Vragenhalfuur 3 - Sparrenburgbos - DBG
Tekst van het document
Vragenhalfuur 3
Vragen voor het vragenhalfuurtje Achter Mariaoord zijn de voorbijgaande weken rondom het voormalige klooster van de Zusters van Liefde tientallen waardevolle bomen gekapt. Het betreft hier bomen die op en rond de te her-ontwikkelen bouwkavels in het Sparrenburgbos stonden. Onder deze kavels vallen het voormalige zusterklooster, het gesloopte bijgebouw en een kleinere kavel aan de Graafsebaan, waar een particuliere woning heeft gestaan. Ook langs de straat zijn grote bomen gekapt. Binnen het bestemmingsplan Buitengebied van de gemeente `s-Hertogenbosch is het Sparrenburgbos bestemd als Natuur en heeft het een NNB status. Dwars door het NNB is vanaf de straat een brede baan uitgekapt naar de kavel bijgebouw. Hierbij zijn diverse, waardevolle Douglassparren gekapt. Zo ook aan de voorkant van deze kavel langs het asfalt pad van Vivent. Als lucifershoutjes omgelegd liggen de bomen als stille getuigen in het bos. De projectontwikkelaar heeft aangegeven dat deze kapwerkzaamheden onder regulier onderhoud vallen. Onze indruk is dat de ontwikkelaar voorbereidende werkzaamheden heeft uitgevoerd in de opmaat naar de herontwikkeling van deze drie bouwlocaties. Daarbij heeft er een ware kaalslag plaatsgevonden, met verlies aan beeldbepalende bomen, verlies aan natuurwaarden en de habitat voor diverse diersoorten.
De kapwerkzaamheden zijn doorgegaan tot in het broedseizoen dat op 15 maart begint. Voor het kappen van bomen in het buitengebied geldt een meldingsplicht bij de Provincie die over Wet natuurbescherming gaat. De Provincie moet goedkeuring geven of de kap afwijzen. Deze wet is inmiddels opgegaan in de Omgevingswet. Het Sparrenburgbos, met de bijbehorende akkertjes en paardenweiden met waardevolle houtwallen, maakt onderdeel uit van het oorspronkelijke kampenlandschap. De huidige eigenaren willen op plekken in en om het bos bouwen om de investering terug te verdienen. Daarvoor zijn de afgelopen jaren diverse bouwaanvragen bij de gemeente ingediend die, terecht, door de gemeente zijn afgewezen omdat ze in strijd waren met het bestemmingsplan. Onze fractie heeft diverse voorstellen gedaan om als gemeente het Sparrenburgbos met de bijbehorende akkers aan te kopen en veilig te stellen voor toekomstige generaties. De reactie van het college en de raad was steevast: er mag niets, want het bos is zwaar beschermd. Dat is echter een illusie. In het verleden is er door vorige eigenaren van het Sparrenburgbos al flink gekapt. Daardoor is een deel van het bos nog maar van zeer matige kwaliteit. Daarnaast dreigt er versnippering en verstening door het opknippen van het Sparrenburgbos en verkoop van delen van het bos aan particulieren en het bebouwen van de laatste open akkers in het gebied.
Een restant van het oorspronkelijke kampenlandschap. Vanuit cultuur-historisch oogpunt en ruimtelijk bezien van hoge landschappelijke kwaliteit. Omdat de gemeente een afwachtende houding aanneemt en niet de regie neemt voelt de ontwikkelaar zich vrij om naar eigen inzicht te handelen. Het ontbreekt hier aan een helder geformuleerd Masterplan of een Nota van Uitgangspunten. De eigenaren hebben te weinig binding met het Sparrenburgbos, de wijkbewoners, de natuur en het landschap. Het is aan de gemeente (lees het college) om hier proactief in te handelen. Dat is eerder succesvol gebeurd bij de herontwikkeling
van klooster Mariaburg en landgoed Coudewater. Vraag is waarom het college het in dit geval zo laat lopen. Daarmee geeft het college het verkeerde boodschap signaal af aan de eigenaren en ontwikkelaar, met als gevolg deze bomenkap en uitverkoop van het waardevolle Sparrenburgbos. Wij hebben hierover de volgende vragen aan de wethouder: 1. Was de gemeente op de hoogte van deze kapplannen? 2. Was hier een kapvergunning voor vereist? 3. Is hier sprake van overtreding van de Omgevingswet? 4. Is er al een bouwplan ingediend voor deze drie bouwlocaties? 5. Welke acties heeft het college uitgezet richting de Provincie en de Omgevingsdienst? Onze fractie heeft de afgelopen jaren regelmatig actie ondernomen om het Sparrenburgbos, met de bijbehorende akkertjes, aan te kopen om te voorkomen dat het bos in delen zou worden doorverkocht aan particulieren en andere ontwikkelaars. Daardoor ontstaat er versnippering, verstening en verrommeling en is het bos minder toegankelijk door het plaatsen van hekwerken, het vergunningsvrij optrekken van bouwwerken en het aanleggen van verhardingen. De reactie was altijd dezelfde. Er mag niets en het bos blijft openbaar toegankelijk. Deze houding van achteroverleunen en afwachten heeft ertoe geleid dat de eigenaren van het bos nu gaan doen waar wij altijd bang voor zijn geweest. Het Sparrenburgbos opknippen.
De investering moet immers worden terugverdiend. Door versnippering vervalt de samenhang van een aaneengesloten bos, met aansluiting op de zandverstuiving en het Mariaburgbos. Aangezien het Sparrenburgbos een belangrijke wijkfunctie vervult zal het gebruik en de toegankelijkheid van het bos in de toekomst beperkt worden. Diersoorten kunnen niet meer migreren en grootschalige houtkap ligt op de loer. Dat zal weer leiden tot verlies aan natuurkwaliteit en belevingswaarde van het Sparrenburgbos. Het ontbreekt hier aan de centrale regie van de gemeente, zoals bij de herontwikkeling van Mariaburg en landgoed Coudewater.. Dat is een gemiste kans. De Omgevingsdialoog met de wijkbewoners is ondertussen vastgelopen. 5. Bent u bereid om op zeer korte termijn in contact te treden met de eigenaren (investeerders) van het Sparrenburgbos en de ontwikkelaar, teneinde te voorkomen dat delen van het Sparrenburgbos worden doorverkocht, met alle gevolgen van dien voor de toegankelijkheid, de beeldkwaliteit en beleefbaarheid van het bos en de natuurwaarden? Zo nee, waarom niet? 6. Bent u bereid om met de eigenaren en de ontwikkelaar een samenwerkingsverband aan te gaan om te komen tot een Masterplan, met als doel het Sparrenburgbos als een aaneengesloten en openbaar toegankelijk wijkbos in stand te houden, inclusief het omliggende kampenlandschap? Zo nee, waarom niet? Fractie De Bossche Groenen.
Judith Hendrickx.