CConstaterende dat's-Hertogenbosch
Koppel je AI →
Document · PDF

Was-wordt lijst Verordening Maatschappelijke ondersteuning 's-Hertogenboch 2026

Gemeenteraad 7 oktober 2025, gemeente 's-HertogenboschBij agendapunt: Verordening Maatschappelijke Ondersteuning 20264.101 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Was-wordt lijst Verordening maatschappelijke ondersteuning ’s-Hertogenbosch 2026 Datum versie: 02-06-2025 Steller: Karlijn Stenvers Redactionele wijzigingen Noodzakelijke redactionele wijzigingen, zoals het correct gebruik van hoofdletters, leestekens en lidwoorden, zijn niet expliciet opgenomen in deze was-wordt lijst, maar zijn wel te herleiden in de conceptversie Verordening maatschappelijke ondersteuning ’s-Hertogenbosch 2026 door middel van weergave in blauw. Dit geldt eveneens voor actualisatie van data. Bestaande tekst Inhoudsopgave Toelichting onder Artikel 1.1 Onder r respijtzorg Bestaande tekst Artikel 3.1, de te bereiken resultaten De door het college te verstrekken maatwerkvoorzieningen op het gebied van de zelfredzaamheid en maatschappelijk participatie stellen de inwoner in staat: 1. een huishouden te voeren, waaronder wordt verstaan: a. het beschikken over een schoon en leefbaar huis; b. het beschikken over schone en draagbare kleding; c. maaltijdbereiding; d. regie.

Nieuwe tekst Inhoudsopgave Toelichting onder Artikel 1.1 Onder s respijtzorg

Nieuwe tekst Artikel 3.1, de te bereiken resultaten De door het college te verstrekken maatwerkvoorzieningen op het gebied van de zelfredzaamheid en maatschappelijk participatie stellen de inwoner in staat: 1. een huishouden te voeren, waaronder wordt verstaan: a. het beschikken over een schoon en leefbaar huis; b. Wasverzorging; c. Boodschappen; d. Regie/organisatie; Advies en Instructie en Voorlichting; e. Maaltijden; f. Kindzorg.

Soort aanpassing inclusief toelichting Tekstuele aanpassing. Schrijffout Soort aanpassing inclusief toelichting Inhoudelijke aanpassing. Wegens het nieuwe normenkader HHM dienen de te bereiken resultaten herschreven te worden. Deze beschrijving zorgt voor meer duidelijkheid. Deze aangepaste beschrijving zorgt voor meer duidelijkheid en sluit beter aan bij de praktijk. Het beschikken over schone kleding is hiermee niet komen te vervallen, maar is nu breder omschreven onder “wasverzorging”. Daarnaast zijn enkele onderdelen, zoals boodschappen, kindzorg en advies/instructie, toegevoegd om de ondersteuning vollediger te beschrijven

1

Bestaande tekst Artikel 4.1 Uitgangspunt beoordeling maatwerkvoorziening a. Bij het beoordelen van de aanspraak op een maatwerkvoorziening, neemt het college het onderzoeksplan en/of het persoonlijk plan, indien aanwezig, als uitgangspunt.

Nieuwe tekst Artikel 4.1 Uitgangspunt beoordeling maatwerkvoorziening a. Bij het beoordelen van de aanspraak op een maatwerkvoorziening, neemt het college het onderzoeksplan en/of het persoonlijk plan, indien aanwezig, als uitgangspunt. Voor het vaststellen van een maatwerkvoorziening bij hulp in het huishouden baseren wij ons op de normering zoals vastgesteld in het meest recente normenkader Huishoudelijke Ondersteuning van HHM.

Soort aanpassing inclusief toelichting Inhoudelijke aanpassing. Wegens het nieuwe normenkader HHM dient er in de verordening een korte verwijzing te worden toegevoegd naar het door ons gehanteerde normenkader Huishoudelijke Ondersteuning van HHM.

Bestaande tekst Artikel 4.2 2. Geen aanspraak op een maatwerkvoorziening bestaat: a. indien de inwoner geen ingezetene van de gemeente ‘s-Hertogenbosch is, met uitzondering van intramuraal beschermd wonen en opvang; b. indien de noodzaak tot ondersteuning voor de inwoner redelijkerwijs vermijdbaar is of was; c. indien deze voorziening niet noodzakelijk was geweest wanneer de inwoner rekening had gehouden met de reeds bestaande beperkingen, niet verband houdende met de overgang naar een volgende levensfase; d. voor zover de inwoner een beroep kan doen op een andere voorziening of de

Nieuwe tekst Artikel 4.2 2. Geen aanspraak op een maatwerkvoorziening bestaat: a. indien de inwoner geen ingezetene van de gemeente ‘s-Hertogenbosch is, met uitzondering van intramuraal beschermd wonen en opvang; b. indien de noodzaak tot ondersteuning voor de inwoner redelijkerwijs vermijdbaar is of was; c. indien deze voorziening niet noodzakelijk was geweest wanneer de inwoner rekening had gehouden met de reeds bestaande beperkingen, niet verband houdende met de overgang naar een volgende levensfase; d. voor zover de inwoner een beroep kan doen op een andere voorziening of de andere voorziening de kosten van de

Soort aanpassing inclusief toelichting Inhoudelijke aanpassing. Toevoeging van lid L en M, om te waarborgen dat inwoners niet zomaar zelfstandig en met terugwerkende kracht een maatwerkvoorziening kunnen realiseren zonder toestemming van de gemeente.

2

e.

f.

g.

h.

i.

andere voorziening de kosten van de maatwerkvoorziening als niet noodzakelijk heeft aangemerkt; indien de maatwerkvoorziening voor de persoon van de inwoner algemeen gebruikelijk is; indien het mogelijk is om de zorgvraag weg te nemen door inzet van gebruikelijke hulp; voor zover een voorziening als die waarop de aanvraag betrekking heeft reeds eerder in het kader van enige wettelijke bepaling of regeling is verstrekt en de normale afschrijvingstermijn van de voorziening nog niet verstreken is, tenzij de eerder verstrekte voorziening verloren is gegaan als gevolg van omstandigheden die niet aan de inwoner zijn toe te rekenen, of tenzij de inwoner geheel of gedeeltelijk tegemoetkomt in de veroorzaakte kosten; voor zover de aanvraag betrekking heeft op kosten die de inwoner voorafgaand aan het moment van aanvragen of het moment van beschikken heeft gemaakt en niet meer is na te gaan of de maatwerkvoorziening noodzakelijk is en als goedkoopst passend aan te merken valt; indien de aanspraak niet is vast te stellen doordat de inwoner of zijn huisgenoten en/of vertegenwoordigers niet of onvoldoende voldoen aan de verplichtingen als bedoeld in artikel 2.3.8

e.

f. g.

h.

i.

j.

maatwerkvoorziening als niet noodzakelijk heeft aangemerkt; indien de maatwerkvoorziening voor de persoon van de inwoner algemeen gebruikelijk is; indien het mogelijk is om de zorgvraag weg te nemen door inzet van gebruikelijke hulp; voor zover een voorziening als die waarop de aanvraag betrekking heeft reeds eerder in het kader van enige wettelijke bepaling of regeling is verstrekt en de normale afschrijvingstermijn van de voorziening nog niet verstreken is, tenzij de eerder verstrekte voorziening verloren is gegaan als gevolg van omstandigheden die niet aan de inwoner zijn toe te rekenen, of tenzij de inwoner geheel of gedeeltelijk tegemoetkomt in de veroorzaakte kosten; voor zover de aanvraag betrekking heeft op kosten die de inwoner voorafgaand aan het moment van aanvragen of het moment van beschikken heeft gemaakt en niet meer is na te gaan of de maatwerkvoorziening noodzakelijk is en als goedkoopst passend aan te merken valt; indien de aanspraak niet is vast te stellen doordat de inwoner of zijn huisgenoten en/of vertegenwoordigers niet of onvoldoende voldoen aan de verplichtingen als bedoeld in artikel 2.3.8 en lid 3 van d wet of artikel 2.4; indien de noodzaak tot het treffen van de voorziening het gevolg is van een verhuizing waartoe op grond van beperkingen bij de zelfredzaamheid en participatie, geen aanleiding bestond en er geen andere

3

j.

k.

en lid 3 van d wet of artikel 2.4; indien de noodzaak tot het treffen van de voorziening het gevolg is van een verhuizing waartoe op grond van beperkingen bij de zelfredzaamheid en participatie, geen aanleiding bestond en er geen andere belangrijke reden aanwezig was voor deze verhuizing; er ondersteuning is aangevraagd die zal worden verleend buiten Nederland, tenzij het college na voorafgaande goedkeuring van oordeel is dat het inzetten van ondersteuning buiten de landsgrenzen een bijdrage levert aan het behalen van het beoogde resultaat, die niet in Nederland kan worden behaald.

 

Bestaande tekst Artikel 5.1 Criteria Het college weigert de verlening van een pgb indien:

PGB

belangrijke reden aanwezig was voor deze verhuizing; k. er ondersteuning is aangevraagd die zal worden verleend buiten Nederland, tenzij het college na voorafgaande goedkeuring van oordeel is dat het inzetten van ondersteuning buiten de landsgrenzen een bijdrage levert aan het behalen van het beoogde resultaat, die niet in Nederland kan worden behaald. l. De gemeente geeft geen maatwerkvoorziening als de inwoner de voorziening al heeft geregeld of geaccepteerd vóórdat hij contact opnam met de gemeente. Alleen in een acute noodsituatie, waarin u de voorziening dringend nodig had, kan hierop een uitzondering worden gemaakt. m. De gemeente geeft geen maatwerkvoorziening als de inwoner de voorziening zelf al heeft geregeld of geaccepteerd ná zijn melding, maar vóórdat de gemeente een besluit heeft genomen. Dit kan alleen als: De inwoner vooraf schriftelijke toestemming van de gemeente heeft gekregen, of de gemeente achteraf nog goed kan beoordelen of de voorziening nodig en passend was, en of de kosten redelijk zijn.

Nieuwe tekst Artikel 5.1 Criteria Het college weigert de verlening van een pgb indien:

PGB

Soort aanpassing inclusief toelichting Inhoudelijke aanpassing.

4

a. de inwoner geen volledig ingevuld pgb-plan heeft overgelegd volgens het door het college vastgestelde model; b. de inwoner weigert het pgb-plan desgevraagd met het college te bespreken of verschijnt zonder geldige reden niet op de afspraak om het pgb-plan te bespreken; c. de inwoner, of, indien de inwoner jonger is dan 18 jaar, één van diens ouders of voogden, surseance van betaling heeft aangevraagd of failliet is verklaard; d. ten aanzien van de inwoner of, indien de inwoner jonger is dan 18 jaar, ten aanzien van één van diens ouders of voogden, de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen van toepassing is verklaard, dan wel een verzoek daartoe bij de rechtbank is ingediend; e. de inwoner zich niet heeft gehouden aan bij de verstrekking van een eerder pgb opgelegde verplichtingen; f. naar het oordeel van het college onvoldoende aannemelijk is dat met het pgb zal worden voorzien in toereikende ondersteuning van goede kwaliteit; g. het ernstige vermoeden bestaat dat de inwoner problemen zal hebben met het omgaan met een pgb; h. deze is bestemd voor besteding in het buitenland, tenzij er toestemming is gegeven door de toegang op basis van behoefte in lijn met de reguliere ondersteuning; i. de inwoner het beheren van het persoonsgebonden budget overlaat aan de aanbieder die de ondersteuning levert of een persoon die werkzaam is bij of voor deze

a.

b.

c.

d.

e.

f.

g.

de inwoner geen volledig ingevuld pgb-plan heeft overgelegd volgens het door het college vastgestelde model; de inwoner weigert het pgb-plan desgevraagd met het college te bespreken of verschijnt zonder geldige reden niet op de afspraak om het pgbplan te bespreken; de inwoner, of, indien de inwoner jonger is dan 18 jaar, één van diens ouders of voogden, surseance van betaling heeft aangevraagd of failliet is verklaard; ten aanzien van de inwoner of, indien de inwoner jonger is dan 18 jaar, ten aanzien van één van diens ouders of voogden, de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen van toepassing is verklaard, dan wel een verzoek daartoe bij de rechtbank is ingediend; de inwoner zich niet heeft gehouden aan bij de verstrekking van een eerder pgb opgelegde verplichtingen; naar het oordeel van het college onvoldoende aannemelijk is dat met het pgb zal worden voorzien in toereikende ondersteuning van goede kwaliteit; het ernstige vermoeden bestaat dat de inwoner problemen zal hebben met het omgaan met een pgb;

Toevoeging van lid K en L, om te waarborgen dat inwoners niet zomaar zelfstandig en met terugwerkende kracht een pgb kunnen realiseren zonder toestemming van de gemeente.

h. deze is bestemd voor besteding in het buitenland, tenzij er toestemming is gegeven door de toegang op basis van behoefte in lijn met de reguliere ondersteuning;

i.

de inwoner het beheren van het persoonsgebonden budget overlaat aan de aanbieder die de ondersteuning levert of een persoon die werkzaam is bij of voor deze

5

j.

aanbieder; geen aanspraak op een pgb bestaat voor een inwoner die gebruik maakt van intramuraal beschermd wonen, maatschappelijk opvang, vrouwenopvang en/of verslavingszorg.

aanbieder; geen aanspraak op een pgb bestaat voor een inwoner die gebruik maakt van intramuraal beschermd wonen, maatschappelijk opvang, vrouwenopvang en/of verslavingszorg. k. De gemeente geeft geen maatwerkvoorziening als de inwoner de voorziening al heeft geregeld of geaccepteerd vóórdat hij contact opnam met de gemeente. Alleen in een acute noodsituatie, waarin u de voorziening dringend nodig had, kan hierop een uitzondering worden gemaakt. l. De gemeente geeft geen maatwerkvoorziening als de inwoner de voorziening zelf al heeft geregeld of geaccepteerd ná zijn melding, maar vóórdat de gemeente een besluit heeft genomen. Dit kan alleen als:  De inwoner vooraf schriftelijke toestemming van de gemeente heeft gekregen, of  de gemeente achteraf nog goed kan beoordelen of de voorziening nodig en passend was, en of de kosten redelijk zijn. j.

Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Soort aanpassing inclusief toelichting

Artikel 5.3.3.

Artikel 5.3.3.

3.

3. Het bedrag van het pgb voor hulp bij het huishouden formeel:

Inhoudelijke aanpassing: de hoogte van het pgb tarief formeel is gekoppeld aan het ZIN tarief. Bij de nieuwe inkoop van de hulp bij het huishouden vindt met ingang van de nieuwe overeenkomsten indexatie plaats middels de OVA-en materiaalprijsindex i.p.v. de CAO VVT index die eerder werd gehanteerd. Het formele pgb tarief volgt deze nieuwe indexatie.

Het bedrag van het pgb voor hulp bij het huishouden bedraagt maximaal: a. Het tarief als bedoeld in lid 1 sub c van dit artikel, verlaagd naar een overheadpercentage van 10% indien de

a. Is gestoeld op het tarief voor zorg in natura dat geïndexeerd wordt middels de OVA en

6

inwoner een zorgorganisatie inschakelt die formele hulp biedt; b. Het tarief als bedoeld in lid 1 sub c van dit artikel, verlaagd naar een risicopercentage van 1% indien de inwoner een zorgorganisatie inschakelt die formele hulp biedt. c. Het tarief voor informele hulp bedraagt uurloon van de hoogste periodiek behorende bij hulp bij het huishouden van de voor de betreffende periode geldende cao Verpleegen Verzorgingshuizen en Thuiszorg, te vermeerderen met vakantietoeslag en de tegenwaarde van de verlofuren.

materieelprijsindexcijfer. b. Bedraagt maximaal het tarief voor formele hulp als bedoeld in lid 1 sub c van dit artikel, verlaagd naar een overheadpercentage van 10% indien de inwoner een zorgorganisatie inschakelt die formele hulp biedt; c. Bedraagt maximaal het tarief voor formele hulp als bedoeld in lid 1 sub c van dit artikel, verlaagd naar een risicopercentage van 1% indien de inwoner een zorgorganisatie inschakelt die formele hulp biedt.

We kiezen voor deze indexatie om uniformiteit te creëren binnen het gemeentelijke sociaal domein, gezien o.a. de tarieven Wmo begeleiding, kortdurend verblijf en jeugd ook met OVA- en materiaalprijsindex worden geïndexeerd. Tekstuele aanpassing: duidelijker onderscheid tussen formeel en informeel pgb tarief hulp bij het huishouden.

Het bedrag van het pgb voor hulp bij het huishouden informeel: d. Het tarief voor informele hulp bedraagt uurloon van de hoogste periodiek behorende bij hulp bij het huishouden van de voor de betreffende periode geldende cao Verpleegen Verzorgingshuizen en Thuiszorg, te vermeerderen met vakantietoeslag en de tegenwaarde van de verlofuren.

Bestaande tekst Artikel 6.1 Maatwerkvoorziening

Nieuwe tekst Artikel 6.1 Maatwerkvoorziening

Soort aanpassing inclusief toelichting Inhoudelijke aanpassing:

1. De inwoner is een bijdrage in de vorm van een abonnementstarief verschuldigd voor een maatwerkvoorziening, niet zijnde beschermd wonen of opvang, in natura of pgb. 2. De bijdrage voor een maatwerkvoorziening, zijnde beschermd wonen of opvang, is gelijk aan de maximum bijdrage conform het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015. 3. In afwijking van het tweede lid wordt de bijdrage voor maatwerkvoorzieningen, niet zijnde beschermd wonen of opvang, op nihil gesteld voor inwoners met een bijdrage plichtig inkomen dat lager is dan 110% van het

1. De inwoner is een bijdrage in de vorm van een abonnementstarief verschuldigd voor een maatwerkvoorziening, niet zijnde beschermd wonen of opvang, in natura of pgb. 2. De bijdrage voor een maatwerkvoorziening, zijnde beschermd wonen of opvang, is gelijk aan de maximum bijdrage conform het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015. 3. In afwijking van het tweede lid wordt de bijdrage voor maatwerkvoorzieningen, niet zijnde beschermd wonen of opvang, op nihil gesteld voor inwoners met een bijdrage plichtig inkomen dat lager is dan 110% van het

Op grond van artikel 3.8 lid 3 onderdeel d Uitvoeringsbesluit Wmo 2015 is er geen bijdrage in de kosten verschuldigd voor een rolstoel. Voor de overzichtelijkheid is dit artikel toegevoegd aan het bestaande artikel.

7

sociaal minimum. De inkomensgrenzen zijn te vinden op https://www.s-hertogenbosch.nl/inwoner/ondersteunin g-en-zorg/wmo/.1 4. De bijdrage voor een maatwerkvoorziening in natura of pgb voor een woningaanpassing voor een minderjarige inwoner is verschuldigd door de in artikel 2.1.5 van de wet genoemde persoon of personen. 5. De bijdrage voor opvang wordt vastgesteld en geïnd door de instelling waar de inwoner verblijft. 6. Het collectief vraagafhankelijk vervoer (regiotaxi) wordt uitgesloten van een eigen bijdrage op grond van het Abonnementstarief. De inwoner met een Wmo-indicatie betaalt wel een bijdrage voor de regiotaxi. Deze bijdrage is per rit. Bij elke rit wordt het instaptarief betaald. Daarnaast is de bijdrage afhankelijk van hoeveel kilometer de inwoner reist. Er zijn twee kilometertarieven: 1) een tarief tot 25 kilometer en 2) een (commercieel) tarief vanaf 25 kilometer. De actuele tarieven zijn te vinden op Kosten / reisbudget Archieven Regiotaxi 's-Hertogenbosch (regiotaxishertogenbosch.nl)2.

4.

5. 6.

7.

sociaal minimum. De inkomensgrenzen zijn te vinden op https://www.s-hertogenbosch.nl/inwoner/ondersteunin g-en-zorg/wmo/.1 De bijdrage voor een maatwerkvoorziening in natura of pgb voor een woningaanpassing voor een minderjarige inwoner is verschuldigd door de in artikel 2.1.5 van de wet genoemde persoon of personen. De bijdrage voor opvang wordt vastgesteld en geïnd door de instelling waar de inwoner verblijft. Het collectief vraagafhankelijk vervoer (regiotaxi) wordt uitgesloten van een eigen bijdrage op grond van het Abonnementstarief. De inwoner met een Wmo-indicatie betaalt wel een bijdrage voor de regiotaxi. Deze bijdrage is per rit. Bij elke rit wordt het instaptarief betaald. Daarnaast is de bijdrage afhankelijk van hoeveel kilometer de inwoner reist. Er zijn twee kilometertarieven: 1) een tarief tot 25 kilometer en 2) een (commercieel) tarief vanaf 25 kilometer. De actuele tarieven zijn te vinden op Kosten / reisbudget Archieven Regiotaxi 's-Hertogenbosch (regiotaxishertogenbosch.nl)2. Er is geen bijdrage in de kosten verschuldigd voor een rolstoel (artikel 3.8 lid 3 onderdeel d Uitvoeringsbesluit Wmo 2015).

Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Soort aanpassing inclusief toelichting

Artikel 6.3 Kostprijs

Artikel 6.3 Kostprijs

Tekstuele aanpassing.

2. De kostprijs van een voorziening in pgb is gelijk aan de aanschafprijs inclusief de reparatie-, verzekerings- en onderhoudskosten. Deze kostprijs is maximaal gelijk aan de hoogte van het pgb.

2. De kostprijs van een voorziening in pgb is gelijk aan de aanschafprijs inclusief de reparatie-, verzekerings- en onderhoudskosten. De hoogte van het PGB is maximaal gelijk aan deze kostprijs.

Herstellen schrijffout.

8

Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Soort aanpassing inclusief toelichting

Artikel 6.4 Maatschappelijk Opvang

Artikel 6.4 Maatschappelijke Opvang

Tekstuele aanpassing. Herstellen schrijffout.

Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Soort aanpassing inclusief toelichting

9

Hoofdstuk 8 Bestrijding misbruik of oneigenlijk gebruik Artikel 8.1 Fraudepreventie Het college informeert de inwoner over de rechten en plichten die aan het ontvangen van een maatwerkvoorziening zijn verbonden en over de consequenties van misbruik en oneigenlijk gebruik van de voorziening. Artikel 8.2 Onderzoek rechtmatigheid Het college doet onderzoek naar de rechtmatigheid van de maatwerkvoorziening indien er een vermoeden bestaat van fraude, misbruik dan wel oneigenlijk gebruik van de verstrekte of nog te verstrekken voorziening. Het college heeft hiervoor een toezichthouder met bevoegdheden aangesteld.

Artikel 8.1 Fraudepreventie

Inhoudelijke aanpassing.

Vervalt.

De artikelen rondom fraudepreventie en onderzoek rechtmatigheid worden herschreven wegens nieuwe regionale afspraken rondom toezicht en handhaving.

Artikel 8.2. Onderzoek rechtmatigheid Vervalt Invoegen nieuw artikel Artikel 8.1 Onderzoek naar recht- en doelmatigheid voorzieningen in natura en in de vorm van pgb’s 1. Het college wijst een toezichthouder aan die belast is met het toezicht op de naleving van de rechtmatige uitvoering van de wet, waaronder de bestrijding van misbruik, oneigenlijk gebruik en niet-gebruik van deze wet. 2. Het college kan het gebruik van pgb’s onderzoeken met het oog op de beoordeling van de recht- en doelmatigheid daarvan. Invoegen nieuw artikel 8.2 Overige maatregelen ter voorkoming oneigenlijk gebruik, misbruik en niet gebruik 1. Het college informeert cliënten in begrijpelijke bewoordingen over de rechten en plichten die aan het ontvangen van een voorziening zijn verbonden en over de mogelijke gevolgen van misbruik en oneigenlijk gebruik van de wet. 2. Het college maakt met de door hem gecontracteerde of gesubsidieerde aanbieders afspraken over de facturatie, resultaatsturing en accountantscontroles, zodat declaraties en uitbetalingen in overeenstemming zijn met de

10

contractuele afspraken, de leveringsopdracht, de prestatieafspraken en de feitelijk geleverde prestaties. 3. Het college maakt met de door hem gecontracteerde of gesubsidieerde aanbieders afspraken over het monitoren van de gemiddelde trajectduur tijdens de looptijd van een contract. 4. het college draagt zorg voor een meldpunt waar signalen over oneigenlijk gebruik en fraude kunnen worden gemeld in het kader van uitvoering van de wet

Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Soort aanpassing inclusief toelichting

Artikel 8.3

Artikel 8.3

Tekstuele aanpassing.

g. Niet dan wel onvoldoende medewerking verleend aan het onderzoek door de gemeente waardoor het recht op de maatwerkvoorziening niet op voldoende wijze kan worden vastgesteld.

g. Niet dan wel onvoldoende medewerking verleent aan het onderzoek door de gemeente waardoor het recht op de maatwerkvoorziening niet op voldoende wijze kan worden vastgesteld.

Herstellen schrijffout.

Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Soort aanpassing inclusief toelichting

11

Artikel 11.4 Overgangsrecht

Artikel 11.4 Overgangsrecht

Tekstuele aanpassing.

1.

1.

Actualisering jaartal.

De Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente ‘s-Hertogenbosch 2022 wordt ingetrokken met de inwerkingtreding van deze geactualiseerde Verordening

De Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente ‘s-Hertogenbosch 2025 wordt ingetrokken met de inwerkingtreding van deze geactualiseerde Verordening

Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Soort aanpassing inclusief toelichting

Artikel 11.5 Inwerkingtreding Deze Verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2025.

Artikel 11.5 Inwerkingtreding Deze Verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2026.

Tekstuele aanpassing.

Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Soort aanpassing inclusief toelichting

Artikel 11.6 Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als “Verordening maatschappelijke ondersteuning ‘s-Hertogenbosch 2025”.

Artikel 11.6 Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als “Verordening maatschappelijke ondersteuning ‘s-Hertogenbosch 2026”.

Tekstuele aanpassing.

Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Soort aanpassing inclusief toelichting

Artikel 11.7 Samenhang Bij deze Verordening horen de Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning ’s-Hertogenbosch 2025 en het Besluit nadere regels maatschappelijke ondersteuning ’s-Hertogenbosch 2025.

Artikel 11.7 Samenhang Bij deze Verordening horen de Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning ’s-Hertogenbosch 2026 en het Besluit nadere regels maatschappelijke ondersteuning ’s-Hertogenbosch 2026.

Tekstuele aanpassing.

Aldus vastgesteld in openbare gemeenteraad op 8 oktober 2024.

vergadering

in

de

Aldus vastgesteld in openbare gemeenteraad op 7 oktober 2025.

vergadering

in

Actualisering jaartal.

Actualisering jaartal.

Actualisering jaartal.

de

12

In de toelichting van de verordening: Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Soort aanpassing inclusief toelichting

Toelichting Hoofdstuk 1

Toelichting Hoofdstuk 1

Tekstuele aanpassing.

Onder r Respijtzorg

Onder s Respijtzorg

Ter verduidelijking.

Een mantelzorger kan tijdelijke respijtzorg aanvragen ter ontlasting van de mantelzorg. Door af en toe vrij te zijn van mantelzorgtaken kunnen mantelzorgers hun eigen leven beter in balans houden en de zorg voor een ander langer volhouden. Mantelzorgers kunnen zowel via Mantelzorg Farent als via de gemeente vormen van mantelzorg aanvragen. Bij de gemeente betreft dit groepsbegeleiding (voorheen dagbesteding), logeeropvang of huishoudelijke hulp.

Bestaande tekst

Een mantelzorger kan tijdelijke respijtzorg aanvragen ter ontlasting van de mantelzorg. Door af en toe vrij te zijn van mantelzorgtaken kunnen mantelzorgers hun eigen leven beter in balans houden en de zorg voor een ander langer volhouden. Mantelzorgers kunnen zowel via Mantelzorg Farent als via de gemeente vormen van mantelzorg aanvragen. Bij de gemeente betreft dit onder andere groepsbegeleiding, logeeropvang en huishoudelijke hulp.

Nieuwe tekst

Soort aanpassing inclusief toelichting

13

Artikel 6.4 Maatschappelijk Opvang

Artikel 6.4 Maatschappelijk Opvang

Inhoudelijke aanpassing.

6.4.1 Eigen bijdrage voltijd maatschappelijke opvang en vrouwenopvang

6.4.1 Eigen bijdrage voltijd maatschappelijke opvang en vrouwenopvang

In aansluiting op de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo) is de verordening alleen van toepassing op natuurlijke personen van 18 jaar en ouder. Dit betekent niet dat personen jonger dan 18 jaar uitgesloten zijn van het gebruik van het aanbod van opvang door de instellingen, maar voor hen geldt geen eigen bijdrage. Bij het bepalen van de bijstandsnorm is rekening gehouden met de afwijkende bepalingen in de Participatiewet voor personen van 18 tot 21 jaar. Voor de berekening van de eigen bijdrage worden de toeslagen die vanuit de Bijzondere Bijstand mogelijk zijn meegerekend.

In aansluiting op de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo) is de verordening alleen van toepassing op natuurlijke personen van 18 jaar en ouder. Dit betekent niet dat personen jonger dan 18 jaar uitgesloten zijn van het gebruik van het aanbod van opvang door de instellingen, maar voor hen geldt geen eigen bijdrage. De hoogte van de eigen bijdrage is afhankelijk van de persoonlijke situatie en de daarop van toepassing zijnde normen. Uitgangspunt is dat de client iedere maand een bedrag overhoudt dat overeenkomt met het zak- en kleedgeld, vermeerderd met de standaardpremie, bedoeld in artikel 1 lid 1 onderdeel g van de Wet op de zorgtoeslag en gecorrigeerd met de zorgtoeslag. De zak- en kleedgeldgrens is gelijk aan het van toepassing zijnde bedrag, vermeld in artikel 23 lid 1 van de Participatiewet.

Om eenduidigheid te creëren en verwarring te voorkomen hebben we ervoor gekozen om de toeslagen waarnaar verwezen werd in de oude toelichting hier nu volledig uit te schrijven.

14

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15897116/2