CConstaterende dat's-Hertogenbosch
Koppel je AI →
Document · PDF

Verslag Commissie Sociaal 30 10 2024 (vastgesteld)

Commissie SOCIAAL 30 oktober 2024, gemeente 's-Hertogenbosch15.595 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Commissie SOCIAAL Verslag Datum: Locatie: Aanwezig: Voorzitter Secretaris: (plv.) Commissieleden:

Collegeleden:

30 oktober 2024 Raadzaal

J.J.M. Gersjes drs. E.A.A. Kerkhoff H.B. Bos, O. Çifçi, mw. M. Claessen, J.J.E.L. van Creij, mw. E.C.M. van Diejen BSc, mw. mr. Y. Doǧan, S.J.A. Elders BA, F.G.F. van Genugten, A.W.J.A. van Hattem LLB, F.J. van Haren, S.C. van Hasselt, T.A.J. Heijmans, mw. drs. J. Hendrickx, mw. F. Hoekstra-Wittebol, mw. R.F. van der Kallen-van der Donk, ing. J.N. Kieft, mw. W.M. van de Leemput, H.J.M. Mees, mw. ir. V.P.T. Muller-Laumans, ir. P.K. Schuurmans, A.C. van Silfhout, mw. mr. C.H.A. van den Wildenberg, mw. J.J.M. van den Wildenberg ing. R.A.P. Geers, M.J.J. van der Geld MSc, P. Slikker, mw. mr. M.A.B. van der Sloot en H.M.M. Vermin

Afwezig:

mr. drs. N.M.C. Huijbrechts RO CIA, mw. drs. E.W.M. van Opdorp, W.J. Plasmeijer, mw. E. Samshuijzen, mw. C.K.J. Visscher, mw. dr. Y. van Zaalen

Verslaglegging

mw. I. Wendt, DemiSec

1.

Opening en mededelingen De voorzitter heet allen, in de zaal en thuis, welkom bij de vergadering van de commissie Sociaal van 30 oktober 2024. Er is bericht van verhindering ontvangen van de leden Huijbrechts, Plasmeijer, Van Opdorp, Van Zaalen. Mevrouw Claessen en de heer Van Genugten komen wat later.

2.

Vaststellen van de agenda De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld.

3.

Vaststellen van het verslag van de commissie Sociaal van 25 september 2024 Het verslag van de commissie Sociaal van 25 september 2024 wordt ongewijzigd vastgesteld.

4.

Vaststellen van de lijst van toezeggingen en de lijst van openstaande moties Voorgesteld wordt om motie 14 ‘Van scholen naar gemeenschapshuizen’ en toezegging 1 over ‘resultaat makersbijeenkomsten’ als afgedaan te beschouwen. De heer Van Creij vraagt een toelichting op motie 15 over de evaluatie van het wijk- en dorpsbudget. Wethouder Roy Geers antwoordt dat de evaluatie via een raadsinformatiebrief is teruggekoppeld. De lijst van toezeggingen en de lijst van openstaande moties worden conform voorstel vastgesteld.

5.

Werkplanning Er zijn geen opmerkingen over de werkplanning.

1

Raadsvoorstellen 6.

Conceptbegroting 2025 De voorzitter geeft een korte toelichting op de behandeling van de begroting 2025 en geeft als eerste het woord aan de heer Van Creij. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) betoogt dat hij het niet erg vindt dat de invoering van de Bossche Pas wordt uitgesteld. Gewoon ge-DREVEN ziet liever dat het voorstel eerst goed uitgewerkt wordt. De pas zou echter gebruikt worden om diverse bezuinigingen op te vangen. De fractie hoort graag wat de gevolgen van het uitstel hiervoor zijn. In de begroting staat dat er nieuwbouw komt voor het Kindcentrum Het Stadshart. Er loopt ook een traject om het gebied verkeersveiliger te maken. Deze twee zou hij graag aan elkaar koppelen. De heer Mees (Leefbaar 's-Hertogenbosch) vraagt wat dit te maken heeft met het sociale domein. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) antwoordt dat het kindcentrum onderdeel van het onderwijs is. Als er nieuwbouw wordt gepleegd, kan er meteen rekening worden gehouden met de verkeerssituatie. Gewoon ge-DREVEN zou graag zien dat de Rijke Schooldag wordt geïntroduceerd, zodat iedereen naar school kan gaan met een gevulde maag. Verder vindt de fractie dat er in het winkelcentrum een openbaar toilet moet komen. Een halfjaar geleden werd gesproken over de kunstenaars in het Weener XL-gebouw. Daarvoor was € 250.000 gereserveerd, maar het plan is niet doorgegaan.

Hij stelt voor om dit budget te gebruiken voor de ontwikkelingen in Nuland. Tot slot wordt PERRON-3 een sociaal-culturele onderneming genoemd, wat de vraag oproept in hoeverre het sociaal-culturele ondernemerschap wordt teruggekoppeld aan de samenleving in Rosmalen. Volgens de begroting kan de onderneming meer eigen middelen realiseren. Gewoon ge-DREVEN hoort graag in hoeverre dit is teruggekoppeld aan de ondernemer. Mevrouw J.J.M. van den Wildenberg (VOOR Den Bosch) vindt dat de bezuinigingen in zorg en onderwijs gezocht moeten worden in het verminderen van administratieve rompslomp en overbodig management. Onderwijs- en zorginstellingen moeten meer eigen regie kunnen nemen op hun werkprocessen. VOOR Den Bosch vraagt of de wethouder bereid is om dit met de zorgen onderwijsinstellingen te bespreken. VOOR Den Bosch is blij met de extra inzet van € 270.000 voor valpreventie. De fractie merkt op dat gemeentelijke brieven en enquêtes steeds onleesbaarder worden door het ambtelijk taalgebruik. VOOR Den Bosch vraagt of de wethouder de ambtelijke organisatie wil instrueren om de informatie leesbaarder te maken. De kosten voor jeugdzorg lopen in veel gemeenten uit de hand, waardoor extra budget nodig is. Jeugdzorgorganisaties proberen ook zelf te bezuinigen, bijvoorbeeld op persoonlijke begeleiding.

VOOR Den Bosch vraagt of de wethouder hiervan op de hoogte is en wat de mogelijkheden zijn met het aanstaande ravijnjaar in het vizier. Het college zou moeten aangeven welke doelen in het Sociaal Domein de status ‘moet doorgang vinden’ krijgen als het ravijnjaar zich aandient. Waar legt het college de prioriteiten: op prestigeprojecten, zoals het Design Museum, of op het bouwen van woningen en betaalbaar houden van de zorg? VOOR Den Bosch zou graag horen wat er gaat gebeuren met stadion De Vliert. Volgens geruchten zijn er plannen om De Vliert te verkopen en moet de gemeente aangeven wat het stadion waard is. VOOR Den Bosch is benieuwd wat de plannen inhouden: wil men alleen het stadion verkopen of ook de grond eronder? Mevrouw Doǧan (GroenLinks) stelt dat de afgelopen tweeënhalf jaar veel stappen zijn gezet om Den Bosch socialer en groener te maken. De gemeente is er echter nog niet. Ze droomt van een ’s-Hertogenbosch waarin het niet uitmaakt wie of wat men is, van een inclusieve stad en van een gemeente waarin iedereen zich thuis voelt. Ze hoopt dan ook dat iedereen zich zelfs na de dood in Den Bosch thuis voelt nu het amendement van GroenLinks “grafrechten voor onbepaalde tijd” is aangenomen. Mevrouw Van Diejen (PvdD) vraagt of GroenLinks ook openstaat voor het festival ‘Iedereen mag zoenen’, waarover is ingesproken bij de I&O-bijeenkomst.

2

Mevrouw Doǧan (GroenLinks) vraagt waarom deze vraag aan haar gesteld wordt. De voorzitter vraagt GroenLinks om de vraag gewoon te beantwoorden. Mevrouw Doǧan (GroenLinks) antwoordt dat ze zojuist heeft betoogd dat iedereen zichzelf moet kunnen zijn. Dat betekent ook dat iedereen elkaar moet kunnen zoenen. Mevrouw Van Diejen (PvdD) legt uit dat de Stichting Iedereen Mag Zoenen volgend jaar een festival wil organiseren en de gemeente vraagt om financieel bij te dragen. Mevrouw Doǧan (GroenLinks) antwoordt dat het college moet bepalen of er budget voor beschikbaar is. Mevrouw Van Diejen (PvdD) vraagt of GroenLinks zich hard wil maken om er budget voor vrij te maken. Mevrouw Doǧan (GroenLinks) zal deze vraag meenemen naar de fractie. Ze vervolgt haar betoog. GroenLinks is er trots op dat Den Bosch het slavernijverleden laat onderzoeken en kijkt uit naar de resultaten. De heer Van Hattem (PVV) vraagt of GroenLinks kan benoemen welke wonden ’sHertogenbosch heeft aangericht in het slavernijverleden en waarom er gemeentelijk budget ingezet moet worden, dat ook besteed kan worden aan het oplossen van actuele problemen. Mevrouw Doǧan (GroenLinks) stelt dat in Den Bosch een gemeenschap woont die een slavernijverleden heeft. Deze mensen willen zaken uitgezocht hebben en GroenLinks staat daarachter.

De heer Van Hattem (PVV) stelt dat er veel gemeenschappen zijn met een verleden, maar dat het niet nodig is om voor elke groep een specifiek onderzoek te laten uitvoeren naar een schuldvraag van de gemeente. Mevrouw Doǧan (GroenLinks) herhaalt dat GroenLinks het wel belangrijk vindt dat het slavernijverleden wordt onderzocht. GroenLinks hoopt dat elk jaar wordt stilgestaan bij Keti Koti om de afschaffing van slavernij in de stad te vieren, zoals ook de bevrijding van Den Bosch jaarlijks wordt gevierd. De fractie is blij met het opzetten van de inclusieagenda en is benieuwd hoe het nieuwe diversiteit- en inclusiebeleid eruit komt te zien. Toch zijn er ook zorgen, bijvoorbeeld of er voldoende geld is om het beleid te gaan uitvoeren. GroenLinks roept het college op om de burgers te betrekken bij de inclusieagenda. In Den Bosch zouden gezondheidsverschillen minimaal moeten zijn. Met het programma Samen Gezond worden goede stappen gezet. Het is onacceptabel dat mensen in bepaalde wijken gemiddeld korter leven. Daarom is het belangrijk om blijvend te investeren met een domeinoverstijgende aanpak. De uitvoering van de motie ‘Integrale aanpak in aandachtsbuurten’ zal GroenLinks nauwgezet volgen. De mensen die de hulp het hardste nodig hebben, verdienen daarbij de meeste aandacht.

De heer Van Hattem (PVV) vraagt of de verschillen niet juist groter worden door sommige wijken meer aandacht te geven dan andere wijken, terwijl daar ook grote problemen spelen. Mevrouw Doǧan (GroenLinks) wil de meeste aandacht schenken aan de wijken met de grootste problematiek. De gemeente moet ongelijk investeren om de verschillen kleiner te maken. Andere wijken worden daardoor niet genegeerd. De heer Van Hattem (PVV) stelt dat het niet uitmaakt in welke wijk men woont als de gemeente iedereen gelijke kansen biedt. Het lijkt hem niet nodig om in bepaalde wijken nog extra te gaan investeren. Mevrouw Doǧan (GroenLinks) zegt dat GroenLinks een heel andere invalshoek heeft en vindt dat er meer middelen en aandacht moeten gaan naar bepaalde wijken.

3

De heer Van Genugten (CDA) is het eens met het principe dat ongelijke behandeling kan leiden tot gelijke kansen. Daartegenover staat dat sommige wijken weinig maatschappelijke middelen nodig hebben, omdat daar al veel gebeurt. Hij vraagt of GroenLinks bereid is om ook in die wijken eens wat extra te investeren. Mevrouw Doǧan (GroenLinks) erkent dat elke wijk of dorp zijn eigen problemen kent en dat de gemeente overal kan ondersteunen. Bepaalde wijken hebben echter wat meer aandacht nodig, omdat de problematiek daar anders is. Tot slot betoogt GroenLinks dat college en gemeenteraad elkaar hard nodig hebben om het verschil te maken in Den Bosch. De heer Mees (Leefbaar 's-Hertogenbosch) stelt dat dit de voorlaatste begroting is van het huidige college. Er is zwaar weer op komst en het college moet keuzes maken uit schaarste. Leefbaar ’s-Hertogenbosch vindt bestaanszekerheid en zorg de belangrijkste onderwerpen. De fractie kiest daarom niet voor een Design Museum in de Bossche Stadsdelta. Toch gaat het college ermee door. Leefbaar ’s-Hertogenbosch hoort graag hoe zich dat verhoudt tot de motie over een zorgvuldig proces bij complexe projecten. Er moet niet alleen kritisch gekeken worden naar de investeringskosten, maar ook naar de exploitatiekosten en het eigen verdienvermogen van het museum.

Hoe gaat het college dat meten? Het Theater aan de Parade had een bruisende plek in de stad moeten zijn, maar het is vaak gesloten. Leefbaar ’s-Hertogenbosch heeft vaak aandacht gevraagd voor de exploitatiemogelijkheden van het theater. Eind 2023 is een motie aangenomen om bij de beoordeling van cultuursubsidies te kijken naar het eigen verdienvermogen. Volgens het college gebeurde dit al. Subsidies worden echter zelden bijgesteld. Met het ravijnjaar in het vooruitzicht moet de gemeente een veel kritischer houding aannemen. Leefbaar ’s-Hertogenbosch zou het geld dat vrijkomt door het stopzetten van de Bossche Zomer graag inzetten om het armoedebeleid te verbreden. Ook kan het geld aan de Bossche Pas besteed worden. Daar moet overigens wel tempo mee gemaakt worden. Leefbaar is benieuwd wat er met Koo gebeurt. De fractie vraagt de wethouder wat dit betekent voor de dienstverlening en welke vorderingen bereikt worden in het terugdringen van bureaucratie. De heer Kieft (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) vraagt of er inmiddels gestart is met de ‘helpende handjes’. Leefbaar ’s-Hertogenbosch heeft er niets meer van vernomen. Verder mist Leefbaar ’s-Hertogenbosch de financiële consequenties van de nieuwe woonvisie. Deze komen niet terug in de begroting, waardoor Leefbaar ‘s-Hertogenbosch zich afvraagt hoe de kosten gedekt gaan worden.

De resultaten van de bijeenkomst ‘Fijn ouder worden’ worden verwerkt in de woonzorgvisie. Er werd vooral gevraagd om ontmoetingsmogelijkheden. Wijkaccommodaties en buurthuizen zijn hiervoor van essentieel belang. De voorzitter merkt op dat de spreektijd al flink is overschreden en stelt voor dat de heer Kieft zijn betoog in tweede termijn afrondt. Mevrouw Van der Kallen (Rosmalens Belang) vindt het verstandig om in de huidige financieel onzekere tijd de hand op de knip te houden. Toch moet de gemeente bepaalde uitgaven blijven doen, zoals die voor Nulandia en Be Quick. Deze twee verenigingen hebben samen ruim 850 leden, waardoor ze grote sociale impact in de dorpen hebben. Het is in deze kernen, waar jongerenwerkers nauwelijks worden gezien, de enige ontmoetingsplek voor de jeugd. Nulandia en Be Quick staan voor een cruciale keuze: een grote lening afsluiten om te fuseren, of alles laten zoals het is. Nu investeren leidt tot rendement in de toekomst. Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) vraagt of het klopt dat er geen jongerenwerkers zijn in de dorpen. Mevrouw Van der Kallen (Rosmalens Belang) antwoordt dat er wel jongerenwerkers naar Nuland komen als dat nodig is, maar dat er weinig gebruik van gemaakt wordt, doordat de verenigingen en bewoners de problemen meestal zelf oplossen.

4

De verenigingen verwachten veel minder geld nodig te hebben dan door de gemeente wordt genoemd, doordat er veel met vrijwilligers wordt opgelost. Rosmalens Belang zou graag zien dat de gemeente dit mogelijk maakt. Mevrouw Doǧan (GroenLinks) vraagt hoeveel de fusie tussen Nulandia en Be Quick zou moeten kosten. Mevrouw Van der Kallen (Rosmalens Belang) kan geen concreet bedrag noemen. De gemeente gaat uit van € 500.000, maar de verenigingen zeggen veel minder nodig te hebben. Ze moeten nog onderzoeken wat ze zelf kunnen oppakken en wat de gemeente moet bijdragen. Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) vraagt of Rosmalens Belang met een voorstel komt voor het steunen van Nulandia/Be Quick. Mevrouw Van der Kallen (Rosmalens Belang) gaat dit nog in de fractie bespreken. Rosmalens Belang vraagt aandacht voor de verdeling van subsidies en de druk die dit legt op wijk- en dorpsbudgetten. De fractie pleit voor een structureler subsidiebeleid voor verenigingen, zodat de wijk- en dorpsbudgetten beschikbaar blijven voor lokale buurtprojecten. Rosmalens Belang zal met de VVD een discussienotitie hierover opstellen. In de commissie Omgeving is gesproken over de hoge cijfers van dakloosheid onder kinderen en jongeren. Rosmalens Belang komt binnenkort met een initiatiefvoorstel om preventiemaatregelen in te zetten. Tot slot vraagt mevrouw Van der Kallen naar de stand van zaken van PERRON-3.

De heer Van Hasselt (SP) stelt dat meedoen aan de maatschappij een steeds grotere uitdaging wordt, doordat armoede steeds verder toeneemt. De gemeente moet hierop voorbereid zijn. Verder zal de jeugdzorg steeds belangrijker worden. Daarom moet de gemeente daarin investeren, met name in preventieve zorg. De gemeenteraad constateert keer op keer dat het gebruik van sociale regelingen laag is. Als 80% van de rechthebbenden er niet van weet, doet de gemeente toch iets verkeerd? Moet de gemeente de inwoners niet actiever informeren over de mogelijkheden? De Bossche Pas laat lang op zich wachten, terwijl mensen nú hulp nodig hebben. De heer Mees (Leefbaar 's-Hertogenbosch) vraagt of het klopt dat 80% geen gebruikmaakt van de sociale regelingen. De heer Van Hasselt (SP) heeft deze cijfers gekregen tijdens een informatieavond van de FNV. De heer Van Genugten (CDA) vraagt of de SP ook bij de gemeentelijke organisatie heeft geïnformeerd of de cijfers kloppen. De heer Van Hasselt (SP) heeft dat niet uitgevraagd. Op basis van de cijfers van vorig jaar concludeert hij dat het wel ongeveer moet kloppen. De heer Van Genugten (CDA) heeft wel cijfers van de gemeente gezien en die benaderen niet de 80%. De heer Mees (Leefbaar 's-Hertogenbosch) verwijst naar een publicatie van het CBS, CPB en Nibud met armoedecijfers en vraagt of de SP die publicaties bij het betoog heeft betrokken.

De heer Van Hasselt (SP) heeft die cijfers niet meegenomen. Hij heeft slechts geconstateerd dat het niet-gebruik van minimaregelingen schrikbarend hoog is. Mevrouw Hoekstra (PvdA) vraagt welk voorstel de SP heeft om het bereik van sociale regelingen te verbeteren. Volgens de heer Van Hasselt (SP) weet de gemeente welke mensen recht zouden hebben op bijzondere bijstand en minimaregelingen. De SP zou graag zien dat er via Weener XL periodiek een brief wordt gestuurd over de sociale regelingen. De gemeente kan ook in de zwakkere wijken langs de deuren gaan om mensen te informeren.

5

Mevrouw Hoekstra (PvdA) denkt dat dit al gebeurt en vraagt of de SP dit bij de gemeente heeft geïnformeerd. De heer Van Hasselt (SP) denkt op basis van de cijfers dat het niet goed genoeg gebeurt. De heer Van Silfhout (Volt) vraagt wat de SP ervan vindt dat Stichting Leergeld, die haar doelgroep wel goed bereikt, er komend jaar financieel op achteruitgaat. De heer Van Hasselt (SP) antwoordt dat de SP vindt dat er meer geld naar Stichting Leergeld zou moeten gaan. Daarnaast constateert de SP dat de toegang tot minimaregelingen in buurgemeenten veel beter is. In Vught geldt bijvoorbeeld 150% van het wettelijk sociaal minimum en in Den Bosch 120%. Waarom heeft men in de ene gemeente meer recht op bijstand dan in de andere? De SP heeft vaker verzocht om de norm te verhogen tot 130% van het sociaal minimum. De reactie is dan dat er maatwerk wordt geleverd. Als men al niet weet dat men subsidie kan aanvragen, moet de gemeente niet nog meer drempels opwerpen, zoals het verwijzen naar een maatwerkregeling. Het ravijnjaar 2026 wordt vaak genoemd, maar de gemeente blijft wel grote uitgaven doen: uit het cultuurfonds, voor externe aanbestedingen en voor citymarketing. De bezuinigingen die het rijk gaat doorvoeren, mogen van de SP niet leiden tot bezuinigingen op de sociale regelingen. De SP kiest voor de werkende klasse van Den Bosch boven prestigeprojecten.

De heer Van Haren (VVD) vraagt hoe de SP de werkende klasse linkt aan het verhogen van uitkeringen. De heer Van Hasselt (SP) legt uit dat de SP de inkomensgrens wil verhogen, zodat werkenden met een laag inkomen niet onder de armoedegrens komen. De heer Van Haren (VVD) vraagt of de SP er ook voorstander van is om de werkende klasse meer geld in de portemonnee te laten houden, zodat ze geen bijzondere bijstand nodig hebben? De heer Van Hasselt (SP) antwoordt bevestigend. De SP kijkt ernaar uit om samen met andere raadsfracties een opbouwende bijdrage te leveren aan de sociale agenda. De heer Van Genugten (CDA) beschouwt een sterke sociale structuur als fundament voor een verbonden gemeenschap. Het aantal inwoners met dementie zal de komende jaren toenemen. Zij moeten zich onderdeel blijven voelen van de gemeenschap. Daarvoor zou Den Bosch een dementievriendelijke gemeente moeten worden. Het CDA zet zich ook in voor de jongeren. De fractie kijkt uit naar het integrale huisvestingsplan, want goede scholen dragen bij aan een goede ontwikkeling van de jeugd. Dat een derde van de jongeren mentale problemen heeft, is een van de grootste uitdagingen van de volksgezondheid. Het gebruik van sociale media heeft hierop een negatieve invloed. De gemeente kan onderwijs, sport en cultuur ondersteunen, zodat scholen en verenigingen een goede rol kunnen spelen in het opgroeien van jongeren.

Het CDA wenst maximale inzet op het actieplan Mentale gezondheid. Eerder vroeg het CDA aandacht voor jonge mantelzorgers. De druk op hen neemt toe en de zorg voor hun naasten mag niet ten koste gaan van hun eigen ontwikkeling en welzijn. Als respijtzorg is er slechts één logeerbed beschikbaar. Het CDA vraagt het college of dit de komende jaren wel genoeg is. Ook het toenemende vapen heeft het CDA eerder aangekaart. Uit onderzoek blijkt dat vapen heel schadelijk is. Het is een manier van de tabaksindustrie om het beleid om tot een rookvrije generatie te komen, te ondermijnen. Op het gebied van sport doet de gemeente het goed. Het CDA waardeert de ontwikkeling van sportverenigingen en vraagt aandacht voor de fusie tussen Nulandia en Be Quick. De verenigingen zijn belangrijk voor de sociale structuur in de kernen. Ze zijn bereid om veel zelf te veranderen aan hun vereniging, maar hebben wel steun van de gemeente nodig. Het CDA vraagt het college om actief hierover mee te denken en of een Right to Challenge mogelijk is voor de aanleg van nieuwe kleedkamers en bestuursruimten. Tot slot wil het CDA niet bezuinigen op de meest kwetsbare burgers. De fractie wil de sociale basis versterken voor hen die dit het meeste nodig hebben: ouderen, kwetsbare inwoners en jonge mantelzorgers.

6

De heer Van Haren (VVD) vindt dat er een solide begroting voorligt. Door te investeren in programma’s en maatregelen voor te bereiden, ontstaat een toekomstbestendig sociaal stelsel. De begroting bevat veel positieve ambities. De ambities voor dementievriendelijkheid, mentale gezondheid en respijtzorg heeft het CDA voldoende toegelicht. De VVD is ook blij met de investeringen in buurthuizen, de structuurversterking in de jeugdzorg en de aanpak van werk en inkomen. De VVD voegt twee punten toe aan de discussie. Door aanpassingen in het leerlingenvervoer hoeven ouderen met een blijvend zorgbehoevend kind niet elk jaar een nieuwe beschikking aan te vragen. Dat is een goed resultaat in het terugdringen van bureaucratie. De begroting is uitgebreid op het gebied van cultureel ondernemerschap. Samenwerking tussen de culturele sector en het bedrijfsleven biedt kansen en moet komend jaar verder uitgewerkt worden. De VVD kijkt uit naar het strategisch exploitatieplan van het theater en ziet mogelijkheden in het wegnemen van belemmeringen die de gemeente zelf ooit heeft opgelegd. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) vraagt welke belemmeringen opgelost kunnen worden. De heer Van Haren (VVD) antwoordt dat bij de behandeling van het programma van eisen voor het nieuwe theater de mogelijkheden zijn onderzocht voor verhuur en horeca.

De gemeente heeft echter niet het bestemmingsplan aangepast, zodat zelfstandige horeca mogelijk wordt. Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) vraagt of de VVD graag daghoreca wil zien in het theater. De heer Van Haren (VVD) wil nadenken hoe het theater geholpen kan worden om het verdienvermogen te vergroten. Of daghoreca toestaan verstandig is, weet hij nog niet, maar de VVD wil wel graag een nieuw onderzoek laten doen naar de mogelijkheden. Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) benadrukt dat destijds is gekozen om geen horeca toe te staan om de ondernemers aan de andere kant van het plein te beschermen. De heer Van Haren (VVD) ziet voldoende aanleiding om het onderzoek te herhalen. Ook de toekomstige exploitatie van het Design Museum vraagt om een inhoudelijk gesprek in de commissie Sociaal. De VVD hoort graag hoe de wethouder dit traject voor zich ziet. De langetermijnfinanciën van het Sociaal Domein geven reden tot zorg. De ademruimte die de gemeente heeft door het goede financiële beleid is niet eindeloos houdbaar. Ze zou daarom geen geld meer moeten besteden aan overbodige projecten. Financieel wendbaar blijven is belangrijk voor het Sociaal Domein. Mevrouw Van Diejen (PvdD) vraagt of de VVD het ermee eens is dat het sociale zorgfonds niet verder afgeroomd moeten worden dan de 15%-norm.

De heer Van Haren (VVD) vindt de vraag te technisch om te beantwoorden, maar ziet graag een voorstel van de PvdD tegemoet. Mevrouw Van Diejen (PvdD) reageert dat vorig jaar in een motie werd voorgesteld om een lokaal sociaal zorgfonds in te richten. Nu wordt alles boven de 15% doorgeschoven naar de algemene reserve. De heer Van Haren (VVD) zal er later op terugkomen. De heer Van Hattem (PVV) vraagt welke projecten de VVD overbodig vindt. De heer Van Haren (VVD) antwoordt dat in de begrotingsbehandeling is opgenomen dat alle fracties het huidige beleid beoordelen. Hij heeft geen lijstje met overbodige projecten, maar wil de komende jaren wel de projecten beoordelen op nut en noodzaak. Hij heeft een aantal voorbeelden van aankomende projecten die de VVD met deze blik bekijkt. De heer Van Hattem (PVV) denkt dat het beter is om nu al te inventariseren welke projecten overbodig zijn om te voorkomen dat er personele capaciteit aan besteed wordt.

7

De heer Van Haren (VVD) antwoordt dat projecten eerst geëvalueerd moeten worden om te beoordelen of ze overbodig zijn. Bij de behandeling van het integrale huisvestingsplan en de evaluatie Aanpak Gestelse buurt zal de VVD hiernaar kijken. 2025 wordt het jaar van de Bossche Pas. Helaas is de uitvoering vertraagd, maar zorgvuldigheid gaat voor snelheid. De gemeente heeft namelijk maar één kans om de pas effectief te laten landen in het kader van de armoedebestrijding. Bij de voorjaarsnota werd gesproken over het beter organiseren van de sociale subsidies. De VVD ziet graag een aanpassing van de regelingen om deze toekomstbestendiger te maken. Hiervoor zal de VVD met Rosmalens Belang een discussienotitie schrijven. De heer Schuurmans (VVD) zegt dat de VVD groot belang hecht aan het creëren van een leefomgeving waarin iedereen gestimuleerd wordt tot beweging en ontmoeting. Goede sportvoorzieningen leiden niet alleen tot een betere gezondheid, maar ook tot meer sociale cohesie. Een goed voorbeeld is de Ontmoet- en beweegochtend. Het is ook belangrijk om te investeren in duurzaamheidsmaatregelen bij sportvoorzieningen, bijvoorbeeld in het zwembad van Rosmalen. Een structurele oplossing voor de hogere energiekosten is volgens de begroting niet in zicht. De VVD vraagt om wel zekerheid te bieden aan zwembad Kwekkelstijn.

De heer Van Silfhout (Volt) vraagt hoe hij met elkaar moet rijmen dat de VVD pleit voor meer beweging en ontmoeting, maar gisteren aangaf dat men overal met de auto moet kunnen blijven komen. De heer Schuurmans (VVD) antwoordt dat mensen niet verplicht moeten worden om op een bepaalde manier bij elkaar te komen. Ze moeten zelf kiezen hoe ze naar een sportfaciliteit komen. Met auto’s wordt de wijk niet per definitie minder leefbaar, maar men moet wel tot een goede balans komen. De heer Van Silfhout (Volt) merkt op dat in diverse wijken wel degelijk ruimtegebrek is. Op die plekken is de VVD ook niet bereid om een gezondere leefomgeving te creëren. Hoe kijkt de VVD naar de balans tussen vervoer en een gezonde leefomgeving? De heer Schuurmans (VVD) zegt dat de VVD absoluut voorstander is van een gezonde leefomgeving. Het is echter een valse tegenstelling dat men mét een auto niet gezond kan leven. De VVD ziet graag dat de fusie van Nulandia en Be Quick mogelijk wordt gemaakt en denkt graag mee over de randvoorwaarden. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) vraagt of de VVD bereid is om de post onvoorzien in te zetten voor Be Quick/Nulandia. De heer Schuurmans (VVD) zou een voorstel hierover graag overwegen, maar is wel van mening dat het een integrale overweging vergt.

Tot slot uit de VVD haar zorgen over de financiële zorgen van de GGD Hart voor Brabant, maar er zijn ook zorgen over de gevolgen van het rijksbeleid. Mevrouw Van Diejen (PvdD) beperkt zich tot twee onderwerpen. Ten eerste zijn dat de meest kwetsbaren in de gemeente, de dieren. Dieren die gebruikt worden in een carnavalsstoet of andere optocht ervaren stress en zijn niet op hun gemak. Een dierenarts die bij het evenement aanwezig was, bevestigde dat. Volgens mevrouw C.H.A. van den Wildenberg (VOOR Den Bosch) hebben andere dierenartsen aangegeven dat de dieren tijdens evenementen geen stress ervaren. Ze vraagt of de PvdD niet erg selectief is in het inzetten van deskundigen. Mevrouw Van Diejen (PvdD) antwoordt dat ze zich baseert op een brief van een groep dierenartsen die zich inzet voor dierenrechten. Ook de Dierenbescherming geeft aan dat evenementen zonder dieren voorkeur verdienen. De heer Mees (Leefbaar 's-Hertogenbosch) vraagt of het nog verantwoord is dat de politie te paard rijdt.

8

Mevrouw Van Diejen (PvdD) antwoordt dat de PvdD daar ook geen voorstander van is. Mensen houden van tradities en gewoonten, maar wat als men weet dat evenementen met dieren niet door iedereen worden gewaardeerd? Soms worden tradities een beetje aangepast, zodat ze voor iedereen leuk zijn. Daarom zou het gebruik van dieren tijdens evenementen zoveel mogelijk ontmoedigd moeten worden. De PvdD stelt voor dat men voor evenementen met dieren altijd een vergunning moet aanvragen en dat de gemeente evenementen met dieren niet meer subsidieert. Ook kan de gemeente vooraf met de initiatiefnemer bespreken of de dieren echt nodig zijn. Daarnaast kan gevraagd worden hoe zij het dierenwelzijn borgen en kan de gemeente daarop controleren. De PvdD is voornemens om dit te verwerken in een motie. De heer Van Hattem (PVV) vraagt of de PvdD bedoelt dat organisaties die kunnen aantonen dat het dierenwelzijn goed is een vergunning voor het evenement ontvangen. Mevrouw Van Diejen (PvdD) reageert dat de gemeente het niet kan verbieden om dieren te gebruiken bij evenementen. De gemeente kan wel besluiten om in dat geval geen subsidie te verlenen en/of extra te handhaven op het dierenwelzijn. De heer Van Hattem (PVV) vraagt of de vergunningsplicht ook gaat gelden voor het offerfeest. Mevrouw Van Diejen (PvdD) pleit ervoor dat de gemeente controleert of het dierenwelzijn goed geborgd is.

Het tweede onderwerp is het Dierentehuis. De PvdD is trots op wat het Dierentehuis voor de gemeente doet. Het geeft invulling aan de gemeentelijke opvangplicht voor zwerfdieren, maar houdt met moeite het hoofd boven water. De kosten worden maar voor de helft gedekt door de gemeente. Jaarlijks moet men elders inkomsten zoeken en geld voor onderhoud is er niet, terwijl onderhoud wel nodig is. Ook is het pand inmiddels te klein geworden en is uitbreiding nodig. De heer Van Haren (VVD) vraagt of het Dierentehuis gebruikmaakt van maatschappelijk vastgoed. Volgens mevrouw Van Diejen (PvdD) heeft het Dierentehuis het pand voor een symbolisch bedrag gekocht. De fractie zou graag een eenmalige bijdrage aan het Dierentehuis leveren en daarnaast in een hogere structurele bijdrage voorzien. De PvdD zal hiervoor een motie indienen. De heer Mees (Leefbaar 's-Hertogenbosch) vraagt of dierenopvang een wettelijke taak van de gemeente is. Mevrouw Van Diejen (PvdD) antwoordt bevestigend. De gemeente heeft opvang- en zorgplicht voor zwerfdieren. Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) vraagt hoeveel het Dierentehuis nodig heeft om alles weer op orde te krijgen. Mevrouw Van Diejen (PvdD) antwoordt dat het achterstallig onderhoud € 14.000 kost, maar dat er ook uitbreiding van het pand nodig is. Dat gaat circa € 500.000 kosten.

Vorig jaar is een motie aangenomen over het preventief informeren bij de aanschaf van een huisdier, zodat men weet waar men aan toe is. De motie is inmiddels afgedaan na een gesprek met het Dierentehuis. Er is echter nog niets veranderd. Het Dierentehuis gaf het belang aan, maar heeft zelf niet de capaciteit om een campagne op te zetten. Mevrouw J.J.M. van den Wildenberg (VOOR Den Bosch) merkt op dat mensen die hun huisdier uit het asiel halen goed geïnformeerd worden. Ze vraagt of dat bedoeld wordt met een campagne of dat het breder moet zijn. Mevrouw Van Diejen (PvdD) bevestigt dat het Dierentehuis al veel informatie verstrekt. Het gaat echter om een brede campagne. Het Dierentehuis wil hiervoor expertise inzetten, bijvoorbeeld voor een social mediacampagne. De PvdD zal hierover een voorstel indienen in de raad. Mevrouw Van de Leemput (Bosch Belang) is tevreden over het proces dat de gemeente heeft doorlopen om tot de voorliggende begroting te komen. Het viel op dat subsidies voorheen

9

uitgeschreven werden, maar nu een soort black box zijn. Het is niet inzichtelijk waar subsidies naartoe gaan en wie er nog subsidies nodig hebben. De heer Van Hattem (PVV) merkt op dat de PVV eerder een motie heeft ingediend over het subsidieregister. Dat wordt jaarlijks bij de jaarstukken aangeboden, zodat iedereen weet welke subsidies in het voorbije jaar zijn verleend. Bij de begroting zou beter inzichtelijk kunnen worden gemaakt uit welke posten subsidies benut kunnen worden. Hij vraagt of Bosch Belang dat bedoelt. Mevrouw Van de Leemput (Bosch Belang) antwoordt bevestigend. Bosch Belang denkt dat er in de WMO een flinke inhaalslag mogelijk is. De fractie wil inzetten op de langere geldigheidsduur van WMO-indicaties voor chronisch zieken voor onder andere huishoudelijke hulp, dagbesteding en persoonlijke begeleiding. Het zou leiden tot ontschotting van de zorg en vermindert de administratielast. Bosch Belang hoort graag hoe de wethouder dit ziet. Ook vraagt de fractie in hoeverre het mogelijk is om met regionale zorgaanbieders in overleg te treden, zodat gemeente en zorgaanbieders met dezelfde partijen in zee gaan, met name voor huishoudelijke hulp en persoonlijke begeleiding. Hiermee moet voorkomen worden dat het personeel wisselt als cliënten overgaan van de WMO naar de Wlz.

Tot slot doet Bosch Belang een oproep aan de commissie om de focus bij toeslagen en kortingen niet alleen op de laagste inkomensgroep te leggen, maar ook op de groep die hard werkt voor een laag salaris. Binnen deze groep is er steeds vaker sprake van armoede. Sommigen gaan zelfs minder werken om in aanmerking te komen voor toeslagen. Dat vindt Bosch Belang in een tijd van arbeidsmarktkrapte een kwalijke zaak. De heer Van Silfhout (Volt) vraagt wat Bosch Belang voor de groep werkenden in armoede wil gaan doen. Mevrouw Van de Leemput (Bosch Belang) wil aandacht voor het feit dat mensen soms beter 20 uur kunnen werken dan 28 uur, omdat men dan huursubsidie krijgt. De heer Van Silfhout (Volt) maakt zich daar ook zorgen over, maar twijfelt of de gemeente hier iets aan kan veranderen. Mevrouw Van de Leemput (Bosch Belang) antwoordt dat er bij de lage inkomensgroep kortingen worden gegeven. Ze vraagt aandacht voor de groep die net niet in aanmerking komt voor kortingen. De heer Van Hasselt (SP) vraagt of Bosch Belang er voorstander van is om de inkomensgrens voor sociale regelingen te verhogen, zodat deze groep er ook voor in aanmerking komt. Mevrouw Van de Leemput (Bosch Belang) denkt dat dit averechts werkt. Als het minimum wordt opgetrokken, loont het werken nog minder.

De heer Van Hasselt (SP) legt uit dat met zijn voorstel de groep mensen die recht heeft op sociale regelingen groter wordt, zodat ook werkenden eruit kunnen putten en vraagt of Bosch Belang daar voorstander van is. Mevrouw Van de Leemput (Bosch Belang) denkt dat dit niet loont. De heer Çifçi (PvdA) zegt dat de PvdA vindt dat sport voor iedereen toegankelijk moet zijn. Het bevordert de fysieke gezondheid en draagt bij aan mentale gezondheid en sociale cohesie. Sporten is echter duurder geworden en niet iedereen weet de weg om een vergoeding te krijgen. Bovendien hebben veel Bosschenaren in de middenklasse moeite met de stijgende kosten. Kinderen rijden na schooltijd vaak op fatbikes door de parken. De PvdA zou graag zien dat er meer jongerenwerkers en straatwerken in deze parken aanwezig zijn. Dat kan helpen om de jongeren te begeleiden en een fijne omgeving voor iedereen te waarborgen. In de jongerencentra worden al veel activiteiten georganiseerd, maar ouders geven aan dat er nog veel verbeterd kan worden.

10

Mevrouw Hoekstra (PvdA) wijst op een krantenbericht over de terugloop van mensen in armoede, terwijl men in Den Bosch merkt dat er juist meer mensen ondersteuning nodig hebben. Het bleek dat niet de aantallen teruglopen, maar dat de norm is aangepast. Zo worden problemen echter niet opgelost. Ook in Den Bosch groeien kinderen op in armoede. Het is een moeilijk op te lossen probleem, maar Den Bosch heeft wel een beweging in gang gezet. Ondanks de bezuinigingen wordt ingezet op het sterker maken van mensen. De heer Van Silfhout (Volt) vraagt hoe de PvdA aankijkt tegen het feit dat er wordt gekort op rijksmiddelen ter bestrijding van kinderarmoede. Moet de gemeente deze taken dan toch blijven uitvoeren? Mevrouw Hoekstra (PvdA) vraagt waaraan Volt refereert. De heer Van Silfhout (Volt) verwijst naar de SPUK, waar Stichting Leergeld gebruik van maakt. Mevrouw Hoekstra (PvdA) weet dat deze incidentele rijksmiddelen zijn vervallen. Ze maakt uit de raadsinformatiebrief op dat voor de besteding van de middelen een creatieve oplossing is gevonden. De gemeente kan niet elke korting van rijkssubsidies opvangen met lokale middelen. De heer Van Silfhout (Volt) vraagt of de PvdA in zo’n geval kiest voor ‘geen knaken, geen taken’. Mevrouw Hoekstra (PvdA) antwoordt dat er tijdelijke middelen wegvallen, waarvoor de wethouder een passende oplossing heeft gevonden.

Bovendien investeert de gemeente volgens het bestuursakkoord € 4 miljoen extra aan de bestrijding van kinderarmoede. Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) vraagt of de PvdA bereid is om geld te zoeken in andere beleidsterreinen om zaken in het Sociaal Domein te blijven bekostigen. De Bossche Groenen zou bijvoorbeeld willen kijken of het budget voor citymarketing elders kan worden ingezet. Mevrouw Hoekstra (PvdA) is daar geen voorstander van, omdat de uitgaven aan citymarketing ook gebaseerd zijn op afspraken in het bestuursakkoord. Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) reageert dat er in het bestuursakkoord geen budgetten zijn afgesproken, maar ze begrijpt dat het voor de PvdA geen optie is. De heer Van Hasselt (SP) vraagt of de PvdA de subsidie aan Stichting Leergeld minder belangrijk vindt dan citymarketing. Mevrouw Hoekstra (PvdA) vindt het niet kies om deze vergelijking te trekken. De PvdA laat met de keuzes die ze maakt om kinderarmoede te bestrijden zien hoe belangrijk ze dat onderwerp vindt. De PvdA wil de problemen in de stad echt oplossen. Dat doet ze niet door definities te veranderen, maar ook niet door weg te kijken van financiële knelpunten die er zijn. Vanwege het ondergebruik van de sociale regelingen vraagt de PvdA of de regelingen verbeterd kunnen worden, nu de Bossche Pas is uitgesteld.

Ook hoort de fractie graag hoe het staat met de samenwerking met informele netwerken in het kader van armoede, zoals de Voedselbank en Stichting Warm Buffet. De heer Van Hasselt (SP) vraagt hoe de PvdA het niet-gebruik van regelingen wil verbeteren. Volgens mevrouw Hoekstra (PvdA) heeft de PvdA een concreet voorstel gedaan via een motie. Het college heeft deze motie grotendeels uitgevoerd, zoals in de raadsinformatiebrief is teruggekoppeld. Ze is benieuwd waartoe dat gaat leiden. Omdat de Bossche Pas vertraging oploopt, hoort ze graag of er op korte termijn nog mogelijkheden zijn om verbeteringen door te voeren. De heer Van Hasselt (SP) vraagt om concrete voorbeelden. Mevrouw Hoekstra (PvdA) antwoordt dat ze juist aan het college voorbeelden vraagt.

11

Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) beperkt haar bijdrage tot cultuuraspecten. Voor de overige onderwerpen sluit zij zich aan bij het betoog van de SP. De Bossche Groenen doet een appel op het college om de prioriteiten op cultuurgebied bij te stellen. Er staan grote, dure projecten op stapel, maar de vraag is wat die gaan betekenen voor de mensen die de cultuur vormgeven, de kunstenaars. Zij hebben het in de praktijk lastig. De wachtlijsten voor een betaalbaar atelier lopen op, vrijgekomen ateliers worden niet opgevuld en muzikanten kunnen geen permanente plekken vinden om zich te vestigen. De Bossche Groenen vraagt naar de status van de aanbesteding atelierbeleid. Het college heeft afscheid genomen van de atelierbeheerstichting en heeft van de vaste contracten tijdelijke huurovereenkomsten gemaakt. Kunstenaars zijn bezorgd over deze aanpak en horen graag of er al een nieuwe beheerpartij is aangetrokken. Broedplaatsen voor kunstenaars aan de rafelranden van de stad dreigen door de groei van de stad te verdwijnen. De Bossche Groenen zou graag meer panden beschikbaar stellen, zoals het leegstaande V&D-gebouw. Als de gemeente de cultuurnota als uitgangspunt voor het beleid wil nemen, moet ze bereid zijn om meer te investeren in kunst en cultuur. Van de B5-gemeenten geeft Den Bosch per inwoner het minste uit.

Een cultureel aantrekkelijke stad rendeert ook in economisch opzicht. Bedrijven en hoogopgeleiden vestigen zich namelijk graag in een bruisende stad. Het verdient zichzelf dus terug. De € 43 miljoen die de gemeente investeert in het Design Museum kan ook gebruikt worden om 43 jaar lang € 1 miljoen per jaar te besteden aan ondersteuning van kunstenaars. Dit zou kleur en reuring in de stad brengen, in plaats van stenen. Het Theater aan de Parade staat er nu, maar hoe kan de exploitatie succesvol worden gemaakt? Kan de wethouder garanderen dat de extra kosten die hiervoor nodig zijn niet ten koste gaan van het budget voor de kunstenaars en artiesten? Waar haalt het college het extra geld vandaan dat hiervoor nodig is? De heer Van Genugten (CDA) vraagt wat De Bossche Groenen verstaat onder het ‘huis van de stad’ dat het theater volgens haar moet worden. Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) antwoordt dat er een zekere dynamiek moet ontstaan in het theater. Nu is er nauwelijks iets te doen. Lokale theatermakers moeten het gebouw kunnen gebruiken zonder hoge kosten. Het moet laagdrempelig beschikbaar worden gesteld voor allerlei activiteiten. De heer Van Genugten (CDA) vindt dit tegenstrijdig met het pleidooi voor een goede exploitatie van het theater.

Enerzijds moet het goed renderen, maar anderzijds moet het theater opengesteld worden voor makers en mogen daar geen hoge huren voor gerekend worden. Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) zegt dat De Bossche Groenen nooit voorstander is geweest van de investering van € 80 miljoen voor het gebouw. Maar nu het gebouw er staat, wil de fractie wel onderzoeken hoe het tot een succes gemaakt kan worden. Daarvoor moet er vaker iets te doen zijn. Meer activiteiten betekenen ook meer inkomsten. De heer Van Genugten (CDA) vraagt of De Bossche Groenen bereid is om geld aan de exploitatie toe te voegen, zodat het voor makers mogelijk wordt om voor een lage prijs ruimten te gebruiken. Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) vindt dat er sowieso meer moet gebeuren in het theater. Dat kan enerzijds zijn door makers ervan te laten profiteren, anderzijds door commerciële activiteiten aan te bieden. Er ligt echter nog steeds geen plan voor de exploitatie. De heer Elders (D66) vraagt naar voorbeelden van locaties waar makers moeten verdwijnen. Ook hoort hij graag waarom dat zo is. Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) noemt de Tramkade. In 2025 moeten de mensen daaruit. Ter overbrugging moeten deze mensen ergens een atelier krijgen.

De heer Elders (D66) vraagt of De Bossche Groenen het ermee eens is dat de Tramkade een tijdelijk project was en dat het college er hard aan werkt om makers en doeners goede plekken te geven.

12

Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) is het daarmee eens, maar vraagt aandacht voor tijdelijke ruimte voor de kunstenaars die weg moeten van de Tramkade. De heer Van Haren (VVD) merkt op dat de nieuwe cultuurbegroting ook per 2025 start. Daarin wordt het budget verhoogd en beter verdeeld om kleur en reuring te krijgen. Erkent mevrouw Hendrickx dat? Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) weet dat er regelingen zijn, maar als Cultuurhoofdstad van het Zuiden geeft Den Bosch het minste per inwoner uit aan cultuur. Bovendien zijn veel atelierruimten te duur voor de kunstenaars. De heer Van Genugten (CDA) vraagt hoe De Bossche Groenen naar de totale begroting kijkt. Wordt er voldoende besteed aan cultuur of komt de Bossche Groenen met aanvullende voorstellen? Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) reageert dat De Bossche Groenen met een aantal voorstellen zal komen als aanvulling op de begroting. In een tijd van schaarste moet goed gekeken worden waar het geld aan besteed wordt. Soms is er geen extra geld nodig, maar kunnen er slimmere keuzes worden gemaakt. Misschien kunnen leegstaande gemeentegebouwen beschikbaar gesteld worden aan kunstenaars. De heer Van Silfhout (Volt) begrijpt dat De Bossche Groenen meer hoogopgeleiden naar de stad wil trekken door middel van cultuur.

Volt heeft twee jaar geleden een motie ingediend om ervoor te zorgen dat cultuur niet alleen voor hoogopgeleiden is. Hij vraagt naar de grondhouding van De Bossche Groenen ten opzichte van de cultuursector. Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) is van mening dat de culturele sector een belangrijke motor kan zijn voor de stad. Dat wil echter niet zeggen dat er stadsbreed ingezet moet worden op één cultureel programma. In de wijken zijn de afgelopen tijd al heel veel mooie projecten opgezet. De heer Van Silfhout (Volt) ziet cultuur niet als middel om hoogopgeleiden naar de stad te trekken, maar als middel om het wereldbeeld van inwoners te verbreden. Hij zou ervoor willen waken dat dit eerste als frame wordt gebruikt voor de cultuursector. Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) vindt het twee verschillende dingen. Het is interessant om bedrijven naar de stad te trekken die werkgelegenheid bieden en belasting opbrengen. Dat kan via kunst en cultuur. Met het geld dat dit oplevert, kunnen activiteiten en projecten worden betaald voor mensen die minder gemakkelijk toegang tot cultuur hebben. De heer Elders (D66) vraagt hoe De Bossche Groenen dit rijmt met het voorstel om citymarketing te verminderen ten gunste van het cultuurbudget. Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) denkt dat een aantrekkelijke stad zichzelf verkoopt.

Als lokale kunstenaars in de etalage worden gezet, heeft Den Bosch geen citymarketing nodig. De heer Elders (D66) denkt dat dit maar voor een beperkte doelgroep geldt, terwijl de gemeente cultuur voor een zo breed mogelijke doelgroep wil aanbieden. Daar kan citymarketing wel degelijk aan bijdragen. De voorzitter onderbreekt de discussie omdat er geen vragen worden gesteld. De heer Van Hattem (PVV) veronderstelt dat het Theater aan de Parade geen exploitatietekort had gehad als investeringen in de cultuursector zichzelf terugverdienen. Hij vraagt hoe De Bossche Groenen bij dat standpunt komt. Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) stelt dat citymarketing niet het Theater aan de Parade verkoopt, maar de stad als geheel promoot. Als het geld van citymarketing wordt verdeeld onder partijen die de stad interessanter maken, komen de mensen vanzelf.

13

De heer Van Hattem (PVV) mist een onderbouwing voor de uitspraak dat de investering in cultuur zichzelf terugverdient. De meeste instellingen kunnen alleen overeind blijven door overheidssubsidies. Hij vraagt waar mevrouw Hendrickx zich op baseert. Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) denkt dat het Theater aan de Parade nooit rendabel zal worden, omdat het project veel te duur is geworden. Daarnaast zijn er veel partijen die commercieel werken, zoals Social label. Zij trekken wel degelijk mensen naar de stad. Als die partijen meer ondersteuning krijgen om de stad in de etalage te zetten, worden lokale makers gefaciliteerd én wordt de stad op een veel authentieker manier gepromoot. Mevrouw Muller (D66) benadrukt hoe belangrijk het is dat de gemeente investeert in de Rijke Schooldag. De extra activiteiten, zoals muziekles en sport, zorgen voor een brede ontwikkeling van de kinderen. Er worden zeer diverse workshops aangeboden, wat D66 van groot belang vindt, omdat dit bijdraagt aan gelijke kansen voor alle kinderen. D66 staat ook stil bij het project Talent2Teach. In een motie is voorgesteld om in gesprek te treden met het onderwijs om te onderzoeken hoe het project uitgebreid kan worden. Met Talent2Teach kunnen leerlingen van de middelbare school via een cursus door pabo-studenten gaan lesgeven aan basisschoolleerlingen.

Het zorgt niet alleen voor ondersteuning in de klas, maar stimuleert mensen ook om te kiezen voor een loopbaan in het onderwijs. Uitbreiding van het project zal bijdragen aan een structurele oplossing voor het lerarentekort. D66 is blij met de ambities in het beleidskader onderwijshuisvesting. Goede schoolgebouwen zijn onmisbaar om goed onderwijs te geven. De fractie begrijpt niet dat slechts een deel van de scholen is geschouwd. Gebouwen van na 2010 zijn buiten beschouwing gelaten, terwijl ook deze scholen duurzaam en toekomstbestendig moeten blijven. D66 vindt een volledig overzicht essentieel en vraagt om een totaalplan, zodat inzichtelijk wordt welke vernieuwingen nodig zijn. Het is fijn dat de gemeente een buffer heeft in het lokale Sociaal & Zorgfonds. Na 2025 zal de gemeente echter snel op de reserves interen. Bij de jeugdzorg wordt hard gewerkt aan preventie. Deze aanpak kan op lange termijn veel opleveren. Toch blijft er onzekerheid: de financiële effecten van preventiemaatregelen zijn niet bekend. Ook binnen de WMO moet de zorg betaalbaar blijven.

Daarom wordt ingezet op het ombuigen van de zorgtrend, maar wat als preventie niet oplevert wat er nu wordt gehoopt? Wat zijn de toekomstscenario’s? Hoe wordt ervoor gezorgd dat de gemeente ook op langere termijn een stabiel zorg- en welzijnsfonds heeft? Mevrouw Van Diejen (PvdD) herkent de zorgen over de trend naar preventie in de jeugdzorg. Daarom is PvdD geen voorstander van oud-voor-nieuwbeleid. Ze vraagt of D66 het ook verstandig vindt om zowel op preventie als op jeugdhulp zelf in te zetten. Mevrouw Muller (D66) antwoordt dat er nog steeds geïnvesteerd wordt in jeugdzorg. Doordat de kosten voor jeugdzorg zo hoog zijn, teert de gemeente in op de reserves. D66 wil graag dat er wordt nagedacht over de toekomst: welke scenario’s zijn er als de preventie onvoldoende voordeel oplevert? Mevrouw Van Diejen (PvdD) begrijpt hieruit dat D66 zich meer zorgen maakt om het budget dan om de hulp zelf. Mevrouw Muller-Laumans (D66) maakt zich om beide zorgen. De financiën zijn echter nodig om de hulp te kunnen verlenen. De heer Elders (D66) merkt op dat D66 diverse malen heeft gevraagd wat er gebeurt met het concept De Bossche Zomer dat zo succesvol was tijdens de coronaperiode. Er is een initiatief voor een doorstart, maar dat staat inhoudelijk erg ver af van de oorspronkelijke Bossche Zomer. D66 zou dit liever gewoon ‘het culturele wijkenprogramma’ noemen en niet De Bossche Zomer.

Het Bossche nachtleven kan een boost gebruiken. D66 is benieuwd of hiervoor, na het aannemen van de motie van D66 en Volt, al beleidscontouren zichtbaar zijn. Tot slot vraagt D66 aandacht voor seksuele gezondheid. D66 heeft hierover gesproken met de GGD en vraagt het college en het dagelijks bestuur van de GGD om met scenario’s te komen voor intensivering van het seksuele gezondheidsbeleid en deze mee te nemen bij de volgende GGD-kadernota. Het gaat daarbij niet alleen om testen, maar ook over preventie. De heer Van Silfhout (Volt) vraagt of D66 bereid is om budget te gaan zoeken in de voorjaarsnota om de testcapaciteit uit te breiden.

14

De heer Elders (D66) heeft nog geen voorjaarsnota gezien en is benieuwd aan wat voor bedragen Volt denkt. De heer Van Silfhout (Volt) wil graag weten of D66 bereid is om budget vrij te spelen als eenmaal duidelijk is hoeveel het gaat kosten. De heer Elders (D66) wil echt eerst laten onderzoeken wat er allemaal nodig is en wat dat kost. De heer Van Hattem (PVV) vraagt hoe het alternatief voor De Bossche Zomer zich verhoudt tot de wijk- en dorpsbudgetten die al beschikbaar zijn voor activiteiten. De heer Elders (D66) antwoordt dat er geld is opgenomen in de begroting voor het cultureel wijkenprogramma. Het is geen voorstel van D66. Schorsing De heer Van Hattem (PVV) stelt dat hij zijn kritiek op de voorjaarsnota onverminderd overeind kan houden, omdat de uitwerking er niet beter op is geworden. Desalniettemin komt het ravijnjaar snel dichterbij. In plaats van nu te starten met bezuinigen, blijft het college met geld strooien en overbodige projecten financieren, zoals het onderzoek naar het slavernijverleden. De brede lokale inclusieagenda is grotendeels GroenLinkse, woke symboolpolitiek en dus overbodig. Ook het reclamebeleid rondom ongezond voedsel en de verkenning vestigingsbeleid voor fastfoodaanbieders vindt de PVV overbodige overheidsbetutteling. Het Brabants Dagblad berichtte dat Den Bosch haar geld aan asielzoekers, wijken en cultuur besteedt.

Inwoners die niet in de cultuursector werken, geen asielzoeker zijn en toevallig in een andere wijk wonen, hoeven alleen maar mee te betalen. Er wordt namelijk verschil gemaakt per wijk. Het maakt voor het college uit in welke wijk je wieg staat, want alleen kinderen in West en Noord krijgen een verrijkte schooldag met allerlei extra activiteiten. De kinderen in de Gestelse buurt krijgen die niet, terwijl daar ook problemen zijn. Zij krijgen echter de activiteiten vanuit het azc opgedrongen, bijvoorbeeld tijdens burendag of via de voetbalkooi bij het azc. Men heeft er geen eigen buurthuis meer. Voor overleg over het azc wordt gebruikgemaakt van een bewonersruimte in buurthuisje De Guido. De PVV hoort graag hoe het zit met de afspraken die de burgemeester hierover met de wijk heeft gemaakt. Zijn er wel duidelijke kaders voor het omwonendenoverleg? Er lijkt verschil te zijn gemaakt tussen wijk- en dorpsbudgetten. Verder wordt ingezet op het naar werk begeleiden van asielzoekers in het azc door banenmarkten en het aanleren van vaardigheden en taal. De PVV vindt het vreemd dat de gemeente dit doet voor asielzoekers, die nog in afwachting zijn van een verblijfsvergunning. Het is bovendien niet zeker dat ze in Den Bosch blijven als ze een status krijgen.

Waarom worden hiervoor lokale middelen geïnvesteerd? En wat doet het college om eventuele fraude met taalcursussen te voorkomen? In de Sancta Mariaschool wordt een internationale schakelklas gehuisvest. De PVV vindt dat deze locatie beschikbaar moet blijven voor de eigen leerlingen die kleinschalig onderwijs nodig hebben. Zij kunnen er niet meer terecht, terwijl de asielzoekerskinderen er wél kleinschalig onderwijs krijgen. Er wordt nog veel meer betaald uit de post ‘vluchtelingendossier’. De PVV wil dit geld per direct aan de eigen inwoners besteden. Het is onbegrijpelijk dat bewoners van het azc op fatbikes rondrijden, die veel eigen inwoners niet kunnen betalen. Tot slot wil de PVV dat het college een streep zet door de decadente plannen voor het Design Museum. Zet eerst in op het design van goed communiceren met de inwoners. De heer Van Silfhout (Volt) stelt dat Volt goede dingen ziet in de gemeente. Er wordt succesvol gewerkt aan Housing First om dak- en thuislozen op te vangen. Ook zijn er goede aspecten aan het cultuurbeleid, zoals het aanstellen van een cultuurmakelaar, de zoektocht naar ruimte voor lokale makers, de ontwikkeling van de urban scene en het opstellen van een visie voor het nachtleven. Volt hoort graag wat de stand van zaken is.

Twee jaar geleden werd een motie aangenomen over ‘Buurt naar het museum’, waardoor lokale musea en cultuurinstellingen een ontmoetingsplek worden. Zo wordt het contact tussen buurtbewoners versterkt en hun blik verbreed door het museumbezoek. De musea die meewerken aan de pilot zijn er enthousiast over en in december a.s. worden de eerste resultaten gepresenteerd. Er is volgend jaar echter geen geld beschikbaar binnen de huidige subsidieregeling om dit project voort te zetten. Volt zou graag geld reserveren om het project een

15

jaar voort te zetten, zodat bij de begrotingsbehandeling 2026 structureel geld vrijgemaakt kan worden en vraagt de wethouder hierop te reageren. In december heeft Volt al gewaarschuwd voor IT-problemen bij de ontwikkeling van de Bossche Pas. De gemeente wilde alles tegelijk ontwikkelen in plaats van gefaseerd. De heer Mees (Leefbaar 's-Hertogenbosch) vraagt of Volt meer informatie heeft dan andere fracties. Hij heeft zelf nergens gelezen dat de vertraging wordt veroorzaakt door IT-problemen. De heer Van Silfhout (Volt) legt uit dat hij tijdens het debat over de Bossche Pas heeft betoogd dat grote IT-projecten altijd vertraging oplopen. Volt trekt zelf de conclusie dat de vertraging door IT-problemen komt, ómdat het een IT-project is. Volt had kleinschalig willen starten met een beperkte doelgroep en een beperkt aanbod. De wethouder zei destijds dat de gemeente werkt met proven technology en partijen die het product kunnen leveren. Nu lijkt het toch dat het ingewikkelder is dan verwacht. Volt vraagt of het college het risico onderschat heeft en of het verstandiger was geweest om kleinschalig te starten. De heer Van Genugten (CDA) merkt op dat er al op meerdere plekken gelijksoortige passen zijn ontwikkeld en vraagt of Volt het daarmee eens is. De heer Van Silfhout (Volt) heeft desondanks geadviseerd om klein te starten.

Volt is bezorgd over de gang van zaken, omdat het gaat om het sociale effect van de pas. Dat andere partijen ook een commercieel effect willen zien, vindt Volt minder belangrijk. De heer Van Genugten (CDA) vraagt of Volt alleen de minimaregelingen beschikbaar had willen stellen via de pas. Het stigmatiserende effect daarvan was de reden dat een dergelijke pas het jaren geleden niet heeft gehaald. De heer Van Silfhout (Volt) wil het debat van december 2023 niet herhalen. Volt ziet de stigmatiserende werking niet en had graag voor de Bossche inwoners een pas willen ontwikkelen, die later eventueel ingezet kan worden voor toeristen en bezoekers. Mevrouw Van Diejen (PvdD) stelt voor om eerst aan het college te vragen of de vertraging wordt veroorzaakt door IT-problemen. De heer Van Silfhout (Volt) zou dat graag horen van het college. Hij vervolgt zijn betoog. Vanaf 2015 bestaat er een financieel plafond voor SOA-tests. Al negen jaar is dat plafond niet verhoogd, waardoor er een tekort aan testcapaciteit is ontstaan. Risicogroepen zijn hiervan de dupe, waaronder jongeren. Zij zullen niet snel naar de huisarts gaan voor een test, omdat dit niet anoniem is. Volt wil laten onderzoeken wat de kosten zijn om de testcapaciteit te vergroten. Bij de volgende voorjaarsnota kan structureel budget worden gezocht voor de GGD. Mevrouw Hoekstra (PvdA) vraagt of er echt een probleem is.

Uit navraag bleek dat iemand meteen een afspraak bij de GGD kan maken voor een SOA-test. De heer Van Silfhout (Volt) antwoordt dat het volgens de GGD een probleem is. Veel mensen worden daarom naar de huisarts verwezen, terwijl zij liever anoniem testen. Mevrouw Hoekstra (PvdA) bevestigt dat de GGD bepaalde doelgroepen voorrang verleent, maar daar horen ook jongeren bij. Het is dus niet zo dat jongeren niet terechtkunnen bij de GGD. Volwassenen worden inderdaad doorgestuurd naar de huisarts, maar dat lijkt haar prima. De heer Van Silfhout (Volt) vindt dat iedereen bij de GGD terecht moet kunnen. Dat zal niet gaan lukken, maar dan onderzoekt Volt graag wat er wel mogelijk is. Mevrouw Hoekstra (PvdA) vindt het dan onduidelijk worden wat de vraag aan de raad is. Volt zegt eerst dat jongeren niet terechtkunnen bij de GGD. Dat is niet het geval en nu geeft Volt aan dat iedereen gratis bij de GGD terecht moet kunnen om te testen. De heer Van Silfhout (Volt) zegt dat Volt, samen met D66, wil laten onderzoeken welke structurele gelden aangewend kunnen worden om ervoor te zorgen dat de GGD meer kan

16

inzetten op seksuele gezondheid. Vervolgens moet de raad een keuze gaan maken. Volt is bereid om hierin te investeren. Mevrouw J.J.M. van den Wildenberg (VOOR Den Bosch) heeft vorige keer voorgesteld om meer aan preventie te doen, bijvoorbeeld door condooms toe te voegen aan menstruatiekasten. Ze vraagt of daar niet beter op ingezet kan worden. Volgens de heer Van Silfhout (Volt) daalt het condoomgebruik onder jongeren. Het zou mooi zijn om het gebruik weer te stimuleren, maar het zal niet de enige oplossing zijn. Stichting Leergeld geeft aan dat de groep kinderen die in armoede leeft, groter is dan de gemeente zegt. De gemeenteraad heeft een motie aangenomen voor meer ervaringsdeskundigheid in de gemeentelijke organisatie. Stichting Leergeld heeft die ervaringsdeskundigheid. Het baart Volt zorgen dat de stichting de ambitie heeft moeten bijstellen als gevolg van een voorgenomen rijksbezuiniging. Volt vraagt hoe het college de gevolgen hiervan gaat monitoren en wat er wordt gedaan als blijkt dat kinderen de dupe worden van deze beleidskeuze. De heer Van Genugten (CDA) vraagt of er niet gewoon sprake is van het wegvallen van tijdelijke middelen vanuit het rijk. In dat geval is er geen sprake van een bezuiniging door het college van middelen voor Stichting Leergeld. De heer Van Silfhout (Volt) doelde op de bezuiniging op de begroting van Stichting Leergeld.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14868788/1