Verslag commissie Sociaal 06.05.2025
Tekst van het document
15
Mevrouw Van der Kallen (Rosmalens Belang) vraagt nogmaals of de gemeenteraad niet op de stoel van de bedrijfsvoering gaat zitten. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) vindt van niet. Het Theater aan de Parade moet commercieel gaan denken. De heer Elders (D66) zegt dat het theater tijdens het werkbezoek aangaf dat commercieel denken gemakkelijker gezegd dan gedaan is. Men gaf als voorbeeld een optreden van een bekende cabaretier, waarop de winstmarges klein waren, maar ook dat er met commerciële activiteiten weinig subsidie wordt binnengehaald. Is de heer Van Creij het ermee eens dat het niet zo eenvoudig is als nu wordt voor gedaan? De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) verwijst naar een interview in de krant met een theaterdirecteur uit Vught. Hij legde uit hoe exploiterende partijen geholpen kunnen worden om commerciëler te denken. De heer Elders (D66) herhaalt zijn vraag. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) begrijpt dat het misschien niet zo gemakkelijk is, maar het theater moet eerst de intentie hebben om commerciëler te worden. Wethouder Van der Geld beantwoordt de vragen. Rosmalens Belang vroeg hoe het eerste kwartaal is verlopen. Die cijfers zijn nog niet beschikbaar. Ook werd gevraagd naar de samenwerking met de Verkadefabriek. Die verloopt goed. D66 vroeg naar de indexatie.
Voor zowel kosten als opbrengsten zijn gelijkblijvende bedragen in de meerjarenbegroting opgenomen. Beide zullen door inflatie stijgen, dus dat compenseert elkaar. Gevraagd werd hoe het theater meer de huiskamer van de stad wordt. Een ambitie is dat het gaat bruisen en dat kan door goed ondernemerschap. Het verstevigen van de horecafunctie biedt ook een kans. Zo wordt het theater zichtbaarder en kan het zich meer openstellen als huiskamer. De heer Kagie (Leefbaar 's-Hertogenbosch) vraagt op welke termijn bezoekers op het terras in de zon kunnen zitten. Wethouder Van der Geld antwoordt dat er geen exacte termijn bekend is. Hij verwacht dat komende zomer het terras wordt geopend. Bosch Belang vroeg in eerste termijn naar de toegankelijkheid. Er is een schouw geweest en er zijn al veel punten aangepast. Andere aanpassingen worden binnenkort opgepakt door het theater of de gemeente. De heer Van Hattem (PVV) vraagt naar de indexatie. Indexatie van kosten en opbrengsten worden tegen elkaar weggestreept. Hij vraagt wat dat betekent voor het structurele subsidiebedrag. Hoeveel gaat daar de komende jaren bij komen? Is dat voldoende om de kostenindexatie volledig te compenseren? Het theater heeft namelijk een aantal kostenposten die naar verwachting sterker zullen stijgen dan de inflatie. Wethouder Van der Geld legt uit dat de indexatie is gebaseerd op diverse componenten.
Een belangrijke component zijn de personeelskosten. De indexatie wordt jaarlijks berekend en verwerkt in alle gemeentesubsidies. De heer Van Hattem (PVV) concludeert dat de raad dus rekening moet houden met een hogere kostenpost voor de komende jaren. Wethouder Van der Geld antwoordt dat dit voor alle subsidies geldt. De gemeente indexeert reëel voor alle gesubsidieerde partijen en dus ook voor het theater. De heer Van Hattem (PVV) stelt dat personeelskosten voor de horecafunctie een belangrijke kostenpost zijn. Hij vraagt of het reëel is om dat via een subsidie-indexatie op de belastingbetaler te verhalen.
16
Wethouder Van der Geld antwoordt dat dit een technische vraag is die aan de ambtelijke organisatie kan worden gesteld. Gevraagd werd welke maatregelen het theater zelf heeft genomen om uit de huidige situatie te komen. Er is al ingegrepen in de programmering door verlieslijdende voorstellingen te beperken. Verder moet de organisatie € 600.000 bezuinigen. Vooruitlopend hierop moet de organisatie ingrijpen op het personeelsbestand. Er wordt een zakelijk directeur aangesteld. In de uitvoering zijn ook maatregelen genomen, zoals urenverantwoording, minder maatwerk en scherper letten op de inkoop. De Bossche Groenen vroeg hoe de uitgave gedekt wordt. Het bedrag komt uit de algemene middelen. Het bedrag drukt op het saldo van de gemeente. Bij de voorjaarsnota en de actualisatie zal gesproken worden over het meerjarenperspectief. Daarbij zal aangetoond worden dat Den Bosch geen ravijnjaar kent. De SP vroeg naar de bezuiniging op personeel als onderdeel van de totale bezuiniging van € 600.000. Er wordt niet bezuinigd op technisch personeel. Er wordt juist gekeken naar uitbreiding. Bezuinigen op onderhoudskosten wordt als verantwoord gezien, omdat het gebouw nog nieuw is. Na verloop van tijd zal er wel onderhoud nodig zijn. De SP noemde ook nog de geopolitieke situatie. De gemeente kan deze onmogelijk beprijzen.
Net als tijdens de corona- en energiecrisis zal het college terugkomen naar de raad als de geopolitieke situatie dusdanig wordt dat er aanpassingen op lokaal niveau nodig zijn. Dan zal de context echter breder zijn dan alleen het theater. De heer Roovers (SP) had willen vragen of er manieren zijn om rekening te houden met de huidige onzekere geopolitieke situatie. Wethouder Van der Geld antwoordt dat dit lastig is. Het is aan het theater zelf om te kijken wat er op hen afkomt en hoe men daarmee omgaat. Als subsidieverlener heeft de gemeente die mogelijkheid niet. Als de gemeente nu al inspeelt op een mogelijk grotere subsidieaanvraag in de toekomst, zou dat conflicteren met het budgetrecht van de gemeenteraad. De VVD vroeg wat er bedoeld wordt met 'werk aan de winkel'. Het college vindt dat er eerst grip op de situatie moet komen. Het theater moet het programma beheersbaar krijgen en op kosten besparen. Vervolgens moeten de inkomsten worden verhoogd, bijvoorbeeld door verhuur. Tegelijkertijd moet het theater aantrekkelijk blijven. Het voorgestelde arrangement met parkeren vindt het college interessant om te verkennen. De gemeente is eigenaar van de parkeergarage en van het theater, dus daar zou naar een winwinsituatie gezocht kunnen worden.
Mevrouw Samshuijzen (PvdD) vraagt of de wethouder dit idee breder kan trekken door met het theater te overleggen welke kortingen gegeven kunnen worden om het theater- en horecabezoek aantrekkelijker te maken. Wethouder Van der Geld antwoordt dat het bedenken van aantrekkelijke horeca-arrangementen de verantwoordelijkheid is van het theater, waar men de gemeente niet voor nodig heeft. Voor een parkeerarrangement heeft men de gemeente wel nodig, omdat die eigenaar is van de parkeergarage. Er zal zeker nog meer gekeken moeten worden naar interessante horecaarrangementen, maar dat is geen taak voor de gemeente. Mevrouw Samshuijzen (PvdD) merkt op dat parkeerkorting wel een extra subsidie betekent. Als de gemeente besluit om die extra subsidie toe te kennen, kan wel degelijk gesproken worden over maatregelen om de aanloop te stimuleren. Wethouder Van der Geld benadrukt dat het zover nog niet is. Korting op een parkeerplaats zou een uitwerking kunnen zijn van een theaterarrangement. Mevrouw Samshuijzen (PvdD) vindt dat de wethouder wel heel direct ingaat op het parkeren. De PvdD wil wel graag bespreken hoe men de aanloop kan vergroten, maar dan wel in een iets bredere context. Wethouder Van der Geld vermoedt dat de VVD met een voorstel komt over een parkeerarrangement, waarover de gemeenteraad kan discussiëren.
Het college vindt dat het ontwikkelen van arrangementen in de brede zin een taak is van het theater zelf.
17
De heer Van Haren (VVD) komt terug op het aspect 'werk aan de winkel'. Hij vraagt in hoeverre de kritische opmerkingen van Berenschot hierin terugkomen en hoe dit terug in de raad komt. Wethouder Van der Geld komt daar later op terug. Gevraagd werd hoe de verantwoording aan de raad plaatsvindt. Als de raad instemt met het besluit, kan er jaarlijks via een raadsinformatiebrief een voortgangsrapportage worden gestuurd. Het college zal zich nog beraden over de informatie die nodig is om een vinger aan de pols te houden. Als de raad hiervoor suggesties heeft, zal hij die meenemen. VOOR Den Bosch vroeg of er al een nieuwe directeur is. Die komt er als de gemeenteraad besluit om de extra subsidie toe te kennen. Over de horeca heeft al afstemming plaatsgevonden met omliggende uitbaters en het naastgelegen hotel. Ook met Koninklijke Horeca Den Bosch is contact. De PVV noemde de wethouder laconiek. Daar herkent hij zich niet in. Hij erkent volledig dat er sturing heeft plaatsgevonden en nog steeds plaatsvindt. Dat is echter altijd in zijn rol als aandeelhouder geweest. Hij heeft niet gezegd dat hij geen vat heeft op de problemen en dat het helemaal los staat van de gemeente. Gevraagd werd of het theater meer inkomsten kan genereren. Dat is mogelijk, met name door verhuur en in mindere mate door de horeca.
Het vergroten van de horecafunctie lijkt gemakkelijk, maar horeca kent ook een financieel risico, bijvoorbeeld doordat de omzet sterk weersafhankelijk is. De heer Kagie (Leefbaar 's-Hertogenbosch) vraagt of het theater overdag geopend wordt als het terrasseizoen start. Wethouder Van der Geld is het ermee eens dat het goed zou zijn als het theater overdag geopend is. Als aandeelhouder moet hij echter de beheersbaarheid toetsen. Vooralsnog is het aan het theater om te bepalen op welke momenten het verstandig is om open te gaan. De heer Kagie (Leefbaar 's-Hertogenbosch) benadrukt dat mensen moeten doorkrijgen dat er in het theater iets te doen is. Daarvoor moet het gebouw eerst open zijn. Als er eerst onderzocht moet worden op welke momenten het rendabel is om de horeca te openen, zal het de komende jaren er niet van komen. Wethouder Van der Geld is het daar niet mee eens. Hij had willen zeggen dat de horeca wel vaker geopend moet worden, maar dat voorzichtigheid geboden is. Het beeld is nu soms dat alles financieel goedkomt als de horeca maar geopend wordt. Dat beeld zou hij graag nuanceren, want het openstellen van de horeca kan ook juist negatief uitpakken. De heer Kagie (Leefbaar 's-Hertogenbosch) benadrukt nogmaals dat mensen de gang naar het theater moeten vinden.
De gemeente moet er niet van uitgaan dat er binnen een halfjaar vanzelf een bruisende woonkamer ontstaat; dat moet opgebouwd worden. Wethouder Van der Geld reageert dat hij het grotendeels eens is met Leefbaar 's-Hertogenbosch, maar dat hij de rol van het ondernemerschap bij het theater wil laten liggen. De heer Van Hattem (PVV) weet dat terrassen in de omgeving van het theater zijn gesloten vanwege bezwaren van andere horecaondernemers. Hij vraagt hoe de huidige samenwerking tussen ondernemers is. Wethouder Van der Geld antwoordt dat er geen bezwaren zijn tegen een buitenterras bij het Theater aan de Parade. De heer Van Creij heeft meermaals voorgesteld om een grote artiest als Frans Bauer te programmeren in het Theater aan de Parade. Eind 2025 treedt hij er op. Of dat de financiële klapper voor het theater is, moet nog bezien worden maar in de functie van 'huis van de stad' is het wel een belangrijke voorstelling. h De heer Van Hattem (PVV) had gevraagd naar het feit dat het theater aangeeft dat er pas over twee tot drie jaar een technisch faillissement wordt verwacht als de gemeente nu de subsidie niet verhoogt. De PVV lijkt het verstandiger om eerst goed beleid op te stellen en dan pas structureel te investeren. Ook had hij gevraagd welke lessen de gemeente trekt voor andere projecten, zoals het Design Museum.
18
Wethouder Van der Geld legt uit dat het theater met de huidige ambitie en zonder extra geld op een faillissement afstevent. Daar kan op gewacht worden, maar er ligt al een strategisch plan en dan lijkt het verstandiger om nu al in te grijpen. Voor andere projecten wordt in elke fase informatie over de exploitatie opgevraagd en aan het raadsvoorstel toegevoegd. Bij de besluitvorming over het theater in 2018 was dat niet het geval. De heer Van Hattem (PVV) vindt het een essentieel punt dat er eerst beleid moet zijn en dan pas geld. Het college wil niet wachten totdat het theater failliet is, maar nu gebeurt het tegenovergestelde: er wordt structureel geld toegekend en pas daarna wordt gekeken of de problemen daarmee opgelost kunnen worden. Als er acute problemen zijn, zou de gemeente een overbruggingskrediet kunnen verstrekken, maar vervolgens moet er toch eerst gekeken worden hoe de zaken structureel op orde gebracht kunnen worden, alvorens te investeren. Wethouder Van der Geld stelt dat het college op basis van het strategisch plan al een structureel tekort ziet aankomen. Dat heeft ertoe geleid dat de gemeente nu voorstelt om de subsidie te verhogen. De heer Van Hattem (PVV) vraagt of de wethouder ook al ziet aankomen dat er nog meer subsidie nodig is dan met het voorliggende voorstel wordt toegekend. Wethouder Van der Geld antwoordt dat hij dat niet ziet.
Het college heeft berekend dat de voorgestelde bedragen voldoende zijn. Berenschot heeft dat getoetst en aangegeven dat dit het minimum is, waarmee het theater uit de voeten kan. Mevrouw Samshuijzen (PvdD) vraagt wanneer de raad de uitwerking van het strategisch plan en de meerjarenraming kan verwachten. Wethouder Van der Geld antwoordt dat dit afhangt van de punten die Berenschot noemt om verder uit te werken. Dat is een technische vraag waarop hij het antwoord niet paraat heeft. Mevrouw Samshuijzen (PvdD) legt uit dat er een plan ligt waarvan gezegd wordt dat het een stevige, maar niet onmogelijke, opgave is. Tegelijkertijd zegt Berenschot dat er nog wel wat aspecten van het plan verder uitgewerkt moeten worden. Omdat het om veel geld gaat, vindt de PvdD het belangrijk dat er goed wordt afgesproken wanneer die verbeterpunten zijn doorgevoerd, zodat er duidelijkheid is over de opdracht aan het theater. Wethouder Van der Geld antwoordt dat sommige punten van Berenschot doorlopend aan de orde zijn, zoals het verminderen van werkdruk. Berenschot vroeg daar aandacht voor en dat moet voortdurend op de agenda staan. Het is geen actiepunt dat afgevinkt kan worden. Mevrouw Samshuijzen (PvdD) begrijpt dat sommige punten in zo'n plan dynamisch zijn. De PvdD zou wel graag een tussentijdse opleverdatum benoemen, zodat de raad op de hoogte wordt gesteld van het resultaat.
Dan kan ook aangegeven worden waarom bepaalde zaken nog niet op orde zijn. De PvdD wil geen subsidie toekennen zonder af te spreken wanneer de zaken op orde zijn. Wethouder Van der Geld benadrukt dat het rapport van Berenschot met het theater wordt besproken op ambtelijk en bestuurlijk niveau. In de uitwerking zullen detailafspraken worden gemaakt. In de verantwoording aan de gemeenteraad zullen ook enkele aspecten uit het rapport worden opgenomen. De heer Kagie (Leefbaar 's-Hertogenbosch) vraagt of de commissie ervan uit mag gaan dat de aanbevelingen van Berenschot door het theater gearresteerd en opgevolgd worden en dat hierover wordt gecommuniceerd met de gemeente. Een jaarlijkse rapportage via een raadsinformatiebrief vindt Leefbaar 's-Hertogenbosch daarvoor onvoldoende. Wethouder Van der Geld had elk halfjaar een rapportage toegezegd. Een kwartaalrapportage lijkt hem niet leiden tot betere informatie om op te sturen. Hij gaat ervan uit dat het theater de aanbevelingen arresteert en opvolgt.
19
De heer Van Hattem (PVV) vindt het niet duidelijk welke punten uit het rapport van Berenschot wel en welke niet worden uitgevoerd. De PVV wil vanuit haar kaderstellende rol kunnen sturen op wat de raad aan het college meegeeft. De fractie wil graag dat de wethouder specifieker aangeeft welke punten worden uitgevoerd. Wethouder Van der Geld heeft niet gezegd dat er aanbevelingen zijn die niet overgenomen worden. Sommige punten vragen echter doorlopend aandacht, terwijl andere als actiepunt afgevinkt kunnen worden. Het college neemt het rapport zeer serieus, maar het moet wel ruimte krijgen om gesprekken met het theater te voeren over het uitvoeren van de aanbevelingen. De heer Van Hattem (PVV) had niet gezegd dat alle aanbevelingen overgenomen moeten worden. Hij vond het echter onduidelijk welke aanbevelingen en kritiekpunten wel en niet worden overgenomen. Sommige kritiekpunten in het rapport vindt de PVV zeer terecht, maar de conclusie dat er extra subsidie nodig is deelt de fractie niet. Zolang er geen duidelijkheid is over het opvolgen van de aanbevelingen en kritiekpunten, twijfelt de PVV of er wel een gedragen besluit genomen kan worden over het voorstel. De fractie overweegt een ordevoorstel om het van de agenda te halen van de aanstaande raadsvergadering.
Wethouder Van der Geld vindt het ironisch dat het college wordt verweten dat het shopt in de kritiekpunten, terwijl de PVV alle aanbevelingen wil overnemen, behalve het toekennen van extra subsidie. De heer Van Hattem (PVV) benadrukt dat de PVV niet vindt dat alle aanbevelingen overgenomen moeten worden. Het moet duidelijk zijn welke aanbevelingen worden overgenomen. De heer Kagie (Leefbaar 's-Hertogenbosch) stelt dat de meerderheid van de raad wil meewerken aan een gezondere exploitatie van het theater. Leefbaar 's-Hertogenbosch zou graag als raad een gerichte uitspraak kunnen doen over de toe te kennen subsidie. Wellicht is er een meerderheid voor het verhogen van de subsidie met € 780.000. Er is echter onvoldoende tijd om moties of amendementen op te stellen. Leefbaar 's-Hertogenbosch stelt voor om de behandeling van het voorstel uit te stellen, zodat er voldoende tijd is om voorstellen te doen. Wethouder Van der Geld begrijpt het ordevoorstel, maar het theater heeft wel snel duidelijkheid nodig. De heer Kagie (Leefbaar 's-Hertogenbosch) benadrukt dat hij zou willen voorkomen dat de druk op snelle besluitvorming ertoe leidt dat er geen ruimte is om een sterker voorstel te formuleren. De voorzitter constateert dat dit ordevoorstel past binnen de vergadering waarin de agenda voor de gemeenteraadsvergadering wordt vastgesteld.
De voorzitter sluit de commissievergadering af met de mededeling dat moties uiterlijk 7 mei om 12.00 uur ingediend moeten worden. Hij vraagt of de fracties hiertoe plannen hebben. Mevrouw Van der Kallen (Rosmalens Belang) wacht af welke moties worden ingediend en bepaalt dan of Rosmalens Belang deze steunt. De heer Elders (D66) overweegt zelf geen moties. Mevrouw Hoekstra (PvdA) overweegt zelf geen moties. De heer Van Genugten (CDA) overweegt geen moties, maar wil het voorstel nog binnen de fractie bespreken. De heer Van Hattem (PVV) overweegt een motie in te dienen over diverse aspecten, hoewel de deadline te kort is om dit goed te doen. De PVV zal daarbij waarschijnlijk ingaan op 'eerst beleid, dan geld' en op lessen voor andere grote projecten. Mevrouw Van de Leemput (Bosch Belang) overweegt geen moties, maar wil het voorstel nog binnen de fractie bespreken.
20
De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) zal een motie indienen, waarin wordt voorgesteld om de structurele ondersteuning van het Theater aan de Parade niet vanuit de algemene middelen, maar vanuit de cultuurbegroting te bekostigen. De heer Gersjes (VOOR Den Bosch) overweegt geen moties, maar wil het voorstel nog binnen de fractie bespreken. Hij overweegt om de motie die GroenLinks aankondigde te steunen. Mevrouw Korver (GroenLinks) overweegt een motie over de voorwaarden, waardoor de raad meer duidelijkheid krijgt over de besteding van het subsidiebedrag. Waarschijnlijk lukt het niet om de motie voor 7 mei 12.00 uur in te dienen, dus dat zal wellicht tijdens de raadsvergadering gebeuren. De heer Hoeben (De Bossche Groenen) zou het voorstel willen amenderen, zodat enkele financiële aspecten en de aanbevelingen van Berenschot meer worden afgedwongen. De heer Van Haren (VVD) zal een motie indienen over de bereikbaarheid van het theater en overweegt om de motie van GroenLinks te steunen. De heer Roovers (SP) twijfelt nog of de SP een motie gaat indienen. Mevrouw Samshuijzen (PvdD) wacht de moties van GroenLinks en De Bossche Groenen af en zal dan bepalen of ze deze zal steunen. De heer Kagie (Leefbaar 's-Hertogenbosch) overweegt een amendement over het subsidiebedrag en over de voorwaarde om de aanbevelingen van Berenschot over te nemen.
De voorzitter concludeert dat het voorstel als uitgebreid bespreekstuk (C-stuk) zal worden doorgeleid naar de raadsvergadering. 4.
Rondvraag en sluiting Er zijn geen vragen ingediend voor de rondvraag. De voorzitter bedankt iedereen voor de aanwezigheid en inbreng, wenst allen een prettige avond en sluit de vergadering om 22.34 uur.
21