Verslag Commissie Sociaal 27 09 2023 (vastgesteld)
Tekst van het document
Commissie SOCIAAL Datum: Locatie: Aanwezig: Voorzitter Secretaris: (plv.) Commissieleden:
Collegeleden:
27 september 2023 Raadzaal
J.J.M. Gersjes mr. G.L. Pijnenburg O. Çifçi, J.J.E.L. van Creij, mw. E.C.M. van Diejen BSc, mw. mr. Y. Doǧan, S.J.A. Elders BA, F.G.F. van Genugten, A.W.J.A. van Hattem LLB, F.J. van Haren, mw. F. Hoekstra, mw. R.F. van der Kallen-van der Donk, mw. W.M. van de Leemput, H.J.M. Mees, W.J. Plasmeijer, A.P.R.G.M van Rosmalen, mw. E. Samshuijzen, ir. P.K. Schuurmans, mw. C.K.J. Visscher, mw. mr. C.H.A. van den Wildenberg, mw. J.J.M. van den Wildenberg, mw. dr. Y. van Zaalen P. Slikker, mw. mr. M.A.B. van der Sloot
Afwezig:
mw. A.M.W. van der Aa, mw. M. Craste bc, S.C. van Hasselt, ing. J.N. Kieft, mw. drs. E.W.M. van Opdorp, mw. W.A.M.H. Parijs, A.C. van Silfhout
Verslaglegging
I. Wendt, DemiSec
1.
Opening en mededelingen De voorzitter heet allen, in de zaal en thuis, van harte welkom bij de vergadering van de commissie Sociaal van 27 september 2023. Er is bericht van verhindering ontvangen van mevrouw Craste, mevrouw Van Opdorp, de heer Kieft en de heer Van Silfhout.
2.
Vaststellen van de agenda De voorzitter meldt dat er drie raadsvoorstellen zijn geagendeerd. Hij inventariseert over welke voorstellen de fracties willen spreken. De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld.
3.
Vaststellen van het verslag van de commissie Sociaal van 6 september 2023 Het verslag van de commissie Sociaal van 6 september 2023 wordt ongewijzigd vastgesteld.
4.
Openstaande toezeggingen en moties Mevrouw Van Diejen (PvdD) heeft vorige keer gevraagd naar de status van de motie over het verkorten van wachtlijsten in de zorg. Ze heeft hier nog geen reactie op ontvangen. Wethouder Slikker geeft aan dat hij had verwacht dat de beantwoording inmiddels toegestuurd was. De lijst van openstaande moties en de lijst van bestuurlijke toezeggingen worden ongewijzigd vastgesteld.
5.
Werkplanning commissie Sociaal Over de werkplanning zijn geen opmerkingen gemaakt.
1
Raadsvoorstellen 6.
Verordening Maatschappelijke Ondersteuning 2024 De voorzitter licht toe dat de raad op 20 september jl. de voorloper van de verordening heeft vastgesteld, maar dat men wordt verzocht om in te stemmen met een gewijzigde verordening. De argumentatie hiervoor is in het voorstel opgenomen. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) had vorige week de wethouder gecomplimenteerd met de duidelijke beantwoording van de vragen. Nu blijkt echter dat de verordening op dat moment al gewijzigd was. Hij had liever gezien dat dit voor de bespreking was aangegeven, zodat de commissie geen dubbel werk doet. Met de inhoudelijke wijzigingen is gewoon ge-DREVEN het eens. Reactie college Wethouder Slikker zegt dat het college bij voorkeur alle documenten in één keer aan de commissie voorlegt. Het vorige voorstel was echter al te ver in de routing toen de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep werd ontvangen. Hij erkent dat het college het in de vorige vergadering had moeten melden. De voorzitter geeft aan dat het raadsvoorstel als een hamerstuk wordt doorgeleid naar de raadsvergadering.
7.
Beleidskader onderwijshuisvesting Mevrouw Doğan (GroenLinks) stelt dat het beleidskader onderwijshuisvesting grote implicaties heeft voor de gemeente. Het is een essentiële stap om de kwaliteit van het onderwijs te verbeteren. Vorige week is de Bossche Educatieve Agenda aangenomen, die onlosmakelijk verbonden is met het beleidskader. Het voorstel biedt een solide basis voor de verbetering van de onderwijsfaciliteiten van Den Bosch en voorziet in de behoefte van huidige en toekomstige leerlingen. Net als bij de BEA zijn diverse partners gevraagd om vorm te geven aan de uitvoering. GroenLinks vindt het belangrijk dat betrokkenen meepraten en meebeslissen. Het voorstel staat vol positieve plannen. Duurzaamheid en toegankelijkheid zijn belangrijke elementen. Met goede onderwijshuisvesting in alle wijken bevordert het beleidskader de toegankelijkheid van goed onderwijs voor alle leerlingen van Den Bosch. Het draagt bij aan verbetering van de leeromgeving en het welzijn van leerlingen en leraren. GroenLinks zou het prettig vinden als het college de raad regelmatig op de hoogte stelt van de ontwikkelingen, bijvoorbeeld in een raadsinformatiebrief. Daarnaast is het bij het implementeren van het beleid belangrijk om rekening te houden met veranderende behoeften en technologische ontwikkelingen.
GroenLinks vindt het van cruciaal belang om te investeren in de onderwijsfaciliteiten die leerlingen verdienen. Ieder kind verdient gelijke kansen om zijn talent te ontdekken en te ontwikkelen. Daarbij is een uitdagende en stimulerende onderwijshuisvesting van groot belang. GroenLinks zal instemmen met het voorstel. De heer Plasmeijer (50PLUS) meldt dat de VNG en de VO-raad enkele weken geleden een brandbrief hebben gestuurd aan de minister van Onderwijs, waarin werd gewaarschuwd over de slechte onderwijshuisvesting. Er zou vaak sprake zijn van lekkages, slechte ventilatie en slecht geïsoleerde gebouwen. Het beleidskader komt dus op een goed moment. Er stond ook in dat de VO-raad € 1 miljard tekort verwacht om de problemen op te lossen. Vertaald naar de Bossche situatie komt dat al gauw op € 5 miljoen tot € 10 miljoen. 50PLUS hoort graag of het college kan aangeven wat voor uitgaven Den Bosch de komende jaren verwacht. In het voorstel staat dat er een schouw wordt uitgevoerd. Dat lijkt 50PLUS zinvol, maar er staat ook in dat de gemeente pas over drie, vier jaar gaat beginnen met het aanpakken van één school. Dat vindt hij wel erg lang duren. Hij hoort graag van het college wat er gebeurt met schoolgebouwen die voorlopig niet aan de beurt zijn om te verbouwen.
Zou het niet de moeite zijn om scholen de helpende hand te bieden om te renoveren of nieuw te bouwen? Kortom, 50PLUS vindt het een prima voorstel en zal ermee instemmen, maar ziet nog wel een paar haken en ogen. Mevrouw C.H.A. van den Wildenberg (VOOR Den Bosch) is blij dat de luchtkwaliteit wordt meegenomen in het beleidskader, want daarover heeft VOOR Den Bosch in het verleden haar zorgen uitgesproken. De fractie had nog gevraagd of de verkeersveiligheid kan worden meegenomen. Geantwoord werd dat er wel een toets wordt gedaan, maar dat het niet in het plan is opgenomen.
2
VOOR Den Bosch zou echter graag zien dat bij de inrichting van een nieuwe schoolomgeving rekening wordt gehouden met de verkeersveiligheid. De heer Elders (D66) stelt dat onderwijshuisvesting veel ambities van de gemeente raakt. Het bieden van gelijke kansen en het stimuleren van talentontwikkeling moeten immers gefaciliteerd worden door een goed gebouw. D66 heeft daarom al vaker gevraagd naar de onderwijshuisvesting en met name naar het dubbelgebruik van klaslokalen. In het voorstel wordt het bruto vloeroppervlak vergroot ten behoeve van andere activiteiten dan klassikaal lesgeven. Daar is D66 blij mee. De fractie plaatst twee kanttekeningen bij het voorstel. De eerste is inbreiding in de stad. In de binnenstad wordt veel woningbouw gepleegd, waardoor de druk op scholen zal toenemen. De fractie vraagt hoe dit risico wordt gewogen en welke impact het heeft op de bestaande scholen. Het tweede is het openstellen van schoolpleinen. Eerder heeft het college toegezegd hierover te overleggen met scholen, maar in het weekend en in schoolvakanties zijn de meeste schoolpleinen gesloten. D66 hoort graag wanneer de pleinen geopend blijven, zodat kinderen lekker kunnen buitenspelen. De heer Van Hattem (PVV) merkt op dat het beleidskader enkele positieve punten bevat, zoals betere ventilatie en luchtkwaliteit, en de extra vierkante meters.
Er zijn echter ook punten die de PVV-fractie minder waardeert. Sommige ambities zijn onduidelijk geformuleerd, zoals de beleidsambities diversiteit, inclusiviteit en duurzaamheid. Men zou denken dat er wordt gesteld dat klassen kleiner moeten worden of dat er kaders worden gesteld aan het fuseren van scholen. Dat miste de PVV in het beleidskader. Wel gaat het over azc-leerlingen en de structurele groei van het aantal anderstaligen. Wat de PVV betreft, is die groei niet structureel van aard. Er wordt in het beleidskader verwezen naar de BEA. Die was echter nogal vaag. Er zou invulling gegeven worden aan de ambities van de BEA, maar dat zijn allemaal open deuren. De PVV hoort graag van het college wat er in de praktijk gaat gebeuren en welke indicatoren er worden verbonden aan de onderwijshuisvesting. Naar aanleiding van de duurzaamheidsdoelstellingen, zoals het behalen van klimaatneutraliteit en het hanteren van de ENG-norm bij nieuwbouw, vraagt de PVV zich af hoe de gemeente nieuwbouw en verbouw van schoolgebouwen betaalbaar denkt te houden. De fractie ontvangt graag een toelichting van het college alvorens te bepalen of ze gaat instemmen met het voorstel.
De heer Elders (D66) vraagt of de kritiek op de ambities op diversiteit en inclusie betekent dat de PVV het niet nodig vindt dat schoolgebouwen voor iedereen toegankelijk zijn, ook voor bijvoorbeeld kinderen met een beperking. De heer Van Hattem (PVV) antwoordt dat kinderen met een handicap juist alle ruimte moeten krijgen op de scholen. Het wordt echter als een containerbegrip opgenomen om het voorstel een 'deugsausje' te geven, terwijl vervolgens het verhaal is dat de azc-kinderen heel belangrijk gevonden worden. Volgens de PVV moet er helemaal geen azc komen, dus dan komen er ook geen azc-kinderen. Den Bosch kent al een lerarentekort en door een azc in de gemeente te vestigen, komen er nog meer kinderen, nog meer anderstaligen en dus nog meer druk op het onderwijs. Kortom, het gaat met diversiteit helemaal de verkeerde kant uit en daar moet men voor waken. De heer Elders (D66) reageert dat de PVV zaken aanhaalt die niet in het beleidskader staan en noemt het stemmingmakerij. De heer Van Hattem (PVV) vindt dat de stemmingmakerij juist bij D66 vandaan kwam, doordat de heer Elders deed voorkomen alsof de PVV toegankelijkheid voor gehandicapte kinderen niet belangrijk vindt. Mevrouw Van der Kallen (Rosmalens Belang) zegt dat Rosmalens Belang veel positieve punten in het stuk heeft gelezen, met name dat de technische staat van gebouwen naar een standaardniveau wordt gebracht.
De fractie is benieuwd of de wethouder kan aangeven wat de algemene staat van de schoolgebouwen op dit moment is. De heer Schuurmans (VVD) betoogt dat de VVD de ambitie om kansenongelijkheid tussen leerlingen aan te pakken, steunt. Daarbij is het wel belangrijk dat de beschikbare middelen effectief ingezet worden om een optimale leeromgeving te creëren. Het bevorderen van multifunctionele schoolgebouwen, het openstellen van speelpleinen en het faciliteren van sportmogelijkheden verrijken de leefomgeving en zetten aan tot meer bewegen. Een goede sportinfrastructuur op en
3
rond scholen is ook van groot belang. De gemeente voorziet in de verplichte uren bewegingsonderwijs met vakdocenten, maar het creëren van meer sportmogelijkheden buiten schooltijd zal ertoe leiden dat kinderen nog meer gaan bewegen. Het stimuleren van verhuur aan niet-commerciële, culturele en maatschappelijke partners draagt bovendien bij aan een levendige gemeenschap, wat de VVD van harte toejuicht. Het vergroenen van schoolpleinen en het verbeteren van de ventilatie is een positief punt. Flexibiliteit, standaardisatie en multifunctioneel gebruik vindt de VVD ook belangrijk. Het draagt bovendien bij aan de betaalbaarheid van de onderwijshuisvesting en het biedt de mogelijkheid om open af te schalen. Met een eenduidig huurprijsbeleid is de VVD-fractie ook blij. Dat geeft duidelijkheid en biedt perspectief voor kinderopvanglocaties in aandachtswijken. De VVD juicht ook het plan toe om mee te werken aan de internationale school en waardeert de plannen om voor elke nieuwe basisschool en kindcentrum extra ruimte te bieden voor activiteiten als handenarbeid en sport. De fractie hoort wel graag hoe de staffel voor 25/50/75 extra vierkante meters wordt gehanteerd. De VVD-fractie heeft nog enkele vragen over de financiële paragraaf. De VVD is voor verduurzaming, maar het moet wel realistisch zijn en niet ten koste gaan van alles.
De fractie vraagt zich af of energieneutraliteit bij ver- en nieuwbouw van scholen haalbaar is. De totale kosten van het beleidsplan zijn nog niet te overzien. Wel is al duidelijk dat 17 van de 57 gebouwen zijn afgeschreven. De schouw zal meer duidelijkheid geven, maar de stap van de BENG- naar de ENG-norm is fors en niet altijd financieel te verantwoorden. Mevrouw Van Diejen (PvdD) merkt op dat de coalitie een akkoord heeft gesloten, waarin staat dat de gemeente per 2045 energieneutraal moet zijn. Ze vraagt hoe de VVD dat wil bereiken, als men het energieneutraal maken van schoolgebouwen onhaalbaar acht. De heer Schuurmans (VVD) stelt dat het een doel is voor 2045, waar meerdere wegen naartoe leiden. Dit is een stap die genomen kán worden, maar wel een grote druk legt op de begroting. Die keuze legt de fractie graag onder een vergrootglas. Verduurzaming leidt bovendien tot een groter installatieoppervlak en dus om nog meer investeringen om het extra bruto vloeroppervlak te realiseren. Ook is er nog het probleem van het elektriciteitsnet dat overbelast raakt.
Vanwege al deze problemen vraagt de fractie aan de wethouder hoe die verwacht om te gaan met de meerkosten van de ENG-norm ten opzichte van de BENG-norm, of het de ambitie van de ENG-norm in elke situatie haalbaar en betaalbaar acht en wat het college gaat doen als blijkt dat het behalen van de ENG-norm financieel buitenproportioneel blijkt te zijn. De fractie vraagt daarom om naast de ambities ook financieel realisme in de plannen mee te nemen. De heer Mees (Leefbaar 's-Hertogenbosch) heeft er wat moeite mee om de specifieke kaders in het voorstel te vinden. Het voorstel maakt niet echt duidelijk wat er gaat veranderen. Wel vindt Leefbaar 's-Hertogenbosch het goed dat de gemeente aandacht besteedt aan het verbeteren van de onderwijshuisvesting. De vraag is hoe een en ander ruimtelijk wordt ingevuld, bijvoorbeeld met verkeer en fietsroutes. Ook het klimaat in de klaslokalen vergt aandacht. Leefbaar 's-Hertogenbosch vraagt waarom de GGD (nog) niet bij het opstellen van het beleidskader betrokken is. Positief vindt de fractie dat er meer wordt ingezet op het gedeeld gebruik van accommodaties en schoolpleinen. Het toekennen van meer vierkante meters is goed, maar misschien moet er ook nagedacht worden over betere faciliteiten voor schoollunches. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) is positief over het beleidskader.
Gewoon ge-DREVEN vindt het goed om te merken dat bij nieuwe gebouwen meer flexibiliteit wordt toegestaan qua grootte, zodat het later gemakkelijker wordt om uit te breiden. Een punt van aandacht is de nieuwbouw voor het educatief centrum Sparrenburg. Maatregelen om meerdere gebruiksvormen mogelijk te maken, zoals het wegnemen van hekken, mogen wat gewoon ge-DREVEN betreft vaker aandacht krijgen. De fractie is voornemens om in te stemmen met het voorstel. Mevrouw Hoekstra (PvdA) is blij dat dit concrete voorstel voorligt, zo kort na het vaststellen van de Bossche Educatieve Agenda. Gezonde schoolgebouwen met extra faciliteiten maken de doelstelling om kinderen gelijke kansen te bieden, beter haalbaar. Het is mooi dat er scherpe ambities in staan, zoals voor het energieneutraal maken van schoolgebouwen. Ook is het fijn dat de gemeente een striktere norm stelt voor frisse scholen. Tijdens de coronaperiode was het belang hiervan duidelijk zichtbaar. Ook de keuze voor een huurprijsbeleid, waardoor kindcentra zich ook kunnen vestigen op minder rendabele locaties, vindt de PvdA positief.
4
Het voorstel heeft flinke financiële implicaties. De PvdA kijkt uit naar de behandeling van het Integraal Huisvestingsplan, want de fractie deelt de zorgen van de VVD over de financiële gevolgen voor de gemeente. De heer Van Genugten (CDA) complimenteert het college met het plan. Hij sluit zich grotendeels aan bij het betoog van GroenLinks. Hij voegt eraan toe dat het primaat voor onderwijshuisvesting bij het onderwijs ligt, maar dat de gemeente zich gelukkig ook bezighoudt met het gebruik van de huisvesting. Het CDA vraagt aandacht voor de motie 'Van scholen naar gemeenschapshuizen' die bij de Voorjaarsnota werd aangenomen. Daarin werd gevraagd om barrières en mogelijkheden binnen nieuw te bouwen scholen te inventariseren om te bepalen hoe de schoolgebouwen benut kunnen worden als gemeenschapshuizen. De extra vierkante meters kunnen mede voorzien in extra functies buiten het onderwijs. Het CDA vraagt naar de redenering achter de extra verhoging voor scholen die een vergoeding ontvangen op basis van achterstandsscores. Verder is de fractie het eens met de zorgen over scholen nabij inbreidlocaties. In aanvulling daarop vraagt het CDA om de demografische ontwikkelingen in dorpen en wijken mee te nemen in de beleidskaders.
Het CDA hoopt dat het Integraal Huisvestingsplan zo snel mogelijk aan de raad wordt aangeboden, zodat de gemeente echt kan doorpakken met het bouwen van schoolgebouwen. Mevrouw Van Diejen (PvdD) vindt dat het raadsvoorstel mooi en ambitieus en complimenteert het college. Met name met de groene schoolpleinen, natuurinclusief bouwen, de ENG-norm is de PvdD blij, alsook met de aandacht voor inclusie. Het Jeugdparlement heeft mogen meedenken met het programma. De PvdD vindt hun ideeën erg waardevol. Veel partijen hebben eerder aangegeven dat ze meer betrokken willen worden bij het Jeugdparlement. De PvdD zou graag uitgenodigd worden als het gaat debatteren. Ook hoort de fractie graag wat het college gaat doen met de ideeën van het Jeugdparlement. De PvdD sluit aan bij de kritische vragen die zijn gesteld en voegt er twee aan toe. De financiële consequenties worden pas in 2026 vastgesteld. Eerder begreep de fractie dat 2026 een financieel moeilijk jaar wordt. Als de gemeente dan pas aan de slag gaat met het beleidskader, vreest ze dat er geen budget kan worden vrijgemaakt. Ze vraagt hoe de gemeente zich gaat voorbereiden op de ambitieuze plannen en hoe ze zorgt voor de financiële borging. Een tweede vraag is of de wethouder kan aangeven binnen welke termijn de ventilatie in schoolgebouwen wordt verbeterd tot een aanvaardbaar niveau.
Mevrouw Van de Leemput (Bosch Belang) heeft als laatste spreker nog maar één vraag, die zelfs ten dele al is gesteld. Aangezien de verkeerssituatie rondom schoolgebouwen niet wordt meegenomen bij de huisvestingsplannen en er veel klachten over zijn, vraagt Bosch Belang om dit alsnog te doen. Een optie zou kunnen zijn om contact te zoeken met de wethouder Omgeving, zodat schoolomgevingen tijdens haal- en brengtijden van leerlingen, autovrij gemaakt worden en ouders ingezet worden ten behoeve van de verkeersveiligheid. Reactie college Wethouder Slikker benadrukt dat de afgelopen twee jaar hard is gewerkt aan zowel de Bossche Educatieve Agenda als aan het beleidskader onderwijshuisvesting, onder leiding van wethouder Kâhya, terwijl hijzelf het dossier pas twee dagen onder zijn hoede heeft. De gemeente heeft een zorgplicht voor goede scholen. De PVV en Leefbaar 's-Hertogenbosch vroegen wat de extra ambities zijn in het voorstel, waaraan het college kan worden gehouden. Vijf ambities komen prominent voor in het programma: - Flexibele en toekomstbestendige schoolgebouwen die kunnen meegroeien met de populatie en multifunctioneel gebruikt kunnen worden. - Duurzaamheid, onder andere in de vorm van de ENG-norm. - Gezondheid, zoals de frisse scholennorm en groene schoolpleinen. - Meer vierkante meters, waarmee extra geïnvesteerd wordt in kinderen die een achterstand hebben.
- Meer zakelijke afspraken over het gebruik, onderhoud en beheer van de schoolgebouwen. Als het voorstel wordt vastgesteld door de raad, is het nog niet klaar, want de raad blijft aan zet. Eerst komt er een schouw, waarmee de kwaliteit van alle schoolgebouwen in de gemeente wordt geïnventariseerd. Het resultaat daarvan bepaalt de prioriteit voor de benodigde investeringen in onderwijshuisvesting. Dit moet in 2024/2025 leiden tot het Integraal Huisvestingsplan. Bij de Voorjaarsnota 2026 zullen de financiën worden vastgesteld.
5
GroenLinks vroeg om meegenomen te worden in de voortgang. Dat gebeurt uiteraard, bijvoorbeeld met de schouw, het Integraal Huisvestingsplan dat elke vier jaar wordt vastgesteld en het jaarlijks overleg met scholen. 50PLUS vroeg aandacht voor de brandbrief van VNG, VO-raad en PO-raad. Het klopt dat de bouwkosten enorm gestegen zijn. De € 1 miljard waar men extra om vraagt, zal zeker terugkomen in de komende verkiezingscampagne en zal inzet zijn van de kabinetsformatie. Onder andere Bosch Belang vroeg of de verkeersveiligheid onderdeel is van het onderwijshuistingsplan. Dat is niet het geval; het plan gaat niet over de mobiliteit rondom de gebouwen. Er wordt wel rekening mee gehouden, zeker bij nieuwbouw van scholen. D66 vroeg of er rekening wordt gehouden met inbreiding en demografische ontwikkelingen. In De Groote Wielen Noordoosthoek en de Spoorzones wordt veel woningbouw verwacht. Uiteraard verwacht men dat dit leidt tot meer schoolgaande kinderen, maar men weet ook dat de planningen weerbarstig zijn. Het college houdt een vinger aan de pols op basis van het Integraal Huisvestingsplan. Gevraagd werd naar het openstellen van de schoolpleinen. Het college is daar voorstander van. Bij nieuwe scholen wordt dat meteen gerealiseerd, maar bij oudere scholen lukt dat niet altijd. Er worden afspraken gemaakt over het openstellen van pleinen, waar dat mogelijk is.
Soms leidt dit echter tot vandalisme of overlast. De heer Van Hattem (PVV) merkt op dat terecht wordt aangegeven dat er soms sprake is van vandalisme en overlast. Hij vraagt of er voldoende capaciteit is qua handhaving door bijvoorbeeld BOA's om de schoolpleinen te kunnen openstellen. Wethouder Slikker zou de vraag willen omdraaien en de situatie willen beoordelen vanuit maatschappelijk perspectief. De gemeente stelt de ruimtes beschikbaar om te spelen en te bewegen, in de veronderstelling dat dit sociale samenhang uitlokt. Als het desondanks vandalisme en overlast uitlokt, dan zal er gehandhaafd moeten worden. In het slechtste geval moeten de pleinen weer afgesloten worden. Diverse partijen noemden bijna energieneutraal, energieneutraal en nul-op-de-meter. De raadsfracties hebben hier verschillende standpunten over. Sommige fracties stellen dat de gemeente in 2045 energieneutraal moet zijn. Sommigen willen dit sneller en anderen twijfelen of het verstandig is om het beleid nu al in te zetten. Het grootste verschil tussen BENG en ENG bij nieuwbouw zit 'm in de isolatie. Op korte termijn is bouwen volgens de BENG-norm iets goedkoper, maar op termijn zijn er dan grote ingrepen nodig om in 2045 energieneutraal te zijn. De gemeente kiest niet voor nul-op-de-meter omdat dit betekent dat ook alle energieverbruikende activiteiten in het schoolgebouw gecompenseerd worden.
Daarvoor zijn de scholen zelf verantwoordelijk. De heer Van Hattem (PVV) merkt op dat de praktische voordelen ook nadelen kunnen worden. Als de gemeente zonnepanelen op de daken gaat leggen, kan het elektriciteitsnet bijvoorbeeld overbelast raken. Wethouder Slikker reageert dat deze vraag bij alle bouwplannen kan worden gesteld. Het is nog niet bekend wat de gevolgen op langere termijn zijn van energieneutraal bouwen. Om die reden wordt het Integraal Huisvestingsplan elke vier jaar herijkt. De heer Van Hattem (PVV) ziet nog andere praktische bezwaren. Het doel om de luchtkwaliteit in de klas te verbeteren is goed, maar als er energieneutraal wordt gebouwd, kan er niet zomaar een raam worden opengezet. Hij hoort graag wat er in zo'n geval prioriteit krijgt. Wethouder Slikker antwoordt dat deze factoren elkaar niet negatief beïnvloeden. Er zijn drie scores voor frisse klassen. Den Bosch kiest voor het middelste niveau, gebaseerd op een energieneutraal gebouw. De heer Schuurmans (VVD) benadrukt dat de VVD voorstander is van verduurzaming, maar wel realistisch en waar mogelijk. De fractie zou graag de constatering over isolatie en de financiële gevolgen daarvan schriftelijk ontvangen. Wethouder Slikker zegt dit toe. Bij de schouw wordt bovendien elke school langs de meetlat gelegd. Daar komt een kostenplaatje uit, inclusief diverse scenario's qua investering en qua planning.
6
De heer Schuurmans (VVD) merkt op dat het beleidskader al in de raadsvergadering wordt besproken, voordat de schouw is uitgevoerd. De VVD-fractie zou graag vooraf een overzicht ontvangen met verschillende maatregelen, die het verschil maken tussen BENG en ENG. Dat staat los van de keuzes die uiteindelijk gemaakt worden. Wethouder Slikker zegt een dergelijk overzicht toe. De staffel op de achterstandsscores is gebaseerd op CBS-cijfers. De bedoeling is dat elke school extra vierkante meters krijgt. Op basis van de achterstandsscores krijgt de ene school meer extra vierkante meters dan de andere. In elke wijk wonen immers kinderen die extra ondersteuning nodig hebben en daar is de extra ruimte voor bedoeld. De heer Mees (Leefbaar 's-Hertogenbosch) vraagt of de GGD betrokken wordt bij plannen voor het verbeteren van de luchtkwaliteit. Wethouder Slikker antwoordt dat de gemeente zelf toetst op basis van NEN-normen. Hij weet niet of de GGD bij de plannen betrokken is. Daar komt hij later op terug. Mevrouw Van Diejen (PvdD) vraagt nogmaals hoe alle plannen financieel geborgd zijn. Ook vraagt ze of de ventilatiemaatregelen tot na 2026 moeten wachten. Ook hoort ze graag nog een reactie op de ideeën van het Jeugdparlement. Wethouder Slikker antwoordt dat er in de meerjarenbegroting budget is opgenomen voor investeringen in onderwijsgebouwen.
Ook voordat de schouw is uitgevoerd, worden er al investeringen gedaan volgens de reguliere P&C-cyclus. In de Voorjaarsnota zijn extra middelen opgenomen om de ventilatie in schoolgebouwen te verbeteren. Dat is al in uitvoering. Het Jeugdparlement wordt altijd heel serieus genomen door de gemeente. De wethouder zal ervoor zorgen dat er contact wordt gelegd tussen de commissie en de leden van het Jeugdparlement. Mevrouw Van Diejen (PvdD) reageert dat zij al heeft kennisgemaakt met het Jeugdparlement. Ze vroeg zich af of de gemeenteraad regulier op de hoogte gehouden kan worden van vergaderingen van het Jeugdparlement, of dat de wethouder regelmatig wil terugkoppelen wat er met de inbreng gebeurt. Wethouder Slikker concludeert dat de PvdD vraagt om een jaarverslag van het Jeugdparlement. Zo formeel functioneert het orgaan niet, maar hij zal kijken in hoeverre hij aan de vraag tegemoet kan komen. De heer Schuurmans (VVD) heeft gehoord dat de Onderwijsinspectie kleurkaarten aan scholen toekent om ontwikkelachterstanden te verminderen. Hij vraagt of dat door de gemeente wordt meegenomen. Wethouder Slikker antwoordt dat gebreken die de Onderwijsinspectie constateert bij de schouw naar voren zullen komen. In dat geval zullen de gemeente en de scholen maatregelen afspreken.
De heer Schuurmans (VVD) vraagt of bij de bepaling van de staffel voor BVO de resultaten van de Onderwijsinspectie worden meegenomen, of alleen de CBS-cijfers. Wethouder Slikker antwoordt dat de rijksnorm op de achterstandsscores en de bijbehorende financiering alleen op de CBS-cijfers gebaseerd is. De heer Van Hattem (PVV) herhaalt zijn vraag over concrete indicatoren vanuit de Bossche Educatieve Agenda. De wethouder noemde enkele extra ambities, maar hij zou graag wat meer toelichting krijgen over punten waarop de raad de realisatie van de Bossche Educatieve Agenda kan controleren. Wethouder Slikker wil voorkomen dat de discussie over de BEA wordt overgedaan.
7
De heer Van Hattem (PVV) merkt op dat in het raadsvoorstel naar de ambities uit de BEA wordt verwezen. Als hij zich uitspreekt over deze ambities, wil hij ook weten hoe hij kan controleren of de ambities worden behaald. Wethouder Slikker begrijpt dat, maar benadrukt dat de BEA vorige week is vastgesteld. Er komt nog een uitvoeringsplan en dan is de raad weer aan zet om te toetsen. De voorzitter vraagt de fracties of het een hamerstuk of een bespreekstuk wordt. De heer Schuurmans (VVD) antwoordt dat de VVD-fractie de wethoudersbrief afwacht en overweegt dan mogelijk een motie. De voorzitter constateert dat de andere fracties het voorstel als hamerstuk beschouwen. Hij concludeert dat het voorstel als hamerstuk kan worden doorgeleid naar de raadsvergadering, tenzij de VVD-fractie besluit om een motie in te dienen. 8.
Programma Sociale Structuur De voorzitter vermeldt dat de heer Van Silfhout, die afwezig is, een schriftelijke bijdrage bij dit agendapunt heeft geleverd, die is toegevoegd aan de vergaderstukken. Ook het advies van de WMO-adviesraad is toegevoegd. Mevrouw Visscher (SP) vindt twee zaken extra belangrijk in het voorstel over de vrijwilligers: verdringing en continuïteit. Worden betaalde krachten door dit voorstel verdrongen door vrijwilligers? Het is fijn dat mensen bereid zijn om vrijwilligerswerk te doen, maar het mag niet zo zijn dat er grote verschillen tussen buurten ontstaan of dat activiteiten wegvallen als vrijwilligers ermee stoppen. De SP deelt de zorgen van de Cliëntenraad over de kwetsbare inwoners. Het Programma Sociale Structuur kent een hoog gehalte aan wensdenken. Iedereen heeft het druk, woont ver van familie af en kent zijn buren amper. Het zal niet meevallen om het streven van het PSS te realiseren. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) stelt dat gewoon ge-DREVEN altijd veel aandacht vraagt voor het contact dat inwoners hebben met hun directe leefomgeving. De fractie stemt in met het beoogde doel om vrijwilligersinitiatieven te ondersteunen en de fysieke leefomgeving aan te passen, zodat deze meer uitnodigt tot ontmoeting en verbinding.
Gewoon ge-DREVEN vindt het belangrijk dat er voldoende buurtvoorzieningen zijn, zoals cafetaria's, waar men elkaar kan ontmoeten. De WMO-adviesraad adviseert dat de gemeente kwetsbare burgers goed moet meenemen in het programma. Daartoe ziet gewoon ge-DREVEN voldoende mogelijkheden. De gemeente moet echter niet alles op het bordje van de vrijwilliger neerleggen, maar zoeken naar een goede balans. De dorps- en wijkraden mist de fractie in het PSS. Gewoon ge-DREVEN benadrukt het belang om deze organen mee te nemen in het Programma Sociale Structuur. Mevrouw J.J.M. van den Wildenberg (VOOR Den Bosch) vindt dat het PSS zichzelf tegenspreekt. Enerzijds is het een zeer positief verhaal, anderzijds spreekt het de zorg uit over de dubbele vergrijzing. De waarde van vrijwillige kracht is onbetaalbaar: hij draagt bij aan gemeenschapszin en zorgdragen voor elkaar. Ook in Den Bosch staan de verbindingen onder druk, doordat mensen druk zijn met werk, gezin en mantelzorg. Ook armoede, stress en eenzaamheid hebben een negatieve invloed op de vrijwilligersinzet. VOOR Den Bosch begrijpt dat vrijwilligerswerk niet vrijblijvend is. Dat schrikt echter veel mensen af. Men moet al van alles en dan is vrijwilligerswerk vaak net te veel. Veel jongeren hebben last van een burn-out, angststoornissen of depressie.
Hoe gaat de gemeente deze doelgroep motiveren, terwijl die al zoveel moet? De druk neemt alleen maar toe, ook vanwege de economisch zware tijden. VOOR Den Bosch adviseert om voorzichtig te zijn met de inzet van het PSS, omdat er al veel vrijwilligersorganisaties zijn, die zich overal voor inzetten. Zij verdienen de steun en waardering van de gemeente. Dat er iets moet gebeuren, begrijpt VOOR Den Bosch, maar overvragen vindt de fractie onverstandig. De heer Van Genugten (CDA) refereert aan de Troonrede, waarin de Koning aangaf dat Nederland veel ondernemende en initiatiefrijke mensen kent, die het goede willen doen voor en met hun omgeving en dat er een grote samenbindende kracht schuilt in alles wat de mensen met elkaar bereiken in de dagelijkse praktijk. Dat geldt ook voor 's-Hertogenbosch. De Koning sprak over de landelijke plannen voor het komende jaar, maar het is een onderwerp dat juist lokale aandacht vraagt. Het CDA is blij dat het bij de lokale coalitieonderhandelingen heeft gezegd te willen
8
inzetten op de sociale structuur binnen de gemeente. Binnen een jaar ligt het programma hier voor, waarmee hij het college complimenteert. De vraag is in hoeverre het een taak is voor de gemeente. Veel zaken zijn geregeld bij formele instanties, maar nog veel meer is informeel geregeld onder buren, mantelzorgers en vrijwilligers. Zij vormen het cement van de samenleving, maar dat cement wordt poreus door dubbele vergrijzing, de neoliberale wind van de afgelopen jaren en de individualisering van de samenleving. Het cement moet door de gemeente versterkt worden en dat kan alleen samen met de inwoners. Hiervoor moet de gemeente uitgaan van vertrouwen en mensen boven regels stellen. De inzet van vrijwilligers is onontbeerlijk. Het waarderen, ondersteunen en versterken van vrijwilligers vindt het CDA belangrijk. Het past bij de motie die het CDA eerder heeft ingediend met PvdA en Leefbaar 's-Hertogenbosch. Iedereen kan bijdragen aan het vergroten van gemeenschapszin. Dat begint al met elkaar groeten. Wie elkaar groet op straat, merkt dat het gemakkelijker wordt om hulp te vragen of aan te bieden. De derde lijn in het PSS is inzet op de fysieke leefomgeving, zodat er meer plekken ontstaan waar mensen elkaar kunnen ontmoeten. Het CDA heeft hier meermaals aandacht voor gevraagd.
Het CDA is blij met de stimulerende werking die uitgaat van het Programma Sociale Structuur en zegt volmondig ja tegen het programma. De heer Elders (D66) noemt het een mooi en belangrijk voorstel, maar het is wel moeilijk meetbaar. Er staan veel subjectieve doelen in, zoals versterken, verbinden, stimuleren en waarderen. Hij vraagt de wethouder wat het PSS over vier jaar moet hebben toegevoegd om er met tevredenheid op terug te kijken. D66 denkt dat het hedendaagse individualisme een gegeven is en is benieuwd hoe de wethouder dat ziet. Verbinding kan gefaciliteerd worden, maar mensen stellen zich nu eenmaal individualistischer op dan vroeger. In dat kader mist D66 nog een onderwerp, namelijk digitale ontmoeting. De heer Mees (Leefbaar 's-Hertogenbosch) vraagt of het wel zo verstandig is om digitale ontmoeting te stimuleren, wetende dat jongeren de hele dag met hun telefoon bezig zijn. De heer Elders (D66) denkt dat het niet gestimuleerd hoeft te worden. Jongeren ontmoeten elkaar digitaal, bijvoorbeeld om te spelen. Tijdens de coronaperiode ontstonden heel mooie initiatieven die nu ingezet of verder ontwikkeld kunnen worden. Vrijwilligersorganisaties kunnen bijvoorbeeld op digitale wijze vrijwilligers werven. De heer Mees (Leefbaar 's-Hertogenbosch) vraagt of dat een taak is voor de overheid.
De heer Elders (D66) antwoordt dat sociale structuren gaan over de wijze waarop mensen met elkaar omgaan. Die interactie gaat bij jongeren vaak via digitale wegen en dat ontbreekt volledig in het voorstel. De heer Mees (Leefbaar 's-Hertogenbosch) denkt dat er al zoveel mogelijkheden zijn voor digitale ontmoeting dat hij graag hoort waar D66 aan denkt. De heer Elders (D66) geeft als voorbeeld een WhatsAppgroep van bewoners. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) vreest dat de eenzaamheid nog verder toeneemt als het gebruik van digitale middelen wordt gestimuleerd. De heer Elders (D66) antwoordt dat jongeren zich zonder digitale middelen veel eenzamer voelen. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) veronderstelt dat ook jongeren elkaar liever fysiek tegenkomen bij bijvoorbeeld de snackbar dan dat men alleen digitaal contact heeft. De heer Elders (D66) legt uit dat hij niet wil dat mensen alles digitaal gaan doen of dat het de voorkeursvariant is. Het is echter wel een onderdeel in de samenleving waar men rekening mee moet houden. De heer Van Hattem (PVV) vindt dat er in het voorstel veel tekst wordt gebruikt om tot de kern te komen. De centrale vraag is hoe men de vrijwilligers in de gemeente actief en betrokken kan houden. Los daarvan ziet hij een aantal aspecten die hij graag meer structureel wil oppakken.
Hij vraagt de wethouder wat zij gaat doen om de vrijwilligers actief te houden. Wat gaat dit
9
raadsvoorstel bijdragen aan het oplossen van het vrijwilligerstekort? Op pagina 13 staat dat een aantal subsidieregelingen in 2024 geëvalueerd worden "om te bepalen of ze effectiever ingezet kunnen worden". Hij stelt voor om de regelingen te evalueren om te bepalen of ze nog de geëigende methoden zijn om tot het gewenste doel te komen. Bij hoofdlijn 3 staat dat er een inventarisatie plaatsvindt van kansrijke publieke ontmoetingsplekken op buurt- en dorpsniveau. Hij vraagt wat dit betekent voor het accommodatiebeleid. Kunnen organisaties ervan uitgaan dat buurt- en wijkaccommodaties behouden blijven, gelet op de ambities van het PSS? De koppeling met de WMO komt pas laat in het programma naar voren. De PVV hoort graag van de wethouder wat het PSS in de praktijk gaat betekenen voor de inzet van WMO-budget. Wat gaat een burger, die behoefte heeft aan ondersteuning vanuit de WMO, merken van het Programma Sociale Structuur? Mevrouw Van der Kallen (Rosmalens Belang) stelt dat in het document exact wordt aangegeven wat er nodig is om de samenleving in Den Bosch leefbaar te houden. Ze is er niet bang voor dat de inwoners niet bereid zijn om de handen uit de mouwen te steken. Vergrijzing is echter een zorg. 65+'ers hebben vaak nog een rijk en druk leven, maar ouderen die geen sociaal netwerk meer hebben en eenzaam zijn, baren haar zorgen.
Ook over het grootste deel van de jeugd is ze niet bezorgd, want de meesten hebben veel digitaal contact met elkaar. Een deel van de jeugd valt echter buiten de boot en daarover is ze wel bezorgd. Het Programma Sociale Structuur is een goed begin om hier iets aan te doen, maar ze mist de samenwerking met de afdeling Omgeving. Er zijn allerlei mooie zorginitiatieven van zorginstellingen, maar geschikte huisvestingsmogelijkheden ontbreken. Als zorginstellingen bouwplannen opstellen, verdwijnen die in de prullenbak omdat ze niet binnen het bestemmingsplan passen. Rosmalens Belang zou graag zien dat de gemeente hier soepeler mee omgaat en kijkt of een plan kan worden aangepast, zodat het toch uitgevoerd kan worden. Sociale structuur is niet iets van alleen het sociale domein, maar strekt zich uit over alle afdelingen van de gemeente. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) merkt op dat het een wethouder van Rosmalens Belang is geweest die jarenlang de bestemmingsplannen in zijn portefeuille had. Geeft Rosmalens Belang nu kritiek op haar eigen wethouder dat deze niet stringent genoeg is geweest? Mevrouw Van der Kallen (Rosmalens Belang) antwoordt dat zij dat niet bedoelde. Ze bedoelde dat alle partijen samen de sociale structuur moeten verbeteren en dat men daarvoor over de domeinen heen moet kijken.
Rosmalens Belang spreekt haar zorgen uit over het feit dat er niet wordt gewacht tot het beleid zijn vruchten afwerpt en de zorg daardoor beter betaalbaar wordt. In plaats daarvan wordt verpleeginstellingen opgelegd dat zij alleen nog dementiepatiënten mogen opnemen in categorie 5. Dat zal ervoor zorgen dat de groep eenzame ouderen nog groter wordt en de huisvesting een nog grotere rol gaat spelen. Mevrouw J.J.M. van den Wildenberg (VOOR Den Bosch) vraagt of mevrouw Van der Kallen daarmee bedoelt dat de verzorgingshuizen moeten terugkeren. Mevrouw Van der Kallen (Rosmalens Belang) antwoordt dat dat niet hoeft, maar dat de stappen geleidelijk moeten worden gezet. De zorg moet niet nu ineens worden afgeschaald omdat het te duur wordt. Aan alle kanten moet de gemeente kijken wat ze kan doen om de kosten binnen de perken te houden. Als patiënten in categorie 4 niet meer worden opgenomen, moeten zij thuis blijven wonen en zijn er nog meer vrijwilligers en mantelzorgers nodig. Mevrouw J.J.M. van den Wildenberg (VOOR Den Bosch) gaf net al aan dat de mantelzorg onder druk staat door de vergrijzing. Klasse 4 en 5 zijn de categorieën die naar een verzorgingshuis gaan. Ze vraagt of Rosmalens Belang het ermee eens is dat mensen niet overvraagd moeten worden, omdat ze het al zwaar hebben met mantelzorg.
Mevrouw Van der Kallen (Rosmalens Belang) reageert dat ze er daarom voor pleit dat patiënten in categorie 4 opgenomen kunnen worden. De rol van praktijkondersteuners ziet Rosmalens Belang steeds groter worden. Ook daar zal het gaan knellen.
10
Mevrouw Doğan (GroenLinks) vindt het Programma Sociale Structuur van essentieel belang voor Den Bosch. Het speelt een cruciale rol bij het creëren van een welvarende en inclusieve gemeente. Het voorstel benadrukt de noodzaak van samenleving, leren van elkaar en het creëren van ruimte voor initiatieven uit de gemeenschap. De sociale structuur is al aanwezig in Den Bosch en verdient erkenning en ondersteuning. Bestaande sociale netwerken, organisaties en initiatieven moeten versterkt worden. Om de gemeenschap te versterken, moet de gemeente ontbrekende elementen in de sociale structuur identificeren en toevoegen. In sommige gebieden is de sociale infrastructuur onvoldoende, of zijn bepaalde groepen ondervertegenwoordigd. Een goed ingerichte openbare ruimte is belangrijk om de sociale structuur te versterken. Bijeenkomsten die de gemeente organiseert, worden vaak door dezelfde groepen bezocht. Daarom moet de gemeente actief zoeken naar manieren om een meer representatieve inbreng te krijgen, zodat iedereen toegang heeft tot sociale ondersteuning. De gemeente moet een omgeving creeren, waarin burgers aangemoedigd worden om actief deel te nemen aan het vormgeven van de sociale structuur.
Het politieke en bestuurlijke aspect van het PSS gaat gepaard met een belangrijk dilemma: hoe kan de gemeente sturen, terwijl ze ook ruimte geeft aan initiatieven vanuit de gemeenschap? Dat kan door het van onderaf stimuleren van initiatieven en het faciliteren van participatie door burgers. De gemeente moet openstaan voor de ideeën van bewoners en hen actief betrekken bij het vormgeven van beleid en programma's. Mevrouw Visscher (SP) vraagt of het bottom-up stimuleren van initiatieven er niet toe leidt dat er alleen initiatieven van bepaalde groepen ontstaan en dat andere groepen niet worden geactiveerd. Mevrouw Doğan (GroenLinks) antwoordt dat de gemeente het juist samen met inwoners moet oppakken. Er zijn veel initiatieven, maar er moeten gemêleerde groepen aangesproken worden. Verder moet de gemeente actieve ondersteuning bieden aan programma's en initiatieven die de sociale structuur versterken. Dat kan financiële steun zijn, of ondersteuning en advisering omvatten. De gemeente kan dienen als facilitator die de inspanningen van inwoners coördineert en versterkt. Zo kan samen worden gebouwd aan een inclusieve en welvarende gemeente, waarin iedereen de kans krijgt om te groeien en te bloeien. De heer Çifçi (PvdA) vindt het Programma Sociale Structuur een goed programma, maar heeft een aantal kanttekeningen.
De vele manieren van vrijwillige inzet in straat, buurt of dorp zijn onbetaalbaar. Zich inzetten voor anderen levert verbinding op en leidt tot dialoog. De PvdA is echter realistisch. Door werkdruk, gezin, mantelzorg en stress is er vaak geen tijd voor vrijwilligerswerk. De huidige vrijwilligers krijgen ook steeds minder tijd. Bovendien vergrijst de groep vrijwilligers en haken jongeren nauwelijks aan. Daarom is het goed dat er een programma komt voor het waarderen, ondersteunen en benutten van vrijwillige inzet. In de hedendaagse druk is een groeiend vertrouwen in elkaar een sterke sociale basis. Dat vertrouwen moet ook gewonnen worden bij mensen die zich de afgelopen jaren hebben teruggetrokken als vrijwilliger. De PvdA verzoekt het college om via wijk- en opbouwwerkers met deze mensen in gesprek te gaan, want zij weten het beste wat er speelt in de Bossche wijken. Vrijwilligerswerk gaat niet alleen om zingeving. Het is ook een goede stap om ervaring op te bouwen. Jongeren doen nauwelijks vrijwilligerswerk. Vrijwilligers zouden dit vaker moeten uitdragen, zoals hij zelf ook graag vertelt over zijn ervaringen. De kracht zit in het samenzijn en samendoen. De gemeente kan nieuwe Nederlanders stimuleren om zich in te zetten met de ervaring die zij uit hun thuisland hebben meegenomen.
Ook kan ze mensen opzoeken die sociaal contact spannend vinden en hen kleine taken geven om hun zelfvertrouwen te laten groeien. Zo kan iedereen meebouwen aan een sterk sociaal web, waarin iedereen kansen krijgt. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) vraagt hoe de PvdA de groep wil bereiken die nog niet actief is in het sociale netwerk. De heer Çifçi (PvdA) vindt het belangrijk dat de gemeente in gesprek blijft met de mensen die ervaring hebben in de wijken. Zij weten vaak welke mensen weinig buiten komen en kunnen helpen om hen een eerste stap te laten zetten, bijvoorbeeld door hen een taak te geven bij de organisatie van een buurtfeest. De heer Mees (Leefbaar 's-Hertogenbosch) merkt op dat Leefbaar 's-Hertogenbosch in 2021 met het CDA en PvdA het initiatief heeft genomen om het vrijwilligerswerk toekomstbestendiger te
11
maken. Als gevolg daarvan ligt nu het Programma Sociale Structuur voor. Er staan veel goede dingen in het programma en het CDA heeft een aantal zaken aangehaald in haar betoog, waarmee Leefbaar 's-Hertogenbosch het helemaal eens is. Een scherpe foto ontbreekt, maar die zou aantonen dat er al veel gebeurt in Den Bosch. Met 48.000 vrijwilligers en 1.600 organisaties bruist de stad van initiatieven. De vraag is hoe dit niveau behouden blijft, gezien de demografische ontwikkelingen zoals de dubbele vergrijzing. Dat komt niet zo sterk terug in het programma en het raadsvoorstel. Van de wethouder hoort Leefbaar graag of ze denkt dat het vrijwilligerswerk toekomstbestendig is met de huidige en in het PSS voorgestelde ondersteuning. Bij risico's en uitdagingen gaat het over eigenaarschap en de breedte van de sociale structuur. Het is goed dat deze valkuilen worden benoemd. De gemeente heeft een cultuuromslag nodig: men moet vaker reageren op initiatieven uit de samenleving en minder haar eigen regels opleggen. De essentie van het verhaal moet zijn dat de burgers in hun eigen kracht worden gezet en worden gestimuleerd en dat de gemeente niet voor teleurstellingen zorgt door alles onmogelijk te maken door strikte regels en bureaucratie. Leefbaar 's-Hertogenbosch mist het Right to Challenge in het programma en vraagt de wethouder daar een reactie op te geven.
Mevrouw Van de Leemput (Bosch Belang) vindt het PSS een mooi instrument om de gemeenschap te versterken. Bosch Belang is daar zeker voorstander van. Meedoen en erbij horen is immers voor iedereen belangrijk. Eigenlijk is het jammer dat een dergelijk programma nodig is. Bosch Belang is bezorgd over de huidige maatschappij. Scholen, sportclubs en verenigingen kunnen geen vrijwilligers krijgen. Vrijwilligers die er nog zijn, willen hun werk niet meer voor niets doen. Mantelzorgers vragen pgb's aan om zichzelf uit te betalen. Taken die voorheen door familie of buren werden uitgevoerd, worden tegenwoordig door betaalde thuisondersteuners uitgevoerd. Over een maatschappij met dubbele vergrijzing, wachtlijsten voor de GGZ, koopkrachtvermindering, woningnood en sterk toenemende mantelzorg maakt Bosch Belang zich zorgen. De gemeente kan nog zoveel geld aan het programma besteden, maar naast de uitvoering van het plan moet er iets gebeuren aan de fundering van de maatschappij. De fractie zou graag zien dat mensen zich verdiepen in de plichten die zij naar elkaar toe hebben en wat minder naar de rechten die zij menen te hebben.
Hoe mooi zou het zijn als Den Bosch koploper wordt in het terugbrengen van cohesie in de samenleving? Bosch Belang vraagt daarom of de wethouder een concreet plan en een strategie heeft om mensen te motiveren, te activeren en te bereiken, waarbij meedoen vanzelfsprekend is, zonder kans op overvraging. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) vraagt hoe Bosch Belang de fundering onder het vrijwilligerswerk zou willen versterken. Mevrouw Van de Leemput (Bosch Belang) antwoordt dat dit op verschillende manieren kan. Als iemand zijn kind op een voetbalclub doet, is het vanzelfsprekend dat hij ook een keer naar de uitwedstrijd rijdt of een kantinedienst draait. De heer Schuurmans (VVD) sluit zich grotendeels aan bij de bijdrage van Leefbaar 's-Hertogenbosch. Volgens het Programma Sociale Structuur staat centraal dat de kracht van samen geen zaak is van het stadhuis en niet top-down gerealiseerd kan worden. De VVD hoopt daarom dat de gemeente de kans aangrijpt om een meer faciliterende rol aan te nemen. Om die rol te kunnen vervullen, is het belangrijk dat het PSS goed landt in de Bossche samenleving. De VVD hoort graag hoe de rol van de gemeente geborgd wordt, zonder deze te professionaliseren of te voorzien van onnodige bureaucratie. Dat vereist een cultuuromslag binnen de gemeente. De vraag is daarom of de inhoud van het PSS straks in de praktijk zichtbaar wordt.
De VVD vindt het heel goed dat de gemeente vooraf al enkele valkuilen erkent. Voor nieuwe en bestaande initiatieven is het belangrijk om te beslissen wat wel en wat niet gefaciliteerd wordt. Daarbij moeten de zichtbaarheid en vindbaarheid voor inwoners en professionals vergroot worden. Het is goed dat de gemeente daarvoor een podium, een symposium en een tentoonstelling van goede voorbeelden overweegt. Het beter inzetten van ervaringskennis vanuit informele steun is nu al meer dan welkom, vanwege de krapte op de arbeidsmarkt en de opgaven waarvoor de gemeente staat. Daarbij is het wel van belang dat zo min mogelijk inwoners en bestaande netwerken over het hoofd worden gezien. Een coalitie met onder andere het NIO en het Seniorenplatform kan een goede rol vervullen. Voor nieuwe initiatieven valt of staat het met communicatie en ondersteuning vanuit het gemeentelijke I-team en de aanjaagbrigade. De VVD hoort graag of er naast de bestaande netwerken ook andere manieren worden voorzien om de actuele situatie van het Bossche
12
gemeenschapsleven als start van het programma in kaart te brengen. Ook wil de fractie weten hoe de eerder genoemde teams inwoners met nieuwe ideeën gaan vinden en opvangen. Het aantal vrijwilligers is nog altijd kleiner dan voor de coronapandemie. De VVD ziet een kans in een moderne vrijwilligerscentrale om vraag en aanbod samen te brengen. Ziet de wethouder bestaande initiatieven, zoals de vacaturebank van Galant, hierop aansluiten? De VVD vindt het verstandig dat de fysieke leefomgeving is meegenomen in de plannen om ontmoeting te stimulering. Dit moet wel goed landen in de samenleving, door goede afspraken te maken met zowel gebruikers als de buurt. Tot slot wil de VVD het lokaal onderwijs een plek geven in het programma. Wel vraagt de fractie op welke kwalitatieve indicatoren ze kan rekenen als ze het beleid wil controleren en eventueel wil bijsturen. De heer Mees (Leefbaar 's-Hertogenbosch) vraagt of de VVD iets ziet in de inzet van mensen die in de bijstand zitten en een afstand tot de arbeidsmarkt hebben. De heer Schuurmans (VVD) antwoordt bevestigend. Mevrouw Van Diejen (PvdD) is trots op alle hardwerkende vrijwilligers in Den Bosch. Met alleen het uitspreken van waardering verandert er echter niets. Met het raadsvoorstel gaat de gemeente de vrijwilligers serieus nemen.
Het moet een gemeentebrede verandering worden, waarbij informele en formele organisaties en de gemeente met elkaar gaan samenwerken. Dat vindt de PvdD een goede ontwikkeling. Initiatieven op het gebied van informele zorg moet echter als aanvulling worden gezien en niet als vervanging van formele zorg. De PvdD vindt het van belang om vrijwilligers zoveel mogelijk zelf regie te geven. Ze vraagt in hoeverre vrijwilligersorganisatie zelf beslissen wat zij doen met hun budget. In het PSS staat de omgang met alle inwoners van Den Bosch centraal. De PvdD heeft toch het gevoel dat er een groep bewoners wordt overgeslagen, namelijk de dieren in de gemeente. De fractie vraagt aandacht voor misstanden in dierenparken en op kinderboerderijen. Daaruit blijkt dat een dierenpark vooral leuk is voor mensen, maar niet voor dieren. Veel vrijwilligersorganisaties houden zich bezig met dierenwelzijn, zoals de Dierenambulance en de dierenvoedselbank. Geen van hen is om input gevraagd op het programma. Ze vraagt waarom deze inbreng niet is meegenomen en of dat alsnog gaat gebeuren, want het wekt de indruk dat die er minder toe doet dan die van mensgerichte organisaties. De heer Van Genugten (CDA) vraagt zich af wat de relatie is tussen dierenwelzijn en de sociale structuur.
Mevrouw Van Diejen (PvdD) antwoordt dat het gaat om het welzijn van alle inwoners van Den Bosch en dat dieren ook inwoners van de gemeente zijn. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) vraagt of de PvdD een sociaal component ziet in het uitlaten en verzorgen van honden. Mevrouw Van Diejen (PvdD) antwoordt dat het hebben van huisdieren kan bijdragen aan het welzijn van mensen. Zolang er goed voor een dier wordt gezorgd, ziet ze daar positieve kanten aan. De PvdD ziet graag dat dierenwelzijn wordt toegevoegd aan het programma. De gemeente zou diervriendelijke plekken kunnen steunen en dieronvriendelijke plekken niet. De heer Schuurmans (VVD) vraagt wat de PvdD bedoelt met een dieronvriendelijke plek. Mevrouw Van Diejen (PvdD) antwoordt dat ze plekken bedoelt waar dieren als overtollig beschouwd kunnen worden, of waar de intrinsieke waarde van het dier niet wordt erkend. Mevrouw C.H.A. van den Wildenberg (VOOR Den Bosch) vraagt of mevrouw Van Diejen zich voortaan bij het onderwerp wil houden dat op de agenda staat. Mevrouw Van Diejen (PvdD) reageert dat zij zich aan het onderwerp houdt, omdat het gaat over de sociale structuur voor alle inwoners. De heer Plasmeijer (50PLUS) vindt het PSS een prima invulling van de moties. Het is goed om de ondersteuning van vrijwilligers te intensiveren. Actieve vrijwilligers zijn het hart van de sociale
13
structuur; daar is geen speld tussen te krijgen. De relatie met de professionele zorg baart hem zorgen. In het stuk staat dat informele activiteiten de gezondheid kunnen vergroten en het beroep op formele zorg verminderen. 50PLUS hoort graag wat het college daarmee bedoelt. De fractie is van mening dat de inzet van vrijwilligers nooit de professionele zorg kan vervangen. Een tweede punt gaat over de risico's en uitdagingen. Eén uitdaging is dat het programma alle inhoudelijke beleidsmiddelen van de gemeente bevat. Het lijkt 50PLUS een uitdaging om daar aansturing aan te geven. De fractie hoort graag hoe dit wordt opgepakt. Reactie college Wethouder Van der Sloot betoogt dat het onderwerp heel actueel is. Het werd in de Troonrede benoemd en in de Tweede Kamer gaat het debat vaak over dit thema. Ook in de gemeenteraad ging het de afgelopen tijd vaak over de vraag hoe mensen elkaar kunnen ontmoeten en voor elkaar kunnen zorgen. Iedereen geeft er zijn eigen woorden aan, maar het gaat er altijd over hoe mensen zich ten opzichte van elkaar gedragen en hoe de overheid dit kan faciliteren. De sociale structuur van Den Bosch is een redelijk positief verhaal. 38% van de inwoners doet vrijwilligerswerk, maar nog veel meer mensen zijn actief. Het fundament dat Den Bosch kent, is niet vanzelfsprekend. Het vrijwilligersleven verandert, onder andere door de dubbele vergrijzing.
Daarom zal de bestaande inzet van vrijwilligers versterkt worden. De gemeente hoeft daarbij niet het wiel opnieuw uit te vinden, maar kan wel de weg plaveien, zodat men gemakkelijker verder kan. Op deze manier is de gemeente verzekerd van een sterker vangnet voor mensen die in een kwetsbare situatie zitten. Meer ontmoeting realiseren vraagt om een andere insteek van de gemeente. Organisaties kunnen en willen met elkaar samenwerken en hebben er geen behoefte aan dat de gemeente overal tussen zit. Dat maakt het ingewikkeld voor de gemeentelijke organisatie: hoe stuur je op een beweging die door anderen in gang is gezet? Het is nog zoeken hoe de gemeente daarmee om moet gaan. De wethouder kan ook nog niet aangeven wat er over een aantal jaren bereikt moet zijn, anders dan dat de bestaande organisaties zich gesterkt en gewaardeerd voelen en er meer mensen actief zijn geworden. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) vraagt om een concreet voorbeeld. Hoe gaat de gemeente de weg plaveien om vrijwilligers te ondersteunen? Wethouder Van der Sloot legt uit dat de gemeente met zo'n tachtig organisaties heeft gesproken over de sociale structuur. Daaruit bleek dat er veel knelpunten zijn, zoals het werven van vrijwilligers en het invullen van bestuursfuncties.
Vervolgens heeft de gemeente gekeken naar de sportsector, waar vrijwilligersondersteuners en vrijwilligersondersteuningsorganisatie Galant worden ingezet. Als dat gekoppeld kan worden aan de sociale sector, ontstaat er een vliegende brigade die vrijwilligersorganisaties kan helpen. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) vraagt of de wethouder verwacht dat er door die werkwijze meer vrijwilligers bijkomen. Wethouder Van der Sloot antwoordt dat ook wordt gekeken naar mensen die nieuw in de gemeente komen wonen. Zij worden gemotiveerd om een netwerk op te bouwen en een bijdrage te leveren aan de Bossche samenleving. Zo wordt geprobeerd om op positieve manier te bepalen wat inwoners voor elkaar kunnen betekenen. Velen vroegen of informele activiteiten de formele zorg gaan vervangen. Er wordt geen budget verschoven van de zorg naar het Programma Sociale Structuur. Wel is geconstateerd dat fijn met elkaar samenleven zorgt voor minder eenzaamheid, langer zelfstandig blijven en minder snel ziek worden. In die zin is het een vorm van preventie. Het is echter niet zo dat professionele zorgverleners op een zijspoor worden gezet. Andersom is dat ook niet de bedoeling: dingen die voorheen door buren en familie werden opgepakt, moeten niet door zorgprofessionals worden uitgevoerd.
De heer Mees (Leefbaar 's-Hertogenbosch) merkt op dat de gemeente ook in een traject van organisatieontwikkeling zit. Het meer handelen op basis van behoeften van de inwoners kan daar een mooi onderdeel van zijn. Hij vraagt of het college van plan is om dit aan elkaar te koppelen. Wethouder Van der Sloot erkent de ontwikkeling richting een responsieve overheid. De gemeente heeft geconstateerd dat veel mensen in de organisatie heel positief reageren op deze beweging.
14
De heer Mees (Leefbaar 's-Hertogenbosch) merkt gekscherend op dat het stadskantoor bijna kan sluiten als de gemeente deze beweging voortzet. Wethouder Van der Sloot zal deze gedachte doorgeven aan de wethouder van Financiën. Mevrouw Visscher (SP) vraagt hoe het college omgaat met verschillen tussen wijken en buurten in Den Bosch. Wethouder Van der Sloot antwoordt dat per wijk of buurt wordt gekeken hoe er initiatieven opgepakt kunnen worden. Doel is om dat zo gemixt mogelijk te doen met de mensen die er wonen. Het initiatief moet echter van de bewoners uitgaan. Ze sluit aan bij de woorden van de VVD dat het Programma Sociale Structuur geen zaak is van het stadhuis, maar dat de gemeente faciliteert. Met PvdD is de wethouder het volledig eens: er wordt een beweging gemaakt met alle organisaties in de samenleving. Mevrouw Van Diejen (PvdD) mist de beantwoording van haar vragen over dieren. Wethouder Van der Sloot antwoordt dat de gemeente geen kaders wil stellen die bepalen welke organisaties worden ondersteund. Het programma is gericht op mensen en minder op dieren. De heer Schuurmans (VVD) herhaalt zijn vier vragen die niet beantwoord zijn. Wethouder Van der Sloot antwoordt dat er cijfers zijn over het aantal vrijwilligers en het welzijn van inwoners. Die cijfers worden regelmatig gemeten en teruggekoppeld aan de gemeenteraad.
In het voorstel is ook een component data toegevoegd. Er komt een tweejaarlijks onderzoek naar de stand van vrijwilligerswerk, ook gericht op het toekomstbestendig maken. Nieuwe signalen worden opgevangen door een nieuw team dat initiatieven oppakt en ondersteunt. De gemeente heeft hiervoor al antennes, zoals Galant en wijkmanagement. Gevraagd werd hoe vraag en aanbod van vrijwilligerswerk op elkaar afgestemd wordt. Dat gebeurt deels al, maar zal nog versterkt worden. De raad zal geïnformeerd worden over de voortgang van het programma. Daar hoort een klein aantal indicatoren bij, maar gaandeweg zal nog gekeken worden hoe de resultaten met de raad gedeeld kunnen worden. Mevrouw Van Diejen (PvdD) vraagt of de wethouder niet ziet dat niet-menselijke dieren ook inwoners zijn van de gemeente. De voorzitter wil deze discussie niet voeren. De wethouder heeft duidelijk aangegeven welke kaders zij ziet in het document. Mevrouw Van Diejen (PvdD) vraagt of de wethouder bereid is contact op te nemen met het dierentehuis, de dierenvoedselbank en IVN om het programma met hen te bespreken. Wethouder Van der Sloot antwoordt dat alle initiatieven in de stad worden aangesproken. Als deze organisaties zich geroepen voelen om aan te sluiten, zijn ze van harte welkom. De heer Van Hattem (PVV) miste de beantwoording over het accommodatiebeleid.