Verslag commissie Sociaal van 19.06.2024
Tekst van het document
commissie SOCIAAL Datum: Locatie: Aanwezig: Voorzitter: Secretaris: (plv.) Commissieleden:
Collegeleden:
19 juni 2024 Raadzaal
J.J.M Gersjes drs. E.A.A. Kerkhoff O. Çifçi, mw. M. Claessen, J.J.E.L. van Creij, mw. E.C.M. van Diejen BSc, S.J.A. Elders BA, F.G.F. van Genugten, F.J. van Haren, A.W.J.A. van Hattem LLB, J.A.B. Huibers, ing. J.N. Kieft, mw. W.M. van de Leemput, H.J.M. Mees, mw. ir. V.P.T. Muller-Laumans, mw. drs. E.W.M. van Opdorp, A.P.R.G.M van Rosmalen, A.C. van Silfhout, ir. P.K. Schuurmans, mw. C.K.J. Visscher, mw. mr. C.H.A. van den Wildenberg, mw. J.J.M. van den Wildenberg P. Slikker, mw. mr. M.A.B. van der Sloot, H.M.M Vermin
Afwezig:
mw. mr. Y. Doǧan, S.C. van Hasselt, mw. F. Hoekstra, mw. R.F. van der Kallen-van der Donk, W.J. Plasmeijer, mw. E. Samshuijzen, mw. dr. Y. van Zaalen
Verslaglegging:
P.J. van Hoorn, DemiSec
1.
Opening en mededelingen De voorzitter opent de vergadering om 19.00 uur en heet iedereen welkom. Er zijn berichten van verhindering ontvangen van de heer Plasmeijer, mevrouw Doǧan en mevrouw Van der Kallen, zij wordt vervangen door de heer Huibers.
2.
Vaststellen van de agenda De agendapunten 7, Wijziging gemeenschappelijke regeling GGD Hart voor Brabant en RAV Brabant Midden-West-Noord, en 8, Zienswijze Begrotingswijziging 2024 en begroting 2025 GGD Hart voor Brabant, worden samen behandeld. De agenda wordt vastgesteld.
3.
Vaststellen van het verslag van 22 mei 2024 Het verslag wordt ongewijzigd vastgesteld.
4.
Bestuurlijke toezeggingen en moties Het college stelt voor om de moties 6, 23 en 27 als afgedaan te beschouwen, de commissie stemt hiermee in. De lijst van bestuurlijke toezeggingen en moties is hierbij vastgesteld.
5.
Werkplanning Mevrouw Visscher (SP) heeft in mei jl. voorgesteld om een werkbezoek aan Oss te brengen en ze vraagt of dit in de werkplanning wordt verwerkt. De voorzitter heeft dit genoteerd.
Raadsvoorstellen 6.
Jaarrekening en jaarverslag 2023 De heer Mees (Leefbaar 's-Hertogenbosch) complimenteert de wethouder met het bereik van de energietoeslag dat in 2023 90% was. De bekendheid van KOO en de wijkpleinen is echter nog steeds laag. Er wordt ingezet op een rook- en vapevrije generatie maar dit is moeilijk te meten en hij dringt erop aan dat dit goed en kritisch wordt gevolgd omdat jongeren steeds jonger psychische klachten krijgen en voortijdig de school verlaten waarbij ook depressieve klachten
1
een rol spelen. Ook zijn steeds meer jongeren onder de 27 jaar afhankelijk van een bijstandsuitkering. De heer Van Haren (VVD) vindt het aantal aanvragen voor Right to Challenge ronduit teleurstellend, de VVD heeft bij de behandeling van de voorjaarsnota aangekondigd een notitie over de toekomst van de sociale subsidies te schrijven en kijkt op termijn ook graag naar Right to Challenge. In 2023 kwam de eerste impactmonitor Cultuur en die wordt pas echt effectief als deze meerdere jaren wordt herhaald. Het verrast hem daarom dat deze monitor niet als een mooi resultaat in het jaarverslag is opgenomen en dat daarin ook niet staat dat dit jaarlijks wordt herhaald. Hij hoopt ervan te kunnen uitgaan dat dit een jaarlijks instrument is. Naar aanleiding van het in augustus 2023 verloren hoger beroep kwam er een raadsinformatiebrief over bewindvoering waarin staat dat de gevolgen, de risico's en de oplossing van de vernietiging van het raadsbesluit in kaart worden gebracht en dat dit met de raad wordt gedeeld, hierover is echter nog steeds geen informatie gekomen. Hij hoort graag hoe het college dit risico 2023 denkt op te lossen. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) maakt zich zorgen over het in verband met onvoldoende mantelzorgers oplopen van de wachttijden voor specialistische zorg. Het is goed dat nu een subsidievoorwaarde is dat kinderen een bezoek aan Kamp Vught brengen.
Het antwoord op technisch vraag 85 verontrust hem omdat budgetten gemakkelijk worden overschreden zonder dat de raad daarin wordt gekend, bijvoorbeeld de kosten van de verslavingszorg zijn gestegen van ongeveer € 100.000 naar € 500.000. Mevrouw Van Opdorp (De Bossche Groenen) is erg blij met de infographic. Ze vraagt aandacht voor de vraag of de WMO genoeg mensen bereikt, of de adviezen van de WMO-adviesraad worden meegenomen, of de informatie goed genoeg vindbaar en niet te ingewikkeld is en of mensen die een afwijzing krijgen hun weg naar andere voorzieningen zoals Jeugdhulp vinden. Er is in 2023 € 2,5 miljoen voor ondermijnende jeugdcriminaliteit beschikbaar en ze vindt dat dit onderwerp veel nadrukkelijker in de commissie Sociaal moet worden besproken. Mevrouw Van Diejen (PvdD) merkt op dat minder geld aan verschillende zorgtaken is uitgegeven dan is begroot, er is miljoenen minder uitgegeven aan WMO, jeugdzorg en beschermd wonen terwijl de problemen wel toenemen. Dat heeft voor een deel te maken met een tekort aan personeel maar ze wil uitsluiten dat er niets anders achter zit en ze vraagt zich af of hulpbehoevenden de weg naar hulpinstanties wel weten te vinden. Er is nog niets gedaan aan het opstellen van een brede visie op de preventie van armoede en schulden in verband met andere prioriteiten en ze vraagt zich af hoe dit heeft kunnen gebeuren.
De PvdD wil inzetten op preventie in plaats van alleen op symptoombestrijding en ze wil weten of deze visie prioriteit krijgt en wanneer die komt. Mevrouw Visscher (SP) vindt het opvallend dat er bijvoorbeeld bij de jeugdzorg en de WMO geld overblijft maar dat niet alles perfect is geregeld. De reden dat er geld overblijft, is niet alleen het tekort aan mensen en ze vraagt zich af of hier wel voldoende op wordt ingezet. Ze geeft als voorbeeld dat het budget voor jeugdpsychhologen al in juli op is en dat het fijn zou zijn dat kinderen die in juli door de huisarts naar een jeugdpsycholoog worden verwezen ook worden geholpen. De heer Van Hattem (PVV) las op pagina 10 van de jaarstukken dat sprake is van meer uitkeringen door de hoge instroom van statushouders en de complexe problematiek van deze doelgroep maar op pagina 137 staat dat de instroomcapaciteit ontoereikend is waardoor een achterstand is ontstaan en hij wil weten in hoeverre effectief wordt ingezet op het leren van de Nederlandse taal. Op pagina 327 staat dat in het kader van integratie subsidie aan de stichting Somalische gemeenschap wordt verstrekt en hij vraagt zich af of dit wel een goede visie op integratie is omdat dit geld ten goede komt aan een specifieke groep die binnen de eigen gemeenschap blijft.
Er zijn wachtlijsten bij de aanbieders binnen de WMO waardoor de benodigde hulp niet kan worden ingezet en daarnaast is sprake van projecten die later of niet worden uitgevoerd vanwege krapte op de arbeidsmarkt. De heer Van Silfhout (Volt) wil extra aandacht voor jongeren met psychische klachten, de wachttijden zijn te lang en hij wil van de wethouder weten wat hij eraan doet om deze 2
wachttijden te verkorten. Ook preventie van armoede en schulden is belangrijk en het verbaast hem dat de doelstelling 60% was, 88% van de kinderen is bereikt en de ambitie voor 2025 70% is. Hij wil voor een hoger percentage gaan en zo werk maken van de preventie van armoede en schulden om op die manier ook kinderarmoede te bestrijden. Reactie college Wethouder Van der Sloot is blij met het bereik van de energietoeslag. De maatregelen op het gebied van preventie van armoede en schulden worden zo veel mogelijk vooraf ingezet omdat mensen die in de problemen zitten vaak pas na vijf jaar aankloppen. Eerste Hulp Bij Geldzaken is de spil en dat gebeurt maximaal. De impactmonitor Cultuur zal jaarlijks worden gedaan en die komt na de begroting naar de raad. De heer Van Silfhout (Volt) wil een visie op preventie en niet alleen een verwijzing naar iets wat al bestaat. Wethouder Van der Sloot zegt dat de gemeente Den Bosch al heel lang een visie op armoede en schulden heeft, dat wordt ingezet op vroegsignalering en dat in het jaarverslag een aanscherping van deze visie staat. Den Bosch blijft inzetten op preventie ongeacht wat het nieuwe kabinet gaat doen. Mevrouw Van Diejen (PvdD) las in het verslag dat het ontwikkelen van een visie niet is gelukt omdat dit geen prioriteit heeft.
Wethouder Van der Sloot geeft aan dat de gemeente een brede visie op armoede en schulden heeft waarvan preventie een belangrijk onderdeel is maar data in 2023 meer aan de uitvoering is gedaan om ervoor te zorgen dat zo veel mogelijk mensen daadwerkelijk van de regelingen gebruikmaken in plaats van dikke pakken papier te schrijven. De heer Van Silfhout (Volt) vraagt wanneer de visie kan worden behandeld. Wethouder Van der Sloot concludeert dat de heer Van Silfhout toch een pak papier wil en ze zal hem informeren over wanneer dit wordt aangeleverd. Mevrouw Van Opdorp (De Bossche Groenen) zegt dat het Sociaal Cultureel Planbureau onlangs heeft aangegeven dat gemeenten eerder naar de mensen toe moeten en ze vraagt hoe de actieve benadering van Eerste Hulp Bij Geldzaken er op dit moment uitziet en wat die voor de komende jaren betekent. Wethouder Van der Sloot geeft aan dat er geen wrong door is, mensen kunnen naar een andere hulpverlener worden verwezen en onder andere de gemeentelijke dienstverlening, de Belastingdienst, DUO, vluchtelingenwerk en KOO zitten samen bij Eerste Hulp Bij Geldzaken. Ze gelooft erin dat mensen meer zijn geholpen met een warme overdracht dan met alleen een folder. Het bereik kan altijd groter, moeilijke tijden vragen ook om extra aandacht en het college zet er actief op in om dit nog bekender te maken.
Binnenkort ontvangt de raad een brief over mantelzorg. De gemeente Den Bosch is op dit moment een van de aanbieders voor een bewindvoering en de raad gaat binnenkort op werkbezoek naar dit bureau. De heer Van Haren (VVD) zegt dat in de raadsinformatiebrief van september jl. staat dat de gevolgen van de gerechtelijke uitspraak de komende maanden met de raad worden gedeeld. Dat staat los van een werkbezoek en hij wil weten wanneer deze informatie komt. Wethouder Van der Sloot zegt dat het veel tijd heeft gekost om de gevolgen in kaart te brengen en dat het plan was om dit in de vorm van een werkbezoek met de raad te delen maar dat ze ook bereid is om de informatie na dit werkbezoek op papier te zetten en dit naar de raad te sturen. Wethouder Slikker geeft aan dat mensen in zo weinig mogelijk stappen bij de juiste zorg moeten kunnen komen, dat er veel ingangen naar zorg zijn, zoals KOO, het gemeentelijk contactcentrum en de huisartsen, dat de bekendheid van KOO omhoog moet en dat de wijkplein beter moeten worden benut. Er is binnen de doelgroep een bereik van 90% maar hier wordt het 3
bereik van KOO onder de hele bevolking gemeten, waaronder ook veel mensen die minder hebben te maken met de noodzaak van zorg of ondersteuning. Mevrouw Visscher (SP) vraagt of ook wordt gekeken naar de samenwerking tussen KOO en de gemeente en of mensen een rechtstreeks telefoonnummer hebben. Wethouder Slikker zegt dat wordt gekeken naar de gehele toegang waarbij iemand zo min mogelijk poortjes door moet en zo snel mogelijk wordt geholpen. Hij is blij dat er in ruim 90% van de gevallen weer huisbezoeken worden afgelegd. De heer Mees (Leefbaar 's-Hertogenbosch) vindt het een goed plan om meer naar de mensen toe te gaan en hij wil weten of de wethouder gaat kijken of er bureaucratische regels, overdrachtsmomenten en dergelijke kunnen worden geschrapt. Wethouder Slikker wil zo snel mogelijk toegang en geen nodeloze herindicaties of herschikkingsmomenten. Daardoor wordt de werkdruk minder en hoeven inwoners niet steeds door hetzelfde hoepeltje. De heer Mees (Leefbaar 's-Hertogenbosch) stelt voor om een keer te worden meegenomen in de maatregelen waardoor mensen het gemakkelijker krijgen. Wethouder Slikker voldoet graag aan dit verzoek en wil hierover zo snel mogelijk een afspraak met de werkgroep Sociaal Domein maken. Hij vindt dat Right to Challenge te weinig wordt gebruikt.
Dit is wel de meest intensieve vorm van inwonerparticipatie en hij geeft 't Zand als voorbeeld, daar gaat de buurt de communicatie zelf doen. Dit wordt in de nieuwe participatieverordening meegenomen. Hij legt uit dat budgetoverschrijdingen vaak hebben te maken met de systematiek van het rijk die gedurende het jaar incidentele subsidies geeft die niet waren voorzien. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) las dat budgetoverschrijdingen binnen raadsprogramma's worden opgevangen en hij concludeert daaruit dat er dan mogelijk te veel geld in een bepaald programma zit. Wethouder Slikker is bereid met de heer Van Creij na te gaan of er nutteloze uitgaven zijn gedaan en is het ermee eens dat in het jaarverslag moet staan of een budget is opgehoogd. De wachtlijsten zijn een groot punt van zorg maar die vallen in Den Bosch vergeleken met die in de omliggende gemeenten mee. Het personeelstekort knelt in heel Nederland en ook in Den Bosch waardoor de kosten van huishoudelijke hulp minder snel stijgen dan verwacht en niet omdat meer inwoners huishoudelijke hulp nodig hebben maar omdat er een wachtlijst is. Hij wil daarom de huishoudelijke hulp efficiënter inrichten door ervoor te zorgen dat de huishoudelijke hulpen minder kilometers door de stad heen en weer hoeven te rijden of door de huishoudelijke hulp niet twee uur per week maar drie tot vier uur per twee weken in te zetten.
De specialistische GGZ kent lange wachtlijsten vanwege het tekort aan psychiaters en daarom wordt bijvoorbeeld gekeken naar laagdrempelig aanbod op scholen en een gezinsadvocaat om bij vechtscheidingen in te zetten. De raad heeft hiervoor € 10 miljoen voor vier jaar beschikbaar gesteld en hij wil hiermee doorgaan. Wethouder Van der Sloot geeft aan dat wordt ingezet op het leren van de Nederlandse taal en dat er een Europese subsidie is om vluchtelingen op de werkvloer de taal te laten leren. De organisatie die de heer Van Hattem noemde zit in de welzijnsregelingen en daarmee is een relatie zoals die er ook is met alle andere organisaties die zich met taal bezighouden. Alle organisaties die zich met taal bezighouden zijn verenigd in het Bossche Taalnetwerk. De heer Van Hattem (PVV) vraagt naar de visie van het college op integratie, is dat integratie in de eigen kring of een generieke vorm van integratie waarbij mensen aan de Nederlandse samenleving deelnemen? Wethouder Van der Sloot volgt de lijn die de gemeente Den Bosch al jaren volgt, 'We zijn met elkaar Bosschenaar'. Het is erg belangrijk dat mensen elkaar kennen en dat iedereen de taal beheerst en onder andere op de arbeidsmarkt kan meedoen.
4
Tweede termijn De heer Mees (Leefbaar 's-Hertogenbosch) steunt het plan om Sport en Beleven onderdeel van De Rijke Schooldag te maken omdat jongeren steeds vaker de jeugdbrommer nemen en sporten steeds belangrijker wordt. Hij oppert om samen met de GGD en de scholen striktere afspraken te maken, bijvoorbeeld in de vorm van een convenant. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) merkt op dat de subsidie voor het Design Museum is verhoogd van € 2,2 miljoen naar € 2,5 miljoen voor de komende drie jaar maar in dat in het jaarverslag alleen staat dat het bedrag wordt verhoogd naar € 2,5 miljoen. Daar zou bij moeten staan dat het oorspronkelijk € 2,2 miljoen was om te voorkomen dat het standaard € 2,5 miljoen wordt. De heer Van Hattem (PVV) ziet in de jaarstukken dat het Sociaal Domein vanaf 2026 moeilijke jaren tegemoet gaat en daarom wil hij nu al kijken op welke posten kan worden bezuinigd, hij denkt hierbij aan inclusiviteit en diversiteit. De heer Mees (Leefbaar 's-Hertogenbosch) vraagt of de heer Van Hattem weet dat de middelen voor de jeugdzorg en de WMO per 2026 alleen daaraan mogen worden uitgegeven.
De heer Van Hattem (PVV) las in het jaarverslag dat het Sociaal Domein in brede zin het vanaf 2026 moeilijk krijgt en hij vindt dat bijvoorbeeld op cultuur kan worden bezuinigd om zaken in het Sociaal Domein in stand te kunnen houden, hij noemt als voorbeeld de subsidie voor Radar die presentaties over islamofobietrainingen stuurt. Hij wil ook de interne week van de diversiteit, 'Met elkaar Bosschenaar', het project voor de SDG-doelen, het Design Museum, de projecten Pop-up stadspark en het Heilige Huisjes Festival en het Theater aan de Parade schrappen. De bijzondere bijstand kent een tekort van € 300.000 door meer verstrekkingen voor woninginrichting en directe levensbehoeften aan statushouders en hij vraagt of dit niet wat soberder kan. De heer Mees (Leefbaar 's-Hertogenbosch) vraagt of hij nog voor de begroting een bespreeknotitie van de heer Van Hattem over dit onderwerp kan verwachten. De heer Van Hattem (PVV) wil van het college weten of het mogelijkheden ziet om bij de begroting tot ombuigingen te komen en of het mogelijk is om hierop voor te sorteren door bijvoorbeeld geen langjarige subsidierelaties meer aan te gaan. Hij wilde bijzondere bijstand voor asielzoekers versoberen. Mevrouw Van Opdorp (De Bossche Groenen) vraagt of het mogelijk is om samen met de WMOadviesraad te onderzoeken of de aanvragen niet te ingewikkeld zijn.
Het is een groot probleem dat steeds meer jongeren op steeds jongere leeftijd zowel online en op school als bij de ouders worden geronseld om snel geld te verdienen. Hiervoor is € 2,5 miljoen beschikbaar en ze is benieuwd of de commissie Sociaal hierover wordt geïnformeerd omdat dit ook heeft te maken met schooluitval, maatschappelijke druk en invloed op de jongeren zelf. Ze wil weten wat de rol van de gemeente hierin is en of de wethouder de raad kan informeren over de Bossche aanpak en over om hoeveel jongeren het gaat. De heer Van Silfhout (Volt) is blij met de toezegging dat er een visie op preventie, schulden en armoede komt. Toen hij het bedrag voor de aanpak van kinderarmoede wilde ophogen van € 4 miljoen naar € 4,2 miljoen kreeg hij te horen dat dit niet nodig zou zijn omdat er al veel aan preventie wordt gedaan maar vanaf 2026 zullen ook de kinderen die in armoede leven in een ravijn vallen. Mevrouw Visscher (SP) hoopt dat het jaarverslag in 2025 weer bij de voorjaarsnota zit. Wethouder Vermin vindt De Rijke Schooldag en sport en bewegen buitengewoon belangrijk. Er bestaat vrijheid van onderwijs maar er is ook de aanpak Gezonde School, Den Bosch is een JOGG-gemeente en veel scholen doen mee aan programma's over gezonde voeding, bewegen of tegen roken/vapen.
Hij vraagt zich af of een convenant daarbij kan helpen maar hij neemt iedere suggestie om de jeugd meer te laten bewegen wel graag mee.
5
Wethouder Van der Sloot meldt dat er een visie op preventie komt en dat de acties aan de huidige tijd worden aangepast. Bijzondere bijstand voor woninginrichting is voor Bosschenaren en statushouders zijn ook Bosschenaren, zij vormen met betrekking tot de bijzondere bijstand geen aparte groep. In het bestuursakkoord is viermaal € 250.000 extra voor het Design Museum vrijgemaakt. Dat is slechts viermaal en het spijt haar als dit niet duidelijk genoeg in het jaarverslag staat. Wethouder Slikker merkt op dat de jeugdcriminaliteit afneemt maar dat die wel heviger, jonger en vrouwelijker wordt. First offenders hebben vaak een achtergrond in de zorg, zij waren in het verleden vaak een slachtoffer of groeiden in een onveilige situatie op. Dat maakt dat het belangrijk is de samenwerking tussen het jongerenwerk en Zorg en Veiligheid te intensiveren om deze specifieke groep jonge daders eerder te kunnen vinden en te kunnen steunen. De heer Van Hattem (PVV) vraagt of het college geen langjarige financiële verplichtingen wil aangaan, zodat de raad in verband met het komende ravijnjaar kan bijsturen en bezuinigen. Wethouder Slikker geeft aan dat alle nieuwe langjarige financiële verplichtingen aan de raad worden voorgelegd. Het college wil de raad in stelling brengen met scenario's op grond waarvan de raad kan besluiten over welke bezuinigingen worden ingeboekt.
Vergeleken met omliggende gemeente valt het begrotingstekort van de gemeente Den Bosch mee, er wordt vroeg ingegrepen door de zorg en ondersteuning in het voorliggende veld beter te maken maar hij weet niet hoe de toekomst er precies uitziet. Mevrouw Van Opdorp (De Bossche Groenen) vraagt of de wethouder de raad ieder jaar over de jeugdcriminaliteit wil informeren. Wethouder Slikker verwijst hiervoor naar de commissie Bestuur. Hij is wel altijd bereid om de raad hierover te informeren. Mevrouw Van Opdorp (De Bossche Groenen) vraagt of het een optie is om samen met de WMO-adviesraad te onderzoeken of de mogelijkheden voldoende vindbaar zijn en of aanvragen niet te ingewikkeld zijn. Wethouder Slikker heeft vaak overleg met de WMO-adviesraad. Hij zou een wat specifiekere opdracht willen hebben. Dit punt wordt als hamerstuk doorgeleid naar de raadsvergadering. 7. 8.
Wijziging gemeenschappelijke regeling GGD Hart voor Brabant en RAV Brabant MiddenWest-Noord Zienswijze Begrotingswijziging 2024 en begroting 2025 GGD Hart voor Brabant De heer Huibers (Rosmalens Belang) vindt dat er te weinig van het in 2024 ingediende amendement in de begrotingswijziging en de begroting van 2025 is terug te zien. De heer Schuurmans (VVD) maakt zich zorgen over het financiële plaatje van de GGD en de kosten per inwoner. Ook hij ziet het ingebrachte amendement niet voldoende terug en hij heeft er niet voldoende vertrouwen in dat op dit moment wordt gestuurd op een solide bedrijfsvoering, het wegnemen van financiële zorgen en het voorkomen dat de gemeente Den Bosch en andere gemeenten in de nabije toekomst weer met extra rekeningen worden geconfronteerd. Nu is de rekening met hogere indexatie van de loonkosten, de kosten van een transitieplan om de GGD toekomstbestendig te maken wel hoger en de Bossche VVD vindt het een duivels dilemma om een deel van die rekening te dekken door het halveren van het innovatiebudget dat eigenlijk een onderdeel van toekomstbestendigheid is. Hij waardeert het goede en waardevolle werk van de GGD maar ziet wel financiële risico's en vraagt zich af of het transitieplan de extra kosten waard is en of dit de GGD zelf en de financiën van de GGD toekomstbestendig maakt.
Hij hoort graag van de wethouder hoe de kosten per Bossche inwoner voor de GGD de komende jaren incidenteel en structureel onder controle komen en blijven. De heer Elders (D66) wil weten wat het effect van de zienswijze is. D66 is niet gerust op de cijfers omdat er bijvoorbeeld 10% minder consultaties op het gebied van soa's waren terwijl het 6
aantal soa's toeneemt. Het aantal consultaties van jongeren onder de 25 jaar neemt af en dat van de groep oudere mensen neemt toe terwijl dit geen hoog-risicogroep is. Hij is benieuwd hoe de wethouder daarop reflecteert. Hij worstelt erg met de verwijzing naar de huisarts voor het testen van soa's omdat een soa-test hier ongeveer € 180 kost en de drempel om hiervoor naar een huisarts te gaan best hoog kan zijn. Er bestaan ook zelftesten maar die zijn vaak veel minder betrouwbaar en daarnaast moet iemand daarna misschien alsnog naar de huisarts. Mevrouw J.J.M. van den Wildenberg (VOOR Den Bosch) vraagt hoe de wethouder er tegenover staat om artikel 22 zo te wijzigen dat er eens per twee jaar in plaats van eens per vier jaar een evaluatie is. De GGD moet alle ruimte krijgen die nodig is maar mantelzorgers worden steeds belangrijker en zij mogen niet worden overvraagd en zeker niet overbelast omdat dit effect op de gezondheidszorg heeft. Ze wil van de wethouder weten of hij expliciet oog voor mantelzorgers houdt. De heer Van Silfhout (Volt) is verbaasd over het feit dat in de brief van de wethouder staat 'het doel van het team Seksuele gezondheid niet om meer te testen maar om zich binnen de beschikbare tijd en capaciteit te richten op risicogroepen', waarna er een aantal categorieën wordt genoemd.
De Aidsstichting en andere GGD'en hebben een veel bredere definitie van de groepen die in aanmerking voor een test komen, daar horen bijvoorbeeld ook slachtoffers van seksueel geweld tot de hoog-risicogroep. Als iemand op afspraakmodulen op de website van de Hart voor Brabant doorklikt, blijkt dat slachtoffers van seksueel geweld wel een test mogen doen. Naast onduidelijkheid over de groepen die mogen testen is er ook te weinig capaciteit. De GGD neemt de zienswijze van de gemeente niet serieus als die aangeeft dat het niet haar rol is om meer te testen terwijl de raad heeft aangegeven dat voor de risicogroepen wel belangrijk te vinden. Mevrouw Van Diejen (PvdD) kan zich vinden in de strekking van de zienswijze. De PvdD is niet voor het principe 'Nieuw voor oud' en ziet meer in een meersporenbeleid maar omdat het gaat om een aangenomen amendement is het begrijpelijk dat dit in de zienswijze staat. De PvdD kan zich vinden in de aanscherping op het gebied van incidenten en ziet graag meer ambitie in de indicatoren.
Ze mist een toelichting en concrete plannen die de ambities ondersteunen en ze noemt het ontbreken van de ambitie op Gezonde Scholen als voorbeeld, vooral omdat wethouder Kâhya heeft toegezegd dat samen met de GGD zou worden gekeken naar een versteviging van de huidige aanpak van gezonde voeding op scholen, dit zou expliciet in de volgende opdracht voor de GGD worden meegenomen. Ze vraagt hoe het mogelijk is dat deze verstevigingsaanpak nergens is opgenomen en ze is ook benieuwd naar de rol van de GGD in het actieplan Mentaal welzijn. De heer Van Hattem (PVV) sluit zich aan bij het betoog van de VVD over de financiën van de GGD. De GGD heeft moeite met het invullen van vacatures en hij vraagt zich af of de gemeente dan wel extra taken zoals planetaire gezondheid op het bordje van de GGD moet leggen. Hij leest dat er bezuinigingen op de publieke gezondheid komen en vraagt in hoeverre deze begroting van de GGD daar rekening mee houdt en of dat in de zienswijzebrief moet worden opgenomen. De heer Kieft (Leefbaar 's-Hertogenbosch) gaat akkoord met de wijziging van de gemeenschappelijke regeling en wat betreft de begrotingswijziging wacht hij het antwoord van de wethouder op de vraag over de verwerking van het amendement af.
De gemeente roept in de zienswijze op om de komende tijd de indicatoren nog verder aan te scherpen, hij vindt 'oproepen' wat vaag en vraagt welke indicatoren de wethouder voor zich ziet. Reactie college Wethouder Van der Sloot is blij met de aandacht voor de volksgezondheid en met name voor preventie. De GGD is daarbij relevant omdat die iedereen kan bereiken. Het duivelse dilemma dat de VVD noemde tussen het innovatiebudget en investeren in de organisatie zodat die slanker door kan, is ook in de besturen besproken, er moet iets gebeuren om de financiële situatie in de hand te houden en daarom is het innovatiebudget gehalveerd. De heer Schuurmans (VVD) vraagt of er criteria zijn voor wat met de halvering van dat budget wel en niet doorgaat. 7
Wethouder Van der Sloot geeft aan dat jaarlijkse in de regio een uitvraag naar mooie projecten over gezondheid wordt gedaan waarna plannen worden gepitcht er eventueel middelen aan worden toegekend. Er kunnen nog wel plannen doorgaan maar minder en er wordt goed naar de financiële risico's gekeken. Seksuele gezondheid heeft betrekking op veel groepen en het is lastig om de cijfers omlaag te krijgen. De eerder ingediende motie heeft de GGD ertoe gebracht om hier nog meer aan te doen en dat staat misschien niet duidelijk in het jaarverslag maar er is wel oprecht naar deze motie gekeken. Er is een verdeling gemaakt tussen huisartsen, zelftesten en de GGD en ze hoopt dat mensen een zodanige relatie met hun huisarts hebben dat ze daar wel met dit soort zaken naartoe gaan. Ze hoort het graag als mensen door de GGD worden afgewezen zodat ze dit in een bredere context aan de GGD kan doorgeven. De heer Van Silfhout (Volt) geeft aan dat bijvoorbeeld slachtoffers van seksueel geweld en vrouwen die seks hebben gehad met iemand uit een soa-risicogroep bij de GGD in Zuid-Limburg wel en bij de GGD Hart voor Brabant niet een test kunnen doen. Hij wil weten hoe dit zit. Wethouder Van der Sloot zal deze vraag schriftelijk beantwoorden. De heer Elders (D66) vraagt of de wethouder zelf ook vindt dat de huisarts primair aan zet is.
Wethouder Van der Sloot antwoordt dat de huisarts een rol speelt bij de algemene gezondheid van personen en dat dit ook geldt voor seksuele gezondheid. De heer Elders (D66) vraagt of de wethouder ook in haar oordeel wil meenemen dat hier kosten aan verbonden zijn en dat het niet anoniem is. Wethouder Van der Sloot denkt dat dit afhankelijk is van hoe een individu hiermee omgaat en ze zou samen willen bespreken wat de verschillen tussen de diverse groepen zijn. Alles ieder jaar aan iedereen gratis aanbieden brengt ook een rekening met zich mee. De heer Van Silfhout (Volt) vraagt of de wethouder kan aangeven wat het kost om meer gratis testen te doen. Wethouder Van der Sloot wil deze informatie aanleveren maar dan wil ze wel wil weten wat de heer Van Silfhout specifiek wil; als iedereen zich iedere dag laat testen is dat anders dan als dit eenmaal per vier jaar is. De GGD heeft de plannen van het nieuwe kabinet over publieke gezondheid nog niet in de plannen opgenomen omdat het kabinet nog vers is. De GGD zal zich daartoe gaan verhouden en als dat financiële consequenties of consequenties voor het aanbod heeft, komt dat naar de raad. De heer Van Hattem (PVV) vraagt of het college kritisch wil kijken of er geen extra taken bij de GGD worden neergelegd. Wethouder Van der Sloot zegt dat het college dit al doet.
Er is een basispakket en een pluspakket waarbij ook naar andere aanbieders in Den Bosch wordt gekeken. In artikel 22 staat dat er eenmaal per vier jaar wordt geëvalueerd maar op voorstel van het Algemeen Bestuur kan dit ook tussentijds gebeuren. De GGD heeft een minder grote rol in mantelzorg en de raad zal hierover een brief ontvangen. De GGD heeft ook een rol in de ambitie om gezonde voeding op scholen verder te intensiveren en beter te maken. Ze gaat na wat haar collega indertijd heeft toegezegd en of daaraan is voldaan. Ook mentale gezondheid is erg relevant. Mevrouw Van Diejen (PvdD) vraagt of de wethouder bereid is om in de zienswijze op te nemen dat er een ambitie op gezonde voeding op scholen moet komen. Wethouder Van der Sloot gaat de raad informeren over wat over er op dit onderwerp wordt gedaan voordat de zienswijze hier eventueel op wordt aangepast, het is dan aan de raad om hiertoe te besluiten. Op 20 juni a.s. wordt het inlooppunt JIP geopend dat specifiek is bedoeld voor jongeren die even niet zo lekker in hun vel zitten. De GGD is partner in het actieplan Mentaal welzijn maar zal niet continu in dat inlooppunt aanwezig zijn.
8
Tweede termijn De heer Elders (D66) is benieuwd naar de impact van de zienswijze op de kadernota en of de raad hier amendement op moet blijven indienen. Hij komt misschien met een discussienotitie over seksuele gezondheid. De heer Schuurmans (VVD) weet dat dit drie jaar durende programma periodiek wordt geëvalueerd en hij wil kijken welke sturing mogelijk is en hoe de raad hierin wordt meegenomen. In verband met de krapte op de arbeidsmarkt wordt gekeken naar het ombuigen van taken en naar omscholing maar dat laatste is afhankelijk van de welwillendheid van het personeel en hij wil weten in hoeverre er zicht is op de wil van het personeel om zich te laten omscholen. Wethouder Van der Sloot geeft aan dat het aan de raad is om te beoordelen of het college de amendementen voldoende in de zienswijze heeft opgenomen en dat ze gaat kijken of ze de evaluaties met de raad kan delen. De heer Elders (D66) vraagt of het laatste een toezegging is. Wethouder Van der Sloot begrijpt dat de raad hierin wil worden meegenomen en ze zegt toe dat ze gaat kijken hoe ze dat gaat doen. Omscholing kan bijvoorbeeld zijn dat een medewerker van een consultatiebureau ook een aantal taken van de jeugdarts gaat doen. Ze weet niet wat de medewerkers van de GGD van omscholing vinden maar ze heeft daarover geen negatieve geluiden gehoord.
Mevrouw Van Diejen (PvdD) vraagt of het mogelijk is om een werkbezoek aan JIP af te leggen. De voorzitter neemt deze opmerking mee. Beide voorstellen worden als hamerstuk doorgeleid naar de raadsvergadering. De voorzitter schorst de vergadering. Schorsing Overige agendapunten 9.
Eindrapport Eerste Bossche Burgerberaad 'Fijn oud worden, hoe gaan we hier samen voor zorgen?' De voorzitter heropent de vergadering en licht toe dat het college een discussienotitie over het eindrapport van het Burgerberaad heeft gemaakt en dat de voorzitter van en diverse deelnemers aan het Burgerberaad tijdens I&O van 10 juni jl. een toelichting hebben gegeven. De werkgroep Sociaal Domein heeft een advies over het proces en de behandeling gegeven. Hij vraagt het debat te richten op de eerste drie vragen in de discussienotitie, vraag 4 wordt eind 2024 in de commissie Bestuur behandeld. De heer Van Rosmalen (GroenLinks) vult namens de werkgroep Sociaal Domein aan dat er een evaluatie van het instrument Burgerberaad in de commissie Bestuur wordt besproken en dat dit onderwerp eind 2024 in het Participatievoorstel wordt opgenomen. Mevrouw Visscher (SP) is trots dat zo veel mensen bij het Burgerberaad waren betrokken. Communicatie is belangrijk, er moet duidelijk zijn wat wel en niet kan, er moet niet vanuit de overheid maar vanuit de burgers worden gedacht en er kan aan de burgers worden gevraagd om mee te kijken naar de communicatie. De vraag is of voor de burgers duidelijk is of iets onder bijvoorbeeld de WMO of de bijzondere bijstand valt, dat moet helder en transparant en voor iedereen te vinden zijn.
Ze wil ook een 'ja mits'- in plaats van een 'nee ten'-zijhouding van de gemeente, de gemeente moet bereid zijn mee te denken over de mogelijkheden. Ze hoort graag hoe de organisatie het Burgerberaad heeft ervaren en wat beter of anders kan. Ze wil niet dat het gaat zoals bij de Bossche Pas waar bij alles werd gezegd dat dit in de woonzorgvisie komt en ze is daarom blij dat er ook ruimte is om zaken ergens anders onder te brengen. Verder vindt ze het erg belangrijk dat de deelnemers aan het Burgerberaad op de hoogte worden gehouden
9
van wat met hun aanbevelingen wordt gedaan. Ze denkt dat 34 aanbevelingen erg veel aanknopingspunten bieden. De heer Van Silfhout (Volt) vindt het Burgerberaad een fantastisch proces dat veel informatie heeft opgeleverd. Het Burgerberaad heeft niet alleen nagedacht over de woonzorgvisie maar ook over andere beleidsterreinen zoals de algemene subsidieverordening, Den Bosch datastad, de Bossche educatieve agenda, het programma Sociale structuur, het programma Organisatieontwikkeling, het gezondheidsbeleid, welzijnswerk, de wijk- en dorpsbudgetten, de omgevingsvisie, de mobiliteitsvisie, de duurzaamheidsvisie, de visie op participatie en de participatieverordening en daarmee is integrale versterking mogelijk. Er staan veel mooie dingen in dit stuk en het feit dat de inwoners van Den Bosch hebben gezegd dat het rijk zaken moet veranderen maakt de positie van Den Bosch richting het rijk sterker. Hij wil hiermee de woonzorgvisie en andere beleidsterreinen verrijken. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) bedankt het Bossche Burgerberaad, hij wil hier serieus mee aan de slag en hier budget voor vrij maken. Omdat de woonzorgvisie twee weken na de vaststelling van de begroting wordt behandeld wordt achter de feiten aangelopen en hij vraagt de wethouder daarom met klem om dit nog voor de behandeling van de begroting te doen.
De heer Mees (Leefbaar 's-Hertogenbosch) vraagt of gewoon ge-DREVEN wil meedenken over het vrijmaken van geld voor de woonzorgvisie in de begroting. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) heeft bij de voorjaarsnota al aangegeven dat er budget voor de uitkomsten van het Burgerberaad moet worden vrijgemaakt. Hij wil graag bij de begrotingsbehandeling weten hoeveel middelen hiervoor nodig zijn, zodat daar rekening mee kan worden gehouden. De heer Mees (Leefbaar 's-Hertogenbosch) vraagt of het antwoord op zijn vraag 'ja' is. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) herhaalt dat hij bij de voorjaarsnota al heeft aangegeven dit in de begroting te willen verwerken, dus zijn antwoord is driemaal 'ja'. Hij wil alles zo veel mogelijk in de woonzorgvisie en alle andere beleidsterreinen onderbrengen en zo snel mogelijk aan de slag. Gewoon ge-DREVEN had verwacht dat er ook een aanbeveling over een ouderwets bejaardentehuis zou zijn. De heer Huibers (Rosmalens Belang) sluit zich aan bij de lovende woorden over het Burgerberaad. Hij beschouwt dit als een zwaarwegend advies maar er moet wel worden gekeken naar de inpasbaarheid van alle aanbevelingen in het grotere geheel. Mevrouw Claessen (De Bossche Groenen) wordt erg blij van dit Burgerberaad. Tijdens I&O werd duidelijk dat de deelnemers erg enthousiast over dit traject waren.
De deelnemers hebben gevraagd iets met hun aanbevelingen te doen en ze is blij dat de wethouder vraagt akkoord te gaan met de implementatie van alle aanbevelingen uit het eindrapport maar dat betekent niet dat het van de agenda wordt gehaald, zoals in het Brabants Dagblad stond. Ze wil alle aanbevelingen aan de verschillende beleidsonderdelen van de woonzorgvisie te koppelen, laten zien wat op welke termijn mogelijk is en dit terugkoppelen naar de raad en de deelnemers aan het Burgerberaad. In de aanbevelingen wordt ook duidelijk dat bepaald beleid de inwoners niet bereikt, bijvoorbeeld subsidieregelingen voor woningen, dementie en gemeenschappelijk wonen. Dat is laaghangend fruit waarmee de gemeente direct aan de slag kan en ze vraagt of de wethouder deze mening deelt. Bij de planvorming voor De Vliert staat dat hier 70% betaalbare woningen komt en ze wil daaraan een percentage gemeenschappelijke woningen toevoegen. Daarnaast wil ze schone lucht, elektrische mobiliteit en meer groen in de wijk in de nota Duurzaamheid opnemen. Ten slotte bedankt ze alle deelnemers aan het Burgerberaad voor hun moeite en voor het superduidelijke en goed leesbare eindrapport. Mevrouw C.H.A van den Wildenberg (VOOR Den Bosch) is ooit de politiek ingegaan omdat ze graag naar de burgers wil luisteren om hun stem in de raadzaal te kunnen laten horen.
Ze vindt het daarom mooi dat er nu een rapport is waarin de burgers hun stem hebben kunnen laten horen. Ze is trots dat er zo veel animo voor dit Bossche Burgerberaad was en wil de 10
aanbevelingen in de woonzorgvisie meenemen. Ze hoorde tijdens I&O ook iets over de bushaltes van het transferium waarbij wat mitsen en maren spelen en ze is daarom bang dat niet alle aanbevelingen in alle beleidsterreinen kunnen worden geborgd. Als een aanbeveling niet direct kan worden uitgevoerd zou het fijn zijn als aan de deelnemers wordt teruggekoppeld waarom het niet kan en hoe op een andere manier gehoor aan deze aanbeveling kan worden gegeven. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) las dat al aanbevelingen in principe kunnen worden overgenomen. Mevrouw C.H.A van den Wildenberg (VOOR Den Bosch) hoorde tijdens I&O dat inwoners willen dat de transferiumbussen bij meerdere haltes stoppen. Dat wordt nog niet uitgevoerd omdat het transferium dan minder aantrekkelijk wordt en dat moet naar de burgers worden teruggekoppeld. VOOR Den Bosch is trots op de onderdelen uit de woonzorgvisie die in de Zuiderschans zijn gerealiseerd. De heer Van Genugten (CDA) is ook erg enthousiast over het eindrapport van het Burgerberaad en ook op het feit dat 100 mensen vijf zaterdagen hebben gebruikt om in dialoog tot deze aanbevelingen te komen. Er is eerder over dit Burgerberaad gesproken en toen is een motie ingediend waarin stond dat de raad alle aanbevelingen wil zien en dat gebeurt nu ook.
Het CDA is enthousiast over alle aanbevelingen en blij dat het college probeert die allemaal te implementeren. Hij sluit zich aan bij de oproep om de 100 deelnemers aan het Burgerberaad aangesloten te houden en hen te laten zien wat er met hun aanbevelingen is gedaan. De aanbevelingen op andere beleidsterreinen zijn ook van enorm belang en ook die input wil hij niet verloren laten gaan. Ten slotte geeft hij aan terughoudend te zijn met nog meer input voor de woonzorgvisie. Hij wenst het college succes met het maken van de puzzel met alle gegeven input en vraagt om een terugkoppeling. Mevrouw Muller (D66) geeft aan dat D66, de PvdA, de SP en GroenLinks in 2021 het initiatief tot het instellen van een Bosch Burgerberaad namen en dat hiervoor in 2022 in het bestuursakkoord middelen werden vrijgespeeld. In 2023 besloot de raad dat de woonzorgvisie het ideale onderwerp was om een zwaarwegend advies van het eerste Bossche Burgerberaad te vragen en ze is blij met het enthousiasme en alle betrokkenheid. De aanbevelingen over collectief wonen scoren hoog en projecten met als belangrijk uitgangspunt omzien naar elkaar zoals Oosterburen, Boschgaard en STEK zijn succesvol. Ze onderschrijft deze aanbevelingen van harte. Bij het thema 'Jong en oud' wordt samenwerking met het onderwijs gezocht en dat juicht D66 van harte toe.
Bij het thema Preventie en gezondheid wordt ingezet op verbetering van de luchtkwaliteit en meer groen in de wijken maar ook op het zo inrichten van de omgeving dat die uitnodigt om gezond te leven. Deze aanbevelingen sluiten naadloos aan op waarvoor D66 zich inzet. Ze proefde bij I&O dat de leden van het Burgerberaad actie willen, het is zonde als niets met dit rapport wordt gedaan en ze heeft er, zeker gezien de voortvarendheid van de wethouder, alle vertrouwen in dat dit niet gebeurt. Ze begrijpt deze zorg wel en vraagt hoe de wethouder de concrete acties naar de deelnemers aan het Burgerberaad terugkoppelt. Ze deelt de wens om de aanbevelingen in de woonzorgvisie te verwerken en ze kan zich erin vinden dat die ook in andere beleidsterreinen worden geborgd. Ze geeft mee dat de concrete acties aan de deelnemers van het Burgerberaad terug te koppelen. D66 komt samen met de andere initiërende partijen met een motie waarin staat de aanbevelingen van het Burgerberaad te omarmen. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) vraagt een toelichting op de motie die D66 gaat indienen. Mevrouw Muller (D66) komt met een motie om de aanbevelingen te omarmen. De heer Mees (Leefbaar 's-Hertogenbosch) benoemt een aantal relevante zaken die Leefbaar 's-Hertogenbosch aanspreken.
Investeren in infrastructuur, zorgen voor meer bewustwording en investeren in zorgtechnologie, daarmee de wijk in gaan om mensen hierover te informeren, hiermee vermindert de druk op mantelzorgers. Verder wil hij niet aanbodgericht maar oplossingsgericht denken en zorgen voor flexibele regelgeving met zo weinig mogelijk bureaucratie. Dit advies sluit aan op het rapport van het SCP: werk vraaggericht, zoek mensen op en investeer in structurele netwerkverbindingen. Niet alle aanbevelingen hoeven in één groot plan te staan, met sommige aanbevelingen kan direct worden begonnen. In het discussiestuk staat dat na de 11
zomer van 2024 met de zogenaamde voorzorgcirkels wordt gestart en hij is benieuwd hoe die zich ontwikkelen. Hij wil openstaan voor burgerinitiatieven en in collectieve woonvormen investeren. Verder wil hij tempo maken en het moet niet in een la verdwijnen. Leefbaar 's-Hertogenbosch is benieuwd of het college met hetzelfde enthousiasme als het Burgerberaad de vaart erin houdt. Hij leest bij het onderdeel 'Kantekeningen en risico's' van punt 2 van het stuk dat de mate van opvolging ook afhankelijk is van praktische, juridische en financiële aspecten en dat die pas bij de concretisering in de volgende uitwerkingsfase duidelijk worden. Het zou in verband met het komende ravijnjaar en het feit dat er nog geen voornemen is om extra geld vrij te maken een domper voor de deelnemers en de stad zijn als er vertraging optreedt. Het voorstel is om de raad via bestaande informatiekanalen te informeren, hij gaat ervan uit dat in elk bericht per aanbeveling is te zien hoe de voortgang is en hij vraagt hoe de wethouder hier invulling aan geeft. Hij antwoordt bevestigend op vraag 1 maar kan zich wel voorstellen dat onderscheid wordt gemaakt tussen specifiek woonzorgbeleid en flankerend beleid. Hij stemt ook volmondig in met vraag 2. Wat betreft vraag 3 merkt hij op dat mensen bij het proces en de voortgang betrokken moeten worden en dat tempo moet worden gemaakt.
Mevrouw Van de Leemput (Bosch Belang) bedankt iedereen die zich voor de totstandkoming van deze aanbevelingen van het Bossche Burgerberaad heeft ingezet. Ze is blij met de betrokkenheid van de inwoners en met de aanbevelingen. Ze vindt dat het benoemen van een casemanager Dementie goed aansluit op de motie van Bosch Belang en andere partijen over het ontschotten van de zorg, de juiste zorg op de juiste plek middels een regisseur. Er moeten voldoende financiële middelen en mankracht zijn om de aanbevelingen tot uitvoering te brengen, ze wil de inwoners niet teleurstellen en geen enkel idee moet in de prullenbak belanden. Het antwoord op vraag 1 en 2 is 'ja'. In antwoord op vraag 3 geeft ze aan de lijnen korter te maken en de mensen mee te nemen zodat ze de weg in alle bestaande regels, wetgeving en mogelijkheden kunnen vinden. Er is al veel geregeld en bereikt maar het bereik van de informatie en de juiste zorg op de juiste plek blijft lastig. De heer Van Haren (VVD) vindt het enthousiasme van de leden van het Burgerberaad aanstekelijk. Naast de woonzorgvisie vindt de VVD ook de bestrijding van bureaucratie, wonen, mobiliteit, mantelzorg, werken vanuit vertrouwen en de casemanager belangrijke onderwerpen. Veel onderwerpen en voorstellen zijn herkenbaar en passen goed in het beleid van de gemeente en dat van anderen, de gemeente staat hiervoor niet alleen aan de lat.
De VVD heeft het rapport aandachtig gelezen en zal het omarmen richting de woonzorgvisie en de andere beleidsterreinen, hij wil dit uitwerken waar dat kan en tot actie overgaan. Hij heeft in het kader van vraag 3 wel enkele kanttekeningen. Het is lastig om het debat te voeren over adviezen die over bijna alles gaan, veel wenselijkheden kennen en de consequenties in het ongewisse laten. Veel adviezen brengen vroeg of laat kosten en investeringen met zich mee, ook goede ideeën kunnen te duur zijn en daarom moet goed naar de uitvoerbaarheid van de aanbevelingen worden gekeken. In de adviezen over een gezonde leefomgeving staat een aantal vergaande voorbeelden en de VVD zal de uitwerking daarvan niet snel steunen. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) vraagt twee of drie concrete voorbeelden van aanbevelingen waar de VVD over twijfelt. De heer Van Haren (VVD) noemt aanbeveling 8.3 over de gezonde leefomgeving die gaat over het vervangen van reclames in de openbare ruimte, het verbod op ongezond eten in scholen en de lesprogramma's, dat is niet aan de gemeente. Hij is nieuwsgierig naar de uitwerking hiervan maar die zal de VVD niet per definitie steunen. De heer Van Silfhout (Volt) vindt dat het omarmen van het Burgerberaad ook betekent dat ook zaken worden omarmd waar een partij het niet helemaal mee eens is.
De heer Van Haren (VVD) weegt het advies van het Burgerberaad zwaar mee en hij wil alle onderdelen wel uitwerken. De VVD vindt het Burgerberaad een aanvulling, wil de adviezen wel lezen en wegen om er een oordeel over te kunnen vellen maar dat betekent niet dat alles wat het Burgerberaad adviseert automatisch moet worden overgenomen.
12
De heer Van Silfhout (Volt) wil ook voorstellen waar hij het minder mee eens is overnemen en hoopt dat de VVD bijvoorbeeld het zwaarwegende advies over billboards wel in het vervolgtraject meeneemt. De heer Van Haren (VVD) vindt het advies van het Burgerberaad een zwaarwegend advies dat de VVD ter harte neemt. De heer Mees (Leefbaar 's-Hertogenbosch) vindt dat aan het college moet worden gevraagd aan de slag te gaan om de onderwerpen daarna op inhoud te beoordelen. De heer Van Haren (VVD) wil ook dat het college dit gaat uitwerken maar hij vindt niet dat hij voor moet zijn omdat iets uit het Burgerberaad komt. Hoe de inwoners van Den Bosch fijn oud kunnen worden is niet de enige vraag die nu in de samenleving speelt en hij wil niet de andere gemeentelijke opgaven uit het oog verliezen maar integraal blijven kijken. De heer Van Hattem (PVV) vindt een Burgerberaad geen echte directe democratie maar een fopspeen om echte instrumenten voor directe democratie zoals referenda niet te hoeven toepassen. Hij bedankt alle deelnemers aan dit experiment maar vindt de 34 aanbevelingen wel een grabbelton met allemaal open deuren. Veel daarvan zijn prima en daarmee kan het college direct aan de slag maar hij ziet hierin geen zaligmakende oplossing. Hij vindt dat het hier niet gaat om dé burger maar om een select gezelschap dat is ingeloot.
Mevrouw Visscher (SP) vraagt waarvoor de heer Van Hattem de deelnemers aan het Burgerberaad bedankt, voor de open deur of voor de fopspeen. De heer Van Hattem (PVV) bedankt de deelnemers voor de moeite. Als er essentiële elementen uitkomen, kan een referendum worden gehouden en hij wil altijd transparante participatie gebruiken. De PVV heeft geen behoefte aan multiculturele ontmoetingsplekken, autoluwe wijken en enkele andere linkse stokpaardjes. Hij wil werk maken van zaken die nu al niet goed gaan op het gebied van wonen en zorg voor ouderen zoals de WMO-wachtlijsten. Hij is voor de terugkeer van verzorgingshuizen en wil ook werk maken van de veiligheid voor ouderen op straat. De heer Van Silfhout (Volt) is benieuwd hoe de heer Van Hattem de vraag 'Fijn oud worden, hoe gaan we hier samen voor zorgen? in een referendum zou hebben opgenomen. De heer Van Hattem (PVV) is voor referenda over essentiële onderwerpen maar niet over een breed onderwerp zoals fijn oud worden al kan wel een referendum over bepaalde onderdelen van dit onderwerp worden gehouden. Mevrouw Van Diejen (PvdD) vraagt of de heer Van Hattem gezond oud worden geen essentieel onderwerp vindt. De heer Van Hattem (PVV) vindt gezond oud worden wel erg belangrijk maar hij vindt een Burgerberaad niet het meest geschikte instrument.
Er kan wel een referendum worden gehouden over bijvoorbeeld de verzorgingshuizen: willen wij een woonzorgcentrum in deze vorm in Den Bosch laten terugkeren? Mevrouw Van Diejen (PvdD) bedankt de deelnemers aan het Burgerberaad die daar veel tijd en moeite in hebben gestoken en wil alle aanbevelingen overnemen. De PvdD is het ermee eens dat sprake van een gezonde leefomgeving moet zijn, dat er met de 3-30-300-regel meer groen in de wijk moet komen, dat schone lucht prioriteit heeft en dat reclames voor ongezonde voeding in de openbare ruimte niet meer moeten worden toegestaan. De heer Van Hattem (PVV) vindt dat er stokpaardjes uit het rapport worden gehaald om die politiek te kunnen uitventen. Mevrouw Van Diejen (PvdD) vindt dat ze mag aangeven dat ze dezelfde mening als het Burgerberaad heeft.
13
De heer Van Hattem (PVV) concludeert dat de PvdD het stuk gebruikt om een politiek punt te bekrachtigen. Mevrouw Van Diejen (PvdD) zegt dat het gaat om een hele diverse groep mensen die veel tijd en moeite in dit Burgerberaad hebben gestoken en dat de PvdD de adviezen graag overneemt. De heer Van Hattem (PVV) vindt het door de selectie geen representatieve groep. Mevrouw Van Diejen (PvdD) geeft aan dat ook het Jeugdparlement heeft aangegeven betaalbaar en gezond in de kantine te willen eten en de PvdD wil dit zo snel mogelijk bij alle scholen in de gemeente Den Bosch realiseren. Het realiseren van een buurtzorghuis zoals dat in Oss bestaat, raakt meerdere aanbevelingen van het Burgerberaad, zoals het opnemen van gemeenschappelijke woningen in de planvorming en het samenbrengen van jong en oud in buurthuizen en het is slim om ook deze optie mee te nemen. De PvdD vindt het belangrijk om de deelnemers aan het Burgerberaad bij de uitvoering te betrekken en verder moeten inwoners en deelnemers aan het Burgerberaad goed op de hoogte van de ontwikkelingen worden gehouden. De heer Çifçi (PvdA) heeft een rondleiding in cultureel centrum Orhan Gazi aan mensen van het Bossche Burgerberaad gegeven waar hij de passie en motivatie van deze mensen heeft gezien en deze rondleiding leverde veel mooie aanbevelingen op.
De PvdA wil dat dit proces niet achter de schermen verdwijnt maar wil het omarmen en stappen zetten. Hij werkt als ambtenaar in de gemeente Tilburg en komt daar veel in multiculturele ontmoetingsplekken. In Den Bosch is dit per wijk anders ingedeeld en hij wil werk maken van meer multiculturele ontmoetingsplekken of buurthuizen, laagdrempelige plekken waar mensen kunnen samenkomen zoals de Hobbel in de Muntel en de Noorderpoort in Hambaken. De heer Van Hattem (PVV) vraagt zich af waarom het multicultureel moet zijn en waarom gewone wijk- en buurtcentra niet goed genoeg zijn. Verder vraagt hij zich af of het passend is dat een lid van de raad zich aan de voorkant actief met het proces van het Burgerberaad bemoeit. De heer Çifçi (PvdA) is vrijwilliger bij het cultureel centrum en er werd hem in die hoedanigheid gevraagd om een rondleiding te geven. De heer Van Hattem (PVV) zou hebben gezegd dit als raadslid niet te doen. Hij wil weten of die multiculturele centra ook moskeeën kunnen zijn. De heer Çifçi (PvdA) zegt dat multiculturele centra voor iedereen ongeacht zijn of haar achtergrond zijn. De heer Huibers (Rosmalens Belang) vindt deze discussie niet bij het onderwerp Burgerberaad passen. De heer Çifçi (PvdA) merkt op dat de leden van het Burgerberaad Bosschenaren zijn die weten wat er thuis speelt en waar echt behoefte aan is en hij wil met de aanbevelingen aan de slag.
De heer Van Rosmalen (GroenLinks) was samen met de heren Van den Kerkhof en Roovers bij de start van het Burgerberaad en de afsluitende bijeenkomsten aanwezig en het enthousiasme van de deelnemers was aan het eind van het proces nog even groot of zelfs groter dan aan het begin. Hij is blij met de 34 aanbevelingen en vindt het jammer sommige deelnemers denken dat de raad de behandeling van het rapport wil uitstellen. Dat is niet het geval, alle aanbevelingen worden bij het vaststellen van de woonzorgvisie besproken. De aanbevelingen worden als zwaarwegend gezien, GroenLinks deelt de wens van het college om alle aanbevelingen in de woonzorgvisie te verwerken en het is goed dat er een tabel met aanbevelingen die andere beleidsterreinen raken is meegestuurd. Reactie college Wethouder Slikker is trots op de raad die het vertrouwen aan 120 inwoners heeft gegeven maar ook op de corporaties, de zorgpartijen, de maatschappelijke organisatie, de ambtelijke organisatie die iets anders heeft gedaan dan normaal gesproken gebeurt en op de 120 inwoners die vijf zaterdagen hebben vrijgemaakt, veel hebben gelezen, bezoeken aan de wijken en dorpen 14
hebben gebracht, gesprekken met experts en maatschappelijke organisaties hebben gevoerd en rondleidingen hebben gedaan. Het college wil deze energie graag vasthouden en een levend document maken. Hij heeft met de corporaties afgesproken dat er in september-oktober 2024 een grote conferentie komt waarvoor de leden van het Burgerberaad worden uitgenodigd zodat ze kennis kunnen maken met de mensen van de organisaties die met de aanbevelingen aan de slag gaan en de ambtelijke organisatie. Hij wil alle onderdelen een plek in de woonzorgvisie en aanpalende beleidsterreinen geven en een aantal wettelijk vereiste zaken vastleggen. Uiteraard houdt hij de leden van het Burgerberaad betrokken via een conferentie en daarnaast komt er een monitoringgroep die volgt hoe de lokale overheid en maatschappelijke partijen invulling aan de woonzorgvisie geven. De heer Van Silfhout (Volt) stelt voor een website op te zetten waarop de inwoners de monitor kunnen vinden. Wethouder Slikker zegt dat er steeds gesprekken zijn over de vorm en inhoud en dat ook de monitoringgroep mogelijk met het idee van een website komt. Het is niet systemisch, de volgende stappen worden samen ontdekt. De heer Van Haren (VVD) wil de monitor niet te ingewikkeld maken en hiervoor de tabel in bijlage 2 bij het raadsvoorstel uitbreiden met de stand van zaken, termijnen en deadlines.
Wethouder Slikker wil de leden van het Burgerberaad via een monitoringgroep met de gemeente laten oplopen. Daarnaast is er de planning-en-controlcyclus en wordt in het jaarverslag verantwoording afgelegd. De heer Van Genugten (CDA) verwacht dat de wethouder brede steun voelt om alle aanbevelingen over te nemen. Wethouder Slikker voelt deze steun inderdaad. Dit is de directe democratie die de indirecte democratie versterkt. Iedere fractie mag zelfstandig afwegen hoe die met een zwaarwegend advies omgaat. De heer Van Genugten (CDA) vraagt of er een motie nodig is. Wethouder Slikker ziet een motie als een bekrachtiging van dat de leden van het Burgerberaad serieus worden genomen. De heer Van Genugten (CDA) zou de brede steun van de raad in een motie willen uitspreken. De heer Van Haren (VVD) geeft aan dat de VVD de adviezen omarmt en benieuwd is naar de uitvoering die hij op waarde wil kunnen toetsen. Wethouder Slikker zegt dat bij aanvang duidelijke afspraken over de positie van het Burgerberaad in de lokale democratie zijn gemaakt en dat iedere fractie daar haar voordeel mee mag doen.
Hij adviseert om niet al voor de vaststelling van de begroting middelen aan te wenden en de woonzorgvisie te behandelen omdat het begrotingsproces dan vertraging oploopt en het betekent dat de woonzorgvisie al in de zomer van 2024 af zou moeten zijn, terwijl hij samen met de inwoners en de maatschappelijke partijen een stap verder wil zetten. Veel van het budget bestaat al, er is met de raad afgesproken dat nieuw beleid 'oud voor nieuw' moet zijn en het gaat ook over de budgetten van woningbouwcorporaties, welzijnspartijen en het onderwijs en over hoe iedereen voor elkaar wil zorgen. De kwaliteit van het proces is belangrijker dan de snelheid en hij vindt het niet per se noodzakelijk dat dit onderwerp in de raad van december 2024 wordt behandeld, dat kan ook in januari 2025. 10.
De controlerende rol van de raad op Weener XL in 's-Hertogenbosch Mevrouw Craste (D66) geeft aan dat D66, Leefbaar 's-Hertogenbosch en GroenLinks samen een discussienotitie over Weener XL hebben gemaakt. De indieners willen de rol van de raad proactief vormgeven met voldoende informatie, zodat bekend is wat er speelt, er een dialoog kan zijn, de vinger aan de pols kan worden gehouden en waar nodig kaderstellend kan worden bijgestuurd. De notitie is gericht op Weener XL omdat dit een uitvoeringsorgaan en tegelijkertijd 15
een werkgever is die mensen bijvoorbeeld beschut werk laat doen en Weener XL hierdoor een unieke plek in de gemeentelijke organisatie heeft. Er is gesproken met Weener XL, de wethouder, de griffie en binnen de werkgroep Sociaal Domein en de indieners neigen naar een pilot waarin twee jaar lang wordt gekeken wat er nodig is en hoe de raad zijn rol goed kan invullen. Het gaat om het verbeteren van de informatiepositie en het instellen van een interne raadscommissie met de duidelijke opdracht om de jaarlijks met de directie en de medezeggenschap van Weener XL in gesprek te gaan. De heer Van Rosmalen (GroenLinks) geeft aan dat Weener XL geen Raad van Toezicht heeft en dat de raad die rol kan oppakken zonder de bestuurlijke en politieke verantwoordelijkheid van de wethouder te raken door via een groep uit de commissie Sociaal die voor langere tijd wordt samengesteld regelmatig op een vast moment in het jaar met de directie en de medezeggenschap van Weener XL in gesprek te gaan. Daarnaast kan de hele commissie Sociaal jaarlijks een werkbezoek aan Weener XL afleggen. Als de commissie met dit voorstel instemt, kan worden nagedacht over de samenstelling en de precieze opdracht van deze groep.
De heer Mees (Leefbaar 's-Hertogenbosch) merkt op dat de indieners niet over één nacht zijn gegaan, dat de griffie ondersteuning heeft geboden en dat de scenario's binnen de werkgroep Sociaal Domein zijn besproken. Mevrouw Van Diejen (PvdD) is het ermee eens dat de controlerende rol van de raad intensiever en gestructureerder moet en voor het model met een raadscommissie en betere informatievoorziening voor de hele raad om er zo voor te zorgen dat het toezicht niet nog verder op afstand komt, wat bij een externe commissie wel kan gebeuren. Weener XL maakt deel uit van de gemeentelijke organisatie en dat betekent dat de raad hier ook een verantwoordelijkheid in heeft. Het instellen van beter toezicht van de raad is van belang omdat er ook zorg voor Weener XL moet zijn als er geen incidenten zijn en er nauwelijks media-aandacht is. Een pilot biedt de kans om te leren en bij te stellen maar als de nieuwe raad over twee jaar concludeert dat de zaken bij Weener XL weer op orde zijn, bestaat de kans dat de raad weer meer op afstand wordt gezet. Ze wil daarom liever geen pilot maar een permanente rol van de raad. Ze geeft mee vooral te leren van andere gemeenten waar op een soortgelijke manier wordt gewerkt. Mevrouw Van Opdorp (De Bossche Groenen) is blij met deze discussienotitie.