020 van de gemeente.

Op 6 april 2021 heeft het college een aanvullend besluit genomen om de voorziening negatieve plannen HarnaschPolder’ aan te passen aan stand van het plansaldo per 31-12-2020 in de jaarrekening 2020 van het Bedrijvenschap, te verwerken in de actualisatie van de begroting 2021. 5. Concept programmabegroting 2022 / concept begrotingswijziging 2021 De concept Programmabegroting 2022 is een nadere uitwerking van de geactualiseerde grondexploitatie per 01-07-2020, voor zowel de jaarschijf 2022 als de meerjarenraming 2023 t/m 2025. De grondexploitatieberekening zelf loopt tot en met 2023. Aangezien het de planning is dat eind 2023 de grondexploitatie wordt afgewikkeld en afgerekend met de beide deelnemende gemeenten resteren er per 31-12-2023 geen bedragen meer in de balans en zijn voor het jaar 2024 geen ramingen meer opgenomen. Met de actualisatie van de grondexploitatie dienen ook de cijfers van de Begroting 2021 aangepast te worden aan de thans voorziene bedragen. Vanaf 2021 worden de laatste kavels in de markt gezet. Op 1 januari 2021 resteert nog 15,3 hectare om uit te geven. Voor ruim 6 hectare zijn al koop- of reserveringsovereenkomsten gesloten. Op grond van deze overeenkomsten wordt in de begrotingswijziging verwacht dat in 2021 bijna 3 hectare zal worden uitgegeven.

De in de grondexploitatie per 1-7-2020 verwachte uitgifte (circa 4 hectare) voor de 2e helft 2020 is door omstandigheden doorgeschoven naar 2021 waardoor het totaal te verwachte uit te geven grond in de praktijk circa 7 hectare zal betreffen. Om de begrotingswijziging aan te laten sluiten bij de grondexploitatie per 1-7-2020 is deze doorschuiving echter niet opgenomen in de begrotingswijziging. In de Programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023 t/m 2025 wordt uitgegaan van een aflopend uitgiftetempo voor de laatste 8,3 hectare van 5,3 hectare in 2022 tot 3 hectare in het laatste jaar 2023. In 2021 staan geen verwervingen meer gepland.

5/7

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10088621

Het grootste deel van de geraamde kosten voor civiele techniek heeft betrekking op de afronding van de civiele werkzaamheden in Woud-Harnasch en Hoog-Harnasch, die in 2020 zijn gestart. Het plangebied Vrij-Harnasch is voor het grootste deel al ingericht. Zo veel mogelijk worden civiele werkzaamheden pas uitgevoerd als dat nodig is voor een gronduitgiften. Hierdoor is in 2020 voor civiele techniek minder uitgegeven dan geraamd en is een deel van de kosten doorgeschoven naar 2021 of later. Het Bedrijvenschap spant zich in om de plankosten na de piekjaren 2017 en 2018 te laten dalen. Vanaf 2019 is een geleidelijke afbouw van de plankosten ingezet. In de vigerende grondexploitatie is een aangepaste raming gemaakt op basis van de te verwachten werkzaamheden en ervaringscijfers. Vanaf 2021 is een afbouw geraamd naar 90% en in het laatste jaar naar 75% van de plankosten over 2020. Tot slot worden de belangrijkste mutaties in de Begrotingswijziging 2020 samengevat. Begrotingswijziging 2021, belangrijkste mutaties: - verhoging van het budget voor civiele techniek als gevolg van het doorschuiven van een deel van deze werkzaamheden van 2020 naar 2021; de kosten van slopen, saneren, voorbelasten, bouwrijp maken en woonrijp maken zijn in belangrijke mate verbonden aan de uitgifte van kavels voor bedrijven.

- verhoging budget voor Voorbereiding & Toezicht op de uitvoering als gevolg van doorschuiven civiele werkzaamheden; - verlaging opbrengst grondverkoop op basis van de geactualiseerde grondexploitatie met € 4,6 miljoen op basis van de meest actuele verwachtingen en gesloten reserveringsovereenkomsten (excl. de opbrengsten van uitgifte 4,1 hectare grond welke verwacht waren in 2e helft 2020 maar door omstandigheden zijn doorgeschoven naar 2021); - aanpassen post rente als gevolg van sluiten nieuwe lening met lager rentepercentage. 6. Conclusie Op basis van de stukken ziet het college geen aanleiding om een zienswijze bij het Dagelijks Bestuur van het Bedrijvenschap HarnaschPolder kenbaar te maken op de concept Begrotingswijziging 2021 en concept Programmabegroting 2022 van het Bedrijvenschap HarnaschPolder. Gezien het vorenstaande stelt het college de raad voor het volgende besluit te nemen: De raad van de gemeente Den Haag, Gelet op artikel 25 van de gemeenschappelijke regeling Bedrijvenschap HarnaschPolder, Gezien het voorstel van het college van 13 april 2021, Gehoord de commissie Bestuur,

6/7

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10088621

Besluit: I. Geen zienswijze kenbaar te maken met betrekking tot de Programmabegroting 2022 en de Begrotingswijziging 2021 van het Bedrijvenschap HarnaschPolder. II.

Kennis te nemen van de jaarrekening 202o.

III.

Dit besluit kenbaar te maken aan het Dagelijks Bestuur van het Bedrijvenschap HarnaschPolder.

Aldus besloten in de openbare raadsvergadering van 20 mei 2021. De griffier,

De voorzitter,

7/7

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9981180/3